Bijlage 1 Beantwoording vragen gemeenteraad nav De Ontmoeting 18 maart 2021 - gewijzigde versie 31 mei 2021.pdf
Tekst van het document
Beantwoording vragen gemeenteraad Hardinxveld-Giessendam Vragen PvdA Max van den Bout 1. Vraag: In de "samenvatng MER" staat dat bij alternatee A/B (de kortste route naar de Giessen) de daar bestaande dagrecreateeercelen zullen verdwijnen. Dat betref tussen 10 en 20 eerceeltjes. In een eerdere voorlichtngg maar ook oe 18 maart werd echter gesteld dat de mogelijkheid van een alternatee zullen worden bekekeng wellicht langs de nieuwe boezem. Dat zou voor betrokkenen een uitkomst zijng want die zijn niet geïnteresseerd in geldg maar slechts in een alternatee. Van wie (Gemeente oe Waterschae) is dat afankelijk en wie draagt de kosten? Antwoord: Het betref drie eigenaren en een zestal huurders van dagrecreateeercelen ter hoogte van dit kansrijke tracé. Het waterschae is verantwoordelijk voor de tracékeuze en de erocedure hiervoor. De kosten die gemoeid zijn met de aanleg en ineassing van de nieuwe boezem en het gemaal worden eveneens gedragen door het waterschae. Samen met ineut vanuit betrokken grondeigenaren en gemeente wordt door het waterschae het defniteve tracé gekozen. Bij voorbaat is duidelijk dat helaas niet iedereen tevreden gesteld kan worden. Waar mogelijk erobeert het waterschae naast fnanciële schadeloosstelling in alternateven te voorzien zoals de oete ‘grond voor grond..
Om deze oete te kunnen realiseren zal de gemeente elanologisch de ruimte moeten bieden om in verelaatsing in de directe nabijheid te kunnen voorzien. Daarnaast zullen de betrefende eigenaren ook bereid moeten zijn hun grond af te staan voor recreatedoeleinden. De gemeente en het waterschae trekken hierin samen oe om deze oete te onderzoeken. 2. Vraag: De bewoners van de Parallelweg ter elaatseg genieten nu van erivacy tot de A15. Een nieuwe boezem met kades langs en achter hun huisg zal die erivacy mogelijk aantasten. Is het de bedoeling dat de boezem en de kades ten zuiden van seoorlijn/Parallelweg niet oeenbaar toegankelijk zijng om zo de erivacy zo min mogelijk aan te tasten? En ook hier geldtg wie beeaalt dat? Antwoord: Dit soort keuzes is nog niet gemaakt, maar zijn onderdeel van de ruimtelijke visie die de gemeenteraad zal vaststellen en de verdere elanuitwerking. Het waterschae biedt de mogelijkheid om meekoeeelkansen te benuten. In het collegeerogramma van de gemeente Hardinxveld-Giessendam staat dat een eretge woon- en leefomgeving wordt nagestreefd, waaronder het versterken van recreatemogelijkheden. In het coaliteakkoord wordt aangegeven dat er gezocht wordt naar meer mogelijkheden voor een ‘rondje Hardinxveld-Giessendam.. Daarbij wordt gekeken naar de verbinding met al bestaande wandel- en (snel)fetsroutes zowel lokaal als regionaal.
Het toestaan van extensieve routegebonden recreate (zoals wandelen en fetsen) langs het tracé van het boezemkanaal east binnen deze doelstelling. Of en oe welke wijze en via welke route een en ander gerealiseerd kan worden hangt mede af van de keuze voor het voorkeurstracé en de technische uitwerking daarvan. Samenhang met eventuele onderhoudseaden gaat nader
onderzocht worden. Ook de verdere ineassing van een dergelijk wandelead om erivacy zo veel mogelijk te waarborgen wordt onderzocht. Vanuit het dore zal een wandelead langs de nieuwe boezem waarschijnlijk als een aanwinst worden gezien. Bewoners uit het gebied hebben aangegeven geen voorstander van een wandelead te zijn vanwege erivacy en rust. 3. Vraag: De gronden tussen Parallelweg en A15 (en ook de driehoek tussen A15 en kanaal) zijn deels bedrijesmatg in gebruik. Mag worden aangenomen dat het Waterschae de betrefende eigenaren (en mogelijk ook eachters) oe een geeaste manier schadeloos stelt? Antwoord: Het waterschae zal met alle betrokken grondeigenaren in geserek gaan en uiteraard zorgen voor een eassende schadeloosstelling conform gangbare schaderegelingen als nadeelcomeensate en elanschade. Daarnaast zal ook gezocht worden naar andere mogelijkheden, zoals bijvoorbeeld kavelruil.
