CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen PRO - bijlage Rapport toekomst zwembad.pdf

Gemeenteraad GHG 16 juli 2026, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 8: Perspectiefnota 2027-20309.283 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Rapport Toekomst zwembad De Duikelaar Gemeente Hardinxveld-Giessendam 25 november 2024 Inhoudsopgave 1. Inleiding 1 1.1 Context en onderzoeksopdracht 1 1.2 Opzet rapportage 1 2. Analyse vraag en aanbod 2 2.1 Zwembad De Duikelaar 2 2.2 Concurrentiepositie 3 2.3 Bezoekers en bezetting 3 2.4 Trends en ontwikkelingen 4 3. Basisscenario: duurzaam in stand houden 6 3.1 Renovatie 6 3.2 Verduurzamen 6 3.3 Investeringskosten en kapitaallasten 7 4. Nieuwbouwscenario’s 8 4.1 Configuratie 8 4.2 Ruimte en investeringskosten 9 4.3 Exploitatie en jaarlasten 10 5. Optimalisatie beheer en exploitatie 12 5.1 Uitgangspunten 12 5.2 Beschouwing beheervormen 12 5.3 Afwegingskader 14 5.4 Slotbeschouwing 15 6. Samenvattende conclusies 16 Bijlage 1 Investeringskosten 18 Bijlage 2 Exploitatie en jaarlast 2022-2023 19 1 1. Inleiding 1.1 Context en onderzoeksopdracht Het uit 1981 daterende zwembad De Duikelaar beschikt over een wedstrijdbad van 25x15 meter en een instructiebad van 8x12 meter. Het buitenbad is jaren geleden buiten gebruik gesteld. Op basis van het bouwjaar nadert De Duikelaar het einde van haar technische en economische levensduur. In de directe omgeving van Hardinxveld-Giessendam zijn er ontwikkelingen op het gebied van zwembaden.

In Gorinchem wordt een nieuw zwembad gerealiseerd ter vervanging van het Caribabad, in Sliedrecht wordt onderzoek gedaan naar nieuwbouw van bronbad De Lockhorst en in Molenlanden wordt door de stichting die buitenbad De Doetsekom beheert en exploiteert de realisatie van een binnenbad beoogd. Voor de gemeente Hardinxveld -Giessendam is dit alles aanleiding om de toekomst van zwembad De Duikelaar te laten onderzoeken in de vorm van de volgende scenario’s: 1. In stand houden en verduurzamen van het huidige zwembad met een levensduurver- lenging tot 20 jaar. 2. Uitwerken van twee scenario’s voor een nieuw zwembad ter vervanging van het huidige zwembad op basis van een 1-bad of 2-baden concept. 3. Uitwerken van de variant waarin het binnenbad wordt aangesloten op een recreatief ingerichte ligweide, zowel voor het scenario ‘in stand houden en verduurzamen’ als voor de scenario’s ‘nieuwbouw’. 4. Beschouwen van de mogelijkheden/scenario’s om het beheer en de exploitatie van het zwembad te optimaliseren. Aanvullend op de uit te werken scenario ’s is advies gewenst hoe de uitkomsten van het onderzoek naar de toekomst van zwembad De Duikelaar gezien moeten worden in relatie tot de uitkomsten van het onderzoek dat door Verbaell wordt uitgevoerd naar nieuwbouw van De Lockhorst of nieuwbouw van een gezamenlijk zwembad voor de inwoners van Har- dinxveld-Giessendam en Sliedrecht.

Ten behoeve van het onderzoek is kennisgenomen van relevante informatie over de ex- ploitatie van De Duikelaar e n zwembadontwikkelingen in de regio. Verder zijn vertegen- woordigers van De Duikelaar (bedrijfsleiding), de zwemvereniging en de Reddingsbrigade geconsulteerd en heeft over het verloop van het onderzoek afstemming plaatsgevonden met de ambtelijk opdrachtgever. 1.2 Opzet rapportage In deze rapportage wordt verslag gedaan van de onderzoeksbevindingen. De opbouw is als volgt: In hoofdstuk 2 worden de uitkomsten van de analyses gepresenteerd met betrekking tot (ontwikkelingen in) de vraag naar en het aanbod van zwemwater in Hardinxveld - Giessendam. In hoofdstuk 3 worden de consequenties in beeld gebracht van het basisscenario: in stand houden en verduurzamen van het huidige zwembad met een levensduurverlening tot 20 jaar (inclusief de variant waarin het binnenbad wordt aangesloten op een recrea- tief ingerichte ligweide). In hoofdstuk 4 worden de nieuwbouwscenario’s uitgewerkt voor zwembad De Duikelaar (inclusief de variant waarin het binnenbad wordt aangesloten op een recreatief inge- richte ligweide). In hoofdstuk 5 worden de mogelijkheden beschouwd om het beheer en de exploitatie van zwembad De Duikelaar te optimaliseren. De rapportage wordt in hoofdstuk 6 afgesloten met de samenvattende conclusies. 2.

| Analyse vraag en aanbod | Consultatie zwemvereniging en reddingsbrigade In het kader van dit onderzoek zijn de zwemvereniging Hardinxveld-Giessendam (ZVH) en 2.1 | Zwembad De Duikelaar | de reddingsbrigade Hardinxveld-Giessendam per mail geconsulteerd. Puntsgewijs heeft dit Zwembad De Duikelaar is gelegen aan de Sluisweg in de nabijheid van de voetbalvelden | het volgende beeld opgeleverd. van vv Hardinxveld. Het overdekte zwembad is gerealiseerd in 1981 en is te kenschetsen als een functionele voorziening bestaande uit: | ZVH: Een | 5-baans wedstrijdbad | van 25x15 meter | ZVH telt circa 60 leden. De verwachting van het bestuur is dat dit aantal de komende 2 | vijf jaar stabiel zal blijven of beperkt zal groeien tot maximaal 80 leden. Een eventuele (375 m | ) met een diepteverloop van 1,10 me- | beperkte groei zal geen invloed hebben op de behoefte aan zwemwater. ter naar 2,00 meter. | ZVH maakt gebruik van het wedstrijdbad op maandag van 18.00 tot 19.00 uur en op Een doelgroepen-/instructiebad van 8x12 me- | dinsdag van 18.45 tot 20.00 uur. De Duikelaar voldoet voor trainingsdoeleinden. Voor ter (96 m2) met een diepteverloop van 0,40 meter naar 0,90 meter. | wedstrijden wordt gebruik gemaakt van baden in de omgeving. Een | verkooppunt voor versnaperingen, ge- | De faciliteiten in het wedstriidbad zijn niet optimaal.

