Buitendams 45 - Toelichting.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Buitendams 45
Bestemmingsplan Buitendams 45
Projectnummer 0452946 Revisie Datum 26 juni 2023
Auteur(s) H. Hijmering
Opdrachtgever BM van Houwelingen Hakgriend 26 3371 KA Hardinxveld-Giessendam
datum vrijgave beschrijving revisie 26 juni 2023 vastgesteld
goedkeuring M. Brienissen
vrijgave A. Hatzman
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Inleiding Aanleiding en doel Ligging en begrenzing van het plangebied Vigerend bestemmingsplan Bij het plan behorende stukken Leeswijzer
5 5 5 6 6 7
Hoofdstuk 2 2.1 2.2
Planbeschrijving Huidige situatie Toekomstige ontwikkeling
9 9 10
Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4
Beleidskader Nationaal ruimtelijk beleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid
15 15 15 19 21
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12
Milieuhygiënischeen planologischeverantwoording Bodem Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid Bedrijven- en milieuzonering Kabels en leidingen Archeologie en cultuurhistorie Natuur Stikstof Water Verkeer en parkeren Besluit milieueffectrapportage
25 25 28 29 31 32 33 33 35 37 37 40 42
Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3
Juridische planbeschrijving Het juridisch plan Opzet van de regels Beschrijving van de bestemmingen
45 45 45 46
Hoofdstuk 6 6.1 6.2
Uitvoerbaarheid Financieel Maatschappelijk
49 49 49
Toelichting
blad 3 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
blad 4 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Hoofdstuk 1
1.1
Inleiding
Aanleiding en doel De initiatiefnemer BM van Houwelingen is voornemens de locatie 'Buitendams 37-47' in Hardinxveld-Giessendam te herontwikkelen. Op de locatie van het voormalige pand van de Gereformeerde kerk (vrijgemaakt en gesloopt), Schoenenwinkel Sluimer en de adressen Buitendams 41, 43 en 47 worden maximaal 50 appartementen gerealiseerd. De gebouwen binnen het plangebied zijn reeds gesloopt. De herontwikkeling van het plangebied is op basis van het huidige bestemmingsplan 'Hardinxveld-Giessendam, bebouwd gebied' niet mogelijk. Het voorliggend bestemmingsplan met bijbehorende onderzoeken betreft de noodzakelijke bestemmingswijziging van het plangebied.
1.2
Ligging en begrenzing van het plangebied Het plangebied is gelegen aan de noordzijde van de Buiten Giessen ter hoogte van het centrum van Hardinxveld-Giessendam. Gelet op de omliggende functies en de naastgelegen langzaamverkeersverbinding over de Buiten Giessen kan het plangebied worden gezien als overgangsgebied tussen het centrum en het woongebied van Hardinxveld-Giessendam. Het plangebied wordt aan de noord westzijde begrensd door de straat Buitendams, in het noordoosten door de langzaamverkeersverbinding over de Giessen en het complex Buitendams 25 t/m 35. Ten oosten en zuiden van de locatie stroomt de Buiten Giessen met aan de overzijde het centrum van Hardinxveld-Giessendam. Ten zuidwesten van het plangebied zijn nog enkele woonfuncties gelegen.
Figuur 1.1: Begrenzing van het plangebied (bron: googlemaps)
blad 5 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
1.3
Vigerend bestemmingsplan Voor het plangebied van dit bestemmingsplan vigeert het bestemmingsplan 'Hardinxveld-Giessendam, bebouwd gebied' dat op 30 maart 2017 is vastgesteld door de gemeenteraad van Hardinxveld-Giessendam. Ter plaatse van het plangebied gelden diverse bestemmingen. Zo vigeert de bestemming 'Centrum – 3' ter plaatse van Buitendams 37 (37, 37a, 37b) en deels ter plaatse van het perceel Buitendams 41. De woning op het perceel Buitendams 41 is bestemd als 'Wonen' en 'Tuin'. De voormalige kerk is bestemd als 'Maatschappelijk', waarbij de twee voormalige ambtswoningen zijn aangeduid als 'bedrijfswoning'. Voor het gehele gebied is, gelet op de hoge archeologische verwachtingswaarde, de dubbelbestemming 'Waarde – Archeologie 1' opgenomen. Voor een deel van het plangebied, nabij de Giessen, is de dubbelbestemming 'Waterstaat – waterstaatkundige functie' opgenomen. Binnen het plangebied is naast de enkel- en dubbelbestemmingen nog de gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone – laagvliegroute' opgenomen.
Figuur 1.2: Uitsnede vigerend bestemmingsplan 'Hardinxveld-Giessendam, bebouwd gebied' (Bron: ruimtelijke plannen.nl) De voorgestane woningbouwontwikkeling past niet binnen het vigerend bestemmingsplan. Om deze reden is onderhavig bestemmingsplan opgesteld.
1.4
Bij het plan behorende stukken Dit bestemmingsplan bestaat uit drie delen: een verbeelding waarop onder meer de bestemmingen in het plangebied zijn aangegeven, regels waarin de bouw- en gebruiksmogelijkheden voor de op de verbeelding vermelde bestemmingen zijn opgenomen en een toelichting waarin de achtergronden van het bestemmingsplan zijn beschreven. De verbeelding vormt samen met de regels het bindende deel van het bestemmingsplan. In de toelichting worden onder andere de keuzes die in het bestemmingsplan worden gemaakt nader gemotiveerd en verantwoord. Hierin staat ook beschreven wat het vigerende beleid inhoudt en met welke (milieu)planologische aspecten rekening is gehouden.
blad 6 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
1.5
Leeswijzer Na deze inleiding volgt een hoofdstuk waarin de bestaande en toekomstige situatie beschreven staat. In hoofdstuk 3 wordt het initiatief getoetst aan relevant nationaal-, provinciaal-, en gemeentelijk beleid. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de milieuhygiënische en planologische verantwoording met betrekking tot de ontwikkeling. Hoofdstuk 5 betreft de juridische planbeschrijving. Tenslotte wordt in hoofdstuk 6 de uitvoerbaarheid besproken en is een toelichting op de gevolgde procedures gegeven
blad 7 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
blad 8 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Hoofdstuk 2
Planbeschrijving
2.1
Huidige situatie Het plangebied is gelegen ten noorden van het winkelcentrum van Hardinxveld-Giesendam. De locatie ligt tussen de Buiten Giessen en de dijk Buitendams. De Buitendams wordt gekenmerkt door een grote mate van functiemenging. Zo zijn hier bedrijven, woningen, detailhandel-, dienstverlenende- en maatschappelijke voorzieningen gelegen. In de directe omgeving van het plangebied is deze functiemenging goed te zien. Zo is ter plaatse van de bebouwing Buitendams 25-35, 32-38 en 40 sprake van maatschappelijke of dienstverlenende functies in de plint en woningen op de verdieping. Aan de overzijde van de Giessen, ten zuidoosten van het plangebied, is het winkelcentrum van Hardinxveld-Giessendam gelegen. Ter plaatse van het adres Buitendams 45 is het voormalige pand van de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) gelegen. De kerk is, na het gereedkomen van de nieuwe locatie, buiten gebruik en inmiddels gesloopt. De straat Buitendams vormt ook de ontsluitingsroute van het plangebied. De straat is, vanaf de Weideveld, ingericht als eenrichtingsweg. Gemeente is voornemens om de Buitendams te herprofileren. Via de Molenstraat is de gebiedsontsluitingsweg Stationsstraat goed te bereiken. Het winkelcentrum is voor langzaam verkeer te bereiken via de ten noorden liggende brug en via de Peulenstraat.
