Bijlage 1 - Vangnetuitkering 2022 gemeente H'veld-G'dam.pdf
Tekst van het document
Vangnetuitkering 2022 gemeente Hardinxveld-Giessendam Samenvatting van de verklaring Onderdeel A. Samenvatting analyse van de oorzaken van het tekort 1. Meerjarig hogere instroom statushouders i.r.t. relatief grotere beschikbaarheid sociale huurwoningen. 2. De afstand van de bijstandsdoelgroep tot de arbeidsmarkt neemt in algemene zin met de introductie van de Participatiewet steeds verder toe. 3. Gemeente-specifieke bijzonderheden bestandsopbouw: relatief groot aandeel uitkeringsgerechtigden dat gehuwdennorm ontvangt (hogere gemiddelde uitkering) en relatief groot aandeel uitkeringsgerechtigden met grote afstand tot de arbeidsmarkt. De diverse crises en omstandigheden sinds de coronacrisis hebben ervoor gezorgd dat deze afstand steeds verder is toegenomen. 4. Toename kosten loonkostensubsidie en uitkeringen Bbz (door aanpassing wetgeving en mede corona-gerelateerd). Onderdeel B. Samenvatting getroffen maatregelen om het tekort te reduceren 1. Inzet van het regulier pallet maatregelen gericht op beperken instroom, bevorderen doorstroom en uitstroom, handhaving op rechtmatigheid en gerichte inzet op statushouders; 2. Verdiepende analyse van het zittend bestand (met grote afstand tot de arbeidsmarkt) om kansen en ontwikkelperspectieven in beeld te brengen; 3. Herijking en aanpassing methodieken en instrumentarium op de (toenemende) zwaarte van het uitkeringsbestand; 4.
Verbetering en aanpassing van het ontwikkelprogramma voor uitkeringsgerechtigden; 5. Proactief benaderen van kwetsbare jongeren. Hiermee wordt beoogd jongeren een zo groot mogelijke kans te geven op een zo zelfstandig mogelijk bestaan; 6. Bevorderen maatschappelijke participatie en parttime werk; 7. Meer focus op versterken bestaanszekerheid om de perspectieven te vergroten; 8. Onderzoek naar mogelijkheden samenwerking SW voorziening voor groep met grote afstand tot de arbeidsmarkt; 9. Versterken samenwerking Sociale Dienst Drechtsteden - gemeente 10. Deelname in landelijke netwerken en leergroepen. Onderdeel C. Samenvatting beoogd effect van de genoemde maatregelen Doelstelling uitkeringsbestand Hardinxveld-Giessendam per 31/12/2023: 178 inwoners met een bijstandsuitkering (gebaseerd op een daling van 1,4% van het bestand van 1 januari 2023 – CPB norm gebaseerd op rapportage CEP).
Beschrijving van de wijze waarop de gemeenteraad is geïnformeerd door het college Moment in het proces X Kadernota / begroting X Voorjaars-najaarsbericht en jaarrekening X Maand-, kwartaal- of halfjaarrapportage Beleidsplannen, strategie- of koersdocumenten, plannen van aanpak of evaluaties Informatie over bestandsontwikkelingen of de voortgang van maatregelen Nieuwsbrieven, bijeenkomsten en/of presentaties
1. Verklaring College A. Analyse van de oorzaken van het tekort
1
Korte toelichting op de BUIG voor de gemeenteraad De gebundelde uitkering (BUIG) betreft het budget dat gemeenten jaarlijks ontvangen voor de bijstandsuitkeringen (inclusief uitkeringen in het kader van de IOAW, IOAZ en leefgeld in het kader van het Bbz) 1 en loonkostensubsidies. Uitgangspunt in de financieringssystematiek is dat voor alle gemeenten samen een toereikend macrobudget wordt vastgesteld. Dit macrobudget komt tot stand door uit te gaan van de realisaties in het voorgaande jaar, een inschatting van het effect van de conjunctuur op de bijstand, de effecten van rijksbeleid en van een indexering voor de loon- en prijsontwikkeling. Voor de conjunctuurraming volgt het Rijk de actuele en onafhankelijke rekenregel van het Centraal Planbureau (CPB). Bij iedere conjunctuurraming van het CPB wordt de BUIG opnieuw bepaald, dus ook gedurende het jaar. De BUIG wordt via vast verdeelmodel over de gemeenten verdeeld. Met het verdeelmodel wordt voor ieder huishouden in Nederland een kans op bijstand geschat. Daarnaast wordt per huishouden ingeschat hoe hoog een eventuele bijstandsuitkering is, gegeven de specifieke kenmerken van het huishouden. Elk jaar worden de verdeelsleutels, op basis waarvan de gemeentelijke budgetten zijn berekend, geactualiseerd, waarbij wordt uitgegaan van zo recent mogelijke CBS-gegevens.
Gemeenten met minder inwoners dan 40.000 inwoners (zoals HardinxveldGiessendam) krijgen deels een budget op basis van historische gegevens (gerealiseerde uitgaven BUIG van twee jaar eerder) en deels op basis van eerder genoemde, jaarlijks bijgestelde objectieve criteria. Sinds 2022 worden de uitgaven ten bate van loonkostensubsidies historisch verdeeld in plaats van objectief. Mogelijke BUIG-gerelateerde oorzaken Oorzaken voor eventuele tekorten op de BUIG kunnen – in theorie – zowel worden gevonden in (de componenten van) de verdeelsleutel, als in de ontwikkeling van het bestand aan bijstandsgerechtigden, de gemiddelde kosten voor een uitkering en het aantal inwoners dat loonkostensubsidie ontvangt ten opzichte van de landelijke trend in het betreffende jaar. Kleine gemeenten zijn in de praktijk gevoeliger dan grote gemeenten voor deze landelijke ontwikkelingen, aangezien kleine aantallen bij hen relatief grotere impact hebben. In de praktijk zal het vaak een combinatie van beide factoren (verdeelmodel en bestandsontwikkeling) betreffen, waarbij de in het verdeelmodel gelegen factoren zo goed als niet te kwantificeren zijn. Wel opvallend is in dit kader, dat het binnen de Drechtsteden juist de kleinere gemeenten zijn, die in 2022 tegen relatief hoge budgetoverschrijdingen aanlopen. Omvang van het tekort Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam bedraagt het tekort (d.w.z.
het verschil tussen inkomsten en uitgaven) voor het jaar 2022 op de BUIG € 383.383. Het tekort betreft 16,67% van het ontvangen Rijksbudget. Over de jaren 2020, 2021 en 2022 is er sprake van een gecumuleerd tekort van 19,07%. Voor de historische ontwikkeling van het tekort wordt verwezen naar onderstaande tabel.