De baanafscheiding kan beter, de koppeld aan de kassa/receptie. | temperatuur is aan de hoge kant en de ruimte rondom het bassin laat te wensen over. 2 | Reddingsbrigade: Het totale wateroppervlak van het binnenbad bedraagt 471 m. | De Reddingsbrigade Hardinxveld-Giessendam heeft ruim 200 leden. Tijdens Corona is het ledental licht gedaald. Inmiddels is weer sprake van een stijgende lijn, die naar ver- Tot 2012 beschikte De Duikelaar ook over een buitenbad. Deze voorziening dateerde uit | wachting de komende jaren doorzet. de jaren ‘50 van de vorige eeuw en is uit economische overwegingen gesloten. De afgelo- | De Reddingsbrigade maakt gebruik van zowel het wedstrijdbad als het doelgroepen- pen jaren zijn er diverse particuliere initiatieven geweest om weer een buitenbad in gebruik | /instructiebad op woensdag van 19.00 tot 21.00 uur en op vrijdag van 18.30 tot 21.00 te krijgen, maar vooralsnog zonder resultaat. | uur. De verwachting is dat ook in de toekomst behoefte is aan minimaal 4,5 uur per week gebruik van zwembad De Duikelaar. In De Duikelaar vinden de voor zwembaden gebruikelijke activiteiten plaats: | Ook de Reddingsbrigade beschouwt de faciliteiten in het zwembad als niet optimaal. Recreatief zwemmen op zaterdagmiddag en zondagmorgen.

| Verbeterpunten zijn: Banenzwemmen op donderdag-, vrijdag- en zondagmorgen, dinsdag- en donderdag- | De huidige baanafscheiding breekt de golfslag onvoldoende. avond en lunchzwemmen van maandag tot en met vrijdag. | De trap voor mindervaliden middenin baan 5 wordt als onprettig ervaren. Groepslessen/doelgroepactiviteiten, zoals aquasporten, fifty fit, ouder & kind zwemmen, | De temperatuur van het water en in de zwemzaal is te hoog om wedstrijden te snorkelen, trimzwemmen en zeemeerminzwemmen. | zwemmen. Zwemlessen aan kinderen op maandag- tot en met vrijdagmiddag/begin van de avond | Een goede geluidinstallatie en afstandsmarkeringen op de bodem zijn gewenst. en zaterdagochtend. | Idealiter zou het wedstrijdbad beschikken over een beweegbare bodem en niet over Verhuur aan de zwemvereniging en de Reddingsbrigade. | een beperkte diepte van 1,1 meter over de helft van het bad. 2 3 Bij een grootschalige aanpassing of nieuwbouw van het zwembad is verder een verenigingsruimte, voldoende bergruimte en een tribune direct aan het bad gewenst. Aandachtspunt is dat het zwembad tijdens verbouw/nieuwbouw zoveel mogelijk open blijft voor veren igingsactiviteiten. Als het zwembad voor langere tijd niet be- schikbaar zou zijn dan zullen bezoeker s (en leden van de Reddingsbrigade) afha- ken. De Reddingsbrigade hecht veel waarde aan het behouden van een zwembad in Hardinxveld-Giessendam.

2.2 Concurrentiepositie De mate waarin in de omgeving andere zwemvoorzieningen aanwezig zijn, heeft invloed op de behoefte die in Hardinxveld-Giessendam geaccommodeerd moet worden. De vol- gende tabel bevat een overzicht van zwembaden in de directe omgeving met de afstand vanaf het centrum van Hardinxveld-Giessendam, de watercapaciteit, de bezoekersaantal- len en de functionaliteit van de aanwezige bassins. Toelichting: Net als in Hardinxveld-Giessendam wordt ook in Sliedrecht onderzoek gedaan naar de toekomst van het lokale zwembad. De analyse is dat met 875 m2 binnenbad en 400 m2 buitenbad momenteel sprake is van een overcapaciteit aan zwemwater. Verschillende nieuwbouwscenario’s voor een compactere zwemvoorziening zijn/worden onderzocht. In Gorinchem is inmiddels het besluit genomen om een nieuw zwembad ter vervanging van het Caribabad te ontwikkelen. Het nieuwe binnenbad krijgt de beschikking over een 8-baans wedstrijdbad (400 m2), een multifunctioneel bad van 160 m2 en een recreatie- bad van 295 m 2. Met een totale watercapaciteit van 855 m 2 is sprake van een aanzienlijke beperking ten opzichte van de huidige capaciteit van 1.122 m2. Het buiten- bad van 615 m2 blijft gehandhaafd. Het sportcentrum in Papendrecht is in 2015 in gebruik genomen en bestaat uit een binnenbad, een buitenbad en een sporthal.

De gemeente Molenlanden beschikt over zes buitenbaden (in Nieuw-Lekkerland, Groot- Ammers, Noordeloos, Hoogblokland, Arkel en Giessenburg) , maar niet over een bin- nenbad. Bij de stichting die buitenbad De Doetsekom (Giessenburg) beheert en exploi- teert zijn plannen om een 4-baans wedstrijdbad (25x10 meter) te realiseren. De regionale ontwikkelingen hebben invloed op de behoefte aan zwemwater in Hardinx- veld-Giessendam, maar het is lastig aan te geven wat die invloed precies is. Door de be- drijfsleiding wordt aangegeven dat De Duikelaar b ezoekers van omringende gemeenten trekt, maar andersom zullen ook inwoners van Hardinxveld-Giessendam zwembaden in de omgeving bezoeken. Precieze aantallen zijn niet bekend (worden niet geregistreerd). 2.3 Bezoekers en bezetting In de volgende tabel zijn de bezoekersaantallen van De Duikelaar weergegeven voor de periode 2019-2023, uitgezonderd de Corona-jaren. Voor het perspectief zijn ook de bezoe- kersaantallen 2009 en 2010 weergegeven, opgetekend in een onderzoek dat in 2011 door Synarchis is uitgevoerd. In de laatste kolommen is een voorstel gedaan voor het bezoe- kerspotentieel van een zwembad in Hardinxveld-Giessendam met een berekening van ani- mocijfers (gemiddeld aantal zwembadbezoeken per inwoner) en een vergelijking met benchmarkgegevens.