Figuur 2.1: Afbeelding voormalige bebouwing plangebied vanaf Buitendams
blad 9 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Figuur 2.2: Afbeelding voormalige bebouwing plangebied vanaf de Buiten Giessen
2.2
Toekomstige ontwikkeling
2.2.1
Stedenbouwkundige opzet In het kader van verdichting van het centrum van Hardinxveld-Giessendam is het plan gemaakt om de voormalige kerk en belendende percelen aan de Buitendams te transformeren tot een aantrekkelijk woongebied. Hierbij dient het plan zich te verhouden tot het historische lint, de Buiten Giessen en de centrumbebouwing van het winkelcentrum Den Bogerd. In het plangebied ontmoeten het historische lint en het centrum elkaar. De Boorstraat zorgt voor een groene driehoekvormige onderbreking van het lint. Met het transformeren van Buitendams 45 krijgt de Buiten Giessen een front ter hoogte van het winkelcentrum. Onderhavig initiatief voorziet in de bouw van 50 appartementen met bijbehorende voorzieningen. De 50 appartementen worden gerealiseerd in één appartementengebouw. Om een aantrekkelijk woongebied te creëren wordt in het plan gestreefd naar een volume dat wordt gelezen als een aaneenschakeling van kleinere panden, met een kleinere korrel. De volumes worden gescheiden door aantrekkelijke buitenruimten met bijzondere aandacht voor de relatie tot de Giessen. De bovenste verdieping krijgt een setback aan de voorgevel, achtergevel en zijgevels.
blad 10 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Figuur 2.3: Schets beoogde situatie (bron:SPvE Buitendams 45)
Figuur 2.4: Schets beoogd appartementengebouw (bron:SPvE Buitendams 45)
Figuur 2.5: Bouwvolume beoogd appartementengebouw (bron:SPvE Buitendams 45)
2.2.2
Parkeren Voor en onder het beoogde appartementencomplex zijn de parkeervoorzieningen gesitueerd. Er is sprake van parkeren onder en op maaiveld. Het merendeel van de parkeerplaatsen wordt onder maaiveld in een parkeerkelder gerealiseerd. De overige parkeerplaatsen zijn op maaiveld gelegen, dit wordt gerealiseerd in de vorm van langsparkeren en haaksparkeren. In paragraaf 4.11 wordt nader ingegaan op het aspect 'parkeren'. Op het terrein is een gemeenschappelijke buitenruimte aanwezig.
blad 11 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Figuur 2.6: Infrastructuur en parkeren plangebied (bron:SPvE Buitendams 45)
2.2.3
Groen en waterberging Voor de inrichting van het watersysteem is de lijn ‘vasthouden-bergen-afvoeren’ het vertrekpunt, door: gebiedseigen (neerslag)water zo lang mogelijk vast te houden; neerslagwater zoveel mogelijk in het eigen gebied te bergen; hemelwater vertraagd af te voeren. De hemelwater (hwa) en vuilwater / droogweerafvoer (dwa) systemen moeten voldoen aan de eisen die het waterschap en de gemeente daaraan stellen. De belangrijkste randvoorwaarden voor het hwa-systeem zijn: voldoende bergingscapaciteit om te voorkomen dat het probleem van wateropvang afgewenteld wordt op een ander gebied en het systeem moet zo functioneren dat niemand in het gehele gebied bestaand en nieuw, overlast van het hemelwater gaat ondervinden. De maximale afvoer van water uit het plangebied mag niet meer zijn dan 1,5 l/s/ha (landelijke afvoernorm). Om hieraan te voldoen is er voldoende waterberging nodig om eerst vast te houden en vervolgens vertraagd af te voeren. Daarvoor wordt gerekend met een ontwerpbui van T+100 + 10% ,omdat het op deze locatie gaat om berging in een voorziening in plaats van in open water. Dat laatste is op de ontwikkellocatie niet aanwezig. De berging moet berekend worden met de volgende regel: 664 m³ neerslag per hectare (ha) verhard oppervlak.
blad 12 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Figuur 2.7: Groene inpassing plangebied (bron:SPvE Buitendams 45)
blad 13 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
blad 14 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Hoofdstuk 3
Beleidskader De voorgenomen ontwikkeling van het plangebied moet passen binnen het vigerend beleid. Voor de ontwikkeling en het plangebied zijn verschillende beleidsstukken relevant. Hierna zijn de belangrijkste bevindingen uit het beleid beschreven en wordt aangegeven hoe de ontwikkeling van het plangebied hierop inspeelt.
3.1
Nationaal ruimtelijk beleid
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Toetsingskader De nationale omgevingsvisie (NOVI) 'Duurzaam perspectief voor onze samenleving' komt voort uit de Omgevingswet, die naar verwachting in 2023 in werking treedt. Uitgangspunt is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zo worden in gebieden betere, meer geïntegreerde keuzes gemaakt. Vier prioriteiten hierin zijn: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio's; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Binnen deze prioriteiten worden drie afwegingsprincipes gehanteerd, die helpen om beleidskeuzes te maken. Dit zijn: 1. Combinaties van functies hebben voorrang op enkelvoudige functies; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Tot het moment dat de Omgevingswet ingaat (verwacht 1 januari 2023) geldt de omgevingsvisie als structuurvisie en zijn ruimtelijke belangen geborgd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening. Hierin is het rijksbelang opgenomen dat verstedelijking op duurzame wijze plaatsvindt. Wanneer een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt moet er getoetst worden aan de 'ladder voor duurzame verstedelijking'.
Op grond van artikel 2.3 van de Wro wordt de rijksstructuurvisie vastgesteld door de Minister of de betrokken Ministers. De vastgestelde NOVI is op 11 september 2020 door de minister toegezonden aan de Tweede Kamer. Toetsing en conclusie In het NOVI staat benoemd dat er moet worden gewerkt aan sterke en gezonde steden en regio's. Voorliggend plan voorziet met een herontwikkeling van een binnenstedelijke locatie met een belangrijke impuls voor woningbouw in Hardinxveld-Giessendam. Daarmee is het plan in lijn met de NOVI.
3.1.2
Conclusie rijksbeleid Het voorliggend initiatief is niet van invloed op de opgenomen nationale belangen uit de NOVI.
3.2
Provinciaal beleid Omgevingsbeleid Zuid-Holland Op 20 februari 2019 heeft de provincie Zuid-Holland het Omgevingsbeleid vastgesteld. Het
blad 15 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Omgevingsbeleid van Zuid-Holland omvat al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. Het bestaat uit twee kaderstellende instrumenten: de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening. Daarnaast zijn in het Omgevingsbeleid operationele doelstellingen opgenomen, zodat zichtbaar is hoe de provincie zelf invulling geeft aan de realisatie van haar beleid. Deze operationele doelstellingen maken onderdeel uit van verschillende uitvoeringsprogramma's en -plannen, zoals het programma Ruimte en het programma Mobiliteit. Met het Omgevingsbeleid van Zuid-Holland streeft de provincie naar een optimale wisselwerking tussen gewenste ruimtelijke ontwikkelingen en een goede leefomgevingskwaliteit. Uit de provinciale opgaven worden samenhangende beleidskeuzes gemaakt, die doorwerken naar uitvoeringsprogramma's en naar regels in de verordening. De ruimtelijke hoofdstructuur maakt met een integraal kaartbeeld inzichtelijk hoe de strategische beleidskeuzes uit de Omgevingsvisie ruimtelijk samenkomen.
