CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Brief voorzitter RRt met Input LRT Oekraine 2 september 2025.pdf

Gemeenteraad GHG 25 september 2025, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 12: Raadsbesluit derde opvang Oekraïners - Raadsvoorstel1.748 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan: Van: Datum:

Wouter Kolff, CdK Zuid-Holland, voorzitter PRT Margreet van Driel. Voorzitter RRT Zuid-Holland Zuid 14 augustus 2025

Beste Wouter, Op 2 september wordt een extra Landelijke Regietafel (LRT) gehouden vanwege de situatie rond de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne. Een opvang waar we nu ruim 3 jaar mee bezig zijn, en waarbij er nog geen zicht is op een structurele oplossing. De focus van de LRT lijkt primair gericht op de situatie op lange termijn, maar gezien de huidige situatie en knelpunten in de opvang zullen die ook ter sprake komen. Vanuit de Regionale Regietafel (RRT) Zuid-Holland Zuid wil ik graag onderstaande overwegingen meegeven met het verzoek deze te betrekken bij de (input voor) het landelijk overleg. Constaterende: 

We zijn nu ruim 3 jaar bezig met de opvang vluchtelingen uit Oekraïne. Daarnaast spelen veel (veiligheids)regio’s nog een rol in processen rond opvang asielzoekers.

Perspectief op een snelle oplossing in de oorlog Oekraïne – Rusland is er niet. En als die oorlog stopt, gaan mensen dan terug en kunnen ze terug?

De RTB voor vluchtelingen uit Oekraïne is verlengd tot maart 2027. Ondertussen werkt het Rijk aan beleid voor lange termijn. Dit lange termijn beleid richt zich op waar mogelijk terugkeer naar Oekraïne én het voorkomen van uitvoeringsproblemen in de migratieketen (het COA kan het niet aan als alle of veel vluchtelingen uit Oekraïne uiteindelijk in de reguliere asielstroom komen).

Het lange termijn beleid is gericht op een transitiedocument voor 3 jaar (een reguliere vergunning op grond van Vreemdelingenbesluit en voorzieningen vergelijkbaar met een statushouder). De periode van transitie naar voorzieningen is verschillend waarbij wordt uitgegaan van maximaal 3 jaar met uitzondering van huisvesting omdat dit niet in 3 jaar realiseerbaar is.

Rechten, plichten en voorzieningen in het transitiedocument gaan onder andere over werk, toegang tot de participatiewet, toegang tot verzekeringen en toeslagen.

De Tijdelijke Wet Oekraïne (TW Oek) loopt door tot en met maart 2028. Het einde van de wet is einde recht op opvang en einde van de gemeentelijke taak om dit te regelen. Om bovenstaande mogelijk te maken overweegt het Rijk de TW Oek te verlengen, waarmee de opvangtaak een verantwoordelijkheid van gemeenten blijft.

Het doel van de LRT van augustus 2025 is gericht op een principebesluit dat het transitiedocument de juiste richting is. Dit moet in het najaar 2025 worden

uitgewerkt in een derde bestuurlijk afsprakenkader (BAK 3.0). Financiële verwerking volgt bij de voorjaarsnota 2026. 

Het is officieel geen crisissituatie meer, maar we werken nog wel met tijdelijke maatregelen die uit de crisis voortkomen: o

Huisvesting in de vorm van noodopvang – niet geschikt voor meerjarige bewoning.

o

Een landelijke spreidingspunt vluchtelingen Oekraïne (LCVS) met in de 25 regio’s een regionale functie (RCVS) waarbij in veel regio’s een HUB opvang is geregeld en mensen in piket draaien om bereikbaar te zijn buiten kantooruren.

o

Veelal op de schaal van de veiligheidsregio, die niet per definitie overeenkomt met de regionale schaal waarop afspraken in het dossier wonen worden gemaakt.

We ervaren rijksbeleid wat elkaar tegenspreekt. Bijvoorbeeld geen voorrang statushouders bij toewijzen woningen maar wel grote druk om statushouders te huisvesten en daarmee plekken in de opvang vrij te maken.

Het negatieve beeld dat geschetst wordt door landelijke politiek over opvang van vluchtelingen schaadt het draagvlak op lokaal niveau.