Toelichting: Er zijn verschuivingen in het bezoek van De Duikelaar, maar gemiddeld weet het zwem- bad het totaal aantal bezoekers te handhaven o p ongeveer 55.000. Door km min binnen buiten gemiddeld bezetting inwoners wedstrijdbad doelgroepenbad recreatiebad peterbad buitenbad De Duikelaar Hardinxveld-Giessendam4 7 471 45.000 96 18.000 x x x x x De Lockhorst Sliedrecht 4 7 875 400 154.000 176 26.000 x x x x x Caribabad Gorinchem 11 13 1.122 615 265.873 237 38.000 x x x x Sportcentrum Papendrecht Papendrecht 12 14 788 1.200 148.290 188 32.000 x x x x De Doetsekom Giessenburg 8 13 250 1.100 35.000 45.000 x capaciteit bezoekers functionaliteitafstand zwembaden plaats bezoekersaantallen 2009 2010 2019 2022 2023 potentieel animo benchmark recreatief (inclusief banen) 10.910 11.588 16.238 12.953 12.010 13.000 0,7 1,5 - 1,8 instructie 21.430 21.319 29.414 36.051 20.230 30.000 1,6 0,5 - 0,7 doelgroepen 6.350 6.239 6.215 5.086 3.594 6.000 0,3 0,3 - 0,5 verenigingen 10.194 10.939 4.809 3.130 6.017 6.000 0,3 0,5 - 0,8 scholen 7.738 5.941 0 0 0 0 totaal binnenbad 56.622 56.026 56.676 57.220 41.851 55.000 2,9 2,8 - 3,8 buitenbad 14.750 12.689 0 0 0 0 personeelsgebrek wijkt 2023 in negatieve zin af. Inmiddels zijn extra instructeurs aan- | jaren nog wat toenemen.

Dit vanwege de woningvoorraad die stijgt van 7.643 in 2024, tot getrokken voor de begeleiding van het instructiezwemmen en de doelgroepactiviteiten, | verwacht 8.504 in 2030 (daarna stabilisatie). De prognose van de gemeente is dat dit leidt waardoor de verwachting is dat de bezoekersaantallen weer op het niveau kunnen ko- | tot een bevolkingstoename van ruim 8% in 2035 (tot circa 20.300 inwoners). Afhankelijk men van voor 2023. | van de leeftijdsopbouw (ontgroening en vergrijzing) zal dit beperkte1 invloed hebben op het Het bezoekerspotentieel is geraamd op ongeveer 55.000 bezoekers, hetgeen een ani- | aantal zwembadbezoekers. mocijfer van 2,9 oplevert (gemiddeld aantal zwembadbezoeken per inwoner). Dit zit aan de onderkant van de bandbreedte van vergelijkbare zwembaden. | Dit is verklaarbaar | Zwembaden door de aanwezigheid en nabijheid van zwembaden in omringende gemeente. Opval- | Op het gebied van zwembaden kunnen onder meer de volgende trends en ontwikkelingen lend is het lage animo voor recreatief zwemmen en het hoge animo voor instructie- | worden onderscheiden: zwemmen. | Verklaringen | zijn | de | aanwezigheid/concurrentie | van | recreatieve | In het verleden is door veel gemeenten geïnvesteerd in zwembaden en ook in recrea- zwembaden in de omgeving en een goed prijs/kwaliteit niveau van de geboden zwem- | tieve voorzieningen bij zwembaden.

Dit heeft geleid tot een stijging van het aantal re- lessen ten opzichte van de omgeving. | creatieve zwembaden in de jaren ’90 van de vorige eeuw. De afgelopen decennia is een verschuiving zichtbaar van recreatief bezoek naar begeleide activiteiten (zoals bij- Het gemiddelde aantal bezoeken per | m2 zwemwater per jaar geeft aan hoe goed een | voorbeeld voor ouderen of mensen met een beperking) en aquasporten. Hierbij spelen zwembad wordt bezet. Daarmee vormt het een belangrijke indicator van de verhouding | demografische ontwikkelingen, gewenning aan recreatieve zwemvoorzieningen en uit- tussen vraag en aanbod. Het benchmarkcijfer voor een voldoende verhouding tussen be- | breiding van andersoortige recreatieve voorzieningen een rol. zoek en zwemwater ligt voor een functioneel zwembad tussen de 200-225 bezoeken per | Binnen de Nederlandse zwembaden is het bezoek aan groepslessen en het banen | - m2. | zwemmen de afgelopen jaren stabiel gebleven mits sprake is van een uitnodigend aan- bod. Het aantal recreatieve bezoekers staat in veel zwembaden onder druk. Oorzaken Met 55.000 bezoekers en een huidige zwemwatercapaciteit van 471 m2 is in De Duikelaar | zijn de toenemende concurrentie van andere (recreatieve) vrijetijdsbestedingsmogelijk- sprake van een verhouding van ongeveer 117 bezoeken per m2.

Dit leidt tot de conclusie | heden en de beperkte attractiewaarde van veel recreatieve zwembaden. dat, net als in Sliedrecht en Gorinchem, De Duikelaar momenteel over meer dan genoeg | Van de 193 gemeenten met een inwonersaantal tussen de 20.000 en 50.000 hebben zwemwater beschikt om de inwoners van Hardinxveld-Giessendam te bedienen. Op basis | 11 gemeenten geen openbaar zwembad en 1 gemeente helemaal geen zwembad. An- van 55.000 bezoekers en 200-225 bezoeken per m2 zou een capaciteit van 245 tot 275 m2 | dere zwembaden dan openbare zwembaden zijn te vinden bij sportscholen, zorginstel- volstaan. | lingen en commerciële zwemscholen. Er is geen wettelijk nationaal zwemdiploma. Wel is er een Nationale Raad Zwemveilig- 2.4 | Trends en ontwikkelingen | heid (NRZ) waarbij een groot deel van de zwemlesaanbieders is aangesloten. In 2022 heeft het ministerie van VWS aangegeven samen met het NRZ mogelijkheden, waar- Demografie en woningbouw | onder regulering, te onderzoeken die leiden tot het verhogen van de kwaliteit van het De gemeente Hardinxveld-Giessendam telde 18.760 inwoners op 1 januari 2024. Het aan- | zwemonderwijs.

