Bijlage 1. Transitieplan Re-integratie dienstverlening IJmond Werkt! en gemeenten
Tekst van het document
TRANSITIEPLAN Herontwerp re-integratiedienstverlening IJmond Werkt! Gemeenten Beverwijk, Heemskerk en Velsen, GR IJmond Werkt!
Datum: Mei ‘26
Inhoudsopgave 1.
2.
Bestuurlijke samenvatting en leeswijzer ................................................................... 4 1.1
Aanleiding ........................................................................................................ 4
1.2
Het gevraagde besluit ....................................................................................... 4
1.3
Proces om te komen tot het transitieplan .......................................................... 5
1.4
Het herontwerp re-integratiedienstverlening op hoofdlijnen ............................... 6
1.5
Belangrijkste risico’s en beheersmaatregelen .................................................... 6
1.6
Financiële gevolgen op hoofdlijnen ................................................................... 6
1.7
Leeswijzer ........................................................................................................ 7
1.8
Begrippen en afkortingen .................................................................................. 7
Inleiding en context ................................................................................................. 9 2.1
Inleiding ........................................................................................................... 9
2.2
Toetsingskader: amendement en aandachtspunten raden ............................... 10
2.3
Afbakening transitieplan ................................................................................. 11
2.4
Relevante landelijke en IJmondiale ontwikkelingen .......................................... 11
2.4.1 Landelijk: herstructurering sociale ontwikkelbedrijven.................................... 11 2.4.2 Landelijk: Participatiewet in balans................................................................ 12 2.4.3 IJmondiaal: Werkcentrum Zuid-Kennemerland en IJmond ............................... 13 3.
4.
5.
Kerncijfers herontwerp re-integratiedienstverlening ................................................ 14 3.1
Aantallen huidige dienstverlening IJmond Werkt! en gemeenten ....................... 14
3.2
Aantallen inwoners, uitkeringen en trajecten ................................................... 16
3.3
Personele impact van het herontwerp ............................................................. 17
Herontwerp re-integratiedienstverlening gemeenten en IJmond Werkt! .................... 18 4.1
Doelstellingen herontwerp op hoofdlijnen ....................................................... 18
4.2
Dienstverlening gemeente Beverwijk na herontwerp ........................................ 18
4.3
Dienstverlening gemeente Heemskerk na herontwerp ..................................... 22
4.4
Dienstverlening gemeente Velsen na herontwerp ............................................ 24
4.5
Dienstverlening IJmond Werkt! na herontwerp ................................................. 26
4.6
IJmondiale en regionale samenwerking gemeenten en IJmond Werkt! ............... 28
Gevolgen personeel en organisatie ........................................................................ 29 5.1
Uitgangspunten voor een zorgvuldige transitie ................................................. 29
5.2
Personeel en organisatie IJmond Werkt! .......................................................... 30
2
5.2.1
Personele gevolgen ................................................................................. 30
5.2.2
Organisatorische gevolgen voor IJmond Werkt! na personele wijzigingen ... 34
5.2.3
Aansturing en governance ....................................................................... 34
5.2.4
Nadere uitwerking in implementatieplannen ............................................ 34
5.3
5.3.1
Personeel en organisatie Beverwijk .......................................................... 35
5.3.2
Personeel en organisatie Heemskerk ....................................................... 36
5.3.3
Personeel en organisatie Velsen .............................................................. 36
5.4
6.
Personeel en organisatie gemeenten............................................................... 35
Toekomstperspectief IJmond Werkt! ............................................................... 37
5.4.1
Toekomstbestendigheid IJmond Werkt! .................................................... 37
5.4.2
Rol IJmond Werkt! na de transitie van het herontwerp ............................... 39
Financiën .............................................................................................................. 40 6.1
Samenvatting financiële gevolgen ................................................................... 40
6.2
Structurele kosten herontwerp - Meerjarige doorrekening ................................ 42
6.3
Incidentele frictiekosten ................................................................................. 44
6.4
Onafhankelijke toetsing door Berenschot ........................................................ 46
Managementsamenvatting eindrapport Berenschot....................................................... 46 7.
Risico’s en beheersmaatregelen ............................................................................ 48 7.1
Inleiding ......................................................................................................... 48
7.2
Risicomatrix ................................................................................................... 48
8.
Conclusie en blik vooruit ....................................................................................... 52
9.
Bijlagen ................................................................................................................ 55 1.
(Tijdelijke) extra financiering vanuit het rijk. ......................................................... 55
2.
Eindrapportage Berenschot IJmond Werkt! ......................................................... 55
3.
Rapport Regionale probleemanalyse (februari 2024) ........................................... 55
4.
Rapport herontwerp dienstverlening Participatiewet (februari 2025) .................... 55
Bijlage 1. ...................................................................................................................... 56
3
1. Bestuurlijke samenvatting en leeswijzer 1.1 Aanleiding In de zomer van 2025 hebben de gemeenteraden van Beverwijk, Heemskerk en Velsen besloten1 om scenario 2 voor het herontwerp van de re-integratiedienstverlening verder uit te werken in een transitieplan. Daarmee hebben de raden gekozen voor een koers waarin de gemeenten de re-integratiedienstverlening in beginsel lokaal organiseren en regionaal samenwerken waar dit meerwaarde heeft. De raden hebben daarbij gevraagd om een plan waarin de gevolgen voor personeel, organisatie en financiën inzichtelijk worden gemaakt. Aan dit besluit ligt ten grondslag dat uit de probleemanalyse en het eindrapport ‘Herontwerp dienstverlening Participatiewet’ blijkt dat de huidige inrichting van de dienstverlening onvoldoende aansluit op de opgave. Veel inwoners hebben te maken met problematiek op meerdere leefgebieden, terwijl trajecten naar werk meer maatwerk en meer samenhang met andere vormen van ondersteuning vragen. Tegelijk is vastgesteld dat de huidige werkwijze financieel niet toekomstbestendig is. Dit transitieplan werkt deze bestuurlijke opdracht uit. Daarbij is voor Heemskerk aanvullend van belang dat de raad via amendement heeft gevraagd om bij de verdere uitwerking van scenario 2 ook varianten binnen dit scenario te betrekken en de raad tussentijds mee te nemen in de voortgang.
Het plan beschrijft op hoofdlijnen hoe de dienstverlening na het herontwerp wordt ingericht en wat dit betekent voor inwoners, medewerkers van IJmond Werkt!, de gemeentelijke organisaties en de financiën. De nadere uitwerking van de uitvoering volgt na besluitvorming in de implementatiefase. 1.2 Het gevraagde besluit De colleges stellen uw raden voor het transitieplan vast te stellen. Dit besluit heeft gevolgen voor de organisatie, het personeel en de financiën van zowel IJmond Werkt! als de gemeenten Beverwijk, Heemskerk en Velsen. Vaststelling van het transitieplan betekent voor gemeenten en IJmond Werkt! het volgende: -
De organisatie van IJmond Werkt! wordt aangepast in verband met de overdracht van re-integratieactiviteiten naar de drie gemeenten;
-
Gemeenten nemen personeel over van IJmond Werkt!;
-
Bij IJmond Werkt! en de gemeenten ontstaan personele en materiële frictiekosten;
1
In Heemskerk is bij het raadsbesluit een amendement aangenomen, waarin aandacht wordt gevraagd voor een brede scenario verkenning, IJmondiale samenwerking blijven behouden waar dat logisch is en oog voor de toekomstbestendigheid van IJmond Werkt!.
4
-
De gemeentelijke bijdrage aan IJmond Werkt! wordt lager. IJmond Werkt! verwerkt deze lagere bijdrage en de frictiekosten in de herziene begroting 2027–2031, die op een later moment voor een zienswijze aan uw raad wordt voorgelegd;
-
De lagere bijdrage aan IJmond Werkt! en de frictiekosten worden verwerkt in de gemeentelijke begrotingen 2027–2031;
-
Aan de gemeentelijke teams worden fte’s toegevoegd. Deze kosten worden gedekt uit de lagere bijdrage aan IJmond Werkt!;
-
Aan de gemeentelijke begrotingen 2027–2031 wordt budget toegevoegd voor materiële re-integratiekosten, waaronder trajecten voor inwoners. Ook deze kosten worden gedekt uit de lagere bijdrage aan IJmond Werkt!.
