CConstaterende datHeemskerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4. Adviesrapportage KC 3.0

Raadsvergadering 28 mei 2026, gemeente HeemskerkBij agendapunt: Vaststellen lijst van ingekomen documenten7.080 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MasterMeester

Adviesrapportage kwaliteitscriteria 3.0 Gemeente Heemskerk

4-9-2025

Inhoud 1.

Inleiding ................................................................................................................................ 2 1.1 Kwaliteitscriteria 3.0 ............................................................................................................ 2 1.2 Scope van de opdracht ........................................................................................................ 3 1.3 Doel .................................................................................................................................... 4

2. Werkwijze MasterMeester ......................................................................................................... 4 2.1 Voorbereidingsfase.............................................................................................................. 4 2.2 Kwaliteitsmeting .................................................................................................................. 4 2.2.1 Onderdeel B Kritieke massa ........................................................................................... 4 2.2.2 Onderdeel C Procescriteria............................................................................................ 4 2.2.3 Onderdeel D Competenties ........................................................................................... 5 3. Deel B Kritieke massa................................................................................................................ 5 3.1 Achtergrond ........................................................................................................................ 5 3.2 Resultaten........................................................................................................................... 6 3.3 Conclusie............................................................................................................................ 8 4.

Deel C Procescriteria .............................................................................................................. 10 4.1 Achtergrond ...................................................................................................................... 10 4.2 Resultaten......................................................................................................................... 11 4.3 Conclusie.......................................................................................................................... 15 5. Deel D Competenties .............................................................................................................. 17 5.1 Achtergrond ...................................................................................................................... 17 5.2 Resultaten......................................................................................................................... 18 5.3 Conclusie.......................................................................................................................... 20 6. Aanbevelingen ........................................................................................................................ 21

1

1. Inleiding Dit document is een adviesrapportage waarin de gemeente Heemskerk is beoordeeld aan de hand van de Kwaliteitscriteria 3.0.

1.1 Kwaliteitscriteria 3.0

De kwaliteitscriteria 3.0 (hierna: KC 3.0) zijn ontwikkeld om de uitvoering en handhaving van het omgevingsrecht voor gemeenten en provincies te professionaliseren en te borgen. De criteria zijn bedoeld om te waarborgen dat overheden de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht, handhaving en advies tijdig, met de juiste procedurele en inhoudelijke kwaliteit en in continuïteit kunnen uitvoeren. De kwaliteitscriteria zijn vastgesteld door het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH en gelden vanaf 1 januari 2025. De KC 3.0 gaan over proces, inhoud en kritieke massa en zijn op verschillende niveaus beschreven: deels hebben ze betrekking op de organisatie en deels op de medewerkers. Op organisatieniveau betekenen de kwaliteitscriteria dat: • • •

Er een sluitende beleidscyclus moet zijn om de kwaliteit te borgen; Er een inhoudelijke ondergrens is; De taken belegd moeten worden bij organisaties die continuïteit in de uitvoering kunnen garanderen.

Op medewerkersniveau moeten de taken belegd worden bij medewerkers die voldoende deskundig zijn om deze taken adequaat uit te kunnen voeren. De criteria zijn onderverdeeld in vier delen:

De KC 3.0 bestaan uit vier delen: • •

Deel A Algemeen: Beschrijft de algemene principes, doelstellingen en definities. Deel B Criteria voor Kritieke Massa: Specificeert het minimale aantal gekwalificeerde medewerkers dat een organisatie nodig heeft per deskundigheidsgebied. Dit omvat eisen aan opleiding, kennis, werkervaring, frequentie van taakuitvoering en borging van deskundigheid. 2

•

•

Deel C Procescriteria: Definieert de procescriteria die een organisatie moet implementeren voor een gestructureerde en transparante uitvoering en handhaving. Dit omvat criteria voor evaluatie, beleid, strategie, programma, organisatie, uitvoering, handhaving, advisering en monitoring. Deel D Competentieprofielen: Beschrijft de competentieprofielen voor de belangrijkste rollen binnen de uitvoering van de Omgevingswet, zoals casemanager, vergunningverlener, toezichthouder/handhaver, juridisch adviseur en specialistisch adviseur.

Artikel 18.20 t/m 18.23 Omgevingswet geeft aan hoe gemeenten, provincies en omgevingsdiensten aandacht moeten besteden aan de kwaliteit van uitvoering en handhaving. De VNG en het Interprovinciaal Overleg (IPO) hebben hiervoor een modelverordening opgesteld. Die verwijst naar de meest actuele set criteria. De geactualiseerde kwaliteitscriteria voor de uitvoering en handhaving hebben betrekking op het minimale kwaliteitsniveau dat nodig is om taken op het gebied van uitvoering en handhaving op alle taken die met de invoering van de Omgevingswet uit de Wabo zijn overgegaan naar die wet. Het gaat dus om de taken vergunningverlening, toezicht en handhaving (inclusief de in deze versie nieuw opgenomen adviestaak) en gelden voor de verplichte basistaken, de vrijwillige plustaken, de thuistaken van provincies en gemeenten en taken die milieubelastende activiteiten betreffen. Artikel 18.20 van de Omgevingswet verplicht alle betrokkenen om aandacht te besteden aan de kwaliteit van uitvoering en handhaving. Het betreft de zorgplicht. Dit kan bijvoorbeeld via een verordening. Artikel 18.23 gaat over de basistaken, waarbij de kwaliteitsnormen in een verordening moeten worden vastgelegd.

De verordening van de gemeente Heemskerk De gemeente Heemskerk heeft de Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Heemskerk houdende regels omtrent kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht gemeenten Heemskerk, Beverwijk en Velsen op 1 juni 2017 vastgesteld. In de verordening is het kwaliteitsniveau van de versie 2.1 vastgesteld. G d ‘V d w vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht gemeenten Heemskerk, Beverwijk en V ’ h bb d d w v ,w v d dat zij in situaties waarin de uitvoering boven de maatlat uitkomt, gebruikmaken van elkaars expertise. De verordening is verouderd en voldoet niet aan de eisen van de nieuwe wet- en regelgeving. Advies MM: Wij adviseren om de nieuwe verordening vast te stellen, zodat de gemeente voldoet aan de wettelijke verplichtingen én de kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving toekomstbestendig geborgd is.

1.2 Scope van de opdracht

De meting richt zich op de VTH-taken van de gemeente Heemskerk en evalueert de organisatie op kritieke massa, procesinrichting en aanwezige competenties. •

•

Kritieke massa: Beschikt de gemeente over voldoende gekwalificeerde medewerkers om de taken uit te voeren? Dit wordt bepaald door factoren zoals opleiding, kennis, werkervaring en competenties. Proceskwaliteit: Voldoen de processen binnen de gemeente aan de eisen van de checklist van Deel C? Dit omvat onder andere de evaluatie van resultaten, het beleid, de strategie, de organisatie en de monitoring.