3.2.1
Omgevingsvisie en Omgevingsverordening Zuid-Holland Door het samenvoegen van verschillende beleidsplannen voor de fysieke leefomgeving sorteert de provincie voor op de Omgevingswet. De Omgevingswet verplicht het Rijk, de provincies en gemeenten een omgevingsvisie te maken. De provinciale Omgevingsvisie bestaat uit de volgende onderdelen: Een beschrijving en kaartbeelden van de ruimtelijke hoofdstructuur; De ontwikkelrichting van het omgevingsbeleid: ambities en sturing; Een beschrijving van de omgevingskwaliteit van Zuid-Holland, waaronder de provinciale inzet voor het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit; De samenhangende beleidskeuzes voor de fysieke leefomgeving. De ambitie van de provincie is een slim, schoon en sterk Zuid-Holland. De Provincie gaat uit van zes richtinggevende ambities, waarbinnen een aantal opgaven zijn geformuleerd: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Naar een klimaatbestendige delta Naar een nieuwe economie: the next level Naar een levendige meerkernige metropool Energievernieuwing Best bereikbare provincie Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving
Omgevingskwaliteit Centraal doel van het integrale omgevingsbeleid is het verbeteren van de omgevingskwaliteit. Onder 'omgevingskwaliteit' wordt verstaan: het geheel aan kwaliteiten die de waarde van de fysieke leefomgeving bepalen. Ofwel een samenvoeging van ruimtelijke kwaliteit (belevingswaarde, gebruikswaarde en toekomstwaarde) en milieukwaliteit (gezondheid en veiligheid). De Omgevingskwaliteit bestaat uit de unieke kwaliteiten van Zuid-Holland, het toepassen van de leefomgevingstoets (beleidscyclus en monitoring) en een nadere uitwerking van het provinciale beleid. Dit laatste gebeurt door middel van een 'kwaliteitskaart' en bijbehorende 'richtpunten ruimtelijke kwaliteit'. Kwaliteitskaart, richtpunten en gebiedsprofielen De provincie geeft richting en ruimte aan een optimale wisselwerking tussen ruimtelijke ontwikkelingen en omgevingskwaliteit. In de gehele provincie, zowel in het stedelijk gebied als in het landelijk gebied, beoogt het kwaliteitsbeleid een 'ja, mits-beleid': ruimtelijke ontwikkelingen zijn mogelijk, met behoud of versterking van de ruimtelijke kwaliteit. blad 16 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Het ruimtelijk kwaliteitsbeleid bestaat uit een viertal kwaliteitskaarten (de laag van de ondergrond, de laag van de cultuur- en natuurlandschappen, de laag van de stedelijke occupatie en de laag van de beleving), samengevat in één integrale kwaliteitskaart, bijbehorende richtpunten en een aantal bepalingen in de verordening. Ontwikkelingen moeten rekening houden met deze richtpunten. De kwaliteiten zijn uitgewerkt in de gebiedsprofielen. Het plangebied is in de laag van de ondergrond aangeduid als 'Rivierdeltacomplex rivierklei/veen' en 'Bijzonder relief en aardkundige waarden'. Ontwikkelingen in dit gebied houden het verschil tussen komgronden en oeverwallen herkenbaar. Voorgenomen ontwikkeling voorziet niet in de verslechtering van deze herkenbaarheid. In de laag van de cultuur- en natuurlandschappen is het plangebied aangeduid als 'Veen(weide)landschap'. en 'Linten'. Richtpunten hierbij zijn: Veen(weide)landschap: Bewaren diversiteit aan verkavelingspatronen. Lengtesloten zijn beeldbepalend en worden behouden. Ontwikkelingen houden rekening met het behoud van kenmerkende landschapselementen. Ontwikkelingen dragen bij aan behoud van de maat en weidsheid van de poldereenheden. Nieuwe bebouwing en bouwwerken worden geplaatst binnen de bestaande structuren/ linten en niet in de veenweidepolders.
Nieuwe agrarische bedrijven liggen aan bestaande ruilverkavelingslinten of op een zeer goed bereikbare locatie voor zwaar verkeer. Ze vormen visuele eilanden in het veenweidelandschap door stevige, passende beplanting en een ligging op ruime afstand van elkaar. Linten Linten blijven linten als onderscheidende bebouwingsvorm in het gebied. Linten behouden hun lineaire karakter, waarbij de achterzijde van de bebouwing een direct contact met het landschap heeft en de voorzijde aan de openbare weg of waterloop grenst. Bij nieuwe ontwikkelingen zijn de huidige korrel, profiel, transparantie en respect voor historische gaafheid van een lint richtinggevend. Bij grootschalige ontwikkelingen blijft het lint herkenbaar als bebouwingsvorm. Dit betekent dat op gepaste afstand van het lint gebouwd wordt, waarbij het landschap, het lint en de nieuwe ontwikkeling bepalend zijn voor deze afstand. Het lint behoudt zijn eigen gezicht. Ten slotte is het plangebied in de laag van de stedelijke occupatie deels aangeduid als 'Steden en Dorpen'. Relevante richtpunten hierbij zijn: Ontwikkelingen dragen bij aan de karakteristieke kenmerken/identiteit van stad, kern of dorp. Ontwikkelingen dragen bij aan versterking van de stedelijke groen- en waterstructuur.
Een nieuwe uitbreidingswijk bouwt voort op het bestaande stads- en dorpsgebied en versterkt de overgangskwaliteit van de stadsrand (zie stads- en dorpsranden). Cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en stedenbouwkundige patronen worden behouden door ze waar mogelijk een functie te geven die aansluit bij de behoeften van deze tijd. Deze richtpunten zijn indirect vertaald in locatie-eisen. Hiermee worden de bestaande karakteristieke en waarden beschermd en wordt hier bij ontwikkelingen op aangesloten.
blad 17 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
3.2.2
Visie Ruimte en Mobiliteit en Verordening Ruimte Op 9 juli 2014 hebben Provinciale Staten van de Provincie Zuid-Holland de Visie Ruimte en Mobiliteit, het Programma Ruimte, het Programma Mobiliteit en de Verordening Ruimte vastgesteld. Het beleid is op 1 augustus in werking getreden. De Visie Ruimte en Mobiliteit en de Verordening Ruimte vervangen de huidige Structuurvisie en Verordening van Zuid-Holland. Deze tijd vraag om maatwerk, flexibiliteit en aanpassingsvermogen, onder andere omdat ontwikkelingen minder voorspelbaar zijn en demografische ontwikkelingen in de diverse regio's verschillen. Maatwerk, flexibiliteit, aanpassingsvermogen en samenwerking zijn sleutelbegrippen in de Visie Ruimte en Mobiliteit. De provincie stelt de behoefte van de gebruiker centraal; het aanbod moet afgestemd zijn op de vraag. Daarbij zet de provincie in op een efficiënte benutting van de ruimte en de netwerken, met aandacht voor de (ruimtelijk) kwaliteit. De provincie heeft vier rode draden benoemd: 1. beter benutten van wat er is; 2. vergroten van de agglomeratiekracht; 3. verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit; 4. bevorderen van de transitie naar water- en energie efficiënte samenleving. In de Visie Ruimte en Mobiliteit wordt het beleid beschreven van de provincie Zuid-Holland.
Het Programma Ruimte en het Programma Mobiliteit hebben beide de status van een structuurvisie en beschrijven de manier waarop het ruimtelijk beleid en het mobiliteitsbeleid van de provincie uitgevoerd wordt (met welke instrumenten). De Verordening Ruimte beschrijft de regels vanuit het beleid en het programma. Deze regels hebben een directe doorwerking in bestemmingsplannen.
