CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 0 Totaaloverzicht Verbonden partijen.pdf

Gemeenteraad GHG 26 juni 2025, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 7: Verzamelvoorstel verbonden partijen: jaarrekeningen 2024 en begrotingen 2026 incl. zienswijzen - Raadsvoorstel6.261 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Totaaloverzicht verbonden partijen Inleiding Een belangrijk sturingsinstrument voor de raad is de zienswijzemogelijkheid op de P&C-producten van van een verbonden partij. In onze Nota Verbonden Partijen is opgenomen dat het college de gemeenteraad in de gelegenheid stelt om zienswijzen hierop in te dienen. Recent hebben de gemeenschappelijke regelingen hun jaarrekening 2024 en ontwerpbegroting 2026 toegestuurd. In sommige gevallen zijn daar ook aanvullende stukken over 2025 toegevoegd (voorjaarsbrief en/of begrotingswijzigingen). In dit overzicht treft u een samenvoeging van de opgestelde zienswijzen. Ook is er een toelichting opgenomen bij verbonden partijen waar geen zienswijzen op is ingediend. Bij het wel of niet indienen van een zienswijze is rekening gehouden met de risicoclassificatie vanuit de Nota verbonden partijen en gemeentelijke begroting (zie hieronder) en actuele ontwikkelingen. Risicoclassificatie1

1 Dit overzicht is ontleend aan de laatst vastgestelde Nota verbonden partijen. Serviceorganisatie Jeugd

is geïntegreerd in de Dienst Gezondheid en Jeugd ZHZ en de GR Drechtsteden betreft met ingang van 2022 de GR Sociaal. 1

Overzicht zienswijzen en termijnen

Begroting 2026 en jaarrekening 2024 Gemeenschappelijke regeling GR Sociaal DG&J Veiligheidsregio ZHZ Omgevingsdienst ZHZ Gevudo HVC Waardlanden Bureau OVL SVHW Overig (BNG/Stedin/OASEN)

Datum uiterlijk aanleveren zienswijze Datum AB behandeling zienswijzen Zienswijze vanuit HG 9-jun-25 10-jul-25 19-jun-25 10-jul-25 19-jun-25 10-jul-25 10-jun-25 10-jul-25 25-mei-25 26-mei-25 3-jul-25 PM Onbekend 2-jul-25 2-jul-25 10-sep-25 Nvt Nvt

Ja Ja Ja Ja Nee Ja Nee Nee Nee

1.GR Sociaal – Zienswijze Algemene opmerkingen Wij willen onze dank en waardering uitspreken voor de medewerkers van de GR Sociaal. De ontvangen stukken geven ook dit jaar weer blijk van de grote inzet van alle medewerkers in uw organisatie, die zich om onze inwoners zo goed mogelijk van dienst te zijn. Onze dank en waardering gelden in het bijzonder voor de afgelopen periode. Na een anonieme brief van (oud-)medewerkers die in december 2024 in de pers verscheen, is een grondig onderzoek uitgevoerd binnen en rondom uw organisatie. Ondanks de interne onrust die dit mogelijk heeft veroorzaakt, zijn uw medewerkers zich onverminderd blijven inzetten. Dankzij hun professionaliteit en betrokkenheid hebben onze inwoners, voor zover wij hebben gemerkt, hiervan geen hinder ondervonden. Jaarrekening 2024 Uw jaarverslag laat zien dat u in 2024 onverminderd heeft ingezet op de dienstverlening vanuit de verschillende wetten in het sociaal domein. We zijn blij met het verder inrichten van de gemeentegerichte teams, hetgeen de samenwerking met ons Sociaal Team en lokale partners kan versterken ten gunste van onze inwoners. Specifiek op het domein van Zorgen voor Ondersteuning is er een goede en constructieve samenwerking tot stand gekomen. De lijnen zijn kort en ondersteuningsvragen worden gezamenlijk besproken en afgewogen. We spreken onze waardering uit over deze samenwerking.

Bedrijfsvoering Wij waarderen het verkregen inzicht in de ontwikkeling van de personeelsomvang, personeelskosten en overhead. Wij zien dergelijke overzichten graag terug in alle P&C-producten. Daarnaast achten wij het van meerwaarde om relevante wijzigingen ook op te nemen in besluitvormende documenten. Voor wat betreft 2024 constateren wij dat de apparaatskosten circa € 3 miljoen lager uitvallen dan oorspronkelijk begroot. Voor gemeenten is het van belang om te weten in hoeverre dit positieve resultaat het gevolg is van incidentele meevallers dan wel structurele besparingen. Wij verzoeken u ons hierover duidelijkheid te verschaffen en hiermee in de toekomstige ramingen rekening te houden. Zorgen voor ondersteuning We vinden in het jaarverslag voor het eerst gemeentespecifieke cijfers terug over de klantaantallen op de Wmo maatwerkvoorzieningen, dank daarvoor. Vergeleken met de Drechtstedelijke gemiddelden, zagen we een relatief grote groei aan Hardinxveldse inwoners met huishoudelijke ondersteuning, individuele begeleiding en dagbesteding. Graag zien we nadere duiding van deze groeipercentages. De wachttijden binnen de Wmo zijn een aanhoudend punt van aandacht, zowel bij de zorgaanbieders als bij de afhandeling van meldingen en aanvragen bij de Sociale Dienst zelf. Wij vragen u de wachtlijsten te blijven monitoren en met de gemeenten en partners te zoeken naar innovatieve