Dit naar aanleiding van de landelijke discussie, die na het opheffen van tal inwoners is de afgelopen jaren licht gegroeid en zal naar verwachting ook de komende | de | Coronamaatregelen ontstond, | over de zwemveiligheid en de waarde van een 1 Met een toename van ongeveer 1.500 inwoners in de periode 2024 | -2035 en een animocijfer van 2,8 zou het potentieel kunnen groeien met ongeveer 4.000 zwembadbezoekers. 4 5 zwemdiploma. Voor het behalen van het NRZ-diploma is het wenselijk om in een 25 - meterbad te kunnen zwemmen. In februari 2024 zijn in de Tweede Kamer drie moties aangenomen die betrekking heb- ben op de beschikbaarheid van en het lesaanbod in zwembaden. Deze moties komen alle voort uit de wens om het voor ieder kind mogelijk te maken een zwemdiploma te halen. De daling van het percentage kinderen dat een diploma behaald is de oorzaak van de moties. De inhoud van de moties betreft: Het verzoek aan gemeenten en basisscholen om onderzoek te doen naar het her- invoeren van schoolzwemmen. Het verzoek aan de regering om samen met gemeenten met een plan te komen om openbare zwembaden in publieke handen te houden. Het verzoek aan de regering om in samenspraak met gemeenten ervoor te zorgen dat alle gemeenten in Nederland zwemlessen aanbieden aan kinderen uit huishou- dens met een lager inkomen.

Zwemmen is na fitness en wandelsport de op twee na meest beoefende sport, kijkend naar het percentage van de Nederlandse bevolking dat gedurende één maand of langer minimaal viermaal heeft gesport. In 2019 gaf 90% van de Nederlanders aan dat een zwembad een basisvoorziening zou moeten zijn. 6 3. Basisscenario: duurzaam in stand houden De afgelopen tien jaar heeft zwembad De Duikelaar verschillende renovaties gehad, waar- bij de accommodatie esthetisch, technisch en bouwfysisch een kwaliteitsimpuls heeft ge- kregen. Het zwembad is daarmee te kenschetsen als goed onderhouden. Om de levensduur van zwembad De Duikelaar met nog eens 20 jaar te verlengen dienen ondanks de goede staat van het zwembad juiste keuzes gemaakt te worden op het gebied van onderhoud en verduurzaming. Uitgangspunt daarbij moet zijn de bedrijfsvoering/inge- bruikgeving van het zwembad zo min mogelijk te belasten. Daarom is het advies om, als gekozen wordt voor duurzaam in stand houden van De Duikelaar, op korte termijn een grote renovatie uit te voeren. Hierbij worden alle essentiële elementen vervangen op basis van de bestaande configuratie. Eventuele uitbreiding en/of verandering van de indeling van het zwembad maakt geen on- derdeel uit van dit basisscenario. Waar mogelijk worden conventionele elementen vervan- gen voor een duurzame oplossing.

Om de mogelijkheden op het gebied van duurzaamheid te onderzoeken is door Synarchis een energiescan op locatie uitgevoerd. Deze heeft geza- menlijk plaatsgevonden met de schouw voor het onderhoud. 3.1 Renovatie De basis voor de renovatie vormt het bestaande meerjaren onderhoudsplan (MJOP). De komende jaren staan grote vervangingen gepland. Deze vervangingen worden in dit sce- nario naar voren gehaald om in één renovatie uit te voeren. Het betreft op hoofdlijnen: Vervangen voegwerk. Schilderen buitenafwerkingen. Vervangen en/of schilderen diverse afwerkingen wand, vloer en plafond. Vervangen coating perron zwemzalen. Vervangen plafond kleedkamers. Vervangen onderdelen werktuigbouwkundige installaties. 2 https://www.rvo.nl/sites/default/files/Infoblad%20Trias%20Energetica%20en%20energieneu- traal%20bouwen-juni%202013.pdf Vervangen onderdelen elektrotechnische installaties. Vervangen onderdelen zwembadinstallaties. 3.2 Verduurzamen Bij zwembad De Duikelaar is de energiescan uitgevoerd op basis van de verduurzamings- strategie Trias Energetica2. In deze strategie dienen de volgende stappen genomen te wor- den om een bestaand gebouw een upgrade te geven tot een energiezuinig gebouw: 1. Beperk de energievraag. 2. Gebruik energie uit hernieuwbare bronnen. 3. Indien gebruik van eindige (fossiele energiebronnen), gebruik deze dan zo efficiënt mo- gelijk.

In een separaat document is een uitgebreid overzicht met de voorgestelde verduurzamings- maatregelen voor zwembad De Duikelaar opgenomen. Het betreft op hoofdlijnen: Buitenkozijnen, inclusief beglazing HR ++/+++. Luchtbehandelingskasten met warmteterugwinning. Traditionele verlichting vervangen voor LED. Energiezuinige zwembadpompen. Zonneboiler met heatpipes. Warmte terugwinnen met warmtepomp uit spoelwater. 297 stuks zonnepanelen. Energiemonitoring. Warmtepomp(en) ten behoeve van een gasloze opwekking en een laag temperatuur traject. Met een levensduurverlening is een terugverdientijd van 15 jaar economisch gezien wellicht langer dan gewenst. Maar het is ook belangrijk te kijken naar de CO 2 besparing van de maatregelen. Vanuit overheidswege is er de verplichting van CO2 reductie voor 2030. De voorgestelde maatregelen leveren met CO2 reductie van totaal 400.000 kilogram een sig- nificante bijdrage. 7 De gekozen maatregelen dienen als een integraal pakket uitgevoerd te worden. Met het uitvoeren van dit pakket wordt een gasloos, energiezuinig en toekomstbestendig zwembad De Duikelaar gerealiseerd. Aandachtspunt is nog dat met de voorgestelde duurzaamheidsmaatregelen bestaande on- derdelen van het zwembad worden vervangen door nieuwe, meer duurzame elementen.

De kosten voor groot onderhoud (en verbruikskosten) zullen uiteindelijk in de periode van 20 jaar levensduurverlening toenemen indien de duurzaamheidsmaatregelen niet worden uitgevoerd. 3.3 Investeringskosten en kapitaallasten In het volgende overzicht zijn de investeringskosten weergegeven die verband houden met het hiervoor beschreven maatr egelenpakket. Een onderbouwing van de investeringskos- tenraming is opgenomen in bijlage 1. Investeringskosten basisscenario Renovatiekosten € 885.000 Verduurzamingskosten € 1.860.000 Investeringskosten (excl. BTW) € 3.920.000 Investeringskosten (incl. BTW) € 4.743.000 Toelichting: De kostenraming is exclusief: Sloop en bouwrijp bestaande buitenbad. Kosten voor eventuele bijzondere locatieaspecten, zoals bodemvervuiling, plan- schade, kabels en leidingwerk, archeologie, explosieven en flora en fauna. Bijdrage SPUK. De kostenraming is inclusief: Prijsstijgingen tot oplevering (indicatief 3,5% per jaar tot oplevering, uitgaande van oplevering in jul 2026). Bouwrente 1,5%. Een post onvoorzien (10%). Kwaliteitsimpuls zwembad € 25.000. Bijkomende kosten voor projectbegeleiding en honoraria voor ontwerpers en advi- seurs. Interne kosten gemeente (3%). Aansluitkosten. Op basis van de investeringskosten zijn in het volgende overzicht de kapitaallasten en kos- ten voor dagelijks en planmatig onderhoud berekend de instandhouding en verduurzaming.

Hieraan liggen de volgende uitgangspunten ten grondslag: Voor het basisscenario wordt gerekend met een levensduurverlenging en dus een af- schrijvingstermijn van 20 jaar. Door de gemeente wordt een rekenrente gehanteerd van 3,5%. De kapitaallasten zijn berekend op basis van annuïteiten en op basis van lineair jaar 1. De kapitaallasten op basis van annuïteiten geven beter de gemiddelde kapitaallasten weer. Gemeenten schrijven in de regel lineair af, waardoor de kapitaallasten (en dus de jaarlasten) in jaar 1 hoger zijn en vervolgens dalen. In verband met de renovatie en verduurzaming van het zwembad is de dotatie voor groot onderhoud gebaseerd op 19 jaar. Dit resulteert in een jaarlijkse onderhoudsdota- tie van € 65.000, exclusief BTW. Basisscenario investerings- kosten afschrijvings- termijn rente percentage kapitaallasten annuitair kapitaallasten lineair jaar 1 dagelijks onderhoud dotatie groot onderhoud Renovatiekosten 884.500€ 48.500€ 65.000€ Verduurzamingskosten 1.860.000€ Investeringskosten ex BTW 3.920.000€ 20 3,50% 275.815€ 333.200€ Investeringskosten incl BTW 4.743.200€ 20 3,50% 333.737€ 403.172€ 4. | Nieuwbouwscenario’s | worden ingesteld van 0,0 tot 2,0 meter waardoor het bad ook geschikt is voor jonge kinderen. De bodem is geschikt om recreatieve elementen aan te brengen.

Op basis van de analyse van vraag en aanbod (hoofdstuk 2) zijn in dit hoofdstuk drie nieuw- | Het zwembad kent een aparte hellingbaan voor mindervalidentoegang. bouwscenario’s uitgewerkt met en zonder recreatief ingerichte ligweide. In alle scenario’s | De watertemperatuur is gemiddeld 29°C en kan door slim programmeren voor zwem- is sprake van een beperking van de watercapaciteit ten opzichte van de huidige situatie | wedstrijden naar de maximaal toelaatbare 28°C en voor warmwateractiviteiten naar (471 m2). Dit doet recht aan het meer in evenwicht brengen van de benodigde watercapa- | 30°C gebracht worden. citeit op basis van het bezoekerspotentieel. Het is ook in lijn met de ontwikkeling in Gorin- | Het bad voldoet aan de normen voor een D-accommodatie wedstrijdzwemmen (hand- chem en Sliedrecht waar eveneens ‘compactere’ zwembaden worden ontwikkeld. | boek KNZB). Onderscheid is gemaakt tussen de volgende drie scenario’s: | Er zijn geen vaste recreatieve elementen opgenomen. Met het realiseren van een beweeg- 1. Een 4-baans wedstrijdbad van 25x10,4 meter (260 m2). | bare bodem met recreatieve mogelijkheden en het aanbieden van losse speelelementen 2. Een 5-baans wedstrijdbad van 25x12,9 meter (323 m2). | en opblaasbare attracties kan in het zomerseizoen voldaan worden aan de behoefte van 3.

Een 4-baans wedstrijdbad van 25x10,4 meter gecombineerd met een doelgroepen | -/in- | gezinnen met (jonge) kinderen (binnen zwemmen, buiten recreëren in de variant met een structiebad van 10x8 meter (totaal 3 | 40 m2). | recreatief ingerichte ligweide). Er zijn twee groepskleedruimten en diverse omkleed cabi- nes. Ook is voorzien in goede voorzieningen voor het personeel en een beperkte horeca- In paragraaf 2.3 is vastgesteld dat op basis van een potentieel van zo’n 55.000 bezoekers | voorziening (aansluitend op de kassa/receptie). en 200-225 bezoeken per m2 zou een capaciteit van 245 tot 275 m2 zou volstaan. Het eerste scenario bevindt zicht in deze range. De andere twee scenario’s beschikken over | In dit scenario is de kans het grootst dat enige knelpunten gaan ontstaan bij voortzetting wat meer capaciteit. | In alle scenario’s kan ingespeeld worden op een beperkte stijging van | van het huidige activiteitenaanbod. Dit geldt met name bij de zwemlessen (de belangrijkste de bezoekersaantallen als gevolg van de toename van het aantal inwoners (zie paragraaf | activiteit in De Duikelaar). Momenteel | wordt al op alle dagen zwem | les gegeven, inclusief 2.4). | de zaterdagmorgen. | Knelpunten kunnen worden opgel | ost door de gro | epen wat te vergro- ten. Alternatief is dat de wachtlijst oploopt.

In het vervolg van dit hoofdstuk worden de drie nieuwbouwscenario’s verder uitgewerkt. 5-baans wedstrijdbad 4.1 | Configuratie | In dit scenario wordt het 4 | -baans wedstrijdbad (25x10 | ,4 meter) uitgebreid tot een 5-baans wedstrijdbad (25x12,9 meter). De faciliteiten zijn verder gelijk aan de omschrijving in para- 4-baans wedstrijdbad | graaf 4.1.1. In dit scenario beschikt het zwembad over de volgende faciliteiten: Een 4-baans wedstrijdbad met een lengte van 25 meter en een breedte van 10,4 meter. | 4-baans wedstrijdbad met doelgroepen-/instructiebad Het bad heeft een netto diepte van 2 meter en beschikt over een | beweegbare PPE- | In dit scenario beschikt het zwembad beschikt over de volgende faciliteiten: bodem over de helft van het zwemwateroppervlak. Deze beweegbare bodem kan | Een 4-baans wedstrijdbad met een lengte van 25 meter en een breedte van 10,4 meter. Het bad heeft een netto diepte van 2 meter en beschikt vanwege de combinatie met een | doelgroepen-/instructiebad | niet | over | een | beweegbare | bodem. | De 8 watertemperatuur is 28°C. Het bad voldoet aan de normen voor een D-accommodatie | 4.2 | Ruimte en investeringskosten wedstrijd-zwemmen (handboek KNZB). | Voor de verschillende scenario’s zijn ruimtestaten opgesteld | , die zijn opgebouwd uit de Het zwembad kent een aparte hellingbaan voor mindervalidentoegang.

| volgende elementen: Een doelgroepen-/instructiebad van 10 bij 8 meter met een volledig beweegbare PPE- | Centrale ruimte inclusief entreehal, toiletten en werkkast. bodem. De diepte kan worden ingesteld van 0,0 tot 2,0 meter. De watertemperatuur | Zwemzaal inclusief bassins en perrons, ehbo en bergingen. bedraag 30°C. | Kleedkamers inclusief doucheruimten en toiletten. Personeelsruimte. Toevoeging recreatief ingerichte ligweide | Technische ruimte. Het voormalige buitenbad van De Duikelaar beschikte over de volgende voorzieningen: | Verkeersruimte. Een verwarmd trimbad van 25x12 meter (300 m2) met een diepte van 1,80 meter. | Constructieoppervlak. Een verwarmd speel-/ doebad van 18x12 meter (216 m2) met een diepteverloop van 0,30 tot 1,20 meter met een scheidingshek op 0,80 meter. | Het bruto vloeroppervlak van de drie nieuwbouwscenario’s en de bouw- en investerings- Een verwarmd baby-/peuterbad van 10x10 meter (100 m2) met een diepteverloop van | kosten zijn in de volgende tabel samengevat. In bijlage 1 is een onderbouwing van de in- 0,10 tot 0,30 meter. | vesteringskostenraming opgenomen. Een ruime ligweide.

Scenario’s | 4-baans wb | 5-baans wb | 4-baans wb | Ligweide In het kader van dit onderzoek is de variant uitgewerkt waarin het binnenbad een kwaliteits- | met d/i bad Bruto vloeroppervlak | 1.567 m2 | 1.689 m2 | 2.043 m2 | 2.500 m2 impuls krijgt door een aansluiting op een recreatief ingerichte ligweide. Met een open pui | Bouwkosten | € 6,82 miljoen | € 7,61 miljoen | € 8,52 miljoen | € 120.000 (foto links) worden aantrekkelijke omstandigheden gecreëerd voor binnen zwemmen en | Investeringskosten | € 10,23 miljoen | € 11,42 miljoen | € 12,75 miljoen | € 980.000 buiten | recreëren. | Met | droge | (excl. BTW) speelvoorzieningen | en | een | Investeringskosten | € 12,38 miljoen | € 13,82 miljoen | € 15,43 miljoen | € 1.190.000 (incl. BTW) spraypark (foto rechts) wordt een | aantrekkelijke | ligweide | Toelichting: worden gerealiseerd. | De kostenraming is exclusief: Grondkosten (verwerving, boekwaarden et cetera). Op basis van een landelijk gemiddeld animocijfer van ongeveer 1 zou een potentieel aantal | Sloop en bouwrijp maken kavel. recreatieve bezoekers van circa 19.000 in het verschiet liggen bij een volwaardig buitenbad. | Kosten voor | eventuele bijzondere locatieaspecten, zoals bodemvervuiling, plan- Dit aantal werd niet gehaald in de jaren voor sluiting (15.000 bezoekers in 2009 en 12.500 | schade, kabels en leidingwerk, archeologie, explosieven en flora en fauna | .

bezoekers in 2010). De aanwezigheid van buitenbaden in de regio (Molenlanden, Gorin- | Bijdrage SPUK. chem, Sliedrecht en Papendrecht) en de mogelijkheden om in de openbare ruimte te recre- | De kostenraming is inclusief: eren (Merwede en Giessen) zijn hier debet aan. 5.000 tot 7.500 bezoekers extra recreatieve | terreininrichting kavel (inclusief parkeervoorziening). bezoekers (met name ouders/verzorgers met jonge kinderen) in de variant met een recre- atief ingerichte ligweide lijkt realistisch. 9 Prijsstijgingen tot oplevering (indicatief 3,5% per jaar tot oplevering, uitgaande van | Toelichting: : oplevering in december 2027). | Aangesloten is bij het gemeentelijk activabeleid, waarbij nieuwe accommodaties in 40 Bouwrente 1,5%. | jaar worden afgeschreven tegen een rekenrente van 3,5%. Een post onvoorzien (5%). | De kapitaallasten zijn berekend op basis van annuïteiten en op basis van lineair jaar 1. Inrichtingskosten. | De kapitaallasten op basis van annuïteiten geven beter de gemiddelde kapitaallasten Bijkomende kosten voor projectbegeleiding en honoraria voor ontwerpers en advi- | weer. Gemeenten schrijven in de regel lineair af, waardoor de kapitaallasten (en dus de seurs. | jaarlasten) in jaar 1 hoger zijn en vervolgens dalen. Interne kosten gemeente (3%). | Op basis van marktconforme kostenkengetallen zijn de kosten voor dagelijks en plan- Aansluitkosten.

| matig onderhoud berekend op respectievelijk 0,6% en 1,6% van de bouwkosten. | De Leges (4%). | onderhoudskosten van de ligweide zijn bepaald op basis van referentiegegevens. Op het gebied van duurzaamheid is het uitgangspunt voor de nieuwbouw BENG (bijna energieneutraal gebouw) en all-electric (volledig elektrisch, dus gasloos), met een toe- | Met ingang van 1 januari 2019 valt sport onder de BTW | -vrijstelling. Dit betekent dat op de voeging voor het plaatsen van PV panelen. | lasten de BTW niet meer aftrekbaar en dat over de baten geen BTW meer verschuldigd is. Om gemeenten voor het nadelig effect te compenseren is vanuit het Rijk de SPUK | -regeling Op basis van de investeringskosten zijn in het volgende overzicht de kapitaallasten en kos- | in het leven geroepen (Specifieke Uitkering Sport). De uitkering bedraagt 1 | 8% van alle in ten voor dagelijks en planmatig onderhoud berekend van de drie nieuwbouwscenario’s en | de begroting opgenomen investeringen inclusief BTW. De uitkering valt lager uit als lande- de recreatief ingerichte ligweide. | lijk het uitkeringsplafond wordt overschreden. Het uitkeringsplafond bedraag | t in 2024 € 189 miljoen. Het beschikbare bedrag wordt na | ar rato verdeeld als het totaal aan aanvragen het plafond overschrijdt. De regeling geldt voor de periode tot met 2025.

Voor de jaren daarna is nog niet duidelijk hoe de compensatie voor de BTW-vrijstelling er precies uit komt te zien. 4.3 | Exploitatie en jaarlasten In bijlage 2 zijn de exploitatiecijfers en jaarlasten van zwembad De Duikelaar weergegeven in de jaren 2022 en 2023 (bron: gemeentelijke administratie). Hieruit blijkt dat het exploita- tiesaldi in 2022 en 2023 respectievelijk ongeveer € 635.000 en bijna € 850.000 negatief bedroegen. De toekomstscenario | ’s die in het vervolg | van deze paragraaf kunnen om de volgende redenen | hier niet zomaar vergel | eken worden: De exploitatiecijfer 2022 en 2023 variëren sterk, met name op de onderdelen personeel en energie. In de toekomstscenario’s is uitgegaan van een personeelsinzet van 6,0 tot 6,5 fte (ver- gelijkbaar met 2022 en 2023). Bij deze formatie is gerekend met een voor gemeentelijke exploitaties niet ongebruikelijke kostenpost van € 65.000 per fte. Dit leidt tot personeels- kosten die sterk afwijken van de kosten in 2022 en 2023. 10 11 De kosten van e nergie en water zijn in de toekomstscenario ’s geraamd op basis van kostenkengetallen van Synarchis. Met als uitgangspunt een forse verduurzaming van het zwembad en minder zwemwater is sprake van sterk dalende kosten ten opzichte van de situatie in 2022 en 2023.

In het volgende overzicht is een begroting opgesteld voor instandhouding en verduurza- ming en voor de nieuwbouwscenario’s, zoals eerder in d e vorige hoofstukken uitgewerkt. Vooralsnog is rekening gehouden met een begroting exclusief BTW, oftewel met de moge- lijkheden om de BTW te compenseren met een SPUK-regeling. Toelichting: De bezoekersaantallen zijn in het 2-baden concept geraamd op 55.000 (bezoekerspo- tentieel, zie paragraaf 2.3). De verwachting is gerechtvaardigd dat in een 1-baden con- cept de bezoekersaantallen enigszins terug zullen lopen tot 4 7.500 in een 4 -baans wedstrijdbad tot 52.500 in een 5-baans wedstrijdbad. De bezoekersaantallen van een recreatief ingerichte ligweide zijn geraamd op 6. 250 (bandbreedte 5.000-7.500). De opbrengsten zijn geraamd op basis van de (geïndexeerde) huidige gemiddelde op- brengsten per bezoeker: € 3,25 per bezoeker recreatief; € 10,50 per deelnemer instructie; € 3,75 per deelnemer doelgroepen; € 4,75 per deelnemer verenigingszwemmen. De personeelskosten zijn geraamd op basis van een inzet van 6,5 fte in een 2 -baden concept (instandhouding en scenario 3) en 6,0 fte in een 1 -baden concept). Dit is ver- gelijkbaar met de huidige formatie die in De Duikelaar wordt ingezet (6,33 fte in 20 22 en 6,23 in 2023). De gemiddelde kosten per fte zijn geraamd op € 6 5.000.

In het over- zicht in bijlage 2 zijn onder de personeelskosten ook de overheadkosten meegerekend. De kosten voor energie en water, belastingen en verzekeringen, schoonmaak en ove- rige kosten zijn gebaseerd op kengetallen en referentiegegevens. De kosten voor dagelijks onderhoud, de dotatie voor planmatig onderhoud en de kapi- taallasten zijn onderbouwd in paragraaf 3.3 en 4.2. De kapitaallasten zijn weergegeven op basis van annuïteiten (exclusief BTW). Als de gemeente opteert voor het bassiscenario ‘Duurzaam in stand houden’ dan be- dragen de jaarlasten circa € 5 95.000. De jaarlasten voor nieuwbouw variëren van € 815.000 voor scenario 1 tot ongeveer € 975.000 voor scenario 3. De jaarlasten van een eventueel toe te voegen recreatief ingerichte ligweide bedragen ongeveer € 90.000.

toekomst zwembad De Duikelaar scenario 1 scenario 2 scenario 3 ligweide Investeringskosten 3.920.000€ 10.230.000€ 11.420.000€ 12.750.000€ 980.000€ Bezoekersaantallen 55.000 50.000 52.500 55.000 6.500 - recreatief (inclusief banen) 13.000 10.000 12.000 13.000 - instructie 30.000 27.500 30.000 30.000 - doelgroepen 6.000 5.000 5.000 6.000 - verenigingen 6.000 5.000 5.500 6.000 totaal binnenbad 55.000 47.500 52.500 55.000 - recreatief buitenbad 6.250 Opbrengsten - recreatief 42.250€ 32.500€ 39.000€ 42.250€ 20.313€ - instructie 300.000€ 275.000€ 300.000€ 300.000€ -€ - doelgroepen 22.500€ 18.750€ 18.750€ 22.500€ -€ - verenigingen 28.500€ 23.750€ 26.125€ 28.500€ -€ - horeca 6.500€ 6.500€ 6.500€ 6.500€ 3.000€ - overig 2.500€ 2.500€ 2.500€ 2.500€ 1.000€ totaal: 402.250€ 359.000€ 392.875€ 402.250€ 24.313€ Kosten - personeel 422.500€ 390.000€ 390.000€ 422.500€ 32.500€ - energie en water 61.000€ 50.000€ 53.500€ 57.000€ 5.000€ - dagelijks onderhoud 48.500€ 41.000€ 46.000€ 51.000€ 5.000€ - belastingen en verzekeringen 25.000€ 20.000€ 20.000€ 25.000€ -€ - schoonmaak 50.000€ 35.000€ 35.000€ 40.000€ 5.000€ - overige kosten 50.000€ 50.000€ 50.000€ 50.000€ 5.000€ totaal: 657.000€ 586.000€ 594.500€ 645.500€ 52.500€ Saldo exploitatie -254.750€ -227.000€ -201.625€ -243.250€ -28.188€ Dotatie planmatig onderhoud 65.000€ 109.000€ 122.000€ 136.000€ 15.000€ Kapitaallasten 275.800€ 479.000€ 534.800€

