T2023/022 Raadsmemo Stand van zaken aanbevelingen RRK-onderzoek dementie
Tekst van het document
aan: datum: onderwerp:
de raad 7 februari 2024 Stand van zaken aanbevelingen rekenkameronderzoek dementie van: het college openbaar: ja registratienr.: D/2024/609983 aantal bijlage(n): 1
In de raadscommissievergadering MMW van 5 april jl. is het eindrapport van de rekenkamercommissies IJmond over het onderzoek naar de zorg voor mensen met dementie en hun mantelzorgers besproken. Via dit raadsmemo brengen wij u op de hoogte van de stand van zaken met betrekking tot de in het onderzoeksrapport opgenomen aanbevelingen. Aanbeveling 1: Zorg voor verbetering in de samenwerking in de dementieketen. De gemeente is een belangrijke deelnemer (financieel en inhoudelijk) in de keten en heeft er baat bij dat de samenwerking goed is. Formuleer daarom met elkaar (gemeente en partners) het doel van de dementieketen, de wederzijdse verwachtingen, de rol en de inspanningen van elk van de partners. Stand van zaken: In de afgelopen periode heeft vernieuwing van de regionale dementieketen plaatsgevonden. De keten bestaat uit een netwerk van verschillende overlegorganen op bestuurlijk, beleidsmatig en uitvoerend niveau en wordt daarom voortaan Dementienetwerk MK (Midden Kennemerland) genoemd. De gezamenlijke doelstelling is: Door samenwerking tussen organisaties en professionals komen tot een samenhangend en doelmatig aanbod in alle stadia van het dementieproces. We doen dit op basis van de landelijke Zorgstandaard Dementie met als uitgangspunt dat het aanbod op de juiste plek, op het juiste moment en door de juiste persoon wordt verleend.
Deelnemende partners in het netwerk werken daarom mee aan een regionaal werkplan dat bijdraagt aan het stand houden en/of verbeteren van een prettiger leven en het kunnen blijven participeren aan de samenleving door mensen met dementie en mantelzorgers. Dementienetwerk MK gaat uit van een zogenaamd ‘adaptief model’, dat wil zeggen dat de samenstelling van de overlegorganen in het netwerk en de mate van betrokkenheid van deelnemers kan veranderen in de loop van de tijd. Jaarlijks wordt bekeken welke organisaties en/of professionals actief bijdragen aan het realiseren van resultaten die vanuit het netwerk belangrijk worden gevonden. Organisaties in het netwerk zijn betrokken bij verschillende ontwikkelingen en projecten die overlap en/of raakvlakken hebben met het thema dementie. Voorbeelden zijn: ouderenmishandeling en financiële uitbuiting, kwetsbare ouderen, netwerk palliatieve zorg, regionale en lokale netwerken eenzaamheid, samenwerking tussen welzijn en zorg, waaronder ook de huisartsen, mantelzorgproject mensen met dementie en niet-westerse achtergrond, etc. Ook zijn er regionale projecten gestart, bijvoorbeeld de uitbreiding respijt- en logeerzorg en Uitjezorg IJmond, een autonome activiteitenclub voor mensen met dementie en hun mantelzorgers.
Deze projecten zijn weliswaar niet onder de vlag van het Dementienetwerk MK tot stand gekomen maar vragen wel om inhoudelijke verbinding. Op dit moment wordt gewerkt aan een nieuw werkplan voor 2024 en volgende jaren. Aanbeveling 2: Vraag de gemeentelijke medewerkers om u af en toe te informeren over de voortgang van de speerpunten rond dementie. Wat gaat goed en wat kan beter. Het schrijven van uitgebreide rapportages kost veel tijd. Af en toe een mondelinge toelichting met de
pagina:
2 van 4
registratienr.:
D/2024/609983
gelegenheid om vragen te stellen, geeft vaak goed inzicht in de stand van zaken. Stand van zaken: Onze gemeente is zowel bestuurlijk als ambtelijk nauw betrokken bij het regionale Dementienetwerk. Onze portefeuillehouder zorg en welzijn heeft, samen zijn collega’s van de andere gemeenten en met de bestuurders van de participerende uitvoeringsorganisaties, zitting in de stuurgroep van het netwerk. Daarnaast vindt onder leiding van de coördinator van het Dementienetwerk ambtelijk kwartaaloverleg plaats met de drie IJmondgemeenten. Via deze overlegstructuren wordt veel informatie gedeeld, wordt ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen en projecten op het gebied van dementiezorg en wordt de samenwerking tussen de partners verder versterkt. Aanbeveling 3: Prioriteer de middelen en uitvoering rond de zorgvraag van mensen met dementie in relatie tot andere gemeentelijke vraagstukken. Ontwikkel hiervoor ook een middellange en lange termijnvisie. De gemeente komt op enig moment voor de keuze te staan waar ze hun (schaarse) middelen aan wil uitgeven. Analyseer de huidige uitgaven voor zorg en maak op basis van de analyse en de demografische ontwikkelingen een inschatting hoe de zorgvraag zich zal ontwikkelen. Formuleer daarop een prioritering. Stand van zaken: Deze aanbeveling is dermate 'hoog over' dat dit niet alleen voor dementie geldt.
