Voorstel Delegatiebesluit wijzigen omgevingsplan - Raadsvoorstel.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad (Het Debat en Het Besluit) GHG Raadsvoorstel Zaaknummer: 2022-0006282
Vergadering van 17 februari 2022 Gemeente HardinxveldGiessendam - HardinxveldGiessendam Auteur: Angel Franken a.franken@hardinxveldgiessendam.nl
Delegatiebesluit wijzigen omgevingsplan Voorgesteld besluit 1. Invulling te geven aan het delegatiebesluit conform paragraaf 5.2 van de Notitie delegatie, adviesrecht en participatieplicht bij inwerkingtreding van de Omgevingswet. 2. Vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet een jaar te monitoren door het college hoe het delegatiebesluit doorwerkt in de praktijk met aandacht voor de ambtelijke organisatie, bestuurlijke organisatie en initiatiefnemers en het samenspel tussen deze stakeholders. 3. Na uiterlijk een jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet over te gaan tot evaluatie aan de hand van de monitoring en dit onderwerp te laten zijn van het bestuurlijk dialoog tussen college en raad.
Inhoud Inleiding Het merendeel van de bestemmingsplannen bevat één of meerdere wijzigingsbevoegdheden. Naast de wijzigingsbevoegdheden bevatten sommige bestemmingsplannen uitwerkingsplichten. Onder de Omgevingswet komen de wijzigingsbevoegdheid en de uitwerkingsplicht niet meer terug. Er is ook geen overgangsrecht voor de wijzigingsbevoegdheid en uitwerkingsplicht. Deze instrumenten verliezen daardoor hun werking. Burgemeester en wethouders kunnen dus geen wijzigingsplan of uitwerkingsplan meer vaststellen onder de Omgevingswet. De Omgevingswet biedt echter mogelijkheden waarmee hetzelfde kan worden bereikt als met de huidige wijzigingsbevoegdheid en uitwerkingsplicht. Door middel van het 'delegatiebesluit wijzigen van het omgevingsplan' kan de gemeenteraad het college bevoegd stellen om delen van het omgevingsplan te wijzigen. Beoogd effect • Zorg dragen voor een adequate voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet. • Invulling geven aan het delegatiebesluit onder de Omgevingswet. Argumenten 1.1 De gemeenteraad dient voor inwerkingtreding van de Omgevingswet een besluit te nemen over de bevoegdheden die zij delegeert aan het college van burgemeester en wethouders Gemeenten moeten voor inwerkingtreding van de Omgevingswet een aantal zaken geregeld hebben. Hiervoor is door de VNG de lijst 'minimale acties Omgevingswet' opgesteld.
Het delegatiebesluit inzake wijzigen van het omgevingsplan is een van deze minimale acties.
1/4
1.2 Rolverdeling raad en college verandert in de basis niet De gemeenteraad houdt met het bestaande raadsinstrumentarium gedurende het beleids- en besluitvormingsproces zicht op het geheel vanuit de kaderstellende rol en de controlerende rol. Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering. 1.3 Conform de 'Nota van Uitgangspunten' die in 2019 door de raad is vastgesteld, is gekozen voor een "as is" benadering We continueren zoveel als mogelijk de beleidsinsteek zoals we die nu kennen onder de Wro (Wet ruimtelijke ordening) en de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) onder de Omgevingswet. En ook de daaraan gerelateerde rolverdeling tussen college en raad wordt daarmee doorgezet. 1.4 Een beleidsneutrale overgang betekent dat het college na inwerkingtreding een gelijkwaardige bevoegdheid behoudt Als het college van burgemeester en wethouders voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet al een bevoegdheid had, behoudt het college een gelijkwaardige bevoegdheid na inwerkingtreding van de Omgevingswet. De gedachte daarbij is dat de gemeenteraad in de huidige bestemmingsplannen al heeft vastgelegd in welke gevallen het college van burgemeester en wethouders bevoegd is het plan te wijzigen of verplicht is het plan uit te werken.