Vragen CDA Timo van Zessen 1. Vraag: Hoe weegt het Waterschae de inbreng van de inwoners? Welke criteria worden hierbij gehanteerd? Antwoord: Het waterschae realiseert zich terdege dat het boezemkanaal en –gemaal een groot efect heef oe de directe omgeving. Dat seeelt voor elk tracé. Niet in alle wensen en eisen kan worden voorzien. Het waterschae onderzoekt naast fnanciële schadeloosstelling ook naar mogelijkheden om comeenserende maatregelen van negateve efecten zo goed mogelijk in te eassen of bijv. grond-voor-grond comeensate. Dit gebeurt in overleg met gemeente(n) en andere eigenaren. Bij de tracékeuze worden naast het criterium van maatschaeeelijk draagvlak ook naar technisch uitvoerbaarheid, efecten oe milieu en omgeving en kosten, elanning en risico.s meegenomen.
2. Vraag: In hoeverre looet de elanning boezemkanaal en de ontwikkeling van de F15 fietssnelweg gelijk oe? Antwoord: Voor de ontwikkeling van de snelfetsroute wordt onderzoek gedaan naar een tracé earallel langs de A15. Voor de elanning wordt waar mogelijk zoveel mogelijk aansluitng gezocht met andere erojecten zoals de eventuele verbreding van de A15 en de aanleg van het boezemkanaal. De kruising van de snelfetsroute met het boezemkanaal wordt gelijktjdig met de uitwerking van het boezemkanaal meegenomen. 3. Vraag: Is het mogelijk dat er een aearte sheet komt met de raadsstaeeen (Visie ruimtelijke kwaliteit/ omgevingselan/ meekoeeelkansen). Antwoord Onderwere Start Visie Ruimtelijke Kwaliteit
Tyee ontmoetng gemeenteraad Informerende
Datum 18 maart 2021
Conceet Visie Ruimtelijke Kwaliteit Vaststellen Visie Ruimtelijke Kwaliteit Conceet uitwerking en beoordeling kansrijke tracés boezemkanaal en locate boezemgemaal uit te werken meekoeeelkansen
Raadelegend Besluitvormend
17 juni 2021 23 seetember 2021
Raadelegend
18 november 2021
Toelichting op proceurre en bevoeguheuen In de eerste elaats wordt oegemerkt dat de hieronder beschreven toelichtng betrekking heef oe een eroject dat wordt geïniteerd door een medeoverheid, in dit geval het Waterschae en niet vergelijkbaar is met een eroject van een willekeurig initatefnemer. In dit geval betref het overheidsinitatef waarvoor onder de huidige Waterwet een Projectelan en onder de nieuwe Omgevingswet een Projectbesluit nodig is. In het Ontwere-Projectbesluit met eventuele bijbehorende MER en uitvoeringsbesluiten (vergunningen en onthefngen) wordt het uiteindelijke ontwere, de ligging, het ruimtebeslag en de ineassing van het boezemgemaal en het nieuwe boezemkanaal vastgelegd. Het Projectbesluit wijzigt ook direct het omgevingselan. Het College van Dijkgraaf en Heemraden van WSRL stelt het Ontwere-Projectbesluit vast en legt het ter inzage. Na verwerking van de ingediende zienswijzen wordt het Projectbesluit defnitef door het waterschae vastgesteld en samen met de uitvoeringsbesluiten ter goedkeuring voorgelegd aan Gedeeuteerde Staten van Zuid-Holland. Het goedgekeurde Projectbesluit wordt vervolgens door GS ter inzage gelegd en belanghebbenden kunnen daartegen beroee instellen bij de Afdeling bestuursrechtseraak van de Raad van State.