2

aanpakken. Een mooi voorbeeld van procesverbetering vinden wij de nieuwe werkwijze waarbij casemanagers dementie, dankzij vertrouwen in hun expertise, zelf indicaties voor dagbesteding kunnen aanvragen. Dit verkort wachttijden en voorkomt dat inwoners hun verhaal meerdere keren moeten doen. Bestaanszekerheid versterken / Ontwikkelen naar werk We zien dat het gebruik van minimaregelingen in onze gemeente is gestegen. We danken u voor uw inzet hierop door o.a. het voeren van bestaanszekerheidsgesprekken waardoor het bereik is vergroot onder inwoners met een financieel kwetsbare positie. We zien ook dat het bijstandsbestand in onze gemeente gestaag groeit. Onze gemeente had in 2024 een uitzonderlijk hoog tekort op de BUIG. Dit tekort wordt grotendeels door niet-beïnvloedbare factoren verklaard. Desondanks zien we een lagere uitstroom vanuit het bijstandsbestand, waarbij er tegelijkertijd re-integratiemiddelen overblijven. Via informatiebrieven en een raadsbijeenkomst heeft u ons al uitgebreid geïnformeerd over de uitdagingen binnen het huidige bijstandsbestand. We constateren dat de realisatie op uitstroom over 2024 lager is uitgevallen dan verwacht, ondanks de inzet die is geleverd. Dit roept bij ons de vraag op of de gestelde ambitie wellicht te hoog is en mogelijk bijgesteld zou moeten worden.

Een andere verdeling van de re-integratiemiddelen zou daarbij ook kunnen helpen om toch aan de ambitie te blijven voldoen. Onze wens is om samen, inclusief onze lokale partners, stevig(er) in te zetten op het bevorderen van uitstroom richting werk. We vragen u om een deel van de re-integratiemiddelen echt lokaal in te zetten. Resultaatbestemming dekking onderzoek Wij kunnen ons vinden in het voorstel om €700.000 van het positieve resultaat over 2024 te bestemmen voor de dekking van de kosten van het onderzoek naar aanleiding van de anonieme brief en hiervoor een bestemmingsreserve te vormen. Wij begrijpen dat het onderzoek aanzienlijke kosten met zich meebrengt en waarderen dat dit uit het totaaloverschot kan worden bekostigd. Wel vragen wij u kritisch te blijven op de noodzakelijkheid van elke bestede euro. We vragen u om een transparante verantwoording aan te leveren op de opbouw en verdeling van de onderzoekskosten. Voorjaarsbrief 2025 De Voorjaarsbrief 2025 GR Sociaal leidt tot een totale verhoging van de lasten en baten met € 18,3 mln. ten opzichte van de actuele Begroting 2025, waarvan 13,3 miljoen voor rekening van de gemeenten. Deze stijging komt grotendeels door autonome factoren, zoals hogere kosten voor huishoudelijke ondersteuning. De grootste stijging is het gevolg van de prijsontwikkeling en het aantal bijstandsuitkeringen.

In 2025 gaat u werken volgens een nieuw re-integratieontwerp met profielen die gekoppeld zijn aan een specifieke route. Wij zijn benieuwd naar effecten van deze nieuwe aanpak en zien een rapportage hierop bij de volgende P&C stukken graag tegemoet. Wij vragen u beter inzicht te geven in hoeverre de verwachte besparingen 2025 in de Voorjaarsbrief zijn verwerkt. Dat is voor ons nu niet helemaal duidelijk. Graag zouden wij daar beter inzicht in krijgen. Bestaanszekerheid versterken Onder andere op het gebied van ‘bestaanszekerheid versterken’ presenteert u opgave-indicatoren. Enkele van deze indicatoren zijn ook opgenomen in het beleidsplan schuldhulpverlening 2025 –2028. Op 24 april 2025 hebben wij dit (lokale) beleidsplan vastgesteld en wij hopen bij de uitvoering hiervan op een goede verbinding en samenwerking tussen onze lokale partners en de GR Sociaal. Wij zien de behaalde resultaten op de gepresenteerde opgave-indicatoren graag tegemoet. Ontwikkelen naar werk Op het gebied van ontwikkelen naar werk gaat u in 2025 werken volgens een nieuw re-integratieontwerp met drie profielen die gekoppeld zijn aan specifieke dienstverleningsroutes. Wij gaan er van uit dat dit onderdeel is van de zogenaamde “herijking”, zoals door u in januari 2025 aan de raad is gepresenteerd.

3

Die herijking betreft aanpassing van de Verordening Werk en Inkomen en richt zich op nieuwe uitgangspunten voor re-integratie en participatiebeleid, passend bij het veranderde bijstandsbestand. In het kader van de indeling van het bestand in drie dienstverleningsprofielen, willen wij het belang benadrukken van het prioriteren van de groep statushouders. Statushouders vormen een grote groep binnen ons actuele bijstandsbestand en hebben waarschijnlijk het meeste potentieel om uit te stromen naar werk. Graag komen we, in samenwerking met onze lokale partners zoals Vluchtelingenwerk, de Bibliotheek en de welzijnsorganisatie, met u tot een brede aanpak voor deze groep. Dit geldt uiteraard niet enkel voor het uitvoeringsjaar 2025; ook voor de daaropvolgende jaren. Zorgen voor ondersteuning Gezien de maatschappelijke discussie over herstelgerichte ondersteuning, zijn we ons ervan bewust dat de verwachte kostendemping op de Wmo huishoudelijke ondersteuning mogelijk komt te vervallen. Het principe van herstelgerichte ondersteuning onderschrijven wij nog steeds. We hopen dat u zich, samen met de gemeenten, blijft inspannen voor een ‘toekomstbestendig sociaal domein’, waarbij inwoners die de ondersteuning écht nodig hebben, deze wel kunnen blijven ontvangen. Begroting 2026 - 2029 Net als in de voorjaarsbrief 2025 zien wij ook een aanzienlijke kostenstijging in de begroting 2026.

