OZHZ - begroting 2023.pdf
Tekst van het document
Daarnaast heeft de commissie BBV via notities, stellige uitspraken, richtlijnen en antwoorden op vragen het kader verder uitgewerkt.
2.3
Relatie weerstandsvermogen en risicomanagement
OZHZ streeft een voldoende omvang van het weerstandsvermogen na. Dit houdt in dat altijd voldoende weerstandscapaciteit beschikbaar is om de financiële risico’s op te kunnen vangen die niet door het risicomanagement zijn afgedekt. Daarmee kan worden voorkomen dat elke onvoorziene financiële tegenvaller direct dwingt tot bezuinigen om alsnog een structureel sluitende begroting te krijgen. Het weerstandsvermogen fungeert dus als buffer voor substantiële onvoorziene financiële tegenvallers. Hoe groot die buffer op dat moment moet zijn, is dynamisch en dus afhankelijk van de resterende risico’s dat de organisatie op dat (rapport)moment loopt. Risico’s kunnen door getroffen beheersmaatregelen in het kader van risicomanagement worden afgedekt. De niet afgedekte risico’s worden zo veel mogelijk financieel gewaardeerd (uitgedrukt in kans x financiële impact) en gerelateerd aan een benodigde weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit kent structurele en incidentele componenten die direct of latent beschikbaar (kunnen) zijn. Onder de resterende risico’s in het kader van de benodigde weerstandscapaciteit worden verstaan: de risico’s die: •
Niet (voldoende) zijn of kunnen worden afgedekt door beheersmaatregelen (AO/IC, bedrijfsmatige sturing etc.) of overige activiteiten (verzekering, voorzieningen etc.) in het kader van risicomanagement.
•
Niet of nauwelijks beïnvloedbaar zijn en hoofdzakelijk tot de externe risico’s behoren.
•
Voornamelijk een incidenteel karakter hebben en dus niet behoren tot de reguliere terugkerende risico’s.
24 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
•
Een positief of negatief effect kunnen hebben op de doelen of de financiële positie.
•
Waarvan de omvang onzeker is en niet redelijkerwijs goed te kwantificeren is.
•
In relatie tot de financiële positie van materiële betekenis zijn.
• 2.4
Zich in het verantwoordings-/begrotingsjaar (moment van rapportage) of 3 jaren daarna kunnen voordoen.
Benodigde weerstandscapaciteit OZHZ
De weerstandscapaciteit van OZHZ bestaat uit de algemene reserve en het budget onvoorzien. Voorzieningen behoren niet tot de weerstandscapaciteit. Het risicoprofiel OZHZ bevat per risico: •
Een algemene omschrijving.
•
Het effect.
•
De impact.
•
De waarschijnlijkheid.
•
De financiële bandbreedte van het risico.
•
De beheersmaatregelen.
•
De benodigde weerstandscapaciteit.
Op grond van het risicoprofiel wordt de benodigde weerstandscapaciteit berekend. Vooralsnog is uitgegaan van de risico-inventarisatie zoals deze ook is opgenomen in de jaarrekening 2021.
Categorie 1 Wettelijke taken
Omschrijving risico
Effect
Impact
Kans
Beheersmaatregel
Bezuiniging
Schaalnadeel
Medium
Medium
Frictiekostenregeling
Financieel restrisico
Benodigde weerstandcapaciteit
308
154
354
265
253
190
Regionaal Uitvoeringsniveau Flexibele schil Tarifiëring 2 Overige omzet (offerte en subsidie)
Bezuiniging
Schaalnadeel
Medium
Hoog
3 Prijsstijging inflatie
Hoger dan index
Exploitatieverlies
Medium
Hoog
4 Ziekteverzuim
Hoger dan norm (5%)
Exploitatieverlies
Groot
Medium
Verzuimbeleid
739
370
5 Omgevingswet
Omzetdaling
Schaalnadeel
Groot
pm
Frictieregeling
pm
pm
262
196
1.916
1.175
Flexibele schil
Separaat wetgevingstraject 6 Tarieven inhuur
Overspannen arbeidsmarkt
Kostenverhoging
Totaal benodigd weerstandsvermogen
Medium
Hoog
Marktplaatsprocedure
Bedragen x € 1.000 Waarschijnlijkheid Zeer hoog
Kans > 75%
Hoog
Kans > 50% en < 75%
Medium
Kans > 25% en < 50%
Laag
Kans < 25%
Impact Groot
financieel risico > € 400.000
Medium
financieel risico > € 150.000 en < € 400.000
Klein
financieel risico < € 150.000 25
Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
1.
Bezuiniging wettelijke taken en inwonerbijdrage
Met de uitvoering van wettelijke taken en inwonerbijdrage is een budget van ongeveer € 25,7 mln. gemoeid. Gegeven de financiële positie van gemeenten is de kans op bezuinigingen medium (50%). Met inbegrip van onderstaande beheersmaatregelen is de financiële impact medium (€ 308.000). Daarbij is ervan uitgegaan dat het effect gedurende een periode van 2 jaar kan worden gedekt uit het weerstandsvermogen. Beheersmaatregelen •
Het bestuur heeft een minimaal regionaal uitvoeringsniveau (RUN) vastgesteld voor de uitvoering van milieutaken. Daarmee is een zekere mate van continuïteit gewaarborgd.
•
PZH heeft in dit kader de nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) vastgesteld.
•
Daarnaast zijn in de bijdrageverordening bepalingen opgenomen ten aanzien van de meerjarige budgetten.
•
Opdrachtgevers die individueel meer willen bezuinigen dan de norm van 2% per jaar, dienen een frictievergoeding te betalen.
•
Het capaciteitsbeleid van OZHZ. Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Doelstelling is om 90% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie.
•
Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet.
•
Structurele effecten worden opgevangen in het tarief.
Benodigde weerstandscapaciteit Vanwege bovengenoemde beheersmaatregelen beperkt de benodigde weerstandscapaciteit zich grotendeels tot de schaalnadelen, in geval van bezuinigingen. Inschatting is een bedrag van ongeveer € 154.000 2.
Overige omzet
De overige taken betreffen onder meer de offertetaken en subsidies. Met de uitvoering is een budget van ongeveer 2,6 mln. per jaar gemoeid. De kans op bezuinigingen is hoog (75%). Gerekend over een periode van 1 jaar wordt de financiële impact ingeschat op hoog (€ 1,2 mln.). Beheersmaatregelen Voor de adviestaken geldt dat er tot nu toe geen sprake is van enige verplichting naar gemeenten om werk bij OZHZ neer te leggen. Doelstelling is om 90% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie. Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet. Daarmee kan flexibel worden ingespeeld op omzetfluctuaties. Benodigde weerstandscapaciteit Vanwege bovengenoemde beheersmaatregelen beperkt de benodigde weerstandscapaciteit zich tot de schaalnadelen, in geval van bezuinigingen. Op basis van de jaarrekening is de inschatting ongeveer € 354.000 3.