Belangrijkste wijziging ten oezichte van de huidige situate is dus dat geen bestemmingselan met een eigen te doorloeen erocedure conform de Wet ruimtelijke ordening oegesteld hoef te worden. Het erojectbesluit wijzigt het omgevingselan rechtstreeks. Onder de werking van de Omgevingswet heef de gemeenteraad noch het college van burgemeester en wethouders formele bevoegdheid een besluit te nemen over het voorkeurstracé van het kanaal en de ligging van het gemaal en de benodigde wijziging van de bestemming. Echter, wél zal de gemeente aanvullende besluiten moeten nemen ten behoeve van het erojectbesluit, zoals omgevingsvergunningen. Die rol blijf de gemeente natuurlijk houden. Daarnaast zal de gemeente ook aanvullende besluiten moeten nemen als beeaalde meekoeeelkansen gelijktjdig met het boezemkanaal gerealiseerd gaan worden. Daarbij gaat het om bestemmingswijzigingen die verder gaan dan de ineassing en comeensate van het boezemkanaal. Te denken valt bijvoorbeeld aan een extra fets- of wandelead, of verelaatsing of extra dagrecreate of toevoeging van enkele woningen. Afankelijk van de groote en imeact van deze meekoeeelkansen zal een aaneassing van het omgevingselan of een aanvullende omgevingsvergunning bijgevoegd moeten worden bij het Projectbesluit van het waterschae. In onderstaande tabel is het verschil tussen de huidige en nieuwe situate beknoet weergegeven.
Huidige wetgeving
Besluitvormende orgaan
Omgevingswet
Besluitvormende orgaan
Vaststellen (Ontwere-) Projectelan Waterwet
Vaststellen uitvoeringsbesluiten (vergunningen en onthefng), o.a. omgevingsvergunning
Bestemmingselan (Wet ruimtelijke ordening)
Waterschae voor het Projectelan en Gemeente voor wijziging bestemmingselan. Provincie dient Projectelan goed te keuren. Gemeente(n) & Provincie(s) Provincie is coördinerend Bevoegd Gezag
Gemeenteraad
Vaststellen (Ontwere-) Projectbesluit, wijzigt omgevingselan
Waterschae
Vaststellen uitvoeringsbesluiten (vergunningen en onthefng), o.a. omgevingsvergunning (ook voor gewenste meekoeeelkansen)
Gemeente(n) & Provincie(s)
Projectbesluit wijzigt omgevingselan (afwijken van bestemming)
Waterschae
Projectbesluit behoef goedkeuring erovincie.
Gedeeuteerde Staten
Provincie is coördinerend Bevoegd Gezag
NB: in het kader van de Omgevingswet is naast het nemen van een projectbesluit ook een mogelijkheid tot het nemen van een ‘geïntegreerd projectbesluit’. Een geïntegreerd projectbesluit is een projectbesluit waarin alle uitvoeringsbesluiten zijn opgenomen. Het projectbesluit geldt dan tevens als omgevingsvergunning, verkeersbesluit en/of besluit ontrekking weg aan openbaarheid. Het gevolg van een geïntegreerd projectbesluit is dat je als waterschap ook handhavend bevoegd gezag wordt voor de toestemmingen die je in het projectbesluit opneemt. Dat gevolg is meestal niet gewenst. Het waterschap kiest daarom ook niet voor een geïntegreerd projectbesluit. Uitstel Omgevingswet & Overgangssitratie Conform de huidige elanning zal het waterschae begin 2023 het ontwere-Projectbesluit nemen en ter inzage leggen. De Omgevingswet treedt naar verwachtng in 2022 in werking (zie brief aan de Tweede Kamer d.d. 1 aeril 2020, 2020-0000174160). Recentelijk is geseroken over een mogelijk uitstel tot 1 juli 2022 of 1 januari 2023. Indien de Omgevingswet later dan 2022 van kracht wordt, dan zal de huidige wetgeving blijven gelden en is een Projectelan Waterwet het wetelijke instrument voor vastlegging van de beoogde maatregelen.
Omdat het Projectelan in de onderhavige situate afwijkt van het geldende bestemmingselan blijf in dat geval de gemeenteraad het bevoegd gezag om het bestemmingselan te wijzigen. Stel dat de Omgevingswet wel volgend jaar in werking treedt, dan heef de gemeente tot 2029 de tjd om een omgevingselan vast te stellen voor het grondgebied van de gemeente. De verwachtng is nu dat er begin 2023 nog geen omgevingselan conform de Omgevingswet is vastgesteld door de gemeente.
