DG&J - Jaarstukken GR DG&J 2020.pdf
Tekst van het document
23
Anders dan bij een ‘regulier’ huisverbod is er bij een Geplande Screening (nog) geen sprake van een incident. Er loopt dus ook nog geen justitieel traject als gevolg van een strafrechtelijke aangifte. Bij een Geplande Screening gaat het er om dat er sprake is van (een vermoeden van) een onmiddellijke dreiging. Met andere woorden: als er niet wordt ingegrepen dan volgt er een escalatie c.q. geweldsuitbarsting. In geval van een Geplande Screening wordt onderzocht of een Tijdelijk Huisverbod opgelegd kan worden. De Geplande Screening vormt dan ook een uitwerking van de door de wetgever mede beoogde (meer) preventieve inzet van het huisverbod bij huiselijk geweld en kindermishandeling. In 2020 heeft Veilig Thuis 76 keer in het kader van een huisverbod de procescoördinatie gehad (53 nieuwe aanmeldingen en 23 verlengingen). Voorafgaand aan het proces van het tijdelijk huisverbod vindt er altijd een eerste screening plaats of de situatie geschikt is om een tijdelijk huisverbod op te leggen. In 2020 zijn er 64 screenings uitgevoerd waarvan er 53 tot een tijdelijk huisverbod hebben geleid hebben en 11 niet. In vergelijking met de cijfers van 2019 is er een stijging van 18% m.b.t. het aantal huisverboden. Wanneer het aantal tijdelijk huisverbod trajecten komend jaar verder stijgt, zal bekeken moeten worden of het huidige budget toereikend genoeg is om deze groei op te vangen.
Voorlichting geven over kindermishandeling, huiselijk geweld en ouderenmishandeling. Naast het uitvoerende werk om de burgers van Zuid-Holland Zuid te helpen geweld in afhankelijkheid te stoppen / te voorkomen, besteedt Veilig Thuis tijd en aandacht aan het geven van voorlichting aan professionals, vrijwilligers en inwoners. Middels deze voorlichtingen legt Veilig Thuis het belang van bestrijding van ouderen- en kindermishandeling uit, wat het is en wat men ter voorkoming er aan kan doen. In totaal zijn er in 2020 maar 5 voorlichtingen gegeven door medewerkers van Veilig Thuis, terwijl er meerdere voorlichtingen waren gepland. Echter vanwege COVID-19 en de bijbehorende maatregelen konden meerdere voorlichtingen niet doorgaan. Wanneer de situatie het weer toelaat, zal bekeken worden in hoeverre de behoefte er nog steeds is m.b.t. het krijgen van een voorlichting. Als dit het geval is, zal deze opnieuw ingepland worden. In het onderstaande overzicht is er voor 2020 weergegeven welke beroepsgroep een voorlichting heeft gekregen en wat het onderwerp van de voorlichting was. Organisatie/beroepsgroep Kinderopvang Youz Da Vinci College Trivium Lindenhof (2x)
Soort voorlichting Signaleren kindermishandeling, Meldcode en werkwijze Veilig thuis Meldcode HG/KM en werkwijze Veilig Thuis Meldcode HG/KM en werkwijze Veilig Thuis Meldcode HG/KM en werkwijze Veilig Thuis
Naast het geven van voorlichting heeft Veilig Thuis in het kader van de samenwerking tussen jeugdteams, sociaal (wijk) teams werk-leerbijeenkomsten georganiseerd met betrekking tot meldingen over vermoedens van Huiselijk geweld en Kindermishandeling. Het doel van deze werk-leerbijeenkomsten is te evalueren wat anders/beter kan, elkaars taal leren en partnerschap verder vorm geven. In 2020 zou er met Stichting Jeugdteams en Jong JGZ, de jaarlijks terugkerende werkleerbijeenkomst op basis van de gemaakte samenwerkingsafspraken, opgepakt worden. Echter door de invloed van COVID-19 en de daarbij behorende maatregelen heeft dit in 2020 geen vervolg gekregen. Dit zal in 2021 opnieuw bekeken en gepland worden. Ook waren er werk-leerbijeenkomsten gepland voor de Volwassenmeldingen, maar ook in dit geval is dit vanwege COVID-19 niet door gegaan. In 2020 heeft er enkel een werkleerbijeenkomst Volwassenmelding plaats gevonden voor Gorinchem. Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
24
In november had Veilig Thuis voor de regio een symposium willen organiseren met als thema Eer Gerelateerd Geweld. Echter vanwege COVID-19 heeft dit helaas niet kunnen plaatsvinden. De wens is er om dit in 2021 als nog te gaan organiseren. In het verlengde hiervan heeft Veilig Thuis vanwege de complexiteit, vasthoudend maar zeker ook de eigenheid van de aanwezige problematiek bij betrokkenen er voor gekozen om op verschillende thema's aandachtsfunctionarissen aan te stellen. Doel hiervan is om intern meer kennis te verkrijgen rondom deze onderwerpen en over hoe hier het beste mee om gegaan dient te worden wanneer een specifiek onderwerp aanwezig is binnen een bepaalde casus. Onderwerpen in dit kader zijn: Radicalisering, Stalking, Seksueel geweld, Eergerelateerd geweld, Letsel, Huwelijksdwang, VGV, Complexe echtscheiding, Mensenhandel, Ouderenmishandeling en Cultuur en Religie. Naast het interne doel heeft het ook tot doel om deze kennis in te zetten in het belang van de regio als een uiting van het expertisecentrum rondom Kindermishandeling, Huiselijk Geweld en Ouderenmishandeling dat Veilig Thuis wil zijn. In 2019 is er gestart om deze thema's te onderscheiden en een start te maken met het opdoen van kennis middels landelijke trainingen.
In 2020 heeft dit een vervolg gekregen en zijn er wederom verschillende trainingen gevolgd en is tevens het gebruikmaken van aandachtsfunctionarissen in de werkprocessen van Veilig Thuis verwerkt. Resultaten en duiding In 2020 zijn er 4.003 meldingen (3.235 Kindermishandeling, 707 Huiselijk geweld en 61 Ouderenmishandeling) bij Veilig Thuis ZHZ gedaan. Dit aantal is 11,2% meer dan de vooraf gestelde prognose voor 2020 van 3.600 meldingen. Wanneer de cijfers worden vergeleken met de cijfers van 2019 dan blijkt het aantal meldingen van Kindermishandeling met 6,7%, Huiselijk geweld met 17,8% en Ouderenmishandeling met 41,8% zijn gestegen. Vanuit de jaarcijfers is met betrekking tot de adviezen te zien dat er in 2020 totaal 2.626 adviezen (2.181 Kindermishandeling, 346 Huiselijk geweld en 99 Ouderenmishandeling) door Veilig Thuis zijn gegeven. Wanneer er gekeken wordt naar de prognose dan is het aantal adviezen in 2020 met 2,5% afgenomen. Daarnaast zijn er door Veilig Thuis 58 consulttrajecten en 89 ondersteuningstrajecten uitgevoerd voor de lokale teams. In vergelijking met de cijfers van 2019 is zichtbaar dat de adviezen in 2020 met 3,7% zijn afgenomen. Een groeiend aantal meldingen wordt na triage door Veilig Thuis (risicotaxatie) overgedragen aan het lokale veld (de hulpverlening).
De uitvoering van de triage binnen de wettelijke termijn (5 werkdagen triagetermijn) is in 2020 in 63% van de gevallen behaald. De gemiddelde doorlooptijd is echter 7 werkdagen. De overschrijding van 2 werkdagen t.o.v. de 5 werkdagen termijn heeft verschillende oorzaken. De meest belangrijke zijn: De toename van het aantal meldingen was een stuk hoger dan geprognotiseerd. De beschikbare capaciteit stond niet in verhouding met de stijging van het aantal meldingen om deze binnen de 5 dagen termijn te kunnen verwerken. De periode van het jaar en de mate van instroom van meldingen per dag heeft invloed op het behalen van de gestelde termijn. Achterstanden in het aanleveren van meldingen door ketenpartners zoals politie. Ook de aard en ernst van sommige meldingen maakt dat zij eerder beoordeeld dienen te worden dan de meldingen die eerder zijn binnengekomen. Hierdoor wordt de volgordelijkheid van de te triëren meldingen beïnvloed en daarmee het risico dat de doorlooptijd langer wordt. De opvraging van benodigde informatie bij derden (betrokkenen zelf of professionals) duurt langer dan gewenst, maar is noodzakelijk om tot zorgvuldige afwegingen te kunnen komen over het vervolg van de melding.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
25
COVID-19 heeft er voor gezorgd dat het werk van Veilig Thuis niet makkelijker werd. Het werd lastiger om professionals / betrokkenen te pakken en te spreken te krijgen. Ook het fysiek overdragen van casuïstiek bleek een grotere opgaven te zijn.
