CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

VR ZHZ - Jaarstukken .pdf

Gemeenteraad GHG 24 juni 2021, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 16: Jaarrekeningen 2020 en begrotingen 2022 van de verbonden partijen - Raadsvoorstel21.687 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Kengetal Personeelsleden in dienst Instroom Uitstroom

2019

2020

Medewerkers

326

325

Vrijwilligers

715

699

Medewerkers

24

26

Vrijwilligers

61

31

Medewerkers

20

27

Vrijwilligers

Ziekte

63

47

3,70%

4,10%

Medewerkers

€ 23.618.000

€ 25.854.700

Vrijwilligers

€ 3.335.000

€ 2.556.300

Verzuim

Personeelskosten Personeel van derden

Kosten

€ 1.783.420

€ 2.829.000

Automatisering

kosten

€ 1.595.088

€ 1.654.700

6.5

Verbonden partijen

In de volgende tabellen is opgenomen in hoeverre de verbonden partijen hebben bijgedragen aan het behalen van de doelstellingen van de VRZHZ (zoals opgenomen in de begroting). Verbonden partij

Aard activiteiten en financiering

Spinel Veiligheidscentrum B.V. te Dordrecht De vennootschap is eigenaar en exploitant van het opleidings- en oefenterrein voor brandweer en hulpdiensten, gelegen aan Spinel 100 te Dordrecht. De vennootschap heeft een eigen begroting, jaarrekening en financiële administratie cf. Titel 9 BW2. Huisbankier is BNG Bank. De VRZHZ staat, als enig aandeelhouder, garant voor de financiering bij de BNG Bank. De VRZHZ betaalt bijdrage voor het opleiden, trainen en oefenen van repressief personeel (inkomsten van de vennootschap). De VRZHZ verkoopt zelf ‘trainings-arrangementen’ en trainingen aan publieke en private partijen, teneinde inkomsten van derden te genereren.

Openbaar belang dat wordt behartigd

Opleiding, training en oefening van repressief personeel (voornamelijk brandweer) in de regio ZHZ. Een eigen oefenterrein in de regio is van belang om vrijwilliger en beroepskrachten in dichte nabijheid van woonplaats/kazerne te kunnen trainen en oefenen. 1.

Bestuurlijke betrokkenheid

VRZHZ is 100% aandeelhouder

2. Leden van het Algemeen Bestuur hebben zitting in aandeelhoudersvergadering namens de aandeelhouder (VRZHZ) 3. Drie leden van Dagelijks Bestuur vormen de toezichthouder van de vennootschap (Raad van Commissarissen) 4.

Algemeen directeur VRZHZ is directeur-bestuurder van de vennootschap

pagina 32 van 70

1. De VRZHZ staat (sinds 2005) garant voor de totale lening bij de BNG Bank. De vennootschap heeft in overleg met de RvC en de VRZHZ herstelmaatregelen genomen. De liquiditeit zal op langere termijn aantrekken. Met de onderliggende businesscase is er geen direct risico op een claim van de BNG Bank op de borg.

Relevante ontwikkelingen/ risico’s

2. Per 31/12/2015 is de samenwerkingsovereenkomst (PPS) verlopen t.b.v. de exploitatie over de periode 2005-2015. Een andere B.V. van de VRZHZ was hierin commandite. Voor de beëindiging van de samenwerking is een overeenkomst gesloten. Dit heeft geleid tot de betaling van een transitievergoeding van €1,2 mln. Voor betaling van deze vergoeding heeft de B.V. vreemd vermogen aangetrokken bij de VRZHZ. Deze verplichting is overgenomen in de businesscase van Spinel Veiligheids-centrum B.V. Als gevolg van een nieuw aangetrokken lening voor Proces Plant Industrie (PIP) waarvoor de VRZHZ ook garant staat, is het financiële risico gestegen naar €1,4 mln. 3. In september 2019 is in afstemming met de belastinginspecteur een verzoek voor een fiscale eenheid BTW tussen de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid en Spinel Veiligheidscentrum B.V. ingediend. Tot op dit moment heeft de Belastingdienst hier nog geen officieel standpunt over ingenomen. In februari 2020 opperde de belastinginspecteur de mogelijkheid om te handelen ‘als ware sprake van een fiscale eenheid BTW’, wat een oplossing biedt tot het moment van uiteindelijke toekenning. Het feit dat dit door de belastinginspecteur wordt voorgesteld, geeft aan dat ook zij verwacht dat dit tot een toekenning zal gaan leiden. Vanaf 1 juli 2020 handelen de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid en Spinel Veiligheidscentrum B.V.

als een fiscale eenheid. De suppletie voor geheel 2020 is berekend en verwerkt in de jaarrekening 2020. Voor eerdere jaren (2016 t/m 2019) zijn de correcties nog niet definitief uitgewerkt of berekend, waardoor de suppletie nog niet in de jaarstukken is opgenomen.

Financiële kengetallen *

Jaarresultaat 2019 Eigen vermogen per 01-01-2019 Eigen vermogen per 31-12-2019 Vreemd vermogen per 01-01-2019 Vreemd vermogen per 31-12-2019 Solvabiliteit per 01-01-2019 (eigen vermogen / totaal vermogen) Solvabiliteit per 31-01-2020 (eigen vermogen / totaal vermogen)

€ € € € €

441.587 991.643 1.433.230 4.037.592 3.368.595 19,72% 29,85%

Toelichting mutatie solvabiliteit 2019: Als gevolg van de toename van het eigen vermogen en verlaging van het vreemde vermogen, door verdere aflossing van de aangegane leningen, is de solvabiliteit verbeterd.

* Ten tijde van opstelling zijn de cijfers nog niet bekend. Om die reden zijn de cijfers van 2019 weergegeven.

pagina 33 van 70

Verbonden partij

Aard activiteiten en financiering

Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) 1. Het Instituut Fysieke Veiligheid (hierna IFV) is in het leven geroepen ten behoeve van de verbetering van de kw aliteit en de organisatie van de rampenbestrijding en crisisbeheersing in ons land. Dit doet zij onder meer door kennis op vlak van de rampenbestrijding en crisisbeheersing te ontw ikkelen en te delen, beleid te ontwikkelen en onderzoek te doen op vlak van (fysieke) veiligheid, crisisbeheersing en brandw eerzorg. Ook verzorgt zij opleidingen, trainingen en oefeningen en fungeert zij als netw erkparnter en regisseur op vlak van (fysieke) veiligheid en de ondersteunende processen. 2. De actvititeiten van het IFV w orden gefinancierd uit rijksbijdragen (Brede Doeluitkering, een bijdrage vanuit het Ministerie van Justitie en Veiligheid), een bijdrage vanuit de Politie en bijdragen vanuit de Veiligheidsregio's.

Openbaar belang dat w ordt behartigd

Bestuurlijke betrokkenheid

Het IFV draagt bij aan de maatschappelijke doelstelling om Nederland samen veiliger en weerbaarder te maken. 1. Het IFV is een bij de W et veiligheidsregio's opgericht zelfstandig bestuursorgaan. 2. Het bestuur van het IFV is verantw oordelijk voor alle taken en werkzaamheden die het IFV uitvoert in het kader van de W et veiligheidsregio's. 3. De voorzitters van de 25 veiligheidsregio's vormen samen het bestuur van het IFV. De voorzitter van de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid neemt namens de veiligheidsregio zitting in het betuur van het IFV.