Ter duiding en specificering zijn enkele bedragen en aantallen opgenomen in dit plan. Waar nodig wordt dit verder per gemeente afzonderlijk uitgewerkt in de (college- en) raadsvoorstellen. 1.3 Proces om te komen tot het transitieplan Na het besluit van de drie gemeenteraden in de zomer van 2025 om scenario 2 verder uit te werken, hebben gemeenten en IJmond Werkt! eerst verkend wat deze koers betekent en welke onderwerpen in het transitieplan moeten worden uitgewerkt. In die fase is de basis gelegd voor de aanpak, de indeling van het plan en de projectstructuur. Vervolgens is het transitieplan stapsgewijs opgebouwd, zodat dienstverlening, personeel, organisatie, financiën en randvoorwaarden in samenhang konden worden uitgewerkt. Gemeenten en IJmond Werkt! hebben het transitieplan gezamenlijk voorbereid. IJmond Werkt! leverde de feitelijke input over personeel, organisatie en financiën. De gemeenten werkten uit hoe zij de dienstverlening lokaal willen organiseren en op welke onderdelen regionale samenwerking nodig blijft. In project- en werkgroepen zijn deze onderdelen verder uitgewerkt en onderling afgestemd. In het proces is bewust tijd genomen om keuzes zorgvuldig uit te werken.
Waar dat nodig was, is aanvullende expertise betrokken, onder meer voor juridische vraagstukken rond de rechtspositie van medewerkers en voor een onafhankelijke toetsing van de financiële doorrekening. Zo is toegewerkt naar een plan waarin de gevolgen van het herontwerp samenhangend en zorgvuldig in beeld zijn gebracht. Het concept-transitieplan is besproken in de ambtelijke kerngroep en vervolgens voorgelegd aan de bestuurlijke stuurgroep. Op die manier zijn de uitkomsten van de gezamenlijke uitwerking gewogen voordat het plan aan de raden wordt voorgelegd.
5
1.4 Het herontwerp re-integratiedienstverlening op hoofdlijnen Met het herontwerp verschuift de basis van de re-integratiedienstverlening van IJmond Werkt! naar de drie gemeenten. De gemeenten organiseren deze dienstverlening voortaan in beginsel lokaal, in samenhang met werk, inkomen en ondersteuning in het sociaal domein. Regionale samenwerking blijft bestaan op onderdelen waar schaal, continuïteit of specialistische expertise van meerwaarde zijn. Voor IJmond Werkt! betekent dit een gerichtere afgebakende rol. De organisatie blijft verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening, het werkgeverschap voor Beschut Werk en een beperkt aantal regionale onderdelen van de reintegratiedienstverlening. Daarmee verandert niet alleen de inrichting van de dienstverlening, maar ook de organisatie, de personele inzet en de financiële basis van zowel IJmond Werkt! als de drie gemeenten. 1.5 Belangrijkste risico’s en beheersmaatregelen Aan deze transitie zijn risico’s verbonden. Het zwaartepunt ligt in de fase na het richtinggevende besluit voor scenario 2 en vóór het definitieve besluit over dit transitieplan. In deze periode is op hoofdlijnen al duidelijk welke veranderingen worden voorbereid, terwijl de formele besluitvorming over de personele, organisatorische en financiële uitwerking nog moet volgen.
Daardoor moeten gemeenten en IJmond Werkt! al wel toewerken naar de nieuwe situatie, terwijl nog niet alles definitief kan worden vastgelegd of verwerkt. De gevolgen van de gekozen koers zijn in deze fase al merkbaar voor personeel, organisatie en dienstverlening. De belangrijkste risico’s hebben betrekking op personeel, continuïteit van dienstverlening, uitvoeringskracht, governance en financiële uitwerking. Deze risico’s zijn in beeld gebracht en voorzien van beheersmaatregelen. De kern daarvan is: tijdige duidelijkheid voor medewerkers, zorgvuldige overdracht van dienstverlening, scherpe sturing op de implementatie en tijdige uitwerking van bestuurlijke, organisatorische en financiële afspraken. 1.6 Financiële gevolgen op hoofdlijnen Hoofdstuk 6 beschrijft de financiële gevolgen van het herontwerp. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen incidentele frictiekosten van de overgang en de structurele effecten van de nieuwe inrichting. De totale incidentele lasten en frictiekosten bedragen naar verwachting € 1,088 miljoen. Daarvan is € 272 duizend al verantwoord in 2025, € 710 duizend wordt in 2026 verantwoord en € 106 duizend hangt samen met frictiekosten in 2027. De structurele doorrekening laat zien dat de gemeentelijke bijdrage aan IJmond Werkt! in 2027 per saldo € 3,638 miljoen lager uitkomt dan in de meerjarenraming 2027 uit de vastgestelde begroting 2026.
Die verschuiving ontstaat doordat de bijdrage voor de 6
overgaande Participatiewet-trajecten vervalt, terwijl binnen het overblijvende deel van IJmond Werkt! lasten anders worden verdeeld, onder meer door gewijzigde overheadtoerekening en uitgaven voor toekomstbestendigheid. Een deel van de financiële beweging hangt rechtstreeks samen met het herontwerp. Een ander deel betreft uitgaven aan een toekomstbestendig IJmond Werkt! op de middellange termijn. Daarom is onderscheid gemaakt tussen directe transitiegevolgen en bredere keuzes over de toekomstige inrichting van het sociaal ontwikkelbedrijf. De frictiekosten en de meerjarige doorrekening zijn onafhankelijk getoetst door Berenschot. 1.7 Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de aanleiding, context en afbakening van het transitieplan. Hoofdstuk 3 bevat de kerncijfers over de huidige dienstverlening, doelgroepen en personele overgang. Hoofdstuk 4 werkt het herontwerp van de dienstverlening uit voor de drie gemeenten, IJmond Werkt! en de regionale samenwerking. Hoofdstuk 5 beschrijft de gevolgen voor personeel en organisatie van IJmond Werkt! en de gemeenten. Hoofdstuk 6 gaat in op de financiële gevolgen, waaronder de meerjarige doorrekening, de frictiekosten en de onafhankelijke toetsing door Berenschot. Hoofdstuk 7 beschrijft de belangrijkste risico’s en de maatregelen om deze te beheersen. Hoofdstuk 8 bevat een conclusie van het transitieplan en een eerste blik vooruit.
1.8 Begrippen en afkortingen Begrip / afkorting
Betekenis
IJmond Werkt!
Gemeenschappelijke regeling van Beverwijk, Heemskerk en Velsen voor onder meer de uitvoering van de Wsw, Beschut Werk en onderdelen van de reintegratiedienstverlening.
Participatiewet
Wet die gemeenten verantwoordelijk maakt voor inkomensondersteuning, participatie en begeleiding naar werk van inwoners die daarbij ondersteuning nodig hebben.
Scenario 2
De door de raden gekozen koers waarbij gemeenten de reintegratiedienstverlening in beginsel lokaal organiseren en regionaal samenwerken waar dat meerwaarde heeft.
Reintegratiedienstverlening
Ondersteuning die is gericht op participatie, ontwikkeling en, waar mogelijk, uitstroom naar betaald werk.
Participatieladder
Indeling die aangeeft in welke mate iemand participeert in de samenleving of op weg is naar werk.
7
Begrip / afkorting
Betekenis
Trede 1 en 2
Inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt, voor wie de nadruk meestal ligt op activering, stabilisatie en maatschappelijke participatie.
Trede 3 t/m 6
Inwoners met een, naar verwachting, overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt, voor wie re-integratiedienstverlening richting werk of ontwikkeling wordt ingezet.
Traject
Een specifieke training of ontwikkeltraject gericht op het vergroten van bepaalde (persoonlijke) vaardigheden en competenties ter vergroting van de zelfredzaamheid en (arbeids)participatiemogelijkheden. Vaak aangeboden door een organisatie die hier speciaal voor is ingericht zoals IJmond Werkt! of andere aanbieders.
