Bijlage 2 - Ambtelijk advies Rijksvaccinatieprogramma.pdf
Tekst van het document
Ambtelijk advies over het rijksvaccinatieprogramma uitgevoerd door Jong JGZ Ter attentie van wethouders van Die, Hendriksen en Dansen Opgesteld door medewerkers van de gemeenten Zwijndrecht, Dordrecht, Gorinchem, Molenlanden en Hoeksche Waard. Aanleiding Het rijksvaccinatieprogramma is vanaf 1 januari 2025 veranderd. Jong JGZ voert namens tien gemeenten in ZHZ het rijksvaccinatieprogramma uit. Het rijksvaccinatieprogramma is onderdeel van het wettelijke basispakket van de jeugdgezondheidszorg. Gemeenten maken in aanvulling daarop subsidieafspraken over wat we inkopen als maatwerk. Dat kunnen we zien als pluspakket. De lokale maatwerksubsidies verschillen echter sterk in orde van grootte. Jong JGZ geeft aan dat ze voor het uitvoeren van het rijksvaccinatieprogramma extra geld nodig hebben. Het gaat om een bedrag van € 117.732,- voor de structurele wijzigingen van het basispakket jeugdgezondheidszorg. Daarnaast gaat het om een bedrag van € 129.906,- om in 2026 en 2027 de inhaalvaccinatie BMR van twee jaarcohorten op te roepen en te vaccineren. Dit betreft ca 10.000 kinderen per jaar. Dit verzoek hebben zij in 2024 al ingediend bij de Dienst Gezondheid en Jeugd. Dit is al enige tijd geleden. Op verzoek van het AEO is het vraagstuk (en daarmee de advisering) meervoudig lokaal opgepakt.
Gezien de urgentie is besloten dat er drie wethouders het gesprek gaan voeren over dit vraagstuk zodat er tijdig duidelijkheid wordt verschaft aan Jong JGZ. Uiterlijk 1 november 2025 moet Jong JGZ het vaccinatieschema doorgeven aan het RIVM. Indien wij het basispakket niet volledig uit kunnen voeren, volgt een melding bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Dit geldt ook als we de (tijdelijke) inhaalcohorten niet volledig uitvoeren. Korte situatieschets veranderingen in het rijksvaccinatieprogramma • De verschuiving van de DKTP-vaccinatie rond 4 jaar naar een DTP-vaccinatie bij 5 jaar en 3 maanden heeft gevolgen. Tot nu toe werden kinderen in groep 2 op school gezien. Omdat de kinderen nu bij 5 jaar en 3 maanden een vaccinatie krijgen, worden ze niet meer op school gezien, maar worden ze individueel (met hun ouders) uitgenodigd op een van de Jong JGZlocaties. Dit is ook conform het advies van het RIVM om kinderen van deze leeftijd niet in groepen te vaccineren. • De verschuiving van de BMR2 betekent het omzetten van een groepsvaccinatie bij 9 jaar naar een individueel moment van contact bij 3 jaar. Ook deze doelgroep van 3-jarigen is niet geschikt voor een groepsvaccinatie maar vraagt een individueel moment van contact. • Vanaf 1 januari 2025 wordt de BMR2 gegeven op 3-jarige leeftijd in plaats van 9-jarige leeftijd.
Met deze wijziging ontstaat een groep van 6 leeftijdscohorten die een inhaal-BMR nodig hebben. Dit zijn de kinderen tussen 3 en 9 jaar die nu niet meer bij 9 jaar een uitnodiging ontvangen voor deze vaccinatie. Jong JGZ voert deze inhaalcampagne uit van 2025 tot en met 2027 en ziet steeds 2 leeftijdscohorten per jaar. In 2025 is het eerste jaarcohort in het voorjaar uitgevoerd en het tweede jaarcohort is uitgenodigd om deze vaccinatie in oktober te komen halen.