Relevante ontw ikkelingen/ risico’s

Geen

pagina 34 van 70

B Jaarrekening 7

Overzicht van baten en lasten

7.1

Gerealiseerde baten en lasten

De VRZHZ kent één programma Veiligheid. Binnen het programma worden organisatie-eenheden onderkend. Hieronder is het resultaat op concernniveau opgenomen, voorzien van een toelichting op de incidentele en structurele resultaten. Productgroep

Realisatie 2019

Begroting 2020 na wijziging (BURAP-II) Saldo Lasten Baten Saldo

Lasten

Baten

Saldo

-582 587 5

47.731 147 47.879

45.878 2.006 47.884

-1.854 1.859 5

I

S

Primaire begroting 2020

Bedragen x € 1.000

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Gerealiseerd saldo van baten en lasten Mutaties reserves Gerealiseerd resultaat

47.260 2.440 49.700

51.560 1.952 53.512

4.300 -488 3.812

45.421 7 45.428

44.839 594 45.433

45.768 512 46.280

44.485 1.800 46.285

-1.283 1.288 5

Realisatie 2020

a.g.v. afrondingen kunnen er kleine verschillen ontstaan

Analyse van het resultaat Concernniveau 2020

Bedragen x € 1.000 LASTEN 1.1 - Salarissen en sociale lasten 2.1 - Belastingen 3.2 - Duurzame goederen 3.5.1 - Ingeleend personeel 3.8 - Overige goederen en diensten 5.1 - Rente 7.2 - Mutaties voorzieningen 7.3 - Afschrijvingen 7.4 - Toegerekende reële en bespaarde rente 7.5 - Overige verrekeningen Subtotaal lasten BATEN 3.5.2 - Uitgeleend personeel 3.8 - Overige goederen en diensten 4.3.1 - Bijdragen Rijk 4.3.2 - Bijdragen gemeenten 5.1 - Rente 7.4 - Toegerekende reële en bespaarde rente 7.5 - Overige verrekeningen Subtotaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten 7.1 - Toevoegingen aan reserves 7.1 - Onttrekkingen aan reserves 7.1 - Onttrekking reserve Transistievergoeding 5HL Gerealiseerd restultaat na extra onttrekking

Realisatie 2019

Primaire begroting 2020

24.874 223 3 1.783 14.834 1.243 489 3.664 9 138 47.260

26.465 259 3 561 10.835 1.181 584 4.504 1.189 -160 45.421

531 9.075 6.138 35.802 14

460 1.065 5.505 36.620 1.189

51.560 4.300 2.440 1.952

44.839 -582 7 594

3.812

5

Gewijzigde begroting na BURAP-II Realisatie Afwijking 2020 2020 resultaat 26.482 261

26.329 276

153 -15

153 -15

983 12.557 1.181 489 3.807 7

-1.846 -1.846 -53 -170 -2 -2 -10 -158 -158

45.768

2.829 12.611 1.183 499 3.966 7 32 47.731

478 1.235 5.652 37.105 9 7

537 1.538 6.668 37.120 14 0

-59 28 -304 -304 -1.016 -1.016 -16 -16 -6 -6 7 7

-87

44.485 -1.283 512 775 1.025 5

45.878 -1.854 147 861 1.145 5

-1.393 -1.306 571 764 365 365 -86 -86 -120 -120 194

-87 -194

-32 -32 -1.964 -2.071

117 -10

107

-194

a.g.v. afrondingen kunnen er kleine verschillen ontstaan

Het jaarresultaat bedraagt €5.000 en betreft de toegezegde besparing van het MJP.

pagina 35 van 70

7.1.1

Lasten

1.1 Salarissen en sociale lasten voordeel €153.000 Incidenteel: €153.000 (voordeel) Nadeel ter hoogte van €646.000 vindt dekking uit de bestemmingsreserves en gedetacheerd personeel (samenhang met 3.8). Nadeel van €289.000 vanwege overwerk en loonkosten 24-uurs dienst. Het voordeel als gevolg van vacatureruimte bedraagt €580.000. Hiervoor wordt personeel ingeleend (samenhang met 3.5.1) Het voordeel van €375.000 is het gevolg van lagere vrijwilligersvergoedingen vanwege het niet kunnen oefenen als gevolg van COVID-19. Voordeel van €45.000 vanwege annuleringen wedstrijden en opleidingen voor rijbewijzen als gevolg van COVID-19. Diverse kleinere voordelen ter hoogte van €88.000 3.5.1 Ingeleend personeel nadeel €1.846.000 Het nadeel heeft samenhang met het voordeel in de baten bij 1.1 en 3.8. Incidenteel: €1.846.000 (nadeel) De inhuur a.g.v. COVID-19 bedroeg €1.006.000. Dit bedrag wordt volledig vergoed door het Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport. In 2020 is een aantal vacatures niet ingevuld. Voor de uitvoering van de taken en ziektevervanging is personeel ingeleend. Zie hiervoor de samenhang met het voordeel op 1.1 Salarissen en sociale lasten. Aan inhuur van deskundigheid voor diverse projecten (zie baten 3.8) is een bedrag besteed van €800.000. Hiervoor is een bedrag van €227.000 onttrokken uit de reserves.

3.8 Overige goederen en diensten nadeel €53.000 Het nadeel heeft samenhang met het voordeel in de baten bij 3.8. Incidenteel: €170.000 (nadeel) -

Voordeel COVID-19; Lagere opleidingskosten vanwege het niet doorgaan van opleidingen voor jeugdbrandweer, rijbewijzen en wedstrijden; €50.000

-

Voordeel €80.000 vanwege een positief resultaat van het project Impuls Omgevingsveiligheid.

-

Nadeel COVID-19 extra schoonmaak- en communicatiemiddelen; €250.000

-

Nadeel €50.000. Diverse projectenkosten die dekking hebben bij de baten bij post 3.8.

Structureel: €117.000 (voordeel) Omdat er een nieuw contract is afgesloten en vanwege duurzaamheidsaanpassingen wordt structureel €70.000 bespaard. De kosten voor sportvergoedingen en schoonmaakkosten zijn structureel €97.000 lager dan begroot. Daarnaast is gebleken dat structureel meer middelen nodig zijn inkoop van onderdelen €50.000. 7.3 Afschrijvingen nadeel €158.000 Incidenteel: €158.000 (nadeel) De werkelijke kapitaallasten (rente en afschrijving) zijn hoger dan begroot vanwege hogere investeringen in eerdere jaren.

pagina 36 van 70

7.1.2

Baten

3.5.2 Uitgeleend personeel voordeel €59.000 Incidenteel: €28.000 (nadeel) De vergoedingen voor een aantal detacheringsovereenkomsten zijn rechtstreeks ten gunste van de voorziening Frictiekosten nieuwe organisatie geboekt. Dit resulteert in een lagere bijdrage in de exploitatie. Structureel: €87.000 (voordeel) Vergoedingen voor de inzet bij Spinel van veiligheidsfunctionarissen leveren een structureel voordeel op. Deze waren niet begroot. 3.8 Overige goederen en diensten voordeel €304.000 Dit voordeel heeft samenhang met het nadeel van de lasten bij 3.8. Incidenteel: €304.000 (voordeel) -

vrijval voorziening Frictiekosten nieuwe organisatie; €56.000;

-

eindafrekeningen van Europese projecten; €125.000;

-

extra bijdrage USAR inzet Beiroet; €32.200;

-

extra bijdrage projectkosten voor inhuur en overige kosten; 87.200.

4.3.1 Inkomensoverdrachten - Rijk voordeel €1.016.000 Dit voordeel heeft samenhang met het nadeel van de lasten bij 3.8. Incidenteel: €1.016.000 (voordeel) -

Rijkswaterstaat vergoedde kosten vanwege de afsluiting van de Wantijbrug; € 226.000;

-

De meerkosten vanwege COVID-19 worden vergoed door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport VWS; €775.000.

7.2

Aanwending post onvoorzien

In de begroting is 2020 is rekening gehouden met een post onvoorzien van €10.000. Deze post is in 2020 niet aangewend.

pagina 37 van 70

7.3

Overzicht algemene dekkingsmiddelen

De baten en lasten op de algemene dekkingsmiddelen kunnen als volgt worden weergegeven. Realisatie 2019 Lasten Rentelasten Aankopen niet duurzame goederen en diensten Toevoegingen aan reserves Toevoegingen aan voorzieningen Kapitaallasten Overige verrekeningen van kostenplaatsen Totaal lasten Baten BDUR Overige inkomsten Rijk Gemeentelijke bijdragen Rente Onttrekking reserves Overige goederen en diensten Overige verrekeningen van kostenplaatsen Totaal baten Totaal algemene dekkingsmiddelen

Primaire begroting

Begroting na wijziging

Realisatie 2020

1.243.217 3.170 2.439.514 488.552 3.672.807 137.777 7.985.037

1.180.867 3.427 6.937 365.790 4.503.977 160.233 6.221.231

1.180.867 512.298 488.696 3.814.272 5.996.133

1.182.925 147.226 498.962 3.965.642 31.502 5.826.257

5.503.177 635.289 35.801.639 13.537 1.952.071 9.074.970 52.980.683 -44.995.647

4.969.055 456.500 36.620.338 593.710 1.085.500 43.725.103 -37.503.872

5.095.063 557.166 37.104.592 15.500 1.800.156 1.234.625 -5.000 45.802.102 -39.805.969

5.095.063 1.572.795 37.120.479 14.299 2.005.739 1.538.472 47.346.848 -41.520.591

Toevoegingen en onttrekkingen reserves Voor de toelichting op de mutaties in de reserves wordt verwezen naar paragraaf 8.2.3. Brede doeluitkering rampenbestrijding (BDUR) Voor een specificatie van de ontvangen BDUR in 2020 wordt verwezen naar hoofdstuk 11. Gemeentelijke bijdragen In de volgende tabel zijn in de kolom gemeentelijke bijdragen de bijdragen opgenomen die aansluiten in het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen.