Prijsstijging inflatie
Na de vaststelling van de begrotingsrichtlijnen is de inflatie aanzienlijk toegenomen, onder invloed van de stijgende energieprijzen. De oorlog in Oekraïne (zie paragraaf 5.9) verhoogt het risico. Zoals aangegeven bedraagt de inflatie begin 2022 ongeveer 6,3%, ten opzichte van een prijsindex van 1,85% in de begroting 2022. De inflatie werkt in de volle breedte van de exploitatie door. De kans op prijsverhogingen is hoog (75%). Gerekend over een periode van 1 jaar wordt de financiële impact ingeschat medium (€ 253.000).
26 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Beheersmaatregelen In eerste aanleg wordt het risico zoveel mogelijk opgevangen in de huidige exploitatie door eventuele incidentele meevallers in te zetten. In tweede aanleg wordt een beroep gedaan op het weerstandsvermogen. Bij begrotingsrichtlijnen 2024 zal OZHZ, op grond van de septembercirculaire en een integrale herrekening van het uurtarief, bezien of aanpassing van het tarief 2023 nodig is. Benodigde weerstandscapaciteit Door bovengenoemde beheersmaatregelen is een weerstandscapaciteit nodig van € 190.000 4.
Ziekteverzuim
In de begroting wordt uitgegaan van een norm voor ziekteverzuim van 5%. In geval van een hoger ziekteverzuim, is er sprake van productiviteitsverlies. Een risico van 3% is reëel; de financiële impact is groot (€ 1,2 mln.), gerekend over een periode van een jaar. De kans wordt ingeschat op medium (50%). Beheersmaatregelen: •
Het verzuimbeleid van OZHZ.
•
Monitoren ziekteverzuim gedurende het jaar.
•
De norm van 5% is financieel vertaald in de begroting
Benodigde weerstandscapaciteit Door bovengenoemde beheersmaatregel is een weerstandscapaciteit benodigd van ongeveer € 370.000. 5.
Herziening omgevingsrecht
De Omgevingswet heeft betrekking op bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, water, natuur, infrastructuur en ontgrondingen en raakt daarmee rechtstreeks het werkdomein van OZHZ. Thans lopende separate wetstrajecten als de eerdergenoemde Wkb en de VTH-kwaliteitseisen zullen op termijn (deels of geheel) onderdeel worden van de Omgevingswet. Gekozen is voor een Omgevingswet als raamwerk, waarbij uitwerking van diverse vraagstukken en onderwerpen die voor de uitvoeringspraktijk cruciaal zijn, in onderliggende regelgeving plaatsvindt. Op dit moment is nog veel onzekerheid over de impact voor OZHZ en zijn opdrachtgevers. Beheersmaatregelen Het capaciteitsbeleid van OZHZ. Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Doelstelling is om 90% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie. Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet. Benodigde weerstandscapaciteit Gegeven de onzekerheden kan de financiële impact nog niet worden bepaald. 6. Tarieven inhuur De inhuurtarieven staan onder druk vanwege de gespannen arbeidsmarkt. Met name de vergunningverleners bouw, constructeurs, senior vergunningverleners milieu en bodemadviseurs zijn schaars.
27 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Het inhuurvolume in 2022 bedraagt ongeveer € 5,0 mln. In het weerstandsvermogen wordt uitgegaan van een stijging van € 5 per uur, gedurende een jaar. De financiële impact is daarmee medium (€ 262.000) De kans wordt ingeschat op hoog (75%) Beheersmaatregelen Inhuur wordt aanbesteed via een marktplaats waar vraag- en aanbod samenkomen. Hiermee is de naleving van de Europese aanbestedingsregels geborgd. Ook wordt een optimale prijs/kwaliteitsverhouding gerealiseerd. Bij begrotingsrichtlijnen 2024 zal OZHZ, op grond van de septembercirculaire en een integrale herrekening van het uurtarief, bezien of aanpassing van het tarief 2023 nodig is. Benodigde weerstandscapaciteit Gezien de kans en impact van het risico is een weerstandsvermogen nodig van € 196.000.
2.5
Weerstandscapaciteit versus benodigde weerstandscapaciteit
De weerstandscapaciteit van OZHZ bestaat uit de algemene reserve en de post onvoorzien. De omvang van het weerstandsvermogen per ultimo 2021 bedraagt € 1,128 mln. Gegeven het risicoprofiel is een weerstandsvermogen van € 1,175 mln. benodigd. Het effect van de Omgevingswet is opgenomen als p.m.
28 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
3.
Onderhoud kapitaalgoederen
De omvang van de kapitaalgoederen is relatief beperkt, aangezien OZHZ de kapitaalgoederen grotendeels huurt of leaset. Het gaat daarbij om: • •
Het huurcontract over de locatie Post 120. De uitbesteding van de ICT-dienstverlening bij het SCD (en daarom geen eigen investering in een netwerk, rekencentrum en generieke hardware).
•
Leasecontracten voor het wagenpark.
