CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagenboek Toelichting Bestemmingsplan De Rokerij.pdf

Gemeenteraad GHG 21 januari 2021, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 7: Bestemmingsplan 'De Rokerij' - Raadsvoorstel23.395 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Hardinxveld-Giessendam Bestemmingsplan ‘De Rokerij’ Bijlagenboek toelichting

December 2020

Inhoud Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9: Bijlage 10: Bijlage 11: Bijlage 12: Bijlage 13: Bijlage 14: Bijlage 15: Bijlage 16: Bijlage 17: Bijlage 18: Bijlage 19:

Stedenbouwkundig Programma van Eisen, SpaceValue, 1 mei 2019 Archeologisch onderzoek, Bureau voor Archeologie, 7 april 2015 Akoestisch onderzoek, Voortman Ingenieurs, 20 september 2019 Stikstofberekeningen KuiperCompagnons, 16 november 2020 Ecologische quickscan, Arda, augustus 2018 Nader vleermuisonderzoek, Arda, augustus 2019 Verkeersonderzoek, het Verkeershuis, 8 april 2018 Bodemonderzoek 1, Verhoeven Milieutechniek, 8 mei 2015 Bodemonderzoek 2, Verhoeven Milieutechniek, 3 maart 2015 Waterhuishoudkundig plan, KPM Civiel, 1 december 2020 Herziening ecologische quickscan, Arda, april 2020 Explosievenrapportage, BeoBom, 13 maart 2020 Nota inspraak en vooroverleg voorontwerpbestemmingsplan Bezonningsstudie, van Es architecten, 12 december 2019 Ontwerpbesluit hogere waarden Rokerij, 25 augustus 2020 Actualiserend en nader bodemonderzoek, Grondslag BV, 26 oktober 2020 Aanmeldnotitie m.e.r., KuiperCompagnons, 30 november 2020 Nota van beantwoording zienswijzen Ecologische voortoets, NWC, november 2020

Bijlage 1 Stedenbouwkundig Programma van Eisen, Spacevalue, 1 mei 019

DE ROKERIJ

STEDENBOUWKUNDIG PROGRAMMA VAN EISEN

2

C O LO FO N H e t Ste de nb o u wkun d ig Prog ram m a van Eise n voor D e Ro ke r i j is op g esteld d oor: Sp ac eva l u e B.V. H a a g di j k 39 481 1 T N B re da i nfo@ s pa c eva l u e.n l I n opdra c h t va n:

I n sa m e nwe r k i ng m et:

d ef i n iti ef d. d. 1 mei 2019 t. b.v. va s t s te l l i ng d oor colleg e van B&W

INHOUDSOPGAVE

1. INLEIDING

3

1.1 Inleiding

5

1.2 Doel van het SPvE

5

1.3 Afbakening van het gebied

7

1.4 Ambitie

9

2. PLANBESCHRIJVING 2.1 Concept

11

2.2 Infrastructuur en parkeren

13

2.3 Bouwvelden en programma

15

2.4 Groen en waterbering

17

2.5 Proefverkaveling

19

3. BEELDKWALITEIT 3.1 Streefbeelden architectuur

21

3.2 Streefbeelden openbare ruimte

23

3.3 Borging door supervisie

25

4

Foto h u i di g e b e b ouw in g

1. INLEIDING 1 .1 I N L E I D I N G

1.2 D O E L VA N H E T S PV E

Voor u l i g t h e t Sted en b ouw kun d ig Prog ra mma van Eise n

Het SP vE die nt als kade r voor een n a d ere u it wer k i n g va n d e

voor de o nt wi k ke lin g van De Rokerij in Bove n- Hardinxveld.

o ntwikkeling en he eft al s d oel :

H e t vo o r ne m e n i s d eze b ed rij fslocatie, in lijn me t he t

•

5

he t vastlegge n van de h oofd opzet va n d e on t wi k kel i n g i n

g e me e nte l i j k b e l eid , te tran sform eren tot ee n wo o nge bie d.

bo uwvelden en o pe nba re r u i mte, en h et va s t l eggen va n

De l o c a ti e l i g t a an d e Merwed e op een markante ple k aan

ee n aantal cruciale s ted en b ou wk u n d i ge d eel a s p ec ten ;

d e R i vi e rdi j k e n vorm t een schakel tussen de Me rwe de e n het

•

indicatieve pro ef ve rka vel i n g;

ce n t r u m va n B oven -H ard in xveld . Dit b iedt kanse n vo o r he t re a l i se re n va n e en un iek woon m ilieu.

he t ve rbee lde n van h et p l a n i n d e vor m va n een

•

he t geve n van inzicht i n b en od i gd e a a n p a s s i n gen b u iten he t plangebied;

Bi j de pl a nvo o r b ereid in g heb b en g em eente Hardinxve ld-

•

he t geve n van inzicht i n d e on t s l u iti n gs s t r u c t u u r va n d e lo catie in re latie tot d e a a n s l u iti n g op D e Bu u r t en D e

Gi e s se nda m , B l oklan d Bouw p artn ers, d e gro nde ige naar

Rivierdijk;

e n b e l a ng h e b b e n d en in vorm van een klankbo rdgro e p, n au w sa m e ng ewerkt. De p roj ectg roep heeft e en inte grale

•

he t beschrijven van h et b eoogd won i n gb ou wp rogra mma ;

a n alyse i n b e e l d g eb racht en d e afweg ingen vo o rbe re id die

•

he t in ho ofdlijnen bep a l en va n d e u itga n gs p u n ten voor bee ldkwaliteit;

g e re s u l te e rd h e b b en tot voorlig g en d Stedenbo uwkundig Prog ra m m a va n Eisen (verd er: het SP vE).

•

he t beschrijven van s ta p p en voor verd ere u it wer k i n g va n he t plan do o r midde l va n k wa l iteit s s t u r i n g en s u p er v i s i e.

H e t S P vE b i e dt h et ruim telij k en kwalitatief kade r vo o r d e o nt wi k ke l i ng van d e locatie en d e aansluiting o p de

He t SP vE wo rdt te r vasts tel l i n g voorgel egd a a n h et c ol l ege

omg evi ng. N a e e n in leid in g over d e on twikkeling ( ho ofdstuk

van B & W en te r ke nnisna me a a n d e gemeen tera a d om

1 ) vo l g t de to e ko m stig e ruim telij ke hoofdo pze t ( ho ofdstuk 2) .

ver vo lgens te die ne n als b a s i s voor d e h er zi en i n g va n h et

Ve r vo l g e ns wo rdt d e n ag estreefd e ruim telijke kwalite it e n

be ste mmingsplan.

e e n pro c e s vo o r b org in g d aar van b eschreven ( ho ofdstuk 3) . Parallel hieraan wo rdt h et p rojec t on d er gemeen tel i jke supe r visie nader uitgewer k t. Teven s d i en t h et S P v E als bijlage bij de ante rie u re overeen koms t , d i e t u s sen de geme ente Hardinxve l d - Gi es sen d a m en Bl ok l a n d B o uwpartners zal wo rden op ges tel d .

6

PLAN GE B IE D

P R OJ E CTGE B IE D

STUD IE GE B IE D

St u di e - , pro j e c t- en p lan g eb ied

1 . 3 A F B A K E N I N G VA N H E T G E B I E D 7 I n het S P vE wo rdt on d erscheid g em aakt in drie ge bie den: h e t p l a n g eb i ed Hi e r to e b e h o re n d e g ron d en in eig en d om van B lo kland Bouw pa r t ne r s , d an wel d e g ron d en waar vo o r de on t w i k ke l a a r e e n overeen kom st heeft g esloten met b e t reffe nde e i g en aar b ij start van d e hero ntwikke ling. H e t pl a ng e b i e d volg t d e kad astrale lij n en van de g ronde i g e ndo m men (z ie n even staan d e lu chtfoto) . h e t p ro jec tg eb i ed H e t pro j e c tg e b i ed b etreft het g eb ied waar ingre pen no dig zoud e n k u nne n z ij n ten g evolg e van on twikke ling van het p l an . D it k u nne n ook g ron d en b etreffen die niet in e ige ndo m zi j n va n de i niti atiefn em er. h e t s t u di eg eb i ed H e t pl a ng e b i e d staat in relatie tot een groter, o mliggend st ud i e g e b i e d. Het b etreft het g eb ied d at in me er of minde re ma te i nvl o e d za l on d er vin d en van d e on twikke linge n van de Roker i j. D it o mva t b ij voorb eeld d e won inge n aan de rand van h e t pl a ng e b ied , het in d ustrieterrein ten zuidwesten van he t p l a ng e b i e d e n d e Rivierd ij k aan d e Merwede.