Een belangrijke hierboven genoemde oorzaak van het niet behalen van de norm is te wijten aan de pieken van instroom door het jaar heen, zoals in maart (34% groei t.o.v. 2019) of zoals in de maanden juni tot en met september (7% groei t.o.v. 2019). De laatste piek wordt nog eens versterkt doordat in deze maanden van zomervakantie er minder capaciteit beschikbaar is om het benodigde werk te doen. Het gevolg van deze pieken is dat dit altijd een negatief effect heeft op de gemiddelde doorlooptijden door het jaar heen. Dit wordt mede veroorzaakt doordat er geen overcapaciteit beschikbaar is bij Veilig Thuis om op die momenten in te kunnen zetten. Er wordt middels 'inhaaldagen / overwerken' geprobeerd om met de beschikbare capaciteit meer te doen in de hoop om dan als nog de grote toestroom te kunnen verwerken. Echter ondanks de overschrijding heeft altijd de volgende belangrijkste regel gegolden: dat wanneer er een crisis of spoedmelding binnenkomt gaat deze voor op andere meldingen ook al zijn deze ouder. Tevens was er altijd zicht op de nog uit te voeren triages, waardoor er grip was op de situatie. Om de stijging van het percentage van meldingen buiten de termijn tot stilstand te brengen, is er in oktober en november extra capaciteit ingezet. Deze extra capaciteit heeft er voor gezorgd dat de achterstanden van die maanden zijn weggewerkt.
Het effect hiervan is dan ook dat vanaf november en december alle binnengekomen meldingen voor 100% binnen de 5 dagen termijn zijn verwerkt. Tevens is er voor komend jaar capaciteit gereserveerd om deze ten tijden van de piek in te zetten. Het is dan ook de verwachting dat aan het einde van volgend jaar het gemiddelde percentage binnen de 5 werkdagen termijn aanzienlijk hoger uitkomt dan dit jaar. Het aantal onderzoeken inclusief, de dienst voorwaarden en vervolg, laat over het hele jaar 2020 een afname van 15% zien ten opzichte van 2019. Van het aantal uit te voeren onderzoeken en/of dienst voorwaarden en vervolg betrof het in 56% van de meldingen een spoedonderzoek. Spoedonderzoeken hebben altijd voorrang op reguliere onderzoeken. De gemiddelde doorlooptijd van 10 weken is in 2020 in 61% van afgeronde diensten behaald. Afwijkingen op de doorlooptijd zijn over het algemeen het gevolg van: dossiers waarin de mogelijkheid op gesprek te komen met betrokkenen ernstige wordt belemmerd of de complexiteit is dusdanig dat er meer tijd nodig is om te kunnen komen tot een goede beoordeling en een passend vervolg. het voorrang geven aan de uitvoering van een spoedonderzoek ten overstaan van al lopende onderzoeken waarbij het spoedgevende karakter al was weggenomen. vertraging bij het overdragen naar een vorm van hulpverlening.
Bij veel van de overdrachten heeft Veilig Thuis te maken met wachtlijsten van de overdrachtspartij. Hierdoor kan er niet direct overdragen worden en blijft Veilig Thuis langer dan zou moeten verantwoordelijk voor de veiligheid van gezinnen en kinderen. Dit speelt bij zowel overdrachten naar het vrijwillig kader als bij het gedwongen kader. het ontbreken of niet beschikbaar hebben van benodigde expertise omtrent het verantwoordelijk zijn voor veiligheid, maken van veiligheidsplannen, werken aan directe veiligheid bij het lokale veld, waardoor de medewerkers van het onderzoeksteam op verzoek van het lokale veld, langer betrokken blijven en dossiers niet worden afgesloten. dat er meer inzet gevraagd wordt van de Veilig Thuis medewerker dan eigenlijk de bedoeling is binnen de monitoringsfase van de afgeronde dienst. Er wordt een groot beroep gedaan op de inzet, meedenken dan wel aanjagen van overgedragen zaken. Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
26
Het komt voor dat bij het eerst volgende monitoringsmoment blijkt dat de hulpverlening nog niets heeft gedaan omdat er sprake is van een wachtlijst of omdat men toch handelingsverlegen blijkt te zijn. Ondanks dat er al in 2019 een wijziging heeft plaatsgevonden in de manier van monitoren, is het effect dat er meer inzet wordt gevraagd van Veilig Thuis pas in 2020 zichtbaar geworden. Dit komt omdat de monitoring pas aan het einde van het traject zit en daardoor pas echt in 2020 een rol is gaan spelen. Om het percentage diensten binnen de 10 weken termijn toe te laten nemen, zijn er eigenlijk een tweetal opties of een combinatie van beide mogelijk. Of de capaciteit bij Veilig Thuis moet toenemen of en dat lijkt duurzamer maar is wel ingewikkelder is dat het lokale veld minder handelingsverlegen wordt. Wanneer dat op orde komt kunnen zij beter en sneller zaken vanuit Veilig Thuis overnemen en zullen zij ook minder om ondersteuning van Veilig Thuis vragen. In dit kader dient ook meegenomen te worden of er sprake is van een wachtlijst. Deze wachtlijsten zorgen naast het handelingsverlegen zijn voor een stagnatie in het doorlopen van de keten en dat heeft ook effect op Veilig Thuis. Het is belangrijk om wederom te benadrukken dat een beperkte overschrijding van de termijnen niet leidt tot onveilige situaties en wachtlijsten.
Alle meldingen worden immers direct bij ontvangst gescreend op spoed dan wel crisis en met voorrang in behandeling genomen Volwassenen & Jeugd Indicator
Norm
Realisatie 2020
Jaarrekening
Augustus
April
Meldingen Veilig Thuis ZHZ
Aantal meldingen op jaarbasis 3.600
4.003
Doorlooptijden Veilig Thuis ZHZ
Triage: binnen 5 werkdagen (norm tussen 95-100%)
63% (gemiddelde doorlooptijd in dagen: 7 dagen)
83% van de meldingen zijn binnen 15 dagen getrieerd. Onderzoek afgerond binnen 10 weken (norm tussen 85-100%) 62%
61%, (gemiddelde doorlooptijd in dagen: 84 dagen)
62%
Overdracht met Ondersteuning
26%
24%
Onderzoek
12%
14%
Behandeling advies aanvragen
Aantal adviezen op jaarbasis 2.693 Cijfer (schaal 1 op 10); 7,5
2.626
Direct overdragen van meldingen *
Tevredenheid ketenpartners **
7,6
* Het betreft hier het percentage van het aantal genomen besluiten na triage en niet het percentage van het aantal feitelijk overgedragen zaken.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
27
** Afgelopen jaar heeft er geen ketenpartners tevredenheidsonderzoek plaatsgevonden, maar het jaar er voor wel en daarin werd het mooie cijfer van een 7,6 behaald.
Het Crisisinterventieteam Veilig Thuis Zuid-Holland Zuid Het Crisisinterventieteam Veilig Thuis Zuid-Holland Zuid (CIT) is 24/7 bereikbaar voor inwoners en professionals. Het CIT heeft net als de rest van Veilig Thuis een brede doelgroep in de leeftijd van -9 maanden tot en met 100+ jaar. Wie het CIT belt, krijgt direct een deskundige medewerker aan de telefoon. Deze medewerker onderzoekt of de veiligheid van kinderen en/of volwassenen acuut gevaar loopt. Als dit niet het geval is, adviseert de medewerker de beller over mogelijke vervolgacties. Er wordt indien nodig intern multidisciplinair overleg gevoerd met de vertrouwensarts en / of gedragswetenschapper van Veilig Thuis. Ook werkt men nauw samen met de Crisisdienst van de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ). Mocht er directe actie nodig zijn dan gaat de medewerker van het CIT zo snel als mogelijk naar het adres van de betrokkenen of naar de plek waar deze zich op dat moment verblijft. De medewerker van het CIT zorgt dat de crisis wordt gestabiliseerd en dat de primaire veiligheid teruggebracht wordt. Hierbij wordt zo veel als mogelijk gebruik gemaakt van het eigen netwerk van de cliënt. De medewerker van het CIT stelt een veiligheidsplan op en draagt zo spoedig mogelijk over naar de reguliere zorg. Resultaten en duiding In 2020 zijn er 542 crisisinterventies met betrekking tot jeugdigen uitgevoerd.