Lasten BUIG Baten BUIG Tekort voor VU
2020 2.284.712 2.343.597 58.885
2021 2.486.232 2.373.282 -112.950
2022 2.768.830 2.385.447 -383.383
Rol en informatiepositie college De collegebevoegdheden in het kader van de Participatiewet (en de eerder genoemde aanpalende wetten) zijn gedelegeerd aan de GR Sociaal / Sociale Dienst Drechtsteden (SDD). Formele informatieverstrekking over de voortgang van de uitvoering geschiedt via de reguliere begrotings- en viermaandelijkse verantwoordingscyclus, maar ook via ambtelijke afstemming. Het
1
Wet Inkomensvoorziening voor oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), Wet Inkomensvoorziening voor oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz).
2
feitelijke tekort op de BUIG voor 2022 is bepaald bij het opmaken van de jaarrekening 2022 door de GR Sociaal (januari 2023). Ambtelijk zijn de Drechtstedengemeenten als geheel (via het regionaal controllersoverleg) in november 2022 op de hoogte gesteld dat een aantal van hen mogelijk zou voldoen aan de criteria voor het aanvragen een vangnetuitkering. Op basis van de resultaten over de eerste 8 maanden (2e voortgangsrapportage) was dit nog niet voorzien, mede gezien het feit dat op basis van de Drechtstedenbreed geconstateerde bestandsdaling die in de tweede helft van 2022 was ingezet, ook voor Hardinxveld-Giessendam in de laatste verslagperiode een afname van het uitkeringsbestand verwacht werd. Die verwachte bestandsdaling bleef echter uit. Informatie over de bestandsontwikkeling in de Drechtsteden en Hardinxveld-Giessendam is in de periode 2020-2022 maandelijks met het college per mail gedeeld. Medio 2022 is dit veranderd met de openstelling van het gemeentedashboard, waarmee de informatiepositie van het college verder is versterkt en de betreffende gegevens ambtelijk en bestuurlijk kunnen worden geraadpleegd. In juli 2022 heeft overleg met wethouder Baggerman en ambtenaren plaatsgevonden om samen te bespreken of we de kansen voor inwoners met een bijstandsuitkering in HardinxveldGiessendam kunnen vergroten. Daarbij is uitgebreid stilgestaan bij de bestandsontwikkeling.
Op basis van dit gezamenlijke inzicht is gebrainstormd over manieren hoe de gemeente en de SDD gezamenlijk het perspectief voor de doelgroep met een bijstandsuitkering kunnen vergroten. In het overzicht van maatregelen gaan we hierop in. Rol en informatiepositie Dagelijks Bestuur GR Sociaal Zoals eerder gesteld zijn de collegebevoegdheden gedelegeerd aan de GR Sociaal en belegd bij het Dagelijks Bestuur van de SDD. Dit betreft ook het beleid en de sturing op de resultaten. Het beleid op het gebied van de Participatiewet is geharmoniseerd en daarmee voor alle gemeenten gelijk. In incidentele gevallen (bijvoorbeeld ten aanzien van pilots) wordt gemeentespecifiek beleid gevoerd. Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam was dat in het kader van de Participatiewet in 2022 niet het geval. Binnen de SDD is de afgelopen jaren de informatiepositie versterkt, met de ontwikkeling van een online dashboard dat realtime de bestandsontwikkeling weergeeft. Hierdoor kan goed worden gemonitord hoe het uitkeringsbestand zich qua aantallen en opbouw ontwikkelt en welke factoren daarbij een rol spelen. Dit geldt zowel voor de instroom als de uitstroom. Tot op heden is dit echter nog niet gekoppeld aan realtime financiële monitoring. Financiële monitoring vindt periodiek plaats in de viermaandelijkse rapportagecyclus.
Sturing op de in de begroting vastgestelde doelen en de geconstateerde voortgang vond in 2022 en de voorgaande jaren – mede gezien het geharmoniseerde beleid en de onderliggende financiële afspraken – primair plaats op Drechtstedenniveau. De ontwikkeling van het bijstandsbestand Hardinxveld-Giessendam (exclusief IOAW/IOAZ)
3
Bijstandsbestand in relatie tot inwonersaantal Op 31 december 2022 waren er 181 inwoners2 met een bijstandsuitkering (incl. IOAW: 8 inwoners; en IOAZ: 1 inwoner). Het aantal IOAW en IOAZ uitkeringen is in de afgelopen jaren nagenoeg constant gebleven. Het uitkeringsbestand betreft 1% van de totale bevolking. De verhouding van het aantal bijstandsklanten ten opzichte van de totale bevolking is hiermee in de afgelopen jaren licht toegenomen: in 2021 betrof dit 0,9% en in 2020 0,8%. Het absolute inwonersaantal van de gemeente is in de periode van 1996 tot 2016 redelijk constant gebleven, maar is aanzienlijk gestegen in de afgelopen jaren. In de periode van 2018 tot en met 2022 is het inwonersaantal met 4% gestegen, van 17.958 inwoners in 2018 naar 18.678 inwoners eind 2022. Eén van de mogelijke oorzaken van deze bevolkingsgroei is te vinden in de toename van het beschikbare woningaanbod en de grote krapte op de woningmarkt, waardoor ook inwoners uit andere woonplaatsen naar Hardinxveld-Giessendam toe trekken. Dit geldt ook voor bijstandsgerechtigden, die door een relatief groot aantal sociale huurwoningen in Hardinxveld-Giesendam wat eenvoudiger dan elders hun heil kunnen vinden.