3.2.3
Ladder voor Duurzame Verstedelijking Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6 lid twee en drie) dienen plannen, waarin nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk gemaakt worden, getoetst te worden aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. Toetsing aan de Ladder houdt in dat een plan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt een beschrijving bevat van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het plan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Het heeft de voorkeur dat de gemeente de ladder niet per plan toepast, maar vooraf in regionaal verband afspraken maakt over de kwantitatieve en kwalitatieve regionale behoefte. Als het plan past in een actuele regionale visie die is aanvaard door Gedeputeerde Staten, is daarmee voldaan aan één of meer treden van de ladder. Gedeputeerde Staten geven bij de aanvaarding van de regionale visie aan in hoeverre daarmee op regionaal niveau de ladder voor duurzame verstedelijking is doorlopen, zodat bij individuele bestemmingsplannen daar naar kan worden verwezen.
De beoogde ontwikkeling van de voorziene 50 appartementen voorziet in nieuwbouw binnen het bestaand stedelijk gebied en is regionaal afgestemd, en is daarmee in lijn met de provinciale visie met betrekking tot het beter benutten van het bestaand stads- en dorpsgebied. Op grond van de verordening is de ontwikkeling getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking. In het onderhavige geval is sprake van een locatie die zeer geschikt is voor de bouw van nieuwe woningen. De ontwikkeling vindt plaats binnen het bestaand stedelijk gebied. Er wordt optimaal gebruik gemaakt van de beschikbare binnenstedelijke ruimte.
blad 18 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
3.2.4
Conclusie provinciaal beleid De planontwikkeling is in lijn met de omgevingsvisie en verordening en is tevens regionaal afgestemd. Het plan past ook binnen de visie mobiliteit en ruimte. Het voorliggend initiatief stuit niet op belemmeringen vanuit het provinciaal beleid van de Provincie Zuid-Holland.
3.3
Regionaal beleid
3.3.1
Groeiagenda 2030 De Groeiagenda 2030 is de strategische visie voor de ruimtelijk economische ontwikkeling van de regio Drechtsteden in de periode 2028-2030. Vanaf 2019 wordt de groeiagenda lokaal uitgevoerd. Vanaf november 2021 heeft de samenwerking een vervolg gekregen onder de vlag Smart Delta Drechtsteden, een samenwerkingsverband tussen overheid, ondernemers en onderwijs. Er zijn een aantal ambities en doelen gesteld en deze zijn gekoppeld aan een aantal thema's: Bouwen en wonen, werken en economie, bereikbaarheid en mobiliteit en energietransitie. De regio wil wonen inzetten als hefboom voor stedelijke ontwikkeling, groei van het aantal inwoners als drager voor economische kracht, stabiliteit en behoud van voorzieningen, een evenwichtigere verdeling van de woonsegmenten, duurzame en gezonde woongebieden, benutten van unieke gebiedskwaliteiten, transformatie van kwetsbare wijken, interactie in de binnenstad en compleet voorzieningenaanbod. De regio heeft zich als doel gesteld om meer dan 300.000 inwoners te huisvesten in 2030. Bij een voortzetting van het huidige beleid zou dit 'slechts' 280.000 inwoners bedragen. Tot 2030 dienen met het oog op deze ambitie tot 25.000 nieuwe woningen gerealiseerd te worden. Daarnaast wil de regio inzetten op een hoogwaardige werkgelegenheid en een goed voorzieningenaanbod.
De woningen worden gerealiseerd door zowel het ontwikkelen van onderscheidende woonmilieus als het transformeren van de kwetsbare woonmilieus. Kansrijke woningbouwlocaties zijn er voldoende: op de oeverlocaties, langs het spoor, aan de randen van de gemeenten (bij het buitengebied) en de inbreidingslocaties. Doorwerking plangebied Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de herontwikkeling van de percelen Buitendams 37 t/m 47 in het woongebied van Hardinxveld-Giessendam. De ontwikkeling van deze inbreidingslocatie, waarbij wordt voorzien in de realisatie van 50 koopappartementen, draagt bij aan de ambitie zoals geformuleerd in de Groeiagenda van de regio.
3.3.2
Regionale woonvisie Drechtsteden In 2017 is een nieuwe regionale woonvisie opgesteld. De Woonvisie heeft als doel in 2030 een 'goed' woonklimaat in de Drechtsteden te voorzien, met hoogwaardig wonen en een stevige aantrekkingskracht om te werken en verblijven. Centrale vraag hierbij is wat het gewenste woonprofiel van de regio Drechtsteden in 2030 is en wat dit betekent voor de ontwikkeling van de gemeentelijke woonprofielen in de periode 2012-2030. Met de regionale woonvisie wordt daarnaast invulling gegeven aan de eis van de provincie om in bestemmingsplannen de behoefte aan te tonen middels een regionale visie. De woonvisie wil een gezicht geven aan degenen die nu nog geen wooncarrière kunnen worden geboden. De belangrijkste ambitie hierbij is het inspelen op het onvoldoende passende aanbod in de grotere steden. De regio wil zich positioneren als 'de Drechtsteden voor Rotterdam', en een kwalitatief hoog woningaanbod realiseren voor een doelgroep in een duurder segment, goed bereikbaar, met meer ruimte en met moderne stedelijke
blad 19 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
voorzieningen in of direct bij Dordrecht, met een traditioneel Hollands karakter. Hierbij wordt gekozen voor samenhangende groeiagenda. De zeven gemeenten blijven verplicht gezamelijk optrekken en doorpakken om de woningvoorraad en woningkwaliteit sneller te laten groeien. Het doel van de woonvisie is: woningen bouwen waaraan behoefte is: gepaard met de economische groei, en met een gevarieerd woningaanbod. De juiste hoeveelheid gewenste woningen en woonmilieus voor de doelgroepen in de regio, op het juiste moment op de juiste plek. Deze ontwikkelingen gaan gepaard met aandacht voor de bereikbaarheid en voorzieningen op maat. Als overkoepelend thema wordt nadrukkelijk ingezet op duurzaamheid en een energieneuraal Drechtsteden in 2050. Belangrijke uitgangspunten om het doel van de woonvisie te bereiken zijn geformuleerd in 20 kernpunten. De voor de dit plan meest relevante kernpunten zijn in onderstaande lijst opgenomen. De Drechtstedengemeenten verplichten zich gezamenlijk tot realisatie van woningen voor de autonome opgave door groei van het aantal huishoudens met 9.560 tot 2031. De gemeenten zoeken naarstig naar locaties/mogelijkheden om de plancapaciteit te verhogen tot het per gemeente gewenste aantal. Zo gewenst leidt dit tot uitwisseling van woningbouwopgaven tussen de gemeenten.
De gemeenten gaan een inspanningsverplichting aan om naast de autonome groeiopgave te zoeken naar locaties om zo’n 15.000 woningen te realiseren. In 2035 is de gebouwde omgeving in de Drechtsteden energieneutraal. De woningbehoeftetabel 2031 biedt koers voor de verdeling van de woontypen. Alle gemeenten zijn verplicht om locaties ten behoeve van de woonopgave te realiseren. De gemeente Hardinxveld - Giessendam heeft de regionale woonvisie van de Drechtsteden niet vastgesteld. Wel heeft zij een zienswijze ingediend waarin de gemeente de kwalitatieve ambities en groei uit de regionale agenda onderschrijft. Aanvullend op en binnen de kaders van deze regionale Woonvisie stellen de individuele gemeenten uiterlijk medio 2018 een lokale uitvoeringsparagraaf op. Hierin worden de regionale ambities verbonden met lokale wensen en mogelijkheden. De lokale uitvoeringsparagraaf concretiseert het woningbouwprogramma, en wordt jaarlijks herijkt. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is wat de regio kan doen om de gewenste ontwikkelingen te faciliteren. Uitvoering van de lokale programma's en regie op monitoring en uitvoering ligt bij de gemeentes. Tevens wordt een gezamelijke aanjaagrol ingericht en wordt gezamelijke promotie van de Drechtsteden geëffectueerd.