8

M e r wed eb oulevard h u i dig e trekp leisters to e kom stig e trekp leister t ra ns form atieg eb ied b e b o uw in g

A mb iti e

1 .4 A M B I T I E 9 De Ro ke r i j i s e e n un ieke voorm alig e b uite ndijkse lo catie

B e gin 2018 is e r do o r B lok l a n d Bou wp a r t n er s een

d i re c t a a n de r i v ier d e Merwed e en d ichtbij he t centrum

selectie van twee architec ten b u rea u s georga n i seerd . Zi j

van B ove n- Ha rdi n xveld . Mom en teel is he t gebied inge richt

zijn gevraagd hun visie op d e op ga ve te geven . Na a r

a l s b e dr i j fs l o c a ti e. De huid ig e op stallen zijn ve ro uderd en

aanleiding van deze presen ta ti es i s a rc h itec ten b u rea u Va n

(d e e l s ) ni e t m e e r in g eb ruik. Bloklan d Bouwpartne rs he eft

Es gese le cte erd o m de a rc h itec t u u r on d er s u p er v i s i e va n

he t i niti a ti ef g e nom en om d e locatie te transfo rme re n tot

Spacevalue vo rm te geve n . D e k ra c h t i n d e b en a d er i n g va n

e e n a a nt re k ke l i j k woon g eb ied m et een b ijzo nder waterfro nt.

Van Es archite cte n ligt in h et i n s p el en op d e c u l t u u r h i s tor i e

Hi e r b i j di e nt h e t p lan z ich te verhoud en tot de kle inschalige

van de plek, de ( stijl- ) ver wi jzi n g n a a r h et i n d u s t r i ël e

d i j kwo ni ng e n a a n d e Buurt en d e g rotere schaal van de

karakte r van de lo catie e n d e s ter ke rel a ti e met d e r i v i er.

ri v i e r.

De archite ctuur en he t on t wi k kel p l a n zi jn i n h oofd l i jn en same ngevo e gd in he t SP v E.

De o nt wi k ke l i ng van De Rokerij b ied t tevens kansen o m voor l a ng za a mverkeer een verb in d in g te legge n tusse n he t c e nt r u m va n Boven -H ard in xveld en de to eko mstige

Rivierdijk (principe profiel merwede boulevard)

Buitenweistraat

‘Me r we de b o u l eva rd ’. Met het tran sform ere n van de Rivierdijk

De Rokerij

n aar ‘ M e r we de b o ulevard ’ streeft d e g em ee nte e rnaar de toe g a nke l i j k h e i d van d e rivier voor lan g zaamverkee r te ve r b e te re n e n de oevers van d e rivier te activeren. Het 1.50

re a l i se re n va n de ‘Merwed eb oulevard ’ sta at lo s van de

2.00

1.80

1.00

3.25

3.25

1.00

1.80

1.50

7.50

on t w i k ke l i ng va n De Rokerij , m aar in d e plano pze t is we l re ke ni ng g e houd en m et het b en od ig de ruimtebe slag

NAP

hi e r vo o r.

NAP

+6.00

+6.00

1:3 NAP

talud

berm

fietspad

berm

rijbaan

rijbaan

berm

fietspad

voetpad

berm

bestaand talud

+3.50

to e ko ms ti g p r i n c i p ep rof i el M er wed eb ou l eva rd

titel: 'De Rokerij'

Principe profiel Rivierdijk opdrachtgever: Blokland Bouwpartners

formaat: A3 schaal: 1:100 datum: 01-11-2018

SPACEVALUE

ADVIES EN ONTWERP IN GEBIEDSONTWIKKELING

10

M e r wed eb oulevard g ro e n e verb lij fsg eb ied en b e b o uw in g

Con c e pt

2. PLANBESCHRIJVING 2 .1 C O N C E P T 11 H e t pl a ng e b i e d tran sform eert n aar een o pe nbaar toe g a nke l i j k wo on g eb ied m et g oed e (langzaamverkee r) ve r b i ndi ng e n m et d e d irecte om g evin g. En vo rmt ee n a a n tre k ke l i j ke sc hakel tussen het d orp scentrum en de M e rwe de. Bi n n e n h e t pl a ng eb ied is een d ried elin g in wo o nmilie us te on d e r sc h e i de n. Aan het waterfron t staan lo sse bo uwvo lume s me t a ppa r te m e nten m et weid s uitz icht ove r de Merwede. Ce n tra a l i n h e t plan g eb ied is een alz ij d ig bo uwblo k me t g rondg e b o nde n won in g en voorz ien . En aansluitend o p De Bu u r t z i j n g ron d g eb on d en won in g en i n ee n lo sse re ve r ka ve l i ng vo o rz ien . Hierm ee on tstaat een o pbo uw in vol u m e s e n di c h theid van het d ij klin t van De Buurt naar de ri v i e r. De vo o rg e s te l de opzet b ied t ruim te voor zichtlijne n van u it D e Bu u r t en het p lan g eb ied richting de rivier e n h e t re a l i se re n van lan g zaamverkeersro utes e n wate r b e rg i ng s m o g elij khed en . De o nt s l u iti ng va n het p lan g eb ied is voorzie n vanaf de Ri v i e rdi j k a a n de westz ij d e van het p lan gebied e n ko mt ce n t ra a l h e t pl a ng eb ied b in n en . De aan sluiting is gesituee rd i n he t m i dde n van d e twee b ochten , zod at e r maximaal zi c ht i s.

A l l e wo n in g en in het p lan g eb ied o ntsluite n o p d it p u nt. O p deze p lek is ruim te g ereser ve erd vo o r gro e n e n wa te r b e rg i ng , om d e aan sluitin g op de ho ge r gelege n Ri v i e rdi j k l a ndsc hap p elij k in te kun n en passen.

12

pl a ngren s M e r wed eb oulevard h o ofd on tsluitin g é é nr i chtin g sverkeer

I nfra s t r u c t u u r e n p arkeren

2 . 2 I N F R A S T RU C T U U R E N PA R K E R E N 13 H e t pl a ng e b i e d word t on tsloten van af d e Rivierdijk. Vanaf

Het aantal beno digde pa r keer p l a a t sen i s gerel a teerd

d it p u nt l o o pt de weg via een hellin g b aa n tot aan het

aan het aantal wo ninge n en d e won i n gt y p ol ogi e. Het

n i e u we m a a i ve l dp eil. De te overb rug g en ho o gte is circa 2,5

G e mee ntelijk Ve rke ers- e n Ver voer s p l a n ga a t u it va n d e

m. O m da t de h e llin g b an en ook voor fietse rs en vo etgange rs

maximale parke erno rm (wei n i g s ted el i jk , res t b eb ou wd e

g e sc h i k t m o e te n z ij n , is d e hellin g m aximaal 1:20.

ko m) co nfo rm de CROW p u b l i c a ti e 3 1 7.

I n d e u it we r k i ng van d e p lan n en zal on d erzo cht wo rde n of

Co ncre et ge lde n o nde rsta a n d e n or men voor D e Roker i j:

d e h e l l i ng b a a n via d e z uid z ij d e (lan g s d e apparteme nten) ,

vrijstaande wo ning ( ko o p)

v i a d e no o rdz i j de (lan g s d e twee-on d er-é én- kap wo ningen)

twe e- o nde r- éé n- kap wo n i n g ( koop) 2 ,6 p. p. p er won i n g

of v i a b e i de z i j den het p lan g eb ied b in n enko mt. In de

rijwo ning ( ko o p)

2 ,4 p. p. p er won i n g

p roef ve r ka ve l i ng is reken in g g ehoud en me t he t ruimtebe slag

apparte mente n ( ko o p)

2 ,5 p. p. p er a p p a r temen t

2 ,7 p. p. p er won i n g

van a l l e o pti e s. Vo o r parke re n o p eigen ter rei n gel d t : Van af D e Bu u r t is er en kel een één richtingsaansluiting het

•

wo ning, te lt me e als 1 ,5 p l a a t s ;

p l an g e b i e d i n. Daarn aast is er reken in g ge ho uden met de mog e l i j k h e i d tot het realiseren van extra parke erplaatsen hi e r vo o r o mwo nen d en . Ter on tlastin g van de parke erdruk

2 plaatse n achte r elka a r b i j een t wee- on d er - één - ka p

•

2 plaatse n achte r elka a r b i j een v r i js ta a n d e won i n g, tel t mee als 1,5 plaats.

op D e Bu u r t. D e verwachtin g is b oven d ie n dat me t deze opze t de ve r ke e rsd ruk op het tweed e d ee l van De Buurt zal

Uitgangspunt bij de appa r temen ten i s om mi n i ma a l

afn e m e n.