3

•

Competenties: Beschikken de medewerkers over de nodige competenties voor hun rol, zoals omschreven in Deel D? Dit omvat competenties zoals omgevingsbewustzijn, verbinden, integraal samenwerken, verantwoordelijkheid en oordeelsvorming.

1.3 Doel

De gemeente Heemskerk wil weten in hoeverre zij voldoet aan de minimale eisen van de KC 3.0 en wil verbeterpunten identificeren om de kwaliteit van uitvoering en handhaving van het omgevingsrecht te waarborgen en te verbeteren.

2. Werkwijze MasterMeester MasterMeester heeft de opdracht als volgt uitgevoerd.

voorbereidingsfase

kwaliteitsmeting

data-analyse

afrondingsfase

2.1 Voorbereidingsfase

We hebben vooraf een analyse gemaakt van interne documenten van gemeente Heemskerk. We hebben de kwaliteitsverordening VTH omgevingsrecht gemeenten Heemskerk, Beverwijk en Velsen (2017), het recente uitvoeringsprogramma 2025, het jaarverslag, de uitvoerings- en handhavingsstrategie 2024-2027, het meest recente Interbestuurlijk Toezichtsoordeel van de provincie Noord-Holland en een personeelsoverzicht van VTH medewerkers opgevraagd. Op basis van deze informatie hebben wij een format opgesteld om de zelfevaluatiesessie (de kwaliteitsmeting) uit te voeren.

2.2 Kwaliteitsmeting

De meting voor de gemeente Heemskerk gaat over onderdelen B, C en D. We hebben samen met de opdrachtgever op 3 juli 2025 een meting uitgevoerd op het gemeentehuis in Heemskerk. Deze kwaliteitsmeting VTH heeft betrouwbare gegevens opgeleverd om een advies op te kunnen stellen ter verantwoording van het kwaliteitsniveau van de uitvoering en handhaving aan het college en de gemeenteraad, conform de meest actuele kwaliteitscriteria.

2.2.1 Onderdeel B Kritieke massa

De activiteiten van de 23 deskundigheidsgebieden van de versie 3.0 zijn gekoppeld aan de betreffende medewerkers (geanonimiseerd) en er is gecheckt of de criteria op de juiste wijze zijn geïnterpreteerd en toegepast. Daarmee wordt een antwoord gegeven op de vraag of de huidige VTH organisatie in staat is om de taken en onderliggende operationele activiteiten uit te voeren gegeven de minimaal benodigde deskundigheid voor de uitvoering van de VTH-taken en de continuïteit daarvan. Een uitgewerkte exceloverzicht op organisatieniveau en een FTE medewerkersverdiepingsoverzicht is hiervan het resultaat.

2.2.2 Onderdeel C Procescriteria

Voor dit onderdeel C maken wij gebruik van de checklist uit de kwaliteitscriteria en de IBT beoordeling van de provincie Noord-Holland. We hebben samen met de teamleider Veiligheid en Leefomgeving en de juridisch adviseur fysiek domein, de checklist doorlopen en bepaald per criterium of de organisatie voldoet aan de vereisten. Jaarlijks dient de gemeenteraad over de naleving van de kwaliteitscriteria te worden geïnformeerd. 4

2.2.3 Onderdeel D Competenties

Voor onderdeel D hebben we gebruik gemaakt van het stappenplan ‘inzicht in competentieprofielen’ door het stellen van een aantal hulpvragen. De teamleider Veiligheid en Leefomgeving heeft een analyse van de aanwezige competenties ten opzichte van de gestelde profielen beoordeeld en verder in kaart gebracht.

3. Deel B Kritieke massa Dit hoofdstuk beschrijft de achtergrond, de resultaten en de conclusie voor het onderdeel B kritieke massa voor de gemeente Heemskerk.

3.1 Achtergrond

In de deskundigheidstabellen van de kwaliteitscriteria is aangegeven of bepaalde activiteiten binnen de overheid uitgevoerd moeten worden óf aan marktpartijen uitbesteed kunnen worden. Kritieke massa komt tot uitdrukking in deskundigheid en continuïteit. De verschillende elementen zijn in onderstaand schema weergegeven:

Deskundigheid • •

Opleiding: de minimale basisopleiding (uitgedrukt mbo, hbo of wo niveau). Aanvullende opleiding(en): benodigde opleiding(en) op het betreffende vakgebied waarmee de kennis en/of vaardigheden zijn te verkrijgen (alleen van toepassing indien de betreffende onderwerpen niet aantoonbaar onderdeel uitmaken van de basisopleiding). Van medewerkers wordt verwacht dat zij de kennis die uit de genoten opleidingen voortkomt, altijd actueel houden. Voor (permanente) bijscholing zijn daartoe (nog) geen criteria opgenomen.

5

•

• •

Aanvullende kennis (in aanvulling op de opleidingen): de minimaal benodigde basiskennis en diepgaande kennis voor de zelfstandige uitvoering van de taak (inclusief bv. bijhouden vakliteratuur en jurisprudentie). Werkervaring: het minimale aantal jaren relevante werkervaring dat men nodig heeft om de taak zelfstandig uit te kunnen voeren. Competentie: het geheel van aantoonbare kenmerken en vaardigheden die de kwaliteit van het werk mogelijk maken of verbeteren.

Continuïteit •

•

•

Frequentie: de minimale aantal vlieguren per jaar waarmee een taak zelfstandig moet worden uitgevoerd om de deskundigheid te behouden. Daarmee wordt een bepaalde routine opgebouwd. Aantal medewerkers: het minimale aantal medewerkers met de omschreven deskundigheid en frequentie waarover de organisatie moet kunnen beschikken om de noodzakelijke deskundigheid te kunnen borgen. Borging: de omgeving waar deze taken uitgevoerd moeten worden (binnen de overheid of uitbesteed) en de mogelijkheden die er zijn om in te huren.

Een deel van de taken kan worden uitbesteed, of op worden ingehuurd of door samenwerking met andere overheden worden georganiseerd. Het bevoegd gezag altijd (bestuurlijk) verantwoordelijk voor de deskundigheid en continuïteit. Voor de borging dient het bevoegd gezag dit contractueel vast te leggen met de partij waarvan de dienst wordt afgenomen. Bij het uitbesteden van taken aan een derde (commerciële) partij is het bevoegd gezag verantwoordelijk voor de kwaliteit. In het contract moet worden opgenomen dat is voldaan aan de kwaliteitscriteria. Er zijn regels voor taken die alleen binnen de overheid uitgevoerd kunnen worden. Dat is per deskundigheidsgebied vermeld. Dat betekent dat door samenwerking met andere overheden ook aan de kwaliteitscriteria kan worden voldaan. Om te voldoen aan het minimum niveau heeft de gemeente Heemskerk de volgende opties: • • • •

uitbesteden aan robuuste marktpartij, indien de kwaliteitscriteria dit toestaan; samenwerking zoeken met andere bevoegde gezagen; de taak bij de ODIJ onderbrengen; gebruik maken van een deugdelijke motivatie waarom de criteria niet toegepast zijn of konden worden en hoe wel voor de gestelde kwaliteit wordt gezorgd.