Ambtelijk advies Als volgt akkoord te gaan met de door Jong JGZ aangevraagde extra financiering ten gevolge van de wijzigingen in het RVP en de inhaalvaccinatie BMR: •
2025 inzet middelen gemeentefonds (€58.000) en reserve jong JGZ (€182.193)
•
2026 compensatie door gemeenten €247.638 (waarvan €117.732 voor de structurele wijzigingen in het basispakket en € 129.906 incidenteel voor de BMR-inhaalcohorten)
•
2027 compensatie door gemeenten €247.6381 (de structurele compensatie loopt door en wederom € 129.906 incidenteel). Hierbij merken we nadrukkelijk op dat we als opdrachtgever in gesprek gaan met Jong JGZ over de hoogte van de maatwerksubsidie. Om zo financiële ruimte te creëren voor het basispakket.
•
Tot slot stellen wij de wethouders voor om een duidelijk signaal af te geven bij VWS. Wij kunnen de wijzigingen in het RVP in onze regio niet opvangen met de beschikbare gelden. Dit komt onder andere omdat wij het groepsvaccinatiemoment (bij 9 jaar) niet automatisch kunnen omzetten naar een individueel moment (bij 3 jaar). Vanwege de bandbreedte waarbinnen BMR vaccinaties gegeven moeten worden (2,5 en 3,6 jaar) kan een bestaand moment niet worden benut.
Argumenten
1. Uit het AO PG is gebleken dat gemeenten verschillen in de vraag of we Jong JGZ tegemoet moeten komen en met welk bedrag (moet dat bijvoorbeeld gelijk zijn aan de rijksbijdrage, dus kostenneutraal of juist niet). Wel is duidelijk geworden dat gemeenten op één lijn moeten zitten als het gaat om het uitvoeren van deze wettelijke taak. Als gemeenten er verschillend mee om zouden gaan, zou dat leiden tot een onwenselijke situatie. Dan voldoen we als regio niet aan wettelijke vereisten en dit vraagt afstemming met de inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
2. Uit de gesprekken is duidelijk geworden dat Jong JGZ de bedrijfsvoering strak heeft
ingericht en dus weinig tot geen mogelijkheden heeft om grotere wijzigingen zonder financiële consequenties voor de opdrachtgevers door te voeren. Dit is verklaarbaar als je kijkt naar de kostprijs. Uit het benchmarkonderzoek van Lysias blijkt dat de kostprijs in 2022 in ZHZ uitkwam op €133,-. Dit is beduidend lager dan het landelijke gemiddelde van €158,- en zit aan de onderkant van de landelijke spreiding: de laagste kosten zijn €131,en de hoogste €216,-. Dat geldt niet in alle gevallen voor de afzonderlijke maatwerkafspraken per gemeente. Ergens moet de pijn ook verdeeld worden tussen gemeenten en Jong JGZ, ook gelet op de strakke koers die gehanteerd wordt rond onderwerpen als LVS, VT en andere thema’s. Hierover zullen we als opdrachtgever, als onderdeel van de Ontwikkelagenda, in de komende jaren in gesprek gaan met Jong JGZ. Om daar waar mogelijk financiële ruimte te creëren voor het basispakket.
3. De extra bijdrage uit het gemeentefonds tbv deze wijzigingen voorzien nauwelijks in de extra kosten die de wijzigingen met zich meebrengen.
4. Als gemeenten/DG&J hebben we met Jong JGZ de volgende contractuele bepaling (Art
6.1.3): Indien vanuit het Rijk aanpassingen worden doorgevoerd in het Rijksvaccinatieprogramma, vergoedt Opdrachtgever aan Opdrachtnemer de redelijke kosten die Opdrachtnemer moet maken om hieraan uitvoering te geven. Opdrachtnemer doet hiertoe aan Opdrachtgever een voorstel voor aanpassing van de vaste vergoeding als bedoeld in lid 1 om deze aanpassingen te kunnen uitvoeren. Dit voorstel wordt onderbouwd met een open begroting waaruit duidelijk herleidbaar is welke aanvullende werkzaamheden Opdrachtnemer moet uitvoeren vanwege de bedoelde aanpassing. Opdrachtgever besluit op basis van het voorstel van Opdrachtnemer over de verhoging van de vergoeding als bedoeld in lid 1 ten behoeve van de bedoelde aanpassingen aan het Rijksvaccinatieprogramma. Volgens ons voldoet Jong JGZ aan deze vereiste bepaling.