Gemeente Alblasserdam Dordrecht Hendrik-Ido-Ambacht Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht Drechtsteden Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Molenlanden Alblasserwaard & Vijfheerenlanden Hoeksche Waard Hoeksche Waard TOTAAL

gemeentelijke bijdrage 1.404.840 11.011.268 1.857.336 1.961.136 1.684.368 3.483.964 21.402.912 2.789.240 1.198.984 3.747.248 7.735.472 6.793.904 6.793.904 35.932.288

maatwerk 1.162.375 11.937 13.879 1.188.191 1.188.191

totaal 1.404.840 12.173.643 1.869.273 1.961.136 1.698.247 3.483.964 22.591.103 2.789.240 1.198.984 3.747.248 7.735.472 6.793.904 6.793.904 37.120.479

pagina 38 van 70

7.4

Incidentele baten en lasten

In onderstaande tabel zijn de incidentele baten en lasten weergegeven. Deze tabel is een afgeleide van de tabel in paragraaf 7.1. waarin ook de toelichtingen zijn opgenomen van de incidentele baten en lasten. Presentatie van het structureel saldo (x € 1.000)

Primaire Begroting 2020 Realisatie begroting na wijziging 2019 2020 (BURAP-II)

Realisatie 2020

Lasten Baten Saldo lasten en baten

47.260 51.560 4.300

45.421 44.839 -582

45.768 44.485 -1.283

47.731 45.878 -1.854

Dotaties reserves Onttrekkingen reserves Saldo mutaties reserves

2.440 1.952 -488

7 594 587

512 1.800 1.288

147 2.006 1.859

Gerealiseerd resultaat

3.812

5

5

5

Incidentele lasten Incidentele baten Saldo incidentele baten en lasten

1.516 1.294 222

0 441 -441

3.804 2.370 1.434

3.844 1.814 2.030

Structureel resultaat

4.034

-436

1.439

2.035

7.5

Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves

In hoofdstuk 8.3. is een overzicht opgenomen van het verloop van de reserves. De mutaties in de reserve egalisatie kapitaallasten en reserve dekking kapitaallasten worden aangemerkt als een structureel dekkingsmiddel. De reserve egalisatie kapitaallasten geeft inzicht in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. De mutatie in de reserve kapitaallasten is gelijk aan de afschrijvingstermijn van de daarbij behorende investering.

7.6

WNT-verantwoording 2020 VRZHZ

Conform de Wet Normering Topinkomens is in onderstaand overzicht de bezoldiging opgenomen van het eerste leidinggevende niveau dat wordt aangemerkt als topfunctionaris. Het bezoldigingsmaximum van 2020 bedraagt €201.000. Binnen de VRZHZ zijn geen andere functionarissen in dienst die een hogere bezoldiging genieten dan het in de WNT genoemde maximum voor 2020.

pagina 39 van 70

Bedragen x € 1

R.K. Brons

C.P. Frentz

Algemeen directeur 01-01/29-02 0,889 Ja

Algemeen directeur 01-03/31-12 1 Ja

21.575 0 21.575 29.290 N.v.t.

101.392 17.007 118.399 201.000 N.v.t.

Totale bezoldiging

21.575

118.399

Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

N.v.t. N.v.t.

N.v.t. N.v.t.

01-10/31-12 0,889 Ja

N.v.t.

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald bedrag

Gegevens 2019 Aanvang en einde functievervulling in 2019 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Totale bezoldiging

31.995 0 31.995 43.465 31.995

In onderstaand overzicht zijn de toezichthouders opgenomen. De toezichthoudende taak hebben zij onbezoldigd uitgeoefend. Naam Dhr. J.G.A. Paans Dhr. A.W. Kolff Mw. R.W.J. Melissant-Briene Dhr. D. Heijkoop Dhr. J. Heijkoop Dhr. D.R. van der Borg Dhr. T.C. Segers Dhr. A.J. Moerkerke Dhr. A.P.J. van Hemmen Dhr. D.R. van der Borg Dhr. J.P. Lokker Dhr. A.P.J. van Hemmen Dhr. W.H.J.M. van der Loo

7.7

Functie Burgemeester gemeente Alblasserdam Burgemeester gemeente Dordrecht Burgemeester gemeente Gorinchem Burgemeester gemeente Hardinxveld-Giessendam Burgemeester gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Waarnemend burgemeester gemeente Molenlanden Burgemeester Molenlanden Burgemeester gemeente Papendrecht Burgemeester gemeente Sliedrecht Waarnemend burgemeester gemeente Sliedrecht Waarnemend burgemeester Hoeksche Waard Burgemeester gemeente Hoeksche Waard Burgemeester gemeente Zwijndrecht

Periode

01-01-19 tot 12-01-20 Per 13-01-20 Tot 30-03-20 Per 31-03-20 23-12-19 tot 30-03-20 Per 31-03-20

Rechtmatigheid

De bevindingen op het gebied van rechtmatigheid zijn opgenomen in paragraaf 2.2. Rechtmatigheid van de jaarrekening van het accountantsverslag.

pagina 40 van 70

pagina 41 van 70

8

Balans

Activa

31-dec-20

31-dec-19

Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

63.305.989

62.612.452 63.305.989

62.612.452

Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen

18.000

18.000

Leningen aan deelnemingen

600.000

850.000

Overige uitzettingen

21.375

21.375

Totaal vaste activa

639.375

889.375

63.945.364

63.501.827

Vlottende activa Voorraden Gereed product en handelsgoederen

46.545

24.063 46.545

24.063

Subtotaal uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen Overige vorderingen

Liquide middelen

339.606

484.091

1.746.976

2.253.868

500.000

650.000

183.294

150.831 2.769.876

3.538.790

307.763

301.798

Overlopende activa

1.534.154

692.259

Totaal vlottende activa

4.658.338

4.556.910

68.603.702

68.058.736

TOTAAL GENERAAL ACTIVA

pagina 42 van 70

Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Resultaat voor bestemming

31-dec-20

500.000 5.806.482 5.000

Voorzieningen Vaste schulden Binnenlandse banken en overige financiële instellingen Openbare lichamen

500.000 3.961.128 3.811.618 6.311.482

8.272.746

1.868.277

2.018.655

43.211.573 2.596.917

Totaal vaste passiva

31-dec-19

43.680.816 2.655.831 45.808.489

46.336.648

53.988.248

56.628.048

Vlottende passiva Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < dan 1 jaar Kasgeldleningen Overige schulden

4.000.000 7.045.134

2.000.000 3.468.277 11.045.134

5.468.277

3.570.320

5.962.411

Totaal vlottende passiva

14.615.454

11.430.689

TOTAAL GENERAAL PASSIVA

68.603.702

68.058.737

Overlopende passiva

pagina 43 van 70

8.1

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke.

Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen.

8.1.1

Activa

8.1.1.1

Materiële vaste activa

De VRZHZ beschikt uitsluitend over materiële vaste activa met een economisch nut. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. De overgenomen kazernes in 2013 zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs zijnde de boekwaarde waartegen de kazernes zijn overgedragen van de gemeenten naar de VRZHZ. Slijtende investeringen worden vanaf het jaar na ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. In september 2014 heeft het AB besloten dat de kazernes behoren tot materieel vast actief met een maatschappelijke bestemming, wat betekent dat de verkrijgingsprijs minus afschrijving de balanswaardering is en dat er niet afgeschreven wordt bij waardevermindering. Hier is alleen sprake van bij verkoop als blijkt dat de marktwaarde op dat moment kleiner is dan de boekwaarde. Er wordt in het jaar nadat het activum in gebruik is genomen afgeschreven op het actief. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn opgenomen in de nota Waarderen en afschrijven. pagina 44 van 70

8.1.1.2

Financiële vaste activa

Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (“kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen” in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs, zal afwaardering plaatsvinden. De overige financiële vaste activa is gewaardeerd tegen nominale waarde.