Dit aantal is lager dan het begrote aantal van 600 crisisinterventies voor jeugdigen. In 2019 kwam het CIT 523 keer in actie. Ten opzicht van 2019 wordt zichtbaar dat er in 2020 een toename is van 4%. In 2020 is het CIT met betrekking tot volwassenen 99 keer in actie gekomen. Dit aantal is bijna gelijk aan het begrote aantal van 100 crisisinterventies voor volwassenen. In 2019 betrof het 136 interventies en dat laat dus een afname zien van 27%. Zowel de toename als afname zijn positief te labelen. In beide gevallen is Veilig Thuis binnen de begrote aantallen gebleven. Er zijn geen situaties geweest die niet opgepakt konden worden. Ondanks dat het aantal interventies gericht op volwassenen is afgenomen, is het aantal van 99 interventies een positief gegeven vanwege het feit dat het melden van volwassen problematiek minder gewoon is dan het melden van kinder- / jeugd problematiek. Tevens dient hier vooral opgemerkt te worden dat crisissituaties zich slecht laten voorspellen en daarom wordt er bij het maken van de begroting uitgegaan van een aanname. In de avond en/of weekenduren heeft het CIT 33 keer uitvoering gegeven aan de risicotaxatie m.b.t. het tijdelijk huisverbod. Ook in dit geval is het resultaat van 33 keer een positief resultaat doordat dit binnen het begrote aantal is gebleven. Echter ook hier geldt dat het beeld door het jaar en de jaren heen grillig is.
De reden hiervan is dat ook hier crisissituaties zich slecht laten voorspellen. Het zijn namelijk de crisissituaties die maken dat er mogelijk een tijdelijk huisverbod wordt opgelegd door de burgemeester om daarmee de crisis middels een 'time-out' op te heffen. Tot slot had Veilig Thuis de ambitie uitgesproken dat in 2020 60% van de behandelde crisiszaken binnen 48 uur overgedragen zouden worden aan het betreffende lokale team. Vanuit navraag bij het CIT is gebleken dat dit helaas maar in 25% van de gevallen is gelukt. De oorzaak hiervan ligt in het feit dat in een groot aantal gevallen er sprake is van een hoge werkdruk of wachtlijst dan wel handelingsverlegenheid bij de lokale teams. Aan de andere kant zullen er altijd crisissituaties zijn die pas kunnen worden overgedragen als de acute onveiligheid is opgeheven. Dat vraagt in sommige situaties meer tijd, maar daarmee wordt de continuïteit en kwaliteit van de geboden hulp wel geborgd. Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
28
Indicator
Norm
Geleverde crisisdiensten jeugd
Aantal aanvragen op jaarbasis <600 Aantal aanvragen op jaarbasis <100 40 60 % binnen 48 uur Cijfer (schaal 1 op 10): 7,5
Geleverde crisisdiensten volwassene Bijdrage aan huisverbod buiten kantooruren Direct overdragen van casus aan lokaal Tevredenheid ketenpartners*
Realisatie 2020
Jaarrekening
Augustus
April
542
99
23
25% binnen 48 uur
7,6
* Afgelopen jaar heeft er geen ketenpartners tevredenheidsonderzoek plaatsgevonden, maar het jaar er voor wel en daarin werd het mooie cijfer van een 7,6 behaald.
Wat heeft het gekost? (bedragen x € 1.000)
Begroting 2020* Lasten Veilig Thuis Volwassenen Veilig Thuis Jeugd Crisisdienst Saldo baten en lasten Mutaties reserves Gerealiseerd resultaat
Baten
1.059 4.236 835 6.131
Realisatie 2020 Saldo
1.448 4.674 1.027 7.148
Lasten
389 437 192 1.018
Baten
1.080 4.226 861 6.167
Afwijking 2020 Saldo
1.390 4.656 988 7.033
Lasten
310 430 126 866
Baten
-20 11 -27 -36
Saldo
-58 -18 -39 -115
-79 -7 -65 -151
0
70
70
0
70
70
0
0
0
6.131
7.218
1.088
6.167
7.103
936
-36
-115
-151
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze is vastgesteld in het AB van 12 november 2020 (2e burap 2020).
Resultaatanalyse Vanuit Veilig Thuis heeft geen inzet plaatsgevonden voor de COVID-19, waardoor geen verschuiving heeft plaatsgevonden van salarislasten vanuit Veilig Thuis naar COVID-19 (programma 1). Veilig Thuis Volwassenen Op de lasten is een nadelig resultaat van circa € 20.000 ontstaan als gevolg van het aantrekken van een aantal inhuurkrachten voor het wegwerken van achterstanden (€ 17.000). De totale lasten (inclusief overhead) van Veilig Thuis vallen per saldo circa € 60.000 lager uit dan waar subsidie voor is ontvangen. Dit is het gevolg van een lagere overhead dan wat was begroot. Doordat Veilig Thuis Volwassenen volledig gedekt is vanuit subsidies, gaat dit saldo terug naar de centrum gemeenten Dordrecht en Nissewaard. Hierdoor ontstaat een negatief resultaat op de baten. Veilig Thuis Jeugd Het resultaat op Veilig Thuis Jeugd is het gevolg van beperkte afwijkingen, waaronder op personeel en operationele lasten (met name huisvesting). Het resultaat op de baten is het gevolg van een nadeel op een detachering van een medewerker. Crisisdienst Net als bij Veilig Thuis, is in het najaar tijdelijk extra personeel aangetrokken om achterstanden weg te werken. Hierdoor vallen de lasten circa € 14.000 hoger uit.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
29
Daarnaast zijn er diverse nadelen op operationele posten, waaronder telefonie lasten (€ 5.500) en huisvesting (€ 5.000). Per 1 januari 2020 is de Wet Verplichte GGZ van start gegaan. Voor de crisisdienst is hierin een taak weggelegd. Hiervoor is, middels een dienstverleningsovereenkomst, € 52.000 beschikbaar gesteld vanuit de gemeenten. De daadwerkelijke inzet over 2020 was aanzienlijk lager dan wat was voorzien. Uiteindelijk heeft dit ertoe geleidt dat per saldo de daadwerkelijke lasten circa € 39.000 lager uit zijn gevallen. Dit saldo gaat terug naar de gemeenten, waardoor een negatief resultaat op de baten is ontstaan.
2.1.3 Onderwijs en aansluiting arbeidsmarkt Wat wilden wij bereiken? De Dienst zet erop in om het recht op onderwijs te waarborgen. We bieden perspectief op onderwijs of een passend leerwerktraject, zodat de ontwikkelingskansen van kinderen en jongeren benut worden. Schoolbezoek en het behalen van minimaal een startkwalificatie zijn wezenlijk voor een goede start in het leven. Nationaal en regionaal bestaan zorgen over het te grote aantal kinderen en jongeren dat spijbelt of helemaal geen onderwijs volgt. Wij willen bereiken dat kinderen en jongeren de kans krijgen hun talenten te ontplooien. Als er drempels zijn voor schoolbezoek zorgt (Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten) LVS voor het verbinden van onderwijs, zorg en zo nodig handhaving, zodat elk kind en elke jongere het onderwijs en zo nodig de hulp krijgt, die bij hem of haar past. Leerplicht Wat gingen wij doen? COVID-19 heeft verstrekkende gevolgen voor het onderwijs en de arbeidsmarkt. De gevolgen voor gemeenten, onderwijsinstellingen, leerlingen en werknemers zijn groot. De collega’s van Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten hebben in nauw contact gestaan (en doen dat nog steeds) met scholen, wijkteams, jeugdgezondheidszorg, gemeenten en andere partners om te doen wat nodig is, en om zich voor te bereiden op veranderingen die de komende jaren zeker nodig zullen zijn.
