CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Vlugschrift februari 2021.pdf

Gemeenteraad GHG 25 maart 2021, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 14: Groeiagenda Drechtsteden 2030: uitvoeringsprogramma 2021 en cyclus - Raadsvoorstel5.895 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Informatieve bijeenkomst Groeiagenda voor raadsleden Drechtsteden-gemeenten Raadsleden van de 7 gemeenten uit de Drechtsteden werden op dinsdagavond 2 februari door ambtenaren bijgepraat over de opgaven uit de Groeiagenda 2030. Daarbij werd ook vooruitgekeken naar wat ons in de Drechtsteden het komende jaar te doen staat. In dit Vlugschrift een terugblik op de digitale bijeenkomst, die door zo'n 100 raadsleden werd bezocht. Achteraan dit Vlugschrift vindt u de op deze avond gestelde vragen en gegeven antwoorden terug. Ook is de hele bijeenkomst opgenomen, deze kunt u hier terugkijken.

Groeiagenda 2030 Stipt om 19.30 uur trapt Olga Arandjelovic, Manager Groeiagenda en Regio Deal, af via MS Teams. Daarbij schetst zij het doel en de context van de avond. Begin februari wordt het Groeiagenda Uitvoeringsprogramma 2021 behandeld door de colleges, waarna het naar de gemeenteraden wordt gestuurd. Het is afgesproken dat de gemeenteraden ieder jaar het Uitvoeringsprogramma vaststellen. In het Uitvoeringsprogramma 2021 zijn de ambities vertaald naar kaartbeelden. Het is heel relevant om te zien wat het ruimtebeslag is van alle ambities. Het brengt in kaart waar de raden keuzes moeten maken.

Naast de ontwikkelingen binnen de opgaven, is ook de samenhang tussen de verschillende opgaven belangrijk en ook waar de samenhang zit met de Regio Deal. Dat is wat deze avond wordt gedeeld door de opgavemanagers Bouwen en Wonen, Werken en Economie, Bereikbaarheid en Mobiliteit en Energietransitie. Ook worden de raadsleden meegenomen in hoe de realisatie van de doelen wordt ondersteund door Public Affairs en Communicatie. Olga: "We hopen dat we met deze ambtelijke informatieve bijeenkomst bijdragen aan het goede politieke gesprek in de raden." Waarom? Waar doen we het ook alweer voor, de Groeiagenda? Een aantal jaar geleden is de Groeiagenda opgesteld met als doel om de sociaaleconomische balans in de regio Drechtsteden te herstellen. Het doorbreken van de neergaande vicieuze cirkel van de sociaaleconomische positie. Om die reden is in 2016 de Groeiagenda opgesteld, met vier ambities: 25.000 woningen, 30.000 banen, goede bereikbaarheid via weg, spoor en water en energieneutraal in 2050. Daarbij wordt het eerste kaartbeeld getoond, dit is het integrale kaartbeeld. Dit kaartbeeld laat zien wat ontstaat als je de kaartlagen van alle opgaven over elkaar heen legt. Daarop zie je de ruimtelijke dragers van de Groeiambitie. Dat zijn de Spoorzone Dordrecht-Zwijndrecht, de oeverontwikkelingen en de transformaties in de wijken.

Ook de andere spoorzone in de regio die zeker ontwikkelpotentie heeft is zichtbaar; de MerwedeLingeLijn

Bouwen en Wonen – Olga Arandjelovic Vervolgens gaat Olga Arandjelovic als opgavemanager Bouwen en Wonen dieper in op deze opgave. De kaart die zichtbaar is toont alle woningbouwplannen en ambities van de zeven gemeenten. Dat beeld laat zien dat er fysiek ruimte is voor de benodigde 25.000 woningen in het gebied. Wel is er soms strijdigheid met andere opgaven uit de Groeiagenda en dat vergt keuzes. Ook zijn niet alle locaties al beleidsmatig mogelijk. Maar, als we alle harde en zachte plannen van alle gemeenten bij elkaar nemen dan kom je wel in de buurt van 25.000 woningen. Tempo omhoog en continue bouwstroom Bij de opgave Wonen in de Groeiagenda ligt de prioriteit bij het bouwen, met name in het hogere segment in verband met de verbetering van de sociaaleconomische positie van de Drechtsteden. Hoewel het bouwtempo omhoog gaat, ligt het nog te laag om in 2030 de 25.000 woningen in de Drechtsteden gerealiseerd te hebben. Alle gemeenten moeten samen met hun ontwikkelaars in het gebied alle zeilen bijzetten om tempo te maken. Voor iedere gemeente en locatie is dat lokaal maatwerk. Olga roept de raadsleden op om in hun eigen raden hierover het gesprek met de betreffende wethouder aan te gaan. Op de langere termijn gaat het ook om continuïteit houden in de planvorming, zodat er een continue bouwstroom ontstaat.

Van die bouwstroom hadden we tot voor kort geen actueel gezamenlijk totaaloverzicht in de Drechtsteden.