2 parkee rplaatse n pe r ap p a r temen t i n d e geb ou wd e parkee r vo o rziening te re a l i seren . O p b a s i s va n d e

Omd a t h e t wo o ng eb ied een 30 km /u reg ime krijgt, is he t

pro ef verkave ling kan ge c on c l u d eerd word en d a t h et p l a n

n i e t no o dza ke l i j k vrij lig g en d e voet- en /of fietspade n aan

vo ldo e nde ruimte biedt voor h et b en od i gd e p a r keren .

te l e g g e n. Pa r keren is alleen toeg estaan o p e ige n terrein (p ri vé ka ve l of g eb ouwd e p arkeer voorz iening o nder de a p p a r te m e nte n) of in d e p arkeer vakken . In bo uwve ld II zijn d e p a r ke e r pl a a t sen aan d e b in n en z ij d e van he t bo uwblo k voor z i e n. O p deze m an ier word t het p arkeren aan het zicht on t tro k ke n e n o ntstaan m og elij khed en om de bestaande p e rc e l e n a a n D e Buurt een achterin g an g te geve n.

14

BO UWV ELD III

B OUW V E L D II

B OUW V E L D I

Bouw ve l de n

2 . 3 BO U W V E L D E N E N P RO G R A M M A 15 H e t pro g ra m m a voor De Rokerij b estaat uit maximaal 60

B o uwve ld II biedt ruimte a a n gron d geb on d en een gezi n s -

won i ng e n, wa a r van d e helft g ron d g eb on de n is en de helft

wo ninge n. De wo ninge n word en zo ges it u eerd d a t er een

g e sta pe l d. D e va riatie in won in g ty p en en - catego rie ën

alzijdig bo uwblo k o ntsta a t. Een rob u u s t vol u me refereren d

ma a k t D e Ro ke r i j tot een aan trekkelij k wo o nge bie d vo o r

aan de cultuurhisto rie va n d e p l ek en h et i n d u s t r i ël e

ve r sc h i l l e nde do elg roep en .

karakte r van de lo catie. I n d e u it wer k i n gs fa se v ra a gt h et o ntwe rp van de overgan gen va n zi j- en a c h ter t u i n en n a a r

H e t pl a ng e b i e d b estaat uit d rie b ouw velde n. Aan de

he t o pe nbaar ge bie d hier ext ra a a n d a c h t.

Ri v i e rdi j k b i e dt b ouw veld I ruim te aan d rie lo sstaande a p p a r te m e nte ngeb ouwen . Deze variëren in ho o gte van

De wo ningen in dit bo uwb l ok h eb b en een kor te ver h a rd e

v i e r tot m a x i m a al zes b ouw lag en ten opzichte van de

vo o rtuin/sto ep e n parkeren a a n d e b i n n en zi jd e va n h et

Ri v i e rdi j k. D e a p p artem en ten g eb ouwen hebbe n hun e ntree

bo uwblo k. De bo uwho o gte va n d e won i n gen i s ma xi ma a l 2

op m a a i ve l d i n het p lan g eb ied en staan o p e en gebo uwde

bo uwlagen met kap.

p ar ke e r vo o r z i e ni n g. Per b ouw laag word e n e r twe e tot d r i e a ppa r te m e n ten g erealiseerd . Hierd oo r he bben alle

B o uwve ld III biedt ruimte a a n gron d geb on d en won i n gen

a p p a r te m e nte n u itz icht op d e Merwed e.

in ee n lo sse ve rkaveling ( v r i js ta a n d e, t wee- on d er - één -

Omd a t de g e l u i dsb elastin g van d e Rivierdijk e n het

kap of leve nslo o pbestend i ge won i n gen) . D e won i n gen

n aas tg e l e g e n b e d rij ven terrein van invloe d is o p de

zijn geo rië ntee rd o p de o p en b a re weg en s l u iten met d e

p ositi o ne r i ng e n hoog te van d e ap p artemente nge bo uwen,

achtertuine n aan o p de b es ta a n d e a c h ter t u i n en en d e

zal in de u it we r kin g het on twerp van d e archite ct vro egtijdig

wate rberging die glo baa l i s voor zi en a c h ter h et p a n d D e

g e to e t s t m o e te n word en .

Buurt 12. De bo uwho o gte va n d eze won i n gen i s ma xi ma a l 2 bo uwlagen met kap.

De g e b o u wde parkeer voorz ien in g on d er de apparte mente ng e b o u we n vra a g t om lan d schap p elij ke inpassing. Dit kan

De rij- en ho ekwo ningen zi jn op geb ou wd u it ver sc h i l l en d e

b e re i k t wo rde n d oor het talud van d e d ijk aan te laten

prijscatego rie ën, van go ed koop tot mi d d el d u u r. Twee- on d er -

sl uite n o p h e t da k van d e p arkeer voorz iening. Do o r se dum

éé n- kap en vrijstaande won i n gen l i ggen i n d e p r i jsc a tegor i e

toe te pa s se n a l s d akb ed ekkin g , on tstaat e en gro en

duur. De apparte mente n va r i ëren va n mi d d el d u u r tot d u u r.

ta p i j t t u s se n de g eb ouwen d oor. Aan d e zijde van de g rondg e b o nde n won in g en kan d oor m id del van ee n gro e n ta l ud e n/of b e pl an tin g d e p arkeer voorz ie ning wo rden i n ge pa s t.

16

Groe n e n wa te r berg in g

2 .4 G RO E N E N WAT E R B E RG I N G 17 H e t pro j e c tg e b i ed ken t in d e huid ig e situatie ve el

De heme lwater ( hwa) e n v u i lwa ter / d roogweeraf voer (d wa )

hoog teve r sc h i l l en . Aan d e n oord z ij d e b evindt zich de

syste men mo e te n vo ldo e n a a n d e ei sen d i e h et wa ter sc h a p

b e b o u wde di j k va n De Buurt (NAP +5,0 m) . De zuidzijde van

en de ge mee nte daaraan s tel l en . D e b el a n gr i jk s te

d e l o c a ti e s l u it aan op d e Rivierd ij k (NAP +6,0 m) . He t dee l

randvo o rwaarden vo o r h et hwa - sys teem zi jn : vol d oen d e

me t de b e dr i j fs b eb ouw in g lig t lag er (NAP +3,0 m) , eve nals

bergingscapaciteit o m te voor komen d a t h et p rob l eem va n

d e t u i n a a n de westz ij d e (NAP +2,0 m).

wate ro pvang afgewente l d word t op een a n d er geb i ed en h et syste em mo et zo function eren d a t n i ema n d i n h et geh el e

Op b a s i s va n i nmetin g en van d e huid ig e maaiveldho o gte

gebied, bestaand e n nie u w, over l a s t va n h emelwa ter ga a t

e n d e h o o g te va n d e achtertuin en van d e wo ningen

o nder vinde n.

a a n D e Bu u r t , i s b esloten het n ieuwe m aa ive ld o p éé n on t we r ph o o g te a an te leg g en . De on twer pho o gte ligt

De maximale af vo er van wa ter u it h et wa ter h u i s h ou d k u n d i ge

ron d NA P +3,75 m. Hierm ee sluit het p lange bie d nage no eg

gebied mag nie t mee r zi jn d a n 1 ,5 l /s/ h a ( l a n d el i jke

ove ra l a a n o p de b estaan d e hoog tes van de achtertuine n.

af vo e rno rm) en er mo et vol d oen d e b ergi n g zi jn b i j ext remere

H e t h o o g teve r schil tussen het m aaiveld en de kruin van de

o mstandighe den. Er wo rd t gereken d met t wee on t wer p b u i en .

