Onderwijsachterstandenbeleid 2024 - 2026.pdf
Tekst van het document
Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026 Gemeente Hardinxveld-Giessendam
Wethouder:
A. Meerkerk, portefeuillehouder onderwijs 16-7-2024 1 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Inhoud 1.
Inleiding en context ......................................................................................................................... 2
2.
Visie onderwijsachterstandbeleid Hardinxveld-Giessendam .......................................................... 4
3.
Huidige situatie OAB in de gemeente Hardinxveld-Giessendam .................................................... 5
4
3.1
Algemene informatie ............................................................................................................... 5
3.2
Kengetallen .............................................................................................................................. 8
Beleidsplan 2024-2026 .................................................................................................................. 11 4.1 De terugblik op 2020-2023 per speerpunt .................................................................................. 11 4.2 Doelstellingen 2024-2026 per speerpunt uit de LEA 2023-2026 ................................................ 14
4.3 Afstemming en relatie met andere beleidsterreinen...................................................................... 17
1. Inleiding en context Het Onderwijsachterstandenbeleid in Nederland Sinds de jaren zeventig voert Nederland beleid om de onderwijskansen voor kinderen te vergroten. Scholen en gemeenten ontvangen financiële middelen van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) om onderwijsachterstanden te bestrijden en te voorkomen. Het Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) van de nationale overheid richt zich op kinderen van 2 tot 12 jaar en focust zich op:
-
De ontwikkeling van kinderen bij wie al een onderwijsachterstand is geconstateerd; De ontwikkeling van kinderen die vermoedelijk een onderwijsachterstand zullen oplopen als er niet tijdig wordt ingegrepen.
Een effectieve aanpak Een effectieve aanpak moet voorkomen dat een achterstand op jonge leeftijd resulteert in een achterstand gedurende het hele leven. Uit veel onderzoeken blijkt dat de kansen in het leven van kinderen aanzienlijk verbeteren als zij beter presteren in het onderwijs. 'Optimale onderwijskansen voor deze kinderen vragen om een goed onderwijsachterstandenbeleid'. Speerpunten en doelstellingen moeten zijn: Gerichte en effectieve interventies en betrokken professionals die samenwerken . Het begint met voorschoolse educatie voor peuters en vroegschoolse educatie voor kleuters (VVE). Vervolgens gaat het om het volhouden van gerichte interventies tot het einde van de basisschool. Achtergrond en wettelijke kaders Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) vormt het belangrijkste onderdeel van het Onderwijsachterstandenbeleid en is met name bedoeld voor kinderen met een (risico op een) onderwijsachterstand. Voorschoolse educatie betreft de stimulering van de brede ontwikkeling van het jonge kind (2-4 jaar), waarbij de focus op taalontwikkeling ligt. Binnen de VE-locaties wordt gewerkt met een VVE-programma waarin specifieke aandacht wordt besteed aan de ontwikkeling van taal- en rekenvaardigheden, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling. De Onderwijsinspectie en de GGD controleren op de uitvoering van de voorschoolse educatie. 2 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Vroegschoolse educatie is daarnaast stimulering van de brede ontwikkeling, met focus op taalontwikkeling, bij kleuters (4-6 jaar). Dit valt onder de verantwoordelijkheid van het primair onderwijs. Het onderwijs mag en kan vroegschoolse educatie naar eigen inzicht inrichten. De Onderwijsinspectie controleert of de VVE-kleuters een rijk taalaanbod krijgen en of het om een beredeneerd aanbod gaat. Het Onderwijsachterstandenbeleid wordt gekaderd door verschillende wet- en regelgeving: -
Wet ontwikkelingskansen door kwaliteit en educatie (wet OKE); Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk; Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang (IKK); Wet op het primair onderwijs (WPO); Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.
Gemeenten zijn door de wet OKE verantwoordelijk voor het realiseren van een kwalitatief en dekkend aanbod van voor- en vroegschoolse educatie. In 2018 trad de harmonisatiewet in werking, met als doel het versterken van het pedagogisch klimaat, één kwaliteitskader voor alle voorschoolse voorzieningen (inclusief de voormalige peuterspeelzalen) en één financieringsstructuur voor ouders/verzorgers. Vanaf 2018 kwamen er aanvullende kwaliteitseisen bij, die apart geregeld zijn in de Wet IKK en zijn uitgewerkt in het Besluit kwaliteit kinderopvang en enkele ministeriële regelingen. De Wet IKK zorgt ook in de toekomst nog voor aanvullende eisen. De Wet op het primair onderwijs en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie schrijven op het gebied van vooren vroegschoolse educatie de verplichtingen voor aan de gemeente, het primair onderwijs en de kinderopvang. Tot slot heeft de jeugdgezondheidszorg (JGZ) op basis van de Wet Publieke Gezondheid de taak om te signaleren of een kind een (risico op een) onderwijsachterstand heeft als gevolg van onvoldoende taalaanbod in de eigen omgeving of andere factoren. De basis waarop de JGZ indiceert is de zogenaamde doelgroep definitie. Iedere gemeente bepaalt zelf de geldende criteria voor deze definitie.
De JGZ geeft op basis daarvan een indicatie voor voorschoolse educatie af, waarmee kinderen recht hebben op extra dagdelen VE in de kinderopvang. In Hardinxveld-Giessendam wordt de indicering op het moment uitgevoerd door JongJGZ.
