CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Verkorte inhoud van de begeleidende notitie.pdf

Gemeenteraad GHG 1 juli 2021, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 11: Concepttekst GR Sociaal - Raadsvoorstel1.579 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 3. Verkorte inhoud van de toelichting Onderdeel 1: Vertaling van de Hoofdlijnennotitie Het belangrijkste inhoudelijke punt uit de hoofdlijnennotitie was de verdeling van de bevoegdheden. Dit is tevens een belangrijk deel van de concept tekst die nu voorligt. Op pagina 8 van de begeleidende notitie is een overzicht opgenomen van de verdeling van bevoegdheden (mandaat/delegaat) op de diverse taken die bij de GR Sociaal belegd worden. Deze verdeling is eerder opgenomen in de Hoofdlijnennotitie en daarna niet meer gewijzigd. Kader stellend beleid wordt in alle gevallen door de lokale gemeenteraden vastgesteld; nadere regels worden of gedelegeerd of gemandateerd. De uitvoering ligt bij de GR, of bij GR en gemeenten. De tabel is vertaald in artikel 5, artikel 8 en artikel 13 van de concept tekst GR. Onderdeel 2: Inrichting Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur en stemverhoudingen Op basis van de contouren zoals geschetst in de hoofdlijnennotitie en op de input die de colleges en raden hebben meegegeven zijn verschillende modellen voor bestuur en stemverhoudingen uitgewerkt. Alle modellen zijn getoetst aan de basisprincipes die in een eerder stadium door de gemeenteraden zijn vastgesteld en aan de wettelijke eisen en/of beperkingen. Dit heeft geleid tot de onderstaande invulling van het AB en DB: -

Een Dagelijks Bestuur van 3 leden, waarbij er geen externe leden zijn en elk lid uit een andere deelnemende gemeente komt. Een Algemeen Bestuur van 8 leden, waarbij het stemgewicht wordt bepaald door de gemeentegrootte van de deelnemende gemeenten.

Bij een AB van 7 leden zou de situatie kunnen ontstaan, wanneer Dordrecht ook een lid voor het DB levert, dat het DB een meerderheid in het AB heeft (ook in relatie tot de stemverhoudingen). Dit is in strijd met de Wgr (zie ook de begeleidende notitie, pagina 12). Met betrekking tot de stemverhoudingen hebben zes gemeenten, waaronder HardinxveldGiessendam, de voorkeur voor onderstaand model, dat is gebaseerd op inwoneraantal: Gemeente

Stemmen Algemeen Bestuur met 8 leden

Alblasserdam

1

Dordrecht

5 (2 x 2,5)

Hardinxveld-Giessendam

1

Hendrik-Ido-Ambacht

2

Papendrecht

2

Sliedrecht

2

Zwijndrecht

3

Totaal

16 (meerderheid 9)

In dit model heeft Dordrecht ten minste twee gemeenten nodig om tot een meerderheid te komen. Dordrecht of Zwijndrecht zijn ook nodig om überhaupt tot een meerderheid te komen. Bovendien staken de stemmen als Dordrecht en Zwijndrecht de ene kan en de andere gemeenten de andere kant kiezen. De gemeente Dordrecht heeft aangegeven dit model niet acceptabel te vinden gelet op de inbreng en omvang die Dordrecht in de gemeenschappelijke regeling heeft. Dordrecht geeft aan een voorkeur te hebben voor een model gebaseerd op een gewogen gemiddelde (inwonertal en financiële inbreng).