Ri v i e rdi j k wo rdt op g evan g en d oor m id d el van e en gebo uwde

Vo o r deze lo catie is de o n t wer p b u i T=1 0 0 +1 0 % - n eer s l a g

p ar ke e r vo o r z i e ni n g , waar d e ap p artem ente nge bo uwen

maatgevend. Hie rbij is een p ei l s ti jgi n g toeges ta a n tot

b ove no p ko m e n te staan . O p d eze m an ier kijke n alle

laagste putdekse lho o gte op wi jk n i vea u . D e v u i s t regel i s : 6 6 4

a p p a r te m e nte n u it over d e Merwed e. Aan de no o rdzijde van

m 3 berging per ha ve rha rd op p er v l a k.

he t p l a ng e b i e d e n cen traal b ij d e en tree vanaf de Rivie rdijk zi j n wa di ’ s vo o r z ien . Deze lig g en lag er en dienen vo o r het

Teve ns dient bij de ( he r) i n r i c h ti n g va n h et p l a n geb i ed ten

opva ng e n va n h em elwater. Als het n iet regent, staan de

beho eve van de wate rhu i s h ou d i n g reken i n g te word en

wad i ’ s dro o g.

geho ude n me t de be sche r mi n gs zon e va n d e wa ter ker i n g. Hie r vo o r zijn de le gger voor sc h r i ften ( voor d e d i jk ) va n h et

Om wa te rove r l a s t in het n ieuwe woon g ebied e n

wate rschap van to e passi n g.

d e a a ng re nze nde p ercelen te voorkom en die nt het k l i ma a t b e s te ndi g te word en in g ericht. Vo o r de inrichting van

Op basis van deze uitga n gs p u n ten i s d e p roef ver ka vel i n g

he t wa te r sys te e m is d e lij n ‘vasthoud en -bergen- af vo e re n’

glo baal do o rgerekend te n a a n zi en va n d e wa terop ga ve.

he t ve r t re k pu nt , d oor:

De verwachting is dat de wa terop ga ve vol l ed i g b i n n en h et

•

g e b i e dse i g e n (n eerslag )water zo lan g mo gelijk vast te

plangebied o pgelo st kan word en . I n d e b ereken i n g i s n og

h o u de n;

gee n rekening geho ude n met mogel i jke p os iti eve ef fec ten

ne e r s l a g wa te r zoveel m og elij k in het eigen gebied te

van bijvo o rbee ld het rea l i seren va n een groen d a k op d e

b e rg e n;

gebo uwde parkee r vo o rzi en i n g en /of h et toep a s sen va n

h e m e lwa te r vertraag d af te voeren .

half verharding.

• •

18

Proef ve r ka ve l i ng d .d . 3 1 oktob er ‘18

2 . 5 P RO E F V E R K AV E L I N G 19 Ge b a se e rd o p h e t SP vE word t het p lan vo o r De Ro kerij n ad e r u itg ewe r k t tot een d efin itief sted enbo uwkundig plan e n ee n i nr i c h ti ng sp lan voor d e b uiten ruimte. Aan de hand van h e t vo o r z i e ne p rog ram m a is een p roef verkave ling op ge s te l d. D eze is op n even staan d e p ag ina afge bee ld. Aa n deze te ke ni ng kun n en g een rechten wo rden o ntle end. Za ken a l s de exa cte p osition erin g en m aatvo ering van de on t s l u iti ng , ve rd elin g van won in g ty p en en parke erplaatsen, e tc. l i g g e n no g n iet vast.

20

I n spi ra ti e b e e l de n architectuur

3. BEELDKWALITEIT 3.1 S T R E E F B E E L D E N A RC H I T EC T U U R 21 Ge st re efd wo rdt n aar een herken b are, eenduidige p roj e c ti de ntite it waarb ij relatie g eleg d wo rdt met het hi sto r i sc h ve r l e den als b uiten d ij kse werf. H e t pl a n ke nt g rotere en klein e volum es die kunnen refe re re n a a n de in d ustriële (historische) have narchite ctuur. Deze a rc h ite c t u ur ken m erkt z ich d oor een ro buuste, d oe l m a ti g e e n eenvoud ig e vorm g evin g. Rijkheid in he t me t se lwe r k e n a rchitectuurg ram m atica zo rgt er vo o r dat he t p l a n e e n m en selij ke schaal krij g t. H oewel bakste en he t me e s t g e b r u i k te m ateriaal is, kun n en hout, metaal e n glas a l s o nde r s te u ne n d e m aterialen voorkom en. Door g e b r u i k te m aken van een b ep erkt kle ure nspe ctrum e n m a te r i a a l ke u ze on tstaat er sam en hang tusse n de g rondg e b o nde n won in g en en d e ap p arteme ntengebo uwe n. De a rc h ite c t u u r van het p lan d ien t in sterke afste mming t usse n de ve r sc hillen d e on d erd elen on two rpe n te wo rden, waar b i j de vo o r z ien e id en titeit d oorg evoerd wo rdt tot in d e ta i l s.

22

I n spi ra ti e b e e l de n in richtin g b uiten ruim te

3. 2 S T R E E F B E E L D E N O P E N B A R E RU I M T E 23 H e t va nu it de h i s torie rob uuste, n autisch e karakter van he t g e b i e d wo rdt vertaald in d e sfeer van de o pe nbare rui m te. D e a rc h itectuur en b uiten ruim te wo rden in nauwe samenh a ng m e t elkaar on tworp en . De sc h a a l e n m a at van d e op en b are ruimte vo elt alsof he t g e m a a k t i s voor d e in d ustie. O ud e relikwieë n, zo als b i j vo o r b e e l d e e n scheep shellin g of lier, verwijze n naar he t hi sto r i sc h g e b r u ik van De Rokerij. Door extensief o nde rho ud g roe i e n g e b i e dse ig en b om en , heester en blo e mrijke g ra s l a nde n t u s se n d e b estratin g , d e oud e re likwie ën en i n r i c h ti ng se l e m e n ten d oor. De cen trale gro ene ruimte met wad i b i e dt teve n s ruim te aan houten sp e elaanleidingen. Door g rof fe ve r hard in g sm aterialen (zoals ge bo rsteld b e to n, s te l c o npl a ten , asfalt) te com b in eren met e l e m e nte nve r h a rd in g (zoals kin d erkop j es, gebakken k l i n ke r s of h o u t ) on tstaat een rob uuste o penbare ruimte me t ve r b l i j fs k wa liteit. Min d er in ten sief g ebruikte pade n e n p ar ke e r va k ke n k un n en voorz ien word en van half verharding.

24

Foto h u i di g e b e b ouw in g p lan g eb ied

3. 3 BO RG I N G D O O R S U P E RV I S I E 25 Door m i dde l va n g em een telij ke sup er visie wo rdt de

•

Er varing lee rt dat ee n geb i ed son t wi k kel i n g zoa l s

uite i nde l i j ke r u i m telij ke kwaliteit ( in d e ontwe rpfase e n de

De Ro ke rij nie t altijd ver l oopt zoa l s gep l a n d . S oms

re a l i sa ti e) g ewa a rb org d . Dat w il zeg g en dat de to e ko mstige

o ntstaan er nie uwe inzi c h ten of zi jn er op d eta i l n i vea u

on t we r pe n i n afstem m in g word en op g este ld, via de lijn

beslissinge n die ge no men moeten word en d oor

van de g e no e m de streefb eeld en en aan dachtspunten.

uitvo e rde rs van plann en d i e ra ken a a n r u i mtel i jke

Deze k wa l ite it s b org in g word t con creet uitgewe rkt in

kwalite it. Vo o r de rge l i jke s it u a ti es word en v i a h et over l eg

e e n i nte ra c ti ef p roces van (d y n am ische) bee ldregie via

bee ldregie praktische op l os s i n gen voorges tel d ;

sup e r vi s i e. D it ‘overleg b eeld reg ie’ word t gevo erd do o r e e n vo o r z it te r (coörd in eren d am bten aar / pro jectleider)

•

Vele be tro kke ne n zijn geï n teres seerd i n d e c on c rete

e n d e g e m e e nte lij k sted en b ouw kun d ig e / supe r viso r.

o ntwikkeling van (de el - ) p rojec ten en d e p l a n n en d i en en

Van u it de i niti a tiefn em er sluit d e uitvoerend architect e n

daaro m re gelmatig a a n ver sc h i l l en d e p a r ti jen te word en

on t w i k ke l i ng s m a n ag er aan b ij het overleg. Do e l van het

geprese ntee rd. Omda t er va n u it h et over l eg b eel d regi e

ove r l e g b e e l dre g ie is d rieled ig:

ee n co mple et e n actu eel i n zi c h t i s i n d e p l a nvor mi n g, wo rde n van hie ruit o ok ( voor tga n gs - ) p resen ta ti es (a a n

•

He t ove r l e g s tim uleert (ad viseurs van) initiatiefne mer o m

de ge mee nteraad, o mwon en d en , ei n d geb r u i ker s , etc . )

i de e ë n a a n te scherp en en con sequente o ntwe rpstappe n

ve rzo rgd.

te m a ke n. Teven s word t p erm an en t g emo nito rd of h e t o nt we r p vold oet aan d e kad ers (zo als beno e md i n h e t S P vE en het b estem m in g sp lan) en of er ge en te g e ns t r i j di g h ed en on tstaan m et an d e re ( beleids- ) ka de r s ;

Bijlage 2 Archeologisch onderzoek, Bureau voor Archeologie, 7 april 2015

Bureau voor Archeologie Rapport 155 De Buurt 30, Boven-Hardinxveld, gemeente Hardinxveld-Giessendam: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen

2

Colofon titel:

Bureau voor Archeologie Rapport 155. De Buurt 30, BovenHardinxveld, gemeente Hardinxveld-Giessendam: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen

auteur(s):