Onderstaand een overzicht van de materiële vaste activa per categorie. Boekwaarde Boekwaarde 2020 2021
Materiële vaste activa a Huisvesting
464.732
378.984
b ICT en audiovisuele investeringen
102.917
337.017
c Meubilair
226.550
216.971
d Software
104.136
72.125
e Bedrijfsmiddelen
26.866
23.487
-
62.955
f
Vaartuigen
925.201
Totaal materiële vaste activa
1.091.539
Bedragen x € 1.000 Onderstaand zijn de meerjarig geplande investeringen aangegeven: Investeringen meerjarig Meubilair Huisvesting ICT en audiovisuele investeringen Software Bedrijfsmiddelen Vaartuigen Totaal
2022 63.642 662.228 74.482 5.433 5.680 250.000 1.061.465
2023
0 0 22.692 0 0 1.677.173 1.798.463
2024 12.830 0 175.533 26.388 24.670 45.152 284.573
2025
1.730 0 222.861 1.821 10.505 0 236.917
2026 336.640 177.400 52.127 77.211 9.145 0 652.523
In 2022 pleegt OZHZ extra investeringen voor het nieuwe werkconcept. Het betreft het meubilair, aanpassingen in het gebouw en ICT devices. Dekking vindt plaats door vrijval van huidige kapitaallasten, en lagere facilitaire kosten. Daarnaast vervangt OZHZ twee vaartuigen. In totaal gaat het om een investering van ongeveer € 1,9 mln. Bij de overdracht van het materieel van PZH naar OZHZ in 2011, zijn afspraken gemaakt over de financiële dekking van de vervanging van de vloot. De extra kapitaallasten worden gedekt door een extra bijdrage uit het jaarprogramma PZH. De exploitatielasten worden gedekt uit het materieel budget PZH. Per saldo heeft de vervanging van de vloot een neutraal effect op de exploitatie OZHZ. 29 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Vanwege de extra investeringen in het nieuwe werk concept en de vloot nemen de kapitaallasten toe tot en met 2025. Vanaf 2026 is sprake van een daling omdat dan de initiële investering in het inbouwpakket van het pand is afgeschreven exploitatielasten worden gedekt uit het materieel budget PZH. De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de van derden ontvangen investeringsbijdragen en afschrijvingen. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn bepaald op basis van artikel 10, zesde lid, van de Financiële verordening en bedragen:
3
•
20 jaar voor motorvaartuigen.
•
15 jaar voor technische installaties in bedrijfsgebouwen.
•
10 jaar voor kantoorinstallaties en kantoormeubilair.
•
5 jaar voor informatieregister en digitaal archief.
•
5 jaar voor transportmiddelen en aanhangwagens.
•
3 jaar voor automatiserings- en onderzoeksapparatuur.
•
3 jaar voor software 3.
•
5 jaar voor overige materiële vaste activa 4.
Software is niet opgenomen als categorie in de financiële verordening. Dit wordt opgenomen bij de eerstvolgende aanpassing.
De overige materiële vaste activa is niet opgenomen als categorie in de financiële verordening. Dit wordt opgenomen bij de eerstvolgende aanpassing.
4
30 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
4.
Financiering
De financieringsparagraaf in de begroting is, in samenhang met de financiële verordening die in artikel 216 van de Provinciewet is voorgeschreven, een belangrijk instrument voor het transparant maken en daarmee voor het sturen, beheersen en controleren van de financieringsfunctie. In het Treasurystatuut zijn het begrippenkader en de doelstellingen van de treasuryfunctie geformuleerd en geconcretiseerd naar de verschillende deelgebieden van treasury, risicobeheer, financiën en kasbeheer. Ook zijn de organisatorische randvoorwaarden weergegeven. Tot slot zijn in het statuut de uitgangspunten vastgelegd voor de informatie die noodzakelijk is om het gehele proces beheersbaar en meetbaar te houden.
4.1
Algemene ontwikkelingen
De treasuryfunctie is gebaseerd op de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). Een belangrijk element daarbij is het meer zicht krijgen op de ontwikkeling van de financieringspositie, zowel op de korte als lange termijn. Dit betreft dan met name het in beeld brengen van de behoefte aan financieringsmiddelen, gerelateerd aan de investeringsplanning en de inzet van vrijvallende dan wel beschikbaar komende financieringsmiddelen. Decentrale overheden zijn sinds enkele jaren verplicht om overtollige kasgelden aan te houden in de Schatkist van het Rijk.
4.2
Risicobeheer
Algemene uitgangspunten met betrekking tot het risicobeheer zijn: •
Leningen en garanties mogen uitsluitend verstrekt worden conform de Wet Fido en na tussenkomst van het dagelijks bestuur.
•
Het gebruik van derivaten is toegestaan conform de Wet, maar deze worden uitsluitend toegepast ter beperking van financiële risico's.
4.3
Renterisicobeheer
Algemene uitgangspunten met betrekking tot het renterisicobeheer zijn: •
Geen overschrijding van de kasgeldlimiet en renterisico norm conform de Wet Fido;
•
Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning.
•
De rente-typische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie.
•
4.4
Streven naar spreiding in de rente-typische looptijden en uitzettingen.
Kasgeldlimiet
Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de organisatie haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,2%
31 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
van het begrotingstotaal aan lasten voor bestemming, dus met uitzondering van de stortingen in de reserves. Voor 2023 bedraagt deze limiet 8,2% van € 26,8 miljoen = € 2,22 miljoen.
4.5
Renterisico norm
Het renterisico op de lange financiering wordt wettelijk begrensd door de renterisico norm. Als lange financiering wordt volgens de Wet Fido aangemerkt: alle financieringsvormen met een rente-typische looptijd groter dan 1 jaar. Het renterisico wordt gedefinieerd als het minimum van de netto nieuw aangetrokken schuld en de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van de contractuele renteherzieningen op de opgenomen en uitgezette geldleningen. Het renterisico op de lange termijn wordt beperkt tot de in de wet genoemde 20% van de restant hoofdsom van de rente-typische langlopende leningen. Achterliggende reden voor het gebruik van de renterisico norm is de spreiding van het renterisico over de jaren. OZHZ heeft geen financieringsvormen met een rentetypische looptijd van langer dan een jaar en verwacht deze ook niet aan te gaan in 2023. De renterisico norm bedraagt voor 2023: € 5,37 miljoen.
4.6
Relatiebeheer
Het betalingsverkeer is in hoofdzaak geconcentreerd bij de NV Bank voor Nederlandse Gemeenten. In 2013 heeft OZHZ een (verplichte) overeenkomst afgesloten met het Ministerie van Financiën over het schatkistbankieren.
4.7
Leningenportefeuille
Voor het begrotingsjaar heeft OZHZ geen langlopende leningen in de portefeuille. De liquiditeitspositie is momenteel ruim voldoende. Tot slot kan, op grond van onderstaande financiële indicatoren, worden geconcludeerd dat de vermogenspositie van OZHZ op orde is. Indicatoren financiering
2021
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leni Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Belastingcapaciteit Structurele exploitatieruimte
-24,5% -24,5% 20,4% 0,0% 0,0% 0,6%
2022 -20,7% -20,7% 12,9% 0,0% 0,0% 0,5%
2023 -22,5% -22,5% 10,9% 0,0% 0,0% 0,5%
2024 -23,3% -23,3% 11,1% 0,0% 0,0% 0,5%
2025 -24,6% -24,6% 11,2% 0,0% 0,0% 0,5%
2026 -22,0% -22,0% 11,3% 0,0% 0,0% 0,5%
Een negatieve netto schuldquote houdt in dat OZHZ, na aftrek van de vorderingen, netto geen schulden heeft. De solvabiliteitsratio is de verhouding tussen eigen vermogen en de totale passiva. De solvabiliteit daalt doordat de bestemmingsreserves worden uitgeput. Bij een tekort aan eigen vermogen staan de deelnemers aan de GR garant voor het aanvullen van het eigen vermogen. De structurele exploitatieruimte is de post onvoorzien, die onderdeel is van het weerstandsvermogen.
