13.1 Bijlage 1 Aanbiedingsbrief begroting 2022
Tekst van het document
Colleges van B&W van de Gemeenten Harlingen, Terschelling, Vlieland en Waadhoeke
Franeker, 6 mei 2021 Onderwerp: tweede begroting na wijziging 2021 en begroting 2022
Geacht college, Hierbij ontvangt u de begroting 2022 en de tweede begroting na wijziging 2021 van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân. De gemeenschappelijke regeling de Dienst Noardwest Fryslân is per 1 januari 2021 gewijzigd van een openbaar lichaam naar een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO). Deze omvorming heeft gevolgen gehad voor de opzet van de begroting. Deze gevolgen blijken echter voor de programmabegrotingen Werk, Participatie en Inkomen en (deels) Armoedebestrijding anders uit te pakken dan aanvankelijk werd verondersteld. Vanaf 1 januari 2021 is de Dienst gemandateerd voor de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Jeugdwet. Voor de Participatiewet, het Besluit Bijstandverlening Zelfstandigen 2004 (BBZ), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZ) geldt dat er sprake is van een delegatie van bevoegdheden door gemeenten aan de Dienst. Het financiële gevolg van een delegatie van bevoegdheden is vorig jaar niet goed in de begroting na wijziging 2021 verwerkt. Een delegatie van bevoegdheden betekent dat de bevoegdheid voor het afgeven van beschikkingen voor de Participatiewet bij de Dienst blijft belegd.
De Dienst blijft daardoor ook juridisch contractpartner voor aanbieders en verricht op eigen titel (en dus niet namens de gemeenten) betalingen. Als gevolg hiervan blijft de Dienst ook de rechtmatigheidsgevolgen hiervoor dragen. Daardoor zullen de programmalasten voor Werk, Inkomen en Participatie en deels Armoedebestrijding ook in de begroting van de Dienst moeten terugkomen. Voor de Wmo en Jeugdwet geldt dat de Dienst door de gemeenten is gemandateerd om taken voor hen uit te voeren. Daarom stellen gemeenten de programmabegroting voor deze
wetten zelf vast en zijn de programmalasten voor deze wetten niet in de begroting van de Dienst opgenomen. Wel zijn doelen en acties in de begroting geformuleerd; in de uitvoerende werkzaamheden blijft de Dienst namelijk onveranderd haar huidige rol spelen. Gedurende het begrotingsproces van de Dienst vindt op verschillende momenten afstemming met de gemeenten plaats. Deze afstemming is zo ingericht, dat gemeenten voor definitieve besluitvorming door het bestuur van de Dienst op verschillende momenten hun input mee kunnen geven aan medewerkers van de Dienst. Indien gemeenten aanpassingen in de begroting wensen door te voeren, worden deze verzoeken bovendien altijd door de Dienst overgenomen. Het begrotingsproces ziet er op hoofdlijnen als volgt uit: • De Dienst levert inputbestanden bij de gemeenten aan. Hierin zijn de begrotingsuitgangspunten per gemeente en voor heel Noordwest tot in detailniveau uitgewerkt. • Medewerkers van de Dienst gaan met gemeenten over de inputbestanden in gesprek. Gemeenten wordt in dat gesprek gevraagd om feedback te geven en om aan te geven of ze zich in de gehanteerde begrotingsuitgangspunten kunnen vinden. • De eventuele input vanuit het gesprek met de gemeenten en de aanpassingsverzoeken worden door de Dienst in de begroting verwerkt. • De conceptbegroting wordt ter voorlopige besluitvorming aan het bestuur voorgelegd en goedgekeurd.
• De conceptbegroting wordt vervolgens voor zienswijzen naar de gemeenten gestuurd. Gemeenten hebben een termijn van 8 weken om hun reactie kenbaar te maken. • Eventuele zienswijzen van gemeenten worden door de Dienst in de begroting verwerkt. • De begroting wordt definitief door het bestuur goedgekeurd. • De begroting voor het volgend jaar moet uiterlijk voor 1 augustus van het lopend jaar bij de provincie worden ingeleverd.
Met deze processtappen is een goede aansluiting van de beleidswensen en financiële kaders van gemeenten met de begroting van De Dienst geborgd. Het bestuur heeft de tweede begroting na wijziging 2021 en de begroting 2022 vastgesteld in de vergadering van 6 mei 2021. Beide stukken kunnen in overleg met de griffie per gemeente worden toegelicht door medewerkers van de Dienst (samen met ambtenaren van de gemeente) in de commissievergadering (of andere overlegvorm). Eventueel kan ook een extra schriftelijke toelichting worden gegeven, dit ter voorbereiding op de behandeling van de begroting in de raadsvergadering. Het bestuur verzoekt u bijgaande tweede begroting na wijziging 2021 en de begroting 2022 ter behandeling voor te leggen aan uw raad en ziet uw schriftelijke reactie graag voor 1 augustus 2021 met belangstelling tegemoet. Namens het bestuur van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân Hoogachtend,
M.J. Jellema secretaris / directeur