D.L. de Ruiter (KNA prospector)

autorisatie:

A. de Boer (KNA senior prospector)

datum:

7 april 2015

ISSN:

2214-6687

© Bureau voor Archeologie Koningsweg 244 Utrecht T 030 245 18 95 E info@bureauvoorarcheologie I https://www.bureauvoorarcheologie.nl

Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

3

Administratieve gegevens Projectnummer

2015021601

Provincie

Zuid-Holland

Gemeente

Hardinxveld-Giessendam

Plaats

Boven-Hardinxveld

Toponiem

De Buurt 30

Centrum locatie (RD)

120.296 / 425.928

Omvang plangebied

1,6 ha

Kadastrale gegevens

Hardinxveld-Giessendam, sectie C, perceel 4646, 4657 en 4659

ARCHIS onderzoeksmeldingsnummer

65.610

Soort onderzoek

een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen

Opdrachtgever

H. van der Donk Verhoeven Milieutechniek

Uitvoerder

Bureau voor Archeologie

Kaartblad

38G

Periode van uitvoering

maart 2015

Bevoegd gezag

Gemeente Hardinxveld-Giessendam

Beheerder en plaats van documentatie

Bureau voor Archeologie, Koningsweg 244, Utrecht

Figuur 1: Ligging van het plangebied.

Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

4

Inhoudsopgave 1 2

3

4 5 6

Samenvatting...............................................................................................5 Inleiding.......................................................................................................6 1.1 Doelstelling en vraagstelling..................................................................7 Bureauonderzoek........................................................................................9 2.1 Methode.................................................................................................9 2.2 Huidige situatie en beoogde ingreep......................................................9 2.3 Aardkunde..............................................................................................9 2.4 Bewoning en historische situatie..........................................................11 2.5 Bekende Waarden...............................................................................12 2.6 Gespecificeerde verwachting...............................................................14 Booronderzoek..........................................................................................16 3.1 Methode...............................................................................................16 3.2 Resultaten............................................................................................16 3.3

Interpretatie..........................................................................................18 Conclusie...................................................................................................19 Advies........................................................................................................21 Literatuur...................................................................................................22 Figuren......................................................................................................23 Bijlage 1: Boorbeschrijvingen archeologisch onderzoek............................31 Bijlage 2: Boorplan milieuonderzoek..........................................................34 Bijlage 3: Boorbeschrijvingen milieuonderzoek..........................................35

Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

5

Samenvatting Bureau voor Archeologie heeft een archeologisch bureau- en booronderzoek uitgevoerd voor de voorziene herontwikkeling van locatie De Buurt 30 te BovenHardinxveld, waarbij nieuwbouw van woningen is voorzien. Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA, protocollen 4002 en 4003. In het kader van het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd, om te komen tot een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied ligt in de uiterwaarden van de Merwede, een rivier die zijn oorsprong kent in de Romeinse tijd. Langs deze rivier zijn oevers ontstaan, die relatief hoger lagen en daarmee bewoonbaar waren voor samenlevingen in de Romeinse Tijd en de Middeleeuwen. De Merwede heeft echter wel onder invloed van sterke erosie gestaan, met name tijdens de Late Middeleeuwen. In het zuidwestelijk van het plangebied is geen bebouwing aanwezig op historische kaarten. In het noordwesten is op deze kaarten wel bebouwing aanwezig, dat zich concentreerde rond de (oude) rivierdijk. Het archeologisch relevante niveau wordt gevormd door de top van eventuele oeverafzettingen en/of top van de uiterwaardafzettingen van de Merwede stroomrug.

In de top van de oeverafzettingen kunnen sporen van bodemvorming en rijping aanwezig zijn, die indicatief zijn voor zowel de verwachte aanwezigheid van archeologische resten. Op grond van eerder uitgevoerd onderzoek en de hoogtekaart is het plangebied opgehoogd. Het archeologisch niveau bevindt zich derhalve op ca. 1,7 tot 4,0 meter onder maaiveld. In het plangebied zijn acht boringen gezet tot maximaal 400 cm – mv. Bovendien heeft gelijktijdig milieukundig onderzoek plaatsgevonden. De milieukundige boringen zijn gebruikt ter indicatie en aanvulling. Uit het booronderzoek blijkt dat plangebied ca. 1,80 tot 3,0 meter is opgehoogd met een heterogeen pakket bestaande uit een afwisseling van zwak tot sterk zandige klei (met bijmengingen aan puin en baksteen) en matig grof zand. Onder dit pakket is slappe, sterk siltige klei aangetroffen met plantenresten en schelpfragmenten. Het betreft waarschijnlijk uiterwaardafzettingen. Er zijn geen aanwijzingen voor archeologische waarden in het plangebied. Het gebied was mogelijk te nat en laaggelegen voor bebouwing en/of een oorspronkelijke bodemprofiel is opgenomen in het opgebrachte pakket, waarbij eventueel aanwezige behoudenswaardige archeologische resten zijn verstoord geraakt dan wel vernietigd. Bureau voor Archeologie adviseert daarom het gehele plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling.

Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

6

1

Inleiding Bureau voor Archeologie heeft een archeologisch bureau- en booronderzoek uitgevoerd voor de voorziene herontwikkeling van locatie De Buurt 30 te BovenHardinxveld, waarbij nieuwbouw van woningen is voorzien. De diepte van de bodemingrepen is vooralsnog onbekend.

Figuur 2: Situatietekening van het plangebied.

Het archeologiebeleid van de gemeente Hardinxveld-Giessendam inzake het plangebied staat verwoord in het bestemmingsplan 'Boven-Hardinxveld' en is gebaseerd op de ‘Beleidsnota archeologie aan de samenwerkende gemeenten

Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

7 van de Alblasserwaard-Vijfheerenlanden1 en de 'Archeologische verwachtingsen beleidsadvieskaart Gemeente Hardinxveld-Giessendam'2 (zie fig. 16). Het westelijk deel van het plangebied heeft een dubbelbestemming Waarde Archeologische verwachting 8 en valt op de verwachtings- en beleidsadvieskaart binnen een zone met een middelmatige archeologische verwachting. Hiervoor geldt een onderzoeksverplichting bij een verstoringsdiepte van meer dan 30 cm en een verstoringsoppervlakte van meer dan 500 m2. Het oostelijk deel van het plangebied heeft een dubbelbestemming Waarde Archeologische verwachting 2 valt binnen een zone met een middelmatige archeologische verwachting voor de periode Late Middeleeuwen - Nieuwe Tijd. Hiervoor geldt een onderzoeksverplichting bij een verstoringsdiepte van meer dan 30 cm en een verstoringsoppervlakte van meer dan 100 m2. Het plangebied heeft een oppervlak van ca. 1,6 ha (zie fig. 2). Alhoewel de diepte van de bodemingrepen vooralsnog onbekend is, is het waarschijnlijk dat deze de 30 cm overschrijdt. Daarom geldt voor het gebied de verplichting om een onderzoek op de locatie uit te voeren.

1.1

Doelstelling en vraagstelling Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting. Het doel van het veldonderzoek is het controleren en verfijnen van de archeologische verwachting zodat een beslissing genomen kan worden over hoe met eventuele archeologische waarden rekening moet worden gehouden bij de voorgenomen werkzaamheden. Het veldonderzoek is uitgevoerd als booronderzoek (IVO – O) had de verkennende vorm. Met het verkennende veldonderzoek wordt inzicht verkregen in de vormeenheden van het landschap, voor zover deze van invloed zijn op de locatiekeuze in het verleden. Hiermee kunnen kansarme zones worden uitgesloten en kansrijke zones worden geselecteerd. Tijdens een karterend veldonderzoek wordt het terrein systematisch onderzocht op de aanwezigheid van vondsten en sporen.

De volgende onderzoeksvragen zijn in dit onderzoek gebruikt: • Waaruit bestaan de voorgenomen bodemingrepen? • Wat is de landschappelijke ligging van het plangebied in termen van geomorfologie, geologie en bodemkunde? • Is sprake van een natuurlijke (intacte) bodemopbouw of is deze (deels) verstoord? Indien sprake is van verstoringen, wat is de diepte en omvang van de verstoring? • Zijn er (aanwijzingen voor) archeologische waarden in het plangebied aanwezig, en zo ja, wat is naar verwachting de omvang, ligging, aard en datering hiervan? • Indien er (mogelijk) archeologische waarden aanwezig zijn: • Worden deze archeologische waarden verstoord door de voorgenomen bodemingrepen? Zo ja, op welke wijze? 1 (Gemeente Hardinxveld-Giessendam 2010) 2 (Boshoven et al. 2009) Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

8 • Welke maatregelen kunnen worden genomen om voldoende rekening te houden met deze archeologische waarden?

Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

9

2

Bureauonderzoek

2.1

Methode Het bureauonderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA 3.3, protocol 4002.3 In het kader van het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd, om te komen tot een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied. Eerst wordt het plan- en onderzoeksgebied vastgesteld en wordt het onderzoek gemeld bij ARCHIS. Daarna wordt achtereenvolgens de aardkundige, archeologische en historische context van het te onderzoeken gebied bestudeerd. Deze gegevens leiden tot het opstellen van een gespecificeerde verwachting. In de gespecificeerde verwachting worden de mogelijk aanwezige archeologische waarden beschreven in termen van onder meer de diepteligging, omvang, ouderdom en conservering. Genoemde stappen leidden tot onderhavig rapport en het openbaar maken van de resultaten bij Archis en het e-Depot voor de Nederlandse Archeologie.4 In de hierna volgende hoofdstukken worden de belangrijkste onderzoeksgegevens gepresenteerd.

2.2

Huidige situatie en beoogde ingreep De locatie ligt aan De Buurt 30 te Hardinxveld-Giessendam. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van ca. 1,6 ha. Het plangebied betref een voormalige scheepswerf en is tegenwoordig grotendeels in gebruik voor opslag van houtbewerkingsmachines. Een gedeelte is in gebruik als groenvoorziening. Tevens zijn enkele watergangen aanwezig. De onderzoekslocatie is verhard middels beton-, stelcon- en asfaltverhardingen. Daarnaast is op een gedeelte van het terrein een puinverharding aanwezig. Het noordoostelijk deel van de onderzoekslocatie is grotendeels verhard met een klinkerverharding. Onder de verhardingen is hoogstwaarschijnlijk overal een puinfundatie/-stabilisatielaag aanwezig. De beoogde ingreep bestaat uit de voorgenomen herontwikkeling (nieuwbouw woningen) en mogelijke verkoop van de locatie. Tijdens de herontwikkeling van de onderzoekslocatie zal de groenvoorziening vermoedelijk ongewijzigd blijven.

2.3

Aardkunde Het onderzoeksgebied maakt deel uit van het westelijke rivierengebied, ook wel aangeduid als het perimariene gebied.5 Het perimariene gebied ligt ongeveer ten westen van de lijn Utrecht - Den Bosch. In dit gebied komen met name rivierafzettingen voor, maar de sedimentatie stond sterk onder invloed van zeespiegelbewegingen. Er zijn relatief smalle stroomgordels aanwezig en uitgestrekte kommen met dikke veenpakketten. Het plangebied ligt tegen de rand aan van het westelijke veengebied en het zuidwestelijke mariene gebied. In het Pleistoceen (ca. 2,6 miljoen tot 10.000 jaar geleden) hebben vlechtende rivieren, en in bepaalde perioden ook meanderende rivieren, dikke pakketten 3 (SIKB 2010) 4 (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Data Archiving and Networking Services) 5 (Berendsen 2008) Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

10 grind en zand afgezet. De pleistocene rivierafzettingen liggen in het westelijke rivierengebied op grote diepte. Het betreft de Formatie van Kreftenheye.6 Op enkele plekken is tijdens de zeer koude perioden in het Weichselien rivierzand vanuit de beddingen opgewaaid en afgezet in de vorm van rivierduinen die wel vijftien meter hoog konden reiken. Een beperkt aantal hiervan steekt in het westelijke rivierengebied boven de later gevormde klei- en veendekken uit (de zogeheten donken), met name in de Alblasserwaard. In het Holoceen (vanaf 10.000 jaar voor heden) waren licht meanderende en anastomoserende rivieren actief in dit gebied. Perioden van sterke rivieractiviteit wisselden af met perioden van overheersende veengroei, waarbij grote veenmoerassen ontstonden. In en langs de rivierlopen werd zandig materiaal afgezet en op grotere afstand van de rivier werden kleien en sterk organische lagen gevormd in de moerassige komgebieden. In het onderzoeksgebied werd mede onder invloed van de rivieren bosveen gevormd. De holocene rivierafzettingen behoren tot de Formatie van Echteld en het veenpakket wordt gerekend tot het Hollandveen Laagpakket, onderdeel van de Formatie van Nieuwkoop. Diverse rivierlopen zijn na verloop van tijd als rug in het landschap komen te liggen doordat de omliggende veengronden zijn ingeklonken (reliëfinversie). Op de geologische kaart7 (fig.

4) staat het plangebied aangegeven als behorende tot de Formatie van Echteld, opgebouwd uit rivierzand en -grind met dun kleidek. De omgeving van het plangebied heeft voornamelijk onder directe invloed gestaan van de Merwede stroomrug.8 De Merwede (stroomrug) is actief geworden tussen 100 en 50 v. Chr. als kleine getijdenrivier. Het traject van de rivier waar het plangebied langs ligt, is waarschijnlijk pas in de Vroege Middeleeuwen ontstaan en in verbinding komen te staan met de Noord als gevolg door een bovenstroomse verbinding met de Waal. In die tijd is de Merwede aanzienlijk verbreed, waarbij hoofdzakelijk aan weerszijden klei is geërodeerd.9 De rivier is nog steeds watervoerend en is rond 1200 na Chr. bedijkt. De breedte van de rivier en de eroderende werking heeft ertoe geleid dat er geen sprake is van duidelijke, goed ontwikkelde kronkelwaarden en oeverafzettingen. Op de geomorfologische kaart10 (fig. 5) is het gebied vanwege de aanwezige bebouwing niet gekarteerd. Ten noorden van het gebied is echter een rivierkomvlakte aanwezig (1M23). Door de ligging van het plangebied tussen een rivierkom en de riviergeul kunnen oeverafzettingen aanwezig zijn. Door het ontstaan en verbreden van de Merwede in de loop van de Middeleeuwen kunnen deze als gevolg van erosie ook weer verdwenen zijn.

Mogelijk kan door de oorspronkelijk buitendijkse ligging (zie paragraaf 2.4) eveneens sprake zijn van ligging van het plangebied in een laaggelegen vlakte in uiterwaard (2M26). Op de hoogtekaart11 (fig. 6) is te zien dat het plangebied een hoogte heeft tussen ca. 2,7 en 3,8 m NAP. Dat is een stuk hoger dan het gebied direct ten noorden van de oude dijk ter plaatse van de weg De Buurt. De hoogteligging daar ligt tussen de -0,1 en 1,0 m NAP, hetgeen een verschil inhoudt van ongeveer 1,7 tot 4 m. Het oorspronkelijke oppervlak is daarom waarschijnlijk opgehoogd. 6 (De Mulder et al. 2003) 7 (RGD 1992) 8 (Berendsen en Stouthamer 2001) 9 (Cohen en Stouthamer 2012) 10 (ARCHIS 2015) 11 (AHN 2015) Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

11 Ook op de bodemkaart12 (fig. 7) is het plangebied vanwege de aanwezige bebouwing niet gekarteerd. Uit extrapolatie volgt dat in het plangebied waarschijnlijk poldervaaggronden aanwezig kunnen zijn, die zijn gevormd in zavel en lichte klei (Rn66A-III*) of zavel (Rn52A). De poldervaaggronden zijn over het algemeen kleigronden met een grijze, roestig gevlekte ondergrond, die niet slap is. Daarbij worden ze gekenmerkt door een grijze humusarme bovengrond. In een poldervaaggrond kunnen begraven bodemniveaus aanwezig zijn, zogenaamde laklagen, die een indicatie vormen voor oudere bodemvorming. Een dergelijk niveau heeft zich in het rivierengebied kunnen vormen op het moment dat er sprake was van een verminderde afvoer, waardoor sprake was van een afgenomen opslibbing van sediment. Daardoor trad begroeiing op en kon zich een humeus niveau vormen. Op het moment dat er sprake was van een toename in rivierafvoer, raakte dit niveau begraven en kenmerkt het zich als een donkere, matig humeuze kleilaag in de bodem. De bovenstaande aardkundige gegevens staan samengevat in tabel 1. Bron

Situatie plangebied, omschrijving

Geologie (fig. 4)

Formatie van Echteld - rivierzand en -grind (met dun kleidek).

Geomorfologie (fig. 5)

Niet gekarteerd vanwege bebouwing. Vermoedelijk oeverafzettingen of vlakte in uiterwaard (laaggelegen).

AHN (fig. 6)

Ca. 2,7 tot 3,8 m NAP. Aan de noordzijde van het plangebied bedraagt de hoogte ca. -0,1 tot 1,0 m NAP. Vermoedelijk is het plangebied 1,7 tot 4,0 m opgehoogd.