De OAB-periode Het Onderwijsachterstandenbeleid is door de overheid verdeeld in periodes van meestal vier jaar. De vorige periode eindigde in 2022, maar de gemeente Hardinxveld-Giessendam heeft het beleid van 2020-2022 een jaar door laten lopen tot en met 2023. De nieuwe periode loopt van 2024 tot en met 2026. Voor deze periode heeft de gemeente Hardinxveld-Giessendam samen met haar samenwerkingspartners een nieuw Onderwijsachterstandenbeleid geformuleerd.
Het proces naar een nieuw Onderwijsachterstandenbeleid Samen met de samenwerkingspartners van de gemeente Hardinxveld-Giessendam zijn de doelstellingen van de afgelopen OAB-periode (2020-2022) geëvalueerd. Voor de gemeenschappelijke onderwerpen is een evaluatie- en inputbijeenkomst georganiseerd met de samenwerkingspartners. Op basis van deze evaluaties is het Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026 tot stand gekomen.
3 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
De belangrijkste doelen en ambities voor 2024-2026 zijn: • Het ontwikkelen van een meerjarenplan in de werkgroep LEA1 voor de inzet van het OAB-budget per doelstelling. • Het implementeren van initiatieven tijdens de schoolperiode die gericht zijn op het verminderen van taalachterstanden (2-12 jaar). • Het evalueren van bestaande pilots en kortlopende activiteiten op het gebied van onderwijsachterstanden (2-12 jaar). • Structureel de resultaten uit de Peutermonitor bespreken in de LEA1 en het LDK. • Het maken van afspraken met schoolbesturen en bestuurders van kinderopvang over de resultaten die worden nagestreefd met de inzet in voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Deze afspraken dragen bij aan een blijvende focus op de kwaliteit van de uitvoering van VVE. • Het ontwikkelen van extra voorlichting aan inwoners op het gebied van VVE. • Het ondersteunen van de begeleiding van doelgroepkinderen in de voorzieningen voor voorschoolse educatie (2-4 jaar). • Het ondersteunen van de begeleiding van doelgroepkinderen in de voorzieningen voor vroegschoolse educatie (4-6 jaar). • Het ontwikkelen van een actieplan voor de begeleiding van nieuwkomers in de kinderopvang en het primair onderwijs op het gebied van onderwijsachterstanden. • Het in kaart brengen van facetten voor het ontwikkelen en versterken van een inhoudelijke doorgaande lijn.
2. Visie onderwijsachterstandbeleid Hardinxveld-Giessendam De gemeente Hardinxveld-Giessendam wil de komende jaren samen met de betrokken partners inzetten op het voorkomen, vroegtijdig signaleren en aanpakken van ontwikkelingsachterstanden. De gemeente Hardinxveld-Giessendam streeft naar een kind- en gezinsvriendelijke opvoedings- en opgroeisituatie waarin kinderen de kans krijgen zich optimaal te ontwikkelen. Ouders dragen de verantwoordelijkheid voor de (leer)ontwikkeling van hun kinderen. De kinderopvang, peuterspeelzaal en basisschool zijn professioneel verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de kinderen binnen hun vakgebied. In samenwerking nemen ouders, kinderopvang, peuterspeelzaal en scholen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van de kinderen. Het Sociaal Team ondersteunt de betrokken partners wanneer er een zorgvraag is. De doelstelling van het Onderwijsachterstandenbeleid is om (dreigende) leerachterstanden onder de groep 2-12 jaar te voorkomen en eenmaal opgelopen achterstanden te verminderen.
4 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
3. Huidige situatie OAB in de gemeente Hardinxveld-Giessendam Vanuit het huidige uitvoeringsplan onderwijsachterstandenbeleid 2019-2022 wordt in dit hoofdstuk een overzicht gegeven van de samenwerkingspartners, de onderdelen van het OAB en de relevante kengetallen, zoals het OAB-budget, de indicering en het bereik.
3.1 Algemene informatie Definitie doelgroepkinderen Hieronder worden alle kinderen met onderwijsachterstanden in de leeftijd van 2 tot en met 12 jaar verstaan. Samenwerkingspartners De samenwerkingspartners voor het Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) in de gemeente Hardinxveld-Giessendam zijn vanuit het onderwijs: Stichting Trivia, Stichting OVO, de KWS en de Wonderwijzer. Vanuit de kinderopvang zijn dit Stichting de Flierefluiter, Stichting Peuterspeelzalen Hardinxveld-Giessendam, Partou, To Be Kind, Kinderopvang Hink en Kinderopvang de Kleine Wei. In Hardinxveld-Giessendam gaat het om vijf VE-locaties en zes basisscholen. Andere samenwerkingspartners zijn Jong JGZ (JJGZ) en Bibliotheek Aanzet. Lokale Educatieve Agenda (LEA) De Wet op het Primair Onderwijs (WPO) schrijft voor dat er jaarlijks overleg plaatsvindt met de schoolbesturen en de aanbieders van voorschoolse educatie over de doorlopende ontwikkelingslijn van voor- naar vroegschoolse educatie en over de resultaten van vroegschoolse educatie. Wij voeren dit gesprek in het kader van de Lokale Educatieve Agenda (LEA). In de Lokale Educatieve Agenda 2023-2026 staan de ambities voor het onderwijsbeleid in de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Hierin zijn de wettelijke kaders op het gebied van VVE en de speerpunten uit het lokale onderwijsachterstandenbeleid 2020-2022 impliciet meegenomen.