De keuze voor één van de modellen met betrekking tot de stemverhoudingen wordt opnieuw geagendeerd voor de Bestuurlijke Begeleidingscommissie. Het streven is om zoveel mogelijk besluiten te nemen op basis van consensus. In de praktijk kan het echter voorkomen dat gestemd moet worden. Met dit model wordt voorkomen dat stedelijk gebied of poldergebied samen een meerderheid kunnen vormen. Bij een AB van 8 leden zouden twee leden standaard uit Dordrecht komen (met ieder 2,5 stem). Bij een AB van 7 leden zou de situatie kunnen ontstaan dat het DB een meerderheid in het AB heeft, dit mede in relatie tot de stemverhoudingen . Dit is in strijd met de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Ook wordt hiermee voorkomen dat sommige gemeenten op voorhand zijn uitgesloten van deelname in het DB, vanwege mogelijke problemen met een meerderheid qua stemmen. De voorzitter van de GR is zelfstandig een Bestuursorgaan, net zoals een burgemeester dat is binnen een gemeente. De voorzitter wordt door en uit het AB aangewezen en is van rechtswege lid én voorzitter van het DB. In de concepttekst Gr is opgenomen dat de voorzitter gekozen wordt uit de aangewezen leden van Dordrecht in het AB. Dit vanwege de omvang en financiële inbreng van Dordrecht. De gemeente Hardinxveld-Giessendam opteert voor zitting in het DB. Dit wordt ook opgenomen in de reactie aan het ONS-D op de concepttekst GR Sociaal.

Alles rond AB, DB en voorzitter is opgenomen in de hoofdstukken 3, 4 en 5 van de concepttekst GR. Onderdeel 3: Spelregels flexibiliteit om maatwerk te kunnen bieden In de hoofdlijnennotitie is aangegeven dat er verschillende soorten maatwerk zijn: -

Maatwerk op individueel klantniveau. Maatwerk in de gezamenlijke afspraken op beleid en uitvoering. Maatwerk in de vorm van aanvullende afspraken boven op de gezamenlijke afspraken, met consequenties voor de bedrijfsvoering.

Alle colleges zijn het er over eens dat maatwerk makkelijker mogelijk moet zijn. Daarbij is een aantal aandachtspunten meegegeven: -

Waak voor teveel verschillen in de regio. Begin daar waar gemeenten overeenstemming over hebben; kijk daarna naar eventuele verschillen. Maak duidelijk wat de financiële consequenties zijn. Maak een link naar de afspraken over solidariteit en verdeelsleutels. Zorg voor balans tussen maatwerk en efficiënte uitvoering door de GT. Geef duidelijkheid over experimenteerruimte.

Bij de verdeling van bevoegdheden en taken gaat het om drie soorten beleid: -

-

Kaderstellend beleid: dit zijn bijvoorbeeld verordeningen, deze worden in co-creatie met de gemeenten opgesteld. Lokale uitgangspunten worden geformuleerd door colleges met gemeenteraden. Adviesraden worden betrokken. Er vind lokaal besluitvorming en publicatie plaats. Nadere regels: dit zijn bijvoorbeeld het besluit Wmo of de nadere regels participatiewet. De stappen voor het vaststellen van nadere regels zijn nagenoeg gelijk aan die van het kaderstellend beleid. De route kan verschillen, afhankelijk van de bevoegdheden (mandaat of delegaat). Bij mandaat vindt de vaststelling plaats in het college, publicatie gebeurt door de gemeente. Wanneer de bevoegdheid voor de nadere regels is gedelegeerd (bijvoorbeeld bij de participatiewet), vindt vaststelling plaats in het AB en zorgt de GR voor publicatie.

-

Uitvoering is in bijna alle gevallen gedelegeerd naar de GR. Het bestuur van de GR kan voor de uitvoering regels opstellen, evenals bij het kader stellend beleid en de nadere regels gebeurt dit in co-creatie. Vaststelling vindt plaats in het bestuur van de GR.