8.1.1.3

Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan 1 jaar en overlopende activa

De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

8.1.2

Passiva

8.1.2.1

Voorzieningen

Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn.

8.2

Toelichting op de balans per 31 december 2020

8.2.1

Vaste activa

8.2.1.1

Materiële vaste activa

De materiële vaste activa betreffen activa met een economisch nut. Het verloop van de boekwaarden van de materiële vaste activa is als volgt.

Omschrijving Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal

Boekwaarde 1-1-2020 5.841.749 34.374.025 15.029.129 2.477.911 4.889.638 62.612.452

Investeringen 235.950 -151.222 3.235.951 291.549 1.078.453 4.690.682

Desinvesteringen

Afschrijvingen

-367.590 -367.590

-691.069 -1.407.256 -445.858 -1.085.372 -3.629.555

Boekwaarde 31-12-2020 6.077.699 33.531.734 16.490.235 2.323.603 4.882.719 63.305.989

a.g.v. afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan

De negatieve investering van €151.222 betreft een correctieboeking van de aankoop voor de grond van de kazerne Klaaswaal. Deze was in 2019 op categorie Bedrijfsgebouwen verantwoord in plaats van op Gronden en terreinen.

pagina 45 van 70

8.2.1.2

Kredieten

In bijlage 5 is de staat van de kredieten opgenomen. De kredieten waarvan beargumenteerd wordt voorgesteld mee te nemen naar 2020 zijn: Artikelnr. Omschrijving

AB-besluit

7390041 7390011 7390027 7390035 7390037 7390038 7330003 7330004 7330006 7390039 7374016 7390040 7350072 7350077 7350082 7350127 7350134 7350136 7350138 7350139 7350141 7350147 7350148 7350151 7350159 7350164 7350165 7350166 7350167 7350168 7350169 7350171 7350172 7350174 7350178 7350179 7350181 7350182 7350183 7350184 7350185 7350186 7350187 7350188 7372025 7374008 7374014 7374015 7390034 7392030 7392032 7392033 Totaal

2020-1335 2019-340 2019-297 2019-2091 2019-297 2019-297 2019-2091 2019-2091 2020-698 2020-698 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2019-296 2019-340 2019-297 2019-297 2019-297 2019-297 2019-297 2019-297 2019-297 2019-297 2019-297 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2020-1335 2019-340 2020-1335 2020-698 2020-698 2020-698 2020-698 2020-698 2020-698 2020-698 2020-698 2020-698 2020-698 2019-340 2019-340 2020-698 2019-297 2019-340 2019-297 2019-297

Videoconference ROT Project implementatie & datamigratie 2019 Presentatieschermen/beamers 2019 Lockers 2019 Huistelefooninstallatie/infra Vervanging meubilair VR-gebouw Voorbereidingskrediet Oranjepark Aanpassing Brandwijk Voorbereiding nieuwbouw Sliedrecht PPMO Brandbestrijdingsbaan Pomp XVR Dienstbus (BVL) 2019 Investeringen Schoner Werken Piketvoertuig IM/ROT 2019 2 Voertuigen Coldcutter DA VW Touran(57-KKB-1) 2020 DA BVD VW Touran(41-ZTN-4) 2020 DA VW Polo (00-NGS-8) 2020 DA VW Polo (58-LVP-7) 2020 DA BVD Renault Megane(20-ZVJ-7) 2020 DA Hovd VW Touran (31-ZFT-5) 2020 DA RCvD VW Touran (32-ZFT-5) 2020 DB MB Vito (47-LXJ-6) 2020 PM MB Sprinter(60-BT-JZ) 2020 TS nieuw MB (BN-DZ-68) 2020 TS Bepakking MB (BN-DZ-68) 2020 TS nieuw MAN (BN-ND-35) 2020 TS bepakking MAN (BN-ND-35) 2020 TS nieuw MAN (BL-XR-77) 2020 TS bepakking MAN (BL-XR-77) 2020 TS nieuw MAN (BP-BR-46) 2020 TS bepakking MAN (BP-BR-46) 2020 TM MITSUBISHI L200(46-BT-NX) 2020 Logistiek Voertuig Haakarmbak Volkswagen Polo OVD-BZ I Volkswagen Polo OVD-BZ II Volkswagen Polo OVD-BZ III Volkswagen Polo OVD-BZ IV Mercedes Sprinter L1H1 Mercedes Sprinter L1H1 Mercedes Sprinter L1H1 Mercedes Sprinter L1H1 Porto's RSM C2000/P2000 communicatie Inventaris WOR Voertuigen Watertransportsysteem Light Hosemasters App. werkplaats veiligheidsvoorzieningen 2020 EHBO en zuurstofflessen Bluskleding JEUGD 2020 Duikkleding Duikpakken 2020

restant krediet

Over te Toelichting brengen krediet

x € 1.000

x € 1.000

10 389 75 30 255 151 100 472 35 36 55 25 49 419 30 89 27 25 27 27 25 51 51 50 49 36 46 36 46 36 47 38 46 26 80 30 92 92 92 92 68 68 68 68 40 6 305 41 597 15 6 45 4.713

10 wordt in 2021 afgerond 389 rust een verplichting op 75 in afwachting van huisvestingsvisie 30 in afwachting van huisvestingsvisie 255 in afwachting van huisvestingsvisie 151 in afwachting van huisvestingsvisie 100 vertraagd 472 vertraagd door bezwaar 35 vertraagd 36 wachten op besluitvorming 55 rust een verplichting op 25 rust een verplichting op 49 rust een verplichting op 419 oplevering begin 2021 30 wordt besteld na vaststellen nieuwe LABD 89 is in behandeling 27 is in afbouw 25 levering begin 2021 27 is in afbouw 27 is in afbouw 25 levering begin 2021 51 rust verplichting op 51 rust verplichting op 50 in bestelling 49 in bestelling 36 90% gereed, 10% volgt begin 2021 46 rust verplichting op 36 90% gereed, 10% volgt begin 2021 46 rust verplichting op 36 90% gereed, 10% volgt begin 2021 47 rust verplichting op 38 90% gereed, 10% volgt begin 2021 46 rust verplichting op 26 wachten op besluitvorming 80 rust verplichting op 30 wachten op project 92 rust verplichting op 92 rust verplichting op 92 rust verplichting op 92 rust verplichting op 68 besteld, levering 2021 68 besteld, levering 2021 68 besteld, levering 2021 68 besteld, levering 2021 40 levering vertraagd 6 besteld, levering 2021 305 aanbesteding ingetrokken 41 onderhandelingen lopen 597 in afwachting van huisvestingsvisie 15 project ligt stil, in afwachting van besluitvorming 6 voorraad aanleggen 45 levering is

vertraagd 4.713

pagina 46 van 70

8.2.1.3

Financiële vaste activa

Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2020 wordt in onderstaand overzicht weergegeven. Boekwaarde 01-01-2020 Kapitaalverstrekkingen aan: deelnemingen 600010 18.000 Subtotaal 18.000 Waarborgsommen 630080 21.375 Subtotaal 21.375 Leningen aan: deelnemingen 600050 720.000 600060 130.000 Subtotaal 850.000 Totaal Financiële vaste activa 889.375 Omschrijving

Investeringen

Desinvesteringen

Aflossingen/ afschrijvingen

Afwaarderingen

Boekwaarde 31-12-2020

-

-

-

-

18.000 18.000

-

-

-

-

21.375 21.375

0

0

120.000 130.000 250.000 250.000

0

600.000 0 600.000 639.375

Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen In de Algemene Vergadering van 15 december 2016 hebben de aandeelhouders van Spinel Veiligheidscentrum B.V. en Zuid-Holland Zuid Participatie B.V. besloten tot fusie. Als gevolg van dit besluit, waarvan het Algemeen Bestuur van VRZHZ op 15 december 2016 kennis heeft genomen, zijn de aandelen van Zuid-Holland Zuid Participatie B.V. vervallen en zijn de vermogensbestanddelen met ingang van 1 januari 2016 in Spinel Veiligheidscentrum B.V. verantwoord. Overige uitzettingen (Waarborgsommen) Per 1 april 2019 is er een huurovereenkomst afgesloten voor kantoorruimte aan de Toermalijnring 800 te Dordrecht. Hiervoor is een waarborgsom ter hoogte van € 21.375 betaald aan Van Houwelingen Vastgoed bv. De huurtermijn is 2 jaar met een mogelijke verlenging van 3 jaar. Leningen aan deelnemingen In het Dagelijks Bestuur van 11 juni 2014 is besloten een lening te verstrekken aan Spinel Veiligheidscentrum B.V. voor een bedrag van €100.000. Over de hoofdsom of de restant hoofdsom is geen rente verschuldigd. In het Algemeen Bestuur van 25 november 2015 is besloten een lening te verstrekken aan de ZuidHolland Zuid Participatie B.V. voor een bedrag van €1.200.000. Door de fusie per 1 januari 2016 is de restant hoofdsom overgegaan naar Spinel Veiligheidscentrum B.V. De resterende looptijd van de lening is 9 jaar.