Samen met de betrokken partijen geven wij via vier werkgroepen uitvoering aan het onderwijsbeleid: - LEA 1: Voor- en vroegschoolse educatie - LEA 2: Sport, cultuur en gezondheid - LEA 3: Onderwijs en zorg - LEA 4: Verkeer en economie De 4 LEA werkgroepen rapporteren hun voortgang in de "lokale directie kring" (hierna LDK genoemd), In de LDK zijn alle scholen en kinderopvanglocaties vertegenwoordigd. Voor dit beleidsstuk is alleen de werkgroep LEA1 relevant en daarom wordt in de volgende alinea enkel deze werkgroep verder uitgelegd. Verdere informatie over de andere LEA werkgroepen is te lezen in het beleidsstuk Lokale Educatieve Agenda 2023-2026 (gepubliceerd op de website www.hardinxveld-giessendam.nl ).
5 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
LEA 1 De werkgroep LEA 1 voor de Voor- en Vroegschoolse Educatie bestaat uit vertegenwoordigers van het basisonderwijs, peuteropvang, de gemeente, jeugdgezondheidszorg en de bibliotheek. De huidige opdracht van de werkgroep LEA 1 luidt als volgt: 1. Doorgaande lijn op ontwikkeling van 0 tot 6 jaar in de periode van opvang en de start van het basisonderwijs. Elk kind gelijke kansen bieden waarbij er geen enkel kind tussen wal en schip belandt; 2. Afspraken maken over de aanwending van de gemeentelijke middelen voor het bestrijden van onderwijsachterstanden; 3. Zicht krijgen in de VE indiceringcijfers, bereik en non-bereik en uitzetten van acties om een dekkend aanbod te kunnen bieden in Hardinxveld-Giessendam; 4. Preventieve inzet op spraak- en taalontwikkeling; 5. Inzet op het integreren van statushouders. Aanbieders VE-peuteropvang Vanuit de wettelijke verplichtingen wordt een groot deel van het beschikbare OAB-budget besteed aan het realiseren van voldoende VE-plaatsen voor de VE-doelgroep peuters. In 2023 is de VEpeuteropvang in Hardinxveld-Giessendam uitgevoerd door Stichting Flierefluiter en Stichting Peuterspeelzalen Hardinxveld-Giessendam. Om de toegankelijkheid voor VE-doelgroep peuters te vergroten, wordt het derde en vierde dagdeel van het VE-aanbod volledig door de gemeente bekostigd.
Partner voor de toeleiding Jong JGZ (JJGZ) geeft de VE-indicaties af en bereikt bijna alle kinderen in Hardinxveld-Giessendam. JJGZ stimuleert en motiveert ouders tijdens de gesprekken op de consultatiebureaus om gebruik te maken van voorschoolse educatie. Of dit daadwerkelijk gebeurt, is uiteindelijk de keuze van de ouders.
6 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Criteria indicatiestelling VE De LEA stuurgroep heeft op 25 november 2019 ingestemd met de criteria voor indicatiestelling VVE per 1 januari 2020. Er is op dit moment geen aanleiding voor het herijken van de doelgroep peuter definitie. De doelgroep peuter definitie wordt jaarlijks geëvalueerd in de werkgroep LEA1. Een doelgroep peuter is een kind van 2,5 tot 4 jaar dat: 1. Aantoonbaar over een risicoprofiel beschikt, namelijk: a. Beide ouders hebben een hoogst genoten opleiding op vmbo-niveau gevolgd of maximaal 2 leerjaren onderwijs van een ander niveau op het voortgezet onderwijs, en/ of; b. In de thuissituatie wordt geen Nederlands als voertaal gesproken, en/ of; c. Tenminste één van de ouders is korter dan 8 jaar in Nederland. EN/ OF 2. Waarbij door de jeugdgezondheidszorg, de peuteropvang of het kinderdagverblijf een taal- en/ of ontwikkelingsachterstand is gesignaleerd. EN 3. Waarbij de taal- en of/ ontwikkelingsachterstand volgens een wetenschappelijke methode door de jeugdgezondheidszorg is vastgesteld. MAAR 4. Indien door de jeugdgezondheidszorg, de peuteropvang of het kinderdagverblijf de eerder gesignaleerde taal- en/ of ontwikkelingsachterstand niet meer wordt gezien, wordt tussen deze partij(en) en de ouders afgesproken om te stoppen met het VVE-traject. Bron: LEA stuurgroep 25-11-2019
Scholen met vroegschoolse educatie Op dit moment subsidieert de gemeente geen activiteiten in de kleutergroepen, ook wel vroegschoolse educatie genoemd. Dit wordt wel als doelstelling opgenomen in het onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026. Ander aanbod gericht op het vergroten van de onderwijskansen op het gebied van taal. Er is een structureel aanvullend aanbod in Hardinxveld-Giessendam om taalachterstanden zoveel mogelijk te voorkomen of in te halen. Dit aanbod omvat de volgende activiteiten: -
-
-
BoekStart: Dit programma moedigt ouders aan om hun jonge kinderen al op jonge leeftijd kennis te laten maken met boeken en voorlezen, wat de taalontwikkeling bevordert. VoorleesExpress: Dit project helpt kinderen die moeite hebben met taal door vrijwilligers in te zetten die hen thuis voorlezen en taalspelletjes doen, wat de taalvaardigheid en het leesplezier stimuleert. Preventieve logopedische screening: Voor 75% van alle 5-jarigen wordt logopedische screening gefinancierd. Deze screening helpt om vroegtijdig spraak- en taalproblemen te signaleren en aan te pakken, zodat kinderen met een taalachterstand tijdig de juiste ondersteuning krijgen.