Figuur Jaarkaart Divosa benchmark 2022 voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam
ONDERDEEL VERKLARING TEKORT 1e verklaring tekort BUIG: hoge instroom statushouders In het jaar 2022 zijn er 50 inwoners ingestroomd in de bijstand en zijn er 32 inwoners uitgestroomd. Deze relatief hoge instroom is ook terug te zien in de voorgaande jaren. Het verkrijgen van een verblijfsvergunning is veruit de meest voorkomende instroomreden per uitkeringsaanvraag. 2
Lichte afwijking in cijfers ten opzichte van de grafiek is mogelijk, doordat de cijfers op verschillende momenten uit het systeem gehaald zijn en aanvragen/beëindigingen met terugwerkende kracht geregistreerd kunnen worden.
4
Zowel in 2022 als 2021 betrof de instroom 17 huishoudens van statushouders die afhankelijk werden van bijstand. Hierbij speelt de beschikbare huisvesting in Hardinxveld-Giessendam een rol, aangezien een voldoende voorraad sociale huurwoningen cruciaal is om statushouders daadwerkelijk in een gemeente te kunnen huisvesten. Hardinxveld-Giessendam springt er qua beschikbare woningvoorraad in relatie tot de meeste andere Drechtstedengemeenten positief uit. Het aandeel statushouders binnen het bijstandsbestand van Hardinxveld-Giessendam is daarmee de afgelopen jaren fors toegenomen. Aangezien het bij Hardinxveld-Giessendam gaat om een kleinere gemeente met een gering bijstandsvolume, heeft een relatief groot aandeel statushouders direct impact op het bijstandsbestand en de kosten die hiermee gemoeid gaan. Dit effect geldt zeker ook voor de langere termijn, omdat een deel van deze doelgroep niet snel uitstroomt en minder kansen heeft om mee te doen aan de maatschappij. Naast de Participatiewet vallen statushouders namelijk onder de Wet inburgering. Het uitvoering geven aan deze wet vraagt met name in het begin van het traject de prioriteit, waardoor de focus nog niet op het realiseren van uitstroom ligt.
Een extra complicerende factor voor deze doelgroep in de afgelopen 1,5 jaar, is het tekort aan kinderopvang waardoor inburgeringstrajecten niet zo snel verlopen als kandidaat en wij willen. Een hogere instroom lijdt normaliter ook tot een hogere uitstroom, maar door het hoge aandeel inburgeraars in de gemeente Hardinxveld-Giessendam, geldt deze stelregel nu niet. Dat effect is dan ook direct zichtbaar in de lagere uitstroom dan landelijk gemiddeld. 2e verklaring tekort BUIG: de afstand tot de arbeidsmarkt van de bijstandsdoelgroep neemt toe
Figuur Ontwikkeling bijstand, Wsw en Wajong (Nederland) Bovenstaande grafiek geeft weer dat de doelgroep van de bijstand sinds 2015 verandert. De doelgroepen die in het verleden terecht konden binnen de Wajong en WSW, zijn nu afhankelijk van bijstand als zij niet zelfstandig werk kunnen vinden. In combinatie met de toenemende complexiteit in de maatschappij en een grotere groep nieuwkomers, is het toenemen van een groeiende groep bijstandsklanten onafwendbaar. De afstand tot werk neemt toe als zij langdurig afhankelijk worden. Om inwoners in de bijstand richting werk te bewegen vraagt dit intensieve dienstverlening. De coronaperiode en de overige stress-verhogende ontwikkelingen, zoals de koopkrachtdaling en energiecrisis, hebben ervoor gezorgd dat de perspectieven voor inwoners verder afnemen. 3e verklaring tekort BUIG: gemeente-specifieke bijzonderheden bestandsopbouw Kenmerkend voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam in vergelijking met andere gemeenten in de Drechtsteden, is dat het percentage bijstandsgerechtigden met een gehuwdennorm hoog is. Het percentage gehuwdenuitkeringen is gemiddeld 17,3%3. In Hardinxveld-Giessendam is dit aandeel aanzienlijk hoger, namelijk 25,4%. Dit resulteert in een gemiddeld substantieel hogere uitkering per verstrekking.
Daarnaast kent het bestand een groot aandeel uitkeringsgerechtigden met een lang uitkeringsverleden (60% van de bijstandsgerechtigden in Hardinxveld-Giessendam is meer dan 2 jaar 3
5
Bron: Divosa Benchmark
afhankelijk van een uitkering) en een grote afstand tot de arbeidsmarkt, waarvoor uitstroom naar betaalde of gesubsidieerde arbeid op afzienbare termijn niet aan de orde is. Deze doelgroep is door de coronajaren driedubbel op afstand gezet: door de reductie van uitstroommogelijkheden tijdens de lockdowns, de eveneens daardoor veroorzaakte stagnatie van (lopende) ontwikkeltrajecten en de concurrentie met beter gekwalificeerde werkzoekenden. Daarnaast is de participatie onder kwetsbare inwoners, waaronder deze groep, heel hard teruggelopen. Uit de monitor Sociaal Drechtsteden Hardinxveld-Giessendam (gepubliceerd in juli 2022) blijkt dat onder andere de eenzaamheid met 38% is toegenomen tijdens de coronaperiode. Met name kwetsbaren in de samenleving (waaronder inwoners met een langdurige uitkering) hebben extra veel moeite om meedoen te hervatten. 4e verklaring tekort BUIG: toename kosten loonkostensubsidie en Bbz. Buiten de ontwikkelingen in de bijstandspopulatie, is in 2022 een toename geweest in de kosten voor loonkostensubsidie bij een nagenoeg gelijkblijvend bestand subsidieontvangers. De oorzaak van deze uitgaven heeft grotendeels te maken met een wetswijziging rondom de vereenvoudiging van loonkostensubsidie per 1 januari 2022.
Met deze wetswijziging blijft de gemeente de loonkostensubsidie doorbetalen aan de werkgever bij ziekte, waardoor de kosten hoger uitvallen dan de jaren daarvoor. In het verleden betaalden gemeenten niet door bij ziekte en moesten de kosten voor doorbetaling van het salaris door de werkgever gedeclareerd worden bij UWV. Daarnaast wordt de loonkostensubsidie sinds 1 januari 2022 automatisch betaald in plaats van via declaratie. Ook dit zorgt voor hogere uitgaven (maar wel minder bureaucratie). Gezien het feit dat de Drechtsteden (waaronder in Hardinxveld-Giessendam) al langere tijd ruim bijdragen aan de banenafspraak en dus ruimer dan andere gemeenten inzetten op loonkostensubsidie, is het effect van deze wetwijziging relatief groter in de Drechtsteden. Zeker in kleinere gemeenten levert dit een groter effect op. Tevens is een toename in kosten geweest in de kosten voor de uitkeringen Bbz. De oorzaak van deze, naar verwachting tijdelijke, ontwikkeling is toe te schrijven aan de versoepelde Bbz regeling vanuit het Rijk die via de BUIG bekostigd werd. Ultimo gaat het in beide gevallen ten opzichte van de bijstandsuitgaven om relatief kleine bedragen (respectievelijke toename van € 11.646 (LKS) en € 14.528 (Bbz) boven begroting), maar ze dragen als onvoorziene kosten wel bij aan het totale tekort.