3.2 Resultaten

Het onderstaande overzicht geeft aan of de gemeente voldoet aan de kwaliteitscriteria. Indien taken niet door de gemeentelijke organisatie zelf worden uitgevoerd, is tussen haakjes vermeld door wie dit gebeurt.

NRS. Gemeente Heemskerk

KC 3.0

Deskundigheidsgebieden 1 casemanagen 2 vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening 3 vergunningverlening milieu (BAL + omgevingsplan) 4 toezicht en handhaving bouwen en ruimtelijke ordening 5 toezicht en handhaving milieu 6 toezicht en handhaving bodem 6

KC 3.0 KC 3.0 KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ)

toezicht en handhaving natuur (Natura 2000, soortenbescherming, 7 faunabeheer, hout) 8 behandelen juridische zaken 9 ketentoezicht 10 buitengewoon opsporing natuur en milieu en fysieke leefomgeving 11 bouwfysica 12 brandveiligheid 13 constructieve veiligheid 14 sloop en asbest 15 afvalwater (indirecte lozingen) 16 bodem, bouwstoffen, water 17 omgevingsveiligheid 18 geluid & trillingen 19 luchtkwaliteit & geur 20 natuuractiviteiten 21 cultuurhistorie 22 verduurzaming energie 23 advisering fysieke leefomgeving

KC 3.0 (PROV) KC 3.0 KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (EXTERN) KC 3.0 (VR) KC 3.0 (EXTERN) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (PROV) KC 3.0 KC 3.0 (ODIJ) KC 3.0 (ODIJ)

KC 3.0 = kwaliteitscriteria VTH vastgesteld 25 september 2024 inwerkingtreding 1 januari 2025 20 deskundigheidsgebieden voldoen aan kwaliteitscriteria 3.0 1 deskundigheidsgebied voldoet niet aan kwaliteitscriteria 3.0 2 deskundigheidsgebieden voldoen binnen 2 jaar aan kwaliteitscriteria 3.0 Let op: de kwaliteitscriteria hebben uitsluitend betrekking hebben op activiteiten die vallen onder het deskundigheidsgebied. De afbakening van deze taken zijn terug te vinden in bijlage 1. Uitbestede taken aan de ODIJ De deskundigheidsgebieden die zijn uitbesteed aan de ODIJ moeten ook aan de kwaliteitscriteria voldoen. Voor de omgevingsdiensten geldt een apart traject. Pijler 1, één van de zes pijlers van het op 30 september 2023 beëindigde Interbestuurlijk Programma Versterking VTH (IBP VTH), richtte zich op robuuste omgevingsdiensten en financiering. De commissie Van Aartsen concludeerde dat omgevingsdiensten onvoldoende robuust zijn om vanuit professionele distantie te handelen. Het bestuurlijk overleg IBP VTH heeft op 22 juni 2023 ingestemd met het voorstel van pijler 1 dat een robuuste omgevingsdienst voldoet aan vier criteria: effectiviteit, ontwikkelvermogen, wendbaarheid en efficiency. Daarnaast moeten zij zorgdragen voor de nadere uitwerking van deze criteria naar een zestal kritische prestatie- d ( ’ ). O 4 ju 2023 d Tw d 1 ï f d v deze robuustheidscriteria.

Omgevingsdiensten moeten uiterlijk 1 april 2026 robuust zijn. De term buu h f d z x du b d z I’ h (w d d kwaliteitscriteria) en geldt alleen voor omgevingsdiensten. De ODIJ heeft een zelftoets uitgevoerd en dient een plan van aanpak op te stellen. Deze worden beoordeeld door het IBP-VTH en het ministerie v I Wv ‘ x buu h d’. Vier kleuren (rood, oranje, groen en wit) geven de status aan. De ODIJ scoort momenteel 'oranje'. Vanwege een groot aantal kanttekeningen is het de vraag of de ODIJ op 1 april 2026 zal voldoen aan de robuustheidscriteria. De gemeente Heemskerk is hiervan op de hoogte en volgt de voortgang actief, ook via haar vertegenwoordiging in het AB van de ODIJ. De gemeente Heemskerk onderschrijft het belang van robuuste omgevingsdiensten en ziet het als gezamenlijke verantwoordelijkheid van de opdrachtgevers en de ODIJ om aan de vastgestelde criteria te voldoen. Tegelijkertijd constateert de gemeente Heemskerk dat de ODIJ, ondanks de 7

huidige 'oranje' score op robuustheid, de VTH-taken op dit moment zorgvuldig en professioneel uitvoert. Er is op dit moment geen sprake van kwaliteitsverlies in de dienstverlening, en dat moet zo blijven. Uitbesteed aan marktpartijen Bij het uitbesteden van taken aan een derde (commerciële) partij (niet zijnde de omgevingsdienst), is het bevoegd gezag verantwoordelijk voor de kwaliteit. In het contract moet worden opgenomen dat voldaan is aan de kwaliteitscriteria (zie spelregel 6). Dit geldt voor de deskundigheidsgebieden bouwfysica en constructieve veiligheid. Op dit moment worden deze leveranciersbeoordelingen nog niet opgevraagd. Uitbesteed aan de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) De mate waarin de veiligheidsregio voldoet aan de kwaliteitscriteria is op dit moment niet bekend. De gemeente Heemskerk dient hiervoor jaarlijks actief een leveranciersbeoordeling op te vragen om inzicht te verkrijgen in de kwaliteit van de geleverde prestaties.