3.3.3
Conclusie regionaal beleid Het voorliggend initiatief stuit niet op belemmeringen vanuit het regionaal beleid.
blad 20 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
3.4
Gemeentelijk beleid
3.4.1
Structuurvisie Hardinxveld - Giessendam 2030 De gemeentelijke structuurvisie, die op 19 februari 2015 is vastgesteld, is een ruimtelijke ontwikkelingsvisie met een richtinggevend en programmatisch karakter die integrale keuzes bevat voor de hoofdlijnen van beleid voor de komende periode. De structuurvisie bouwt voort op de Visie Hardinxveld-Giessendam, die op 22 maart 2012 na een zeer interactief traject met de bevolking is vastgesteld. De structuurvisie vertaalt deze visie naar de ruimtelijke ontwikkeling van Hardinxveld-Giessendam. De structuurvisie, die vooruitkijkt tot 2030, is eveneens een integraal document en heeft als doel om de verschillende belangen, bijvoorbeeld tussen landschap, woningbouw, maatschappelijke voorzieningen en werkgelegenheid zorgvuldig af te wegen. De structuurvisie biedt een kader waarin aanspraken op de ruimte kunnen worden afgestemd en gecombineerd. Deze structuurvisie is vooral gericht op behoud en verbetering van de bestaande ruimtelijke en sociale kwaliteiten. Daarnaast is de structuurvisie gericht op het versterken en behouden van de leefbaarheid. In de structuurvisie wordt gestuurd op ruimtelijke structuren: waar gebeurt wat, op welke manier, op welk moment en waarom? De structuurvisie is bedoeld om voor de langere termijn ruimtelijke samenhang tot stand te brengen en bezit daarom een zekere mate van globaliteit en abstractie.
Het vormt de basis voor het toekomstig beleid; ter uitwerking van de structuurvisie kunnen gebiedsvisies, masterplannen en bestemmingsplannen worden opgesteld en concrete (plan)ontwikkelingen in gang worden gezet. Op de woningmarkt van Hardinxveld-Giessendam is thans sprake van een beperkte doorstroming. De gemeente heeft in haar beleid een aantal maatregelen opgenomen, om de doorstroming te bevorderen. Eén van de belangrijke speerpunten is het behouden van jongeren. Dit is van belang voor de leefbaarheid in de kernen, voor de kenmerkende sociale cohesie van Hardinxveld-Giessendam en voor het behoud van werkgelegenheid. Om de doorstroming op de woningmarkt te bevorderen, zet de gemeente waar mogelijk en gewenst in op herstructurering van bestaande wijken. Er komen met regelmaat (inbreidings)locaties vrij, bijvoorbeeld door het uitplaatsen van hinderlijke bedrijvigheid. In en rond het centrum van Hardinxveld-Giessendam (o.a. aan Buitendams) ligt liggen een aantal locaties die aantrekkelijk zijn om te wonen, maar nu nog worden bezet door milieuhinderlijke bedrijven. Deze bedrijven passen niet meer in een woongebied. Ze veroorzaken overlast door de bedrijfsactiviteiten of het vrachtverkeer of ze ondervinden zelf hinder doordat uitbreidingsmogelijkheden ontbreken.
Waar mogelijk werkt de gemeente mee aan deze verplaatsingen waarbij op de vrijgekomen locaties woningbouw kan worden mogelijk gemaakt. De gemeente houdt een deel van haar plancapaciteit beschikbaar voor deze kwalitatieve verbeteringen.
blad 21 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Figuur 3.1: Uitsnede deelkaart 'Wonen' uit de structuurvisie Hardinxveld-Giessendam 2030 Doorwerking plangebied Op de structuurvisiekaart is het plangebied aangeduid als locatie die in aanmerking komt voor eventuele herstructurering. Dit bestemmingsplan voorziet in de herstructurering van de percelen Buitendam 37 t/m 47. De ontwikkeling voorziet in de bouw van maximaal 50 appartementen. Dergelijke woonfuncties zijn, zeker gelet op de ligging nabij het centrum, schaars binnen de gemeente Hardinxveld-Giessendam. De ontwikkeling draagt daarom in positieve zin bij aan de doorstroming op de woonmarkt. Geconcludeerd kan worden dat de beoogde ontwikkeling bijdraagt aan de beleidsuitgangspunten, zoals opgenomen in de gemeentelijke structuurvisie.
3.4.2
Lokale paragraaf Bouwen In 2019 stelde de gemeente Hardinxveld-Giessendam de Lokale paragraaf Wonen vast. Met dit beleidsdocument werd als gemeente Hardinxveld-Giessendam uitvoering gegeven aan het woonbeleid. Inmiddels is de Lokale paragraaf Wonen aan actualisatie toe. Met de actualisatie 'Lokale paragraaf Bouwen'wordt voorgeborduurd op de 'Lokale paragraaf Wonen', maar trekt deze naar de huidige tijd. De gemeente focust zich de komende jaren met name op het bouwen van nieuwe woningen. De drie thema’s die in de actualisatie centraal staan, zijn: 1. Vaart maken met woningbouw 2. De juiste woning op de juiste plek 3. Een leven lang prettig wonen Met de nieuwe Lokale Paragraaf Bouwen wil de gemeente de nieuwe doelen bereiken. Er moeten gemiddeld 80 nieuwe woningen per jaar worden gebouwd; daarvoor liggen in elk geval tot en met 2025 de plannen klaar. Er moet meer doorstroming komen; inwoners moeten een nieuwe woning kunnen vinden in de gemeente. Tegelijk moet het voor mensen eenvoudiger worden om langer in hun eigen woning te blijven wonen. Met voorgenomen ontwikkeling is voorzien in de realisatie van 50 appartementen, onderdeel van woongebied Buitendams. In totaal worden 50 koopwoningen gerealiseerd in dit plan die bijdragen aan doorstroming op de woningmarkt. Er worden passende woningen gerealiseerd in dit deelgebied.
Met voorgenomen ontwikkeling wordt bijgedragen aan de doelen zoals ze in de lokale paragraaf
blad 22 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
zijn geformuleerd.
3.4.3
Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) In 2012 is het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoerplan (GVVP) vastgesteld. Het doel van dit plan is het vastleggen van het beleid op het gebied van verkeer en vervoer in de gemeente Hardinxveld-Giessendam voor de periode 2012 tot 2022, dat aansluit bij de ambities en speerpunten die de gemeente heeft, maar tevens past binnen de kaders die hogere overheden in hun beleid stellen. Deelaspecten van het beleidsterrein verkeer en vervoer en raakvlakken met andere beleidsterreinen worden in dit plan bij elkaar gebracht, wat resulteert in een integrale visie op verkeer- en vervoerbeleid in de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Om uitvoering te geven aan het opgestelde gemeentelijke beleid wordt het plan vergezeld van een uitvoeringsprogramma met daarin maatregelen en projecten. De ontsluiting van het plangebied vindt plaats op Buitendams. Deze straat is in het GVVP aangemerkt als erftoegangsweg (ETW) en betreft ter hoogte van het plangebied een eenrichtingsweg. De maximumsnelheid op erftoegangswegen is 30 km/h. Buitendams wordt aan de westzijde ontsloten op de Thorbeckestraat/Weideveld en aan de oostzijde op de Molenstraat/Peulenstraat. De Stationsstraat is in het GVVP aange-merkt als gebiedsontsluitingsweg (GOW). Voor gebiedsontsluitingswegen geldt een maximumsnel-heid van 50 km/u.