7 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Onderwijshuisvesting VVE De gemeente Hardinxveld-Giessendam heeft geen wettelijke verplichting om geschikte huisvesting te faciliteren voor voorschoolse educatie (VVE) binnen de kinderopvang. Hoewel de gemeente verantwoordelijk is voor de huisvesting van onderwijsinstellingen, omvat dit niet de verplichting om specifieke locaties voor VVE binnen kinderopvangorganisaties te voorzien of te bekostigen. De rol van de gemeente blijft ondersteunend en faciliterend, gericht op het stimuleren van samenwerking en het waarborgen van de kwaliteit van VVE-locaties zonder een directe wettelijke verplichting tot financiering van de huisvesting.
3.2 Kengetallen Op welke gegevens is het beleid van de gemeente Hardinxveld-Giessendam gebaseerd? In dit hoofdstuk zijn de volgende kengetallen weergegeven: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Het OAB-budget; Gegevens over het aantal kinderen; Welke kinderen zijn een doelgroepkind binnen het OAB; Waar zijn deze kinderen te vinden; Hoeveel kinderen zijn geïndiceerd; Hoeveel kinderen worden daadwerkelijk bereikt.
OAB budget Gemeenten ontvangen jaarlijks een specifieke uitkering van het Rijk om onderwijsachterstanden bij kinderen in een vroegtijdig stadium te bestrijden en de onderwijskansen te vergroten. Het OABbudget dat de gemeente Hardinxveld-Giessendam van het Rijk ontvangt, is de laatste jaren gestegen: ▪ ▪ ▪ ▪
2021: € 203.701,00 2022: € 237.495,00 2023: € 249.204,00 2024: € 343.276,00
De verdeling van de middelen over de gemeenten wordt jaarlijks bepaald op basis van een door het CBS ontwikkelde indicator. Dit gebeurt met gegevens van twee jaar geleden, waardoor het bedrag kan fluctueren. Met de toename van het budget zijn er de afgelopen jaren ook nieuwe wettelijke eisen bijgekomen, gericht op de kwaliteitsverbetering van de voorschoolse educatie (VE). Bijvoorbeeld, het aantal uren VE-aanbod is gestegen van 600 naar 960 uur voor doelgroep peuters van 2,5 tot 4 jaar. Daarnaast is het verplicht om in de voorschoolse educatie een pedagogisch beleidsmedewerker VE aan te stellen voor 10 uur per jaar per doelgroep peuter. Naar verwachting voert het Rijk geen wijzigingen door in deze OAB-periode. Wel zal er vanaf 2025 een nieuwe bekostiging van de kinderopvang komen, die ook gevolgen zal hebben voor de budgetten en de bekostigingsregelingen van de gemeenten. Welke gevolgen dat precies zullen zijn, is op dit moment nog niet duidelijk.
8 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Aantal kinderen met risico op onderwijsachterstanden Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) speelt een cruciale rol in het verzamelen en analyseren van gegevens over onderwijsachterstanden in Nederland. Het CBS gebruikt een breed scala aan gegevensbronnen om een gedetailleerd en accuraat beeld te krijgen van de omvang en aard van onderwijsachterstanden op gemeentelijk niveau. De gegevensverzameling omvat informatie uit onderwijsinstellingen, gemeentelijke registraties, en diverse enquêtes en onderzoeken. Specifieke indicatoren die door het CBS worden gebruikt om onderwijsachterstanden te meten, zijn onder andere de sociaaleconomische status van ouders, opleidingsniveau van ouders, herkomst van het kind, en taalachterstand. De verzamelde data worden vervolgens verwerkt en geanalyseerd om betrouwbare statistieken en rapporten te genereren. Deze cijfers geven inzicht in de mate waarin onderwijsachterstanden voorkomen en maken het mogelijk om trends en ontwikkelingen te volgen. Gemeenten kunnen deze gegevens gebruiken om hun beleid op het gebied van onderwijsachterstanden te onderbouwen en te verbeteren. Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam biedt het CBS waardevolle statistieken die helpen bij het formuleren van effectieve strategieën en interventies om onderwijsachterstanden aan te pakken en de onderwijskansen voor alle kinderen te vergroten.
Hoeveel kinderen hebben een risico op onderwijsachterstanden? En hoe zijn die verdeeld over de gemeente? De gegevens van het CBS in 2023 zijn als volgt: Van de 2225 kinderen van 2,5 tot 13 jaar vallen 220 kinderen = 10% binnen de doelgroep
Van de 365 peuters (2,5 jaar tot en met 4 jaar) vallen 30 kinderen = 8% binnen de doelgroep
Van de 1865 basisschoolleerlingen (tussen de 4 en 13 jaar oud) vallen 190 leerlingen = 10% binnen de doelgroep
9 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Bron: https://www.cbs.nl/nl-nl/dossier/dossier-onderwijsachterstanden/achterstandsscores-gemeenten
Indicering 2023 In 2023 zijn er 14 VVE-indicaties afgegeven. Dit jaar wordt er gewerkt met de Peutermonitor. Aan de hand van de verschillenlijst is te zien welke kinderen wel VVE zouden mogen volgen, maar nog niet bekend zijn bij een peuterspeelzaal. Deze verschillenlijst bestaat momenteel uit 15 kinderen. Echter, dit geeft nog geen representatief beeld van het non-bereik, aangezien er nog met terugwerkende kracht toestemming wordt gevraagd aan ouders voor het gebruik van de Peutermonitor. De verwachting is dat in de loop van 2024 de cijfers een meer representatief beeld zullen geven.