3.3 Conclusie

De gemeente Heemskerk voldoet niet aan de volgende deskundigheidsgebieden: • • •

Deskundigheidsgebied 8 Behandelen juridische zaken; Deskundigheidsgebied 21 Cultuurhistorie. Deskundigheidsgebied 23 Advisering fysieke leefomgeving

Deskundigheidsgebied 8 Behandelen juridische zaken

Dit deskundigheidsgebied past niet binnen KC 3.0 op de factor Ervaring. In vergelijking met de vorige set zijn de juridische deskundigheidsgebieden samengevoegd en is de expliciete vereiste van functiescheiding toegevoegd. Binnen de gemeente Heemskerk zijn de juristen verdeeld over verschillende afdelingen. De algemeen juristen zijn niet werkzaam voor het team Veiligheid en Leefomgeving. Binnen het team Veiligheid en Leefomgeving is er 1 jurist vergunningverlening ondersteund door een RO jurist voor de toetsing aan het omgevingsplan en zijn er 3 handhavingsjuristen. Zij bevinden zich nog in de opbouwfase van hun professionele ervaring en beschikken nog niet over het vereiste aantal ervaringsjaren om zelfstandig complexe dossiers te behandelen. Om de continuïteit, kwaliteit en juridische borging van het handhavingsproces te waarborgen, is het noodzakelijk om structureel een senior handhavingsjurist in te zetten. Dit kan desgewenst op basis van externe inhuur. Advies MM: Zet structureel een senior handhavingsjurist in om de juridische kwaliteit en continuïteit te waarborgen en te voldoen aan KC 3.0. Huur extern in als vaste invulling nog niet mogelijk is. Investeer actief in de ontwikkeling van de huidige juristen. Deskundigheidsgebied 21 Cultuurhistorie

Dit deskundigheidsgebied past niet binnen KC 3.0 op de factor Frequentie. De activiteiten op het gebied van cultuurhistorie zijn te beperkt om te kunnen voldoen aan de ondergrens van het aantal medewerkers en hun deskundigheid. Er is 1 beleidsmedewerker in vaste dienst die zich bezighoudt met cultuurhistorie en 1 vergunningverlener die zich bezighoudt met monumenten. Om deze activiteiten, hoewel dus beperkt, toch kwalitatief goed uit te kunnen voeren, wordt op deze deskundigheid gebruik gemaakt MOOI Noord-Holland. MOOI Noord-Holland organiseert en faciliteert voor de gemeentelijke adviescommissie voor omgevingskwaliteit. Zij geven advies over het aanzien van bouwwerken en de visuele beleving van de omgeving. Het 8

monumentenadvies is gericht op de gevolgen voor de monumentale waarde van ingrepen aan, op of bij monumenten. De kwaliteitscriteria gelden onafhankelijk van het werkaanbod. In de criteria staat dat de organisaties die een beperkt aantal taken uitvoeren, dienen te voldoen aan dezelfde criteria als organisaties die veelvuldig deze taken uitvoeren. De criteria voor kritieke massa geven de organisaties een ondergrens van het aantal medewerkers en hun deskundigheid, die nodig is om taken op een bepaald minimumniveau en met zekere continuïteit uit te kunnen voeren. Als er op onderdelen onvoldoende werkaanbod is voor het benodigde aantal medewerkers en de bijbehorende tijdsbesteding per persoon, verdient het volgens de criteria in dat geval de aanbeveling om samenwerking met andere partijen te zoeken. In voetnoot 8 staat nog een uitzondering vermeld: ‘Er zijn situaties denkbaar waarbij de in de criteria genoemde taken niet voorkomen gezien de aard, grootte of omvang van het aantal milieubelastende taken dan wel het gebied. Als het bevoegd gezag dit gemotiveerd kan aantonen, dan hoeft zij niet te voldoen aan de eisen genoemd in het betreffende deskundigheidsgebied.’ Advies MM: Documenteer jaarlijks hoe vaak en voor welke casuïstiek MOOI Noord-Holland wordt ingezet.

Koppel deze informatie aan het kwaliteitscriterium Frequentie om aan te tonen dat – ondanks beperkte interne capaciteit – het vakgebied adequaat wordt bediend. Leg de samenwerking met MOOI Noord-Holland formeel vast in beleid of werkprocessen. Zo wordt het externe advies geborgd als structureel onderdeel van de kwaliteitsborging van cultuurhistorie en monumentenzorg. Geef ook specifiek aandacht aan het toezicht op erfgoed en hoe dit is geborgd. Deskundigheidsgebied 23 Advisering fysieke leefomgeving Dit is een nieuw deskundigheidsgebied in de kwaliteitscriteria 3.0. Hierin staat dat de bij voorkeur deze activiteiten verricht dienen te worden door de ODIJ. Op dit moment is deze taak nog niet daar belegd. Advies MM: Ga in overleg met de teamleider Beleid en Projecten en de ODIJ en besteed deze taak in zijn geheel of deels uit aan de ODIJ om te voldoen.

9

4. Deel C Procescriteria Dit hoofdstuk beschrijft de achtergrond, de resultaten van de meting en de conclusie voor het onderdeel C Procescriteria van de gemeente Heemskerk.

4.1 Achtergrond

De procescriteria bieden de kaders voor het kwaliteitssysteem van het bevoegd gezag. In de procescriteria wordt op een systematische wijze de samenhang tussen beleid en uitvoering beschreven. De criteria geven de elementen aan die minimaal aanwezig moeten zijn: -

Beleid Strategie Uitvoeringsprogramma Voorbereiding Uitvoering VTH en advisering Monitoring

De procescriteria betreffen eisen aan het proces. Daarnaast moeten de criteria gebruikt worden bij het inrichten van de organisatie. Voor een werkbare toepassing hebben de procescriteria de vorm van een checklist. De checklist is samen met de teamleider Veiligheid en Leefomgeving en de juridisch adviseur fysiek domein ingevuld. De kwaliteitscriteria raden aan om de op 20 juni 2024 bestuurlijk vastgestelde ‘Handreiking regionale beleidscyclus’ te raadplegen. De handreiking is een dynamisch document en daarom wordt in de checklist alleen naar de paragraaf uit de handreiking verwezen. De ‘Handreiking regionale beleidscyclus’ is, net als de modelverordening, van toepassing op de VTH-processen bij omgevingsdiensten, gemeenten en provincies. Naast deze handreiking raden wij aan om ook de Handreiking die de provincie Noord-Holland heeft opgesteld te raadplegen.

10

4.2 Resultaten

Na het invullen van de checklist komen we tot de volgende resultaten. De onderdelen VTHAuitvoering en Voorbereiding voldoen aan de criteria (= groen). Op de onderdelen Monitoring, Beleid en Programma voldoet de gemeente gedeeltelijk aan de criteria (=oranje). De onderdelen Evaluatie en Strategie voldoen niet (=rood). Voor de verdere uitwerking, zie bijlage 2.

monitoring

strategie

VTHA uitvoering

beleid programma

beleid

evaluatie

voorbereiding 11

Evaluatie Toelichting Jaarlijks moet worden gerapporteerd over de mate van uitvoering van het uitvoeringsprogramma en in hoeverre de geprogrammeerde werkzaamheden zijn uitgevoerd. Ook dient te worden verklaard waarom bepaalde werkzaamheden niet of niet volledig zijn uitgevoerd en wat de oorzaken hiervan zijn. Daarnaast moet worden gerapporteerd over de mate waarin de verrichte werkzaamheden hebben bijgedragen aan het bereiken van de uitvoerings- en handhavingsdoelen. Het is cruciaal dat deze doelen voldoende concreet en meetbaar geformuleerd zijn. Voor een correcte rapportage is het noodzakelijk een methodiek te hanteren waarmee continue monitoring en evaluatie mogelijk is. Deze data moet vervolgens worden geëvalueerd om te bepalen in hoeverre de geprogrammeerde werkzaamheden en activiteiten daadwerkelijk zijn uitgevoerd. Het Omgevingsbesluit stelt een aantal eisen aan de evaluatierapportage. De evaluatierapportage dient jaarlijks te rapporteren over de mate waarin de uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de doelen. De volgende eisen worden gesteld aan de evaluatierapportage: •