Na de periode waarin scholen op last van de overheid gesloten waren en afstandsonderwijs verzorgden, is het onderwijs op locatie geleidelijk weer opgestart. In die periode hebben scholen, Jong JGZ en LVS elkaar goed weten te vinden in situaties waarbij ouders hun kinderen wilden thuis houden vanwege angst voor besmetting met COVID-19. In vrijwel alle gevallen is een goede oplossing gevonden. Bij de tweede golf en nieuwe lockdown in december 2020 en de hernieuwde schoolsluitingen kon beter worden geanticipeerd vanuit de eerdere ervaringen. De overstap van voortgezet onderwijs naar het MBO heeft in de zomer van 2020 extra aandacht gekregen van scholen en LVS. Voor een deel van de jongeren was, door de bijzondere omstandigheden van dit jaar, de stap naar een vervolgopleiding minder vanzelfsprekend geworden. Ze hadden immers een behoorlijke periode niet in de schoolbanken gezeten. LVS heeft in de zomerperiode bij deze groep jongeren deurbezoeken afgelegd en met hen bekeken wat ze nodig hadden om een volgende stap te zetten richting startkwalificatie.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
30
Uit de AB nieuwsbrief van 16 juli 2020 Op 16 maart 2020 werd besloten dat de scholen dicht moesten om het coronavirus te stoppen. Dit betekende voor LVS dat de werkzaamheden gedeeltelijk wegvielen. In overleg met het management werd besloten om consulenten en ondersteuners in te zetten in de crisisorganisatie. We kunnen niet anders zeggen dat de collega's van LVS dit de afgelopen periode fantastisch gedaan hebben. Ondertussen liepen werkzaamheden bij LVS door en is hier goed op ingezet door collega's met onder meer een belactie naar de basisscholen en het in beeld hebben van kwetsbare jongeren. Consulenten zijn vindingrijk geweest in het vinden en bereiken van jongeren en hun ouders. Op dit moment zijn de scholen bezig in de laatste week voor de zomervakantie en ziet het er naar uit dat vanaf het nieuwe schooljaar alles weer "normaal" zal zijn. Dit houdt in dat vanaf het nieuwe schooljaar alle consulenten en ondersteuners van LVS weer geheel beschikbaar zijn voor de kinderen, jongeren, ouders en samenwerkingspartners van Zuid-Holland Zuid om leerplichttaken en werkzaamheden m.b.t. voortijdig schoolverlaten op te pakken. Het PO en V(S)O gaan na de zomervakantie volledig open. Het MBO krijgt na de zomervakantie meer ruimte voor onderwijs op school.
Vanaf 1 juli 2020 mag er onder voorwaarden weer gehandhaafd worden, zoals een verwijzing naar Halt of eventueel opmaken van proces-verbaal, mits de oorzaak niet corona gerelateerd is. Vanaf het schooljaar 2020-2021 geldt dat ongeoorloofd verzuim op de reguliere wijze worden gemeld, zowel voor leer- en kwalificatieplichtige jongeren als jongeren tussen de 18 en 23 jaar die nog geen startkwalificatie hebben behaald. Wat hebben we gedaan? In samenwerking met scholen, jeugd- of wijkteams en waar nodig andere partijen, heeft LVS namens de gemeenten toegezien op waarborging van het recht op onderwijs. Door de goede samenwerking kon ook goed geanticipeerd worden op het in beeld brengen en houden van kwetsbare jongeren. Schoolverzuim dat door scholen bij LVS is gemeld werd door een consulent LVS opgevolgd. De oorzaak van het verzuim is achterhaald en een passende interventie ingezet. Deze varieert met de oorzaak en ernst van het verzuim. Waar nodig is samenwerking gezocht met partijen uit het veld van onderwijs, zorg en/of handhaving. Kinderen zonder onderwijs/thuiszitters In opdracht van de gemeenten zijn de inspanningen van LVS erop gericht om schoolverzuim tegen te gaan en het aantal thuiszitters en kinderen met een vrijstelling op lichamelijke of psychische gronden zoveel mogelijk te beperken. LVS heeft hierin een signalerende, agenderende, uitvoerende en verwijzende functie.
In aansluiting op het Thuiszitterspact is in 2020 een "Doe-agenda" gerealiseerd met betrekking tot het organiseren van een vooral praktische aanpak in het voorkomen van thuiszitters. LVS verbindt partijen, waaronder de samenwerkingsverbanden passend onderwijs, scholen en zorginstellingen, met elkaar om tot gezamenlijke doelstellingen te komen. LVS monitort voor de gemeenten de realisatie van deze doelstellingen. De ambitie voor de regio ZHZ is om het aantal kinderen dat geen onderwijs volgt terug te dringen. Vroegsignalering van problematiek in het primair onderwijs, zodat voorkomen kan worden dat problematiek onbeheersbaar wordt in het middelbaar onderwijs, is een beleidsspeerpunt. Vroegsignalering is ook helpend bij het indammen van de hoge kosten van de jeugdhulpverlening. In de regio wordt met samenwerkingspartners hard gewerkt om onderwijs(perspectief) en zorg beter op elkaar af te stemmen.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
31
Schoolverzuim kan, zeker in het middelbaar en beroepsonderwijs, een voorbode zijn van schooluitval. Door goede samenwerking met, en aanwezigheid in, middelbare scholen, wordt gewerkt aan het voorkomen en terugdringen van schoolverzuim en schooluitval. Wanneer hulpverlening en handhaving in samenhang worden ingezet, versterken zij elkaar. Indicator
Norm
Alle leer- en kwalificatie plichtige kinderen en jongeren staan ingeschreven op een school en volgen onderwijs
100 %
Absoluut verzuim per 1.000 leerlingen
0 Het meest recente cijfer op www.waarstaatje gemeente.nl voor heel ZHZ heeft betrekking op schooljaar 20172018 en bedraagt 0,7 per 1000 leerlingen 10 Het meest recente cijfer op www.waarstaatje gemeente.nl voor heel ZHZ heeft betrekking op schooljaar 20172018 en bedraagt 13 leerlingen per 1.000.
Relatief verzuim per 1.000 leerlingen
Realisatie 2020
Jaarrekening
Augustus
April
Het aantal leerlingen zonder schoolinschrijving was tijdens de lockdown relatief hoog, waarschijnlijk agv administratieve oorzaken Het meest recente cijfer op www.waarstaatje gemeente.nl voor heel ZHZ heeft betrekking op schooljaar 20182019 en bedraagt 0,9 per 1000 leerlingen
Het meest recente cijfer op www.waarstaatje gemeente.nl voor heel ZHZ heeft betrekking op schooljaar 20182019 en bedraagt 10 leerlingen per 1.000
Aantal afgehandelde meldingen relatief verzuim
2.200
Aantal afgehandelde meldingen absoluut verzuim
220
1006 (duidelijk effect COVID-19; geen relevante indicator dit jaar) 136
Aantal verleende vrijstellingen
200
186
* Aantal leer en-kwalificatieplichtigen per januari 2020 in de regio: 68.992
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
32
Regionale Meld & Coördinatie (RMC) & Voortijdig Schoolverlaten (VSV)-trajectbegeleiding Wat gingen wij doen? Regionaal programma vsv 2020-2023 Na een aantal jaren van stijgende aantallen voortijdig schoolverlaters, hebben in het schooljaar 2019/2020 juist minder jongeren de school zonder diploma verlaten. Dit aantal daalde van 781 in schooljaar 2018/2019 tot 625 in schooljaar 2019/2020. Een daling van maar liefst 22%. In 2019/2020 bedroeg het aantal vsv’ers in het mbo 554, dat is ongeveer 85% van het totaal aantal vsv’ers. Uit de cijfers blijkt dat het aantal voortijdig schoolverlaters op alle onderwijsniveaus is gedaald. Behalve op mbo1. Daar is sprake van een stijging. Percentueel is het aandeel vsv in mbo1/bbl het grootst. 35% van de jongeren is daar uitgevallen. De daling van het aantal vsv’ers is een positieve ontwikkeling, maar betekent helaas niet dat de coronacrisis zonder negatieve gevolgen voor vsv zal zijn geweest. In het bestuurlijk overleg vsv zijn twee belangrijke factoren gegeven die de vsv-daling voor studiejaar 2019-2020 helpen verklaren. Als eerste de effectieve inzet van alle professionals van scholen, leerplicht en voortijdig schoolverlaten, gemeenten en zorgpartijen. Ten tweede de verslechterde arbeidsmarkt, waardoor werk voor jongeren een minder aantrekkelijk alternatief voor onderwijs is.