32 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
5.
Bedrijfsvoering
De Nota Bedrijfsvoering 2022-2026 van OZHZ geeft de kaders weer voor de bedrijfsvoering. Verdere uitwerking vindt plaats in de paragrafen bedrijfsvoering, financiering, weerstandsvermogen en onderhoud kapitaalgoederen van deze begroting.
5.1
Personeel & Organisatie
Het nieuwe werkconcept-OZHZ Hybrid De COVID-crisis heeft het inzicht gebracht dat een gezonde verhouding tussen thuis- en op kantoor werken tot voordelen leidt voor zowel de organisatie als de medewerkers. Werk en privé is makkelijker te combineren voor de medewerker. Het inrichten van het kantoorpand en de mogelijkheid om de ruimte in de toekomst effectiever te benutten is een voordeel voor de werkgever. In 2020 is OZHZ begonnen met de doorontwikkeling van het werkconcept: OZHZ Hybrid. Daarbij is sprake van een integrale benadering met aandacht voor huisvesting, ICT, personeelsbeleid en communicatie. We willen de medewerkers duurzaam in staat te stellen het beste van zichzelf te laten zien, hun werk goed te kunnen doen, te inspireren en de kernwaarden van OZHZ in de praktijk toe te kunnen passen. Daar hoort een werkconcept bij welke dat maximaal ondersteunt en tegelijkertijd kosteneffectief is. Met het nieuwe werkconcept wordt hybride werken de norm: gedeeltelijk werken op kantoor en gedeeltelijk werken op afstand (thuis en/of bij opdrachtgevers). Dit sluit ook goed aan bij de resultaten van het Medewerker tevredenheidsonderzoek (oktober 2020). Hieruit bleek dat het overgrote deel van de medewerkers na de COVID19 crisis ongeveer 50% van de tijd thuis wil werken.
Binnen het nieuwe concept wordt het activiteitgerelateerd en plaats- en tijdonafhankelijk werken nog meer toegepast dan OZHZ al deed. Het kantoor wordt verbouwd tot een plek om samen te werken en te ontmoeten. Hiervoor neemt het aantal standaardwerkplekken af en worden ruimtes multifunctioneel ingericht die het samenwerken en ontmoeten bevorderen. Er is in 2021 geïnvesteerd in goed geoutilleerde thuiswerkplekken (laptops, mobiele telefoons, en goed meubilair). Eén van de bouwstenen van het nieuwe werkconcept is gedrag en cultuur''. Hoe houden we binding met elkaar, de organisatie en haar omgeving? Naast het zorgen voor een goede werkplek thuis en op kantoor wordt hier uitgebreid bij stilgestaan. HR-agenda OZHZ heeft in 2021 een HR-agenda opgesteld om voorbereid te zijn op de ontwikkelingen die op ons afkomen. Het "nieuwe werkconcept", waarin een nieuwe (hybride) werkvorm tot stand komt, vormt hierin sinds 2020 een belangrijke pijler. In 2021 is gestart met het al gaandeweg aanpassen van onze personeelsinstrumenten op basis van deze nieuwe werkwijze. Denk hierbij bijvoorbeeld aan werving en selectie waarbij eerste gesprekken mogelijk digitaal plaatsvinden en het tweede gesprek op kantoor. Ook vormde de ontwikkeling van personeel en het capaciteitsvraagstuk de rode draad in de HR-agenda.
We bogen ons over het vraagstuk hoe wij de juiste persoon op de juiste plek kunnen krijgen en kunnen behouden. Dit wordt in 2022 e.v. voortgezet met een nieuwe HR-agenda. In 2023 zal meer nog naar de externe factoren gekeken worden die van invloed zijn op ons HR-beleid. Zoals de komst van de Omgevingswet (wat verandert er voor werknemers?) en cao-/regionale afspraken. Ook buigen we ons over de vraag hoe en met welk systeem we de VTH-kwaliteitscriteria goed kunnen monitoren.
33 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Daarnaast is er ruime aandacht voor het vraagstuk dat de krappe arbeidsmarkt met zich meebrengt. In het kader van dit vraagstuk wordt er continu geworven, gaat er wederom een traineeprogramma van start en wordt er een programma opgezet om starters/schoolverlaters te binden en boeien. Hierbij gaan we meer dan voorheen samenwerken met de andere Omgevingsdiensten (in Zuid-Holland). Tot slot staat het opstellen van een nieuwe strategische personeelsplanning (SPP) voor 2022 – 2025 op de HRagenda. In 2021 is vorige SPP afgerond en geëvalueerd. Een SPP is erop gericht om ons voor te bereiden op inen externe factoren die op ons afkomen. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage van 2021 was 4,6 %. Dat betekent dat OZHZ haar doel heeft behaald om onder 5% te blijven en dat het verzuim stabiel is gebleven ten opzichte van 2020 (4,6%). De structurele verbeteringen die de afgelopen jaren in gang zijn gezet hebben geholpen. Zo is er aandacht geweest voor vast ziekmeldingsprocedure en het bespreekbaar maken van het verzuimgedrag. Komende periode zal naast de continue aandacht voor de regels vanuit de Wet verbetering poortwachter de focus gelegd worden op het vroegtijdig herkennen van mentale klachten van medewerkers en het anticiperen daarop. Unitmanagers zullen hiervoor een training volgen. Ook zal de nieuwe arbodienst Bezig per 1 april 2022 van start gaan.
Bij de implementatie van de nieuwe arbodienst zal wederom gekeken worden naar het verbeteren van de verzuimprocedure, het inzetten van een SMO (gestructureerd Sociaal Medisch Overleg) waarin de bedrijfsarts advies geeft over individuele casussen en collectieve zorgtaken. Capaciteitsbeleid De omzet van OZHZ is per taakveld in verschillende mate variabel. Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Daarbij heeft OZHZ te maken gehad met diverse bezuinigingen en subsidieontvangsten met een variabel karakter. Tegen deze achtergrond streeft OZHZ flexibilisering na ten aanzien van de eigen interne capaciteit. Doelstelling is een gemiddelde flexibele schil van 10% en 90% eigen formatie. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de verschillende taakvelden. Onderdelen met een meer variabele omzet (bijvoorbeeld bouw en expertise en advies) hebben een hogere flexibele schil, dan de onderdelen die de wettelijke milieutaken uitvoeren. OZHZ huurt extern personeel in volgens het marktplaatsprincipe. Dit geldt voor alle vormen van inhuur voor de operationele taken. Zorgelijk is dat de tarieven van inhuur sterk stijgen; voor 2022 en verder wordt een verdere stijging verwacht. Reden te meer om waar dat kan inhuur capaciteit om te zetten in vaste formatie.