Nu gelukkig wel, er is veel werk verzet om deze planmonitor in iedere gemeente te actualiseren. We werken nu aan digitalisering hiervan, zodat we hier actuele sturingsinformatie uit kunnen halen. In balans Eén van de speerpunten van het Uitvoeringsprogramma is het terugbrengen van het woningtekort. Er is nu een verschil van 4% tussen vraag en aanbod, in een gezonde woningmarkt is dit 2%. Dat is ook één van de conclusies van het RIGO-onderzoek, dat in het najaar van 2020 aan raadsleden is toegelicht. Om sociaaleconomisch in balans te komen is het primair noodzaak om duurdere woningen in de woningbouw te realiseren. Daarnaast is natuurlijk de sociale woningbouw ook belangrijk. Ook één van de bevindingen uit het RIGO-onderzoek is dat deze balans er nu niet is. Er is meer vraag naar sociale woningbouw dan er aanbod is. Een oorzaak hiervan is dat er meer is gesloopt, dan er tot nu toe is teruggebouwd. Het terugbouwen van wat is gesloopt is voor sociale woningbouw een belangrijke stap om met de sociale woningvoorraad in balans te komen. Boost vanuit Regio Deal Naast samenhang van de opgave Bouwen en Wonen met de andere pijlers uit de Groeiagenda, hangt de opgave nauw samen met de Regio Deal. Die zit voornamelijk op de pijler Dynamische Oevers. De Regio Deal biedt een boost om de woningbouwambities aan de oevers de komende jaren een slag verder te brengen.

Werken en Economie – Lerry Overgaauw "30.000 banen toevoegen aan de Drechtsteden. Hoe doen we dat, zijn we op de goede weg? De overheid realiseert deze banen niet, dat doen de bedrijven. De overheid faciliteert, stimuleert en ondersteunt." Dat is hoe Lerry Overgaauw de toelichting op de ontwikkelingen binnen de pijler Werken en Economie start. Samen met partners Lerry is duidelijk, deze opgave doen de Drechtsteden-gemeenten niet alleen, maar met een heleboel partners. Met overheid, ondernemers en onderwijs, de Triple Helix, wordt gewerkt aan een duidelijke koers. Vanuit Werken en Economie wordt ingezet op Human Capital, Innovatie en een sterk Vestigingsklimaat om de koers vast te houden. De Regio Deal brengt hierop versnelling. Op koers, corona brengt onzekerheid De banenontwikkeling laat een positief beeld zien, we zijn op koers. Daar moet bij vermeld worden dat het gaat om cijfers tot 2020. De gevolgen van corona gaan hier ongetwijfeld effect op hebben, dat is hier nog niet terug te zien. Waarschijnlijk wordt dit over 1 à 2 jaar zichtbaar, de gevolgen van conjunctuurschommelingen zijn in de regio vaak vertraagd zichtbaar. Dit komt doordat er veel (maritieme) maakindustrie aanwezig is, waar met lange orderportefeuilles wordt gewerkt. Lerry geeft de tip aan de raadsleden om de website drechtstedeninzicht.nl te raadplegen.

Daar staan een heleboel cijfers over bijvoorbeeld werkloosheid en opleidingsniveau. Dit biedt veel antwoorden op vragen.

Onderscheidende branches en ruimte Op de kaart die getoond wordt, worden de toonaangevende sectoren onderscheiden. Deze clustering helpt ons in de nationale en internationale propositie. Onze unique sellingpoints nationaal en internationaal voor het voetlicht brengen doen we samen met de Economic Development Board en Deal DrechtCities. De andere kaart toont hoeveel ruimte er nodig is in de werkgebieden om banen te creëren. Daarbij is sprake van verschillen in baandichtheid. Op Distripark Dordrecht is ervoor gekozen om een minimaal aantal banen per hectare te garanderen. Vanwege de weinige uitleglocaties, wordt er ook gezocht naar ruimte om te revitaliseren op bestaande bedrijventerreinen. Duurzame toekomstbestendige economie Op het samenspel tussen Bereikbaarheid en Mobiliteit en Werken en Economie zit veel potentie. Denk daarbij aan vervoer over water, van zowel mensen als van goederen. Daar zit ook een combinatie met de Energietransitie, want hier is ook in het kader van de duurzaamheidsopgave behoefte aan. Verduurzaming levert voor regio werkgelegenheid op, zoals de verduurzaming van de binnenvaart. En dit allemaal met als doel om te werken aan een duurzame toekomstbestendige regionale economie, met kwalitatief en kwantitatief sterke banen, met mensen die voorzien in waar vraag naar is.

Bereikbaarheid en mobiliteit – Duco Hoogland Het programma Bereikbaarheid en Mobiliteit richt zich op goed OV, meer fietsen, slimme mobiliteit en het verbinden van economische centra in de Drechtsteden. Opgavemanager Duco Hoogland vertelt beeldend over de opgaven die hier liggen en wat hier concreet wordt gerealiseerd. Duco: “We hebben een hoop bereikt. En er ligt nog veel te doen voor ons. Als we dat samen doen dan lukt dat.” Filelijstjes… De Drechtsteden staan erin Op de kaart staan de twaalf bereikbaarheidsopgaven. Duco licht er één toe. Als er een file top 50 of file 10 wordt uitgebracht, is er één ding zeker: De Drechtsteden staan erin. Als je kijkt naar de prominente plek die de A15 en de A16 innemen in die filetoppen, dan is er nog veel te doen. Dat is dan ook een belangrijk onderdeel van de agenda van Bereikbaarheid. Rijksprogramma voor infrastructuur Toch zijn er ook al belangrijke resultaten behaald. Een voorbeeld daarvan is de budgetverhoging voor de aanpak van de A15, van 375 naar 750 miljoen dit jaar. Die 750 miljoen is beschikbaar gesteld vanuit het Rijksprogramma voor infrastructuur. Dat hebben we voor elkaar gekregen door een jarenlange lobby, waarbij we als Drechtsteden aan Den Haag hebben laten zien wat de regio te bieden heeft. Daardoor zitten we nu aan tafel van de Bestuurlijke Advies Groep en de Maatschappelijke Advies Groep.