Tegelijkertijd geven de leden van het bestuurlijk overleg vsv aan, dat een deel van de jongeren die in het studiejaar 2019-2020 niet zijn uitgevallen dat in het huidige studiejaar wel zullen doen. De pandemie en de gevolgen die deze heeft op het onderwijs zijn nog niet voorbij. Zo zijn er in het studiejaar 2019-2020, door het vervallen van het centraal examen, jongeren geslaagd en doorgestroomd naar het mbo die dat onder normale omstandigheden niet hadden gedaan. Daarnaast zijn er studenten die door het afstandsonderwijs vereenzamen of studievertraging oplopen en bestaat er het risico dat zij hierdoor ontmoedigd raken en afhaken. En tot slot staat de arbeidsmarkt onder druk. De baanperspectieven voor starters op de arbeidsmarkt zijn de komende jaren niet positief. De regionale VSV-aanpak is erop gericht jongeren goed te laten kiezen, hen voor het gekozen onderwijs te behouden en waar nodig te ondersteunen bij de overstap van onderwijs naar arbeidsmarkt. Waar voortijdig schoolverlaten toch optreedt is de aanpak van LVS er op gericht om in samenspraak met de sociale diensten en werkgevers in te zetten op omscholing naar kansrijke sectoren en beroepen. In het kader van de zomeractie zijn in de maanden juni, juli en augustus 350 jongeren door de consulenten van LVS bezocht en begeleidt richting een traject naar onderwijs, werk, een combinatie van leren en werken of hulpverlening.
Begeleiden van jongeren in een kwetsbare positie In 2020 is de Gemeente Hoeksche Waard, afdeling participatie toegevoegd aan de aanpak Matchmakers. De aanpak Matchmakers is een bewezen effectieve aanpak1, waarbij Matchmakers kwetsbare jongeren in de thuissituatie benaderen en met maatwerk ondersteunen op weg (terug) naar werk, school of combinatie daarvan. Maatwerk is mogelijk doordat LVS, AVRES, SDD en nu dus ook de gemeente Hoeksche Waard gezamenlijk optrekken. Jongeren worden in beeld gebracht op basis van gegevens die door LVS/RMC worden geanalyseerd. Op deze wijze hebben de Matchmakers gezamenlijk meer dan 600 jongeren in beeld gebracht. Ruim 330 van hen volgen inmiddels weer een opleiding of hebben (leer)werk of vorm van dagbesteding gevonden. Voor 50 jongeren is een zorgtraject gestart. Ongeveer 100 jongeren zijn hiervoor intensief door de Matchmakers ondersteund.
1
Zie Tussenevaluatie van de pilot MatchMakers, Movisie, 2017
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
33
Uitbreiding Matchmakers Als gevolg van de coronacrisis verliezen in Zuid-Holland Zuid veel jongeren hun werk. In de periode februari 2020 (voor Corona) tot augustus 2020 hebben al bijna 200 jongeren zonder startkwalificatie uit de regio hun baan verloren. Branches waar (relatief) veel jongeren nu hun baan verliezen zijn de uitzendbranche, vervoer en opslag, detailhandel, zakelijke dienstverlening, metalektro en metaalbewerking en in de horeca en verblijfsrecreatie. De verwachting is dat de jeugdwerkloosheid verder gaat toenemen. Deze ontwikkeling vormde aanleiding voor het dagelijks bestuur het team matchmakers uit te breiden. De uitbreiding wordt betaald uit de 'regeling specifieke uitkering extra financiële middelen RMC-functie'. Regionale Meld & Coördinatie (RMC) & Voortijdig Schoolverlaten (VSV)-trajectbegeleiding Indicator
% voortijdig schoolverlaters
Norm
Realisatie 2020
Jaarrekening
Augustus
2,02% (landelijk gemiddelde)
Prognose 20192020: 2,1% Realisatie: 2,09%
April
Voor leerplicht en RMC dient tevens onderstaande tabel ingevuld te worden. Dit omdat dit wettelijk voorgeschreven indicatoren zijn. Voor de andere onderdelen van de DG&J zijn deze indicatoren er niet (wel voor de SOJ). Product Leerplicht Leerplicht RMC/ VSV
Beoogde maatschappelijk effect Jongeren nemen deel aan het onderwijs Jongeren nemen deel aan het onderwijs Jongeren nemen deel aan het onderwijs
Beleidsindicator (omschrijving)
Waarde beleidsindicator
Bron
Absoluut verzuim per 1.000 leerlingen Relatief verzuim per 1.000 leerlingen % voortijdig schoolverlaters
DUO
Schooljaar 2018-2019
0,9
DUO
Schooljaar 2018-2019
10
DUO
Schooljaar 2018-2019
2,09
Wat heeft het gekost? (bedragen x € 1.000)
Begroting 2020* Lasten Leerplicht RMC/VSV Saldo baten en lasten Mutaties reserves Gerealiseerd resultaat
Baten
1.292 612 1.904
Realisatie 2020 Saldo
1.307 1.094 2.400
Lasten
14 481 496
Baten
1.054 696 1.750
Afwijking 2020 Saldo
1.311 944 2.255
Lasten
257 248 505
Baten
239 -84 155
Saldo
4 -150 -145
243 -234 9
0
0
0
0
0
0
0
0
0
1.904
2.400
496
1.750
2.255
505
155
-145
9
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze is vastgesteld in het AB van 12 november 2020 (2e burap 2020).
Resultaatanalyse De onderschrijding bij leerplicht wordt veroorzaakt door lagere personeelskosten die ten laste van COVID-19 zijn gebracht. Het nadeel bij RMC/VSV is tweeledig. Op basis van de eindcontrole van de ESF subsidie (2016-2018) wordt waarschijnlijk een lagere subsidie beschikbaar gesteld (€ 51.000). In de jaarrekening 2019 was rekening gehouden met een volledige subsidie ontvangst. Dit voordeel is ten gunste gekomen van het jaarrekeningresultaat 2019, dat is uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten. Het nadeel over 2020 wordt ten laste gebracht van het jaarrekeningresultaat en komt daarmee ten laste van de deelnemende gemeenten. De verwachte verlaging van de subsidie komt doordat enkele trajecten niet aan de voorwaarden voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
34
Daarnaast moet een deel van de RMC middelen aan de gemeente Dordrecht worden terugbetaald (€ 270.901), doordat in 2020 minder activiteiten zijn verricht als gevolg van COVID-19. Met de gemeente Dordrecht is afgesproken dat de middelen in 2021 mogen worden ingezet voor de problemen die bij deze doelgroep zijn ontstaan door COVID-19.
2.1.4 Jeugdgezondheidszorg Wat wilden wij bereiken? Per 1 januari 2020 is JONG JGZ gecontracteerd voor de uitvoering van het regionaal basispakket Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en het Rijksvaccinatieprogramma. Het regionaal beleidskader 'Zorg voor Jeugd' en de uitvoeringsovereenkomst JGZ 2020 -2023 zijn de inhoudelijke en financiële onderleggers voor de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg. De GGD ZHZ geeft invulling aan het contractmanagement namens de 10 gemeenten. Wat gingen wij doen? JONG JGZ heeft in 2020 conform de gemaakte contractafspraken uitvoering gegeven aan het basispakket Jeugdgezondheidszorg en het Rijksvaccinatieprogramma. Het Jaarplan JGZ 2020 en de verantwoordingsrapportage JGZ 2020 met de daaraan gekoppelde Key Performance Indicators (stoplichtenmodel) vormen de basis voor het contractmanagement. Indicator
Norm
De JGZ verricht de uitvoering van het regionaal basispakket JGZ en het Rijksvaccinatieprogr amma (RVP) conform het Uitvoeringskader JGZ en de jaarlijkse geactualiseerde richtlijn uitvoering RVP.
Landelijke richtlijnen en protocollen
Realisatie 2020 Het regionaal basispakket JGZ en het Rijksvaccinatie programma zijn grotendeels uitgevoerd, maar vanwege COVID-19 hebben niet alle onderdelen doorgang kunnen vinden. JONG JGZ heeft een stevige inzet gepleegd op de bestrijding van COVID19. De verwachting is dat de achterstand de komende periode voor een groot deel wordt ingehaald.