5. De aanvraag voor deze middelen door Jong JGZ is inmiddels een jaar geleden gedaan. Er
moet derhalve wel een doorbraak komen, anders krijgt het toch de schijn van “onbehoorlijk bestuur”. De uitvoering van de wijzigingen is inmiddels ook al vanaf het begin dit jaar gestart, Jong JGZ heeft daarin de eigen reserves aangesproken.
1 Dit betreft het prijspeil van 2026.
6. Als gemeente kunnen wij beleidsmatig het belang van de RVP-schemawijzigingen
onderschrijven zoals besloten door de minister op advies van de Gezondheidsraad. Ook gemeenteraden onderschrijven in meer gemeenten het belang van vaccineren.
7. De kosten per gemeente zijn beperkt, zeker in vergelijking met bijvoorbeeld de kosten jeugdzorg.
Hoe nu verder? Er moeten afspraken gemaakt worden over de middelen voor 2026. Dit betreft een begrotingswijziging. Dus waarschijnlijk via een zienswijze-procedure. Dit moet worden afgestemd met de dienst.
Bijlagen Uitsplitsing Kosten per Gemeente A. Totale kosten per gemeente (structureel en incidenteel) voor wijzigingen in RVP
Totaal per gemeente
Gemeente
2025
20262
Alblasserdam
€
11.578,38
€
11.831,06
Dordrecht
€
57.432,33
€
59.255,77
Gorinchem
€
18.788,38
€
19.352,71
Hardinxveld-Giessendam €
11.070,31
€
11.503,23
Hendrik-Ido-Ambacht
€
19.950,04
€
20.817,38
Hoeksche Waard
€
43.390,20
€
44.997,69
Molenlanden
€
25.546,47
€
26.105,01
Papendrecht
€
15.785,91
€
16.201,28
Sliedrecht
€
14.279,57
€
14.815,93
Zwijndrecht
€
22.370,40
€
22.757,94
Eindtotaal
€
240.192,00
€
247.638,00
2 Dezelfde bedragen gelden voor 2027 e.v. met dien verstande dat dit het prijspeil van 2026 betreft
B. Structurele kosten per gemeente voor wijzigingen in RVP Structureel 1 FTE
€
114.192
€
117.732
Gemeente
2025
Alblasserdam
€
5.504,59
€
5.624,72
Dordrecht
€
27.304,46
€
28.171,37
Gorinchem
€
8.932,36
€
9.200,66
HardinxveldGiessendam
€
5.263,04
€
5.468,86
Hendrik-Ido-Ambacht
€
9.484,64
€
9.896,99
Hoeksche Waard
€
20.628,55
€
21.392,79
Molenlanden
€
12.145,30
€
12.410,84
Papendrecht
€
7.504,93
€
7.702,41
Sliedrecht
€
6.788,79
€
7.043,78
Zwijndrecht
€
10.635,33
€
10.819,57
Eindtotaal
€
114.192,00
€
117.732,00
20263
C. Incidentele kosten per gemeente nav wijzigingen in RVP (inhaalcohorten in de jaren 2025, 2026 en 2027, 10.000 kinderen per jaar extra) Incidenteel inhaalcohort
€
Gemeente
2025
Alblasserdam
€
6.073,79
€
6.206,34
Dordrecht
€
30.127,87
€
31.084,41
Gorinchem
€
9.856,01
€
10.152,05
Hardinxveld-Giessendam
€
5.807,27
€
6.034,37
Hendrik-Ido-Ambacht
€
10.465,40
€
10.920,39
Hoeksche Waard
€
22.761,64
€
23.604,90
Molenlanden
€
13.401,18
€
13.694,17
Papendrecht
€
8.280,98
€
8.498,87
Sliedrecht
€
7.490,78
€
7.772,14
Zwijndrecht
€
11.735,07
€
11.938,37
Eindtotaal
€
126.000,00
€
129.906,00
126.000
€
129.906
20264
3 Dezelfde bedragen gelden voor 2027 e.v. met dien verstande dat dit het prijspeil van 2026 betreft 4 Dezelfde bedragen gelden voor 2027 met dien verstande dat dit het prijspeil van 2026 betreft