B GETROFFEN MAATREGELEN OM HET TEKORT TE REDUCEREN Beheersmaatregelen 2020-2022 - DRECHTSTEDENBREED Zoals eerder aangegeven zijn de collegebevoegdheden gedelegeerd aan de GR Sociaal en voert het Dagelijks Bestuur van de SDD een geharmoniseerd beleid. De belangrijkste prioriteit van dat beleid lag in de jaren 2020-2022 bij de participatiedoelstelling binnen de Participatiewet. Bij de ontwikkeling van de brede visie sociaal domein is erkend dat de focus binnen de Drechtsteden moet worden verlegd van directe plaatsing van bijstandsklanten op de arbeidsmarkt naar het ontwikkelen van arbeidsmarktwaarde. De eerste activiteiten hiertoe startten tijdens de coronaperiode, waardoor de ontwikkeling vertraging opliep. Na deze periode bleek dat de ontwikkeling naar werk voor bijstandsklanten intensiever is en langer duurt dan voor de coronaperiode werd verwacht. Ook is uit inventariserend onderzoek gebleken dat het grootste deel van de doelgroep laag op de participatieladder staat en dat met name lichamelijke en mentale beperkingen het perspectief van inwoners op arbeid beperkt. Dit levert een constante zoektocht op van SDD, gemeenten en partners naar het beperken van de instroom en het bevorderen van doorstroom en uitstroom. Onderstaand worden de maatregelen beschreven op het gebied van: 1. Het beperken van de instroom 2. Het bevorderen van de uitstroom naar werk 3.
Het bevorderen van doorstroom 4. Handhaving op rechtmatigheid 5. Gerichte inzet op statushouders 6. Beheersmaatregelen gemeentespecifiek Ad1. Het beperken van de instroom Bij de aanvang van de coronacrisis in 2020 heeft de SDD ingezet op het voorkomen van instroom in de bijstand. Door deze maatregelen en de Tozo-, NOW- en WW-regelingen is de instroom in de bijstand beperkt gebleven. De overige regionale maatregelen voor instroombeperking, die in de jaren 2020 tot met 2022 zijn genomen, behelzen onder andere:
6
•
Binnen het leerontwikkelbedrijf Perspct is een Werkfit-aanpak ontwikkeld die werkfitte inwoners direct vanaf de poort (aanvraag uitkering) ondersteunt bij het behouden en verder ontwikkelen van arbeidsmarktwaarde. • Met sociale partners in de arbeidsmarktregio is het mobiliteitsplatform Kickstart opgericht. • Werkgevers die kandidaten uit de doelgroep loonkostensubsidie aan het werk hebben, zijn direct bij aanvang van de crisis actief benaderd. Zo konden worden voorkomen dat de kwetsbare doelgroep werkenden te maken zou krijgen met ontslag en indien nodig kon worden herplaatst. Voor deze doelgroep is heeft het werkgeversservicepunt Baanbrekend een doorplaatsingsunit ingericht. • De Drechtsteden hebben als een van de eerste regio's ingezet op de doelgroep zelfstandigen. De rol van het Ondernemersloket was gericht op het benaderen van zelfstandigen die door de crisis wellicht hulp nodig hadden. • We boden en bieden nazorg bij klanten die via Perspct en Baanbrekend uitstromen naar werk. Dit leidde in de afgelopen jaren tot een flinke beperking van de herinstroom.
• Daarnaast werkt de SDD verder aan reguliere taken zoals project MAX WW, doorbetalen van lonen via Baanbrekend detacheren, samenwerken in jongerennetwerken, multidisciplinair samenwerken voor dak en thuislozen en maatschappelijke zorg, een poortproces gericht op het ontwikkelen naar werk, goede voorlichting, toetsing en directe hulp waar nodig alsmede een specifieke jongerenaanpak. Ook deze taken zorgden ervoor dat de instroom in de bijstand beperkt is gebleven. Het gecombineerde effect van de coronacrisis enerzijds, en de instroombeperkende maatregelen anderzijds, was dat – Drechtstedenbreed – de instroom gedurende de coronajaren ondanks een wat grillig verloop, een lichte daling vertoonde. Vanaf augustus 2022 is er sprake van een verdere doorzetting van deze daling, die zich tot het einde van 2022 heeft verscherpt. De nieuwe instromers in de coronaperiode hadden vaak een groter uitstroompotentieel dan inwoners die langer in het bestand verbleven. Met de verdere daling van de instroom valt echter op, dat de instroom die zich in de loop van 2022 heeft gemeld bij de SDD juist kampt met relatief grotere problematiek. Dit nog los van de statushouders die instromen vanwege de opwaarts bijgestelde taakstellingen als gevolg van de asielcrisis. Ad2. Het bevorderen van uitstroom naar werk Gedurende de jaren 2020 en 2021 is de uitstroom, ondanks de coronaperiode, gestaag opgelopen.
In deze periode is de uitstroom vooral bevorderd door: • De arbeidstoeleiding van inwoners te richten op kansrijke sectoren en maatschappelijk verantwoorde ondernemingen. Op basis van uitgebreide arbeidsmarktanalyses zijn verschillende kansrijke beroepen onderscheiden binnen de sectoren Zorg, Logistiek, Retail, Vervoer, Bouw, Afvalverwerkende Industrie en het Groen. Aanvankelijk nam het aantal vacatures af, maar na het beëindigen van de lockdowns steeg de vraag naar werknemers aanzienlijk. • In te zetten op de arbeidsmarktwaardeontwikkeling van inwoners en te investeren in intensieve begeleiding na bemiddeling. Binnen het leerontwikkelbedrijf Perspct worden in verschillende leerlijnen inwoners ontwikkeld en begeleid naar betaald werk, middels een integraal en methodisch dienstverleningsconcept gericht op de mogelijkheden van de inwoner en relatie tot de beschikbare kansen op de arbeidsmarkt. De capaciteit is dankzij de programma's Perspectief op Werk en de Regiodeal vergroot. Deze programma’s hadden wel te lijden onder de coronacrisis, omdat, zeker voor het gedeelte "ontwikkelen van werknemersvaardigheden", fysieke aanwezigheid van belang was. Als de uitstroom van Perspct stagneert, dan stagneert de instroom bij Baanbrekend en als de instroom stagneert bij Baanbrekend stagneert de uitstroom naar de arbeidsmarkt.