1.5 De flexibiliteit die de gemeenteraad in de bestemmingsplannen heeft geboden met behulp van wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsplichten blijft volledig behouden Onder de Omgevingswet blijft deze flexibiliteit bestaan. Ook op inhoud wordt daarmee een "as is" benadering doorgevoerd. 1.6 Daar waar het college nu geen bevoegdheid heeft, moet de bevoegdheid na inwerkingtreding van de Omgevingswet ook bij de gemeenteraad blijven Dit past bij een beleidsneutrale overgang. Wanneer er in de toekomst aanleiding is om de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan te delegeren, dan is dat onderwerp van het bestuurlijk dialoog tussen college en raad. 1.7 Voor de verordeningen die onderdeel worden van het omgevingsplan blijft de bevoegdheidsverdeling ongewijzigd Dit strookt met de beleidsneutrale omzetting conform de Nota van uitgangspunten. Dit betekent dat voor die onderdelen de gemeenteraad bevoegd blijft. Het gaat om de Erfgoedverordening, Geurverordening en het Exploitatieplan. 1.8 De bevoegdheid voor het wijzigen van de regels van de bruidsschat zelf is voorbehouden aan de gemeenteraad Dit is onderdeel van het omgevingsplan. Het stellen van maatwerkvoorschriften op basis van bruidsschatregels aan milieubelastende activiteiten blijft een bevoegdheid van het college.
2.1/3.1 Voor een gedegen monitoring is een periode van een jaar werkbaar Korter dan een jaar monitoren levert te weinig onderzoeksmateriaal op is de verwachting, vandaar dat wordt uitgegaan van een jaar. Daarna wordt overgegaan tot een evaluatiemoment, waarin een terugkoppeling plaatsvindt aan de raad en er een bestuurlijk dialoog daarover wordt gefaciliteerd. Wanneer buiten de verwachting om eerder kan worden overgegaan tot evaluatie aan de hand van een gedegen monitoring, dan zal dat worden gefaciliteerd. 2.2 Door monitoring wordt duidelijk hoe het delegatiebesluit doorwerkt in de praktijk voor verschillende stakeholders Het wordt pas duidelijk hoe het delegatiebesluit doorwerkt wanneer we ermee gaan werken. En iedereen werkt er vanuit zijn eigen context en werkpraktijk mee. Daarom is er specifieke aandacht voor verschillende stakeholders en het samenspel tussen deze stakeholders: ambtelijke organisatie, bestuurlijk organisatie (college en raad) en initiatiefnemers.
2/4
2.3 Door inzichtelijk te maken hoe het delegatiebesluit doorwerkt in de praktijk kan worden nagegaan hoe dit de specifiek de woningbouwopgave beïnvloedt Een van de belangrijkste opgaven waar de gemeente voor staat is de woningbouwopgave en specifiek een versnelling daarvan zoals is bekrachtigd middels een door de raad aangenomen motie (d.d. 11 november 2021). Door monitoring wordt nagegaan hoe het delegatiebesluit zich daartoe verhoudt en of een aanpassing daarvoor gewenst of noodzakelijk is. 3.2 Een evaluatiemoment uiterlijk een jaar na inwerkingtreding biedt de mogelijkheid tot verdere praktische afstemming ten dienste van ambtelijke organisatie, bestuurlijke organisatie en initiatiefnemers Het borgen van evaluatie zal de raad de informatie geven over het eventueel aanpassen van het delegatiebesluit met inachtneming van de praktische doorwerking van de verschillende stakeholders. 3.3 Een evaluatiemoment uiterlijk een jaar na inwerkingtreding biedt de mogelijkheid tot verdere praktische afstemming ten dienste van de versnelling van de woningbouwopgave Wanneer uit de praktijk blijkt dat voor de versnelling van de woningbouwopgave een aanpassing van het delegatiebesluit gewenst of noodzakelijk is, dan is het evaluatiemoment daarvoor bedoeld.
2.4/3.4 Het doen van monitoring en evaluatie faciliteert een groeimodel passende bij de veranderopgave Deze periode is bedoeld om steeds scherper te krijgen hoe rollen, verantwoordelijkheden en bevoegdheden het beste kunnen worden ingericht. Met als hoofddoel om in een samenwerking van organisatie (ambtelijk en bestuurlijk) met de samenleving de Omgevingswet zo goed als mogelijk te laten werken voor de samenleving, met inbegrip van de specifieke opgave om versnelling van de lokale woningbouwopgave, als onderdeel van de veranderopgave die de Omgevingswet met zich meebrengt. 2.5/3.5 Monitoring en evaluatie is van nut voor de nog op te pakken kerninstrumenten omgevingsvisie en omgevingsplan Het faciliteert de dialoog over hoe je als gemeente wilt sturen en hoe daarmee de Omgevingswet steeds meer vorm en inhoud te geven zo ook middels de kerninstrumenten als de omgevingsvisie en het omgevingsplan die de aankomende periode opgesteld gaan worden. Kanttekeningen 1.1 De datum van inwerkingtreding van de omgevingswet staat nog niet definitief vast In het voorjaar van 2022 wordt duidelijk of dat de datum van 1 juli 2022 ook definitief wordt. Mogelijk wordt de wet wederom uitgesteld. Ondanks deze onzekerheid is het zaak niet zonder meer van uitstel uit te gaan en ons te richten op de datum van 1 juli 2022.