De jaarlijkse aflossing bedraagt €120.000 welke voor het eerst op 31 december 2016 heeft plaatsgevonden. Over de uitstaande hoofdsom wordt een rente ontvangen van 1,05% per jaar. Op 19 maart 2015 is in het Dagelijks Bestuur besloten een lening te verstrekken aan Spinel Veiligheidscentrum B.V. voor een bedrag van €650.000. De looptijd van de lening is 5 jaar. De jaarlijkse aflossing bedraagt €130.000. Over de uitstaande hoofdsom wordt een rente ontvangen van 0,60% per jaar.

pagina 47 van 70

8.2.2

Vlottende activa

8.2.2.1

Voorraden

De kledingvoorraden kunnen als volgt worden gespecificeerd. 31-12-2020 46.545 46.545

Gereed product/handelsgoederen Totaal

8.2.2.2

31-12-2019 24.063 24.063

Uitzettingen korter dan 1 jaar

De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden. Omschrijving

31-12-2020

Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Uitzettingen in 's Rijks schatkist Rekening courantverhouding Totaal

339.606 183.294 1.746.976 500.000 2.769.876

8.2.2.3

Voorziening 31 -12- 2020 na oninbaar voorziening 339.606 183.294 1.746.976 500.000 2.769.876

31-12-2019 484.092 150.831 2.253.867 650.000 3.538.790

Liquide middelen

Binnen de post liquide middelen kan het volgende onderscheid worden gemaakt. Omschrijving Kassaldi Banksaldi Totaal

8.2.2.4

31-12-2020 2.147 305.616 307.763

31-12-2019 1.183 300.614 301.798

Overlopende activa

Binnen de post overlopende activa kan het volgende onderscheid worden gemaakt. Omschrijving Vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen Totalen

31-12-2020 911.837 622.944 1.534.780

31-12-2019 600.984 91.275 692.259

Het bedrag van €911.837 bestaat voornamelijk uit vooruitbetaalde kosten voor facturen met jaar overstijgende contracten. De nog te ontvangen bedragen zijn subsidiegelden van het Europees project oVERLOw; 25k, Impuls Omgevingsveiligheid (IOV); €348k en de declaratie COVID-19; 250k.

pagina 48 van 70

8.2.3

Vaste passiva

8.2.3.1

Eigen vermogen

8.2.3.2

Reserves

Het verloop van de reserves is in onderstaand overzicht weergegeven. Omschrijving

1-1-2020

Rente

Toevoeging

Onttrekking 31-12-2020

39.356

-39.356

500.000

-

39.356

-39.356

500.000

Algemene reserves Algemene reserve VRZHZ

500.000

Totaal algemene reserves

500.000

Bestemmingsreserves Reserve egalisatie kapitaallasten Dekking kapitaallasten Totaal structurele reserves

1.562.963 724.838

7.248

2.287.801

7.248

Reserve Schoner werken

-

39.356

-35.118

1.527.845

-156.691

575.395

-191.809

2.103.240

-39.356

-

-102.648

190.021

Reserve egalisatie kosten opleiden

86.176

Veranderende Omgeving

292.669

86.176

Informatie gestuurd werken

386.522

Transitie Organisatie

615.045

-293.840

321.205

Inhaalslag investeringen

253.559

-109.888

143.671

Transitievergoeding 5HL

-

3.696.619

-1.144.774

2.551.845

Reserve Generatiepact

-

107.870

-84.068

23.802

386.522

Totaal incidentele reserves

1.673.327

-

3.804.489

-1.774.574

3.703.242

Totaal bestemmingsreserves

3.961.128

7.248

3.804.489

-1.966.383

5.806.483

Totaal reserves

4.461.128

7.248

3.843.844

-2.005.738

6.306.483

Resultaat voor bestemming

3.811.618

-

Totaal generaal

8.272.746

7.248

8.2.3.3

3.843.844

-3.811.618 -5.817.356

6.306.483

Bestemming resultaat 2019

Van het resultaat van 2019 ad €3.811.618 is een bedrag van €3.696.618 ingezet voor het vormen van een nieuwe bestemmingsreserve Transitievergoeding Vijfheerenlanden. Een bedrag van €115.000 is uitgekeerd aan de gemeenten cf. besluit 2020/699 en 699/A.

8.2.3.4

Algemene reserve

Deze algemene reserve is bestemd voor de egalisatie van incidentele, niet voorziene tegenvallers. Conform Besluit 2018 664A, houdt de VRZHZ een eenvoudige, bescheiden buffer aan van 1% van het totaal van de lasten van het volgende begrotingsjaar (€45.428.000) met een minimum van €500.000. De dotatie betreft de vrijval reserve schoner werken en de onttrekking betreft de afroming.

pagina 49 van 70

8.2.3.5

Bestemmingsreserves

Reserve egalisatie kapitaallasten Door het instellen van deze reserve wordt inzicht verkregen in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. Volgens Besluit 2018 1759A wordt middels een 5-jarige projectie het verloop van de egalisatiereserve kapitaallasten gemaakt. Hierin worden de gerealiseerde investeringen uit betreffende jaarverantwoording meegenomen, rekening houdend met een constante buffer van €500.000. De minimale hoogte van deze reserve bedraagt €500.000. Er heeft een onttrekking plaatsgevonden van €35.118 voor het jaarlijkse verschil tussen de gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke kapitaallasten. Reserve Schoner Werken Schoner werken is inmiddels ingebed in de organisatie en vindt volledige dekking binnen de begroting waardoor het saldo van €39.356 ten gunste van de Algemene reserve vrij is gevallen. Reserve egalisatiekosten opleiden Begin 2017 is een visiedocument operationele trainingen opgesteld. Vanuit deze visie komen de volgende speerpunten naar voren; het gelijktijdig slim en integraal beoefenen van meerdere hoofdfuncties en het aanbrengen van een betere spreiding van oefenbelasting over de jaren.

Concreet houdt dit voor operationeel leidinggevenden in dat afgestapt is van de vierjaarlijkse week operationele trainingen en doorontwikkeld is naar jaarlijkse kortere operationele trainingen. In 2020 zou het saldo besteed worden aan een training regionale schuimblussing. Vanwege COVID 19 heeft de training geen doorgang gevonden. Deze training wordt in 2021 alsnog opgepakt. Reserve dekking kapitaallasten Investeringen die geheel of gedeeltelijk worden gefinancierd met reserves worden bruto geactiveerd. Het bedrag dat wordt gefinancierd uit een (algemene) reserve of een subsidie, wordt in deze specifieke bestemmingsreserve geboekt. In 2020 is er geen sprake geweest van een dergelijke financiering, de onttrekking van €156.691 betreft de bij de investeringen (uit eerdere jaren) horende kapitaallasten. Reserve Veranderende omgeving Deze reserve is gevormd voor de dekking van capaciteits- en opleidingskosten a.g.v. het ontwikkelen naar en nieuwe rol en taakinvulling i.r.t. de Veranderende Omgeving (o.a. Omgevingswet). In 2020 is een bedrag van €102.648 uit de reserve onttrokken.