Tijdens deze overgangsfase geldt het erojectbesluit als omgevingsvergunning voor een buitenelanse omgevingselanactviteit (artkel 22.16, lid 2 Omgevingswet) in elaats van als omgevingselan. De afwijking van de bestemming is daarmede geregeld. Rijk, erovincie en waterschae hoeven wijzigingen in het omgevingselan dan nog niet zelf aan te brengen. De gemeente moet er dan voor zorgen dat het nieuwe deel van het omgevingselan wordt afgestemd oe deze omgevingsvergunning voor het afwijken van de bestemming. Dit moet uiterlijk aan het einde van de overgangsfase zijn gebeurd. Of binnen 5 jaar na het vaststellen van het erojectbesluit (artkel 4.7, 22.5 en 22.16, lid 2 Omgevingswet). Net als feitelijk onder de huidige wetgeving het geval is, waarbij afwijkingen van het bestemmingselan door een veegelan achteraf worden ingeeast. Vragen CDA Wim de Ruiter 1. Vraag: Kunnen de vertegenwoordigers van het Waterschae bevestgen dat de keukentaeelgeserekken en werkateliers die gehouden wordeng eerlijke kansen voor inwoners met zich meebrengen om hun zorgen en bezwaren te uiten waar ook iets mee gedaan wordt zodat inwoners zich gehoord weten? Het kan immers niet zo zijn dat selectee omgegaan wordt met de ineut van inwoners omdat deze moeten eassen in het besluitvormingseroces van het Waterschae.
Antwoord Het waterschae realiseert zich dat het boezemkanaal en –gemaal een groot efect heef oe de directe omgeving. Dat seeelt voor elk tracé. Niet in alle wensen en eisen kan worden voorzien. Het waterschae onderzoekt naast fnanciële schadeloosstelling ook naar mogelijkheden om comeenserende maatregelen van negateve efecten zo goed mogelijk in te eassen of bijv. grondvoor-grond comeensate. Dit doen we in overleg met gemeente(n) en andere eigenaren. Bij de tracékeuze worden naast het criterium van maatschaeeelijk draagvlak ook naar technisch uitvoerbaarheid, efecten oe milieu en omgeving en kosten, elanning en risico.s meegenomen.
Vragen SGP Koen Schouten 1) Ruimtelijke ineassing a) Vraag: In hoeverre east de ontwikkeling van dit elan (extensieve recreateg gebiedsontwikkelingg natuurcomeensate en woningbouw) binnen de actueel geldende gemeentelijke structuurvisie in het betrefende elangebied? Antwoord: In de huidige structuurvisie is extensieve recreate een item voor het oostelijke buitengebied van Hardinxveld-Giessendam. In die visie staat o.a. : Het recreatieaanbod moet aansluiten op de wensen van zoveel mogelijk inwoners van Hardinxveld-Giessendam en de Alblasserwaard/Vijfheerenlanden. Dat houdt automatisch in dat hogere eisen aan de bereikbaarheid en de kwaliteit van de voorzieningen worden gesteld. Ouderen en mindervaliden moeten de recreatief aantrekkelijke gebieden makkelijk kunnen bereiken zonder in de auto te hoeven stappen. Aantakken op het recreatieve fets- en wandelnetwerk van de Alblasserwaard en Vijfheerenlanden betekent dat met name vanuit de kernen de fetsers en wandelaars met zo min mogelijk hindernissen en via een (landschappelijk) zo interessant mogelijke route naar het bestaande
netwerk moeten worden geleid. In het geval van NederHardinxveld/Giessendam betekent dit bij voorkeur een route langs de Giessen (en het museum). Benadrukt wordt dat het eroject Boezembemaling Overwaard en de Visie Ruimtelijke Kwaliteit gemaal en boezem Hardinxveld-Giessendam niet als doel hebben om woningbouw, natuurcomeensate of andere gebiedsontwikkelingen te realiseren. Met een Visie Ruimtelijke Kwaliteit voor het erojectgebied wordt ingezet oe ineassing van de maatregelen in de omgeving, zonder eventuele toekomstge ontwikkelingen van medeoverheden te bemoeilijken. Als voorbeeld: omdat zich in het gebied reeds een NNN-gebied (NatuurNetwerkenNederland) bevindt en de aanleg van een boezemkanaal en mogelijke verbreding van de A15 leidt tot een natuurcomeensate, is nagedacht over waar een dergelijke comeensate in het onderhavige gebied landschaeeelijk / ruimtelijk een elaats zou kunnen krijgen. b) Vraag: In hoeverre wil het waterschae duurzaamheidsambites (oewek d.m.v. zong wind oe anders) toeeassen in het gebied en waar? Antwoord: Het waterschae heef de ambite om in 2030 energieneutraal te zijn. Alle energie die ze gebruiken, waaronder voor een nieuw boezemgemaal, willen ze zelf oewekken. Het realiseren van de benodigde energievoorziening is niet eroject of objectgebonden, maar wordt waterschaesbreed oegeeakt.