Voor een veilige en herkenbare weginrichting is het belangrijk dat alle wegen zoveel mogelijk worden ingericht conform de Essentiële HerkenbaarheidsKenmerken (EHK). Volgens de principes van Duurzaam Veilig moet een weggebruiker bijna als vanzelf het gewenste gedrag op een bepaald type weg vertonen. De EHK maken de wegcategorieën voor de weggebruiker beter herkenbaar. Doorwerking plangebied In het plangebied worden geen nieuwe wegen gerealiseerd. Tevens worden geen wijzigingen aangebracht aan de bestaande wegen. Doordat er geen strijdigheden zijn met het GVVP kan geconcludeerd worden dat het GVVP geen belemmeringen geeft voor de gewenste ontwikkeling.
3.4.4
Conclusie gemeentelijk beleid Het voorliggend initiatief stuit niet op belemmeringen vanuit het gemeentelijk beleid van Hardinxveld-Giessendam.
blad 23 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
blad 24 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Hoofdstuk 4
Milieuhygiënische en planologische verantwoording Op grond van het bepaalde in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is het bij het opstellen van een bestemmingsplan verplicht om inzicht te bieden in de relevante planologische en milieuhygiënische aspecten. In dit hoofdstuk is een verantwoording voor deze aspecten opgenomen.
4.1
Bodem
4.1.1
Algemeen Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening dient in verband met de uitvoerbaarheid van een plan rekening gehouden te worden met de bodemgesteldheid in het plangebied. Bij functiewijziging dient te worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde functie en moet worden vastgesteld of er sprake is van een saneringsnoodzaak. In de Wet bodembescherming is bepaald dat indien de desbetreffende bodemkwaliteit niet voldoet aan de norm voor de beoogde functie, de grond zodanig dient te worden gesaneerd dat zij kan worden gebruikt door de desbetreffende functie (functiegericht saneren). Nieuwe bestemmingen dienen bij voorkeur op schone grond te worden gerealiseerd. Door Antea Group is een vooronderzoek (d.d. 7 juni 2022) en daarop volgend een afperkend en verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd (d.d. 2 december 2022). De belangrijkste conclusies worden hierna genoemd.
4.1.2
Onderzoek Vooronderzoek Grond Binnen het plangebied zijn tijdens eerder uitgevoerd bodemonderzoek in 2019 (o,a.) sterk verhoogde gehalten aan lood aangetoond (plaatselijk tot 1,0 m-mv). Deze verontreinigingen zijn onvoldoende afgeperkt én voornoemd bodemonderzoek is vóór de sloop van alle gebouwen binnen het plangebied uitgevoerd. De grond onder de voormalige gebouwen (ca 40% opp. plangebied) is nooit onderzocht en aangezien 'slopen' een verdachte activiteit betreft kan de bovengrond van het plangebied als onvoldoende onderzocht worden beschouwd. Grondwater Het grondwater is op een afwisselende diepte tussen 1,1 en 1,9 m -mv. aangetroffen (d.d. 23 april 2019). Analytisch zijn geen verhoogde concentraties aangetoond in het grondwater. Aangezien de graafwerkzaamheden, voor de realisatie van de ondergrondse parkeergarage, tot een diepte van ca. 2,5 m -mv. uitgevoerd moeten worden, zal voor het ontgraven in den droge het grondwater onttrokken moeten worden om de bouwput droog te houden (bronbemaling). Het onttrokken grondwater kan worden teruggebracht in de bodem (retourbemaling) of geloosd in oppervlaktewater, een hemelwaterriool of een vuilwaterriool. Aanbevolen wordt om dit onderwerp (bemaling) verder uit te werken en af te stemmen met bevoegd gezag. Asbest Asbestonderzoek heeft binnen het plangebied plaatsgevonden in mei 2019.
Er is destijds zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetoond. Omdat een groot deel van de locatie niet is onderzocht, sloop na het bodemonderzoek heeft plaatsgevonden, een asbestinventarisatie van de gebouwen/woningen ontbreekt, wordt een aanvullend/verkennend asbestonderzoek aanbevolen.
blad 25 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
PFAS Op basis van eerder uitgevoerd PFAS-onderzoek in de bodem blijkt dat er verhoogde PFASgehalten (PFOS-PFOA) zijn aangetoond in de bovengrond. De bovengrond voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Altijd toepasbaar’ en ‘Wonen/Industrie’. Aangezien de grond binnen het plangebied, voor de realisatie van de ondergrondse parkeergarage, tot een diepte van ca. 2,5 m -mv. ontgraven en afgevoerd gaat worden (ca. 5.000 m3 grond) zal de grond aanvullend gekeurd moeten worden op o.a. PFAS. Hypothese Het plangebied wordt als verdacht beschouwd op het voorkomen van bodemverontreiniging (parameters: lood, zink en asbest). Afperkend en verkennend bodem- en asbestonderzoek Algemeen De locatie ligt momenteel volledig braak en de grond wordt bedekt met hoofdzakelijk lage tot middelhoge vegetatie. Het plangebied is onverhard, maar zintuigelijk worden puin- en baksteenbrokken en verhardingstegels heterogeen verspreid aangetroffen binnen het plangebied, hoofdzakelijk langs de randen. Dit zijn restanten van de recentelijk gesloopte bebouwing binnen het plangebied dat in 2019-2020 is uitgevoerd. Op basis van de recentelijke sloopwerkzaamheden (2019-2020), in combinatie met de eerder aangetoonde sterk verhoogde gehalten aan lood en matig verhoogde gehalten aan zink in de grond (Verkennend bodemonderzoek d.d.
mei 2019), is een afperkend en verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd voor ditmaal het gehele onderzoeksterrein (3.500 m2 ). In de proefgaten/boringen binnen het onderzoeksgebied zijn, zoals verwacht, heterogeen afwijkende bodemlagen aangetroffen die duiden op de bebouwingshistorie en op bouw- en sloopafval van de voornoemde, uitgevoerde sloopwerkzaamheden. Uit de analyseresultaten is gebleken dat er wederom - net als in 2019 - sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging waarvoor een saneringsplicht geldt. Toetsing Wet bodembescherming In de zwak tot matig puinhoudende bovengrond van twee naastgelegen proefgaten en één boring (B18, AG_13 en AG_14) zijn sterk verhoogde gehalten aan lood aangetoond. De omvang van de loodverontreiniging (> Interventiewaarde) wordt in een worst case scenario geschat op circa 300 m3 . Hiermee is binnen de onderzoekslocatie sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging conform de Wet bodembescherming en geldt er een saneringsplicht. De aanwezige sterk verhoogden gehalten aan zink en lood, kunnen niet expliciet worden toegeschreven aan voormalige (verdachte) activiteiten ter plaatse. De aangetroffen bodemvreemde bijmengingen in de bovengrond zijn niet direct te relateren aan de aangetoonde verhoogde gehalten aan lood en zink (puin, baksteen en beton).