Bereik Uit de kwartaalcijfers van de Peutermonitor blijkt dat op dit moment 68% van de VE-geïndiceerde peuters wordt bereikt. Ook hiervoor geldt dat dit nog geen volledig representatief beeld geeft vanwege de nog niet verleende toestemming voor het gebruik van de Peutermonitor.
De Peutermonitor heeft het bereikcijfer geëxtrapoleerd op basis van de beschikbare data. Bereikcijfer VE Hardinxveld-Giessendam 2023: 80,9%
10 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
4 Beleidsplan 2024-2026 Wat gaat het onderwijsachterstandenbeleid van de gemeente Hardinxveld-Giessendam precies inhouden? In dit hoofdstuk wordt op basis van een terugblik op het OAB-plan van 2020-2022, het Onderwijsachterstandenbeleid van 2024-2026, de inzet op de voorschoolse educatie, de vroegschoolse educatie, samenwerking met ouders, de monitoring en de begroting puntsgewijs uitgewerkt.
4.1 De terugblik op 2020-2023 per speerpunt In onderstaand overzicht is samengevat op welke onderdelen wij de afgelopen periode vooruitgang hebben geboekt. Hieruit vloeit voort wat de benodigde acties zijn voor de jaren 2023-2026.
Speerpunt
Onderdeel
Verhogen van de professionele kwaliteit
HBO'ers op de groep Herijken kwaliteitsplannen Resultaatafspraken Systematisch evaluatie Taalklas Vergroten van plaatsing van doelgroepkinderen Signaleren en toeleiden Bereik vergroten VVE aanbod – uitbreiding naar 16uur Samenwerken betrokken partijen Alle VVE locaties voeren gericht ouderbeleid ouderbetrokkenheid Opstellen van een sociale kaart Inzet van VVEontwikkelingsprogramma's in de thuisomgeving Doorgaande leerlijn verder versterken
Het verbreden van de toegankelijkheid en vergroten van het bereik Het leggen van verbindingen tussen betrokkenen en potentiële partijen
Realisatie 2020 2021
2022
2023
2024
11 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Verhogen van de professionele kwaliteit Onderdeel HBO'ers op de groep
Herijken kwaliteitsplannen
Resultaatafspraken
Systematisch evaluatie
Taalklas
Terugblik Sinds begin 2017 zetten de peuteropvanglocaties HBO’ers in voor drie uur per week. Deze HBO’ers worden gesubsidieerd vanuit de OAB-middelen. In 2023 hebben de samenwerkingspartners de LEA vastgesteld. De werkgroep LEA1 richt zich op het behalen van de doelstellingen die in de LEA zijn opgenomen. Het herijken van de kwaliteitsplannen is hierdoor op een andere manier ingericht en opgepakt in de periode tot en met 2023. Eind 2016 is met de voor- en vroegscholen het Convenant ambitieafspraken vastgesteld. In dit convenant zijn afspraken gemaakt over de te bereiken doelen voor kinderen die gebruikmaken van VVE. Het streven is dat elke school de opgestelde doelen bereikt; er worden echter geen sancties opgelegd wanneer de doelen niet worden behaald. De gemeente voert jaarlijks een evaluatie uit van het vastgestelde Onderwijsachterstandenbeleid, met name van het vastgestelde jaarlijkse uitvoeringsplan. Dit gebeurt aan het einde van de looptijd van het geldende uitvoeringsplan. Op basis van deze evaluatie kunnen nieuwe uitvoeringstaken worden geformuleerd voor het volgende jaar. De uitvoering van het beleid kan dus worden aangepast aan de hand van de resultaten van de evaluatie van het voorgaande jaar.
Het huidige document is zowel het beleidsplan als het uitvoeringplan voor de jaren 2024-2026 en bevat een evaluatie van de uitvoering van het onderwijsachterstandenbeleid in de periode 2020-2022. In 2022-2023 is er een taalklas opgezet vanwege de toestroom van Oekraïense vluchtelingen. Deze taalklas is in het schooljaar 2023-2024 niet voortgezet, omdat de kinderen volledig zijn ingestroomd in het reguliere basisonderwijs. Voor het schooljaar 2024/2025 wordt onderzocht of doelgroep leerlingen kunnen aansluiten bij de taalklas in Gorinchem.
Het verbreden van de toegankelijkheid en vergroten van het bereik Onderdeel Vergroten van plaatsing van doelgroepkinderen
Signaleren en toeleiden
Terugblik In de periode 2020-2023 is er samen met betrokken partners flink ingezet op de verhoging van het VE-bereik. In 2023 is de Peutermonitor geïmplementeerd, die vanaf 2024 elk kwartaal een overzicht geeft van het bereik van de VEgeïndiceerde kinderen. Op dit moment is er een bereik van 68%, maar dit percentage zal waarschijnlijk hoger uitvallen zodra toestemming van ouders voor het gebruik van de Peutermonitor is verleend. Sinds 2017 verzamelen wij samen met de betrokken partijen gegevens over het signaleren en toeleiden van VVE-kinderen. Deze gegevens worden jaarlijks gemonitord. In 2019 lukte dit onvoldoende. In 2020 en 2021 is hier extra aandacht aan besteed, waarna in 2022/2023 de Peutermonitor is
12 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Bereik vergroten
VVE aanbod – uitbreiding naar 16uur
geïmplementeerd. JJGZ is de toegangspoort voor de Peutermonitor bij signalering, waardoor de verbinding tussen het signaleren en toeleiden van VE-geïndiceerde peuters is verbeterd. Sinds 2017 monitoren wij jaarlijks het bereik van het VVEaanbod. Door de implementatie van de Peutermonitor hebben wij een volledig beeld gekregen van alle peuteropvang locaties. Hierdoor is inzichtelijk gemaakt waar het non-bereik onder VE-geïndiceerde peuters zich binnen de gemeente bevindt (op wijkniveau) en wat de door ouders opgegeven reden voor het non-bereik is. De invulling van het VVE-aanbod is in de periode 2020-2023 gecontinueerd en zal voor 2024-2026 verder worden voortgezet.