Het waterschae heef momenteel geen voornemen om in het erojectgebied energievoorzieningen te gaan realiseren ten behoeve van het behalen van deze ambite. Voor het eroject gaat wel nog nader verkend worden welke mogelijke kansen er liggen m.b.t. duurzaamheid oe het vlak van materiaalgebruik, circulariteit, biodiversiteit, grondstromen e.d. 2) Partcieatetraject: a) Vraag: Met welke belanghebbenden is in het voortraject geseroken over de inrichtng van het gebied? Antwoord: Voor de werkateliers waarin de verschillende landschaeskoersen zijn voorgelegd, zijn alle eigenaren en gebruikers uit het gebied uitgenodigd. Circa 35 mensen hebben er aan deelgenomen. Daarnaast is met circa 80 % van de eigenaren en gebruikers van de gronden en woningen die naast of “onder” één van de kansrijke tracés liggen, één of meerdere keukentafelgeserekken gevoerd. Ook hebben meerdere meedenktafels elaatsgevonden in 2019 en 2020. b) Vraag: Hoe ziet het college de inrichtng van een klankbordgroee zoals werd toegelicht voor zich? Welke samenstelling en wat is de rol van de raad hierbij? Antwoord: Er looet een eartcieatetraject met keukentafelgeserekkken en werkateliers/ meedenktafels. Het oerichten van een klankbordgroee (KBG) zou mooi zijn. In de KBG moet een brede vertegenwoordiging vanuit de samenleving terecht komen.
De KBG adviseert het waterschae en de gemeente (en andere betrokken overheden) bij de te maken keuzes. Vooralsnog is voor een KBG nagenoeg geen animo. Mocht dat toch ontstaan dan is die ruimte er. De gemeenteraad heef geen rol bij de inrichtng van de KBG. 2) Gemeentelijke meekoeeelkansen/ambiteniveau: a) Vraag: Oe welke locates en in welke mate wil de gemeente evt. ruimte bieden voor woningbouw en vanuit welke motvate?
Antwoord: Er is in en om het erojectgebied een aantal mogelijkheden denkbaar om enkele wooneercelen toe te voegen ter comeensate van verlies van woongenot. De comeensateoegave en mogelijke locates worden met de betrokkenen en waterschae verder beseroken. Mogelijke locates hiervoor zijn de afronding van de rand van Hardinxveld in een landgoedstructuur, het (beeerkt) verdichten van het bebouwingslint van de Parallelweg door bijvoorbeeld enkele woningen tweedelijns te situeren daar waar het boezemkanaal de Parallelweg kruist, of het elaatsen van enkele woningen in een losse structuur in het oeen middengebied. Daarnaast onderzoekt het waterschae in samenwerking met de buurgemeente Molenlanden de mogelijkheid van het elaatsen van enkele lossen woningen in het noordelijke gebied langs de Neereolderseweg, waarbij het oeen landelijke karakter en beleving gewaarborgd blijf. b) Vraag: Waarom is verbetering verkeersveiligheid niet als meekoeeelkans vanuit de gemeente benoemd (denk aan verbreding wegvak voor fietsers over de brug bij Kolfgemaal)? Antwoord: Dit raakvlak / mogelijke meekoeeelkans is oegeeakt en zal nader uitgewerkt worden. c) Vraag: Welke middelen zijn er binnen de gemeentelijke begrotng reeds oegenomen voor meekoeeelkans gebiedsextensieve recreate? Antwoord: Hiervoor zijn momenteel geen middelen oegenomen.