De verontreinigingen kunnen daardoor enkel worden toegeschreven aan de lange bebouwingshistorie van het terrein (minimaal sinds 1850). Op het overige deel van de onderzoekslocatie zijn licht (zware metalen en PAK) tot matig (lood) verhoogde gehalten aan onderzochte stoffen aangetoond in de bovengrond. In de ondergrond zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan onderzochte stoffen aangetoond (zware metalen, minerale olie en PAK). Aangezien er een intensief onderzoek is verricht is de verontreinigingssituatie gedetailleerd in beeld gebracht en kan zowel de boven- en ondergrond binnen het terrein als voldoende onderzocht worden beschouwd. Vanwege de aangetoonde sterk verhoogde gehalten aan lood is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging conform de Wet bodembescherming en geldt er een saneringsplicht. Die graafwerkzaamheden moeten beschouwd worden als een sanerende blad 26 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
handeling, die vooraf gemeld dienen te worden aan het bevoegd gezag. Het type verontreiniging (immobiel) past, in combinatie met de geplande nieuwbouwactiviteiten, binnen de reikwijdte van het Besluit Uniforme Saneringen (BUS). Aangezien er tevens een parkeergarage gerealiseerd gaat worden, waarbij circa 5.000 m3 grond vrijkomt, wordt het opstellen van saneringsplan (maatwerk) aanbevolen. De keuze (BUS/saneringsplan) dient verder te worden afgestemd met het bevoegd gezag (Provincie Zuid-Holland met in mandaat Omgevingsdienst Zuid Holland Zuid). Voor het saneringsplan geldt een lange procedure. Toetsing Besluit bodemkwaliteit De analyseresultaten van het onderzochte grond(meng)monsters zijn indicatief getoetst aan de normen uit het Besluit bodemkwaliteit. Hieruit blijkt dat de bovengrond, in combinatie met de analyseresultaten uit 2019, over een oppervlakte van maximaal 600 m2 (Volume 300 m3 ) op basis van loodgehaltes als ‘Niet toepasbaar’ dient te worden beschouwd. De overige bovengrond voldoet hoofdzakelijk aan de klasse ‘Industrie. De ondergrond voldoet hoofdzakelijk aan de klasse ‘Wonen’ en plaatselijk aan de klasse ‘Industrie’. De analyseresultaten van de onderzochte grond(meng)monster zijn eveneens indicatief getoetst aan de normen uit het geactualiseerde Handelingskader PFAS van december 2021. Hieruit blijkt dat de grond tot 1,0 m -mv.
voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Wonen/Industrie’ bij de toekomstige bestemming ‘Wonen’. In een worst case scenario voldoet de volledige grondlaag tot 1,0 m -mv., op basis van de analyseresultaten van PFAS, aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Industrie’. De grondlaag 1,0 t/m 3,0 m -mv. voldoet, op basis van de analyseresultaten van PFAS, aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Landbouw/Natuur’. Toetsing bodemkwaliteit nieuwe bestemming Op de bodemkwaliteitskaart van Omgevingsdienst Zuid Holland Zuid ligt de onderzoekslocatie binnen de zone met de bodemfunctie ‘Wonen’. De ontgravingskwaliteit van de boven- en ondergrond valt in de klasse ‘Industrie-heterogeen’. Op basis van de analyseresultaten uit het bodemonderzoek van 2019 en het nu voorliggende bodemonderzoek (2022) komt de vastgestelde bodemkwaliteit in grote lijn overeen met de gebiedskwaliteit. Uitzondering hierop vormt een strook binnen het onderzoeksgebied waar sterk verhoogde gehalten aan lood zijn gemeten. Voor de nieuwe woonbestemming dient de bodemkwaliteit minimaal te voldoen aan de gebiedskwaliteit en dienen er bij het toekomstig gebruik geen risico’s te zijn. De sterke verontreiniging met metalen (lood en zink) dient hiertoe te worden gesaneerd.
In verband met de ontwikkeling worden er omvangrijke hoeveelheden grond (boven- en ondergrond) ontgraven waardoor, na saneren en ontgravingen aan de minimale bodemkwaliteit voor de toekomstige bestemming wordt voldaan. Asbest Visueel is er geen asbestverdacht(plaat)materiaal aangetroffen op het maaiveld en in de opgeboord grond. Analytisch is in de fijne fractie van de zwak tot matig puin- en brokken met betonhoudende bovengrond geen asbest aangetoond. Grondwater Het grondwater is op een afwisselende diepte tussen 0,8 en 1,3 m -mv. aangetroffen (d.d. 26-27 oktober). Tijdens het verkennend bodem- en asbestonderzoek uit mei 2019 zijn analytisch geen verhoogde concentraties aangetoond in het grondwater, waardoor het niet nodig is geacht het grondwater in oktober 2022 milieuhygiënisch te onderzoeken. Aangezien de graafwerkzaamheden, voor de realisatie van de ondergrondse parkeergarage, tot een diepte van ca. 2,5 m -mv. uitgevoerd moeten worden, zal voor het ontgraven in den droge het grondwater onttrokken moeten worden om de bouwput droog te houden (bronbemaling). Het onttrokken grondwater kan worden teruggebracht in de bodem (retourbemaling) of geloosd in oppervlaktewater, een hemelwaterriool of een vuilwaterriool. Aanbevolen wordt om dit onderwerp (bemaling) verder uit te werken en af te stemmen met bevoegd gezag. blad 27 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
Toetsing hypothese De vooraf opgestelde hypothese 'verdachte locatie' met de parameters lood en zink wordt aanvaard, vanwege het aantreffen van licht tot sterk verhoogde gehalten aan lood en licht tot matig verhoogde gehalten aan zink. De hypothese verdacht voor asbest dient te worden verworpen. Zowel visueel en analytisch is echter geen asbest aangetoond.
4.1.3
Conclusie Het aspect bodem vormt na de uitvoering van de werkzaamheden in het kader van de BUS-melding / saneringsplan geen belemmeringen voor dit plan.
4.2
Geluid
4.2.1
Algemeen Bij een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling met woningen, geluidsgevoelige gebouwen, nieuwe wegen en de reconstructie van bestaande wegen dient te worden aangetoond dat voldaan wordt aan de Wet geluidhinder (Wgh) en dat er, op grond van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De Wgh is alleen van toepassing binnen de wettelijk vastgestelde zone van een weg. Een akoestisch onderzoek in het kader van de Wgh is daarom alleen noodzakelijk wanneer de ontwikkeling plaatsvindt binnen een zone van een weg, spoor en gezoneerd industrieterrein en waarbij sprake is van geluidgevoelige bestemmingen. Conform de Wet geluidhinder heeft iedere weg een zone. Uitzonderingen daarop zijn wegen die in een 30 km-zone zijn opgenomen en wegen die als woonerf bestemd zijn. Van deze uitzonderingen is geen sprake vanwege de Weideveld /Thorbeckestraat (50 km/uur). De zone van de weg is 200 meter aan weerszijde van de weg. De toekomstige appartementen zijn binnen de zones geprojecteerd. En tevens de A15 met een zone ingevolge de Wet Geluidhinder van 600 meter. In het kader van de Wet ruimtelijke ordening dient aangetoond te worden dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat.
Derhalve kunnen 30 km wegen waarvan verwacht wordt dat zij een substantiële bijdrage leveren aan de geluidbelasting op de gevels van de te projecteren woningen in het onderzoek te worden betrokken. Derhalve is door Antea Group een akoestisch onderzoek naar wegverkeerlawaai verricht (d.d. 4 november 2022). Het akoestisch onderzoek heeft tot doel de geluidbelasting vanwege de wegen op de gevels van de te projecteren geluidgevoelige bebouwing te bepalen en te toetsen aan de grenswaarden die in de Wet geluidhinder zijn gesteld. De volledige rapportage is opgenomen als bijlage bij onderhavig bestemmingsplan. Hierna wordt kort de conclusie besproken.