Het leggen van verbindingen tussen betrokken en potentiële partijen Onderdeel Samenwerken betrokken partijen
Alle VVE locaties voeren gericht ouderbeleid
Opstellen van een sociale kaart
Inzet van VVE-ontwikkelingsprogramma's in de thuisomgeving
Doorgaande leerlijn verder versterken
Terugblik De samenwerking tussen de kinderopvang, JJGZ en de bibliotheek is in de periode 2020-2023 voortgezet. Door de organisatie van "De Week van de Peuter" is de samenwerking tussen alle betrokken partners versterkt. Ook is de inzet op logopedie voortgezet. Het aanbod van JJGZ is door de samenwerking in LEA2 in 2024 uitgebreid en deze uitbreiding wordt eind 2024 geëvalueerd. Het ouderbeleid is meegenomen in het traject Ouderbetrokkenheid dat in 2017-2018 is doorlopen. Inmiddels is dit opgenomen in de pedagogische beleidsplannen, zijn medewerkers geïnstrueerd en werden ouders betrokken. In 2024 wordt dit onderwerp geagendeerd in de VE-werkgroep LEA1. Tot 2024 is er geen inzet gepleegd voor het opstellen van een lokale sociale kaart. De regionale sociale kaart is recent geüpdatet. Voorscholen hebben in 2018 ingezet op VVE-materialen om de ontwikkeling van het kind in de thuisomgeving te stimuleren. Dit werd in 2019 volledig in praktijk gebracht. Voor 2020 is dit thema wederom opgenomen in de plannen voor de inzet van de OAB-middelen. In de afgelopen twee jaar is hier geen vervolg aan gegeven. In de periode 2020-2023 zijn alle peuterspeelzalen overgestapt naar Parnassys, een systeem dat ook door de basisscholen wordt gebruikt. Parnassys is in 2023 gestopt met de peuterleerlijn.
In 2023 zijn de kinderopvanglocaties begonnen met het ontwikkelen van een uniform overdrachtsformulier om de doorgaande leerlijn te versterken bij de overstap naar de basisschool.
13 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
4.2 Doelstellingen 2024-2026 per speerpunt uit de LEA 2023-2026 De professionele kwaliteit op niveau houden en meegaan met nieuwe ontwikkelingen 1. Preventieve inzet op spraak- en taalontwikkeling Spraak- en taalontwikkeling is essentieel voor de algehele ontwikkeling van kinderen. Het verbeteren van de taalvaardigheden in de vroege jaren kan een significante impact hebben op hun latere schoolprestaties en sociale interacties. Dit speerpunt richt zich op de vroege identificatie van spraaken taalproblemen en het inzetten van preventieve maatregelen om deze problemen aan te pakken. Door het inzetten van screenings en tijdige doorverwijzingen naar logopedie, wordt ernaar gestreefd om taalachterstanden te minimaliseren voordat kinderen naar de basisschool gaan. De inzet van preventieve maatregelen zal leiden tot een betere voorbereiding van kinderen op het onderwijs en draagt bij aan gelijke kansen voor alle kinderen. Beleidsvoornemens Preventieve inzet op spraak- en taalontwikkeling
Beleidscontext
Periode 2023 2026
Resultaten Inzetten en evalueren preventieve screening in de voorschoolse periode en groep 2 in het onderwijs. Tijdige doorverwijzing logopedie. Door het onderzoek wat we verricht hebben naar mogelijkheden ter ondersteuning van spraaken taalontwikkeling zijn er andere/nieuwe partners in beeld of zijn de afspraken met partners hernieuwd..
Verantwoordelijk Jong JGZ, peuteropvang, kinderopvang en Onderwijs
Budget Onderwijs, Gemeente (OABmiddelen)
Bron: Lokale Educatie Agenda 2023-2026
In de komende periode gaan wij inzetten op: • Evalueren van bestaande pilots en kortlopende activiteiten op het gebied van preventieve inzet op spraak- en taalontwikkeling. 2. Afspraken maken over de aanwending van de gemeentelijke middelen voor het bestrijden van onderwijsachterstanden; Het effectief benutten van beschikbare middelen is cruciaal voor het succesvol bestrijden van onderwijsachterstanden. Dit speerpunt richt zich op het maken van concrete afspraken over de aanwending van gemeentelijke middelen, specifiek de OAB-middelen (Onderwijs Achterstanden Beleid). Door duidelijke beleidsafstemming en samenwerking tussen peuteropvang, kinderopvang, onderwijsinstellingen, JJGZ, bibliotheken en de gemeente, kan een samenhangend en doelgericht beleid worden ontwikkeld en uitgevoerd. Dit zorgt ervoor dat de middelen effectief worden ingezet voor de bestrijding van onderwijsachterstanden, met specifieke aandacht voor initiatieven die taalachterstanden verminderen en de algemene onderwijskwaliteit verbeteren. Beleidsvoornemens Afspraken maken over de aanwending van de gemeentelijke middelen voor het bestrijden van onderwijsachterstanden.