Begeleiding
Het zijn opgenomen in een caseload, ofwel bij de gemeente of IJmond Werkt!, waarbij vaak een eerste intake en uitvraag naar de zorg- en ondersteuningsbehoefte is gedaan. Vaak als voorloper op deelname aan een traject. Als een inwoner begeleid wordt, kunnen er op uiteenlopende momenten gesprekken plaatsvinden over de stand van zaken en voortgang.
Sociaal ontwikkelbedrijf
Organisatie die werk, begeleiding en ontwikkeling biedt aan mensen met een arbeidsbeperking of een grotere afstand tot de arbeidsmarkt, zoals IJmond Werkt!
Wsw
Wet sociale werkvoorziening. Regeling voor mensen die vóór 2015 een Wswindicatie kregen. Nieuwe instroom is sinds 2015 gesloten.
Beschut Werk
Voorziening voor inwoners die door een beperking alleen in een beschutte en aangepaste werkomgeving kunnen werken.
Banenafspraak
Landelijke afspraak om extra banen te realiseren voor mensen met een arbeidsbeperking.
LKS
Loonkostensubsidie. Financiële compensatie voor werkgevers als een werknemer door een beperking niet zelfstandig het minimumloon kan verdienen. Deze wordt verstrekt door de gemeente.
Werkcentrum ZuidKennemerland en IJmond
Regionaal samenwerkingsverband voor ondersteuning, advies en informatie over werk, scholing, loopbaanvragen en arbeidsmarktvraagstukken voor inwoners en werkgevers.
2e schil
Deel van de dienstverlening dat na het herontwerp bij IJmond Werkt! blijft en dat gemeenten, als zij dat wensen, kunnen afnemen.
Wovo
Wet overgang van onderneming. Regelt dat werknemers onder voorwaarden met behoud van rechten overgaan naar een nieuwe werkgever.
8
Begrip / afkorting
Betekenis
Frictiekosten
Incidentele kosten die samenhangen met de overgang naar de nieuwe situatie, zoals tijdelijke personele, organisatorische en huisvestingskosten.
MJD
Meerjarige doorrekening. Financiële vergelijking tussen de bestaande meerjarenraming en de beoogde situatie na het herontwerp.
DVO
Dienstverleningsovereenkomst. Afspraken tussen gemeenten en IJmond Werkt! over inhoud, prestaties en bekostiging van dienstverlening.
Governance
De manier waarop verantwoordelijkheden, sturing, mandaten en besluitvorming bestuurlijk en organisatorisch zijn geregeld.
Implementatiefase
Fase na besluitvorming waarin de gemaakte keuzes verder worden uitgewerkt en ingevoerd.
Implementatieplan
Plan waarin per gemeente en voor IJmond Werkt! wordt uitgewerkt hoe de nieuwe inrichting feitelijk wordt ingevoerd.
2. Inleiding en context 2.1 Inleiding In dit transitieplan werken de gemeenten Beverwijk, Heemskerk en Velsen scenario 2 uit: in beginsel lokaal, regionaal waar nodig. De re-integratiedienstverlening wordt daarmee dichter bij de inwoner georganiseerd, in samenhang met werk, inkomen en ondersteuning in het sociaal domein. Regionale samenwerking blijft bestaan op onderdelen waar schaal, continuïteit of specialistische expertise meerwaarde hebben. Dit plan maakt inzichtelijk wat deze koers betekent voor inwoners, medewerkers, IJmond Werkt!, de gemeentelijke organisaties en de financiële gevolgen. Aanleiding voor deze koers is dat de huidige inrichting van de re-integratiedienstverlening steeds minder goed aansluit op de opgave. Uit de IJmondiale probleemanalyse en het herontwerp (zie bijlage 4) blijkt dat veel inwoners te maken hebben met problematiek op meerdere leefgebieden. Trajecten naar werk vragen daardoor meer maatwerk en meer verbinding met andere vormen van ondersteuning, zoals bij schulden, gezondheid, gezin en bestaanszekerheid. Tegelijk staat de uitvoering financieel onder druk. De huidige werkwijze biedt daardoor onvoldoende samenhang en flexibiliteit voor de komende jaren. De drie gemeenteraden hebben in de zomer van 2025 besloten scenario 2 verder uit te werken in een transitieplan. Daarbij hebben de raden aandachtspunten meegegeven die in dit plan zijn verwerkt.
Voor Beverwijk, Heemskerk en Velsen gaat het onder meer om de robuustheid van het achterblijvende deel van IJmond Werkt!, de positie van medewerkers, de continuïteit van dienstverlening aan inwoners tijdens de transitie, de meerjarige
9
financiële gevolgen en het belang van een herkenbaar loket voor werkgevers. Voor Heemskerk geldt daarnaast dat via amendement is gevraagd om bij de verdere uitwerking ook varianten binnen scenario 2 te betrekken en de raad tussentijds mee te nemen in de voortgang. De raden zijn hierover onder meer geïnformeerd via een IJmondiale radenbijeenkomst en tussentijdse informatieberichten. Het transitieplan heeft twee doelen. Ten eerste beschrijft het op hoofdlijnen de beoogde inrichting van de re-integratiedienstverlening in de drie gemeenten. Ten tweede maakt het zichtbaar wat deze koers betekent voor IJmond Werkt! als gemeenschappelijke regeling, inclusief de personele, organisatorische en financiële gevolgen. Daarmee biedt het plan de basis voor besluitvorming door de raden. De nadere uitwerking van processen, systemen en implementatiestappen volgt in de implementatiefase en -plannen per gemeente. Bij de uitwerking staat zorgvuldigheid centraal, in het bijzonder voor de medewerkers van IJmond Werkt! die door deze keuze worden geraakt. Voor medewerkers van IJmond Werkt! die overgaan naar de gemeenten is de Wet overgang van onderneming (Wovo) van toepassing. Uitgangspunt is dat de rechtspositie van medewerkers zorgvuldig wordt behandeld en dat de ondernemingsraden daarbij betrokken blijven. De financiële uitwerking maakt integraal onderdeel uit van dit transitieplan.
Het gaat daarbij om de frictiekosten van de overgang en om de meerjarige structurele gevolgen van de nieuwe inrichting. De onafhankelijke toetsing door Berenschot is afgerond. Omdat de raden nog moeten besluiten, verwerkt IJmond Werkt! de gevolgen van het transitieplan niet in de primaire begroting 2027. Na besluitvorming volgt een herziene begroting. Beoogd besluitmoment voor de raden is juni 2026. Daarna volgt de implementatiefase. De beoogde voltooiing van de implementatie is 1 januari 2027. Dit transitieplan vormt daarmee de schakel tussen de eerdere keuze voor scenario 2 en de uitvoering daarvan. 2.2 Toetsingskader: amendement en aandachtspunten raden Zoals hierboven omschreven, hebben de raden bij hun besluit voor scenario 2 aandachtspunten meegegeven die richtinggevend zijn voor dit transitieplan. Voor Heemskerk geldt daarnaast dat de raad op 7 juli 2025 een amendement heeft aangenomen. Daarin is gevraagd om bij de uitwerking van scenario 2 ook varianten van de andere scenario’s te betrekken en de raad in het derde en vierde kwartaal actief mee te nemen in de verdere uitwerking. De aandachtspunten van de raden zijn op hoofdlijnen te bundelen in vier punten. In de eerste plaats moet het transitieplan duidelijkheid geven over de gevolgen voor organisatie, personeel en financiën.