Belangrijke posten met (fors) hogere kosten zijn de bijstandsgerechtigen en de Wmo. Gelet op het aandeel in onze begroting van GR Sociaal betekent dat we daarmee voor een grote uitdaging staan. Ook in het licht van de ombuigingen die wij moeten realiseren. Overigens merken wij ook op dat de redenen voor de kostenstijgingen voortkomen uit de autonome groei van klantaantallen en de ontwikkeling van de loon- en prijsindexaties. Deze zouden in onze ogen in redelijke mate voorzienbaar moeten zijn en komen daardoor voor ons als een verrassing. Ombuigingen Wij weten dat u de financiële problematiek van de gemeenten serieus neemt door werk te maken van maatregelen en ombuigingen. Dat waarderen we. Tegelijkertijd hebben wij hier vragen over. Op hoofdlijnen betreft dit: In het overzicht van de verwachte besparingen per jaar is niet duidelijk wat het netto-effect is. Zo heeft de besparing op bestaanszekerheid een tegenhanger aan de inkomstenkant. Dit maakt het voor ons lastig om deze ontwikkelingen te vertalen naar onze eigen begroting en te bepalen welke aanvullende maatregelen nodig zijn. Het grootste deel van de besparingen bestaat uit een vermindering van de kosten op het thema bestaanszekerheid. Minder kosten voor bijstandsuitkeringen en maatregelen om een hogere uitstroom te realiseren zouden hieraan moeten bijdragen.

De toelichting laat in onze ogen echter het tegengestelde zien, namelijk: uitstroomaantallen worden in de laatste jaren niet gehaald. De onderbouwing voor de voorgestelde besparingen op een efficiëntere bedrijfsvoering is op dit moment nog niet beschikbaar. Gezien het belang van transparantie en een zorgvuldig besluitvormingsproces, dringen wij erop aan dat deze onderbouwing zo spoedig mogelijk wordt aangeleverd, zodat de haalbaarheid en impact van de voorgestelde maatregelen goed kunnen worden beoordeeld. De GR Sociaal is op basis van de samenwerkingsovereenkomst met de gemeente Dordrecht voornemens (deels) te verhuizen naar het Dordthuis. Tegelijkertijd wordt onderzocht wat een optimale indeling is voor de toekomstige huisvesting en welke locaties daarvoor geschikt zijn. In de Voorjaarsbrief 2025 is een voorbereidingskrediet aangevraagd om de plannen verder uit te werken. Op dit moment is nog niet volledig duidelijk wat de financiële impact van de nieuwe huisvesting zal zijn op de begroting 2026, zowel qua exploitatie als investeringen. We verwachten dat er minder huisvestigingskosten nodig zijn gezien niet alle dienstverlening op de ‘A locatie’ zal plaatsvinden en er ook gebruik zal worden gemaakt van goedkopere locaties. We vragen u dit aan te passen in de begroting in het kader van realistisch begroten. Reëel begroten 4

In de begroting 2026 geeft u aan uit te gaan van een reële raming. De gemeenteraad ondersteunt deze benadering nadrukkelijk. Om echter goed te kunnen beoordelen in hoeverre deze aanpak effectief is gebleken, verzoeken wij u inzichtelijk te maken wat de toepassing van de reële begroting concreet heeft opgeleverd. Daarnaast hechten wij eraan dat duidelijk wordt welke effecten de reeds genomen maatregelen hebben gehad. Deze informatie is voor de raad van belang om bij de behandeling van de volgende begroting weloverwogen keuzes te kunnen maken en de lijn van realistisch begroten zorgvuldig voort te zetten. Zorgen voor ondersteuning We lezen dat de gemeentelijke uitgaven op Individuele Begeleiding met ruim 1,7 miljoen stijgen t.o.v. de primaire begroting. Dit wordt grotendeels verklaard door de omzetting van een groep inwoners met Individuele Begeleiding van regionale financiering Maatschappelijke Opvang naar de Wmo per 2025. Het gaat om klanten die niet (langer) dakloos zijn en over kunnen naar reguliere Wmo-begeleiding. Inhoudelijk volgen we deze omzetting. In de begroting wordt de 1,7 miljoen niet verder uitgesplitst naar gemeenten. Graag zien we specifiekere informatie over deze klantenstroom, zodat wij het juiste bedrag kunnen reserveren vanuit het overschot op beschermd wonen en opvang.

Ook vragen we u als GR Sociaal gezamenlijk het gesprek aan te gaan met de centrumgemeente over het beschikbaar houden van regionaal budget om de extra kosten op de Individuele Begeleiding op te kunnen vangen. Financiële verordening en controle verordening Er wordt voorgesteld om bij de najaarsbrief voortaan een begrotingswijziging mogelijk te maken, om zo de actualiteit van de begroting te vergroten en begrotingsonrechtmatigheid te voorkomen. Hiervoor zou een afwijkende zienswijzentermijn van acht weken worden gehanteerd. Wij begrijpen dit streven en het bredere voorstel om voor alle P&C-producten een zienswijzeprocedure te volgen. Tegelijkertijd constateren wij dat het hanteren van een zienswijzeprocedure voor de najaarsbrief, mede gezien de termijnen, in de praktijk voor ons niet haalbaar is. Wij vragen u daarom deze wijziging niet door te voeren en de bestaande lijn voort te zetten. Dit betekent dat er bij de najaarsbrief geen extra begrotingswijziging hoeft plaats te vinden en geen zienswijzeprocedure hoeft te worden doorlopen.