•

•

Mate van uitvoering: De evaluatierapportage moet inzicht geven in hoeverre de geprogrammeerde werkzaamheden uit het uitvoeringsprogramma zijn uitgevoerd. Indien werkzaamheden niet of niet volledig zijn uitgevoerd, moet de rapportage de oorzaken hiervan beschrijven. Bijdrage aan het behalen van de doelen: De evaluatierapportage moet beschrijven in welke mate de verrichte werkzaamheden hebben bijgedragen aan het bereiken van de uitvoeringsen handhavingsdoelen. De rapportage dient te specificeren of de doelen volledig, gedeeltelijk of niet zijn bereikt en de redenen hiervoor te benoemen. Om een goede evaluatierapportage op te kunnen stellen is het belangrijk om een methodiek te hanteren die continue monitoring en evaluatie mogelijk maakt. Het gebruik van een zaaksysteem waarin alle medewerkers op uniforme wijze data verzamelen en registreren kan hierbij helpen. De evaluatierapportage dient te specificeren welke data is geregistreerd en verzameld om te beoordelen of de geprogrammeerde werkzaamheden zijn uitgevoerd en de doelen zijn bereikt.

Het is belangrijk op te merken dat de evaluatierapportage input is voor het aanpassen van de U&HS. Indien uit de evaluatie blijkt dat de risicoanalyse, doelen, prioriteiten of andere elementen van de strategie moeten worden aangepast, dient dit te gebeuren. Constatering De gemeente Heemskerk voldoet grotendeels aan de eisen voor het onderdeel evaluatie. Een eis waaraan niet wordt voldaan is het ontbreken van een volledige systematiek voor vergelijking en auditing op gebied van vergunningverlening en toezicht en handhaving. Beleid Toelichting Het is de bedoeling dat gemeenten ieder voor zich een U&HS vaststellen en schriftelijk vastleggen. Dat kan in een gezamenlijk U&H-document of apart. U&HS bevat het geheel van prioriteiten, doelstellingen, strategie en werkwijze. Deze doelen moeten gebaseerd zijn op een probleemanalyse waarbij het bestuursorgaan in kaart heeft gebracht voor welke regelgeving (de Omgevingswet en het bij of krachtens de andere betrokken wetten bepaalde) het de zorg voor de bestuursrechtelijke 12

handhaving is opgedragen, wat de kansen op overtredingen van die regelgeving zijn en wat de effecten van die overtredingen voor de fysieke leefomgeving zijn. Een goede probleem- of risicoanalyse is één van de belangrijkste factoren om een kwalitatief goede beleidscyclus te realiseren. Op basis van de probleemanalyse bepaalt het bestuursorgaan welke activiteiten nodig zijn om de in kaart gebrachte doelen te bereiken en welke prioriteiten het daarbij stelt. De wettelijke eisen verlangen een zorgvuldige afstemming van de VTH-documentatie met anderen. Het op elkaar afstemmen van doelen van uitvoering en handhaving wordt belangrijk gevonden. De U&HS wordt, indien nodig, ook afgestemd met andere bestuursorganen. Met wie hangt af van de vraag welke andere bestuursorganen door het beleid worden geraakt, bijvoorbeeld omdat samenwerking aan de orde is. Een goede interne afstemming tussen de werkeenheden uitvoering (vergunningverlening) en handhaving en met andere werkterreinen binnen de eigen organisatie is ook van belang. In het bijzonder zullen tijdens het opstellen van de U&HS afstemmingsgesprekken moeten plaatsvinden tussen het college en de gemeenteraad, aangezien de gemeenteraad de voor de uitvoering van de U&HS (benodigde en) beschikbare financiële middelen kan vrijmaken.

De gemeente Heemskerk moet inzicht geven in de benodigde en beschikbare financiële en personele middelen en hoe zij dit in de begroting hebben gewaarborgd. De U&HS moet door het college worden bekend gemaakt aan de gemeenteraad. Deze expliciete kennisgevingsverplichting uit het Bor (vervallen) is niet overgeheveld naar het Omgevingsbesluit, maar vloeit voort uit artikel 2.2 lid 1 Ow. Constatering De gemeente Heemskerk voldoet grotendeels aan de eisen voor het onderdeel beleid. De gemeente Heemskerk heeft een actuele uitvoerings- en handhavingsstrategie 2024-2027. Een aandachtspunt is de afstemming met mede-(semi)overheden (bijv. Veiligheidsregio, GGD, omgevingsdienst, Waterschap en Gemeenschappelijke Regelingen) en omringende gemeenten, gezien eventuele grensoverschrijdende maatschappelijke uitdagingen. Op dit moment maakt ieder nog zijn eigen documenten en gebeurt het afstemmen in de vorm van het elkaar toesturen van documenten. Een ander aandachtspunt is het beter inzichtelijk maken van de uitvoering van de U&HS (benodigde en) beschikbare financiële middelen. De personele capaciteit is benoemd (in fte), taakverdeling en is per wet uitgewerkt, ook de middelen en systemen worden toegelicht, en er is expliciet vermeld dat dit is opgenomen in de begroting.

De strategie verwijst naar de begroting waar de financiële dekking is vastgelegd, maar bevat geen eigen financiële tabel of begrotingsposten. Strategie Toelichting Gemeenten en waterschappen zijn verplicht een U&HS vast te stellen in één of meerdere documenten. Het vaststellen van een U&HS is één van de meest fundamentele procescriteria. De periode waarop de strategie betrekking heeft, is niet voorgeschreven. Het ligt echter voor de hand dat de U&HS betrekking heeft op een periode van minstens een jaar. Het bestuursorgaan is vrij om een langere periode te kiezen. Doorgaans is dit een periode van 4 jaar. Maar de periode mag dus langer of korter zijn. De U&HS is van toepassing op de uitvoerings- en handhavingstaken. Constatering De gemeente Heemskerk voldoet grotendeels aan de eisen voor het strategie. De gemeente Heemskerk heeft een actuele uitvoerings- en handhavingsstrategie 2024-2027 die grotendeels voldoet aan de gestelde criteria. De vaststelling van de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht ontbreekt. Een ander aandachtspunt is de actualiteit van de vergunningen. Op dit

13

moment is er geen gemeentelijk intrekkingsbeleid. De gemeente is hiervan bewust en onderzoekt in deze beleidsperiode of dat nodig is. Programma Toelichting De U&HS moet jaarlijks worden uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma waarin wordt aangegeven welke werkzaamheden het komende jaar zullen worden verricht. De volgende eisen worden gesteld aan het uitvoeringsprogramma: •

•

•

Voldoende financiële en personele middelen: Er moeten voldoende financiële en personele middelen beschikbaar zijn om het uitvoeringsprogramma uit te kunnen voeren. Deze middelen moeten in de begroting voor het komende jaar worden geborgd. Rekening houden met doelen en prioriteitenstelling: Bij het programmeren van de werkzaamheden moet rekening worden gehouden met de in de U&HS gestelde uitvoeringsen handhavingsdoelen en de prioriteitenstelling. Afstemming strafrechtelijke handhaving: Het uitvoeringsprogramma moet, voor zover nodig, worden afgestemd met de instanties die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving, zoals politie en het Openbaar Ministerie.

