03.4 Bijlage 4 - Klimaat en Routekaarten Maatschappelijk vastgoed
Tekst van het document
Bijlage 4:
Klimaat en Routekaarten Maatschappelijk vastgoed
Klimaatdoelen 2030 en 2050 In 2016 heeft de Europese Unie mede namens Nederland het Klimaatakkoord van Parijs ondertekend. Doel van het akkoord is om de opwarming van de aarde te beperken tot ruim onder 2 graden Celsius. Met een duidelijk zicht op 1,5 graden Celsius. Om de doelen van het Klimaatakkoord van Parijs te halen zijn afspraken in Europa gemaakt. De EU-lidstaten hebben met elkaar afgesproken dat de EU in 2030 minimaal 55% minder moet uitstoten. In 2050 wil de Europese Unie klimaatneutraal zijn. Dat betekent dat er dan netto geen broeikasgassen meer worden uitgestoten. In het Klimaatakkoord gebouwde omgeving is afgesproken hoe de gebouwde omgeving wordt verduurzaamd en fossielvrij gemaakt. We werken stapsgewijs toe naar 2050: dan moeten alle ruim 7 miljoen woningen en 1 miljoen andere gebouwen goed geïsoleerd zijn, op een duurzame manier worden verwarmd en schone elektriciteit gebruiken en opwekken. Om dit te bereiken, richten we ons eerst op het verduurzamen en/of aardgasvrij maken van 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen in 2030. De overheid neemt maatregelen om Nederland te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering. De klimaatdoelstelling is om in 2050 klimaatneutraal te zijn (ENG). De overheid richt zich op 2030 tot een CO2-reductie van 60%.
Om hieraan te kunnen voldoen moet per 1 januari 2021 nieuwbouw aan de BENG eisen voldoen en bestaande gebouwen moeten per 2030 minimaal energielabel A behalen. Sectorale routekaart gemeentelijk maatschappelijk vastgoed In het Klimaatakkoord is afgesproken dat 12 sectoren, waaronder gemeenten, een sectorale routekaart opstellen waarin duidelijk wordt hoe het vastgoed in de sector CO₂-arm en aardgasvrij wordt gemaakt richting 2050. De routekaart van de sector gemeenten bevat de benodigde randvoorwaarden en veel voorkomende knelpunten voor financiering, wetgeving, organisatie en geeft daarvoor waar mogelijk praktische oplossingsrichtingen. Energielabel A Een utiliteitsgebouw met energielabel A is een energiezuinig gebouw, waarbij het gebouw goed geïsoleerd is, voorzien is van dubbel glas, energiezuinige verwarming heeft en één of meerdere duurzame installaties heeft, bijvoorbeeld PV-panelen of een warmtepomp. BENG (Bijna Energie Neutraal Gebouw) Het doel van BENG is om gebouwen bijna energieneutraal te maken door zowel de energiebehoefte te beperken als het gebruik van hernieuwbare energie te stimuleren. ENG (Energie Neutraal Gebouw) Het doel van ENG is om gebouwen volledig energieneutraal te maken, wat betekent dat ze over een jaar gezien net zoveel energie opwekken als ze verbruiken.