Inmiddels is het programma weer volledig op gang en wordt het aanbod aanhoudend aangepast op de mogelijkheden van de arbeidsmarkt en de kansen van de kandidaten. Denk hierbij ook aan de toenemende problematiek en kwetsbaarheid. Voldoende aandacht per klant is hierbij een vereiste. • De Drechtstedelijke inzet op de loonkostensubsidie maakt dat de Drechtsteden landelijk koploper waren. Dit zak voor de komende jaren een financieel voordeel opleveren daar de financieringsgrondslag met ingang van 2022 ten gunste de Drechtsteden is veranderd (op basis van realisatie in plaats van objectief); (bron: dashboard banenafspraak UWV). • Daarnaast is ingezet op ontwikkelbedrijven als Opnieuw & Co en Stroomlijn. Perspct is daarbij de methodiek die binnen de ontwikkelbedrijven centraal staat. • Voor parttime uitgestroomde bijstandsgerechtigden is een project ingezet met als doel deze inwoners fulltime te laten uitstromen.
7
•
Om de kansen voor alleenstaande ouders te vergroten is vanuit het programma ontwikkelen naar werk een groepsgerichte aanpak voor alleenstaande ouders opgericht.
Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt en de inspanningen uitstroom naar betaalde arbeid te bevorderen, valt op dat gedurende 2022 de uitstroom een daling vertoont, die vanaf augustus doorzet en naar het einde van het jaar toe verder verscherpt. Als wordt gekeken naar de doelgroep die uitgestroomd is in 2022, valt op dat betrokkenen allemaal relatief lang een uitkering ontvingen, namelijk gemiddeld 38 maanden. Dit zegt iets over de intensievere dienstverlening die – met het zwaarder worden van het bestand – nodig is om inwoners te activeren en te ontwikkelen naar werk. Daarbij valt ook op dat de toegenomen onrust rond de energie- en koopkrachtontwikkelingen leidt tot meer instabiliteit en stress bij de klanten. Deze verzwaring van de problematiek heeft zowel gevolgen voor de inwoners, als de inzet vanuit de dienstverlening. Werkgevers in de Drechtsteden worden zich steeds meer bewust van de sociale impact die zij kunnen maken, door bijvoorbeeld inwoners met een bijstandsuitkering een kans te bieden in hun bedrijf. Dit was al zichtbaar doordat in deze regio zoveel inwoners met loonkostensubsidie bij regulier werkgevers aan de slag zijn, maar dit besef verspreidt zich inmiddels verder. Werkgeversservicepunt Baanbrekend Drechtsteden organiseert dan ook niet voor niets de Social Impact Award. Werkgever de Lange Wei uit Hardinxveld-Giessendam won deze prijs al eenmaal.
Ook in de arbeidsmarktregio en lokaal zien we steeds meer aandacht voor maatschappelijk betrokken ondernemen. Ad3. Bevorderen van doorstroom De grote uitdaging van de afgelopen coronajaren bleek niet gelegen in de beperkte kansen op de arbeidsmarkt, maar in het stabiliseren, activeren en participeren van het zittende bestand. De maatschappelijke participatie is door corona fors afgenomen (Bron: OCD onderzoek Wmo). Dit openbaarde zich vooral bij de kwetsbare doelgroepen. Ook had dit een zeer negatief effect op bijvoorbeeld inburgeringstrajecten. De uitstroomkansen voor deze doelgroepen zijn daardoor, ook voor de langere termijn, afgenomen. Om deze reden wordt het instrumentarium aangepast aan de doelgroep. Om goed inzicht te krijgen in het bijstandsbestand zijn in 2021 en 2022 alle inwoners met een bijstandsuitkering gesproken. Hierbij is informatie vergaard over de positie op de participatieladder en de beperkingen die inwoners ervaren om ontwikkelingen te maken, vervolgd door een verdiepende analyse van meer specifieke groepen in het bestand (inwoners met beperkingen, jongeren en statushouders). De uitkomsten van deze onderzoeken worden in 2023 verwacht.
Figuur: Inwoners met een bijstandsuitkering Hardinxveld-Giessendam ingedeeld op de participatieladder.
8
Ook de dienstverlening is aangepast om een beter effect te kunnen bereiken. Alle medewerkers van de SDD zijn getraind in motiverende gespreksvoering en stress-sensitieve dienstverlening. Voor inwoners die zich ontwikkelen naar werk is, wordt sinds 2020 gewerkt aan diagnostiek in het arbeidsonderzoekscentrum. Deze methodiek levert de inwoner veel inzicht over zichzelf op waarna gewerkt kan worden aan een passend plan van aanpak met een realistisch en duurzaam arbeidsmarktperspectief. Inmiddels worden zowel de aandacht voor stress-sensitieve dienstverlening als de ontwikkelaanpak van de SDD als landelijk voorbeeld beschouwd. Onder de doelgroep is in 2022 ook een onderzoek gestart naar mogelijke onderbenutting van voorliggende voorzieningen. Hiermee kunnen uitkeringslasten mogelijk ook worden beperkt. Ad4. Handhaving op rechtmatigheid In de periode 2020 en 2021 is het aantal inwoners dat specifiek uitstroomde als gevolg van handhaving opgelopen. Vanwege de contactbeperkende maatregelen konden in 2020 minder handhavingsprojecten worden uitgevoerd. In 2021 konden weer meer projecten worden uitgevoerd vanwege het – gedeeltelijk en tijdelijk – vervallen van deze maatregelen. In deze periode is een extra project uitgevoerd gericht op opsporing van bijstandsfraude in het buitenland.