Reserve Informatie-gestuurd werken Deze reserve is gevormd voor de dekking van de kosten voor een projectleider, implementatiekosten (koppelingen met bestaande systemen en opleidingen) en het gegeven dat gedurende de duur van de implementatie sprake is van dubbele licenties (oude systemen kunnen pas weg als de nieuwe systemen draaien). Voor 2020 was een onttrekking van €226.392 geraamd. Vanwege COVID-19 is het zaaksysteem niet opgeleverd en zijn ook andere geplande activiteiten niet uitgevoerd.

pagina 50 van 70

Reserve Transitie Organisatie Deze reserve is cf. Besluit 2019/296 (april 2019) gevormd ten behoeve van de kosten voor de begeleiding vanaf het transitiemoment van de herstructurering per 01-09-2018 op structuur, cultuur en leiderschap. Daarnaast wordt intern programmamanagement en lijncapaciteit ingezet waarmee tevens kosten zijn gemoeid. In 2020 heeft een onttrekking plaatsgevonden van €293.840 ter dekking van de kosten voor inzet van personeel, externe advieskosten en scholing. Vanwege COVID-19 wordt het project met 1 jaar verlengd. Reserve Inhaalslag investeringen Deze reserve is cf. Besluit 2019/296 (april 2019) gevormd ten behoeve van de kosten voor het bewerkstelligen van het benodigde investeringsniveau gedurende de periode dat de nieuwe organisatie nog niet volledig is ingeregeld na de herstructurering. In 2020 heeft een onttrekking plaatsgevonden van €109.888 ter dekking van de kosten voor vorming en opleiding projectmatig creëren, externe advieskosten rondom aanbestedingen, inkoop onderdelen en inhuur van personeel. Alle kosten hebben betrekking op een basis bouwen om het investeringsniveau te verhogen. Reserve Transitievergoeding Vijfheerenlanden Met het vaststellen van de jaarstukken 2019 op 25-06-2020 heeft het Algemeen Bestuur per B2020/699 en B2020/699/A, ingestemd met de vorming voor een reserve ten behoeve van de structurele opgave van ca.

1,5 mln per jaar als gevolg van het uittreden van de gemeenten Leerdam en Zederik naar de gemeente Vijfheerenlanden. In 2024 dient de structurele opgave gerealiseerd te zijn. De dotatie betreft het resterende bedrag van de ontvangen tegemoetkoming cf. voornoemd besluit. De onttrekking van €1.144.774 bestaat uit de niet gedekte frictielast van 2020; €1.025.090 plus een extra onttrekking van €119.684 vanwege de afgesproken ‘0’-lijn van het jaarresultaat. Reserve Generatiepact Per 1 januari 2019 is de Regeling Generatiepact van kracht. Dit is een regeling op basis waarvan de 62jarige of oudere medewerker (zonder FLO-rechten) minder kan gaan werken tegen 100% pensioenopbouw. Het doel hiervan is tweeledig; een meer duurzame inzetbaarheid van de oudere medewerker en de bevordering van de instroom van jongere medewerkers. En de vrijkomende financiële ruimte benutten voor het investeren in de ontwikkeling van de zittende medewerkers. Het generatiepact is niet bedoeld om een loonkostenbesparing te realiseren. Cf. Besluit AB2020/1335/1335A is er €107.870 aan de reserve gedoteerd. Dit zijn de gerealiseerde besparingen op loonkosten als gevolg van deelname aan de regeling. De onttrekking van €84.068 betreffen de werkelijke kosten voor de aangestelde LAP-ers en Officieren.

8.2.3.6

Voorzieningen

In onderstaand overzicht is het verloop van de voorzieningen in 2020 weergegeven. Omschrijving

1-1-2020

Onderhoud SB/Voertuigen Groot onderhoud blusboot Onderhoud VR-Gebouw Onderhoud gebouwen Vervanging meubilair 3e WW-jaar Frictiekosten nieuwe organisatie Totalen

196.470 155.120 196.906 677.182 122.280 26.003 644.694 2.018.655

Toevoeging

Vrijval

27.043 47.850 370.000 40.403 13.666 498.962

-56.652 -56.652

Aanwending

31-12-2020

-11.164 -100.810 -3.893 -219.988 -14.226

185.306 81.353 240.863 827.194 148.457 39.669 345.434 1.868.276

-242.608 -592.689

pagina 51 van 70

Voorziening onderhoud SB/voertuigen In 2020 is een bedrag van €11.164 besteed voor onderhoud van de schuim-blusvoertuigen volgens het meerjarig onderhoudsplan. Uit berekeningen is gebleken dat met het saldo van de voorziening per 1 januari 2019 het onderhoud gedurende de resterende levensduur (tot en met 2024) voldoende is. Dat betekent dat er tot 31 december 2024 geen dotaties meer hoeven plaats te vinden. Voorziening groot onderhoud blusboot De VRZHZ beschikt over een blusboot. De voorziening heeft als doel de lasten van groot onderhoud aan de blusboot te egaliseren over de levensduur van dit vaartuig. Het groot onderhoud gebeurt conform het onderhoudsplan. Ten grondslag aan deze voorziening ligt een schema van dotaties en onttrekkingen conform een groot onderhoudsplan. In 2020 bedroeg de werkelijke onttrekking aan de voorziening €100.810 voor een werfbeurt type C volgens contract. Voorziening onderhoud VR-gebouw Deze voorziening is gevormd voor het uitvoeren van het onderhoud aan het VR-gebouw, zoals in het meer jaren onderhoudsplan (MJOP) is weergegeven. In 2020 heeft een dotatie van €47.820 plaatsgevonden cf. MJOP. Er heeft een onttrekking plaatsgevonden voor de vervanging van de noodverlichting. Voorziening onderhoud gebouwen In 2016 is de VRZRH gestart met het beheer en onderhoud van 36 brandweerposten in de regio.

Voor 35 van deze panden wordt een voorziening onderhoud gebouwen opgebouwd De begrote dotatie aan de voorziening onderhoud gebouwen is op basis van de afspraken die bij de regionalisering huisvesting zijn gemaakt, gemiddeld bedrag tot einde levensduur pand. De jaarlijkse dotatie vindt plaats in één voorziening groot onderhoud rekening houdende met het feit dat onderhoudskosten vaak lager uitvallen doordat alleen noodzakelijk groot onderhoud uitgevoerd wordt. Hierdoor wordt van de berekende bedragen 80% toegevoegd aan de voorziening. De onttrekkingen betreffen schilderwerk, vervangen overheaddeuren etc. conform MJOP. De dotatie 2020 bedraagt €370.000 en er is een bedrag van €219.988 onttrokken voor de kosten van groot onderhoud in 2020. Voorziening vervanging meubilair In 2016 is de VRZRH gestart met het beheer en onderhoud van 36 brandweerposten in de regio. In de jaarlijkse dotatie aan de voorziening onderhoud gebouwen was ook een component opgenomen voor de vervanging van het (standaard) meubilair op de posten. Halverwege de levensduur van de panden staat de vervanging opgenomen. Dit is overigens niet gedaan bij de panden die niet in eigendom zijn van de VRZHZ en bij panden met een kortere levensduur dan 20 jaar. In 2019 is de staat van het meubilair op de verschillende posten geïnventariseerd.

Aan de hand daarvan is een vervangingsplan opgesteld, rekening houdend met de eisen die door Arbo gesteld wordt aan bijvoorbeeld de werkplekken. In 2020 zou de huisvestingsvisie opgesteld worden met daarin de spelregels voor vervanging van meubilair. Door COVID-19 is dit doorgeschoven naar 2021. Tot die tijd wordt meubilair alleen vervangen als deze kapot of versleten is. De toevoeging van €40.403 is op basis van de jaarlijkse gemiddelde dotatie conform de onderhoudsplannen. De onttrekking van €14.226 is ten behoeve van de vervanging van meubilair in 2020. Voorziening 3e WW-jaar Deze voorziening is gevormd (B 2018/615) voor dekking van de toekomstige claims vanwege versobering van de WW; derde jaar WW reparatie. Medewerkers betalen voor deze reparatie -uitkering vanaf 1

pagina 52 van 70

januari 2018 een kostendekkende werknemerspremie van 0,1 % van het brutosalaris. De inhoudingen resulteren in een bedrag van €13.666 voor 2020. Dit bedrag is volledig in de voorziening gestort. Voorziening Frictiekosten nieuwe organisatie In 2018 heeft er een herstructurering plaatsgevonden binnen de VRZRH. Deze voorziening is gevormd voor dekking van de toekomstige frictielasten a.g.v. de herstructurering VRZHZ. De hoogte van het bedrag is €2.050.800 en gebaseerd op de ‘monitor extra personeelskosten’. Als gevolg van het actualiseren van de voorziening is een bedrag van €56.652 vrijgevallen vanwege het vervroegen van de e pensioengerechtigde leeftijd (wettelijk bepaald). De werkelijk gemaakte frictiekosten ter hoogte van €242.608 zijn ten laste van de voorziening gebracht. Vaste schulden met een looptijd langer dan 1 jaar De VRZHZ heeft op 31 december 2020 de volgende langlopende schulden: Omschrijving Onderhandse leningen van Binnenlandse Banken en overige financiële instellingen Gemeenten Totalen

31-12-2019

Toevoegingen

Aflossingen

31-12-2020

43.680.816

-

469.244

43.211.573

2.655.831 46.336.647

-

58.914 528.158

2.596.917 45.808.489

De rentepercentages op de leningen bij de BNG Bank variëren tussen 1,81% en 3,85%. Het rentepercentage van de leningen van de gemeenten bedraagt 2,40%. Dit is gelijk aan het gemiddelde percentage van de leningen die aangetrokken zijn ten behoeve van de financiering van de kazernes bij de BNG.