Bij allebei is een wethouder uit de Drechtsteden voorzitter. Dat zijn de plekken waar we invloed uitoefenen.

Dienstregeling Waterbus overeind gehouden Door corona zou er gesneden worden in de dienstregeling van de Waterbus. We hebben de koppen bij elkaar gestoken met de provincie en de nieuwe exploitant van vervoer over water. We hebben daarbij tegen elkaar gezegd: “Het is voor onze regio belangrijk om de Waterbus door te laten varen. Wij helpen mee om de dienstregeling overeind te houden.” En dat is gelukt. Daarmee blijft de Waterbus het komende jaar zoveel mogelijk op peil en zorgen we voor continuïteit voor onze reizigers in de Drechtsteden. Op de fiets Tijdens de wegwerkzaamheden voor de N3 en de Wantijbrug hebben veel mensen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om (e-)bikes te proberen. Fietsgebruik in de regio wordt met dit soort acties gestimuleerd. Ook voor de korte termijnaanpak A15 zetten we hierop in met de campagne Ways2Go. Voor bedrijven zetten we met het platform Samen Bereikbaar in op spitsmijden. Door heel gericht naar bedrijven te gaan en te vragen of medewerkers op de fiets kunnen komen of op andere tijden kunnen starten, zijn 170 spitsmijdingen op de N3 gerealiseerd en 200 op de A15. Meerdere bedrijven hebben hieraan meegewerkt. Ontwikkelvisie Spoorzone Het college van Dordrecht presenteerde op 26 januari grootse plannen voor de Dordtse Spoorzone. Architectenbureau Mecanoo heeft een ontwikkelvisie gemaakt die de potentie van het gebied laat zien.

Het is een schoolvoorbeeld van hoe je integraal kijkt naar gebiedsontwikkeling, vanuit bereikbaarheid, wonen, de klimaatopgave, de kracht van de Drechtsteden en van Dordrecht als historische stad.

Hiermee zijn we in gesprek met de NS om nieuwe stations aan te leggen en bij Rijkswaterstaat om de stadsbrug voor auto's om te vormen tot een groene brug voor OV, fietsen en wandelen. Duco verwijst naar dordrecht.nl/spoorzone, omdat beeld meer zegt dan woorden. Bouwen in nabijheid OV Iemand in de chat merkt op: “Ik mis de lightrail.” Daarop reageert Duco met: “Die mis ik ook en moet er ook zeker komen. Daar zijn we hard mee bezig." De lightrail zit in de gezamenlijke aanvraag van de steden langs de Oude Lijn, tussen Leiden en Dordrecht. Deze aanvraag is neergelegd bij het Nationaal Groeifonds om de lightrail ook te kunnen realiseren. Daarnaast hebben wij, dankzij de Mecanoo studie, een extra opdracht gekregen vanuit de NS, ProRail, en de provincie, om voor Dordrecht een nieuw station te laten ontwerpen. De lightrail staat dus zeker op de agenda.

Energietransitie – Joey Reedijk Opgavemanager Joey Reedijk geeft aan dat er dit jaar vooral hard wordt gewerkt aan de beleidskaders: de Regionale Energiestrategie 1.0 en de Transitievisies Warmte 2021. Bij de eerste wordt gekeken naar de opwek van duurzame energie. Bij de laatste wordt gekeken hoe de beweging gemaakt gaat worden naar een aardgasvrije gebouwde omgeving. Succes door corporaties Er wordt hard aan beleidskaders gewerkt en toch worden er ook al successen geboekt. Woningcorporaties hebben een startmotorpositie. Met de stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen is vorig jaar 23 miljoen euro ontvangen door de corporaties. Deze grote subsidie helpt om 5.930 corporatiewoningen aardgasvrij te maken.

Dat zorgt ervoor dat er naar de toekomst toe kansen ontstaan om meerdere woningen aardgasvrij te maken. Organisaties opbouwen Naast het werken aan beleid staat voor het programma Energietransitie dit jaar in het teken van het opbouwen van de organisatie. Dit jaar is niet het jaar waarin we de grootste slagen gaan maken om de energieneutrale regio dichterbij te brengen. We gaan ervoor om als gemeenten en regio gesteld te staan om ons doel te behalen om in 2050 energieneutraal te zijn. Wat daar nog voor nodig is zijn randvoorwaarden die op orde zijn. De energietransitie is nu nog onvoldoende betaalbaar. Wet- en regelgeving is nog in ontwikkeling en capaciteit is te schaars. Dat maakt dat we bepaalde ambities die we hebben richting een energieneutrale regio nog niet kunnen waarmaken. Draagvlak voor zon op daken Wat we wél al kunnen is energie besparen. Alle gemeenten hebben de zogenaamde RRE-subsidie aangevraagd. Dit is een subsidie voor kleine energiebesparende maatregelen. En met de komst per 1 februari van een regionale regisseur Energiebesparing kunnen we nog meer stappen maken. Andere grote inzet is de opwek van duurzame elektriciteit. Beleidskaders zijn daarvoor belangrijk, maar het neemt niet weg dat we alvast aan de slag kunnen met opwek op daken. Zon op daken kan bij vrijwel iedereen op draagvlak rekenen, daar zetten we dus op in.

