Jaarstukken 2025.pdf
Tekst van het document
De grondexploitaties zijn per 1 januari 2026 geactualiseerd. De resultaten worden uitgedrukt in netto contante waarde (NCW). Voor negatieve saldi treft de gemeente een voorziening. Wijzigingen in voorzieningen lopen via de reserve bouwgrondexploitaties (BGE). De volgende wijzigingen zijn in de vorige paragraaf gecommuniceerd: • G06 Pieter de Hoogh laat een verbetering zien van € 206.000. De voorziening is met € 206.000 verkleind. Dit bedrag valt vrij ten gunste van de reserve BGE. • G22 Westpunt verslechtert van een licht positief naar een negatief saldo. Er is een voorziening getroffen van € 44.000 ten laste van de reserve BGE. • G23 Nassaustraat Noord is in 2025 geopend als grondexploitatie. De NCW bedraagt -/-€ 271.000. Hiervoor is een voorziening getroffen ten laste van de reserve BGE. • In project G06 Pieter de Hoogh zijn 14 woningen verkocht via de koopstartregeling. De grond is hierbij onder erfpacht verkocht waarbij de canon volledig is afgekocht. Als tegenprestatie moet de eigenaar bij verkoop van de woning de erfpachtkorting met waardestijging terugbetalen aan de gemeente. Deze vordering is opgenomen onder de -niet uit de balans blijkende- verplichtingen. Op de woningen rust nog een antispeculatiebeding van enkele jaren, dus de eerste paar jaar zullen de woningen niet worden verkocht.
Maar daarna zal druppelsgewijs de gegeven erfpachtkorting terugvloeien naar de reserve BGE. De omvang hiervan is ruim € 600.000. Winstnemingen Vanwege de Wet modernisering vennootschapsbelastingplicht overheidsondernemingen (1 januari 2016) kan ook het gemeentelijk grondbedrijf onder de vennootschapsbelasting vallen. Daarom toetst de gemeente jaarlijks via de Post Quick Scan (PQS) of de grondexploitaties VPB-plichtig zijn. Omdat deze structureel verlieslatend zijn, gaat de gemeente niet door de ondernemerspoort en bestaat er voor het grondbedrijf geen VPB-plicht. Deelneming GEM De Blauwe Zoom kent wel een positief resultaat van ruim € 1,0 mln. Maar het eindresultaat is nu nog te onzeker om daar een winstneming te doen. Per 31-12-2025 worden daarom geen winsten genomen.
www.hardinxveld-giessendam.nl
91
Verliesvoorziening In de vorige paragraaf valt te zien dat de opgetelde resultaten van de grondexploitaties leiden tot een verslechtering van -/- € 109.000. Echter zal vanuit het fonds sociale woningbouw een voorziening worden toegekend voor de betaalbare woningen van de Nassaustraat. Deze voorziening zal afgerond € 124.000 bedragen waardoor de reserve Bouwgrondexploitaties (BGE) dit jaar licht groeit tot € 500.000. Het totaal aan anterieure projecten sluit op een tekort van € 29.000. Dit beperkte tekort wordt direct ten laste van de exploitatie over 2025 gebracht en raakt de reserve BGE daarom niet. Reserve bouwgrondexploitaties (BGE) De reserve BGE dient ter dekking van risico’s op lopende grondexploitaties en strategische grondposities. In onderstaand overzicht het verloop van de reserve BGE en de meest actuele aanpassing.
Reserve BGE Stand 3.000.000 2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000
-
De reserve stijgt dus per saldo met + € 15.000. De verbetering bij Pieter de Hoogh en de voorziening van het fonds voor sociale woningen van de Nassaustraat compenseren de nieuwe voorzieningen voor Westpunt en Nassaustraat. Risico’s en weerstandsvermogen De gewogen en ongewogen risico’s per grondexploitatie zijn hieronder weergegeven, afgezet tegen de beschikbare dekking uit de reserve BGE.
Risico's grondexploitaties G06 Pieter de Hoogh G22 Westpunt 't Oog G23 Nassaustraat Noord Totaal gewogen en ongewogen risico's
Ongewogen Gewogen 175.000 20.500 755.000 232.700 915.000 263.180 1.845.000 516.380
www.hardinxveld-giessendam.nl
92
G06 Pieter de Hoogh is in de afrondingsfase, de risico nemen ook flink af nu de gronduitgifte is geweest. De risico’s voor G22 Westpunt ’t Oog stijgen juist als gevolg van netcongestie en de onzekerheid die dat oplevert bij afnemers van de grond. Bij Nassaustraat Noord zijn de risico’s juist iets gedaald. Er is meer zekerheid over bepaalde onderdelen van het plan zoals de gasleiding en de ecologische maatregelen. Dit is verwerkt in het resultaat waardoor het resultaat daalt, maar daarmee de risico’s ook. Het totaal aan ongewogen risico’s sluit daarmee op € 1.845.000 en het totaal aan gewogen risico’s op € 516.000. Dit wordt afgezet tegen de hoogte van de reserve BGE plus het resultaat van positieve grondexploitaties om te zien of er genoeg dekking is.