Beleidscontext Wet primair onderwijs
Periode 2023 2026
Resultaten Er is een duidelijke afstemming in beleid en inzet van de OAB middelen bereikt met alle betrokkenen.
Verantwoordelijk Peuteropvang, kinderopvang, onderwijs, Jong JGZ, bibliotheek en gemeente
Budget Gemeente (OABmiddelen)
Bron: Lokale Educatie Agenda 2023-2026
14 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
In de komende periode gaan wij inzetten op: • Het ontwikkelen van een meerjarenplan in de werkgroep LEA1 voor de inzet van het OAB budget per doelstelling. • Initiatieven implementeren in de schoolse periode gericht op het verminderen van taalachterstanden. • Evalueren van bestaande pilots en kortlopende activiteiten op het gebied van onderwijsachterstanden (2-12 jaar)
Het verbreden van de toegankelijkheid en vergroten van het bereik 3. Zicht krijgen in de VE indicering cijfers, bereik en non-bereik en uitzetten van acties om een dekkend aanbod te kunnen bieden in Hardinxveld-Giessendam; Het verkrijgen van inzicht in de VE-indiceringscijfers (Voor- en Vroegschoolse Educatie), evenals het bereik en non-bereik, is essentieel voor het ontwikkelen van een dekkend aanbod dat alle doelgroepkinderen bereikt. Dit speerpunt benadrukt het belang van het gebruik van de Peutermonitor om data te verzamelen en te analyseren. Met deze gegevens kunnen gerichte acties worden uitgezet om ervoor te zorgen dat alle kinderen met een VE-indicatie toegang hebben tot de benodigde educatieve voorzieningen. Dit draagt bij aan een inclusieve benadering waarbij geen enkel kind buiten de boot valt, en er een passend aanbod is voor alle kinderen binnen de gemeente. Beleidsvoornemens Zicht krijgen in de VE indicering cijfers, bereik en nonbereik en uitzetten van acties om een dekkend aanbod te kunnen bieden in HardinxveldGiessendam
Beleidscontext Wet primair onderwijs
Periode 2023 2026
Resultaten Invoering en gebruik Peutermonitor door alle betrokkenen om zicht te krijgen op alle VE indicering. Door het gebruik van de Peutermonitor inzicht te krijgen in het bereik en non bereik van peuters met een VE indicatie. De komende periode zal tevens gebruikt worden om op zoek te gaan naar een passend en dekkend aanbod voor alle VE peuters.
Verantwoordelijk Peuteropvang, kinderopvang, onderwijs, VEcoördinator en gemeente
Budget Gemeente (OABmiddelen)
Bron: Lokale Educatie Agenda 2023-2026
In de komende periode gaan wij inzetten op: • Structureel bespreken resultaten uit de Peutermonitor in de LEA1 & LDK. • Het maken van afspraken met schoolbesturen en bestuurders van de kinderopvang over de resultaten die worden nagestreefd met de inzet in VVE. Deze afspraken dragen bij aan een blijvende focus op de kwaliteit van de uitvoering van vve. • Ontwikkelen van extra voorlichting op het gebied van VVE.
15 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Het leggen van verbindingen tussen betrokken en potentiële (nieuwe) partijen 4. Inzet op het integreren van statushouders; Statushouders, oftewel vluchtelingen met een verblijfsvergunning, vormen een bijzondere doelgroep die extra ondersteuning nodig heeft om succesvol te integreren in het onderwijs en de samenleving. Dit speerpunt richt zich op het bieden van een kansrijk en laagdrempelig aanbod voor statushouders en hun kinderen. Door middel van specifieke middelen, materialen en expertise worden deze leerlingen begeleid, zodat ze optimaal kunnen profiteren van de educatieve voorzieningen. De focus ligt op zowel de voorschoolse als vroegschoolse educatie, met als doel de onderwijskansen van deze groep aanzienlijk te verbeteren. Beleidsvoornemens Inzet op het integreren van statushouders
Beleidscontext -
Periode 2023 2026
Resultaten Inzicht krijgen in de aantallen en grootte doelgroep. Inzetten middelen, materialen en expertise voor een kansrijk aanbod voor doelgroep leerlingen. Er is een laagdrempelig aanbod voor ouders van de doelgroep leerlingen.
Verantwoordelijk Peuteropvang, kinderopvang, onderwijs, bibliotheek en gemeente.
Budget Peuteropvang, kinderopvang, onderwijs en gemeente.
Bron: Lokale Educatie Agenda 2023-2026
In de komende periode gaan wij inzetten op: • Ondersteuning bij de begeleiding van doelgroepkinderen in de voorzieningen voor voorschoolse educatie (2-4 jaar). • De ondersteuning bij de begeleiding van doelgroepkinderen in de voorzieningen voor vroegschoolse educatie 4-6 jaar). • Het ontwikkelen van een actieplan op de begeleiding van nieuwkomers in de kinderopvang en primair onderwijs op het gebied van onderwijsachterstanden. Doorgaande lijn op ontwikkeling van 0 tot 6 jaar in de periode van opvang en de start van het basisonderwijs. Elk kind gelijke kansen bieden waarbij er geen enkel kind tussen wal en schip beland; Het waarborgen van een naadloze overgang van de voorschoolse opvang naar het basisonderwijs is cruciaal voor de continuïteit in de ontwikkeling van kinderen. Dit speerpunt benadrukt het belang van een geïntegreerde aanpak waarbij peuterspeelzalen, kinderopvang en basisscholen nauw samenwerken. Door structureel contact en samenwerking met het sociaal team, Bersheba en SWV Driegang wordt gezorgd voor een samenhangende leerlijn van 0 tot 6 jaar. Het doel is om elk kind gelijke kansen te bieden, waarbij geen enkel kind tussen wal en schip belandt. Dit draagt bij aan een solide basis voor de verdere schoolloopbaan en de algehele ontwikkeling van het kind.