Maatschappelijke opbrengst Wat belangrijk is in de energietransitie, is het realiseren van de hoogst haalbare maatschappelijke opbrengst. We hebben het dan over de kansen die ontstaan vanuit de energietransitie.

Vanuit subsidies gaan enorme investeringen vandaan worden en daar komt veel werk uit. Werk dat we willen omzetten in banen voor inwoners uit de regio. Op die manier gaat de energietransitie aan meerdere kanten werken. Onderdeel van de opgave is ook oog hebben voor mensen die onvoldoende middelen hebben om mee te komen. We waken ervoor dat mensen buiten de boot vallen of dat er energiearmoede optreedt. Aanvullende middelen verwacht We hébben de ambitie om Energieneutraal te worden in 2050. Dat is niet gratis. Die ambities kosten geld en ambtelijke capaciteit. Het Klimaatakkoord is vastgesteld, van daaruit komen taken naar gemeenten toe. Dat is iets wat de Rijksoverheid ook beseft. De Raad voor Openbaar Bestuur heeft recent een advies uitgebracht over de benodigde middelen en capaciteit die daarmee gepaard gaan. Verwachting is dat gemeenten vanaf 2022 fors meer middelen ontvangen voor deze forse opgave. We buigen ons in 2021 over de vraag hoe we die verwachte middelen zo doelmatig mogelijk kunnen inzetten en komen over dit onderwerp uiteraard nog bij uw raden terug. Kansen benutten De energietransitie kost heel veel geld. Het is de kunst om alle middelen die geïnvesteerd worden om te zetten in kansen voor wonen, werken, economie en mobiliteit. De 23 miljoen zoals in het begin genoemd, is daarvoor echt een aanjager. We benutten kansen waar we kunnen en gaan voor onze ambities.

Public Affairs – Olga Arandjelovic Public Affairs is ook een onderdeel in het Uitvoeringsprogramma.

Er zijn veel partijen waar we mee samenwerken en ook waar de lobby op is gericht: uiteraard de Tweede Kamer en Provinciale Staten, maar ook richting veel ministeries, Innovation Quarter en de Economic Development Board gebeurt veel. Het is maatwerk per opgave met wie we samenwerken en welke acties we uitzetten. Goede burenrelatie Als we samenwerken met omliggende regio's dan pakt dat vruchtbaar uit. Dat zagen we bij de Regio Deal. Samen met Gorinchem hebben we 22,5 miljoen euro binnengehaald. Het is ontzettend belangrijk voor dit gebied dat we de Regio Deal hebben. De lobby die daarop is gericht was heel succesvol. Dat blijft een onderwerp: met onze buren optrekken. De opgaven eindigen doorgaans niet aan de grenzen van de Drechtsteden. Groeiagenda Zuid-Holland In de Zuid-Hollandse samenwerking op de Groeiagenda Zuid-Holland hebben we een voorstel ingediend. We hopen dat die samenwerking wordt beloond. We zijn in afwachting van het advies van de beoordelingscommissie. Dat zou een enorme boost geven aan de bereikbaarheid van deze regio. Europees niveau Ook kijken we waar we kansrijke regionale dossiers kunnen koppelen aan Europese fondsen. Er start een nieuwe meerjarenperiode van de EU en er is een coronaherstelfonds voor de EU. We gaan verkennen waar daar de kansen liggen voor de Drechtsteden.

Tweede Kamerverkiezingen We kijken natuurlijk ook vooruit naar de Tweede Kamerverkiezingen 2021. We hebben in de afgelopen jaren flink wat relaties opgebouwd met Kamerleden.

Zij keren niet allemaal terug. Dus dat betekent dat we weer met nieuwe en andere Kamerleden relaties moeten opbouwen. Daar zetten we op in, zodat ons verhaal in Den Haag goed tussen de oren komt.

Communicatie – Olga Arandjelovic Communicatie ondersteunt bij het realiseren van de doelen uit de Groeiagenda. Website en nieuwsbrief Om resultaten en mijlpalen zichtbaar te maken werken we aan het vernieuwen en goed positioneren van de website www.groeiagendadrechtsteden.nl. Een plek waar alle informatie over de Groeiagenda vindbaar is. Ook het doorontwikkelen van de Nieuwsbrief Groeiagenda is een speerpunt. Op deze manier laten we zien wat er gebeurt in de Drechtsteden en dat we hier flink aan de weg timmeren. U ontvangt de nieuwsbrief sinds kort via de griffies. Wilt u zich aanmelden, zodat u de nieuwsbrief rechtstreeks ontvangt? Mail dan naar groeiagenda@dordrecht.nl. Ondersteunend aan opgaven Zoals ook door de verschillende opgavemanagers verteld, speelt communicatie een belangrijke rol in het behalen van resultaten op alle pijlers uit de Groeiagenda. Inwonercommunicatie wordt lokaal opgepakt, waarbij we de gemeenten van communicatieboodschappen en – middelen voorzien als er een gemene deler is. Sterk merk Een belangrijk extra project dit jaar is ‘Afzenderschap'. Drechtsteden is een sterk merk.