2.Dienst Gezondheid & Jeugd – Zienswijze Jaarstukken 2024 DG&J De onderdelen GGD, LVS en Veilig Thuis sluiten het jaar af met een resultaat van € 1,1 miljoen. Voor gemeenten zijn deze jaren onzekere tijden. Ondanks dat we positief gestemd zijn over een positief resultaat vragen wij de DG&J om ook scherp aan de wind te zeilen betreft de ramingen voor de begrotingen. We stemmen in om € 350.000 in te zetten voor mentale gezondheid. Service Organisatie Jeugd (SOJ) De totale lasten van de Serviceorganisatie Jeugd vallen circa € 3,7 miljoen lager uit dan wat bij de 2e burap 2024 was geprognosticeerd. Wij willen de SOJ complimenteren voor de actieve aanpak van het woonplaatsbeginsel. De SOJ heeft zich ingezet voor een herberekening van de kosten ten aanzien van het woonplaatsbeginsel, waardoor de voorlopige afrekening SOJ 2024 ten opzichte van onze huidige begroting 2024 een voordeel laat zien. Verder beoogt de SOJ in 2025 te besparen op jeugdhulpuitgaven, door het uitvoeren van rechtmatigheidsonderzoeken bij zorgaanbieders. Een vervolg hierop in 2026 is afhankelijk van de ervaringen en het resultaat in 2025. Wij juichen het uitvoeren van deze rechtmatigheidsonderzoeken toe. Wij zijn benieuwd naar de uiteindelijke resultaten. Begroting 2026 Algemeen Ons uitgangspunt is dat u uw taken uitvoert binnen het beschikbaar gestelde budget.

De begroting 2026 is geïndexeerd volgens de kaders uit de Kaderbrief 2026. Het Algemeen Bestuur heeft op 19 december 5

2024 besloten de begroting 2025, met indexatie en met uitzondering van het jeugdhulpbudget, als uitgangspunt te hanteren voor 2026 (de zogenoemde nullijn). In de begroting worden een aantal voorstellen gedaan om incidentele gelden in te zetten, maar waar later toch structurele gelden voor worden gevraagd. Dit brengt ons als gemeente in de problemen omdat dit in vele gevallen een ophoging van de inwonersbijdrage betekent. We begrijpen dat er op dit moment een aantal zaken hersteld moeten worden die in het verleden zijn bekostigd vanuit incidentele middelen. We willen u vragen om incidentele middelen ook echt alleen in te zetten voor onderdelen die tijdelijk zijn. Hieronder geven wij onze zienswijze op de voorstellen. Privacy officer U vraagt om een structurele bijdrage van € 115.000 voor het aanstellen van een privacy officer. Aangezien dit een wettelijke verplichting is, gaan wij hiermee akkoord. Veilig thuis U vraagt om een incidentele uitbreiding van 4,5 fte, waarvoor een aanvullende inwonerbijdrage van € 421.302 nodig is. Wij kunnen ons daarin vinden gezien de prangende situatie op dit moment bij Veilig Thuis, maar kijken hier tegelijkertijd ook kritisch naar. Wij blijven geloven dat wanneer de lokale teams binnen alle gemeenten voldoende zijn toegerust op het gebied van veiligheid, de inzet van Veilig Thuis kan worden verminderd.

In dat geval schaalt Veilig Thuis eerder af en pakt het lokale team de casus op. De uitkomst van de impactanalyse zal een duidelijke richting moeten gaan geven voor de komende jaren. We waarderen het feit dat Veilig Thuis in de tussentijd al actief op zoek is gegaan naar mogelijkheden om de samenwerking met het lokale veld efficiënter in te richten. Meldpunt Zorg en Overlast / OGGZ Wij kunnen instemmen met het incidenteel financieren van 1 fte ten behoeve van het meldpunt Zorg en Overlast voor het jaar 2026. Er is afdoende aangetoond dat het aantal zorg- en overlastmeldingen en de complexiteit van de problematiek substantieel is toegenomen en mogelijk in de toekomst nog verder zal toenemen. We zijn ons ervan bewust dat wanneer er onvoldoende capaciteit is voor goede opvolging van de meldingen, dit een nadelig effect heeft op de meest kwetsbare groep in onze samenleving. Richting de toekomst vinden wij het van belang om toe te werken naar een basispakket voor OGGZ in combinatie met een af te nemen pluspakket. Leerplicht en voortijdig schoolverlaten Wij kunnen ons vinden in de geschetste lijn rond Leerplicht vanwege de nauwe betrokkenheid van gemeenten op het gelopen proces en de uitkomsten. Wij zijn het daarom ook eens met het vaststellen van de formatie naar 15,5 fte. Deze formatie is lager dan de huidige 17,5 fte die met langdurige incidentele gelden is bekostigd.

De formatie van 15,5 fte zien wij als toereikend om in nauw overleg met het onderwijs en andere partners te komen tot een optimalisatie van leerplichttaken. Wij zijn ook hoopvol waar in de onderliggende notitie (bestuursopdracht LVS) gesproken wordt over een meer sub-regionale aanpak. Zo kunnen we met de in Hardinxveld-Giessendam betrokken samenwerkingsverbanden onderwijs in gezamenlijkheid komen tot een nieuwe werkwijze in onze regio Passend Onderwijs, waar ook Molenlanden en Gorinchem onder vallen. Publieke gezondheid Mentale gezondheid Mentale gezondheid is een belangrijk thema om op in te zetten vanwege de grote impact op onze samenleving en wij zien er meerwaarde in wanneer de DG&J dit thema regiobreed op kan pakken. Wij gaan akkoord met het vormen van de bestemmingsreserve Mentale Gezondheid en daarmee dus ook met het onttrekken van een bedrag uit de bestemmingsreserve Mentale gezondheid. Hierbij vragen wij met het regionaal plan aan te sluiten bij het bestaande aanbod, met meer focus op uitvoering dan op coördinatie. En we vragen transparantie over de kosten en inzet. Structurele inwonerbijdrage voor suïcidepreventie 6