Daarbij is nadrukkelijk gevraagd om inzicht in de meerjarige financiële effecten, de frictiekosten en de robuustheid van het overblijvende deel van IJmond Werkt!. In de tweede plaats moet de transitie zorgvuldig zijn voor inwoners en medewerkers. De continuïteit van dienstverlening moet tijdens de overgang geborgd 10
blijven en voor medewerkers moet tijdig duidelijkheid ontstaan over hun positie. In de derde plaats blijft regionale samenwerking van belang waar deze inhoudelijk, organisatorisch of financieel meerwaarde heeft. Dat geldt onder meer voor onderdelen van de sociale infrastructuur, werkgeversdienstverlening en andere vormen van situationele samenwerking. In de vierde plaats hebben de raden gevraagd om een zorgvuldig en navolgbaar proces, met actieve betrokkenheid van de raden en transparante communicatie richting medewerkers en medezeggenschap. Deze aandachtspunten vormen het bestuurlijke toetsingskader voor dit transitieplan. In de verdere uitwerking is daarom steeds getoetst of het plan voldoende duidelijk maakt wat verandert, welke onderdelen lokaal worden georganiseerd, welke samenwerking regionaal behouden blijft en wat dit betekent voor inwoners, medewerkers, organisatie en financiën. Daarbij is steeds bezien of de voorgestelde uitwerking past binnen scenario 2: in beginsel lokaal, regionaal waar nodig. 2.3 Afbakening transitieplan Dit transitieplan gaat over de gevolgen van het overnemen van de reintegratiedienstverlening van IJmond Werkt! door de gemeenten voor inwoners met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt, dat wil zeggen inwoners op trede 3 tot en met 6 van de participatieladder.
Dit betekent dat de landelijke ontwikkelingen rond de Wsw en het Beschut Werk buiten de scope van dit transitieplan vallen. Voor de context van deze ontwikkelingen wordt verwezen naar paragraaf 2.4.1. Na de ontvlechting van de re-integratiedienstverlening gaan gemeenten en IJmond Werkt! hierover in 2027 verder in gesprek. 2.4 Relevante landelijke en IJmondiale ontwikkelingen Bij het herontwerp van de re-integratiedienstverlening spelen ook bredere ontwikkelingen een rol. Het gaat onder meer om de herstructurering van sociaal ontwikkelbedrijven, de Participatiewet in balans en de ontwikkeling van het Werkcentrum Zuid-Kennemerland en IJmond. Deze ontwikkelingen zijn van invloed op de context waarbinnen gemeenten en IJmond Werkt! hun dienstverlening opnieuw vormgeven. In dit transitieplan worden deze ontwikkelingen daarom kort geduid. Een nadere inhoudelijke uitwerking valt buiten de scope van dit plan en krijgt, waar nodig, een plaats in de implementatiefase. 2.4.1 Landelijk: herstructurering sociale ontwikkelbedrijven De herstructurering van sociale ontwikkelbedrijven (voorheen aangeduid als SW-bedrijven) is gericht op het toekomstbestendig maken van de begeleiding en werkgelegenheid voor mensen met een arbeidsbeperking. De nadruk verschuift van interne productie naar ontwikkeling, begeleiding en plaatsing bij reguliere werkgevers.
11
Doel van de herstructurering is het creëren van een duurzame sociale infrastructuur waarin mensen met een arbeidsbeperking passend werk vinden, hetzij intern, hetzij bij een reguliere werkgever (beschut of ondersteund werk). Vanaf 2025 investeert het Rijk structureel in sociaal ontwikkelbedrijven via een impulsbudget voor gemeenten om de infrastructuur te versterken. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het inrichten van deze bedrijven en het waarborgen van de werkplekken. Dit wordt ondersteund door handreikingen van het Rijk en Divosa over de versterking van de sociale infrastructuur. In bijlage 1, (Tijdelijke) extra financiering vanuit het Rijk, is hierover aanvullende informatie opgenomen. 2.4.2 Landelijk: Participatiewet in balans De wetswijziging Participatiewet in balans is ontstaan vanuit de brede maatschappelijke en bestuurlijke erkenning dat de oorspronkelijke Participatiewet, hoewel bedoeld om participatie en zelfredzaamheid te bevorderen, in de praktijk vaak te rigide en bestraffend uitpakte. Voor mensen in de bijstand leidde dit regelmatig tot onzekerheid, stress en een opeenstapeling van problemen, juist bij degenen die al te maken hebben met complexe en meervoudige problematiek.
De wet bleek onvoldoende aan te sluiten bij de realiteit van het dagelijks leven van mensen die niet alleen kampen met werkloosheid, maar ook met schulden, gezondheidsproblemen, beperkte vaardigheden, zorgverantwoordelijkheden of psychosociale kwetsbaarheden. Met Participatiewet in balans is gekozen voor een fundamentele koerswijziging. Van wantrouwen naar vertrouwen, en van uniforme regels naar meer ruimte voor maatwerk. De wetswijziging beoogt de balans te herstellen tussen verplichtingen en ondersteuning. Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om af te stemmen op de persoonlijke situatie van de bijstandsgerechtigde, waarbij het uitgangspunt is dat bestaanszekerheid en menswaardigheid voorwaarden zijn voor duurzame participatie. Juist voor mensen met multiproblematiek biedt de wetswijziging belangrijke aanknopingspunten. Door meer ruimte te creëren voor maatwerk kunnen gemeenten beter rekening houden met samenloop van problemen. Zo kan de focus tijdelijk verschuiven van directe arbeidsinschakeling naar stabilisatie op andere leefgebieden, zoals gezondheid of zorg. Deze integrale benadering sluit aan bij de realiteit dat participatie niet los kan worden gezien van bestaanszekerheid en welzijn. Daarnaast vermindert Participatiewet in balans de druk die ontstaat door strikte handhaving en zware sancties.
Het versoepelen van regels rondom inlichtingenverplichtingen en het terugdringen van disproportionele sancties helpt om stress en angst te verminderen. Dit creëert ruimte voor vertrouwen en samenwerking tussen inwoner en professional, wat essentieel is bij het begeleiden van mensen met complexe problematiek. De nadruk verschuift daarmee van controle en correctie naar ondersteuning, ontwikkeling en perspectief. 12
Professionals krijgen meer handelingsruimte om samen met de inwoner te kijken wat nodig is en in welk tempo stappen richting participatie haalbaar zijn. Dit versterkt de verbinding tussen inkomensondersteuning, schuldhulpverlening, zorg en activering, en draagt bij aan het doorbreken van problematische patronen en een volwaardige deelname aan de samenleving. De gemeenten nemen de uitgangspunten van de Participatiewet in balans mee bij de inrichting van de re-integratiedienstverlening voor de inwoners die overkomen van IJmond Werkt! en voor de inwoners die de gemeenten nu al ondersteunen. 2.4.3 IJmondiaal: Werkcentrum Zuid-Kennemerland en IJmond Het Werkcentrum Zuid-Kennemerland en IJmond is een regionaal samenwerkingsverband voor inwoners en werkgevers op het gebied van werk, scholing, loopbaanvragen en personeels- en arbeidsmarktgerelateerde vraagstukken. Met ingang van 1 januari 2026 maakt het Werkgeversservicepunt onderdeel uit van het Werkcentrum. De volgende partijen maken deel van uit van het Werkcentrum: -
De gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Heemskerk, Heemstede, Velsen en Zandvoort; UWV; Sociaal ontwikkelbedrijven Spaarne Werkt en IJmond Werkt!; Nova College; Hogeschool Inholland; Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven; Werkgeversorganisaties VNO-NCW West en AWVN; Werknemersorganisaties FNV en CNV.
In de implementatiefase borgen gemeenten en IJmond Werkt! dat de dienstverlening van het Werkcentrum goed aansluit op de gemeentelijke re-integratiedienstverlening. Daarbij blijft voor werkgevers in de IJmond een herkenbare ingang bestaan. Ook is er specifieke aandacht voor niet-uitkeringsgerechtigden met een indicatie banenafspraak. Dit betreft inwoners van wie het UWV heeft vastgesteld dat zij bij een reguliere werkgever kunnen werken, maar niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen. Binnen deze groep bestaan verschillen. Een deel kan direct worden bemiddeld naar een garantiebaan. Voor een ander deel kan eerst een ontwikkeltraject nodig zijn, bijvoorbeeld in de vorm van een tijdelijk dienstverband bij IJmond Werkt!, gericht op ontwikkeling richting een garantiebaan bij een reguliere werkgever. Werkgevers kunnen voor deze werknemers loonkostensubsidie van de gemeente ontvangen als compensatie voor de lagere loonwaarde. Ook kan voor begeleiding op de werkplek een jobcoach worden ingezet.