Jaarrekening
Augustus
April
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
35
Wat heeft het gekost? (bedragen x € 1.000)
Begroting 2020* Lasten
Baten
Realisatie 2020 Saldo
Lasten
Baten
Afwijking 2020 Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Jeugdgezondheidszorg Saldo baten en lasten Mutaties reserves
11.803 11.803 0
11.907 11.907 0
104 104 0
11.685 11.685 0
11.907 11.907 0
223 223 0
118 118 0
0 0 0
118 118 0
Gerealiseerd resultaat
11.803
11.907
104
11.685
11.907
223
118
0
118
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze is vastgesteld in het AB van 12 november 2020 (2e burap 2020).
Resultaatanalyse Vanuit dit programma heeft geen inzet plaatsgevonden voor de COVID-19, waardoor geen verschuiving heeft plaatsgevonden van salarislasten vanuit dit programma naar COVID-19 (programma 1). Het resultaat op de Jeugdgezondheidszorg is voor circa € 116.000 het gevolg van de afrekening van de subsidie die in 2019 is verstrekt aan Rivas/Careyn voor de uitvoering van de Jeugdgezondheidszorg. Doordat het hier een resultaat betreft uit 2019, is dit bedrag geen onderdeel is van de meerkosten regeling van VWS inzake de COVID-19.
2.1.5 Kennisprogramma Wat wilden wij bereiken? Het uitvoeren van het Kennisprogramma 2020 -2023 als onderdeel van de wettelijke taak (Wet publieke gezondheid) om op basis van epidemiologische analyses en onderzoek gemeenten inzicht te geven in diverse aspecten van de gezondheidstoestand en gezondheid bevorderende en –bedreigende factoren van de inwoners in Zuid-Holland Zuid en daarover gevraagd en ongevraagd te adviseren. Wat gingen wij doen? De GGD Zuid-Holland Zuid (afdeling Epidemiologie) heeft uitvoering gegeven aan het Kennisprogramma 2020 -2023. Het online GGD dashboard www.hoegezondiszhz.nl is voorzien van de meest actuele beschikbare data, die toegankelijk zijn gemaakt voor gemeenten en ketenpartners. Daarnaast worden periodiek peilingen gehouden onder het inwonerpanel voor Zuid-Holland Zuid. Indicator
Norm
Het online GGD dashboard is geactualiseerd op basis van de gezondheidsmonitor Kinderen, Jeugd en Volwassenen & Ouderen. De gezondheidsmonitor en en de specifieke ontwikkellijnen van het Kennisprogramma zijn conform plan uitgevoerd
100% Elk jaar wordt er een deel herijkt, in vier jaar tijd zijn alle cijfers aan de beurt geweest 100% van de gezondheidsm onitoren en ontwikkellijne n van het kennisprogra mma zijn uitgevoerd
Realisatie 2020
Jaarrekening
Augustus
April
GGD dashboard is geactualiseerd.
De monitor 'Volwassenen en Ouderen' is gestart en de Monitor Jeugd Voortgezet Onderwijs is opgeleverd. Onderdelen van het Kennisprogramma 2020 -2023 zijn niet
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
36
geheel conform planning uitgevoerd vanwege COVID-19. Daarnaast is in 2020 specifiek COVID-19 gerelateerd onderzoek toegevoegd. Door herprioritering van de onderzoeken voor de periode tot en met 2023, kunnen geplande onderzoeken conform plan worden uitgevoerd.
Wat heeft het gekost? (bedragen x € 1.000)
Begroting 2020* Lasten Kennisprogramma Saldo baten en lasten Mutaties reserves Gerealiseerd resultaat
Baten
1.053 1.053
Realisatie 2020 Saldo
272 272
Lasten
-781 -781
Baten
717 717
Afwijking 2020 Saldo
271 271
Lasten
-446 -446
Baten
336 336
Saldo -1 -1
335 335
0
0
0
0
0
0
0
0
0
1.053
272
-781
717
271
-446
336
-1
335
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze is vastgesteld in het AB van 12 november 2020 (2e burap 2020).
Resultaatanalyse Vanuit het Kennisprogramma zijn diverse medewerkers werkzaam geweest voor de COVID-19. De hiermee samenhangede salarislasten bedragen circa € 250.000. Een voordeel van € 40.000 is op de lasten ontstaan als gevolg van een vertraging op een ontvangen subsidie voor een onderzoek naar de sociaaleconomische verschillen in gediagnosticeerde COVID-19 prevalentie in Zuid-West Nederland. Tot slot is een voordeel van circa € 40.000 ontstaan doordat uren van een beleidsmedewerker zijn doorbelast naar de OGGZ, dit vanwege de Wet Verplichte GGZ.
2.2 Regionale Ambulance Voorziening Om voorbereid te zijn op de nieuwe wet ambulancezorg en de eisen die de WTzi stelt aan de onafhankelijkheid van bestuur is de RAV, onderdeel van de GR Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J), met ingang van 1 januari 2019 verzelfstandigd tot de Coöperatie Ambulancezorg ZHZ U.A. (CAZ). Met de inwerkingtreding van de nieuwe wet ambulancezorg (WAZ) per 1 januari 2021 gaat ook de vergunning voor de ambulancezorg in de regio Zuid-Holland Zuid over van de DG&J naar de CAZ. De CAZ is een coöperatie met de DG&J, de Stichting Albert Schweitzer Ziekenhuis en de Erasmus MC Zorg Holding BV als haar leden. De leden zijn vertegenwoordigd in de Algemene Ledenvergadering, het hoogste bestuurlijk orgaan binnen de coöperatie. De Raad van Bestuur bestuurt de coöperatie in opdracht van de Algemene Vergadering en de Raad van Commissarissen houdt toezicht op het beleid van de Raad van Bestuur en op de algemene gang van zaken binnen de coöperatie. Door de CAZ wordt periodiek gerapporteerd aan haar leden middels een aparte bestuursrapportage. Ook voor de CAZ heeft 2020 vooral in het teken gestaan van COVID-19. Er is intensief samengewerkt met alle acute zorgpartners om ook in deze tijden de kwaliteit van zorg en patiëntveiligheid te kunnen waarborgen. Doelstelling was om in 95% van de A1-ritten binnen 15 minuten bij de patiënt ter plaatse zijn.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
37
In 2020 is een responsepercentage van 94,5% gerealiseerd, ten opzichte van 94,8% in 2019. In aanmerking genomen dat de bemanning bij veel ritten eerst beschermende kleding moet aantrekken en ambulances per rit langer bezet zijn in verband met reiniging is dit een resultaat om trots op te zijn. In 2020 zijn in de begroting en realisatie van de RAV alleen nog de personele lasten opgenomen van het ambulancepersoneel dat in dienst is van de DG&J en de detacheringsbaten van het ambulancepersoneel dat gedetacheerd is bij de CAZ. Het saldo van deze posten is altijd 0. Wat heeft het gekost? (bedragen x € 1.000)
Begroting 2020* Lasten
Baten
Realisatie 2020 Saldo
Lasten
Baten
Afwijking 2020 Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Ambulancezorg
11.185
11.185
0
11.926
11.926
0
-741
741
0
Saldo baten en lasten
11.185
11.185
0
11.926
11.926
0
-741
741
0
Mutaties reserves Gerealiseerd resultaat
0
0
0
0
0
0
0
0
0
11.185
11.185
0
11.926
11.926
0
-741
741
0
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze is vastgesteld in het AB van 12 november 2020 (2e burap 2020).
De totale lasten van de gedetacheerde werknemers bedragen circa € 11,9 miljoen. Dit is een fractie hoger dan begroot door de hogere inschaling van de functie van verpleegkundige als gevolg van een landelijk functiewaarderingstraject. De baten bestaan volledig uit de detacheringsbaten die van CAZ worden ontvangen. Dit betreft alle medewerkers die al voor 1 april 2018 in dienst waren bij de RAV. Medewerkers die na 1 april 2019 in dienst zijn getreden én de directeur zijn per 1 april 2019, respectievelijk 1 juni 2019 in dienst getreden van de CAZ.