Ook is gewerkt aan innovatie zoals afgestemde handhaving door middel van LSI (handhaving afgestemd met partners). In 2022 is dit aantal weer wat afgenomen. Dit als gevolg van een wijziging in het karakter van de aanpak, waarbij handhaving in de afgelopen jaren geleidelijk is veranderd van streng naar meer zorgzaam en gericht op het realiseren van publieke waarde. Ook de integrale handhaving helpt om onderliggende problematiek eerder te onderkennen en aan te pakken. De handhaving heeft hiermee een meer preventief gericht karakter gekregen. Mede door deze omslag is de uitstroom door handhaving dan ook lager dan in voorgaande perioden. Ad5. Gerichte inzet op statushouders Vóór 2021 was de prognose dat met de inzet van Impuls Statushouders 170 statushouders (Drechtstedenbreed) onafhankelijk van een uitkering zouden worden en een plek op de arbeidsmarkt krijgen. Ondanks de crisis is dit gelukt. Als gevolg van de coronamaatregelen zijn in 2020 de groepsactiviteiten opgeschort en is omgeschakeld naar individuele begeleiding van statushouders of, indien mogelijk, naar digitale groepsbijeenkomsten. Gevolg hiervan is dat ook in 2021 een minder groot beroep gedaan is op de inzet van fysieke groepsactiviteiten zoals de VCA-opleiding, heftruckcertificaten of taalwerk-stages.
Door de focus te verschuiven naar individuele begeleiding zijn de nadelige gevolgen voor de statushouders zoveel mogelijk beperkt. Met de invoering van de nieuwe Wet inburgering 2021 met ingang van 1 januari 2022, is de prioriteit bij de aanpak van de doelgroep statushouders vooral gericht op het vinden van aansluiting op het reguliere (beroeps)onderwijs. Op basis van de leerbaarheid en het competentieniveau staan ons daarvoor verschillende inburgeringstrajecten ter beschikking. De inzet van werk dient daarbij zoveel mogelijk ondersteunend te zijn aan de inburgeringstrajecten. De keuze voor het best passende inburgeringstraject wordt vastgesteld op basis van voor dit doel ontwikkelde testen. Binnen de Drechtsteden zijn de individuele gemeenten verantwoordelijk voor de inburgering van statushouders. De GR Sociaal voert namens de gemeenten de regie over het inburgeringsproces. Om deze taak goed te kunnen uitvoeren, werken gemeenten en de GR Sociaal nauw samen. Zo zijn samenwerkingsafspraken gemaakt over de maatschappelijke begeleiding (in opdracht van gemeenten), samenwerking met sociale teams en regievoering op de inburgering (GR Sociaal), zijn inkoopafspraken gemaakt met onderwijsinstellingen, is een welkomstprogramma ontwikkeld dat past bij de opdracht en is een klantreis vormgegeven.
Ondanks de invoering van de Wet inburgering 2021 per 1 januari 2022 blijkt dat statushouders onder het regime van de nieuwe wet feitelijk pas vanaf de zomer 2022 zijn ingestroomd. De bijbehorende inburgeringstrajecten zijn daarbij pas vanaf september van start gegaan. De instroom gedurende het jaar 2022 bestaat hierdoor nog voor een deel uit statushouders, vallend onder de Wet inburgering 2013 en daarmee qua uitvoering onder Impuls statushouders. Dit heeft de uitvoering gecompliceerd. Ad 6. Beheersmaatregelen 2020-2022 - GEMEENTESPECIFIEK Buiten de regionale aanpak is in Hardinxveld-Giessendam extra aandacht besteed aan de doelgroep statushouders. Deze aanpak voorzag vooral in het onderhouden van nauwere contacten ten aanzien van de begeleiding en participatiemogelijkheden. Tevens is bij de gemeente ingezet op taalontwikkeling bij de bibliotheek. Met ingang van 2022 is de werkgroep Kerk en Vluchteling gevraagd om zich in te zetten voor de participatie van nieuwe inwoners. De werkgroep, bestaande uit
9
leden van diverse maatschappelijke partners binnen de gemeente, komt periodiek bij elkaar en stemt (gezamenlijke) initiatieven af gericht op de doelgroep statushouders. De gemeente Hardinxveld-Giessendam vindt het belangrijk dat het Sociaal Team een meewerkende rol heeft in het inburgeringstraject. Op deze manier zijn alle nieuwe vestigers in Hardinxveld-Giessendam in beeld en kan worden bewaakt dat gedurende het inburgeringstraject aandacht is voor de "levensbrede mensvisie". Daarom heeft de gemeente in 2022 een aandachtsfunctionaris Inburgering aangewezen. De aandachtsfunctionaris is betrokken bij het inburgerstraject, aanspreekpunt voor de consulenten van de SDD en een belangrijke schakel naar het voorliggend veld. In 2023 gaat deze aandachtsfunctionaris ook expliciet aandacht schenken aan nieuwkomers die vielen onder de oude wet Inburgering. Binnen deze groep bevinden zich inwoners die hun inburgeringsdiploma hebben behaald, maar na een aantal jaar nog niet aan het werk zijn en min of meer beeld zijn geraakt bij instanties. Onder andere in samenwerking met de SDD en Vluchtelingenwerk worden hier acties op gezet. Ook zijn er in het Sociaal Team een aantal maatschappelijk werkers aangewezen op de specifieke taak 'waakvlambegeleiding'.
Waakvlamondersteuning is een vorm van lichte ondersteuning die gedurende langere tijd incidenteel of periodiek aangeboden wordt aan kwetsbare mensen. Begeleiding is vaak praktisch van aard. Onder de groep inwoners dat waakvlamondersteuning ontvangt, bevindt zich ook een groep ex-statushouders. Begeleiding is regelmatig gericht op het activeren tot participeren en het vergroten van de (financiële) zelfredzaamheid. Gemeentespecifiek geldt verder dat in Hardinxveld-Giessendam het aantal participatieplekken laag was, waardoor het moeilijker is om deze inwoners te matchen met een passende plek als iemand zelf geen eigen netwerk heeft. Meedoen levert vaak een toenemend perspectief op waardoor ook vervolgstappen op de participatieladder mogelijk zijn. In 2022 is dit knelpunt met de wethouder en ambtenaren besproken. De gemeente heeft vervolgens het iniatief genomen om partners in Hardinxveld-Giessendam samen te brengen om samen na te gaan hoe participatiekansen binnen de gemeente kunnen worden vergroot. In 2023 worden de acties hieruit vervolgd en gemonitord door een werkgroep met stakeholders. Er is vanuit de SDD sinds enige tijd meer aandacht voor gemeentegericht werken. Dit houdt in dat onder meer consulenten (regulier en inburgering) en medewerkers van de klantenservice lokaal actief zijn.