Verschillend beleid, eisen en financiering rond diverse doelgroepen die allemaal gebruik willen maken van de schaarse huisvesting. Er wordt inmiddels gesproken over doelgroep flexibele huisvesting maar concreet is dat er nog niet.

Rijk en gemeenten die naar elkaar wijzen, maar mensen in het veld die tegen de concrete situaties aanlopen dat bijvoorbeeld Oekraïense vluchtelingen zich melden maar we ze niet meer kunnen huisvesten. Voor onze mensen leidt dit tot onaanvaardbare en onveilige – sociaal onmogelijke situaties.

Voor gemeenten ontbreekt een passend perspectief voor overlastgevende Oekraïners zoals bij asielzoekers wél bestaat in de vorm van speciale COAlocaties. Dit leidt tot onveilige situaties op locaties of juridisch kwetsbare uitzettingen uit overmacht.

Onze lijn van advies: 1. Uitgaan van de juiste verantwoordelijkheden en een realistisch tijdsperspectief: Het uitgangspunt moet zijn dat zoveel als mogelijk terug wordt gegaan naar de gebruikelijke reguliere verantwoordelijkheden. 

De opvangtaak van vluchtelingen is een taak van het COA. Gemeenten dragen zorg voor locaties waar door het COA opvang gerealiseerd kan worden. Huisvesting statushouders ligt primair bij de gemeenten. Zolang statushouders nog in een opvang van het COA zitten vallen zij onder de zorg van het COA. Het na afloop van de RTB verstrekken van een vergunning op basis van de vreemdelingenwet voor 3 jaar met voorzieningen gelijk aan een statushouder

voelt hybride. Waar ligt de verantwoordelijkheid, bij het Rijk (vreemdeling) of bij de gemeente (statushouder) of beide? Belangrijk dit te bepalen op basis van inhoud in een perspectief op langere termijn niet (alleen) op basis van verwachte uitvoeringsproblemen. 

Het argument dat het COA niet is toegerust van (op termijn) opvang van grote groepen vluchtelingen uit Oekraïne geldt ook voor gemeenten. Op veel plekken is de noodopvang niet langer houdbaar en uitvoering van de maatregelen in de transitiefase vraagt extra inzet waar gemeenten / medeoverheden niet voor zijn toegerust. Daarnaast ervaren gemeenten met de huidige problematiek op de woningmarkt al genoeg problemen om statushouders te huisvesten.

Het lange termijn beleid richt zich op een regulier vergunning voor 3 jaar na beëindiging van de RTB. Dan koersen we op 2030. Tegelijk is het verloop van de oorlog zeer onzeker. Wij adviseren na te denken over de verschillende scenario’s met daarin vragen als: o

Wat betekent een vergunning voor 3 jaar? Betekent dit dat de aanpak en maatregelen voor de periode na de vergunning ook na 3 jaar start? Of starten deze al tijdens deze periode zodat de vergunning maximaal 3 jaar is? Want alles voor deze groep in 1 dag is niet realistisch en dus zal fasering nodig zijn. In het laatste geval moeten we al tijdens de transitieperiode aan de gang met maatregelen voor na 3 jaar. We werken de komende jaren dan met meerdere systemen deels naast elkaar (huidige RooO, voorzieningen in transitie en voorzieningen na transitie). Wij hebben grote vraagtekens bij de uitvoerbaarheid hiervan.

o

Wat is de doorkijk na 2030? Wat als de oorlog dan nog duurt? Wat als grote groepen niet terugkeren? We moeten voorkomen dat we dan weer in een situatie komen dat taken niet passen binnen reguliere verantwoordelijkheden en daarmee tijdelijke structuren voortduren. En tijdelijk structureel wordt. Er moet dus een parallel spoor lopen aan de tijdelijke situatie om wel te zorgen dat op termijn de reguliere structuur volstaat.

o

Wat als de oorlog verder escaleert en andere landen aan de grenzen van Rusland worden binnengevallen en nieuwe vluchtelingenstromen op gang komen?