13
3. Kerncijfers herontwerp re-integratiedienstverlening 3.1 Aantallen huidige dienstverlening IJmond Werkt! en gemeenten Re-integratie Participatiewet Deze cijfers betreffen de trajecten die IJmond Werkt! in het kader van de reintegratiedienstverlening voor de drie gemeenten uitvoert. Totaal aantal trajecten bij IJmond Werkt! in 2025 IJmond Werkt! heeft in 2025 in totaal 1.215 inwoners in traject of begeleiding, dan wel in traject of begeleiding gehad. Deze trajecten bestaan uit re-integratietrajecten Participatiewet en jobcoachtrajecten voor inwoners met een indicatie banenafspraak (doelgroepregister, zie paragraaf 2.4.3). Op peildatum 31 december 2025 nemen er 498 inwoners deel aan een re-integratietraject bij IJmond Werkt! en ontvangen 115 inwoners jobcoaching via IJmond Werkt!. Deze aantallen fluctueren gedurende het jaar door nieuwe instroom en uitstroom, maar geven het gemiddelde aantal deelnemers op enig moment goed weer. Re-integratietrajecten IJmond Werkt! – Alle gemeenten Trajecten 2025 IJmond Werkt! Beginstand 1-1-2025 Instroom Uitstroom Eindstand 31-12-2025
Re-integratietrajecten Participatiewet 633 435 570 498
Trajecten jobcoaching
Totaal
86 61 32 115
719 496 602 613
Trajecten jobcoaching
Totaal
147
1215
Totaal aantal trajecten – Alle gemeenten Totaal trajecten 2025 cumulatief totaal Deelnemers totaal ‘25
Re-integratietrajecten Participatiewet 1068
Re-integratietrajecten per gemeente Overzicht van aantallen trajecten per gemeente in 2025. Aantal trajecten in 2025 voor gemeente Beverwijk Trajecten Beverwijk
Re-integratietrajecten
Totaal
213
Trajecten jobcoaching 21
Beginstand 1-1-2025 Instroom
139
17
156
Uitstroom
177
5
182
Eindstand 31-12-2025
175
33
208
234
14
Totaal trajecten 2025 cumulatief Beverwijk
Re-integratietrajecten
Trajecten jobcoaching
Totaal
Deelnemers totaal ‘25
352
38
390
Totaal
Aantal trajecten in 2025 voor gemeente Heemskerk Trajecten Heemskerk
Re-integratietrajecten
Beginstand 1-1-2025
171
Trajecten jobcoaching 23
Instroom
79
21
100
Uitstroom
146
10
156
Eindstand 31-12-2025
104
34
138
Totaal trajecten 2025 cumulatief Heemskerk
Re-integratietrajecten
Trajecten jobcoaching
Totaal
Deelnemers totaal ‘25
250
44
294
Totaal
194
Aantal trajecten in 2025 voor gemeente Velsen Trajecten Velsen
Re-integratietrajecten
Beginstand 1-1-2025
249
Trajecten jobcoaching 42
Instroom
217
23
240
Uitstroom
247
17
264
Eindstand 31-12-2025
219
48
267
Totaal trajecten 2025 cumulatief Velsen
Re-integratietrajecten
Trajecten jobcoaching
Totaal
Deelnemers totaal ‘25
466
65
531
291
Overige aantallen per doelgroep waarvoor IJmond Werkt! dienstverlening blijft uitvoeren Wsw – Wet sociale werkvoorziening Gemeente Sww
Swu
Totaal
Beverwijk
109
109
Heemskerk
97
97
Velsen
123
123
Uitgeest Totaal
329
22
22
22
351
Peildatum 31-12-2025. Aantal werknemers IJmond Werkt! met Wsw-indicatie. SWW: Wsw-medewerkers drie IJmondgemeenten. SWU: Wsw-medewerkers van Uitgeest.
15
Aanvullend zijn 55 personen met een Wsw-indicatie via Begeleid Werken werkzaam bij reguliere werkgevers. Daarmee komt het totaal aantal werkzame personen met een Wswindicatie uit op 406. Begeleid Werken Wsw
55
Beschut Werk Gemeente
Beverwijk
Heemskerk
Velsen
Totaal
Aantal dienstverbanden BSW
30
20
27
77
Taakstelling ultimo 2026
32
27
58
117
Peildatum 31-12-2025. Aantal werknemers IJmond Werkt! met BSW-indicatie.
Banenafspraak Plaatsingen (niet bij IJW, elders)
Beverwijk
Heemskerk
Velsen
Totaal
Garantiebaan
27
27
39
93
PRO/VSO garantiebaan
8
6
13
27
Totaal
35
33
52
120
Aantal inwoners in het doelgroepregister in de arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond: 4.306 (peildatum juni 2025).
3.2 Aantallen inwoners, uitkeringen en trajecten Onderstaande tabellen tonen per gemeente het aantal huishoudens met een uitkering op grond van de Participatiewet en de aantallen inwoners in traject bij IJmond Werkt!. Aantallen Beverwijk Aantal inwoners Beverwijk per 31 december 2025
43.063
Aantal huishoudens met een P-wet uitkering
1.065
Aantal inwoners in traject IJW
175
Aantallen Heemskerk Aantal inwoners Heemskerk per 31 december 2025
39.532
Aantal huishoudens met een P-wet uitkering
751
Aantal inwoners in traject IJW
104
Aantallen Velsen Aantal inwoners Velsen per 31 december 2025
70.368
Aantal huishoudens met een P-wet uitkering
1.306
Aantal inwoners in traject IJW
219
16
3.3 Personele impact van het herontwerp Het herontwerp raakt direct 42 medewerkers van IJmond Werkt!. Deze personele impact concentreert zich op de onderdelen van de re-integratiedienstverlening die overgaan naar de gemeenten, die bij IJmond Werkt! blijven of in de implementatiefase nader worden beoordeeld. Voor het grootste deel van het personeelsbestand van IJmond Werkt! verandert de positie niet. Dat geldt voor medewerkers die werkzaam zijn binnen de Wsw, het Beschut Werk en de Banenafspraak en voor de medewerkers die deze doelgroepen begeleiden. De onderstaande tabel geeft de personele impact van de transitie op hoofdlijnen weer. De verdere uitwerking van de personele gevolgen, inclusief de rechtspositionele uitwerking en de organisatorische gevolgen, volgt in hoofdstuk 5. Overzicht personele gevolgen transitie Groep Omschrijving
Aantal medewerkers
Fte
Vervolg Overgang naar gemeenten; Wovo van toepassing
1
Medewerkers die zich volledig bezighouden 12 met werkzaamheden die overgaan naar gemeenten
10,2
2
Medewerkers die zich volledig bezighouden 14 met re-integratiewerkzaamheden die bij IJmond Werkt! blijven
12,12 Blijven in dienst bij IJmond Werkt!
3
Medewerkers die zich deels bezighouden met re-integratiedienstverlening
13,09 Nadere beoordeling in implementatiefase
16
17
4. Herontwerp re-integratiedienstverlening gemeenten en IJmond Werkt! 4.1 Doelstellingen herontwerp op hoofdlijnen Het herontwerp van de re-integratiedienstverlening heeft drie doelen. Ten eerste willen de gemeenten de ondersteuning beter laten aansluiten op de veranderde doelgroep en op de ontwikkeling van de Participatiewet. Ten tweede willen zij meer samenhang aanbrengen tussen re-integratie en andere vormen van ondersteuning, zodat inwoners minder schakels en overdrachten ervaren. Ten derde willen zij meer grip krijgen op kwaliteit, inzet van middelen en resultaten. Deze doelen zijn nodig omdat de huidige inrichting steeds minder goed aansluit op de opgave. Zoals eerder geschetst is de ondersteuningsvraag van inwoners vaak meervoudig. Trajecten naar werk vragen meer maatwerk en de verbinding met andere leefgebieden is belangrijker geworden. Tegelijk vraagt de uitvoering om een doelmatige inzet van middelen en om duidelijke sturing op kwaliteit en effect. De volgende paragrafen werken deze doelen uit voor de voorgestelde dienstverlening van Beverwijk, Heemskerk, Velsen en IJmond Werkt!, en voor de onderdelen waarop IJmondiale of regionale samenwerking van meerwaarde blijft. Notabene: de paragrafen van de gemeenten komen op delen overeen. De reden hiervoor is eenvoudig: alle drie de gemeenten hebben te maken met dezelfde ontwikkelingen van de doelgroep en wetswijzigingen.