In de wetgeving staat niet expliciet wanneer het uitvoeringsprogramma moet worden vastgesteld. Wel bestaat de plicht om jaarlijks de U&HS uit te werken in een uitvoeringsprogramma waarin wordt aangegeven welke werkzaamheden het komende jaar zullen worden verricht. Dat in het jaarlijks vast te stellen uitvoeringsprogramma staat welke werkzaamheden het komende jaar worden uitgevoerd, impliceert dat het uitvoeringsprogramma in ieder geval vóór dat jaar moet worden vastgesteld. Het is klaarblijkelijk niet de bedoeling om lopende het jaar het uitvoeringsprogramma (met terugwerkende kracht) vast te stellen voor datzelfde jaar. Een uitvoeringsprogramma voor het jaar 2026 moet dus gedurende het jaar 2025 worden opgesteld, en uiterlijk in december 2025 worden vastgesteld. In de verordening systematisch toezicht van de provincie Noord-Holland is wel een deadline gesteld. De deadline voor het tijdig vaststellen van het uitvoeringsprogramma is gesteld op 1 mei 2026. Constatering De gemeente Heemskerk voldoet aan vrijwel alle criteria voor het onderdeel programma. Alleen dient er aandacht geschonken te worden aan de borging van de financiële en personele midden in de begroting.

Voorbereiding / Uitvoering VTH en advisering (organisatie) Toelichting Het omgevingsbesluit benadrukt het belang van een goed ingerichte organisatie om de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving effectief uit te voeren. Het college van burgemeester en wethouders is verantwoordelijk voor de inrichting van de organisatie en het waarborgen van een goede uitvoering van de U&HS en het uitvoeringsprogramma. De stap voorbereiding maakt onderdeel uit van de stap VTHA uitvoering/organisatie en komen niet expliciet terug in de beoordeling. De volgende eisen worden gesteld aan de inrichting van de organisatie: •

De organisatie moet zodanig worden ingericht dat een goede uitvoering van de U&HS en het uitvoeringsprogramma is gewaarborgd (artikel 13.9, lid 1 Ob)1. Dit betekent dat de gemeente moet zorgen voor:

14

Toereikende personele capaciteit, zowel kwantitatief als kwalitatief: Er moeten voldoende medewerkers zijn met de juiste kennis en vaardigheden om de taken uit te voeren. o Voldoende technische, juridische en administratieve voorzieningen: De organisatie moet beschikken over de nodige middelen, zoals een zaaksysteem, instrumenten en apparatuur, om de taken goed uit te kunnen voeren. o Een heldere verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden: Duidelijkheid hierover is essentieel voor een efficiënte en effectieve uitvoering van de taken. De personeelsformatie voor de uitvoering en handhaving moet worden vastgelegd, evenals de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden die bij de functies horen (artikel 13.9, lid 2 onder a Ob). Dit zorgt voor duidelijkheid en transparantie binnen de organisatie. De bereikbaarheid en beschikbaarheid van de organisatie moet ook buiten kantooruren gegarandeerd zijn (artikel 13.9, lid 2 onder d Ob). Dit is belangrijk voor het melden van acute klachten en het behandelen van incidenten. De werkprocessen, procedures en bijbehorende informatievoorziening voor de uitvoering en handhaving moeten worden vastgelegd (artikel 13.9, lid 3 Ob). De werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd volgens deze vastgelegde processen en procedures, wat zorgt voor uniformiteit en consistentie. o

•

•

•

Het niet voldoen aan deze eisen kan leiden tot een ineffectieve en inefficiënte uitvoering van de VTHtaken. Dit kan nadelige gevolgen hebben voor de kwaliteit van de leefomgeving en de veiligheid van burger. Constatering De gemeente Heemskerk voldoet aan bijna alle criteria voor het onderdeel VTH uitvoering/organisatie. De kwaliteit van de data met name bij handhaving behoeft nog verbetering. Monitoring Toelichting Het bestuursorgaan (of in het geval van een omgevingsdienst de gezamenlijke bestuursorganen) handelt op grond van een systematiek van monitoring van het proces van vergunningverlening, toezicht en handhaving, de resultaten en voor zover mogelijk de effecten hiervan. Constatering Op basis van de checklist komen we tot de volgende constatering. De gemeente Heemskerk voldoet gedeeltelijk. De kwaliteit van de data behoeft nog verbetering met name bij handhaving.

4.3 Conclusie

Er zijn een aantal verbeterpunten uit de checklist naar voren gekomen: Evaluatie •

Zet een benchmarking systeem op voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. Momenteel ontbreekt een dergelijke systematiek, wat betekent dat de gemeente haar prestaties niet kan vergelijken en beoordelen ten opzichte van andere gemeenten. We raden aan om een vergelijkbare gemeente of buurtgemeente te zoeken om deze benchmark samen uit te voeren. Door de checklisten van deze gemeenten met elkaar te vergelijken, kan gemeente Heemskerk een systematiek ontwikkelen die aan de

15

kwaliteitseisen voldoet. Dit zal hen helpen hun processen te verbeteren en een consistent en hoogwaardig niveau van vergunningverlening en toezicht te waarborgen. Beleid • •

Actief afstemming zoeken met (keten)partners. Opnemen van financiële tabellen en begrotingsposten in relatie tot de VTH taken.

Strategie •

Stel de LSHO vast.

Programma •

Koppel de algemene begrotingsposten voor VTH aan specifieke doelstellingen.

Monitoring •

Stel een systeem in voor continue monitoring en evaluatie van de naleving van werkprocessen en procedures. Maak gebruik van audits en rapportages om de voortgang te volgen en eventuele afwijkingen snel te corrigeren.

Door deze stappen te volgen, kan de gemeente profiteren van de voordelen van de landelijke kwaliteitscriteria en tegelijkertijd rekening houden met de specifieke omstandigheden van de gemeente.

16

5. Deel D Competenties Dit hoofdstuk beschrijft de achtergrond, de resultaten van de meting en de conclusie voor het onderdeel D competenties voor de gemeente Heemskerk.