U vraagt om een structurele inwonerbijdrage ter hoogte van ongeveer € 259.240 voor suïcidepreventie. Hiervoor ontvangen wij middelen vanuit het Rijk. Het bedrag dat wij van het Rijk ontvangen is daarbij kaderstellend. Plannen die u samen met gemeenten maakt op dit thema mogen niet leiden tot aanvullende begrotingsvoorstellen in de komende jaren. Service Organisatie Jeugd (SOJ) De financiële raming van de jeugdhulpuitgaven 2026-2029 is gebaseerd op de prognose (januari 2025) van de kosten per gemeente voor het jaar 2025. Deze verwachte uitgaven zijn geïndexeerd naar het prijsniveau 2026. Vanuit het oogpunt van evenwichtig begrotingsbeleid is ervoor gekozen zowel geen groei als geen besparingen op te nemen ten opzichte van deze prognose. We zijn als gemeente voorstander van realistisch begroten en dus staan we in principe achter deze keuze. De laatste dataforecast van maart 2025 laat echter een verdere daling zien (ingezet vanaf najaar 2024) van de jeugdhulpkosten dan waarop de begroting 2026-2029 inclusief die van 2025 van SOJ zijn gebaseerd. Dit is ook passend in de keuzes die we eerder in onze gemeente al gemaakt hebben met de hervormingen die in 2024 zijn ingevoerd ten aanzien van de jeugdhulp. Hierbij kan gedacht worden aan meer eigen inzet door het lokale team, deskundigheidsbevordering en meer-ogen-beleid t.a.v. inzet jeugdhulp.

Gezien bovenstaande uiteenzetting én de forse bezuinigingsoperatie waarvoor gemeenten momenteel staan, zijn wij voornemens af te wijken van de voorgestelde begroting van € 6.069.628. We vragen de DG&J de begroting voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam bij te stellen naar € 5.776.628. Ondanks dat we ons realiseren dat de prognose bijgesteld kan worden en dat we altijd te maken kunnen krijgen met – incidentele – verhogingen in het kader van een kostbare inzet, lijkt de prognose van maart gezien de ontwikkelingen aan het eind van vorig jaar wel realistisch. Zeker ook gezien de financiële opgave, is dit het juiste moment om gemotiveerd af te wijken van de opgenomen ramingen.

3.Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid – Zienswijze Jaarrekening 2024 We zijn tevreden met het positieve resultaat van de jaarrekening 2024. Tegelijkertijd zien we ten aanzien van de bestemmingsreserve groot onderhoud graag dat deze opbrengsten terugvloeien naar de deelnemers. Dergelijke investeringen horen wat ons betreft in de reguliere begroting opgenomen te worden. Bovendien is de noodzaak en eventuele keuzes die er gemaakt kunnen worden onvoldoende in beeld gebracht. Versterking van maatschappelijke weerbaarheid De maatschappelijke weerbaarheid is een belangrijk thema waar de gemeente HardinxveldGiessendam achter staat. We zijn ons ervan bewust dat de veiligheidsregio een cruciale rol speelt in het versterken van de regio tegen toekomstige risico’s, zoals onder andere hoogwater, overstromingen, uitdagingen van de energietransitie en de verslechterde veiligheidspositie door de Russische oorlog in Oekraïne. We willen dan ook graag zien dat er voldoende aandacht en middelen worden vrijgemaakt om de weerbaarheid verder te vergroten, met name door interregionale samenwerking en het versterken van de crisisbeheersing.

De samenwerking met andere veiligheidsregio’s, zoals de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond, wordt gezien als waardevol, maar we hopen dat de VRZHZ in de komende jaren concrete plannen ontwikkelt inclusief financieel perspectief om de weerbaarheid op een duurzame manier te versterken. Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) We maken ons zorgen over de aangekondigde korting op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) van 10% vanaf 2026. Dit heeft potentieel negatieve gevolgen voor de financiële positie van de VRZHZ en de uitvoering van veiligheidsmaatregelen. Wij vragen de VRZHZ om deze kwestie zorgvuldig te blijven volgen. We vragen tevens om een gedegen inschatting van de impact op de begroting en de mogelijke maatregelen die getroffen kunnen worden om deze korting op te vangen, zonder concessies te doen aan de veiligheid en weerbaarheid van de regio. 7

Lobbyen voor adequate financiering bij het Rijk Gezien de financiële druk op de regio’s en de rol van de VRZHZ in het waarborgen van de veiligheid, vinden wij het van groot belang dat er actief gelobbyd wordt voor een passende en duurzame financiering van de veiligheidsregio’s. Wij roepen de VRZHZ op om samen met andere veiligheidsregio’s te pleiten bij het Rijk voor een structurele oplossing voor de financiering van de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen. Het is van belang dat de VRZHZ zich blijft inzetten voor het verkrijgen van de nodige middelen, zodat de regio niet alleen adequaat kan blijven functioneren, maar ook voorbereid is op toekomstige uitdagingen. Kwantificeerbare maatregelen bestuursopdracht In lijn met de opgestelde bestuursopdracht kijken we uit naar de stand van zaken. Specifiek vragen wij de VRZHZ om kwantificeerbare maatregelen in beeld te brengen die een bijdrage kunnen leveren aan het beheersbaar houden van de financiële positie van onze gemeente. Graag ontvangen wij hier voor het vaststellen van onze gemeentelijke begroting 2026 een eerste beeld (voor november 2025). Daarnaast zien wij graag dat de opdracht uiterlijk Q1 2026 wordt afgerond inclusief besluitvorming in het Algemeen Bestuur. Eventuele keuzes en doorwerking kunnen dan tijdig worden meegenomen in ons proces van de Perspectiefnota.