34 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
5.2
Data ambitie
Informatiegestuurd werken OZHZ heeft in 2022 tot uitvoering besloten van de ambitie om in 2025 professioneel met data te werken en professionele dataproducten te hebben. Stapsgewijs gaat de organisatie van spreadsheets naar volwaardige dataproducten, goede datakwaliteit (samen met andere organisaties), data-analyses en overzichten (dashboards). Hier blijft OZHZ ook in 2023 aan werken. Om de uitvoering van deze ambitie te blijven borgen, wordt in 2022 een data-team opgericht. Dit team levert in 2023 verschillende dataproducten op die leiden tot een efficiëntieslag in data-verzameling en –gebruik binnen OZHZ. Over de bestuurlijke opdracht wordt momenteel een plan van aanpak uitgewerkt om de samenwerking met de andere vier omgevingsdiensten binnen ZuidHolland te versterken op het gebied van informatisering. Het doel voor 2023 is hierbij om elkaar te ondersteunen op het gebied van cybersecurity, applicatiebeheer, aanbestedingen en data-uitwisseling. Aanbestedingstrajecten In 2022 is het besluit genomen de aanbesteding voor het DMS/Zaaksysteem uit te stellen en het contract met Decos te verlengen tot 31-12-2024. Dit betekent dat OZHZ in 2023 de aanbesteding voor het DMS/Zaaksysteem op de markt zal zetten, om de implementatie per 1-1-2025 te kunnen garanderen. Voorbereidingen voor deze aanbesteding (het opstellen van het Programma van eisen en wensen) worden in 2022 opgepakt.
In 2023 zullen naar schatting 750 indirecte uren, 160 directe uren en 315 externe uren ingezet worden. Het contract voor de Kaartviewer loopt in 2023 af, maar er zal naar alle waarschijnlijkheid gebruik gemaakt worden van de mogelijkheid dit contract te verlengen. Dienstverlening SCD OZHZ heeft de ICT-dienstverlening, salarisadministratie en onderdelen van het personeels- en inkoopbeleid uitbesteed aan de Servicegemeente Dordrecht (SGD). Per 1 april 2022 is een nieuwe dienstverleningsovereenkomst gesloten. Deze gaat uit van een zuivere opdrachtgever-opdrachtnemer relatie, bevat meetbare prestatieafspraken en is vergelijkbaar met een contract op de openbare markt. De SGD voert zelf nog de nodige aanbestedingen uit in het kader van de eigen ICT-aanbesteding (ICT Verandert). De financiële risico's zijn voor rekening van de SGD. Informatiebeveiliging en privacy Het beleid over privacy en informatiebeveiliging is vastgelegd in een aantal beleidsdocumenten die het DB in 2020 en 2021 vaststelde. Het privacybeleid heeft zowel betrekking op de AVG als op de Wet politiegegevens. De rapportage en aanbevelingen van de Functionaris Gegevensbescherming (FG) en eigen bevindingen van OZHZ zorgen voor continue borging en verbetering van de naleving van de AVG.
Met het oog op inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2023 zal OZHZ in 2022 onder andere het Register van verwerkingen actualiseren en een aantal DPIA's uitvoeren op risicovolle processen. Belangrijke nieuwe ontwikkeling lijkt verder te zijn dat omgevingsdiensten kwalificeren als 'verwerker', en niet (meer) als verwerkingsverantwoordelijke. OZHZ heeft hierover namens ODNL advies gevraagd aan een advocatenkantoor. Het zijn van 'verwerker' betekent onder andere dat omgevingsdiensten nadere afspraken moeten maken met hun opdrachtgevers (voor OZHZ zijn dat de colleges en de burgemeesters) over het voldoen aan de AVG. Bijvoorbeeld over het niveau van de informatiebeveiliging en het kunnen aantonen daarvan, het melden van datalekken, enzovoort. Die afspraken worden opgenomen in een verwerkersovereenkomst. Een en ander wordt in de loop van 2022 en 2023 verder uitgewerkt.
35 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Ook voert OZHZ verbeteringen door naar aanleiding van de in 2021 uitgevoerde externe audit vanwege de Wet politiegegevens (Wpg). Daartoe is begin 2022 een verbeterrapport opgesteld en een DPIA uitgevoerd. De belangrijkste verbeteringen betreffen onder andere het uitvoeren van interne audits op de naleving van de Wpg en het aanwijzen van een FG specifiek voor de Wpg. Waar mogelijk pakt OZHZ dit op samen met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland. Opschoning van het archief In 2022 laat OZHZ het fysieke archief in de kelder bewerken en voorbereiden op vernietiging en overdracht richting de regionale archieven, door externe partij BECIS. Een ander deel van het fysieke archief van OZHZ is ondergebracht bij externe partij OASIS, waarvoor OZHZ jaarlijks € 13.000,- kosten maakt. Een gedeelte van deze dossiers komt in aanmerking voor vernietiging en een deel van deze dossiers komt in aanmerking voor overdracht, maar moet daarvoor, net als ons fysiek archief in de kelder, eerst bewerkt worden. De archiefinspecteur heeft inmiddels een aantal jaren achtereen in zijn verslag benadrukt dat dit opgepakt moet worden. Voor het archief bij OASIS zou dat neerkomen op ongeveer € 300.000,- aan bewerkingskosten.