8.2.4

Vlottende passiva

8.2.4.1

Netto vlottende schulden

De kortlopende schulden kunnen als volgt worden gespecificeerd. Omschrijving

31-12-2020

31-12-2019

Kasgeldleningen Overige schulden Totaal netto vlottende schulden

4.000.000 7.045.134 11.045.134

2.000.000 3.468.277 5.468.277

31-12-2020 4.220.885 2.250.640 573.609 7.045.134

31-12-2019 1.480.622 1.633.304 354.351 3.468.277

8.2.4.2

Overige schulden

Omschrijving Crediteuren Belastingdienst Overige nog te betalen kosten Specificatie overige schulden

De schuld aan de belastingdienst betreft de nog af te dragen BTW en de nog te betalen loonheffingen over december 2020. De overige nog te betalen kosten bestaan voornamelijk uit nog te betalen salarissen als gevolg van de 13e periode die in januari 2020 uitgevoerd is.

pagina 53 van 70

8.2.5

Overlopende passiva

8.2.5.1

Specificatie overlopende passiva

Omschrijving

31-12-2020 31-12-2019

Vooruit ontvangen bedragen Nog te betalen bedragen Nog te betalen bedragen opleidingen Totaal overlopende passiva

8.2.5.2

3.024.273 546.017 3.570.290

3.169.011 2.792.015 1.386 5.962.411

Specificatie vooruit ontvangen bedragen

Specificatie vooruit ontvangen bedragen

1-1-2020

Vooruit ontvangen inkomsten opleidingen Overige Subtotaal Vooruit ontvangen gesubsidieerde projecten ESF Impuls Omgevingsveiligheid USAR Spoorzone CapaCities Merepuv oVERFLOw Subtotaal Totaal

132.050 47.782 179.832

Toevoeging Aanwending 31-12-2020 142.580 142.580

-132.050 -47.782 -179.832

142.580 142.580

13.024 23.846 2.893.566 58.743 2.989.179 3.169.011

464.056 18.810

-464.056 -5.947 -61.606 -39.551 -68.258 -83.919 -723.337 -903.169

13.024 36.709 2.831.960 2.881.693 3.024.273

39.551 68.258 25.176 615.850 758.430

ESF (Europees Sociaal Fonds) In 2020 zijn er geen bestedingen geweest a.g.v. COVID-2019. Impuls Omgevingsveiligheid Vanuit het ministerie van Infrastructuur en Milieu is voor alle veiligheidsregio’s in Nederland een subsidie ter beschikking gesteld van €3.000.000. Deze subsidie wordt per landsdeel ter beschikking gesteld. VRZHZ is onderdeel van het landsdeel Zuid-West. Voor het landsdeel Zuid-West is in 2019 €555.066 en in 2020 €464.000 (deelprogramma 4) aan subsidie gereserveerd. De verdeling van dit bedrag binnen landsdeel Zuid-West is gebaseerd op een samenwerkingsovereenkomst. De VRZHZ coördineert de gelden van het landsdeel Zuid-West. Na het indienen van verantwoordingen van bestede uren en middelen, zijn per kwartaal voorschotten uitgekeerd door de landelijke budgethouder (uitvoerder: Provincie Zuid-Holland). Het gehele subsidievoorschot voor Zuid-West wordt vanwege de coördinerende rol op de rekening van VRZHZ gestort. De andere vier veiligheidsregio’s binnen Zuid-West hebben voor hun deel van de subsidie facturen ingediend bij de VRZHZ. Hieronder per veiligheidsregio de werkelijke bestedingen van de ontvangen subsidie (incl. het deel voor VRZHZ):

pagina 54 van 70

IOV 2020 Bestedingen Deelprogramma 4

VRR

VRHM

VRH

VRZ

VRZHZ

Totaal

187.602

67.376

40.404

97.608

71.010

464.000

187.602

67.376

40.404

97.608

71.010

464.000

VRR

VRHM

VRH

VRZ

VRZHZ

Totaal

IOV 2019 Bestedingen Deelprogramma 4

229.536

79.219

45.512

117.025

83.774

555.066

229.536

79.219

45.512

117.025

83.774

555.066

USAR In 2017 heeft het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid een participantenbijdrage toegekend aan de VRZHZ. Deze vergoeding wordt voor een deel uitbetaald aan de deelnemers van het Urban Search and Rescue Team, die vanuit de regio Zuid-Holland Zuid worden geleverd. Het overige deel is bedoeld als tegemoetkoming aan de werkgevers voor het beschikbaar stellen van personeel ten behoeve van USAR. Spoorzone Op 31 mei 2006 heeft het Rijk, een subsidie van €15 miljoen beschikbaar gesteld aan de gemeenten Dordrecht en Zwijndrecht voor het treffen van maatregelen ten gunste van een verbeterde hulpverlening op en rond het spoor door Dordrecht en Zwijndrecht. Met de verstrekte subsidie is het project Spoorzone ontstaan. In het licht van de subsidie zijn afspraken gemaakt dat de algemeen directeur van de VRZHZ: 

als gedelegeerd opdrachtgever voor dit project fungeert;

dat binnen de regionale brandweer een projectorganisatie is ingericht voor de aansturing en de inhoudelijke begeleiding van dit project;

als kasbeheerder van het totale subsidieproject optreedt.

Het project kent een doorlooptijd tot en met 2020. Conform het recente besluit van beide colleges wordt een aantal deelprojecten ook na 2020 beheerd en onderhouden. Tevens worden na 2020 éénmalig de 2 schuim blus voertuigen en de 4 camera’s langs het spoortraject vervangen. Financiering hiervan is binnen de projectbegroting gevonden. CapaCities VRZHZ nam in 2018 en 2019 als coördinator deel aan het Europese project CapaCities. Doel was een aantal zogenaamde “Eastern Partnership Countries” bij te staan in het ontwikkelen van een structuur voor Disaster Risk Management. De finale afrekening vond plaats in 2020 en leverde een extra incidentele bate op van €39.551. MEREPUV VRZHZ nam vanaf 1 januari 2018, samen met de gemeente Dordrecht en partners in Noorwegen en Letland, deel aan het Europese project MEREPUV dat geleid werd door de Noorse nationale organisatie verantwoordelijk voor Civil protection, DSB. Doel was inzicht te krijgen in de problemen die bij (langdurige) stroomuitval ontstaan in de gezondheidszorg en tot aanbevelingen te komen om die problemen te verminderen. De finale afrekening vond plaats in 2020 en leverde een extra incidentele bate op van €19.892.

pagina 55 van 70

oVERFLOw De VRZHZ neemt vanaf 1 januari 2020 deel aan het project oVERFLOw, een kennisproject samen met o.a. de universiteiten van Delft, Zagreb en Llubljana. Het doel is om een actueel inzicht te geven op het gebied van kwetsbaarheid van dijken en bruggen bij hoog water, in het kader van klimaatadaptatie, maar ook handelingsrichtlijnen en procedures op te stellen m.b.t. het ontsluiten van deze actuele risicobeelden. In 2020 heeft het project grotendeels stil gelegen vanwege COVID-19.

RiskSec In oktober 2020 is het Noorse project RiskSec gestart is. De VR-ZHZ levert als stakeholder kennis en krijgt er kennisproducten voor terug. RiskSec is een project dat de vertaling van klimaatrisico’s en klimaatadaptatie inzichtelijk maakt en vervolgens vertaald naar effecten en handelingsperspectief in het risico en crisisbeheersingsdomein (op nationaal, regionaal en lokaal niveau). Dit project vindt plaats in samenwerking met de universiteit Utrecht en Noorse en Zweedse partners. Het moet leiden tot handvaten hoe o.a. veiligheidsregio’s goed kunnen anticiperen op deze ontwikkelingen en duurt 3 jaar.