Conclusie De gemeenteraad van Hardinxveld-Giessendam waardeert de inzet van de VRZHZ voor de veiligheid en weerbaarheid van de regio. De weerbaarheid van de regio verdient blijvende aandacht en investering, en we vragen de VRZHZ om dit in de komende jaren te blijven prioriteren. Ook verwachten wij dat er een duidelijke strategie komt voor het omgaan met de verwachte bezuinigingen en kortingen, onder andere op de BDuR-gelden en eventuele maatregelen of overwegingen in het kader van de bestuursopdracht. Wij kijken uit naar een voortzetting van de samenwerking en vertrouwen erop dat de VRZHZ haar verantwoordelijkheden op financieel en operationeel gebied voortvarend blijft uitvoeren.

4.Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid – Zienswijze Jaarrekening 2024 Allereerst willen we onze waardering uitspreken voor de werkzaamheden die door OZHZ in 2024 zijn uitgevoerd. Daarbij willen we de uitvoering van de bouwtaken van Hardinxveld-Giessendam naar OZHZ per 1 januari 2025 uitlichten. 2024 stond in het teken van het opstellen van de businesscase en de voorbereiding op de overdracht van deze taken. Nu we enkele maanden onderweg zijn, komen de eerste ervaringen aan het licht. We stellen voor om in het najaar van dit jaar (2025) een eerste evaluatie te doen over hoe de businesscase in de praktijk fungeert, zowel inhoudelijk als financieel. Het jaar is met een positief resultaat afgesloten van € 0,6 mln. Wij stemmen in met het voorstel om dit toe te voegen aan het weerstandsvermogen. Onder het kopje “Ontwerpbegroting 2026” gaan we hier verder op in. Wij vragen u ons tijdig te informeren als de meerjarenbegroting afwijkende vooruitzichten laat zien en daarbij aan te geven welke beheersmaatregelen genomen kunnen worden. Ontwerpbegroting 2026 Gemeente Hardinxveld-Giessendam waardeert het dat OZHZ het ombuigingstraject volgend uit de bestuursopdracht voortvarend heeft ingezet. Wij zien dat u resultaten boekt op kostenbeheersing, kwaliteitsverbetering en versterking van de financiële positie van de organisatie.

In lijn met de bestuursopdracht zijn besparingen doorgevoerd, waaronder het afschalen van de ontwikkelaanpak en de bijdrage aan e-noses. Tegelijkertijd verzoeken wij u om in beeld te brengen waar bovenwettelijke taken inhoudelijk overlappen met gemeentelijke activiteiten, bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid en circulariteit. Naar onze 8

mening is het logisch dat zowel OZHZ als de gemeente zich met deze onderwerpen bezighouden. Het is belangrijk dat OZHZ en de gemeente elkaar aanvullen en versterken. Zo willen we voorkomen dat er overlap in expertises ontstaat, wat kan leiden tot onduidelijkheid over welke taken en kennis bij welke organisatie is belegd. Zoals benoemd, wordt het resultaat van 2024 ten gunste gebracht van het weerstandsvermogen. De verwachting is dat met het resultaat van 2025 het weerstandsvermogen weer op peil is gebracht. Dit is sneller dan de regionale afspraak om het in vier jaar te doen (2023-2026). Wij verzoeken op het moment dat het weerstandsvermogen op peil is een positief resultaat terug te laten vloeien naar de deelnemers, ook wanneer dat eerder het geval is dan op de afgesproken termijn. Structurele verwerking van incidentele gelden Wij begrijpen tot slot uw keuze om 70% van de incidentele omzet als ‘structureel’ aan te merken, met het oog op het in dienst nemen van vaste medewerkers. Deze keuze kan echter leiden tot een gebrek aan flexibiliteit, aangezien een aanzienlijk deel van de taken van de Omgevingsdienst vraaggestuurd is. Wij zijn van mening dat het verschil tussen incidentele en structurele middelen voor onze gemeente dusdanig laag is dat het verder verlagen van incidentele middelen de flexibiliteit nagenoeg wegneemt.

Ook willen we benadrukken dat het structureel maken van incidenteel budget bij andere deelnemers, waar de verhouding meer uit balans is dan bij onze gemeente, in de totaalbegroting van OZHZ uiteindelijk niet mag leiden tot hogere kosten voor onze gemeente.

5.Gevudo/HVC – Geen zienswijze Jaarstukken 2024 Het jaar is afgesloten met een resultaat van nihil. De uitgekeerde provisie aan de deelnemende gemeenten viel in 2024 € 39.000 lager uit door verwatering van aandelen en de werkelijke schuldontwikkeling bij HVC. Het bestuur van Gevudo heeft geconstateerd dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. Begroting 2026 De begroting Gevudo 2026 is cijfermatig nagenoeg identiek aan de begroting 2025. De gemeente Hardinxveld-Giesendam ontvangt voor garantstelling lening HVC in 2026 een provisie van circa €30.000,00 Bovenstaande geeft geen aanleiding tot het indienen van een zienswijze.