4.2.2
Onderzoek Op de locatie van het voormalige pand van de Gereformeerde kerk (vrijgemaakt) en de belendende percelen Buitendams 41 en 37, worden maximaal 50 appartementen gerealiseerd. De locatie is gelegen tussen Buitendams en Den Boogerd/Klein Diepje. Voor het project wordt een bestemmingsplan opgesteld. In verband met onderbouwing van het bestemmingsplan ‘Buitendams 45’ is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting vanwege omliggende wegen op de te
blad 28 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
projecteren woningen. Hierbij is zoals gebruikelijk uitgegaan van het toekomstig richtjaar 10 jaar na planvaststelling, 2032 in dit geval. Binnen de invloedsfeer van het plangebied vallen 2 gezoneerde wegen, namelijk de Weideveld/Thorbeckestraat en de rijksweg A15. Daarnaast bevinden er zich twee straten naast het plangebied waar de maximumsnelheid 30 km/uur is, namelijk Buitendams en Den Boogerd/Klein Diepje. Dit betekent dat er vanuit de Wet geluidhinder geen wettelijke geldende geluidgrenswaarden aan de orde zijn voor deze wegen. Desalniettemin is de geluidbelasting vanwege wegverkeer wel inzichtelijk gemaakt en geduid, om hiermee invulling te geven aan goede ruimtelijke ordening in de zin van de Wet ruimtelijke ordening. Uit de resultaten blijkt dat de geluidbelasting ten gevolge van de omliggende wegen (Buitendams (30 km/uur), Rijksweg A15, Weideveld/Thorbeckestraat en Den Boogerd/Klein Diepje) afzonderlijk, op de nieuwe appartementen ten hoogste 48 dB inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh. bedraagt. Uit de resultaten blijkt dat de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden. Er is gezien de geluidbelasting vanwege verkeer op de omliggende afzonderlijke wegen, daarom sprake van een aanvaardbare geluidinvloed op voorgenomen woningen in het plangebied.
4.2.3
Conclusie Het aspect geluid betreft geen belemmeringen voor dit plan.
4.3
Luchtkwaliteit
4.3.1
Algemeen In de Wet milieubeheer is de regelgeving met betrekking tot luchtkwaliteit vastgelegd. In artikel 5.16 is vastgelegd dat bestuursorganen bevoegdheden, zoals het vaststellen van een bestemmingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning, mogen uitoefenen wanneer sprake is van één van de volgende gevallen: a. b.
er is geen sprake van een (dreigende) overschrijding van de grenswaarden; de concentratie van de desbetreffende stoffen in de buitenlucht verbetert of blijft ten minste gelijk; c. het plan draagt 'niet in betekenende mate' bij aan de concentratie van de desbetreffende stoffen in de buitenlucht; d. de ontwikkeling is opgenomen in een vastgesteld programma, zoals het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Een nadere uitwerking van de regelgeving met betrekking tot het begrip 'niet in betekende mate' is vastgelegd in het 'Besluit niet in betekende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)' en de 'Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)'. Voor ontwikkelingen die 'niet in betekenende mate' bijdragen aan de luchtverontreiniging hoeft niet te worden getoetst aan de grenswaarden. In de Regeling zijn categorieën van gevallen benoemd die in ieder geval als 'niet in betekenende mate' worden aangemerkt en waarvoor toetsing aan de grenswaarden dus zonder meer achterwege kan blijven. Er is volgens deze regeling geen onderzoek nodig voor 'woningbouwlocaties, indien een dergelijke locatie, in geval van één ontsluitingsweg, netto niet meer dan 1.500 nieuwe woningen omvat, dan wel, in geval van twee ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling, netto niet meer dan 3.000 woningen omvat'. Een formele toets is hiermee niet van toepassing.
blad 29 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
4.3.2
Toetsing initiatief De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de realisatie van 50 appartementen. Hiermee wordt ruimschoots onder de aantallen gebleven zoals genoemd in de 'Regeling niet in betekende mate bijdragen'. Geconcludeerd kan worden dat de voorgenomen ontwikkeling niet in strijd is met het bepaalde in de Wet milieubeheer. In het kader van 'goede ruimtelijke ordening' dient wel de luchtkwaliteit te worden beschouwd.
Tabel 4-1: NIBM-berekening Tabel 4-2: Maximale jaargemiddelde concentraties NO2 , PM10 en PM2,5 in µg/m3 bij de omliggende rekenpunten aan de Buitendams en Thorbeckestraat (ID 15477731, 15479144)
*Bij een jaargemiddelde concentratie PM10 van meer dan 31,2 µg/m3 is sprake van meer dan 35 keer overschrijding van de grenswaarde voor de 24-uursgemiddelde concentratie PM10 (50 µg/m3). Uit de landelijke Monitoringstool blijkt dat de jaargemiddelde concentraties van de relevante stoffen NO2 (stikstofdioxide) en PM10 (fijn stof) in dit gebied onder respectievelijk 16,9 en 16,8 µg/m3 liggen. Hiermee wordt ruimschoots voldaan aan de wettelijke maximale grenswaarden (van 40 µg/m3 ). Verder is de heersende jaargemiddelde concentratie PM2,5 (de fijnere fractie van fijn stof) hier beneden 10 microgram/m3 . Hiermee wordt ruim voldaan aan de jaargemiddelde grenswaarde van 25 microgram/m3 . Naar verwachting nemen deze concentraties in de toekomst verder af door nationale en lokale maatregelen ter verbetering van de luchtkwaliteit. De luchtkwaliteit vormt geen knelpunt voor de realisatie van het bestemmingsplan.
4.3.3
Conclusie Vanuit het aspect luchtkwaliteit bestaan er geen belemmeringen voor de functiewijziging die met onderhavig bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt.
blad 30 van 50
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Buitendams 4 5 Gemeente Hardinxveld-Giessendam Projectnummer 0452946
4.4
Externe veiligheid
4.4.1
Algemeen Externe veiligheid betreft het risico dat aan bepaalde activiteiten is verbonden voor niet bij de activiteit betrokken personen. Het externe veiligheidsbeleid richt zich op het beheersen van risicovolle bedrijfsactiviteiten en van risicovol transport. Het gaat daarbij om de bescherming van individuele burgers en groepen tegen ongevallen met gevaarlijke stoffen. Het veiligheidsbeleid in Nederland is gebaseerd op een tweetal begrippen, het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR): het plaatsgebonden risico is de kans per jaar dat één persoon, die onafgebroken en onbeschermd op een plaats langs een transportroute of nabij een inrichting verblijft, komt te overlijden als gevolg van een incident met het vervoer, de opslag en/of de handeling van gevaarlijke stoffen. Daarbij is de omvang van het risico een functie van de afstand waarbij geldt: hoe groter de afstand, des te kleiner het risico. De risico's worden weergegeven in PR risicocontouren; het groepsrisico is de kans per jaar dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van een transportroute of een inrichting voor handelingen met gevaarlijke stoffen in één keer het (dodelijk) slachtoffer wordt van een ongeval. In tegenstelling tot het plaatsgebonden risico geldt voor het groepsrisico geen grenswaarde maar een oriëntatiewaarde.
Deze oriëntatie-waarde kan gezien worden als een streefwaarde en heeft geen juridische status. Het overschrijden van de oriëntatiewaarde is mogelijk mits dit in de besluitvorming door het bevoegd gezag wordt gemotiveerd. Risicobronnen kunnen worden onderscheiden in risicovolle inrichtingen (waaronder lpg-tankstations), vervoer van gevaarlijke stoffen en buisleidingen. Om voldoende ruimte te scheppen tussen een risicobron en personen of objecten die risico lopen (kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten) moeten vaak afstanden in acht worden genomen. Ook ontwikkelingsmogelijkheden die ingrijpen in de personendichtheid kunnen om onderzoek vragen. Het beoordelingskader voor risicovolle inrichtingen wordt gevormd door het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Voor het vervoer van gevaarlijke stoffen geldt het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt), waarin de Basis-netten voor weg, spoor en water zijn vastgelegd. Voor buisleidingen geldt het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb).