Beantwoording technische vragen PRO over Vernieuwd beleidskader SRoI 2026.pdf
Tekst van het document
RAADSVRAGEN
Onderwerp:
Vernieuwd beleidskader SRoI 2026
Naam steller: Partij:
Benjamin van de Velde PRO
Categorie:
Raadsvragen over geagendeerde stukken
Toelichting Voor de raad van 21 mei (en zo nodig 28 mei) staat het Vernieuwd beleidskader SRoI 2026 op de raadsagenda ter vaststelling. Echter op overheid.nl is het beleidskader al gepubliceerd op basis van een besluit van het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst waarbij is opgenomen dat het beleidskader geldt vanaf 4 april 2026. Tevens is in het gepubliceerde stuk opgenomen dat het beleidskader van toepassing is op de 10 aanbestedende diensten (7 Drechtsteden gemeente, GR Sociaal, OZHZ en DG&J). Vraag 1: Hoe verhoudt deze publicatie zich tot het voorliggende voorstel, door de gemeente HardinxveldGiessendam is toch nog geen besluit genomen, hoe kan dan gesteld worden dat het van toepassing is op Hardinxveld-Giessendam? Reactie college Er is een uniform beleidskader aangeboden aan de 10 aanbestedende diensten. Elke dienst doorloopt een eigen besluitvormingsproces via het bevoegd orgaan. In het geval van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid is dat het Algemeen Bestuur (AB). Het AB heeft met de vaststelling op 2 april 2026 de uniform aangeleverde tekst overgenomen. Technisch gezien kan daarmee inderdaad niet gesteld worden dat het beleidskader voor alle 10 aanbestedende diensten geldt. Praktisch gezien maakt dit echter geen verschil. Met vaststelling zegt een betreffende dienst namelijk dat het bij eigen aanbestedingen werkt volgens het beleidskader.
OZHZ (of een andere aanbestedende dienst/gemeente) heeft geen zeggenschap over aanbestedingen vanuit HardinxveldGiessendam en vice versa. Vraag 2: Dienen niet allereerst alle 10 de aanbestedende diensten een besluit te nemen voordat het beleidskader in werking treedt, dit ook vanuit het oogpunt van uniformiteit (een punt waar nadrukkelijk aandacht voor wordt gevraagd in het voorstel)? Reactie college Hoewel het wenselijk is dat alle 10 aanbestedende diensten het voorstel vaststellen, hoeft dit de inwerkingtreding per dienst niet in de weg te staan (zie beantwoording op vraag 1). Het meeste maatschappelijke rendement is vanzelfsprekend wel te behalen als alle 10 de diensten het beleidskader hanteren.