6.Waardlanden – Zienswijze Jaarrekening 2024 Allereerst willen wij onze waardering uitspreken voor de resultaten die in 2024 behaald zijn. Op 1 januari 2024 hebben de gemeenten Hardinxveld-Giessendam, Gorinchem en Molenlanden Diftar ingevoerd. De eerste resultaten hiervan zijn zichtbaar. De hoeveelheid restafval is voor het hele gebied gedaald naar 133 kg per inwoner in 2024. In 2023 was dat nog 186 kg per inwoner. We zijn dus op de goede weg om het gewenste resultaat van 100 kg restafval per inwoner te behalen in 2025. Daarnaast kon het jaar ook financieel met een positief resultaat afgesloten worden. Wel willen we nog enkele opmerkingen meegeven over de informatievoorziening en onderbouwing van diverse posten. Zo ontbreekt het aan een goed overzicht over de werkzaamheden die zijn blijven liggen door het niet in kunnen vullen van vacatures. Daarnaast mist een goede onderbouwing bij het bestemmen van een deel van het resultaat aan de bestemmingsreserve Diftar en de reserve grondwaardering. Wij vragen u om deze onderbouwing alsnog aan te leveren. 9

Ontwerpbegroting 2026 Waardlanden stelt voor het tarief voor de inzameling voor 2026 vast te stellen op € 272,73 per aansluiting dat is een verhoging van €12,63 ten opzichte van tarief van 2025. De belangrijkste redenen van deze stijging zijn indexeringen en de CAO-stijgingen. Het voorgestelde tarief afvalverwerking bedraagt € 60,19 per aansluiting dit is een verlaging van €8,27 ten opzichte van het tarief van 2025 wat op €68,46 staat. De daling van dit tarief wordt veroorzaakt door een sterk verminderd aanbod van restafval. Het totale tarief bedraagt €332,92. Dit is een netto stijging van €4,36 ten opzichte van 2025. Hoewel deze stijging relatief laag is, roepen we u op om kosten beheersbaar te houden en waar mogelijk te drukken, zodat het positieve inhoudelijk effect van de invoering van Diftar voor onze inwoners ook financieel merkbaar wordt. Het jaar 2026 wordt een jaar van transitie. Eind 2025 vindt de overdracht van de directie plaats. De verwachting is dat de nieuwe directeur aantreedt per 1 januari 2026 aan zal treden. Wij roepen u als bestuur op om verder richting te geven aan het ingezette beleid. De nieuwe strategienota 2026–2030 zal daarbij richtinggevend zijn: een logisch vervolg op de bestaande koers, met ruimte voor verdieping en vernieuwing waar dat nodig is.

Daarbij vinden we het van belang dat doelen concreet geformuleerd worden, zodat er goede monitoring en indien nodig prioritering en (bij)sturing kan plaatsvinden.

7.Bureau Openbare Verlichting (BOVL) – Geen zienswijze Jaarstukken 2024 Financieel is over 2024 een voordelig resultaat gerealiseerd van € 180.640 Dit resultaat wordt veroorzaakt door de vele projecten die in 2024 volgens de DVO plus zijn uitgevoerd door BOVL. Met name bij het op grote schaal vervangen van oude lichtarmaturen door LED armaturen heeft BOVL veel (declarabele) inzet geleverd. De verwachting is dat deze inzet in 2025 minder zal zijn. BOVL stelt voor het voordelige resultaat 2024 als volgt te bestemmen: 1. Aanvullen van weerstandsvermogen € 23.451 2. 0-meting inventarisatie areaal € 50.000 3. Restant na rato terugstorten aan gemeenten € 107.189

Toelichting 1. Aanvullen van weerstandsvermogen € 23.451 In de financiële verordening is in artikel 11, lid 1 opgenomen dat het gewenste weerstandsvermogen in de vorm van een algemene reserve 30% dient te bedragen van het totaal aan de jaarlijkse gemeentelijke bijdragen per lichtobject. Door het weerstandsvermogen met €23.451 aan te vullen wordt het gewenste weerstandsvermogen bereikt. 2. 0-meting inventarisatie areaal € 50.000 De kwaliteit van de beschikbare beheerdata is door de vele mutaties niet meer volledig. Door een eenmalige inventarisatie van het gehele areaal zal de kwaliteit van de beheerdata weer op het gewenste -niveau komen. Hierdoor zal het beheer nog efficiënter kunnen worden uitgevoerd. 3. Restant na rato terugstorten aan gemeenten € 107.189 Dit bedrag wordt terug gegeven aan de deelnemende gemeenten. Voor Hardinxveld-Giessendam gaat het om een bedrag van €7.301. Begroting 2026 BOVL stelt in deze begroting voor de bijdrage van de gemeente voor 2026 niet te verhogen en gelijk aan de begroting 2025 vast te stellen op €12,10 per lichtmast. Door een verdere optimalisatie van de

10

interne bedrijfsvoering kan BOVL hetzelfde tarief aanbieden. Het effect van dit product op de nog vast te stellen gemeentebegroting 2026 is dan ook nihil. Bovenstaande geeft geen aanleiding tot het indienen van een zienswijze. Wel zullen de complimenten aan BOVL doorgegeven worden voor hun geleverde inspanning en het mooie behaalde financiële resultaat.

8.SVHW – Geen zienswijze Jaarstukken 2024 Bij de jaarstukken is sprake van een positief resultaat van € 2.526.000. In de najaarsnota 2024 werd een voordelig resultaat verwacht van € 2.251.000. Dit leidt tot een verschil van € 275.000. Het verschil van € 275.000,- wordt belangrijke mate veroorzaakt door: • Er zijn meer dossiers in behandeling genomen dan bij de Najaarsnota was ingeschat en tevens zijn de ex-partners van de mogelijk gedupeerden toegevoegd aan de aanpak KOTA. € 80.000,• De uitbetaalde proceskosten vergoeding ligt € 150.000,- lager dan verwacht bij de Najaarsnota 2024 • De kosten dwanginvordering zijn € 62.000,- lager dan vermeld in de Najaarsnota, er zijn minder vorderingen overgedragen aan de fiscale deurwaarder Het Dagelijks Bestuur van SVHW heeft voorgesteld om het voordelige resultaat van € 2.526.000 als volgt te bestemmen: • Een bedrag van € 191.000 te doteren aan een bestemmingsreserve PBB; • € 2.335.000 euro als resultaatuitkering aan de deelnemers uit te keren pro-rato verdeeld op basis van de daadwerkelijke deelnemersbijdrage over 2024. Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam komt dit neer op ca € 40.000. Rekening houdend met de verlaagde bijdrage 2024 (1e wijziging begroting 2025 ad €12.000) leidt dit per saldo tot een lagere bijdrage over 2025 van € 23.000.