5.1 Achtergrond

De kwaliteit van de uitvoering is mede afhankelijk van competenties zoals advies- en procesvaardigheden en politiek-bestuurlijke sensitiviteit en niet alleen van technische vaardigheden. Daarom zijn competentieprofielen opgesteld voor de nieuwe of meest veranderende rollen onder de Omgevingswet. Deze competentieprofielen zijn een nieuwe toevoeging aan de kwaliteitscriteria. De competentieprofielen zijn gebaseerd op die voor de implementatie van de Omgevingswet en zijn verder uitgewerkt. De insteek is dat de competentieprofielen en het bijbehorende stappenplan doorontwikkeld zullen worden aan de hand van ervaringen uit de praktijk. Competenties worden in de kwaliteitscriteria gedefinieerd als waarneembaar werkgedrag dat bijdraagt aan de kwaliteit van de uitvoering. De documenten benoemen zeven kerncompetenties: • • • • • • •

Omgevingsbewust Verbinden Bestuurlijke sensitiviteit Integraal (samen)werken Verantwoordelijkheid Oordeelsvorming Assertiviteit

Voor elk van de vijf rollen onder de Omgevingswet (casemanager, vergunningverlener, toezichthouder/handhaver, juridisch adviseur en specialistisch adviseur) is een competentieprofiel opgesteld waarin beschreven staat welke competenties voor die rol het belangrijkst zijn. De vijf belangrijkste competenties worden per rol beschreven in de documenten. De kwaliteitscriteria benadrukken dat competenties lastiger te meten zijn dan de inhoudelijke kwaliteitscriteria. Bovendien zeggen competenties primair iets over individuele medewerkers. Daarom is ervoor gekozen om de focus bij de beoordeling van competenties te leggen op organisatieniveau. De toelichting op de kwaliteitscriteria beschrijven een stappenplan om inzicht te krijgen in de competentieprofielen, met als doel de competenties te ontwikkelen en zo de kwaliteit van de uitvoering te verbeteren. Omdat de organisaties al de nodige stappen gezet hebben om kwaliteit te verbeteren en de krapte op de arbeidsmarkt het moeilijk maakt om goed personeel te vinden en te behouden, is gekozen voor een groeimodel met een positieve invulling: een lonkend perspectief voor de organisaties en de medewerkers. Aan de hand van een stappenplan wordt dit groeimodel geconcretiseerd. Het stappenplan "inzicht in competentieprofielen" bestaat uit drie stappen: 1.

Zelfevaluatie: In deze stap beoordeelt de organisatie waar zij staat ten aanzien van de competentieprofielen. Dit kan gedaan worden aan de hand van de hulpvragen in het stappenplan. De organisatie kan hierbij gebruik maken van verschillende bronnen, zoals personeelsdossiers, functioneringsgesprekken, evaluaties van projecten en teamgesprekken. Het is belangrijk om zowel naar "harde" bronnen als naar "zachte" bronnen te kijken. 2. Collegiale toetsing (optioneel): In deze stap kan de organisatie de zelfevaluatie bespreken met collega-organisaties. Dit kan helpen om de eigen beoordeling te toetsen en om van

17

elkaar te leren. Er zijn hulpvragen beschikbaar die als leidraad kunnen dienen voor het gesprek met collega-organisaties. 3. Conclusies en actieplan: Op basis van de zelfevaluatie en eventuele collegiale toetsing formuleert de organisatie concrete verbeterstappen en/of ambities in een actieplan voor de volgende periode. De beoordeling van de competentieprofielen vindt plaats op vijf niveaus: •

Niveau 1 (onvoldoende): De organisatie voldoet op cruciale onderdelen niet aan de beschrijving in het competentieprofiel. Belangrijke verbeteringen op meerdere gebieden zijn nodig.

•

Niveau 2 (verbetering nodig): De organisatie voldoet niet continu of niet op alle onderdelen aan de beschrijving in het competentieprofiel. Op een aantal gebieden zijn verbeteringen nodig.

•

Niveau 3 (voldoende): De organisatie voldoet aan de beschrijving in het competentieprofiel.

•

Niveau 4 (overtreft verwachtingen): De organisatie voldoet volledig aan de beschrijving in het competentieprofiel en overtreft op onderdelen de verwachtingen.

•

Niveau 5 (uitzonderlijk): De organisatie voldoet ruimschoots aan de beschrijving in het competentieprofiel en overtreft deze op meerdere onderdelen. De organisatie levert uitzonderlijke prestaties en overtreft de verwachtingen op meerdere onderdelen.

Het stappenplan is bedoeld om organisaties te helpen inzicht te krijgen in de competenties die nodig zijn om de taken onder de Omgevingswet goed uit te voeren. Door de competentieprofielen te gebruiken en te evalueren, kunnen organisaties hun teams ontwikkelen en de kwaliteit van de uitvoering verbeteren.

5.2 Resultaten

De hulpvragen van de kwaliteitscriteria zijn ingevuld met de teamleider Veiligheid en Leefomgeving.

Hulpvraag

Antwoorden profiel

We hebben 2 medewerkers die de rol van casemanager en tegelijkertijd de rol van vergunningverlener vervullen volgens de beschrijving van de competentieprofielen. Daarnaast vervullen 4 Hoeveel mensen vervullen een rol in het betreffende medewerkers de rol van juridisch adviseur. Alle competentieprofiel en hoe zijn zij georganiseerd medewerkers zijn werkzaam onder het team (beschrijf de situatie in jullie organisatie)? Veiligheid en Leefomgeving. De rollen van toezichthouder/handhaver en specialistisch adviseur worden vervuld door ketenpartners of externe marktpartijen. De organisatie werkt met Strategische Waar komt de organisatie vandaan m.b.t. de Personeelsmanagement (SPM) en de HR-21 profielen. ontwikkeling van de competenties in de Op dit moment staan de competenties voor alsnog competentieprofielen? Op welke wijze wordt gewerkt niet opgenomen in de aan het (beter) voldoen aan de competentieprofielen vacatures/functieomschrijvingen bij gemeente en daar aandacht aan besteed? Heemskerk. Over het algemeen voldoen de medewerkers aan de In welke mate voldoen medewerkers (samen) gestelde competenties en verwachtingen. Deze aantoonbaar aan het competentieprofiel? Wat beoordeling is uitgevoerd door de teamleider voldoet (nog niet)? Waaruit blijkt dit? Veiligheid & Leefomgeving.