Op de volgende pagina is de dekking afgezet tegen de gewogen en ongewogen risico’s. De stand van de reserve BGE is genoeg om alle gewogen risico’s te dekken. Maar de reserve BGE plus het resultaat van Blauwe Zoom samen is net niet genoeg om de ongewogen risico’s te dekken. Risico’s treden nooit tegelijk op, dus het is voldoende om alleen de gewogen risico’s te dekken, maar de beheersmaatregelen moeten wel uitgevoerd worden om te voorkomen dat te veel risico’s tegelijkertijd optreden.
www.hardinxveld-giessendam.nl
93
www.hardinxveld-giessendam.nl
94
DEEL 2 JAARREKENING 2.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ALGEMEEN Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baat genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar wordt gesteld. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. De algemene uitkering wordt verantwoord op basis van de septembercirculaire, eventueel aangevuld met aanpassing van de verdeelmaatstaven welke via de betaalspecificaties kenbaar worden gemaakt. BALANS •
Vaste activa
Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa bestaan uit bijdragen aan derden en betreffen de Rehobothschool (2004) en de sporthal in Boven-Hardinxveld (2014-2016). De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, voor zover het de bijdragen betreft, en worden verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. Afschrijving vindt plaats op annuïtaire basis. Investeringen met een economisch nut De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingprijs. Om de administratieve last te beperken is de ondergrens voor het activeren van investeringen € 10.000, ongeacht de levensduur van het actief. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf 1 januari na het jaar van ingebruikneming lineair of annuïtair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij lineaire afschrijving de voorkeur heeft. Investeringen in gebouwen, riolering, reiniging en begraafplaatsen wijken af van de voorkeur, hierop wordt annuïtair afgeschreven. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.
www.hardinxveld-giessendam.nl
95
Volledigheidshalve vermelden wij dat op investeringen die vóór 2004 zijn gedaan in voorkomende gevallen reserves zijn afgeboekt. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn vastgelegd in de Financiële Verordening 2024 (artikel 212 Gemeentewet). De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen: Afschrijvingstermijnen Hardinxveld-Giessendam Gronden Gebouwen Infrastructuur Vervoersmiddelen Machines, apparaten en installaties Automatisering Overige materiële vaste activa
Globaal in jaren 40 6-40 5-15 10-15 5 8-15
Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut Overeenkomstig de door de gemeenteraad vastgestelde Financiële Verordening 2025 worden infrastructurele werken in de openbare ruimte, zoals wegen, pleinen, bruggen, viaducten, en parken geactiveerd. Evenals bij investeringen met een economisch nut is de ondergrens voor het activeren van investeringen € 10.000, ongeacht de levensduur van het actief. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Als daarnaast een snellere budgettaire dekking mogelijk is, wordt op betreffend activum sneller afgeschreven. De boekwaarden moeten dus nadrukkelijk alsnog te dekken investeringsrestanten worden gezien. Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en leningen u/g (uitgezet geld) zijn opgenomen tegen nominale waarde. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingprijs vindt afwaardering plaats. Bijdragen aan activa van derden zijn gewaardeerd tegen het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met afschrijvingen.
De verleende bijdragen worden afgeschreven in de periode waarin het betrokken actief van derden, op basis van de door de gemeente gestelde voorwaarden, moet bijdragen aan de publieke taak. •
Vlottende activa
Voorraden De, als onderhanden werken opgenomen, bouwgronden in exploitatie (niet faciliterend deel) zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingprijs dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijp maken), alsmede rentebijschrijving en een redelijk te achten aandeel in de administratie- en beheerskosten. Winsten uit de grondexploitatie worden slechts genomen indien en voor zover die met voldoende mate van betrouwbaarheid als gerealiseerd aangemerkt kunnen worden. Zolang daarvan geen sprake is, worden de verkregen verkoopopbrengsten volledig op de vervaardigingkosten in mindering gebracht worden op bouwgrondexploitaties worden direct als waarde correctie op de boekwaarde verwerkt. Het faciliterend deel van de bouwgrondexploitaties (op grond van de notitie faciliterend grondbeleid van de commissie BBV) is opgenomen onder de overlopende activa.
www.hardinxveld-giessendam.nl
96
Op grond van het BBV worden winsten gerealiseerd op basis van 'percentage of completion'. Dit houdt in dat de kosten en opbrengsten naar rato van de prestatie worden verwerkt om financiële gevolgen in het boekjaar inzichtelijk te maken. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten De liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen. •
Passiva
Eigen Vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene, bestemmingsreserves en het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten. Voorzieningen Voorzieningen worden op grond van artikel 44 BBV gevormd voor: a. verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; b. op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; c. kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren; d. de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven als bedoeld in artikel 35, eerste lid, onderdeel b. Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Een uitzondering hierop vormt de pensioenvoorziening voor wethouders, deze is gewaardeerd op contante waarde van de (al opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.