Inwoners, waaronder ook (ex-)statushouders, weten het lokale inlooploket van de SDD steeds beter te vinden voor vragen. Daarnaast is er ook goed contact tussen de lokale bedrijfscontactfunctionaris en Werkgeversservicepunt Baanbrekend Drechtsteden.
Aanvullende beheersmaatregelen 2023 - DRECHTSTEDENBREED Het is een blijvende zoektocht om de opwaartse doorstroom op de participatieladder en uitstroom van het bijstandsbestand te vergroten. Ook het voorkomen van instroom blijft aandacht hebben. In voorgaande tekst zijn een aantal maatregelen gestart waarvan het effect zich in 2023 moet voordoen. Buiten deze maatregelen, gaat het in 2023 om de volgende aanvullende acties: • Het aantal vroegtijdig schoolverlaters neemt toe. Om instroom te voorkomen gaat de SDD, samen met de Dienst Gezondheid en Jeugd (DGJ), verder met de doorontwikkeling van het proactief benaderen van kwetsbare jongeren. Dit zijn jongeren die niet bekend zijn bij een werkgever, geen inschrijving hebben op school en nog niet bekend is bij een uitkeringsinstantie. Ook het benaderen van jongeren op praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs zorgt er voor dat jongeren niet vroegtijdig afhankelijk worden van een uitkering. De wetgeving gaat veranderen waardoor ook jongeren op het MBO in minder kansrijke sectoren benaderd kunnen worden. Bovendien komt in alle arbeidsmarktregio's een regionaal werkcentrum waar iedereen die een werkvraag heeft geholpen kan worden. Ook dit moet er voor zorgen dat er minder ingestroomd wordt in de bijstand.
• Tijdens de coronaperiode is ten behoeve van toekomstige uitstroombevordering primair ingezet op het in verbinding blijven met klanten en zijn, waar mogelijk, ontwikkeltrajecten geboden. De dienstverlening (o.a. trainingen en taallessen) heeft daarbij aanvankelijk een digitale invulling gekregen. In 2022 is ingezet op de verbetering van de kwaliteit van het trainingsprogramma, het verbeteren van methodieken en het ontwikkelen van een digitaal leerplatform, waarmee voor uiteenlopende doelgroepen met de leermethode een passend en compleet ontwikkelprogramma wordt aangeboden. Deze methodiek wordt breder uitgerold in 2023.
10
•
•
•
•
•
11
Omdat de groep die een grote afstand heeft tot de arbeidsmarkt binnen de bijstandspopulatie een steeds groter aandeel inneemt en de vraagstukken waarmee men te maken krijgt steeds complexer worden, is het van belang om de huidige methodieken en het huidige instrumentarium meer en meer op deze doelgroep aan te passen. Het gaat, buiten de groeiende groep statushouders die in het kader van de Wet inburgering 2021 langdurige trajecten doorlopen, Drechtstedenbreed om een grote groep van ca. 5.000 klanten met lichamelijke en/of psychische klachten. De doorstroom willen we vergroten door: o het eerste jaar van de uitvoering van de wet inburgering te evalueren en daarvan te leren en de dienstverlening samen met de gemeenten te verbeteren; o de mogelijkheden van de groep met lichamelijke en/of psychische klachten nader in kaart te brengen is in 2022 gestart met het uitvoeren van verdiepende analyses van het zittende bestand. Deze analyses richten zich onder meer op een aantal specifieke doelgroepen: ▪ een analyse van de doelgroep met lichamelijke klachten door een extern bureau; ▪ een scan naar het gebruik van voorliggende voorzieningen; ▪ een uitgebreide nadere analyse van de doelgroep van het jongerenteam; ▪ een gefaseerde analyse van de doelgroep statushouders, vallend onder de Wet inburgering 2013.
Hoewel Hardinxveld-Giessendam ten opzichte van het landelijk gemiddelde goed scoort, blijft het aantal parttimers op Drechtstedenniveau achter. Hier ligt een belangrijk ontwikkelpunt voor de komende jaren. Parttime werk biedt uitkeringsgerechtigden de mogelijkheid werkervaring op te doen, een netwerk op te bouwen, zichzelf te ontwikkelen en (idealiter) hun financiële positie te verbeteren. Bovendien is bewezen dat parttime werk voor een deel van de doelgroep een "stepping stone" vormt voor duurzame uitstroom op termijn. Financieel gezien betekent parttime werk voor gemeenten een voordeel, omdat bijstandsgerechtigden een deel van hun uitkering 'terugverdienen'. En op een later moment mogelijk volledig uitstromen. Echter, de stap naar parttime werk is voor uitkeringsgerechtigden niet eenvoudig te maken. Financieel gezien heeft dit zowel te maken met de verrekensystematiek (van werkinkomen en uitkering), als het recht op toeslagen en daarmee mogelijke negatieve gevolgen bij de belastingaangifte in het volgende jaar. In tegenstelling tot wat eigenlijk zou moeten, gaat parttime werken daardoor gepaard met toenemende inkomensonzekerheid. Zowel op korte als op lange termijn. Om dit te voorkomen wordt in 2023 gestart met een pilot om deze vorm van werken aantrekkelijker te maken.
De opzet van deze pilot is gericht op inkomensvrijlating (van een deel van de inkomsten) en toepassing van een bufferbudget in het kader van de aanstaande wetswijziging van de Participatiewet (Participatiewet in Balans), waarmee negatieve fluctuaties in het maandelijkse totaalinkomen worden voorkomen. Buiten parttime werk, zal meer focus worden gelegd op maatschappelijke participatie. Daarmee wordt niet alleen vooruitgelopen op de aanstaande wijziging van de Participatiewet (in het wetsvoorstel is momenteel nog een participatieplicht opgenomen), maar vooral omdat participatie voor deze doelgroep cruciaal wordt geacht als een eerste stap richting herstel van perspectief en zelfvertrouwen en het opbouwen van een (nieuw) netwerk. Daarnaast zal, conform de Visie sociaal domein Drechtsteden, de komende jaren het versterken van bestaanszekerheid (in de brede zin) een meer prominente plaats krijgen in de dienstverlening van de SDD, door passende financiële voorlichting, het optimaal benutten van financiële voorzieningen en aandacht voor issues op het gebied van veiligheid, gezondheid en wonen. Dit mede in de verwachting dat stabiliteit op deze terreinen (op termijn) meer ruimte maakt voor perspectief en ontwikkeling.