Uitwerkingen en aandachtsgebieden komen daarom gelijkenissen vertonen. 4.2 Dienstverlening gemeente Beverwijk na herontwerp Het herontwerp van de re-integratiedienstverlening en de ontwikkelingen binnen de Participatiewet in Balans hebben gevolgen voor de sociale infrastructuur van Beverwijk en voor de wijze waarop inwoners worden ondersteund. Beverwijk beziet de inrichting van de re-integratiedienstverlening daarom vanuit een breder perspectief dan alleen de overdracht van taken. Voor Beverwijk betekent dit dat de samenhang tussen re-integratie en participatie en zorg en welzijn structureel wordt versterkt. Beverwijk wil beter aansluiten op de vragen en mogelijkheden van inwoners door de reintegratiedienstverlening grotendeels binnen de eigen gemeentelijke organisatie uit te voeren. Daarbij neemt de gemeente de huidige functionaliteiten van IJmond Werkt! niet één op één over, maar kiest zij voor een eigen inrichting die past bij de lokale context. Regionale samenwerking blijft bestaan op onderdelen waar dat meerwaarde heeft, waaronder in het Werkcentrum. Het huidige participatieveld Het huidige participatie- en re-integratieveld kent, mede door landelijk en lokaal beleid, een harde knip tussen zorg, welzijn en arbeidsparticipatie. Door de toename van
18
complexere problematiek is de ondersteuningsvraag van inwoners in de loop der jaren verschoven richting zorg en welzijn. Voor een groeiende groep inwoners is de stap naar werk daardoor te groot. Deze inwoners zijn gebaat bij maatwerk, eenvoudiger regels en een betere balans tussen ondersteuning en verplichtingen. Dat vraagt om meer samenhang binnen het brede sociaal domein. In de onderstaande afbeelding is het huidige participatie/re-integratieveld schematisch weergegeven.
Het toekomstige veld Beverwijk streeft naar een sociale infrastructuur waarbij alle benodigde functionaliteiten worden belegd om aan de inwoner de best passende plek te bieden. Vanwege de complexere vraagstukken van de inwoner is de samenhang tussen zorg, welzijn en arbeidsparticipatie van groot belang. De vraag van de inwoner komt meer centraal te staan. In de afbeelding hieronder is de inrichting van het toekomstige veld schematisch weergegeven. Re-integratie en participatie wordt gericht op de mogelijkheden van de inwoner De wijzigingen in de Participatiewet in Balans hebben invloed op de inrichting van de dienstverlening. Vanaf 2027 wordt de arbeidsverplichting in de wet vervangen door de generieke participatieplicht. Dat betekent dat van iedereen in de bijstand wordt verwacht
19
dat hij of zij naar vermogen participeert, zowel op de arbeidsmarkt als in vormen van maatschappelijke participatie. Maatschappelijke participatie betekent dat inwoners onbeloonde activiteiten verrichten die zijn gericht op deelname aan het maatschappelijk leven. Deze nieuwe wettelijke taak richt zich op de relatief grote groep mensen in de bijstand voor wie werken niet mogelijk is of pas op langere termijn in beeld komt. Beverwijk houdt in haar aanpak en dienstverlening aan inwoners rekening met deze wetswijziging. Dat geldt ook voor de Wet van school naar duurzaam werk, die ertoe leidt dat er meer preventieve aandacht is voor jongeren tot 27 jaar. In de arbeidsmarktregio werkt Beverwijk samen met scholen en het Doorstroompunt, zodat jongeren vroegtijdig worden ondersteund richting onderwijs, werk of een passend maatwerktraject, met nazorg waar dat nodig is voor duurzame arbeidsdeelname.
Wat merkt de inwoner? De dienstverlening aan de inwoner wordt meer eenduidig en samenhangend. De inwoner van Beverwijk krijgt te maken met integrale aanpak, waarbij alle voor de inwoner relevante
20
leefgebieden worden meegenomen. Dit start met een brede uitvraag. Hiermee worden vraagstukken vroegtijdig in beeld gebracht en wordt relevante dienstverlening vroegtijdig ingezet waar dat nodig is. In aansluiting op de nieuwe insteek van de Participatiewet in balans blijft voor inwoners met een korte afstand tot de arbeidsmarkt arbeidsinschakeling het doel. Daarnaast komt er meer aandacht voor inwoners voor wie arbeidsinschakeling voorlopig of blijvend niet mogelijk is. Inwoners krijgen een vast aanspreekpunt in de vorm van een klantadviseur. Deze sluit aan bij wat de inwoner zelf kan en organiseert maatwerk wanneer aanvullende ondersteuning nodig is. De gemeente vervult daarbij een verbindende en faciliterende rol in het bevorderen van maatschappelijke participatie en re-integratie. Hiervoor zal gekeken worden naar welke (specialistische) ondersteuning nodig is om inwoners een stap verder te brengen of mee te laten doen naar vermogen. De integrale aanpak maakt het mogelijk om met een brede blik te werken aan het perspectief van inwoners. Tegelijk zet Beverwijk gericht in op bestaanszekerheid als basis voor een veerkrachtige en inclusieve lokale gemeenschap.
Samenwerking in de IJmond, de arbeidsmarktregio en het Werkcentrum Tegelijk blijft Beverwijk samenwerken op onderdelen van de regionale samenwerking in de IJmond en in de arbeidsmarktregio, voor specialistische dienstverlening en voor de samenwerking in het Werkcentrum. Beverwijk kiest daarmee voor een lokale inrichting van de basisdienstverlening, met behoud van samenwerking waar die inhoudelijk of praktisch meerwaarde heeft. Zo kunnen inwoners, maar ook werkgevers en ondernemers ook participeren buiten de gemeentegrenzen. Voorgestelde dienstverlening Beverwijk na herontwerp Voorgenomen dienstverlening en inrichting gemeente Beverwijk Brede uitvraag op alle leefgebieden.
Betekenis voor de inwoner
Een integraal proces.
De inwoner ontvangt dienstverlening op alle voor de inwoner relevante leefgebieden.
Er wordt in een keer inzichtelijk gemaakt wat de mogelijkheden, belemmeringen, knelpunten en ondersteuningsvragen van de inwoner zijn.
Ondersteuning laten starten vanuit de leefwereld De inwoner wordt niet benaderd vanuit een regeling of en uitgangspositie van de inwoner. standaardroute, maar vanuit de feitelijke situatie. Passende ondersteuning organiseren op basis van analyse en kennis van de sociale kaart van Beverwijk.
De inwoner kan ondersteuning krijgen van de gemeente en/of de relevante (specialistische) ketenpartners.
21
Voorgenomen dienstverlening en inrichting Betekenis voor de inwoner gemeente Beverwijk Maatwerk bieden waar de standaardaanpak niet Er blijft ruimte om af te wijken van standaardoplossingen passend is. als dat nodig is om participatie of zelfredzaamheid te versterken. Inzetten op maatschappelijke participatie en een Ook inwoners voor wie betaald werk niet direct haalbaar doorlopende sociale infrastructuur. is, kunnen meedoen op een plek die past bij hun situatie en mogelijkheden. Re-integratiedienstverlening grotendeels lokaal organiseren.
De inwoner krijgt ondersteuning dichter bij de gemeentelijke uitvoering en beter in samenhang met het sociaal domein.
Een regisseur binnen het participatieveld.
De inwoner heeft een herkenbaar en laagdrempelig aanspreekpunt voor de dienstverlening van de gemeente op het gebied van participatie.