Dat moeten we voor de ruimtelijkeconomische onderwerpen opnieuw gaan laden. Dit kan niet meer onder de vlag van de GRD en ook niet meer met het huidige Drechtsteden-logo. Daarom zijn we het project Afzenderschap gestart. Afgelopen jaar is dit met de burgemeesters voorbereid. Het is een compact en snel project, waarvan we in de zomer de resultaten verwachten. Dan zullen we de resultaten ook doorvoeren in alle uitingsvormen. Resultaat is een nieuwe visuele identiteit en communicatieboodschappen voor de Drechtsteden als ruimtelijk-economische samenwerking. Na het beantwoorden van de laatste vragen sluit Olga Arandjelovic stipt om 21.00 uur de vergadering. Ze bedankt iedereen voor de aandacht en aanwezigheid. De opname van de bijeenkomst is hier terug te zien. Vriendelijke groet namens Team Groeiagenda, Olga Arandjelovic Manager Groeiagenda en Regio Deal Documenten Presentatie Informatiebijeenkomst Uitvoeringsprogramma Groeiagenda Integrale kaartbeelden

Bouwen en Wonen Dhr. Philippo haalt de eerste sheet aan waar het gaat over de basis van de bouwopgaven en Stipt om 19.30 uur de spreiding van de academici. "De laatste meting hiervan is van 2014 en het is dus ruim 6 jaar geleden dat deze meting gedaan is." Dhr. Philippo wil daarom weten of het geen tijd wordt om de meting te herzien en te kijken of de ontwikkeling de goede kant op gaat, stagneert of terugloopt. Olga begrijpt de vraag en betrekt dit bij het opstellen van de komende monitor Groeiagenda. Dhr. Pardo vraagt naar de oorzaken van de vertraging. Olga geeft aan dat er vele oorzaken zijn. "Eén hiervan is al aangehaald tijdens de presentatie, waarin wordt uitgelegd dat we komen uit een periode van stilstand, waardoor de bouw weer op gang moet komen. We hebben ook recent te maken gehad met de stikstof- en PFASproblematiek. Mede daardoor is het aantal uitgegeven bouwvergunningen afgelopen jaar fors tegengevallen, het proces van het verlenen van vergunningen loopt traag, milieuaspecten spelen een rol, maar soms ook personele issues bij de gemeenten of vergunningverleners om tempo te maken. Dit is een algemeen beeld." Ze benadrukt dat dit per gemeente verschilt en vooral in de eigen gemeente moet worden nagegaan wat daar specifiek aan de hand is. Dhr.

Oostenrijk wil weten in hoeverre de cijfers van het RIGO-onderzoek een rol spelen en wat zij vindt van de hardheid van die cijfers. Olga geeft aan dat het RIGO-onderzoek aangeeft waar de vraag en behoefte zit: "Er is een ambitie vastgesteld van 25.000 woningen in 2030, waarbij we op dit tempo die ambitie niet gaan halen. In welke mate het RIGO-onderzoek weerslag krijgt in de eigen gemeente is iets wat met de eigen wethouder moet worden besproken." Dhr. van de Mheen vraagt wat voor beeld er is van de evenwichtige balans in de regio tussen de verschillende segmenten en hoe daarop gestuurd wordt? Bart Korteweg geeft aan dat het beeld dat we nu hebben is om te zorgen dat er balans gebracht wordt in sociale huurwoningen en dat het tekort dat is ontstaan (900 à 1000 woningen) wordt weggewerkt. Het gaat hierbij onder andere om het verkorten van wachttijden en mensen sneller in aanmerking laten komen voor een voor hen passende woning. Dhr. Pauw vraagt of het klopt dat je zonder het bouwen in het Groene Hart uitkomt op 20.000 woningen. Olga geeft aan dat het hier gaat om een afgerond getal bestaande uit harde en zachte plannen. Dhr. Meerkerk vroeg hoe verloopt de regionale afstemming met de provincie op de concrete plannen (aantallen woningen) voor realisatie van de woningbouwopgave? Olga geeft aan dat die afstemming moeizaam verloopt.

De provincie geeft ons nu ruimte voor 7740 woningen waarbij we 130% mogen programmeren. Kortweg dus circa 10.000 woningen, terwijl wij plannen hebben voor het dubbele en dat nodig is om sociaaleconomisch in balans te

komen. De provincie werpt ons tegen dat we vooralsnog het benodigde bouwtempo bij lange na niet halen, en dat er daarom geen reden is deze maximale aantallen op te hogen. Temeer reden om het bouwtempo te versnellen in iedere gemeente.