Bodemkunde (fig. 7)

Niet gekarteerd vanwege bebouwing. Vermoedelijk kalkhoudende poldervaaggronden ontstaan in zavel en lichte klei (Rn66A-III*) of zavel (Rn52A).

Tabel 1: Aardkundige waarden. ca. 65 meter ten westen van het plangebied zijn boringen uitgevoerd ten behoeve van archeologisch onderzoek (zie ook paragraaf 2.5). In het plangebied is tot een diepte van 2,5 m – mv uitsluitend matig grof ophoogzand aanwezig, dat vermoedelijk is opgespoten. Onder het ophoogzand zijn geulafzettingen aanwezig. In het plangebied hebben diverse bodemonderzoeken plaatsgevonden.13 Tijdens de onderzoeken zijn ophooglagen aangetroffen met puinbijmengingen, waarbij de dikte ligt tussen de 1,3 en 5,2 m – mv. Eveneens zijn diverse verontreinigingen aangetoond.

2.4

Bewoning en historische situatie De Alblasserwaard is al gewoond vanaf de prehistorie. In de Romeinse tijd vond bewoning in de Alblasserwaard plaats langs verschillende waterlopen zoals de Linge en de Merwede. Door de toenemende invloed van het water werden de nederzettingen rond 300 na Chr. verlaten. In de periode van de 3e tot de 9e eeuw na Chr. bleef de Alblasserwaard grotendeels onbewoond. Na de ontvolking raakte het gebied vanaf het jaar 1000 opnieuw permanent bewoond. Tussen de elfde en de dertiende eeuw werd het Hollandse veengebied ontgonnen (copeontginningen). Door de inklinking van het veen als gevolg van de ontwatering werd het veengebied gevoeliger voor overstromingen. Er werden 12 (Stiboka 1984) 13 (Bodemloket 2015) Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

12 terpen gebouwd met name in de late twaalfde en de eerste helft van de dertiende eeuw, en met name langs de veenriviertjes zoals de Giessen. De dorpen Giessendam en Hardinxveld zijn vermoedelijk in de late middeleeuwen tot stand gekomen (elfde eeuw). In 1277 werd de Alblasserwaard op last van Graaf Floris V bedijkt. Hardinxveld, Giessendam en GiessenNieuwkerk bleven hier toen nog buiten, maar werden later toch in de dijkring opgenomen. Het dorp Hardinxveld (in oude teksten Hertingfelde) is vermoedelijk in de elfde eeuw ontstaan op de plaats waar nu Boven-Hardinxveld ligt. Het plangebied maakt deel uit van de Koffiepolder (of Koffijpolder), een stuk buitendijks gebied dat door op- en aanwas is opgeslibd langs de Merwede. De oorsprong van deze opslibbing gaat terug in 1421, toen door de SintElisabethsvloed de polders van de Groote Waard overstroomden en de Biesbosch ontstond.14 Door de voortdurende aanwas van sediment groeiden deze aanwassen en ontwikkelden zich kleine moerassen die werden doorsneden door grote en kleine rivieren. Vlak daarna is men vanuit de rivierdijken deze moerassen gaan ontginnen. Op de eerste kadastrale kaart uit 1811-1832 (fig. 8) is te zien dat er een waterloop door het plangebied loopt. Het gedeelte ten westen ervan is overwegend onbebouwd en in gebruik als weiland.

Ten oosten van de waterloop bestaat het bodemgebruik voornamelijk uit tuin en met een enkele boomgaard en is langs de voet van de dijk redelijk veel bebouwing aanwezig. Op de Bonnekaart van 1881 (fig. 9) is ten westen van de waterloop al meer bebouwing aanwezig. Deze situatie lijkt min of meer ongewijzigd tot 159 (fig. 10 t/m 12). In de periode tussen 1959 en 1981 ondergaat het plangebied een wijziging (fig. 13). Voornamelijk in het zuidelijk deel van het plangebied is meer bebouwing aangelegd. Dit komt overeen met de gegevens uit de Basisregistraties Adressen en Gebouwen.15 Hierop is aangegeven dat deze gebouwen voornamelijk zijn aangelegd in de jaren 1960 en 1961.Voorts is de waterloop verdwenen en is een park aangelegd in het noordwestelijk deel van het plangebied. Tussen 1995 en het heden is de dijk verlegd, waarbij de huidige Rivierdijk is aangelegd ten westen en ten zuiden van het plangebied. In 1995 (fig. 14) is deze dijk nog afwezig en bestaat het gebied direct ten zuiden van het plangebied nog uit water. In het meest recente kaartmateriaal (fig. 1) is de dijk wel aanwezig.

2.5

Bekende Waarden Archeologische waarnemingen, onderzoeksmeldingen en archeologische terreinen staan weergegeven in fig. 15. Een toelichting staat in tabel 2. Op de gemeentelijke verwachtingskaart (fig. 16) is het zuidwestelijk deel van het plangebied aangewezen als een gebied met een algemene middelhoge archeologische verwachting. Het noordoostelijk deel van het plangebied heeft een middelmatige archeologische verwachting op de periode Late Middeleeuwen - Nieuwe tijd. Eveneens is contact gelegd met de Historische Vereniging HardinxveldGiessendam. Dit heeft geen aanvullende informatie opgeleverd. Bron

omschrijving

Archeologische terreinen

geen

14 (Coops1992) 15 (Basisregistraties Adressen en Gebouwen 2014) Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

13 Bron

omschrijving

Waarnemingen

geen

Vondstmeldingen

geen

Onderzoeksmeldingen

43.681: Gorinchem – Dordtsche en Gorkumse Avelingen (bureauonderzoek) ca. 830 m ten noordoosten van het huidige plangebied. Geen aanvullende informatie beschikbaar. 51.028: Hardinxveld-Giessendam - Rivierdijk 420 (booronderzoek) ca. 670 m ten noordwesten van het huidige plangebied. Het gebied ligt direct ten noorden van een bewoningslint langs de Merwede, dat is ontstaan op de oeverwal van de (Oer-)Waal en/of Merwede. De stroomgordel van de (Oer-)Waal was actief vanaf de Late Bronstijd. De kans bestaat echter dat de top van de oeverafzettingen als gevolg van verlegging van de bedding of dijkdoorbraken is geërodeerd. Tijdens het booronderzoek zijn geen oeverafzettingen aangetroffen, maar overslagafzettingen (grof zand) op komklei en veen. Er zijn tijdens het booronderzoek geen aanwijzingen aangetroffen voor de aanwezigheid van archeologische waarden. Er is geadviseerd het terrein vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling.16 52.898: Hardinxveld-Giessendam - Tiendweg (bureauonderzoek) ca. 410 meter ten noordoosten van het huidige plangebied. Binnen het plangebied worden geen donken of dergelijken verwacht. De zanddiepte ligt op meer dan 7 m – mv. Er wordt geen vervolgonderzoek aangeraden. 62.477: Giessendam - Rivierdijk 436 (bureauonderzoek) ca. 810 meter ten westen van het huidige plangebied.

Het plangebied heeft een zeer lage archeologische verwachting op het aantreffen van (nederzettings)resten uit de periode Laat-Paleolithicum tot en met de Nieuwe tijd. Deze verwachting is gebaseerd op de landschappelijke ligging van het plangebied in een voormalig kolkgat (wiel), waardoor archeologische resten volledig verstoord en verspoeld zullen zijn. Er bestaat er in archeologisch opzicht geen bezwaar tegen de voorgenomen werkzaamheden. 62.620 en 62.621: Boven-Hardinxveld - Rivierdijk/Buitenweistraat (booronderzoek) ca. 65 meter ten westen van het huidige plangebied. Er is tot een diepte van 2,5 m –mv uitsluitend matig grof ophoogzand aanwezig, dat vermoedelijk in de jaren ’60 van de vorige eeuw is opgespoten vanuit de rivier. Het was niet mogelijk dit pakket te doorboren. Op basis van milieukundige boringen ten zuiden van het plangebied, zijn onder het zand vermoedelijk geulafzettingen aanwezig. Daarom geldt een lage verwachting op het aantreffen van archeologische vindplaatsen uit de periode Romeinse tijd – Nieuwe tijd. Er wordt geen vervolgonderzoek aangeraden.17

Gemeentelijke verwachtingskaart (fig. 1)

Roze: middelmatige verwachting Late Middeleeuwen-Nieuwe tijd Groen: middelmatige verwachting

Tabel 2: Bekende waarden in tot ca. 1000 m van het plangebied.