4.3 Dienstverlening gemeente Heemskerk na herontwerp Heemskerk wil de re-integratiedienstverlening dichter bij de eigen gemeentelijke uitvoering organiseren. De gemeente wil meer regie voeren op de ondersteuning van inwoners richting participatie en werk en deze ondersteuning beter verbinden met andere vormen van hulp binnen het sociaal domein. Dit betekent dat een belangrijk deel van de reintegratietaken dat nu door IJmond Werkt! wordt uitgevoerd, in de nieuwe situatie door Heemskerk zelf wordt georganiseerd. De gemeente kiest voor een bredere invulling van de dienstverlening. Daarbij staat niet de regeling centraal, maar de situatie van de inwoner. Betaald werk blijft het uitgangspunt voor inwoners voor wie dat haalbaar is. Tegelijk wil Heemskerk meer ruimte bieden voor maatschappelijke participatie, ontwikkeling en stabilisatie als werk op korte termijn nog niet mogelijk is. Daarmee kan de ondersteuning beter aansluiten op de verschillen binnen de doelgroep en op de ontwikkeling die inwoners in de tijd doormaken. Heemskerk organiseert de ondersteuning vanuit één traject, met één herkenbaar aanspreekpunt voor de inwoner en met minder overdrachten tussen verschillende partijen. De gemeente wil werk, inkomen en andere vormen van ondersteuning dichter bij elkaar brengen, zodat sneller kan worden geschakeld als dat nodig is.
Externe trajecten blijven mogelijk, maar alleen als deze aantoonbaar bijdragen aan de ondersteuning van de inwoner. De gemeente houdt daarbij regie op het geheel. Bij de verdere inrichting van de dienstverlening houdt Heemskerk rekening met de uitgangspunten van de Participatiewet in Balans. Vanaf 2027 betekent dit onder meer dat maatschappelijke participatie nadrukkelijker onderdeel wordt van de ondersteuning. Het
22
kan daarbij gaan om activiteiten die bijdragen aan ontwikkeling, ritme, eigenwaarde en meedoen in de samenleving, ook als betaald werk nog niet direct haalbaar is. Tegelijk blijft regionale samenwerking van belang op onderdelen waar specialistische kennis, voorzieningen of schaalvoordelen nodig zijn. Dat geldt in ieder geval voor beschut werk, delen van de werkgeversdienstverlening en specialistische trajecten. Heemskerk kiest daarmee voor een lokaal georganiseerde basisdienstverlening, met behoud van regionale samenwerking waar die inhoudelijk of bedrijfsmatig meerwaarde heeft. De onderstaande uitwerking laat zien hoe Heemskerk deze keuzes vertaalt in de inrichting van de dienstverlening en wat dit betekent voor inwoners. Voorgestelde dienstverlening Heemskerk na herontwerp Voorgenomen dienstverlening en inrichting gemeente Heemskerk De re-integratiedienstverlening dichter bij de eigen gemeentelijke uitvoering organiseren.
Betekenis voor de inwoner
Werken met één herkenbaar aanspreekpunt of regievoerder.
De inwoner heeft meer continuïteit in begeleiding en minder versnippering in het traject.
Ondersteuning organiseren vanuit de leefwereld van de inwoner.
De begeleiding sluit beter aan op de persoonlijke situatie en ontwikkelmogelijkheden van de inwoner.
Integrale intake en periodieke ontwikkelgesprekken inzetten.
De inwoner wordt breder beoordeeld en het traject kan beter worden aangepast aan veranderingen in de situatie.
Werk, inkomen en andere vormen van ondersteuning sterker met elkaar verbinden.
De inwoner ervaart meer samenhang tussen begeleiding richting werk, inkomensondersteuning, zorg en maatschappelijke ondersteuning.
Ontwikkelgericht werken met ruimte voor werk, maatschappelijke participatie en stabilisatie.
Niet alleen betaald werk telt; ook ontwikkeling, maatschappelijke deelname en stabilisatie zijn passende resultaten als werk nog niet direct haalbaar is.
Werken met drie ontwikkelrichtingen voor inwoners.
De ondersteuning kan beter worden afgestemd op inwoners met arbeidspotentieel, inwoners gericht op maatschappelijke participatie en inwoners met complexe problematiek.
Beschikbare middelen gericht inzetten waar het maatschappelijk effect het grootst is.
Inwoners met een groter risico op langdurige afhankelijkheid of met aantoonbaar ontwikkelperspectief krijgen gerichter ondersteuning.
Begeleiding dichter bij de inwoner en in de wijk organiseren en gebruikmaken van lokale voorzieningen en maatschappelijke partners.
De inwoner kan ondersteuning ontvangen die beter aansluit op de lokale situatie en bestaande netwerken.
De inwoner krijgt ondersteuning dichter bij huis en meer in samenhang met andere gemeentelijke ondersteuning.
23
Voorgenomen dienstverlening en inrichting gemeente Heemskerk
Betekenis voor de inwoner
Externe trajecten alleen gericht inzetten wanneer De inwoner krijgt externe ondersteuning alleen wanneer specialistische ondersteuning nodig is. die aantoonbaar passend en nodig is. Werkgeversdienstverlening intensiever en meer lokaal vormgeven.
De ondersteuning richting werk kan beter aansluiten op lokale werkgevers en kansen op de arbeidsmarkt.
Regionale samenwerking behouden waar specialistische trajecten, voorzieningen of werkgeversnetwerken meerwaarde hebben.
De inwoner houdt toegang tot specialistische kennis en regionale voorzieningen waar lokale uitvoering niet toereikend is.
4.4 Dienstverlening gemeente Velsen na herontwerp Velsen wil de re-integratiedienstverlening voor inwoners met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt in de eigen gemeentelijke organisatie onderbrengen. De kern van deze keuze is dat de gemeente ondersteuning aan inwoners meer in samenhang wil organiseren, zodat re-integratie beter wordt verbonden met andere leefgebieden en met andere vormen van ondersteuning binnen het sociaal domein. Daarmee sluit Velsen aan op de bredere koers om inwoners niet vanuit afzonderlijke regelingen, maar vanuit hun situatie en ondersteuningsvraag te benaderen. Bij het verder ontwikkelen van de dienstverlening in het Domein Samenleving is het volgende motto leidend: ‘Onze inwoners echt horen, zien en begrijpen om samen te doen wat nodig is’ De afgelopen jaren heeft Velsen op verschillende punten gewerkt aan verbetering van de dienstverlening. Uitgangspunt daarbij is dat de ondersteuning zich richt op de vraag achter de vraag. In de dienstverlening van Velsen staat het brede gesprek centraal. De gemeente wil inwoners zo vroeg mogelijk in beeld hebben en in samenhang beoordelen welke ondersteuning nodig is. Daarbij kijkt Velsen niet alleen naar de route naar betaald werk, maar ook naar belemmeringen en mogelijkheden op andere leefgebieden. Het doel is om samen met de inwoner tot een passende oplossing te komen.
Dat kan ook een oplossing zijn die niet bij de gemeente zelf vandaan komt. Uitgangspunt is dat inwoners één herkenbare ingang hebben en gedurende het traject één regisseur houden, zodat ondersteuning beter aansluit en minder versnipperd raakt. Dit wordt in de onderstaande figuur schematisch weergegeven.
24
Velsen wil ondersteuning op meerdere leefgebieden waar nodig gelijktijdig kunnen inzetten. Voor inwoners voor wie betaald werk nog niet direct haalbaar is, zet de gemeente in op passende vervolgstappen, zoals ontwikkeling, activering, maatschappelijke participatie of ondersteuning via andere onderdelen van het sociaal domein. Daarmee is maatschappelijke participatie niet alleen een tussenstap, maar voor een deel van de doelgroep ook een passende uitkomst. Velsen wil daarbij werken met een passend aanbod voor verschillende groepen inwoners. Dat betreft reguliere re-integratietrajecten voor inwoners die naar werk kunnen uitstromen, maar ook maatwerk voor inwoners voor wie de route naar werk langer of complexer is. Daarnaast wil Velsen de aansluiting versterken tussen werk, participatie en dagbesteding, zodat inwoners gemakkelijker kunnen bewegen tussen verschillende vormen van ondersteuning als hun situatie daarom vraagt. De gemeente blijft voor een deel van de dienstverlening samenwerken met regionale en gespecialiseerde partners. Goede samenwerking met het Werkcentrum is voor Velsen
25
daarbij een belangrijke voorwaarde, onder meer voor matching, werkgeversbenadering en plaatsingen. Daarnaast wil Velsen blijven samenwerken met IJmond Werkt! voor Beschut Werk en voor de projecttrajecten Young Heroes en Telstar@Work. Daarmee kiest Velsen voor een lokale inrichting van de basisdienstverlening, met behoud van regionale samenwerking waar die inhoudelijk van toegevoegde waarde is. Voorgestelde dienstverlening Velsen na herontwerp Voorgenomen dienstverlening en inrichting gemeente Velsen Eén herkenbare toegang via het sociaal domein.