Vlottende passiva Op de balans worden onder de overlopende passiva afzonderlijk opgenomen: de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Borg- en Garantiestellingen Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. In de toelichting op de balans is hieromtrent nadere informatie opgenomen.
www.hardinxveld-giessendam.nl
97
Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de Financiële verordening gemeente Hardinxveld-Giessendam 2025, het Controleprotocol gemeente HardinxveldGiessendam 2025 (inclusief normen- en toetsingskader) en op basis van de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV. Dat betekent dat: 1. De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; 2. De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normen- en toetsingskader 2025 zoals op 13 november 2025 door de raad is vastgesteld; • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten op programmaniveau en overschrijdingen van uitgaven op investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de Financiële verordening gemeente Hardinxveld-Giessendam 2025 (artikel 12 lid 4 en lid 5) is beschreven wanneer deze overschrijdingen ‘acceptabel’ zijn.
Voor over-en onderschrijdingen van baten op programmaniveau, onderschrijdingen van lasten op programmaniveau en onderschrijdingen van uitgaven op investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld (conform artikel 12 lid 6) van de Financiële verordening gemeente Hardinxveld-Giessendam 2025). • Ten aanzien van het M&O criterium is het M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. 3. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen Financiële verordening 2025 en Controleprotocol 2025.
Dit betekent dat: • Een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde € 1.161.000) van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves is gehanteerd waarboven cumulatieve rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; • Een rapportagegrens van € 100.000 is gehanteerd waarboven individuele rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de paragraaf Bedrijfsvoering worden opgenomen en nader worden toegelicht.
www.hardinxveld-giessendam.nl
98
2.2 Balans Balans per 31 december 2025 (bedragen x € 1.000) Activa
2025
2024
Vaste activa Immateriële vaste activa Kosten onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Bijdragen aan activa in eigendom van derden
2.921 51 2.869
2.895 2.895
Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut gronden uitgegeven in erfpacht strategische verwervingen gronden en terreinen overige investeringen met een economisch nut
47.949
46.571
1.482 13.340 12.738
642 13.117 12.882
Investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven overige investeringen met economisch nut met heffing
11.352
11.225
Investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut grond-, weg- en waterbouwkundige werken overige investeringen met een maatschappelijk nut
8.490 547
8.123 582
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan: Deelnemingen Gemeenschappelijke regelingen
652 620 -
620 -
Langlopende leningen aan: Deelnemingen Overige langlopende leningen
31
33
Totaal vaste activa
653
51.522
50.119
4.141
3.913
Vlottende activa Voorraden Onderhanden werk: Bouwgronden in exploitatie
4.141
Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Rekening-courantverhouding met het Rijk Overige vorderingen Overige uitzettingen
3.913
6.519
Liquide middelen Banken/kassen
6.028
5.267
4.721
512 741
619 688 135
135
Overlopende activa Van Europese of Nederlandse overheden nog te ontvangen bedragen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen
96 96
22.983 4.550 17.819 615
17.407 1.187 15.702 518
Totaal vlottende activa
33.778
27.444
Totaal activa
85.300
77.563
www.hardinxveld-giessendam.nl
99
Balans per 31 december 2025 (bedragen x € 1.000) Passiva
2025
2024
Vaste passiva Eigen vermogen Reserves: Algemene reserve Bestemmingsreserves
35.306 12.358 19.542
12.063 19.461
Gerealiseerd resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten
3.406
418
Voorzieningen Voorzieningen voor van derden verkregen middelen met een specifiek bestedingsdoel Onderhoudsegalisatievoorzieningen Voorzieningen risico's en verplichtingen Vaste schulden met een rentetypische looptijd ≥ 1 jaar Onderhandse leningen van binnenlandse pensioenfondsen en verzekeraars Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Waarborgsommen