2.6

Gespecificeerde verwachting Het plangebied ligt in de uiterwaarden van de Merwede, een rivier die zijn oorsprong kent in de Romeinse tijd. Langs deze rivier zijn oevers ontstaan, die relatief hoger lagen en daarmee bewoonbaar waren voor samenlevingen in de Romeinse Tijd en de Middeleeuwen. De Merwede heeft echter wel onder invloed 16 (Hanemaaijer 2012) 17 (Nales 2014) Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

14 van sterke erosie gestaan, met name tijdens de Late Middeleeuwen. In het zuidwestelijk van het plangebied is geen bebouwing aanwezig op historische kaarten. In de dertiende en veertiende eeuw is het gebied bedijkt. Het is daarom niet waarschijnlijk dat men zich in dit gebied na die tijd heeft gevestigd. In het noordwesten is op deze kaarten wel bebouwing aanwezig, dat zich concentreerde rond de (oude) rivierdijk. Het archeologisch relevante niveau wordt gevormd door de top van eventuele oeverafzettingen en/of top van de uiterwaardafzettingen van de Merwede stroomrug. In de top van de oeverafzettingen kunnen sporen van bodemvorming en rijping aanwezig zijn, die indicatief zijn voor zowel de verwachte aanwezigheid van archeologische resten. Op grond van eerder uitgevoerd onderzoek en de hoogtekaart is het plangebied opgehoogd. Het archeologisch niveau bevindt zich derhalve op ca. 1,7 tot 4,0 meter onder maaiveld. De verwachting voor het zuidwestelijk deel wordt als volgt gespecificeerd: 1. Datering: Romeinse Tijd - Vroege Middeleeuwen 2. Complextype: nederzettingsterreinen 3. Omvang:enkele honderden vierkante meters of groter 4. Diepteligging: onder het ophoogpakket (ca. 1,7 tot 4,0 m – mv.) 5. Gaafheid, conservering en verstoringen: Gezien de hoge grondwaterstand zal de conservering van eventuele archeologische resten goed zijn.

Eventueel kan door de aanleg van het ophoogpakket verstoring van het archeologisch niveau hebben plaatsgevonden. 6. Uiterlijke kenmerken (prospectie kenmerken): archeologische resten van nederzettingsterreinen (boerderijplaatsen) uit een spreiding van archeologisch materiaal (aardewerk). De verwachting voor het noordoostelijk deel wordt als volgt gespecificeerd: 1. Datering: Romeinse Tijd - Nieuwe Tijd 2. Complextype: nederzettingsterreinen 3. Omvang:enkele honderden vierkante meters of groter 4. Diepteligging: onder het ophoogpakket (ca. 1,7 tot 4,0 m – mv.) 5. Gaafheid, conservering en verstoringen: Gezien de hoge grondwaterstand zal de conservering van eventuele archeologische resten goed zijn. Eventueel kan door de aanleg bebouwing en het ophoogpakket verstoring van het archeologisch niveau hebben plaatsgevonden. 6. Uiterlijke kenmerken (prospectie kenmerken): archeologische resten van nederzettingsterreinen (boerderijplaatsen) uit een spreiding van archeologisch materiaal (aardewerk).

Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

15

3

Booronderzoek

3.1

Methode Het veldonderzoek is uitgevoerd zoals voorgeschreven in de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie 3.3,18 in het bijzonder het hoofdstuk ”protocol 4003 inventariserend veldonderzoek overig”. Het veldonderzoek bestond uit een booronderzoek (specificatie VS03). Op basis van de grootte van het plangebied en de archeologische verwachting zijn acht boringen geplaatst. Deze zijn zo goed mogelijk verspreid over het gebied, waarbij rekening is gehouden met de locatie van boringen voor milieukundig onderzoek uitgevoerd door Verhoeven Milieutechniek B.V. De boringen zijn in de eerste plaats gezet met het doel de dikte van het ophoogpakket in kaart te brengen. Indien mogelijk is eveneens de bodemopbouw onder het ophoogpakket verkend ten einde inzicht te krijgen in de vormeenheden van het landschap, voor zover deze van invloed zijn op de locatiekeuze in het verleden. Hiermee kunnen kansarme zones worden uitgesloten en kansrijke zones worden geselecteerd. De boringen zijn gezet met een 7 cm Edelmanboor en 3 cm guts tot minimaal 30 cm in de natuurlijke ondergrond, waarbij overwegend een maximum boordiepte is aangehouden van 300 cm. In één geval is een boordiepte van 400 cm bereikt. De opgeboorde grond is systematisch uitgelegd in plastic goten. De opgeboorde grond is onderzocht door deze te versnijden en te verbrokkelen.

Hoewel niet het doel van de verkennende fase is wel gelet op archeologische indicatoren. De bodemtextuur en archeologische indicatoren zijn beschreven volgens ASB 1.1 van het NITG-TNO. In de ASB wordt onder meer de standaard classificatie van bodemmonsters volgens NEN 5104 gehanteerd.19 De X en Y coördinaten van de boringen zijn door Verhoeven Milieutechniek B.V. ingemeten door middel van een GPS. Aansluitend zijn voor het onderzoek de boorgegevens van Verhoeven Milieutechniek B.V. gebruikt. Gezien de afwijkende methode en beschrijving voor milieuonderzoek zijn deze boringen enkel gebruikt ter indicatie en aanvulling van het archeologisch booronderzoek.

3.2

Resultaten De locatie van de archeologische boringen is weergegeven in fig. 17. De boorgegevens staan in Bijlage 1. Hier is ook aangegeven met welke milieuboring de boring overeenkomt. Op hoofdlijnen is de profielopbouw van de archeologische boringen in het noordwestelijk deel van het plangebied de volgende: •

sterk siltige klei, licht tot matig gevlekt met puin en/of baksteenbijmengingen, veelal met intervallen bouwzand, op

•

slappe, sterk siltige klei, veelal met enkele schelpfragmenten en/of plantenresten.

18 (CCvD 2013) 19 (Bosch 2008; Nederlands Normalisatie Instituut 1989) Bureau voor Archeologie Rapport 155

Boven-Hardinxveld De Buurt 30

16 In het zuidoostelijk deel van het plangebied is de onderste laag niet bereikt (boringen 4, 7 en 8). Het bovenste pakket is voornamelijk opgebouwd uit sterk siltige, kalkrijke klei, dat heterogeen van karakter is en een bruingrijze kleur heeft. Veelal bevat het pakket bijmengingen met puin en baksteen, maar er zijn in mindere mate ook bijmengingen met slakken, mortel en houtskool aangetroffen. In het merendeel van de boringen zijn eveneens lagen met matig grof zand (slecht afgerond en slecht gesorteerd) aanwezig met een dikte tussen de 10 en 200 cm, maar overwegend dikker dan 100 cm. Daar waar het onderste pakket is bereikt, bedraagt de dikte van het bovenste pakket 180 à 250 cm. Het onderste pakket bestaat uit lichtgrijze, sterk siltige, kalkrijke, ongerijpte klei dat overwegend slap van consistentie is. Veelal zijn in het materiaal schelpfragmentjes aangetroffen. Ook zijn af en toe humeuze vlekken en plantenresten gevonden. Er zijn geen antropogene bijmengingen aangetroffen. In Bijlage 2 zijn de posities van de boringen ten behoeve van het milieuonderzoek weergegeven. De boorgegevens van het milieuonderzoek staan in Bijlage 3. In de resultaten van het milieuonderzoek komt grotendeels een overeenstemmend beeld naar voren.

Het bovenste heterogene pakket is beschreven als een pakket bestaande uit een afwisseling van zwak tot sterk zandige klei (met veelal bijmengingen aan puin en baksteen) en matig grof zand. Op grond van een aantal locaties, waarbij de boring zowel archeologisch als milieukundig is geïnterpreteerd, komt het onderste pakket in de archeologische interpretatie (lichtgrijze, slappe, sterk siltige klei met enkele plantenresten en/of schelpfragmenten) overeen met een pakket matig siltige klei met een neutraal beigegrijze kleur en met soms resten planten. Bij de vergelijking van de archeologische en milieukundige beschrijving zijn de boringen ter plaatse van oude waterlopen buiten beschouwing gelaten. Met name voor het zuidoostelijk deel van het plangebied, waar in de archeologische boringen het onderste pakket niet is aangeboord, bieden een aantal milieukundige boringen uitkomst. Op grond van de milieukundige boringen ligt de dikte van het bovenste pakket tussen 200 en 300 cm – mv. Enkel voor het gedeelte in het noordwesten, dat in gebruik is als groenvoorziening, zijn de archeologische en de milieukundige beschrijving niet te vergelijken. Ter plaatse van archeologische boring 2 (overeenkomend met milieukundige boring D13) ligt de grens tussen het bovenste en het onderste pakket op 220 cm – mv op grond van stevigheid, het voorkomen van roestvlekken en een scherpe overgang.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/497/documents/15635