Voor de aanpak is het van belang om het volgende in het oog te houden: • Het besparingsdoel voor CO2 -reductie geldt op portefeuilleniveau; • Het doel voor aardgasvrij geldt op gebouwniveau. Renovaties Nieuwe gebouwen en ingrijpende renovaties moeten sinds 2021 voldoen aan de Bijna Energie Neutrale Gebouwen (BENG)-eisen. Dit stimuleert het gebruik van duurzame energiebronnen en vaak gasloze oplossingen. BENG richt zich op prestatie indicatoren als de Maximale energiebehoefte
(kWh/m²/jaar), het Maximale primair fossiel energieverbruik en het Minimaal aandeel hernieuwbare energie. Gemeenten zijn bovendien verplicht om bij verbouwingen rekening te houden met de Nationale Aanpak Energiebesparing en duurzaamheidsdoelen. BENG-eisen, die drie indicatoren hanteren: Routekaart Monumentale panden Monumenten zijn uitgezonderd van de verplichting om een energielabel te hebben. Dat geldt voor gemeentelijke, provinciale en rijksmonumenten. Het energielabel houdt namelijk geen rekening met monumentale waarden. De betrokken organisaties uit de monumentensector willen een CO₂-reductie van 40% in 2030 en 60% in 2040 realiseren, als gemiddelde over de gehele monumentenvoorraad in Nederland. Daarbij moet er een balans gevonden worden tussen energie- efficiëntie (eerst besparen, dan opwekken), kostenefficiëntie en behoud van monumentale waarden. Zo zorgen wij samen voor toekomstbestendig erfgoed. Voor gemeentelijke gebouwen die (deels) monumentaal zijn, richten de klimaatdoelen zich vaak op energiebesparing en verduurzaming zonder afbreuk te doen aan het historische karakter. De belangrijkste doelen en maatregelen zijn meestal: 1. Energiebesparing: Door efficiënter om te gaan met energiegebruik kan een groot deel van de CO₂-uitstoot verminderd worden.
Dit gebeurt bijvoorbeeld via isolatie van daken, vloeren en ramen, mits dit geen schade toebrengt aan de monumentale waarde van het pand. 2. Verbeteren van energie-efficiëntie: Gebruik van duurzame installaties, zoals hoogrendementsketels of warmtepompen, kan helpen om het energiegebruik te verminderen. 3. Gebruik van duurzame energie: Waar mogelijk worden gebouwen voorzien van duurzame energiebronnen, zoals zonnepanelen of warmtepompen, als de monumentale status dit toelaat. 4. Klimaatbestendig maken van het gebouw: Maatregelen om het gebouw bestand te maken tegen extreme weersomstandigheden, zoals betere ventilatie, vochtregulatie, en bescherming tegen oververhitting. 5. Reductie van gasverbruik: Voor monumentale gebouwen die nog afhankelijk zijn van aardgas, wordt gekeken naar alternatieven of hybride oplossingen. Soms is volledig gasloos maken lastig, dus wordt een stapsgewijze aanpak gehanteerd. Deze maatregelen worden altijd afgestemd op de erfgoedwaarden van het gebouw, in overleg met monumentenzorg, zodat het historische karakter behouden blijft terwijl de duurzaamheid verbeterd wordt. Vertaling naar Harlingen Vertaald naar de renovatiestandaard en de klimaatdoelen, moet per 2030 De Waddenpromenade minimaal energielabel A behaald hebben.
Daarbovenop is er de verplichting om bij ingrijpende renovaties met BENG normen te werken, vertaald naar: BENG 1: Maximale energiebehoefte (kWh/m²/jaar) Norm: Maximaal 50 kWh/m²/jaar voor een standaard kantoorgebouw. BENG 2: Maximaal primair fossiel energiegebruik (kWh/m²/jaar) Norm: Maximaal 25 kWh/m²/jaar. BENG 3: Minimaal aandeel hernieuwbare energie (%) Norm: Minimaal 40% van de totale energie moet afkomstig zijn uit hernieuwbare bronnen. Omdat de Groenlandsvaarder deels monumentaal is, gelden er nu geen wettelijke verplichtingen. Via de VNG zijn we als gemeente aangesloten bij de routekaart voor monumenten. Dat houdt nu in dat
we tenminste 40% CO₂-reductie in 2030 en 60% in 2040 willen realiseren. Als dit vertaald wordt naar de praktijk vergt dit een aanpak waarin energieopwekking en het inperken van energieverlies (warmte / koude) gecombineerd moet worden om de reductie te behalen. Dat lukt alleen als we besluiten om het gebouw te renoveren met aandacht voor sterk verbeterde isolatie en een aangepaste energieopwekking.
https://vng.nl/sites/default/files/2020-05/2020sectorale-routekaart-maatschappelijk-vastgoeddef.pdf https://www.verduurzamingsrichtlijnen.nl/routekaartverduurzamingmonumenten https://www.rvo.nl/sites/default/files/2024-04/energielabel-voorbeeld-utiliteitsbouw-2024_1.pdf