Werken en Economie Dhr. Oostenrijk vraagt of de 30.000 banen een illusie is. Lerry antwoordt dat dit zeker geen illusie is. "We zitten goed op schema. Ik heb geprobeerd te schetsen wat we doen om de gevolgen van corona die we kunnen verwachten over 1 à 2 jaar zoveel als mogelijk te dempen en zullen het effect terugzien in die banenontwikkeling. In de uitgifte van een aantal locaties en revitalisering van een aantal bestaande bedrijvenlocaties zit potentie." Dhr. Pardo vraagt wat is de relatie tussen de oppervlakte en banen en het 'nieuwe werken' of anders gezegd het thuiswerken. Lerry geeft aan dat we het thuiswerken in de gaten houden. "We kijken welke behoefte er is aan kantoren (dit doen we in samenwerking met de provincie) en dat rekenen we door, waarbij we flexibel proberen te zijn en meebewegen met wat er op dat moment en in de toekomst nodig is." Dhr. Pauw vraagt: “Ik lees alleen maar over bedrijventerreinen, welke positie hebben werken in de zorg in deze plannen?” Lerry antwoordt dat op het Leerpark een groot zorgcomponent zit. "Daar zijn we o.a. met de innovatiepijler rond zorginnovatie hard aan het werk en dat levert uiteraard nieuwe banen op rond innovaties in de zorg." Dhr. Moorman zegt dat het sturen van de woningmarkt het lastigst is wat er is. Hij wil weten hoe dit voor young professionals gerealiseerd worden.

Lerry legt uit dat wat wij vanuit werken/economie vooral doen, is aangeven waar young professionals behoefte aan hebben, aan wat soort woningen. "Wij kunnen meegeven dat daar rekening mee gehouden moet worden." Mevr. van Es zegt dat bouwen aan het water aantrekkelijk is. Tegelijkertijd is er schaarste in Nederland aan watergebonden bedrijventerreinen. Soms worden oude bedrijvenlocaties aan het water gezien als mooie bouwlocatie. Ze wil weten hoe hier in onze regio mee om wordt gegaan? Lerry geeft aan dat dit klopt. In de presentatie refereerde hij al aan Dynamiek langs de oevers, daar proberen we daadwerkelijk onderscheid te maken. "Er ligt een kans om combinaties te maken. Het gaat vooral om de ruimteclaim door industrie op de juiste plek: juiste bedrijf op de juiste plaatst. Daar woningbouwlocaties creëren waar het kan en industrie richting bedrijventerrein brengen. Kortom, die ruimte voor de industrie ook borgen. Dat doen we overigens vrij goed in de Drechtsteden."

Bereikbaarheid en mobiliteit Tijdens de presentatie over de pijler Bereikbaarheid en Mobiliteit miste dhr. Moorman de lightrail. De opgavemanager mist deze ook. “Daarom moet hij er ook komen. Daar zijn we hard mee bezig. Het zit in de aanvraag die steden langs de Oude Lijn tussen Leiden en Dordrecht, gedaan hebben. Die aanvraag is neergelegd bij het Nationaal Groeifonds om de lightrail ook te kunnen realiseren. Daarnaast hebben wij, dankzij de Mecanoo studie, vanuit de NS, ProRail en de provincie een extra opdracht gekregen, om voor Dordrecht een nieuw station te laten ontwerpen. De lightrail staat dus zeker op de agenda.” Dhr. Pauw wilde weten of er nog moeite is gedaan voor een directe lightrailverbinding voor Alblasserdam - Papendrecht - Sliedrecht. Duco vertelt dat dit tracé opgenomen is in de gebiedsagenda voor de Drechtsteden. Daar ging hij verder op in: “Wellicht een politiek antwoord, maar dat heeft op dit moment geen prioriteit. We zijn nu bezig met een aanvraag voor het Nationaal Groeifonds, een miljardenproject samen met Rotterdam, Leiden, Den Haag, wat gaat over grote reizigersaantallen. Dan moeten wij daar als Drechtsteden, terwijl we aan het einde van de lijn zitten en hard moeten knokken voor een goede aantakking van de MerwedeLingeLijn en het Zuidelijke deel van het eiland van Dordrecht op dat tracé, niet doorheen gaan komen met een heel nieuw tracé.

Waar we eigenlijk alleen een deel van de Drechtsteden mee bedienen. Een overigens niet onbelangrijk deel, maar dat is een politieke wens en daar gaan wij niet over. Er is nu voor gekozen om te concentreren op de Oude Lijn en de ontwikkeling daarvan met de lightrail.” Vervolgens werd door dhr. Meerkerk de vraag gesteld hoever het staat met het een onderzoek naar dubbelspoor over hele lengte van de MerwedeLingeLijn en of die mogelijkheid in de toekomst in beeld komt. Volgens de opgavemanager is er nu een onderzoek gaande naar de doorontwikkeling van de MerwedeLingeLijn. Hoe het daar exact mee staat, weet Duco niet. Dat onderzoek ging volgens hem over de capaciteit, en niet alleen over verdubbeling. Hij gaat verder: “Wat je wel ziet, en dat noem ik maar even Spoorzone Oost (het gebied rondom het oog Hardinxveld, Sliedrecht), is dat het buitengewoon interessant is om te kijken of we de capaciteit van die lijn op en rondom die knooppunten zo kunnen vergroten dat de gewenste woningbouwontwikkeling ook vorm kan krijgen op een manier dat het gelijk aansluit op effectief, efficiënt en snel OV.” Duco vertelt verder: “Ik weet dat het voor de coronacrisis echt overvol zat in de spits, dus dat verdient echt prioriteit en daar moeten we naar kijken. Het zijn natuurlijk investeringen die moeten komen vanuit de provincie Zuid-Holland.