1e Begrotingswijziging 2025 In de 1e begrotingswijziging 2025 van SVHW is rekening gehouden met het volgende: • Een afname van de proceskostenvergoeding. Dit leidt tot een structureel voordeel van € 300.000. • Afname inhuur voor afhandelen NCNP. De verwachte hogere aantallen NCNP bezwaren in 2024 vielen mee. Dit levert een structureel voordeel op van € 484.000. • Een structurele verlaging van personeelslasten ad € 200.000. • Daarnaast een structurele verlaging van telefoonkosten ad € 50.000. • Eenmalig lagere afschrijving door uitstel investeringen ad € 100.000. • Incidentele inkoopvoordelen ad € 75.000. • Enkele kleinere bijstellingen. Per saldo resulteren deze structurele bezuinigingen (€ 1.034.000) en incidentele (€ 227.000) bezuinigingen tot een lagere bijdrage van € 12.137 voor onze gemeente ten opzichte van de begroting 2025. Begroting 2026 In de begroting 2026 van de SVHW is rekening gehouden met diverse indexeringen. Per saldo zijn de totale lasten (€ 17.544.000) in de begroting 2026 € 707.000 lager dan in de meerjarenbegroting 2025 (de totale lasten in de meerjarenbegroting 2025 waren voor 2025 € 18.251.000; hierbij is het vervallen van de nota voor WOZ-kosten van het waterschap (€ 688.000) in mindering gebracht op het bedrag uit de meerjarenbegroting 2025).

Ten opzichte van de bedragen in de kadernota zijn de totale lasten in de begroting 2026 € 177.000 lager uitgekomen (de totale lasten in

11

de kadernota waren € 17.721.000 ; hierbij is het vervallen van de nota voor WOZ-kosten van het waterschap (€ 688.000) in mindering gebracht op het bedrag in de kadernota 2026). De deelnemersbijdrage neemt toe met € 117.435,- hetgeen een toename is van 0,69% ten opzichte van de gewijzigde begroting 2025. Dit komt onder andere door de toetreding van Drimmelen. Voornoemde leidt voor onze gemeente tot een toename van de bijdrage van € 7.331 ten opzichte van de gewijzigde begroting 2025. Deze stijging is niet voorzien in de bijgestelde begroting 2025 en wordt verwerkt in de perspectiefnota 2026-2028. In de tabel hieronder is een samenvatting van de effecten op totaalniveau te zien:

Ravijnjaar 2026 Al in een vroeg stadium heeft het Algemeen Bestuur aangedrongen op het zoeken naar bezuinigingsmaatregelen bij SVHW om in te spelen op het komende ravijnjaar. In juli 2024 is deze bestuursopdracht ingevuld en met de memo bezuinigingsopgave 2025 voorgelegd aan het Algemeen Bestuur. De positieve effecten hiervan zijn opgenomen in de 1e begrotingswijziging 2025 en hebben hun doorwerking naar 2026 en verder. Op basis van de jaarstukken 2024, de 1 e wijziging begroting 2025 en de begroting 2026 is geen zienswijze opgesteld.

9.Overige deelnemingen Vanuit de overige verbonden partijen leest u hieronder meer actuele informatie. Deze deelnemingen zijn door de gemeenteraad ingedeeld in het laagste risico ('groen'). OASEN NV De jaarrekening 2024 is nog niet beschikbaar. Er vinden geen dividenduitkeringen plaats. NV Bank Nederlandse Gemeenten De nettowinst van BNG Bank over 2024 bedraagt € 294 miljoen (2023: € 254 miljoen). De aandeelhouders hebben tijdens de Algemene Vergadering op 24 april 2025 ingestemd met het voorstel om 50% (2023: 50%) van de beschikbare winst na belasting en na aftrek van de compensatie voor de verschaffers van hybride kapitaal uit te keren. Dit komt neer op een dividendbedrag van € 140 miljoen (2023: € 120 miljoen). Het dividend bedraagt €2,51 per aandeel van nominaal € 2,50 (2023: € 2,16). Voor onze gemeente betekent dit een dividend van € 78.704 (2024 € 67.675). In de primaire begroting 2025 is rekening gehouden met € 71.500. Via de zomernota 2025 wordt dit bijgesteld naar € 78.500 Stedin Holding NV In het jaarverslag 2024 van Stedin is opgenomen dat aan de algemene vergadering van aandeelhouders wordt voorgesteld te besluiten tot een dividenduitkering van € 50,3 miljoen.

12

Dit betekent een uitkering van € 8,86 per aandeel (2023: € 9,30 per aandeel)., gebaseerd op het aantal gewone aandelen uitstaand per 31 december 2024 (5.684.687 aandelen). Voor onze gemeente betekent dit dat ca € 199.305 (2024 ca € 207.500) dividend wordt ontvangen. In de Algemene Vergadering is ook afgesproken om het liquiditeitssaldo van de aandeelhouderscommisiekas te verhogen met een bedrag van € 200.000. Voor onze gemeente betekent dit een bijdrage van € 792. Per saldo betekent dit dat wij uitgaan van € 198.500. De raming bedraagt € 120.000 waarmee de raming via de P&C-cyclus met € 78.500 naar boven zal worden bijgesteld. In meerjarenperspectief hebben wij overigens het dividend Stedin gebaseerd op de verwachte ontwikkeling (zie begroting 2025)

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/1041/documents/32211