Dit gaat feitelijk om het gehele sociaal domein en vraagt om een strategisch toekomstbeeld voor het hele sociaal domein. Wij subsidiëren verschillende partners in het regionale Dementienetwerk onder andere voor hun inzet, ondersteuning aan en activiteiten voor mensen met dementie en hun mantelzorgers. Daarnaast worden deze mensen vaak ondersteund door de inzet van Wmo-maatwerkvoorzieningen. De Wmo is een open einde regeling, hetgeen betekent dat wanneer de ondersteuningsvraag stijgt, de uitgaven meestijgen. Daarbij zorgen we ervoor dat dagbestedingsactiviteiten en logeeropvang voor mensen met dementie makkelijker toegankelijk zijn. Dit doen we door deze activiteiten te ‘kantelen’ van maatwerkvoorziening naar algemene voorziening, waardoor een gemeentelijke indicatie niet meer aan de orde is. Inmiddels maakt 40% van de mensen met dementie die meedoen aan dagactiviteiten gebruik van zo’n ‘gekantelde’ voorziening. Aanbeveling 4: Zorg voor regelmatige trainingen van de Wmo-consulenten. En leg dit vast, zodat kennis en vaardigheden niet (opnieuw) verwateren. Stand van zaken: In 2023 is voor de Wmo-consulenten en medewerkers van het Serviceplein een interne training verzorgd rondom het herkennen van psychische ziektebeelden.
Het trainingsaanbod voor Wmo-consulenten en andere medewerkers in het werkveld richt zich niet alleen op dementie, maar bijvoorbeeld ook op autisme en mensen met een GGZ-achtergrond. Het trainingsaanbod maken we passend voor zowel ervaren als nieuwe medewerkers en wordt telkens op maat gesneden. In 2024 wordt onder andere in samenwerking met Alzheimer Midden Kennemerland een (herhalings)training ingepland voor alle medewerkers van het Serviceplein Heemskerk. Zie daarnaast de toelichting bij aanbeveling 6. Aanbeveling 5: Bespreek in het gemeentelijk overleg met de thuiszorginstellingen dat signalen van medewerkers gedeeld kunnen / mogen worden met huisartsen. Mensen met dementie zijn niet altijd bekend bij de huisarts. Thuiszorgmedewerkers signaleren heel veel. Het is niet geregeld dat ze dat ook (kunnen) terugkoppelen. Huisartsen kunnen dan eerder acteren en zorgen dat de mensen met dementie de juiste hulp krijgen. Stand van zaken: Met onze aanbieders voor hulp bij het huishouden zijn afspraken gemaakt over het signaleren. Binnen deze organisaties kunnen thuishulpen met deze signalen terecht bij een
pagina:
3 van 4
registratienr.:
D/2024/609983
coördinator. Deze coördinator zorgt ervoor dat signalen bij huisartsen of ander disciplines terecht komen. Aanbeveling 6: Stimuleer dat de verschillende maatschappelijke partners elkaar informeren over het ziektebeeld van mensen met dementie. Het herkennen van dementie is niet altijd eenvoudig. Sommige partners hebben meer kennis dan anderen. De oproep is om deze kennis vaker met elkaar te delen. Stand van zaken: Onder andere vanuit het regionale Dementienetwerk worden regelmatig themabijeenkomsten en trainingen georganiseerd voor zowel professionals als vrijwilligers van de diverse partnerorganisaties in het netwerk. Daarnaast vinden maandelijks Alzheimer-trefpunten plaats en worden vanuit het Dementienetwerk kwartaallunches georganiseerd voor alle werkers in het veld, zodat zij elkaar beter leren kennen, elkaar makkelijker weten te vinden en kennis en informatie kunnen uitwisselen. Aanbeveling 7: Zorg voor voldoende respijtzorg plekken. Mantelzorgers van mensen met dementie zijn vaak zwaar belast met de zorg voor hun naaste met dementie. Zij hebben geen ruimte om op krachten te komen en de zorg tijdelijk aan anderen over te laten. Uitbreiding van respijtzorg is nodig om de zorgvraag rondom dementie te kunnen blijven voldoen. Stand van zaken: In oktober 2022 is een pilot gestart met betrekking tot logeeropvang binnen de Wmo.
De pilot omvat verschillende aspecten, waaronder het vergroten van de bekendheid van logeeropvang, het ondersteunen en ontlasten van mantelzorgers, het creëren van een laagdrempelige toegang zodat mensen geen belemmeringen ervaren om er gebruik van te maken, en het minimaliseren van administratieve lasten voor aanbieders en de gemeente. Onder andere door MantelZ (voorheen MaatjeZ) en vanuit het Serviceplein wordt actief voorlichting gegeven over en doorverwezen naar de diverse respijt-/logeermogelijkheden in de regio. Door al deze aspecten anders aan te pakken zien we een verachtvoudiging van het gebruik van logeeropvang. De pilot is inmiddels beëindigd. Het tweede halfjaar van 2023 stond in het teken van doorontwikkelen, met een kritische blik op waar eventuele efficiëntieverbeteringen mogelijk zijn. In de afgelopen periode zijn in onze regio inmiddels zeven logeerplekken gerealiseerd die kunnen worden gebruikt zonder dat daarvoor een indicatie nodig is: 2 logeerkamers in Elsanta van de Viva Zorggroep in Beverwijk, 2 logeerkamers in het Hospice in Beverwijk en 3 logeerkamers op de Reigershoeve in Heemskerk. In 2024 hebben we zelfs een deel van de logeeropvang volledig algemeen toegankelijk gemaakt. In 2024 monitoren we hoe dit gaat, maar de verwachting is dat de voorziening op deze manier toekomstbestendig is geworden.
pagina:
4 van 4
registratienr.:
D/2024/609983
BIJLAGE: FLYER DEMENTIENETWERK MIDDEN KENNEMERLAND JULI 2023