Daar zijn we met ze over in overleg.” Tot slot werd door dhr. Pors gevraagd naar het doortrekken van de Waterbus naar Hardinxveld-Giessendam en Gorinchem. Volgens Duco was dat een wens vanuit de Drechtsteden. “Wij doen 15% van het contract en de provincie doet 85% van het contract. Als wij het voor zeggen hadden, was de Waterbus zeker doorgetrokken naar Hardinxveld-Giessendam en Gorinchem. Je ziet in de biedingen van de aanbieders, dat deze lijn er optioneel bij zit, maar niet verplicht. Wat je ook ziet is dat de nieuwe exploitant, die met elektrische boten gaat varen, best wel open staat voor verdienmodellen. Zij hebben zich ook bereid getoond om met ons te kijken naar het in stand houden van het netwerk in tijden van corona. Dat zegt iets over hoe zij in de wedstrijd zitten.

Garanties zijn er niet, maar denk wel dat wanneer die concessie over is gegaan naar de nieuwe aanbieder, wij erop moeten inzetten dat netwerk uit te breiden.”

Energietransitie Tijdens de vragenronde werd door Dhr. Boudewijn gevraagd op welk jaar wordt gericht voor stoppen met benzine/diesel. Volgens Joey geldt in principe voor alle ambities dat we in 2050 volledig energieneutraal zijn, en dat geldt voor alle ambities op de ontwikkellijnen. Hij vertelt: “We richten ons op energiebesparing, aardgasvrij, opwekken van duurzame energie, het stoppen met gebruik van fossiele brandstoffen en het hoogst haalbare maatschappelijke nut.” Vervolgens werd door dhr. Pors gevraagd wat er nodig is om de energietransitie wel betaalbaar te maken. Volgens Joey heeft dat te maken met verschillende aspecten. Joey: “Aan de ene kant zit je op het aspect van wat gemeenten nu nodig hebben om het uit te kunnen voeren, de zogenoemde capaciteit. Hier kunnen we concluderen dat de huidige ambtelijke capaciteit niet in verhouding staat tot de opgave waarvoor wij staan. Wij hebben aanvullende middelen nodig voor meer capaciteit en het Rijk lijkt hierin tegemoet te komen met een ophoging van het gemeentefonds vanaf 2022. Aan de andere kant hangt dit ook samen met betaalbaarheid. Als we kijken naar de warmtetransitie, want daar speelt het nadrukkelijk, is volledig aardgasvrij wonen voor de meeste mensen op dit moment nog te duur en niet realistisch. Om dat knelpunt te verhelpen kun je enerzijds denken aan subsidies vanuit de overheid.

Dat kan op verschillende manieren. Zo kan het een stimulering zijn, om de aanbieders te stimuleren. Het andere aspect zit in innovatie, het kan ook zijn dat de opgave wordt geholpen door innovaties die het goedkoper maken. En juist die innovatie en andere dingen die ons helpen maakt dat onze plannen (Transitievisie Warmte en de Regionale Energiestrategie) om de zoveel jaar actualiseren, zodat we beleid op tijd bij kunnen stellen.” Dhr. IJzerman wilde weten of we deze doelstelling (geen benzine en diesel) kunnen realiseren met groene stroom. Joey: “Het zal niet alleen groene stroom zijn, maar er gaat veel duurzame energie opgewekt moeten worden. Ook waterstof is iets wat kan worden gecreëerd met elektriciteit. Het kan ook met aardgas, maar dat helpt niet met duurzaamheidsopgave die er ligt. Er zal dus veel duurzame energie aanvullend opgewekt moeten gaan worden, om ook die doelstelling met benzine en diesel te realiseren. Dat gaat tijd nodig hebben.” Dhr. Oostenrijk was benieuwd wie in de opgavemanager ’s verhaal de ‘wij' is als het gaat om energiebesparing bij oudere koopwoningen. Dit moest nog even nader toegelicht worden door Dhr. Oostenrijk. Hij vertelt: “We zien heel weinig activiteit bij het besparen van energie (zoals isoleren) bij met name oudere koopwoningen. Zelfs al komen daar budgetten voor, dan nog is dat wat anders wanneer je kopers in beweging krijgt.

Gaat de gemeente dat doen, en daarin wie is de wij? Na die toelichting vertelt Joey: “In het regionale team van energietransitie is deze week een collega begonnen die fulltime aan de slag gaat voor energiebesparing en dit soort vraagstukken gaat oppakken. Hij gaat concreet kijken naar de energiebesparingsopgave en kijkt hoe woningeigenaren waar het in deze vraag om gaat wel in beweging kan zetten.