Beleidsvoornemens Beleidscontext Doorgaande lijn op Wet primair ontwikkeling van 0 tot 6 jaar onderwijs in de periode van opvang en de start van het basisonderwijs. Elk kind gelijke kansen bieden waarbij er geen enkel kind tussen wal en schip beland. Bron: Lokale Educatie Agenda 2023-2026
Periode 2023 2026
Resultaten Structureel contact tussen peuterspeelzaal, kinderopvang en basisonderwijs. Contact is uitgebreid met het sociaal team en SWV Driegang. Ambassadeur zijn van de werkgroep Lea 1.
Verantwoordelijk Peuteropvang, kinderopvang, onderwijs, Jong JGZ, bibliotheek en gemeente.
Budget Gemeente (OAB-middelen)
16 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
In de komende periode gaan wij inzetten op: • Facetten voor het ontwikkelen en versterken van een inhoudelijke doorgaande lijn in kaart brengen.
4.3 Afstemming en relatie met andere beleidsterreinen Sociaal Team Het Sociaal Team speelt een cruciale rol in de uitvoering en ondersteuning van het Onderwijsachterstandenbeleid (OAB). Dit multidisciplinaire team bestaat uit professionals met kennis in verschillende sectoren, waaronder jeugdzorg, maatschappelijk werk, gezondheidszorg, en onderwijs. Het Sociaal Team werkt nauw samen met scholen, ouders, en andere relevante partijen om kinderen en hun ouders passende ondersteuning te bieden. Binnen het kader van het OAB-beleid richt het Sociaal Team zich op het verlenen van geïntegreerde en op maat gemaakte hulp aan doelgroepkinderen en hun gezinnen. Door te zorgen voor een brede en samenhangende aanpak, waarbij zowel de onderwijsbehoeften als de bredere welzijnsaspecten van het kind en het gezin worden meegenomen, draagt het Sociaal Team bij aan het verminderen van onderwijsachterstanden. Hun interventies zijn gericht op het versterken van de veerkracht en het potentieel van kinderen, zodat zij gelijke kansen krijgen om te slagen in het onderwijssysteem.
In de komende periode gaan wij inzetten op: • In de komende periode richten we ons op het intensiveren van de samenwerking met het Sociaal Team om de ondersteuning van doelgroepkinderen te optimaliseren. Ons doel is ervoor te zorgen dat het Sociaal Team effectief betrokken is bij de uitvoering van het OAB. Gastouders en gastouderbureaus Gastouders spelen een belangrijke rol in het ondersteunen van het Onderwijsachterstandenbeleid (OAB). Als kleinschalige kinderopvangvoorzieningen bieden gastouders een vertrouwde en persoonlijke omgeving waarin kinderen zich kunnen ontwikkelen. Voor doelgroepkinderen met onderwijsachterstanden kan deze kleinschaligheid bijzonder waardevol zijn, omdat het een setting biedt waarin individuele aandacht en ondersteuning beter gewaarborgd kunnen worden. Binnen het kader van het OAB-beleid kunnen gastouders bijdragen aan de vroege signalering van achterstanden en de specifieke behoeften van kinderen. Door nauw samen te werken met ouders, scholen, en andere professionals, zoals het Sociaal Team, kunnen gastouders helpen bij het opzetten en uitvoeren van interventies die gericht zijn op taalontwikkeling, sociale vaardigheden, en andere leergebieden. Gastouders kunnen bijvoorbeeld taalstimuleringsactiviteiten aanbieden, samenwerken met voorschoolse educatieprogramma’s, en ouders ondersteunen bij het creëren van een leerrijke thuisomgeving.
In de komende periode gaan wij inzetten op: • Het versterken van het contact, de relatie en de verbinding met gastouders en de gastouderbureaus. Ons doel is ervoor te zorgen dat gastouders goed op de hoogte zijn van ons VE aanbod, het OAB, en de rol van het Sociaal Team. 17 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026
Laaggeletterdheid Sinds enkele jaren is er veel aandacht voor laaggeletterdheid. Iemand die laaggeletterd is heeft moeite met lezen en schrijven in de Nederlandse taal en dat belemmert het dagelijkse functioneren. Uit onderzoek is gebleken dat ongeveer 12% van de inwoners in Hardinxveld-Giessendam tussen de 15-65 laaggeletterd is Laaggeletterdheid wordt vanuit de WEB (Wet educatie en beroepsonderwijs) besproken in de regio Drechtsteden. De Drechtsteden hebben gezamenlijk een regioplan opgesteld waar de aanpak tegen laaggeletterdheid wordt beschreven. Op dit moment wordt er een nieuw regionaal beleidsplan opgesteld. Hierin wordt o.a. ingezet op het vroeg signaleren van laaggeletterdheid en wordt een aanbod op laaggeletterdheid bij ouders van VE-geïndiceerde kinderen onderzocht.
In de komende periode gaan wij inzetten op: • Het onderzoeken van mogelijkheden om activiteiten uit de laaggeletterdheidsaanpak te koppelen aan OAB-ouderbetrokkenheid
18 Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2026