In de huidige ambtelijke structuur wordt gewerkt met een Netwerk MT Sociaal en een RCO. Voor de nieuwe structuur wordt voorgesteld te gaan werken met twee nieuwe vormen van ambtelijk overleg: 1. Het ambtelijk opdrachtgevend overleg waarvan de leden bestaan uit een afvaardiging van de zeven gemeenten en de GR Sociaal. Zij adviseren het AB over inhoudelijke stukken en hebben ook de rol om in een vroeg stadium met elkaar in gesprek te gaan over ontwikkelingen, toekomst en strategie. 2. Het ambtelijke eigenarenoverleg waarvan de leden bestaan uit een afvaardiging van de zeven gemeenten. De GR is adviseur. Onderwerpen die in dit overleg besproken worden zijn gekoppeld aan de P&C cyclus. Het eigenarenoverleg adviseert aan het DB, het DB brengt de stukken richting gemeenten en daarna voor vaststelling naar het AB. De verwerking van bovenstaande is in de concepttekst GR verwerkt in de overwegingen en in artikel 5. Onderdeel 4: Spelregels toetreding, wijziging & (gedeeltelijke) uittreding Er is bewust gekozen voor de naar GR Sociaal (zonder Drechtsteden) zodat eventuele andere gemeenten makkelijker kunnen instappen. Verder is gekozen voor de afbakening 'sociaal domein' zodat dit ook breed de lading dekt en mogelijk andere onderdelen aan de GR toegevoegd kunnen worden.

Gemeenten delen de intentie om aandacht te besteden aan de mogelijkheid van uitbreiding met andere gemeenten of onderdelen. Gekeken is naar regelingen in het land, de afspraken over toetreding, wijziging en uittreding in de huidige regeling, en jurisprudentie. Dit is de basis geworden voor de artikelen over dit onderwerp in de concepttekst. In artikel 35 wordt een risico-opslag benoemd. Er wordt nog onderzocht wat hiervoor een passend percentage is. Hoofdstuk 10 van de concepttekst GR gaat in op de regels m.b.t. toetreding (artikel 33), wijziging (artikel 39) en (gedeeltelijke) uittreding (artikel 34 – 38). In artikel 40 is e.e.a. opgenomen over eventuele opheffing. Onderdeel 5: Financiële kaderstelling en consequenties In de nieuwe situatie ligt het vaststellen van de verordeningen bij de gemeenteraad, daarmee komt de sturing (door de raad) ook aan de voorkant van het proces te liggen. Boven op dit lokale kaderstelling wordt via de P&C cyclus al bij de algemene beschouwingen input meegegeven voor de begroting (bij de algemene beschouwingen van de begroting 20222025 kan input gegeven worden voor de begroting 2023-2026 van de GR). Die input wordt vertaald in een uitgangspuntennotitie waarin de landelijke en lokale ontwikkelingen, wensen en vraagstukken verwerkt worden.

Het lokaal vastgestelde beleidskader vormt, met de jaarlijkse uitgangspuntennotitie, de basis voor de begroting. De begroting wordt voor zienswijze aangeboden aan de gemeenteraden en daarna vastgesteld door het algemeen bestuur van de GR. Het is belangrijk om afspraken te maken met het door de gemeenteraad afgevaardigde lid in het AB over tijdige verstrekking van informatie. In de begeleidende notitie zijn enkele voorbeelden gegeven van de uitwerking van het proces.

De besluitvorming over de kostenverdeelsleutelsystematiek loopt naast het proces van besluitvorming over de inrichting van de GR. De vastgestelde kostenverdeelsleutelsystematiek wordt één op één overgenomen in de GR en verwerkt in onder andere de begroting en administratie van de nieuwe GR Sociaal. Bij besluitvorming over de kostenverdeelsleutelsystematiek in de Drechtsteden moeten gemeenten hun lokale standpunten inbrengen. Hoofdstuk 9, artikel 23 tot en met 32 van de concepttekst GR gaan uitgebreid in op de financiën, kaderstelling, begroting en bijdrage (conform verdeelprincipes en –sleutels). Onderdeel 6: Instellen van (advies)commissies Het bestuur van de GR kan diverse commissies instellen conform artikel 24 en 25 van de Wgr. Een aantal gemeenteraden heeft al kenbaar gemaakt een voorkeur te hebben voor het instellen van een raadsadviescommissie. Artikel 16 en 20 bevatten kan-bepalingen voor het inrichten van een raadscommissie of auditcommissie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/568/documents/18645