Als we op die datum niet klaar zijn en dit is de datum van inwerkintreding, levert dit immers problemen op voor het werkproces. Mocht de inwerkingtreding van de wet alsnog uitgesteld worden, is het gezien alle andere voorbereidingen die getroffen moeten worden, druk verlagend wanneer het delegatiebesluit al bij de raad aan de orde is geweest. 1.2 Op dit moment vormt de inwerkingtreding van de Omgevingswet de enige aanleiding voor het nemen van een delegatiebesluit In de toekomst kunnen meerdere momenten aanleiding zijn voor de gemeenteraad om de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan te willen delegeren. Bijvoorbeeld door het vaststellen van de omgevingsvisie, de vaststelling van het eerste nieuwe deel van het omgevingsplan, een evaluatie van gemeentelijke werkprocessen. Maar voor nu is de komst van de Omgevingswet de enige aanleiding. 1.3 Soms is beleidsneutrale omzetting (“as is”) niet mogelijk De Omgevingswet roept namelijk ook nieuwe bevoegdheden in het leven. Voor nieuwe bevoegdheden wordt voorgesteld om ‘het zekere voor het onzekere’ te nemen. Dat betekent: liever te veel betrokkenheid van de raad dan te weinig. In aansluiting op het groeimodel stelt het college voor in het eerste jaar te monitoren hoe dit verloopt. En na een jaar (of eerder, als daar behoefte aan is) 3/4
evalueren we in een dialoog met uw raad de keuzes. Wanneer uit de evaluatie blijkt dat de mate van betrokkenheid door uw raad en het publiek anders moet of kan, dan kan wat we nu afspreken worden aangepast. 1.4 De indeling van de landbodem in bodemfunctieklassen wordt niet gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders Dit betekent dat voor dit onderdeel geen beleidsneutrale overgang wordt voorgesteld. Maar door de bevoegdheden rondom bodem in 1 hand te houden, namelijk in die van de gemeenteraad, wordt voorzien in het vergroten van de samenhang tussen bodemkwaliteit en ruimtelijke ordening zoals bedoeld met de Omgevingswet. 1.5 Het is onduidelijk hoe het delegatiebesluit in de praktijk precies zal uitpakken Het is onduidelijk hoe een en ander precies in de praktijk zal uitpakken. Om na te gaan wat exact de effecten zijn van het raadsbesluit vindt er monitoring en een evaluatiemoment plaats. Financiële informatie Niet van toepassing. Communicatie • Voor de uitvoering van het delegatiebesluit wordt een procesbeschrijving opgesteld. Deze beschrijving wordt opgesteld door en voor de ambtelijke organisatie, met inachtneming van het inbedden van het bestuurlijke proces. • Daarnaast worden communicatiemiddelen ingezet in afstemming op potentiële initiatiefnemers.
Vervolg • Indien uw gemeenteraad conform de in paragraaf 5.2 van de Notitie delegatie, adviesrecht en participatieplicht beschreven delegatiebesluit van toepassing verklaart, wordt deze wanneer de Omgevingswet in werking treedt, van kracht. • Een plan voor monitoring, evaluatie en voor een terugkoppeling tijdens een bestuurlijk dialoog zal opgesteld worden in de periode tot 1 juli 2022. Daarin nemen we op het circa 4 keer informeren van de raad gedurende het jaar over de uitwerking van dit besluit. Openbaar Ja
Bijlagen 1. Bijlage 1 Notitie delegatie, adviesrecht en participatieplicht.pdf 2. Was wordt lijst - bijlage bij Notitie delegatie, adviesrecht en participatieplicht.pdf
4/4