31.942
9.518 5.176 998 3.344
7.749 5.167 579 2.003
26.971
28.180
4.000
4.000
22.970 1
24.180 -
Totaal vaste passiva
71.795
67.871
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Kasgeldleningen Banksaldi Overige schulden
7.288 4.000 1.882 1.406
Overlopende passiva Overlopende verplichtingen Van Europese of Nederlandse overheidslichamen ontvangen specifiek te besteden uitkeringen Overige vooruitontvangen bedragen
3.539 2.117 1.423
6.218
6.153
2.474
2.954
3.724 20
3.181 18
Totaal vlottende passiva
13.505
9.692
Totaal passiva
85.300
77.563
www.hardinxveld-giessendam.nl
100
2.3 Het overzicht van baten en lasten Primaire begroting 2025 Lasten Baten Saldo Programma's 1 Dienstverlening en bestuur 2 Leefomgeving en veiligheid 3 Vitaal en sociaal 4 Ruimte en economie 5 Bedrijfsvoering en Algemene Dekkingsmiddelen Sub-totaal baten en lasten programma's
Begroting 2025 ná wijziging Lasten Baten Saldo
Lasten
Realisatie 2025 Baten
Saldo
Bedragen x € 1.000 Verschil Baten Saldo
Lasten
-3.565 -12.621 -27.270 -7.162 0 -50.617
346 5.526 5.389 5.378 0 16.638
-3.219 -7.095 -21.881 -1.784 0 -33.979
-3.597 -15.433 -29.410 -8.040 0 -56.480
461 8.473 6.831 5.955 0 21.720
-3.136 -6.960 -22.579 -2.086 0 -34.760
-4.667 -14.729 -29.023 -7.535 0 -55.954
502 8.500 7.942 5.682 0 22.626
-4.165 -6.229 -21.081 -1.852 0 -33.328
-1.070 704 387 505 0 526
41 27 1.111 -272 0 907
-1.030 731 1.498 233 0 1.432
Algemene dekkingsmiddelen Lokale heffingen Algemene uitkering Gemeentefonds Dividend Saldo van de financieringsfunctie Overige dekkingsmiddelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen
-475 0 -1 7 -250 -718
5.496 35.521 72 6 632 41.726
5.021 35.521 71 13 382 41.008
-433 0 -1 116 -471 -788
5.904 38.195 79 12 478 44.668
5.472 38.195 78 128 8 43.880
-515 0 -1 95 -83 -503
5.936 38.469 79 19 36 44.539
5.422 38.469 78 114 -47 44.035
-82 0 0 -21 388 285
32 274 0 7 -442 -129
-50 274 0 -14 -55 155
Overhead, kostenplaas bedrijfsvoering
-6.691
27
-6.664
-7.683
27
-7.656
-7.430
87
-7.343
254
59
313
Saldo baten en lasten voor mutaties reserves
-58.027
58.391
365
-64.951
66.415
1.464
-63.887
67.252
3.364
1.064
837
1.901
Mutaties reserves 1 Dienstverlening en bestuur 2 Leefomgeving en veiligheid 3 Vitaal en sociaal 4 Ruimte en economie 5 Bedrijfsvoering en Algemene Dekkingsmiddelen Sub-totaal mutaties reserves
0 -757 -149 0 -253 -1.159
0 500 212 20 62 795
0 -257 63 20 -191 -365
0 -692 -149 0 -253 -1.094
0 872 277 30 113 1.293
0 180 128 30 -140 198
0 -692 -149 -213 -253 -1.307
0 669 281 320 80 1.349
0 -24 132 107 -173 42
0 0 0 -213 0 -213
0 -204 4 290 -33 57
0 -204 4 77 -33 -156
Resultaat
-59.186
59.186
0
-66.046
67.707
1.662
-65.195
68.601
3.406
851
894
1.744
Vennootschapsbelasting
2.4 Toelichting op de balans VASTE ACTIVA Immateriële vaste activa Omschrijving Kosten onderzoek en ontwikkeling Bijdragen aan activa in eigendom van derden Totaal
Boekwaarde 1-1-2025 2.895 2.895
Investeringen 51 46 98
Desinvesteringen -
Afschrijvingen
Bijdragen derden
72 72
(bedragen x € 1.000) Boekwaarde 31-12-2025 51 2.869 2.921
De immateriële vaste activa betreffen met name investeringen in de Rehobothschool in 2004 en de sporthal BovenHardinxveld in 2014-2016. De in het boekjaar gedane investeringen > € 25.000 staan in onderstaand overzicht vermeld: (bedragen x € 1.000) Besteed t/m 2024
Investeringen Krediet Onderzoek gezamenlijk zwembad Sliedrecht Aanvulling 1e inrichting W. de Zwijgerschool Totaal
115 55 170
Besteed in 2025 -
51 46 98
Totaal besteed 51 46 98
Materiële vaste activa Vaste activa die in het verleden geheel ten laste van een daartoe gevormde bestemmingsreserve zijn gebracht of geheel zijn afgeschreven zijn niet opgenomen in de investerings- en financieringsstaat. Tevens zijn eventuele investeringsbijdragen van derden, ontvangen in 2004 of eerdere jaren, in het jaar van ingebruikname in mindering gebracht op de aanschafwaarde van het actief. De vaste materiële activa worden tussen de 10 jaar en 40 jaar afgeschreven. De afschrijvingstermijn van deze investeringen is afhankelijk van de technische levensduur.
www.hardinxveld-giessendam.nl
101