18

Er vindt 2 jaarlijks een individueel gesprek plaats met de medewerker over waar haar/zijn opleidingsbehoefte en competentieontwikkeling ligt Op welke manier worden medewerkers ondersteund naar volledig eigen inzicht. Binnen de organisatie door de organisatie om (beter) te voldoen aan het wordt dit het HR-gesprek genoemd, begin van het jaar competentieprofiel? wordt dit een ontwikkelgesprek. Daarbij kijken de medewerker en leidinggevende samen naar de huidige (werk)situatie en wat er nog nodig is. Einde van het jaar vinden er resultaatgesprek plaats. Collega's met specifieke kennis springen bij. We streven naar een team waarin iedereen elkaars sterke punten benut. Ontwikkeling van competenties is essentieel om te voldoen aan de eisen van de Indien individuele medewerkers niet of onvoldoende Omgevingswet en te zorgen voor optimale voldoen, (hoe) wordt dit opgevangen/gecompenseerd dienstverlening. Sommige medewerkers excelleren door de rest van de organisatie? Hoe erg is het dat op bepaalde competenties en anderen hebben nog (nog) niet wordt voldaan aan het competentieprofiel? ontwikkeling nodig. Daarbij geeft de medewerker aan En in welke mate is dit verder te ontwikkelen? wat nodig is om de doelen (in overleg met de teamleider geformuleerd) te kunnen bereiken. De teamleider benoemt tijdig de verwachting van de betreffende medewerker.

Aantrekken en behouden van gekwalificeerd personeel in een krappe arbeidsmarkt, die ook voldoen aan de juiste competenties en vaardigheden Wat zijn nog uitdagingen ten aanzien van het is een uitdaging. Op inhoud kan in de toekomst altijd betreffende competentieprofiel (organisatie, team, worden bijgespijkerd. Bij aannamebeleid wordt dan medewerkers)? ook gekeken naar gedrag en houding van een toekomstig medewerker passend bij de competentieprofiel van de Omgevingswet gedachte. We zijn trots op het feit dat onze medewerkers werken conform onze kernwaarden: beweging, verschil Wat maakt je als organisatie trots, specifiek met maken en samen. Medewerkers voelen en nemen betrekking tot het betreffende competentieprofiel? verantwoordelijkheid in invulling geven aan het werk Wat zijn sterke punten? Wat kunnen andere en de uit te voeren taken. De interne afstemming met organisaties van je leren? andere teams vindt goed plaats, we hanteren korte lijnen met het bestuur en leggen de verantwoordelijkheid laag in de organisatie. Wat is de ambitie m.b.t. het betreffende In het jaarlijks gesprek de competenties bespreken en competentieprofiel? Waar wil de organisatie, het daarbij afspraken maken bijvoorbeeld over welke team en waar willen de medewerkers naartoe competenties nog ontwikkeld moeten worden.

groeien/in de komende periode aan werken? De eerste stap is om met deze nieuwe Welke zaken dienen aangepakt te worden voor het kwaliteitscriteria en competentieprofielen aandacht betreffende competentieprofiel? Waar heb je als te vragen binnen de organisatie. Op dit moment organisatie last van? Welke verbeteracties zijn nodig voldoen we als organisatie aan de meeste of wenselijk? competenties en bij invulling van de vacatures gaan we rekening houden met competenties die nodig zijn.

19

Om objectiviteit te verkrijgen in de beoordeling van competenties, hebben we de teamleider Veiligheid en Leefomgeving gevraagd om de individuele medewerkers tegen het licht van de competentieprofielen te houden. Op basis hiervan kan vervolgens een overzicht op organisatieniveau worden opgesteld. Dit levert het volgende beeld op:

totaaloverzicht per competentieprofiel casemanager

vergunningverlener

toezichthouder/handhaver

juridisch adviseur

specialistisch adviseur

voldoen 0

0,5

1

1,5

2

2,5

totaal aantal 3

3,5

4

4,5

5.3 Conclusie

De gemeente Heemskerk voldoet aan de competenties van de kwaliteitscriteria. Voor de toekomst geldt dat de competentieprofielen een plek krijgen in de beoordelingscyclus. De gemeente Heemskerk voldoet aan de competenties van de kwaliteitscriteria, daarmee scoren ze gemiddeld op de competentieschaal Niveau 3 (voldoet aan de verwachtingen): De organisatie voldoet in grote lijnen aan de beschrijving in het competentieprofiel. De organisatie voldoet gemiddeld genomen aan de gestelde verwachtingen maar er is nog serieuze verbetering nodig en gewenst.

20

6. Aanbevelingen Dit rapport biedt een overzicht van de huidige stand van zaken binnen de gemeente Heemskerk met betrekking tot de KC 3.0 en dient als basis voor het ontwikkelen van een plan om de kwaliteit van uitvoering en handhaving van het omgevingsrecht te waarborgen en te verbeteren. De gemeente Heemskerk voldoet gedeeltelijk aan de KC 3.0. Er zijn verbeterpunten geïdentificeerd op het gebied van deskundigheid, procesinrichting en competentieontwikkeling. Implementatie van de aanbevelingen is cruciaal om de kwaliteit van uitvoering en handhaving van het omgevingsrecht te waarborgen. Deze aanbevelingen zijn gericht op het versterken van de gemeentelijke organisatie in termen van deskundigheid, proceskwaliteit en competentieontwikkeling, zodat de gemeente Heemskerk voldoet aan de KC 3.0. Hieronder volgen aanbevelingen voor de onderdelen B (Kritieke massa), C (Procescriteria) en D (Competenties):

Onderdeel B: Kritieke massa 1. Stel een nieuwe verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht vast De huidige verordening is verouderd en dient zo spoedig mogelijk te worden aangepast aan de huidige wet- en regelgeving. 2. Stel een ‘Motiveringstekst’ op voor niet-gehaalde criteria Motiveer formeel waarom bepaalde deskundigheden (met name Cultuurhistorie) niet volledig aan alle kwaliteitscriteria eisen voldoen en geef aan hoe de kwaliteit wel in de organisatie is gewaarborgd. 3. Implementeer de jaarlijkse leveranciersborging Vraag jaarlijks een verklaring van externe partijen zoals de ODIJ en Veiligheidsregio om te bevestigen dat zij voldoen aan de kwaliteitscriteria.

21

Onderdeel C: Procescriteria 4. Stel de LHSO vast 5. Implementeer een benchmarking systeem Vergelijk de processen voor vergunningverlening, toezicht en handhaving met buurgemeenten. Dit zorgt voor inzicht in verbeterpunten en best practices. 6. Organiseer periodieke evaluaties met externe partners Betrek externe partners, zoals de ODIJ en Veiligheidsregio, bij de evaluatie van de VTHprocessen voor betere samenwerking en borging en realiseer afstemming.

Onderdeel D: Competenties 7. Bespreek de competenties met de betrokken medewerkers: Bespreek in de jaargesprekken de competentieprofielen en maak daarbij afspraken welke competenties nog ontwikkeld moeten worden.

Bijlagen •

Bijlage 1: Verdiepingsoverzicht medewerkers en fte schema

•

Bijlage 2: Checklist procescriteria en wettelijke grondslagen

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16638186/1