8.2.5.3

Specificatie nog te betalen bedragen

Omschrijving

31-12-2020 31-12-2019

Afrekening Box 3 Huisvestingskosten, vnl. huur Rente langlopende leningen Belastingdienst Meldkamer Overige kosten Specificatie nog te betalen bedragen

8.2.5.4

60.953 214.949 270.115 546.017

327.241 492.518 201.130 19.484 1.279.387 472.255 2.792.015

Nog te betalen bedragen opleidingen

Binnen de organisatie-eenheid organiseert Bureau Vakbekwaamheid brandweercursussen voor met name de regio Zuid-Holland Zuid. De kosten (als ook de opbrengsten) van cursussen, die op 31 december 2020 nog niet zijn afgesloten, worden integraal op de balans als transitorische post opgenomen.

8.2.5.5

Gebeurtenissen na balansdatum

Ten tijde van het opmaken van deze jaarrekening waren geen relevante gebeurtenissen na balansdatum bekend die zouden moeten worden verwerkt in het jaarresultaat.

8.2.5.6

Garantstellingen

Garantstelling lening Spinel Veiligheidscentrum B.V. In 2006 is een multidisciplinair oefenterrein in gebruik genomen. De investering en financiering hiervan zijn via Spinel Veiligheidscentrum B.V. gelopen. Per 1 januari 2010 heeft de VRZHZ de aandelen voor 100% overgedragen gekregen en heeft daarmee voor 100% het eigendom van deze vennootschap. De VRZHZ heeft zich garant gesteld voor de, door Spinel Veiligheidscentrum B.V., aangegane langlopende lening. Dit is bekrachtigd in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 15 februari 2006. Deze garantiestelling is door de VRZHZ overgenomen (bestuurlijk bekrachtigd). Ultimo 2020 is het openstaande bedrag op deze lening €230.000.

pagina 56 van 70

In 2016 is door Spinel Veiligheidscentrum B.V. een nieuwe lening aangetrokken voor een bedrag van €957.000 waarvoor VRZHZ garant staat (DB 28 januari 2016 2016/24). Het openstaande bedrag ultimo 2020 bedraagt €63.822. Tot en met 2020 heeft de verstrekte garantstelling niet tot uitbetaling geleid. In 2020 is door Spinel Veiligheidscentrum B.V. een nieuwe lening aangetrokken voor de investering voor Plant Industrie Proces (PIP) voor een bedrag van €526.000 waarvoor VRZHZ garant staat (DB 3 augustus 2020 2020 837B). Het openstaande bedrag ultimo 2020 bedraagt €526.000.

8.2.5.7 

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen

De VRZHZ least multifunctionals (kopiëren, printen, mailen). Deze overeenkomst wordt per kwartaal verlengd omdat de landelijke aanbesteding vertraagd is. Huidige verlenging loopt tot 31-03-2021. De kosten bedragen circa €120.000 per jaar.

In 2016 is een rekening-courant overeenkomst afgesloten met Spinel Veiligheidscentrum B.V. om te kunnen voorzien in de financieringsbehoefte. De rekening-courant faciliteit bedraagt maximaal €1.000.000. Over het gemiddelde saldo wordt een rente in rekening gebracht van 0,65%.

Voor vaste telefoondiensten en internetverkeer is een overeenkomst afgesloten tot en met 2023. De jaarlijkse kosten bedragen €202.000.

De jaarlijkse kosten voor het uitbesteden van de salarisadministratie bedragen €112.000. De overeenkomst is aangegaan tot en met 2021.

De jaarlijkse kosten van het SAAS-contract van het financiële pakket AFAS bedraagt €56.800.

De jaarlijkse kosten voor accountantsdiensten van BDO bedragen €48.000.

Het contract met Koffie Partners Koffieautomaten omvat jaarlijks €34.000.

Voor de levering van elektriciteit is een overeenkomst afgesloten met DVEP. De termijn is 01-012020 t/m 31-12-2022 met 3 optiejaren. Omdat de financiële verplichting afhankelijk is van daadwerkelijke afname (op basis van klicks) wordt uitgegaan van de afname in voorgaande jaren. Deze bedroeg gemiddeld €220.570.

Met GazProm is een overeenkomst voor de periode 2020 t/m 2023 afgesloten voor de levering van gas . De omvang bedraagt ca. €200.000.

Comparex levert de logistieke dienstverlening voor ICT software. Het contract loopt van april 2018 t/m april 2020 met een optie tot verlenging van 2 maal 1 jaar. De verplichting bedraagt €21.793.

Het onderhoud van SIZ wordt door Capica verzorgd, jaarlijkse verplichting t/m april 2021 is €10.775.

Met magenta MMT BV is een overeenkomst m.b.t. Veiligheidspaspoort voor de periode 2019 t/m 2022. De jaarlijkse verplichting bedraagt €55.000.

Het onderhoud en het oplossen van storingen aan E en W-installaties wordt door BARTH uitgevoerd. Hiervoor is een overeenkomst voor afgesloten met een waarde van ruim €70.000. De overeenkomst eindigt op 31-12-2024.

De VRZHZ heeft een juridische verplichting jegens de kosten van functioneel leeftijdsontslag (FLO) voor een beperkt aantal medewerkers. Vanwege nieuwe CAO afspraken en overgangsrecht op oude FLO-afspraken kunnen de kosten in de toekomst hoger uitvallen. De VRZHZ neemt geen voorziening op in haar jaarrekening omdat op basis van in het verleden gemaakte afspraken de kosten voor FLO via het reguliere begrotingstraject afgerekend worden met de gemeente pagina 57 van 70

Dordrecht. Door de afspraken met de gemeente Dordrecht is er namelijk geen sprake van een economisch risico voor de VRZHZ. 

Capra Advocaten is betrokken bij een procedure tegen het UWV. Met betrekking tot de WIAaanspraken lijkt het risico op financiële gevolgen beperkt. Met betrekking tot de WW-aanspraken is er mogelijk een onverschuldigde betaling van €30.000.

Vanaf 1 juli 2020 handelen de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid en Spinel Veiligheidscentrum B.V. als een fiscale eenheid. De suppletie voor geheel 2020 is berekend en verwerkt in de jaarrekening 2020. Voor eerdere jaren (2016 t/m 2019) zijn de correcties nog niet definitief uitgewerkt of berekend, waardoor de suppletie nog niet in de jaarstukken is opgenomen.

8.2.5.8

Gebeurtenissen na balansdatum

De uitbraak van COVID-19 (Corona) eind februari 2020 heeft een enorme impact op ons allemaal. De wereldwijde pandemie leidt tot ongekende omstandigheden. In de aanpak van COVID-19 is voor de VRZHZ een belangrijke rol weggelegd. Onze bijdrage aan de bestrijding van het virus leidt ertoe dat wij andere prioriteiten in onze bedrijfsvoering moeten stellen. Daarnaast moeten wij extra kosten maken. De financiële impact is op dit moment nog niet te duiden.

pagina 58 van 70

9

Monitor frictie-opgave Vijfheerenlanden (5HL)

Per 1-1-2019 is de gemeente Vijfheerenlanden bij wet onderdeel geworden van de provincie Utrecht en uit de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid (VRZHZ) getreden. Structureel ligt er daardoor per 1-1-2019 een bezuinigingsopgave van ca. €1,5 mln (hierna: de frictie-opgave) per jaar voor de VRZHZ. Dit bedrag is samengesteld uit het vervallen van de inwonerbijdrage Leerdam en Zederik, de lagere Brededoeluitkering (Bdur) en de kosten die direct in de begroting VRZHZ wegvallen als gevolg van deze uittreding. Middels arbitrage is er een incidenteel bedrag van €5,1 mln beschikbaar gesteld ter overbrugging van de periode die de organisatie nodig heeft om haar begroting aan te passen. Hiervoor is bij de jaarstukken 2019 een reserve ‘Transitievergoeding 5HL’ gevormd. Bij BURAP-II 2019 is besloten om bij de aanpassing van het kostenniveau van de VRZHZ tot 2024 de zogenoemde nullijn te hanteren, en om per 2024 een sluitende begroting te hebben. In de tussenliggende jaren wordt de transitievergoeding binnenboord gehouden en wordt de frictie-opgave hieruit gedekt. Hiermee wordt voldaan aan het uitgangspunt dat de achterblijvende gemeenten geen financiële gevolgen ondervinden van de uittreding van Leerdam en Zederik. Ook doet dit besluit recht aan de wens vanuit de gemeenten om (m.u.v.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/569/documents/18429