2.3 Serviceorganisatie Jeugd De Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid (SOJ) ondersteunt de gemeenten in ZuidHolland Zuid bij de uitvoering van hun taken in het kader van de Jeugdwet. De gemeenten hebben hiervoor bevoegdheden gedelegeerd en gemandateerd aan de Gemeenschappelijke regeling Dienst Gezondheid & Jeugd. De kernactiviteiten van de SOJ bestaan uit het sturen op, ontwikkelen en contracteren van de uitvoering van de jeugdhulp. Wat gingen wij doen? De Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid (SOJ) voert namens de deelnemende gemeenten de gedelegeerde en gemandateerde taken uit de Jeugdwet uit. Hiervoor heeft de SOJ in 2020 de volgende activiteiten verricht: de Stichting Jeugdteams, jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen gecontracteerd, de uitgevoerde jeugdhulp, jeugdbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering bekostigd, de uitvoering gemonitord en met de uitvoering van de projecten uit het Meerjarenperspectief jeugdhulp ZHZ, Transformatiefonds en het plan van aanpak Grip op jeugdhulp bijgedragen aan de transformatie van de jeugdhulp. Wat hebben we bereikt? In onderstaande tabel is per activiteit van de SOJ aangegeven welke resultaten zijn behaald in 2020.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
38
Product/activiteit/project Contracteren van de jeugdhulp
Beoogd resultaat Contractering vindt plaats middels het open house model. Dit model maakt het mogelijk tussentijds (elk kwartaal) aanbieders, die voldoen aan de criteria, te contracteren, contractvoorwaarden aan te passen en nieuwe zorgvormen toe te laten.
Stand van zaken In 2020 zijn er 145 aanbieders gecontracteerd waarvan 140 aanbieders ook een contract hadden in 2019. 1 partij die in 2019 een contract had, heeft per 1-5-2020 het contract opgezegd en is deze partij samengegaan met een andere aanbieder. 7 nieuwe aanbieders zijn tussentijds ingestroomd, waarvan 5 nieuw in de regio en 2 bestaande aanbieders op nieuwe percelen. Deze cijfers zijn exclusief de aanbieders die via het Landelijk Transitie Arrangement zijn gecontracteerd. Contracteren middels het open house model maakt het ook mogelijk contracten van nieuwe aanbieders al dan niet tijdelijk te staken (i.v.m. voldoende aanbod). Dit is voor de percelen AWBZ, GGZ, J&O en EED per 8-7-2019 doorgevoerd. Op de percelen Pleegzorg/gezinshuizen, GI's en Jeugdhulp op school kunnen nog steeds partijen worden gecontracteerd. Indien blijkt dat er alsnog onvoldoende aanbod is of als een aanbieder ontbrekend uniek aanbod kan aanbieden, dan kan ondanks dat percelen gesloten zijn op aanbiederniveau alsnog een overeenkomst worden afgesloten. Lopende het jaar hebben er inhoudelijke contractwijzigingen plaatsgevonden. In totaal is er in 2020 3 keer een wijzigingsdocument opgesteld en zijn nog enkele aanbieders gecontracteerd.
Noodzakelijke zorg blijft geboden bij cliëntenstops.
In 2020 hadden 82 aanbieders in de loop van het jaar een cliëntenstop voor één of meer gecontracteerde percelen en is er in totaal voor afgerond 3.300 jeugdigen gebruik gemaakt van de Nee-tenzij regeling met een totale budgettaire omvang van 14,3 miljoen euro.
Het bekostigingsproces verloopt zo optimaal mogelijk, onder andere door bij het optimaliseren gebruik te maken van ervaringen van aanbieders en cliënten.
Het werken met zorgprofielen is in 2020 steeds meer een bekende werkwijze geworden. Aanbieders kunnen elkaar steeds beter vinden om gezamenlijk integrale zorg te bieden.
Er is een perceel Jeugdhulp op school opengesteld.
Het perceel Jeugdhulp op school is in 2019 opengesteld. Hiervoor is een aantal aanbieders gecontracteerd die reeds voor andere percelen waren gecontracteerd. Deze aanbieders voeren Jeugdhulp op school uit binnen de reeds aan hen toegekende jeugdhulpbudgetten.
Aanbieders en cliëntenvertegenwoordigers denken mee over o.a. de bekostiging van jeugdhulp bij de voorbereidingen op de inkoop voor 2022 en verder.
Om Jeugdhulp op school als algemene voorziening te kunnen aanbieden, is in 2020 een alternatieve toegang georganiseerd in de vorm van een poortwachters-duo op elke school. Deze duo's bestaan uit een medewerker van het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs en een jeugdprofessional van de stichting Jeugdteams.
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
39
Product/activiteit/project
Beoogd resultaat
Er is voorzien in vervoer van jeugdigen van en naar jeugdhulplocaties.
Het aantal gesloten 'bedden' in de regio is vervangen door kleinschalige alternatieven.
Stand van zaken Daarnaast is per school het volume (de ondersteuningsbehoefte aan) jeugdhulp op school geïnventariseerd. De poortwachtersduo's toetsen of verzoeken overeenkomen met de behoeften en wensen behorende bij de jeugdigen en zorgstructuur van de school en daarmee of de jeugdhulpaanbieder jeugdhulp op school mag gaan bieden op een specifieke school. Bij een positieve beoordeling informeert het poortwachters-duo de SOJ hierover. Op deze manier is in 2020 alle lopende jeugdhulp op school per jeugdige in beeld gebracht. Alle scholen hebben een preferente aanbieder gekozen die past bij het type ondersteuningsvragen die er op school zijn. Voor elk van de 23 schoollocaties zijn/worden samenwerkings- en uitvoeringsplannen gemaakt. Deze zijn uiterlijk in het eerste kwartaal van 2021 gereed. Uitvoering van het vervoer via Stroomlijn loopt naar verwachting. In 2020 is verder gegaan met onderzoek uit 2019 naar de steeds hoger wordende vervoerskosten, omdat meer jeugdigen vervoer afnemen. Dit onderzoek heeft meer inzicht gegeven in samenstelling van de gestegen kosten en mogelijkheden die wellicht kunnen bijdragen aan het terugdringen van kosten. Het vervoer is ondanks Coronaperikelen nagenoeg vlekkeloos verlopen.
De SOJ participeert in de bovenregionale werkgroep Jeugdzorg Plus (4 jeugdhulpregio's, 2 GI's, 2 Jeugdzorg Plus aanbieders) die als doel heeft het aantal gesloten bedden af te bouwen van 235 in 2020 naar 100 eind 2024 en deze te vervangen door alternatieven zoveel als mogelijk buiten 'gesloten muren'. Omdat naar verwachting een kleine groep jeugdigen een vorm van Jeugdhulp Plus nodig heeft, worden er bovenregionaal 100 Jeugdhulp Plus plaatsen behouden en doorontwikkeld. De ambitie van de werkgroep heeft geleid tot een werkagenda aan de hand van de volgende thema's: Verbetering van de zorg Opbouw van alternatieven Ontwikkelperspectief leidend Veiligheid nauw aangesloten Aansluiting landelijke beweging Door de sluiting van locatie Midgaard van Horizon in 2020 heeft de afbouw van gesloten bedden een extra impuls gekregen. Hierdoor zijn er bovenregionaal 34 bedden versneld afgebouwd.
Voorbereiden inkoop 2022 en verder
In 2020 heeft het Algemeen Bestuur na een zienswijzeprocedure voor de gemeente(raden), het Inkoopkader jeugdhulp 2022 en verder vastgesteld met daarin de bestuurlijke uitgangspunten voor de inkoop vanaf 2022. Op basis van dit kader heeft de SOJ samen met gemeenten, Stichting Jeugdteams, aanbieders en cliëntvertegenwoordigers gewerkt aan de voorbereidingen van een inkoopstrategie. Er zijn 6 inkoopsegmenten onderscheiden. Per segment is aan zogenoemde ontwikkeltafels met stakeholders nagedacht over de
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
40
Product/activiteit/project
Bekostigen van de jeugdhulp
Monitoren van de uitvoering van de jeugdhulp
Beoogd resultaat
Stand van zaken ontwikkelopgave voor 2022 en verder. De contractering van de jeugdhulp en jeugdbescherming vanaf 2022 vindt plaats in 2021.
Passend aanbod voor opvang van jeugdigen met een extra zorgvraag ('BSO+')
Vanuit het project Definitie Jeugdhulp en de voorbereidingen van de inkoop voor 2022 en verder, werd duidelijk dat er nog onvoldoende aanbod is voor de opvang van jeugdigen met een extra zorgvraag. Het signaal is dat deze jeugdigen individuele begeleiding krijgen in plaats van opvang in een groep. De SOJ heeft samen met een werkgroep van de gemeenten Dordrecht, Molenlanden, Zwijndrecht, het JET en de Stichting Jeugdteams een start gemaakt met een uitvoeringsplan hoe gemeenten dit lokaal kunnen organiseren.