De bewerkingskosten per meter zijn hoger dan bij het project wat in 2022 door BECIS wordt uitgevoerd, omdat archivering daar op documentniveau heeft plaatsgevonden en een en ander op zaakniveau geordend moet gaan worden. WOO en WEP OZHZ verstrekt jaarlijks rond de 9500 documenten aan externe partijen die informatie opvragen. Om te voldoen aan de regels over privacy is het noodzakelijk dat OZHZ bij het delen of openbaar maken van documenten geen onnodige persoonsgegevens verstrekt. Dit betekent dat in alle documenten deze gegevens geanonimiseerd moeten worden. Wat daar in de toekomst nog bij komt zijn stukken welke volgens de WEP en WOO openbaar gemaakt moeten worden. De grootste impact voor OZHZ betreft het openbaar maken van beschikkingen. Dit gaat op dit moment om 2400 beschikkingen per jaar. De verplichting vanuit de WOO gaat in fases in en de beschikkingen moeten per 1 juli 2026 na publicatie ook openbaar gemaakt worden. Binnen OZHZ hebben meerdere units al eerder de handen ineengeslagen om bij het verstrekken van bodemrapportages te werken volgens de AVG. Hieraan worden enorm veel uren besteed om dit in te kunnen passen in de dagelijkse praktijk. Het gaat echter om dusdanig grote hoeveelheden dat dringend behoefte is aan een geautomatiseerde anonimiseringstool. OZHZ startte in 2021 daarom een pilot op voor het automatisch anonimiseren.
De software biedt voldoende kwaliteit en kwantiteit om in productie te nemen.
5.3
Communicatie
(Omgevings)Communicatie & voorlichting OZHZ zet communicatie steeds vaker in als strategisch middel. Bijvoorbeeld om ondernemers te bewegen om op tijd in actie te komen bij wetswijzigingen of om onveilige situaties te voorkomen. Of denk aan uitleg aan inwoners over de impact van een nieuwe vergunning of adviezen over veilig asbest verwijderen. Hiervoor verbetert OZHZ continu zijn corporate middelen. Denk aan de website, LinkedIn en social mediakanalen voor
36 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
arbeidsmarktcommunicatie. Voor projecten ontwikkelt OZHZ speciale communicatiemiddelen. Bijvoorbeeld campagnes voor regiobrede onderwerpen als houtstook, webinars om kennis te delen over waterstof of stappenplannen voor ondernemers. De website van OZHZ voldoet aan de eisen van het Tijdelijk besluit digitale toegankelijkheid overheid. Steeds meer aandacht is er ook voor de begrijpelijkheid van teksten en de toegankelijkheid. Binnen OZHZ zijn er schrijftrainingen en schrijfcoaches, die iedere medewerker helpen bij zijn of haar communicatie met inwoners en ondernemers. De focus ligt op tekst, maar het gedachtegoed is breder. Uiteindelijk communiceert immers de hele organisatie. OZHZ helpt medewerkers dit zo goed mogelijk te doen. Interne communicatie OZHZ zet sinds 2020 extra veel in op interne communicatie. Door het vele thuiswerken neemt de behoefte aan bedrijfsbrede initiatieven toe. Met bijvoorbeeld personeelsbijeenkomsten, interactieve sessies, interne acties en het stimuleren van intranetgebruik, blijven medewerkers toch in contact en voelen ze zich meer verbonden met de organisatie. Ook helpt het bij omgaan met de nadelen van thuiswerken. Met interne communicatie versterkt OZHZ de verbinding tussen medewerkers en de omgeving. Interne communicatie en externe communicatie is altijd verbonden met elkaar.
5.4
Huisvesting
In het kader van het nieuwe werkconcept worden aanpassingen gedaan aan de inrichting van het kantoor aan de Johan de Witstraat te Dordrecht. Het kantoor is meer gericht op ontmoeten, samenwerken en verbinden: daartoe zijn méér overleg-ruimtes ingericht, zijn stilteruimtes getransformeerd tot beeldbel-plekken, en zijn alle overlegruimtes uitgerust met noodzakelijke AV-middelen. Door het huurcontract te verlengen met 5 jaar (tot 2030), kunnen de afschrijvingslasten van deze investeringen binnen de begroting worden opgevangen. Uit het Medewerkerstevredenheidsonderzoek kwam één belangrijk minpunt naar voren, en dat is het binnenklimaat op kantoor. In 2021 is een extern onderzoek uitgevoerd naar de kwaliteit van het binnenklimaat en zijn met de verhuurder afspraken gemaakt over de inspanning die geleverd moet worden om het binnenklimaat binnen een tijdsbestek van een jaar structureel te verbeteren.
5.5
Interne beheersing
Rechtmatigheidsverantwoording Decentrale overheidsorganen zullen met ingang van het boekjaar 2022 een rechtmatigheidsverantwoording afgeven bij de jaarrekening. De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording heeft gevolgen voor de (interne) beheersing van de organisatie en ook de rol van de accountant verandert hierdoor. Het DB is verantwoordelijk voor de inrichting en uitvoering van processen, controleert de rechtmatigheid en rapporteert hierover. De accountant toetst deze de rechtmatigheidsverantwoording op getrouwheid en neemt dit mee in de accountantsverklaring. OZHZ ziet de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording als een kans om de controlerende rol van het AB te versterken en te investeren in een verdere ontwikkeling van de bedrijfsvoering.
37 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Het AB heeft in juli 2021 een aantal richtinggevende besluiten genomen ten aanzien van de rechtmatigheidsverantwoording: •
Vooralsnog gaat OZHZ uit van een minimale variant, waarbij de beheersing is gericht op het kunnen afgeven van de rechtmatigheidsverantwoording.
•
Op termijn streeft OZHZ naar een hogere ambitie waarbij sprake is van structurele verbetering van de processen.
•
OZHZ hanteert het huidige normenkader, namelijk de relevante externe financiële regelgeving en ABbesluiten vertaald in een concreet toetsingskader.
•
OZHZ stelt de verantwoordingsgrens in de rechtmatigheidsverantwoording vooralsnog op 3%.
•
OZHZ rapporteert fouten in de paragraaf bedrijfsvoering vanaf een bedrag van € 100.000.
•
OZHZ sluit bij de verbijzonderde interne controle aan op de steekproefbepaling van de accountant.
•
OZHZ beziet op grond van een evaluatie na het eerste verantwoordingsjaar of en in welk tempo de ambitie kan worden verhoogd.
OZHZ werkt de verdere implementatie uit in een plan van aanpak. In de herstructurering van de organisatie is nadrukkelijk voorgesorteerd op de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording. Er is een helder onderscheid gemaakt in de control en financiële functie. Ook de combi functie van controller en unitmanager houdt op te bestaan. De controller en het control team zijn meer onafhankelijk gepositioneerd onder de directie. Kwaliteitszorg In 2021 heeft de externe auditor in juni en november audits uitgevoerd bij de dienst. De audit in november was een zgn. focus-audit in verband met de geplande hercertificering in 2022. Op grond van de informatie uit de interviews en documentatie kan worden vastgesteld dat de organisatie en de beheersing van dienstverlening in lijn zijn met de normvereisten en de eigen afspraken daaromtrent. Het principe van continu verbeteren is duidelijk zichtbaar in de zich continu ontwikkelende organisatie en een daarop passend managementsysteem. De organisatie werkt in haar bedrijfsvoering aan verschillende verbeteringen en/of optimalisaties. Er is sprake van doorontwikkeling van het KMS naar een systeem waarin de risico's om doelen te kunnen bereiken, worden geïdentificeerd en juist wordt ingebed op de werkvloer. Met name de invoering van de Omgevingswet is van grote impact op de dienstverlening, maar ook op alle stakeholders.