En dan niet enkel door een website te lanceren, want daar is meer voor nodig. Het moet duidelijk zijn voor mensen wat ze kunnen doen, hoe ze dat kunnen en het moet zo eenvoudig mogelijk zijn om het te gaan doen. En daar gaat deze collega samen met de gemeentelijke collega's initiatieven voor lanceren.” Ook kwam de vraag van mevr. Klein-Hendriks of er in onze regio voldoende netcapaciteit is voor verdere elektrificeren bedrijven, woningen, c.a. en opwekking anderzijds. Ook kwam de vraag hoe knelpunten daarbij in kaart worden gebracht. Joey vertelt: “Niet overal, maar daar hebben we afstemming over met netbeheerder Stedin. Eventuele knelpunten brengen we samen in kaart en dan is het vervolgens aan Stedin om die knelpunten op te lossen. Dat vergt wel enorme investeringen en dat maakt ook dat we hier op rijksniveau aandacht voor vragen. Investeringen in het net kosten geld, Stedin moet dat ophoesten, gemeenten zijn aandeelhouder van Stedin, en er is dreiging dat die kosten teveel bij gemeenten terugkomen. Daar voeren wij nadrukkelijk lobby op, zodat die rekening niet alleen bij gemeenten terechtkomt. En dat hierin de Rijksoverheid ook zijn verantwoordelijkheid neemt.” In de chat werd door dhr. Stremler gevraagd of wat er wordt gedaan met biomassa. Daarop zegt Joey: “Biomassa hebben we niet nodig. Wij hebben voldoende warmtebronnen.” Mevr.

Klein-Hendriks vroeg verder hoe de contacten zijn met snellaadfaciliteiten in onze regio en of de mogelijkheden voor snellaadlocaties worden gefaciliteerd. Daar geeft Duco via de chat antwoord op. “Met betrekking tot snelladen: de meeste locaties in de regio zijn langs de snelweg op terrein van RWS/het Rijk. Daarnaast heeft Tesla in Dordrecht een plek om snel te laden. Er wordt tevens gewerkt aan een strategie om laden te faciliteren in de regio. Dan gaat het meestal om laadpalen. Om die strategie te maken is er contact met de buitenwereld, snelladers, energiebedrijven, etcetera.” Op de valreep werd er een vervolgvraag gesteld over de netcapaciteit. Dhr. Philippo wil weten hoe het zit bij gemeenten die geen aandeelhouder zijn van Stedin. Joey: “Over die gemeenten durf ik niet direct wat te zeggen, maar het is duidelijk dat aandeelhouders om een financiële bijdrage wordt gevraagd.” Om de situatie duidelijker te maken, schetste Joey een beeld van wat er op dit moment aan de hand is in Nederland. “Netbeheerders hebben een bepaald financieel stelsel wat geënt is op het bijhouden van een netwerk. Dat is gebaseerd op het onderhoud van het netwerk en af en toe een investering in het netwerk, vanwege een nieuwe wijk of bedrijventerrein wat ontstaat. Zo is het ingericht. Nu zitten wij momenteel niet in de situatie van onderhoud, maar in een energietransitie.

Dat vraagt om veel grotere investeringen door netbeheerders. Het financieel stelsel past niet bij de huidige situatie en moet aangepast worden. Dat betekent in mijn ogen dat de Rijksoverheid ook een rol moet pakken. We zitten namelijk niet in dezelfde situatie als 10 jaar geleden, maar in een hele andere. En daar past een beter financieel stelsel bij.”

Public Affairs en Communicatie Dhr. Philippo vraagt zich af wat wordt bedoeld met eenduidige afzender. Olga legt uit dat er is gekeken wat we aan afzenders hebben binnen dit gebied en dat zijn er behoorlijk wat. "Iedere gemeente heeft zijn eigen afzender, de GRD heeft verschillende afzenders, sommige opgaven uit de Groeiagenda hebben eigen afzenders ontwikkeld. Als we als gemeenten gezamenlijkheid op de Groeiagenda willen uitstralen, maar dat niet meer vanuit de gemeenschappelijk regeling willen afzenden, hoe doen we dat dan? Dat is de reden om met een duidelijke, maar ook een nieuwe en frisse visuele identiteit de ruimtelijk-economische samenwerking in de Groeiagenda te ondersteunen." Dhr. Meerkerk wil weten waar mensen zich kunnen abonneren op deze nieuwsbrief? En of de nieuwsbrief voor raadsleden bedoeld is of ook voor externen? Olga legt uit dat alle raadsleden, als het goed is, via de griffiers de nieuwsbrief hebben ontvangen. “Onderin die nieuwsbrief zit een link waar men zich kan aanmelden. Dit kan ook door een mail te sturen naar groeiagenda@dordrecht.nl. De nieuwsbrief is een groeimodel. Hij is in eerste instantie intern voor de mensen die werken binnen de gemeentelijke organisaties en raadsleden. “Deze willen we doorontwikkelen tot een externe versie zodat deze gedeeld kan worden met partners in de regio en hogere overheden.” Dhr.

Philippo haalt de tekst ‘Drechtsteden is een sterk merk’ aan uit de presentatie en wil weten hoe dit is gemeten. Olga legt uit dat dit niet is gemeten in getallen. "Dat merken wij in gesprekken die wij voeren met hogere overheden, politici en partners in dit gebied. Het is een overtuiging die wij meekrijgen in gesprekken met de bestuurders op dit onderwerp. En zo kom ik tot deze uitspraak."

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/541/documents/16632