2023 is in dit opzicht een transitiejaar, ook wat betreft de inrichting van de organisatie, en inregelen zal de nodige tijd vergen, waardoor positieve effecten vooral pas in latere jaren te verwachten zijn. Sinds 1 januari 2023 valt ook Drechtwerk onder de GR Sociaal. De komende tijd wordt de samenwerking verder versterkt en onderzocht welke kansen kunnen worden gevonden voor (de doorontwikkeling van) de doelgroep Participatiewet. In het geval van HardinxveldGiessendam wordt tevens afstemming gezocht met Avres, de werkgever van circa 40 medewerkers uit Hardinxveld-Giessendam vanuit de Wet Sociale Werkvoorziening.
•
•
Er wordt toegewerkt naar een omslag binnen de GR Sociaal waarbij de regionale inzet meer verbonden wordt met het lokale niveau. Onder de oude governance was dat minder aan de orde. Dit dient in 2023 nog nader samen met de gemeenten worden vormgegeven. Onderdeel hiervan is de omslag naar meer gemeente-specifieke sturing op de ontwikkeling van het bijstandsbestand. Gezien het feit dat over het jaar 2022 in totaal drie gemeenten in de Drechtsteden in aanmerking komen voor een aanvraag voor de vangnetuitkering, wordt in 2023 de monitoring en resultaatsturing op gemeenteniveau versterkt. Aanvullend zijn wij actief in landelijke netwerken en leergroepen zoals VNG, Cedris, Divosa en andere gelegenheidscoalities om van elkaar te leren.
C Beoogd effect van de onder B genoemde maatregelen op de tekortreductie De doelstelling op het bijstandsbestand wordt in de jaarlijkse Begroting, om ten aanzien van de landelijke trend financieel in de pas te blijven, bepaald op basis van de meest recente Macro Economische Verkenning (MEV, verschijnt jaarlijks in september) van het Centraal Planbureau (CPB). Bijsturing vindt gedurende het jaar tijdens de eerste bestuursrapportage plaats op basis van het meest recente Centraal Economisch Plan (CEP, verschijnt per kwartaal) en bij de tweede bestuursrapportage op basis van de nieuwe MEV. Het beoogd effect is om alle gemeenten in de Drechtsteden te laten presteren op de CPB norm. De CPB norm is op dit moment een bestandsdaling van 1,4 %. Deze norm kan gedurende het jaar nog worden aangepast op basis van de landelijke trends en ontwikkelingen. Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam betekent dit beoogd effect dat het bestand op 31 december 2023 iets is gedaald tot 178 (ten opzichte van 181 nu). Zoals hierboven omschreven moet wel worden toegevoegd dat ondanks het treffen van maatregelen, het behalen van de doelstelling uitdagend wordt. Bijvoorbeeld de instroom van statushouders heeft in kleinere gemeenten een groot effect. Gezien de taakstelling huisvesting statushouders moet er rekening mee worden gehouden dat ook 2023 geen meevallend jaar wordt.
Zoals in het voorgaande is aangegeven, is het een blijvende zoektocht om de opwaartse doorstroom op de participatieladder en de uitstroom van het uitkeringsbestand te vergroten. Dit tegen de achtergrond van een toenemende verzwaring van het uitkeringsbestand. Het realiseren van doorstroom en uitstroom wordt voor de resterende doelgroepen een kwestie van lange adem. De in de vorige paragraaf geschetste maatregelen zijn nog in ontwikkeling en het effect kan – noch individueel, noch gezamenlijk - niet worden gekwantificeerd. Onder de oude governance (GR Drechtsteden) werd ten aanzien van de bijstandsontwikkeling primair gestuurd op budgetbeheersing voor de zeven gemeenten gezamenlijk. Dit had niet alleen met de verantwoordingssystematiek richting de Drechtraad te maken, maar ook met de onderliggende financiële afspraken binnen de GR (solidariteit). Deze lijn is in het overgangsjaar 2022 onder de nieuwe governance (GR Sociaal) voortgezet.
D. Ondertekening Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hardinxveld-Giessendam verklaart dat het voor 15 augustus 2023 de genoemde maatregelen heeft getroffen om te komen tot tekortreductie. Datum ….
De secretaris,
Naam van de ondertekenaar: ………………………………………………………….
12
De burgemeester,
Naam van de ondertekenaar: ………………………………………………………….
Instemming gemeenteraad Aanvullingen gemeenteraad bij de beschrijving van de wijze waarop de gemeenteraad is geïnformeerd door het college
NVT of aanvullingen invoegen
Samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad Typering van de reacties die in de raadsbesluiten zijn opgenomen gedurende het gehele proces Expliciet goedkeurend waardering over analyse en maatregelen uitgesproken X Impliciet goedkeurend, is behandeld als hamerstuk Afkeurend en gevraagd het plan te herzien Verzoek om onderdelen van de globale analyse te herzien of aan te vullen Verzoek om bepaalde maatregelen te schrappen of aanvullend maatregelen te treffen Verzoek om het tempo van de invoering en/of uitvoering van maatregelen te versnellen Verzoek om extra informatie over maatregelen Verzoek om meer informatie t.a.v. de beoogde effecten van maatregelen X Verzoek om gerealiseerde effecten te monitoren en terug te koppelen
Ondertekening De gemeenteraad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam stemt in met de onder 1 afgegeven verklaring door het college van deze gemeente. Met de ondertekening gaat de gemeenteraad akkoord met de beschrijving van de wijze waarop hij is geïnformeerd door het college en de weergave van de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad.
De voorzitter,
Naam van de ondertekenaar: ………………………………………………………….
13
De griffier,
Naam van de ondertekenaar: ………………………………………………………….
14