Jeugdhulpaanbieders en Stichting Jeugdteams zijn in staat te voldoen aan de vraag naar jeugdhulp.
Zie de financiële paragraaf in deze jaarstukken.
Gecertificeerde instellingen zijn in staat te voldoen aan de vraag naar jeugdbescherming en jeugdreclassering.
Naar aanleiding van het inspectierapport 'Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd' hebben de vier bovenregionaal samenwerkende jeugdhulpregio's in Zuid-Holland samen met de GI's een verbeterplan opgesteld. Dit heeft in 2020 onder andere geleid tot het bovenregionaal harmoniseren van tarieven. Eind 2020 is een tussenrapportage van de inspecties uitgekomen, waarin wordt geconcludeerd dat er voor de lange termijn een positieve beweging in gang is gezet, maar voor de korte termijn verbetering nodig is voor jeugdigen met een maatregel die te lang moeten wachten op passende hulp. Op het meetmoment van de inspecties wachtten 96 jeugdigen uit onze regio langer dan 3 maanden op passende hulp. Daarnaast hadden 7 jeugdigen niet binnen 5 dagen een vaste jeugdbeschermer bij het Leger des Heils JB & JR. De jeugdhulpregio's hebben in antwoord op het aantal jeugdigen dat wacht op jeugdhulp elk een regionale 'doorbraakaanpak' ontwikkeld en zijn gestart met het uitvoeren ervan.
De SOJ en gemeenten beschikken over sturingsen beleidsinformatie over de uitvoering van de jeugdhulp.
Nadat in 2019 de herimplementatie van de Business Intelligence (BI) omgeving was afgerond, is het dataplatform in 2020 verder doorontwikkeld. Samen met het Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD) en de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD) is gewerkt aan een Moederdashboard Sociaal Domein, dat in 2020 is opgeleverd. Verder is in 2020 gestart om de technische architectuur van het dataplatform te vereenvoudigen en te optimaliseren. Dit stelt de SOJ in staat om in de toekomst sneller en zelfstandiger door te ontwikkelen en minder afhankelijk te zijn van leveranciers. Daarnaast is in 2020 gewerkt aan diverse maatwerkanalyses naar aanleiding van vragen van gemeenten. De beschikbare data, analyse en duiding zorgt ervoor dat beleid gericht kan worden getoetst en waar nodig aangepast. In 2020 heeft het OCD nadrukkelijker de regierol overgenomen in de doorontwikkeling van het dataplatform zodat het breder regionaal
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
41
Product/activiteit/project
Beoogd resultaat
Stand van zaken beschikbaar is gekomen voor andere gemeenten en organisaties. Er is de afgelopen jaren vanuit meerdere organisaties zoals de SOJ, SDD en OCD geïnvesteerd in een goede onderlinge samenwerking waarbij er veelvuldig gebruik wordt gemaakt van onderlinge kennis, ervaring en resources. In 2019 en een deel van 2020 is samen met het ketenbureau I-sociaaldomein op basis van de beschikbare data binnen de SOJ een impactanalyse gemaakt in verband met de implementatie van het nieuwe Woonplaatsbeginsel. De invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel was eerder gepland op 1-1-2021, maar is vanuit de landelijke overheid vanwege de Corona-crisis uitgesteld tot 1-1-2022. Met de jaarovergang van 2020 naar 2021 heeft de SOJ verdere aanpassingen doorgevoerd in de toepassing van het landelijk berichtenverkeer (versie 3.0) zodat er meer wordt aangesloten bij de landelijke standaard van het berichtenverkeer en het standaardadministratieprotocol (SAP) van het ketenbureau. Tot slot is er in 2020 vanuit informatievoorziening een belangrijk bijdrage geleverd aan de voorbereidingen van de inkoop voor 2022 en verder. Uitgangspunt is dat de SOJ op dat moment volledig op de landelijke standaard van het berichtenverkeer en SAP. Verdere landelijke standaardisering draagt bij aan een aanzienlijke vermindering van de administratieve lasten.
Er is een dashboard EED voor het monitoren van de inzet op schoolniveau
De SOJ ontvangt kwartaalrapportages van de poortwachters EED (Ernstige Enkelvoudig Dyslexie) over de gescreende dossiers. De SOJ heeft met alle Samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs het dashboard EED verder ontwikkeld, zodat dit naast controle op rechtmatigheid ook monitoring van de inzet van EED op schoolniveau voor elke gemeente mogelijk maakt. De inmiddels duurzame samenwerking (4 jaar) in de leesketen is in het land uniek te noemen en is opgemerkt door onder andere het ministerie van VWS en VNG.
Bijstellen van de Verordening Jeugdhulp, Nadere regels en Beleidsregels op basis van jurisprudentie, uitvoeringspraktijk en beleidsontwikkelingen ten behoeve van de deelnemende gemeenten
De aangepaste Verordening Jeugdhulp, Nadere regels en Beleidsregels is vastgesteld door de deelnemende gemeenten.
Uitvoeren van projecten uit het Meerjarenperspectief jeugdhulp ZHZ (MJP)
Transformatie van de jeugdhulp en vermindering van de kosten, door een gebundelde inzet op drie niveaus: 1) elke gemeente voert een lokaal plan van
In 2020 heeft geen (regionaal ingegeven) aanpassing plaatsgevonden van gemeentelijke Verordeningen Jeugdhulp, Nadere regels en Beleidsregels. Wel hebben de SOJ en gemeenten gezamenlijk voorbereidingen getroffen voor aanpassingen vanwege Jeugdhulp naar Voren en als gevolg van jurisprudentie.
1) Elke gemeenten heeft zich in 2020, mede met behulp van de lokale data-analyses
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid | Jaarstukken 2019 GR DG&J
42
Product/activiteit/project
Beoogd resultaat aanpak uit voor een betere inrichting van het (preventieve) voorveld en de verbinding met het bredere sociale domein;
Stand van zaken ondersteund door de SOJ, nader georiënteerd op de inrichting van het (preventieve) voorveld en de wijze waarop dit moet worden verbonden met het bredere sociale domein waaronder ook de jeugdhulp. Dit heeft geleid tot een lokale verbinding met jeugdhulpaanbieders (de uitvoering van jeugdhulp naar voren), waarbij gemeenten zelf middels een enkelvoudige onderhandse procedure jeugdhulpaanbieders contracteren voor hun lokale opgave.
2) gemeenten en de SOJ zorgen voor meer lokale sturing op de taakuitvoering van de jeugdprofessionals in de (sociale) teams;
2) Gemeenten en de SOJ hebben gezamenlijk de opdracht 2021 voor de Stichting Jeugdteams opgesteld.
3) De SOJ voert verschillende MJPprojecten uit om de regionale specialistische zorgmarkt te transformeren, waardoor jeugdigen en gezinnen effectiever worden ondersteund en (sneller) de passende hulp ontvangen.
3) Projecten: Passend onderwijs en verbinding jeugdhulp: voor de verdere uitwerking van de in 2018 met alle stakeholders geformuleerde doelen, zijn in 2020: • in de lokale overleggen van gemeenten met het onderwijs (LEA) in elke gemeente afspraken gemaakt over de inzet van een vaste schakel binnen de zorgstructuur van de scholen; • de uitvoering van jeugdhulp op school contractueel mogelijk gemaakt vanaf het schooljaar 2020-2021. Middelen naar de voorkant: op 5 maart 2020 heeft het Algemeen Bestuur besloten dat gemeenten uiteindelijk maximaal 13% van de gemeentelijke bijdrage aan de regionale jeugdhulp (peiljaar 2018) per gemeente kunnen inzetten om ambulante jeugdhulp naar de voorkant te organiseren. Om dit proces op gang te brengen is in totaal 400.000 euro uit het Transformatiefonds vrijgemaakt voor gemeenten om uitbreiding van de lokale teams mogelijk te maken in de vorm van jeugd- en opvoedingshulp. Veilig opgroeien is teamwerk: op basis van de positieve ervaringen in de pilot in Sliedrecht, Gorinchem en Zwijndrecht hebben de betrokken organisaties, ondersteund door de SOJ, een gezamenlijk werkproces vastgelegd en de regionale uitrol van de werkwijze Veilig opgroeien is teamwerk voorbereid. Vanwege de Corona-crisis heeft de uitrol met vertraging per 15 juni 2020 plaatsgevonden.