Veel aandacht gaat uit naar de juiste kennis, integraliteit, samenwerking, stakeholdermanagement. De uitdaging voor het realiseren van verbetering is het vinden van de juiste balans tussen centrale beheersing van continue verbetering en de beheersing van realisatie binnen de units waarbij het versterken van eigenaarschap in het geheel van de organisatie van belang is. Op basis van het auditresultaat zijn er geen belemmeringen voor de continuering van de certificering en de hercertificering in 2022 volgens ISO-9001-2015.
38 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
V
BIJLAGEN
Bijlage 1
Omzet 2022 en 2023
Inwonerbijdrage
Gemeente
Inwoners
%
2022
2023
Alblasserdam Dordrecht Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Hendrik Ido Ambacht Hoeksche Waard Molenlanden Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht Provincie Zuid-Holland
20.165 119.284 37.022 18.295 31.202 87.401 43.909 32.136 25.220 44.737
4% 26% 8% 4% 7% 19% 10% 7% 5% 10%
69.445 410.578 126.930 62.462 107.152 299.855 151.761 111.733 86.597 154.465 631.156
70.730 418.174 129.278 63.618 109.134 305.403 154.569 113.800 88.199 157.322 642.832
Totaal
459.371
100%
2.212.133 2.253.058
Jaarprogramma (* € 1.000)
39 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Jaarprogramma's Omschrijving
2022 Structureel
2023
Incidenteel
Structureel
Incidenteel
Gemeente Alblasserdam
1.523
13
1.589
23
Gemeente Dordrecht
7.407
1.141
7.544
0
Gemeente Gorinchem
514
563
24
Gemeente Hardinxveld-Giessendam
394
20
442
24
Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht
412
28
451
19
Gemeente Hoeksche Waard
1.358
35
1.496
68
Gemeente Molenlanden
1.490
30
1.674
94
Gemeente Papendrecht
482
10
512
13
Gemeente Sliedrecht
477
518
19
Gemeente Zwijndrecht
853
4
898
17
Provincie Zuid-Holland
6.395
867
6.063
209
Totaal
21.306
2.149
21.749
509
De overheveling van de bodemtaken van PZH naar de gemeenten is verwerkt in de jaarprogramma budgetten 2023. Het gaat om de volgende bedragen. 2023
Jaarprogramma's Overheveling bodemtaken
Structureel
Incidenteel
Totaal
Gemeente Zwijndrecht
29
17
Provincie Zuid-Holland
-500
-300
61 0 63 65 50 180 251 33 50 46 -800
0
0
0
Gemeente Alblasserdam
38
23
Gemeente Dordrecht
0
0
Gemeente Gorinchem
39
24
Gemeente Hardinxveld-Giessendam
41
24
Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht
31
19
Gemeente Hoeksche Waard
113
68
Gemeente Molenlanden
157
94
Gemeente Papendrecht
21
13
Gemeente Sliedrecht
31
19
Totaal
40 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Bijlage 2
Informatie voor verbonden partijen
In de lijst van verbonden partijen wordt ten minste de volgende informatie opgenomen: a) de naam en de
Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid,
vestigingsplaats;
gevestigd te Dordrecht
b) het openbaar belang
De regeling is getroffen ter ondersteuning van de deelnemers en de
dat op deze wijze
regiogemeenten bij de uitvoering van hun taken op het gebied van het
behartigd wordt;
omgevingsrecht in het algemeen en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in het bijzonder, alsmede de taken op het terrein van vergunningverlening, handhaving en toezicht op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht genoemde wetten.
c) het belang dat de provincie onderscheidenlijk de gemeente in de verbonden partij heeft in 2020;
De omzet betreft de realisatie 2021. Alblasserdam
€
1.598.567,38
Dordrecht
€
9.013.767,63
Gorinchem
€
676.963,33
Hardinxveld-Giessendam
€
486.901,11
Hendrik-Ido-Ambacht
€
681.703,50
Hoeksche Waard
€
1.848.650,40
Molenlanden
€
1.675.883,16
Papendrecht
€
726.057,74
Sliedrecht
€
689.012,60
Zwijndrecht
€
1.058.935,04
Provincie
€
9.476.180,40
TOTAAL
€ 27.932.622,29
d) de verwachte omvang
Eigen vermogen verbonden partij aan het begin en einde van het begrotingsjaar:
van het eigen vermogen
31-12-2020 31-12-2021
en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar; e) de verwachte omvang
€ 3.509.357 € 3.055.628
Vreemd vermogen verbonden partij aan het begin en einde van het begrotingsjaar: 31/12/2020 31/12/2021
€ 12.363.119 € 11.954.139
Het resultaat voor het jaar 2021 bedraagt € 266.789
van het financiële resultaat van OZHZ in het begrotingsjaar.