2. Samen de schouders eronder vraagt harde garanties en geen blauwe ogen: Het is duidelijk dat een scenario waarbij 140.000 Oekraïners overkomen uit de RTB / opvang gemeenten naar het COA een grote en op het oog onuitvoerbare opgave is. Al langer werken we in de opvang met het motto “samen de schouders eronder”. En een werkwijze waarbij werkende weg beleid – kaders en uitvoering worden ingevuld. Maar de realiteit is ook dat gemeenten zich in de uitvoering niet in alle gevallen gesteund voelen door het Rijk. Of beter gezegd, aan hun lot overgelaten. De huidige politieke ontwikkelingen dragen daar niet aan bij. Te vaak horen we toezeggingen, termijnen of perspectieven die niet worden gehaald of nagekomen.

Te veel voelt het voor gemeenten of ze er alleen van zijn en staan zij voor de daadwerkelijk problemen in het veld. De fase van vertrouwen en blauwe ogen zijn we helaas voorbij. Samenwerken en een beroep op gezamenlijke verantwoordelijkheid kan en mag, maar kan alleen bestaan bij harde garanties en zekerheden. Niet alleen financieel, maar ook waar het gaat om zaken als beleid – regelingen etc. En niet werkende weg maar in een duidelijk tijdsperspectief met heldere gevolgen als afspraken niet worden nagekomen. Als voorbeeld: het doel is het bestuurlijk afsprakenkader 3.0 op te stellen in het najaar 2025 maar de financiering komt bij de voorjaarsnota 2026. Recent hebben veiligheidsregio’s ervaring opgedaan met een bezuiniging van 10% op de BDuR, goede gesprekken tussen ministerie en veiligheidsberaad, maar uiteindelijk staat de korting nog steeds en is er geen duidelijkheid over compensatie. Wij adviseren dat afspraken en financiering hand in hand gaan, met een besluit op hetzelfde moment. 3. Doelgroep flexibele aanpak en financiering: Er wordt al langer gesproken over doelgroep flexibele huisvesting en financiering. Wij adviseren versneld en desnoods met noodwetgeving in te zetten op een duidelijke arrangement doelgroep flexibele / semi-permanente (langdurig tijdelijke) huisvesting met een passende en meer flexibele financiering.

Zowel voor vluchtelingen, statushouders als andere groepen. Geef voor de invulling ruimte voor maatwerk per gemeente (dus ook flexibiliteit bij verstrekken van vergunningen aan gemeenten) maar een duidelijk doel moet zijn dat:   

Hiermee versneld statushouders worden gehuisvest (en dus plekken in de reguliere opvang vrijkomen). Menswaardige langdurige opvang aan vluchtelingen uit Oekraïne kan worden geboden. Er ruimte is voor lokale vraagstukken om daarmee sentiment in de samenleving te ondervangen en acceptatie voor opvang te vergroten.

4. Zoeken naar de juiste structuren: In relatie tot scenario’s langere termijn adviseren wij te onderzoeken welke structuren passend zijn voor deze opgaven en daarbij zoveel als mogelijk aan te sluiten bij de reguliere structuren. De vraagstukken rond woonopgaven en regelingen matchen niet in alle gevallen met de huidige structuur van samenwerkingsverbanden op de schaal van veiligheidsregio’s die nog gestoeld zijn op de structuur van de crisissituatie. 5. Praktische adviezen: 

Overeenkomstig de asielaanpak: ook voor Oekraïne opvang werken met 1 of meerdere landelijke HUB’s in plaats van per regio. Onder regie van het ministerie van A&M. Voordeel dat veel meer eenduidigheid ontstaat en de IND direct kan worden gekoppeld aan deze HUB’s. Niet iedere regio zit dan met de belasting van piket op een beperkt aantal mensen. Ook voor wat betreft kosten is dit veel efficiënter.

Maak dit bv aantrekkelijk door gemeenten die bereid zijn op hun grondgebied een HUB te huisvesten te minderen op andere opvangopgaven. 

Hetzelfde geldt voor de onhoudbare overlastgevende Oekraïners: zorg voor gespecialiseerde locaties zoals dat voor het COA ook geldt en maak het aantrekkelijk voor bereidwillige gemeenten. Mogelijk door een koppeling met de landelijke HUB’s.

De focus ligt in nu op huisvesting en toekomst, wat logisch is gezien de urgentie. Tegelijkertijd blijven ook andere thema’s, zoals de verhoging van de eigen bijdrage, de positie van derdelanders en de druk op onderwijs en zorg, gemeenten extra belasten en verdienen deze blijvende aandacht.

Met vriendelijke groet, Margreet van Driel

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/1123/documents/33346