Betekenis voor de inwoner
Breed gesprek kort na aanmelding, vanuit de leefwereld van de inwoner.
De ondersteuningsvraag wordt vanaf het begin integraal in beeld gebracht.
Eén regisseur gedurende het traject.
De inwoner houdt een vast aanspreekpunt en ervaart meer continuïteit in begeleiding.
Ondersteuning op meerdere leefgebieden gelijktijdig organiseren.
Belemmeringen op het gebied van werk, schulden, gezondheid, wonen of gezin kunnen in samenhang worden opgepakt.
Re-integratie lokaal organiseren voor inwoners met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt.
Inwoners die met ondersteuning kunnen uitstromen naar werk, krijgen begeleiding vanuit de gemeente.
Maatwerk voor inwoners met een bredere of langduriger ondersteuningsvraag.
Ook inwoners voor wie werk niet direct haalbaar is, blijven in beeld en ontvangen passende ondersteuning.
Diagnostiek, instrumenten en trajecten inzetten waar dat passend is.
De inwoner krijgt sneller een passende route en een aanbod dat beter aansluit op de ontwikkelbehoefte.
De inwoner heeft één ingang voor vragen over participatie, werk en ondersteuning.
Maatschappelijke participatie expliciet erkennen Vrijwilligerswerk, mantelzorg en andere vormen van naast uitstroom naar werk. meedoen worden als volwaardige uitkomst meegenomen. Re-integratie in samenhang met andere leefgebieden organiseren.
De inwoner ervaart minder versnippering tussen werk, participatie en andere vormen van ondersteuning.
Aansluiting met het regionale Werkcentrum helder inrichten.
Matching, jobcarving en plaatsingen sluiten beter aan op de begeleiding vanuit de gemeente.
4.5 Dienstverlening IJmond Werkt! na herontwerp IJmond Werkt! blijft na het herontwerp verantwoordelijk voor de onderdelen die regionaal belegd blijven en voor de taken die passen bij haar rol als sociaal ontwikkelbedrijf. De
26
organisatie houdt daarmee een belangrijke positie in de regio. IJmond Werkt! blijft werkgever en begeleider voor een grote groep inwoners en werknemers uit Beverwijk, Heemskerk en Velsen die aangewezen zijn op beschut werk, intensieve begeleiding of een passende ontwikkelomgeving. De dienstverlening die bij IJmond Werkt! blijft, omvat de uitvoering van de Wsw, het werkgeverschap en de begeleiding van Beschut Werk, jobcoaching, Young Heroes, Telstar@Work, de werkgeversdienstverlening via het Werkcentrum Zuid-Kennemerland en IJmond en de inzet van De Passage voor de doelgroep Wsw en Beschut Werk. De brede trajectbegeleiding, trainingen, arbeidsdiagnose en advies voor de re-integratiedoelgroep, de ontwikkeltrajecten Logistiek en The Care Project en de bijbehorende trajectadministratie worden niet langer door IJmond Werkt! uitgevoerd. Deze taakverdeling sluit aan bij de blijvende opdracht van IJmond Werkt! als sociaal ontwikkelbedrijf en bij de onderdelen waarvoor continuïteit, specialistische expertise, werkgeverscontacten en regionale samenwerking nodig blijven. Het gaat om taken die direct verbonden zijn met inwoners en werknemers met een structurele ondersteuningsbehoefte en om voorzieningen die de drie gemeenten niet afzonderlijk willen of kunnen organiseren.
IJmond Werkt! blijft daardoor een herkenbare partner voor gemeenten, werkgevers, onderwijs en andere ketenpartners in de regio. In de nieuwe situatie blijft IJmond Werkt! bovendien een schakel in de sociale infrastructuur van de IJmond. De organisatie biedt werkplekken, begeleiding en ontwikkelmogelijkheden voor inwoners voor wie een reguliere werkomgeving niet direct passend is. Daarmee blijft specialistische kennis in de regio beschikbaar voor de begeleiding van kwetsbare doelgroepen. Dienstverlening IJmond Werkt! na herontwerp Onderdeel dienstverlening
Situatie na herontwerp
Wet sociale werkvoorziening (Wsw) Beschut Werk: werkgeverschap en begeleiding
Blijft bij IJmond Werkt! Blijft bij IJmond Werkt!
Arbeidsdiagnosecentrum De Passage (als voorportaal) voor doelgroep Wsw en Beschut Werk Young Heroes
Blijft bij IJmond Werkt!
Telstar@Work
Blijft bij IJmond Werkt!
Jobcoaching
Blijft bij IJmond Werkt!
Blijft bij IJmond Werkt!
Werkgeversdienstverlening via Werkcentrum Zuid-Kennemerland en Blijft bij IJmond Werkt! IJmond Trajectbegeleiding re-integratiedienstverlening Gaat over naar gemeenten Trainingen ten behoeve van re-integratie
Gaat over naar gemeenten
Arbeidsdiagnose en advies voor re-integratiedoelgroep
Gaat over naar gemeenten
27
Onderdeel dienstverlening
Situatie na herontwerp
Ontwikkeltrajecten Logistiek en The Care project
Worden beëindigd bij IJmond Werkt! en vervallen Gaat over naar gemeenten / vervalt bij IJmond Werkt!
Trajectadministratie voor bovengenoemde re-integratieactiviteiten
4.6 IJmondiale en regionale samenwerking gemeenten en IJmond Werkt! Met het lokaal organiseren van de re-integratiedienstverlening verdwijnt de samenwerking in de IJmond en de arbeidsmarktregio niet. De nieuwe inrichting gaat uit van lokale regie op de basisdienstverlening, met behoud van samenwerking op onderdelen waar schaal, continuïteit, specialistische expertise of aansluiting op de regionale arbeidsmarkt nodig blijven. Regionale samenwerking is daarmee geen vertrekpunt meer voor de volledige dienstverlening, maar blijft wel een gerichte bouwsteen van de nieuwe inrichting. Die samenwerking blijft in ieder geval van belang voor de infrastructuur rond de Wsw en Beschut Werk, voor de werkgevers- en werkzoekendendienstverlening via het Werkcentrum Zuid-Kennemerland en IJmond, voor jobcoaching en onderdelen van de banenafspraak, en voor specifieke re-integratietrajecten die de gemeenten niet doelmatig ieder afzonderlijk willen organiseren. Daarbij kan ook worden gedacht aan regionale voorzieningen voor jongeren, specialistische trajecten en vormen van gezamenlijke of afgestemde inkoop. Zoals eerder omschreven betekent dit voor inwoners dat de begeleiding dichter bij de gemeente wordt georganiseerd, terwijl regionale voorzieningen beschikbaar blijven wanneer die beter passen bij de ondersteuningsvraag.
Voor werkgevers en andere partners blijft daarmee een herkenbare regionale structuur bestaan, met één ingang, op de onderdelen waar een gezamenlijke benadering nodig is. Voor de gemeenten betekent dit meer ruimte voor lokaal maatwerk, zonder verlies van voorzieningen en expertise die juist in samenwerking hun waarde behouden. De nadere uitwerking van deze samenwerking volgt in de implementatiefase. Dan worden per onderdeel werkafspraken gemaakt over opdrachtgeverschap, bekostiging, governance en evaluatie. Daarmee blijft in de uitvoering helder welke dienstverlening lokaal wordt georganiseerd, welke regionaal beschikbaar blijft en hoe gemeenten en IJmond Werkt! zich daartoe verhouden.