41 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Bijlage 3
Balans meerjarig
Balans per 31 december (bedragen in €)
2022
2021
ACTIVA
2023
2024
2025
2026
VASTE ACTIVA -
Immateriële vaste activa
-
-
-
-
-
Kosten verbonden aan het sluiten van geldlening en het saldo van agio en disagio
-
-
-
-
-
-
een bepaald actief
-
-
-
-
-
-
Bijdragen aan activa in eigendom van derden
-
Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor 1.091.539
Materiële vaste activa
1.680.891
2.991.206
2.737.631
2.459.900
2.670.276
Investeringen: met een economisch nut
1.091.539
1.680.891
2.991.206
2.737.631
2.459.900
2.670.276
met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut In erfpacht gegeven gronden
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Financiële vaste activa
-
-
-
-
-
Kapitaalverstrekking aan: deelnemingen
-
-
-
-
-
-
gemeenschappelijke regelingen
-
-
-
-
-
-
overige verbonden partijen
-
-
-
-
-
-
Leningen aan: woningbouwcorporaties
-
-
-
-
-
-
deelnemingen
-
-
-
-
-
-
overige verbonden partijen
-
-
-
-
-
-
openbare lichamen (art. 1a Wet Fido)
-
-
-
-
-
-
overige langlopende leningen
-
-
-
-
-
-
Uitzettingen: in ’s Rijks schatkist met een looptijd ≥ 1 jaar
-
-
-
-
-
-
met een looptijd ≥ 1 jaar
-
-
-
-
-
-
overige met een looptijd ≥ 1 jaar
-
-
-
-
-
-
in de vorm van Nederlands schuldpapier
1.091.539
TOTAAL VASTE ACTIVA
1.680.891
2.991.206
2.737.631
2.459.900
2.670.276
VLOTTENDE ACTIVA -106.630
Voorraden Grond- en hulpstoffen Onderhanden werk, inclusief bouwgronden in exploitatie
-106.630
408.271
408.271
408.271
408.271
408.271
-
-
-
-
-
408.271
408.271
408.271
408.271
408.271
Gereed product en handelsgoederen
-
-
-
-
-
-
Vooruitbetalingen
-
-
-
-
-
-
11.756.449
Uitzettingen
9.958.261
9.835.901
9.920.871
10.035.141
9.651.552
Deze hebben een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen
7.310.788
4.104.282
4.003.425
4.003.425
3.974.750
3.974.750
Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen (Art. 1a Wet Fido) Overige verstrekte kasgeldleningen Rekening courant verhouding met het Rijk
-
-
-
-
-
4.414.399
-
-
5.847.717
-
-
5.826.213
-
-
5.911.183
-
6.054.129
5.670.540
Rekening courant verhouding overige niet-financiële instellingen Overige vorderingen
-
-
-
-
-
-
31.262
6.262
6.262
6.262
6.262
6.262
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een looptijd korter dan één 1 jaar
-
-
-
-
-
-
looptijd korter dan één 1 jaar
-
-
-
-
-
-
Overige uitzettingen met een looptijd korter dan één 1 jaar
-
Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier
Kas Bank, inclusief kruisposten
202.677
Liquide middelen 1.974
474
200.703
200.474
474
200.000 2.065.732
Overlopende activa
200.474
474
200.000 678.503
200.474 474
200.000 675.429
200.474
200.000 655.429
200.474 474 200.000
665.429
670.429
Nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel van: Europese overheidslichamen het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen
-
-
1.790.421
-
-
-
-
-
-
-
-
-
410.503
407.429
387.429
397.429
402.429
Overige nog te ontvangen c.q. vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotings jaren komen
275.311
268.000
268.000
268.000
268.000
268.000
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
13.918.228
11.245.509
11.120.074
11.185.044
11.309.314
10.930.725
TOTAAL ACTIVA
15.009.767
12.926.400
14.111.281
13.922.676
13.769.215
13.601.001
42 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Balans per 31 december (bedragen in €) PASSIVA
2022
2021
2023
2024
2025
2026
VASTE PASSIVA 3.055.628
Eigen vermogen Algemene reserve
1.445.446
1.322.859
1.322.859
1.322.859
1.322.859
981.219
1.028.219
1.028.219
1.028.219
1.028.219
1.028.219
Bestemmingsreserves
1.807.620
417.228
294.640
294.640
294.640
294.640
Saldo van de rekening
266.789
-0
-0
-0
-0
-
Voorzieningen Voorzieningen
-
-
-
Vaste schulden
-
243.750
-
1.861.184
-0 -
-
1.754.125
1.647.066
1.540.007
Deze hebben een rentetypische looptijd langer dan één jaar Obligatieleningen
-
-
-
-
-
-
Onderhandse leningen van: binnenlandse pensioenfondsen en verzekeraars
-
-
overige financiële instellingen
-
243.750
-
-
-
-
binnenlandse bedrijven
-
-
-
-
-
-
openbare lichamen (Art. 1a Wet Fido)
-
-
-
-
-
-
overige binnenlandse sectoren
-
-
-
-
-
-
binnenlandse banken en 1.861.184
1.754.125
1.647.066
1.540.007
buitenlandse instellingen
-
-
-
-
-
-
Door derden belegde gelden
-
-
-
-
-
-
Waarborgsommen
-
-
-
-
-
-
Overige leningen en vooruitontvangen bedragen
-
-
-
-
-
TOTAAL VASTE PASSIVA
-
3.055.628
1.689.196
3.184.043
3.076.984
2.969.925
2.862.866
3.049.055
3.568.696
3.210.835
3.179.433
3.124.552
3.061.819
VLOTTENDE PASSIVA Vlottende schulden Deze hebben een rentetypische looptijd korter dan één jaar Kasgeldleningen aangegaan bij: openbare lichamen (Art. 1a Wet Fido)
-
-
-
-
-
overige partijen
-
-
-
-
-
Banksaldi Overig
-
-
3.049.055 8.905.084
Overlopende passiva
-
3.568.696
-
3.210.835 7.668.508
-
-
3.179.433 7.716.403
-
3.124.552 7.666.259
3.061.819 7.674.738
7.676.317
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
1.156.503
1.331.432
1.301.308
1.245.714
1.245.714
1.245.714
Ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren van: Europese overheidslichamen
-
-
-
-
-
het Rijk
-
-
-
-
-
overige Nederlandse overheidslichamen
7.748.581
6.337.076
6.415.095
6.420.545
-
6.429.025
6.430.603
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
-
-
-
-
-
-
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
11.954.139
11.237.204
10.927.238
10.845.692
10.799.290
10.738.136
TOTAAL PASSIVA
15.009.767
12.926.400
14.111.281
13.922.676
13.769.215
13.601.001
43 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022
Bijlage 4
Begroting 2023 Structureel en incidenteel
begroting 2023 OZHZ
Structureel
Incidenteel
Inwonerbijdrage
2.253
-
Wettelijke taken
22.036
223
Offerte- en subsidietaken
2.157
96
Baten
Overige baten
-
Totaal baten
26.445
319
21.413
276
Lasten Personeelskosten Kapitaallasten Ondersteuning SCD Huisvesting
442
46
1.725
-
509
-
Overige bedrijfskosten
1.237
-
Additionele productkosten
987
119
Onvoorzien
133
1
26.445
441
Gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten
-
-123
Onttrekkingen aan reserves
-
123
Toevoegingen aan reserves
-
-
Overige bijzondere posten Totaal lasten
Gerealiseerd resultaat
Bedragen × EUR 1.000 Waarvan algemeen dekkingsmiddel
0
2.253
0
-
44 Ontwerpbe groti ng 20 23 Vastgesteld DB 14 a pril 2 022