Afankelijk van de door de gemeente te maken keuzes zullen de kosten hiervoor begroot gaan worden. d) Vraag: Welk beleidselannen zijn er oe dit moment voor dit gebied in werking m.b.t. woningbouw? Waar loeen de contouren vanuit de erovincie? Antwoord: Vanuit de gemeentelijke structuurvisie ligt er geen oegave voor aanvullende woningbouw voor dit gebied. In het verleden is er door enkele bewoners van de Parallelweg een ruimtelijk initatef geeresenteerd voor een landgoed ten westen van het NNN-gebied maar dat heef ondanks een eositef beginselbesluit van het college geen doorgang gevonden. Voor het lint Parallelweg dienen zich van tjd tot tjd ook eartculiere woningbouwinitateven aan die seearaat stedenbouwkundig worden getoetst. De grens van bestaand stads- en doresgebied (BSD), die door de erovincie Zuid-Holland wordt beeaald, bevindt zich in noord-zuidrichtng oe de grens van de seortvelden en achter de bestaande woningen aan de Sluisweg. Feitelijk gelijk met de grens van het bestemming Bebouwd gebied Hardinxveld-Giessendam. 2) Rechtszekerheid omwonenden: a) Vraag: Zorgvuldigheid in omgang met belangen van omwonenden is van belang.
In hoeverre ondergraaf de visie die aan de raad voorgelegd gaat worden in een later stadium mogelijk de mate van schadeloosstelling van de omwonenden? Antwoord: Zorgvuldigheid is zeker van belang in erocessen waar individuele belanghebbenden gronden moeten afstaan voor een waterschaes- of gemeentebelang. De tracékeuze voor
de boezem is een keuze die oe korte termijn wordt gerealiseerd. De ruimtelijke visie is voor langere termijn. De ruimtelijke visie beeerkt de mogelijkheden voor schadeloosstelling niet. Wellicht vergroot het zelfs de mogelijkheden voor andere vormen van comeensate naast schadeloosstelling. 2) Technische uitwerking: a) Vraag: Kloet het dat er bij de uitwatering van het nieuwe gemaal nog eundamenten van een vroegere sluis in de bodem ziten? Antwoord: Dat kloet. In de ondergrond ziten nog de wanden en vloer van de voormalige waaiersluis die daar gelegen heef. b) Vraag: In hoeverre wordt er bij de uitwerking van de elannen rekening gehouden met het eeit dat de eerste helf van de Kanaaldijk-Noord toegankelijk is voor auto’s? Antwoord: De toegankelijkheid van de aanwezige woningen, eercelen en waterseortvereniging moet natuurlijk gewaarborgd blijven, dus hiervoor zullen voorzieningen getrofen moeten worden. Afankelijk van de locatekeuze van het gemaal zal dit bestaan uit een brug of een grondoelossing.
c) Vraag: Hoe gaat het (boezem)kanaal onder de snelweg door? Moeten we denken aan een aquaduct? Antwoord De kruising van het kanaal met de snelweg zal een sifon zijn en geen aquaduct. Bij een aquaduct zal de snelweg over een grote lengte verdieet moeten worden aangelegd, omdat het water in dat geval over de snelweg heen moet. Bij een sifon gaat het water onder de snelweg door, waarbij de snelweg oe de huidige hoogte blijf liggen. d) Vraag: Afankelijk van het antwoord: in hoeverre wordt het mogelijk geacht om een dubbele meekoeeelkans m.b.t. de verbreding van A15 te realiseren oe het gebied van het verleggen van aeriten en ontlastng Nieuweweg? Antwoord: In het kader van de MIRT A15 van Rijkswaterstaat zal ook gekeken worden naar eventuele mogelijkheden voor het aaneassen van de oe- en afriten. Hoe kansrijk dit is hangt ook af van de voorkeursvariant 2 x 3 rijstroken of 2 x 2 rijstroken met seitsstrook. Bij 2 x 3 rijstroken is aanzienlijk meer ruimte nodig, met name ter hoogte van de Sluisweg. Het zal de vraag zijn of daar ook nog een oerit naast east zonder dat er woningen in gevaar komen. In deze fase van de MIRT-verkenning is hierover nog geen duidelijkheid te geven.