597.000€ 45.900€ totale jaarlast: 595.550€ 815.000€ 858.425€ 976.250€ 89.088€ nieuwbouwinstandhouding en verduurzaming 12 5. Optimalisatie beheer en exploitatie Momenteel is de gemeente verantwoordelijk voor eigendom, beheer en exploitatie van zwembad De Duikelaar. In het vervolg van dit hoofdstuk worden enkele uitgangspunten benoemd met betrekking tot de beheervorm voor het zwembad. Op basis van een korte beschouwing van mogelijke beheervormen volgt een beoordeling met een beschouwing op de best passende beheervorm voor De Duikelaar. 5.1 Uitgangspunten Bij het bepalen van de best passende beheervorm kunnen de volgende uitgangspunten worden gehanteerd: De beheervorm van een zwembad is geen doel op zich maar is een instrument om maatschappelijke waarde te realiseren. De beheervorm biedt de gemeente vanuit haar regiefunctie de mogelijkheid de maatschappelijke functie van het zwembad te waarbor- gen (denk bijvoorbeeld aan openstelling en tarieven) en te sturen op maatschappelijke waarden en effecten (bijvoorbeeld specifiek activiteitenaanbod voor kwetsbare doel- groepen). De regiefunctie wordt in de regel uitgevoerd vanuit gemeentelijk eigendom van het zwembad. Voor exploitanten is het eigendom van zwembaden geen core business. De gangbare praktijk is dat het zwembad door de gemeente wordt verhuurd aan de exploi- tant.

De beheervorm faciliteert en stimuleert innovatie en marktgerichtheid om goed in te kunnen spelen op veranderende omstandigheden. Een passende beheervorm is stabiel en op continuïteit gericht, biedt ruimte voor (maat- schappelijk) ondernemerschap en maakt het mogelijk dat het zwembad efficiënt wordt beheerd en geëxploiteerd met een aanvaardbare financiële bijdrage van de gemeente. 5.2 Beschouwing beheervormen Naast gemeentelijk beheer (huidige situatie) worden in deze paragraaf de volgende, meest voorkomende beheervormen beschouwd: Uitbesteding aan een stichting. Uitbesteding aan een commerciële exploitant. Vorming van een gemeentelijk Sportbedrijf. Gemeentelijk beheer Beschouwing: Dit is de vorm waarin de gemeente Hardinxveld-Giessendam momenteel het beheer en de exploitatie van het zwembad, maar ook van de sporthallen heeft georganiseerd. De medewerkers zijn in dienst van de gemeente. De verantwoordelijkheden en verantwoor- ding verlopen conform de bureaucratische en politieke lijnen. Medewerkers leggen ver- antwoording af aan de direct leidinggevende. De betreffende portefeuillehouder is bestuurlijk verantwoordelijk. Dit type beheervorm geeft gemeenten maximale sturingsmogelijkheden. Maatschappe- lijke ontwikkelingen, al dan niet vertaald in nieuwe (politieke) prioriteiten, kunnen mak- kelijk vertaald worden in aanpassingen van het product - en activiteitenaanbod.

Denk daarbij bijvoorbeeld aan doelgroepgerichte activiteiten/programma’s en beperking van het aanbod naar aanleiding van bezuinigingstaakstellingen. Ondanks de maximale sturingsmogelijkheden heeft dit type beheervorm de afgelopen decennia aan populariteit ingeboet. Steeds minder gemeenten beschouwen beheer en exploitatie van accommodaties als een kerntaak. Vanuit een regierol wordt de uitvoering in steeds meer gemeenten op afstand geplaatst of uitbesteed (zie de varianten die later in deze paragraaf worden behandeld). In dit type beheervorm is de ruimte voor gemeentelijke sturing het grootst, maar ligt ook de volledige verantwoordelijkheid voor het beheer en de exploitatie van accommodaties en de daarbij behorende risico’s in handen van de gemeente. Hoewel voordelen zijn te behalen door alle sportaccommodaties onder gemeentelijk beheer te houden, moet in de regel ook worden geconstateerd dat gemeentelijke organisaties minder zijn ingericht voor een effici- ente, marktgerichte exploitatie. 13 Uitbesteding aan een stichting Beschouwing: In de jaren ’70 en ’80 en ’90 van de vorige eeuw zijn talloze stichtingen opgericht ten behoeve van het beheer en de exploitatie van bijvoorbeeld zwembaden. De stichting werd beschouwd als een ideale vorm voor de mobilisatie en betrokkenheid van het maatschappelijke veld.

De relatie tussen de gemeente en de stichting krijgt vorm door middel van overeenkomsten (huur, exploitatie, subsidie). Voor een transparante relatie tussen gemeente en stichting onthoudt de gemeente zich bij voorkeur van bestuurs- deelname in de stichting. Vanaf het eind van de vorige eeuw is een kentering waarneembaar. De complexiteit van steeds meer (complexe, geclusterde en multifunctionele) accommodaties werd minder en minder aan ‘vrijwillige’ bestuurders overgelaten. Ook bleek het vooral voor kleinere stichtingen lastig om de vervanging va n bestuursleden goed te regelen, het- geen negatieve gevolgen had voor de kwaliteit en continuïteit. De afgelopen jaren lijkt er een zekere revival plaats te vinden ten faveure van stichtin- gen. Met name bij stichtingen met een omvangrijk takenpakket blijkt het bestuursmodel met een Raad van Commissarissen en een directeur/bestuurder goed te kunnen wer- ken. De directeur/bestuurder fungeert in dergelijke stichtingen als een lokaal, regionaal en soms zelfs landelijk duidelijk herkenbare (maatschappelijk) ondernemer. De vrijheid (in gebondenheid) die dit soort ondernemers nodig heeft blijkt bij stichtingen meer aan- wezig dan bij andere typen beheervormen.

Als niet-winstbeogende organisaties kunnen stichtingen, na de inwerkingtreding van de BTW-vrijstelling, vanaf 1 januari 2019 gebruik maken van de BOSA (subsidieregeling Stimulering Bouw en Onderhoud Sport Accommodaties). Net als voor de SPUK -rege- ling geldt dat nog niet duidelijk is wat precies het perspectief van deze regeling is na 2025. Mits sprake is van voldoende schaalgrootte, een gezonde financiële situatie en voor lan- gere termijn een beroep gedaan kan worden op capabele bestuurders, is de stichting een voor de gemeente efficiënte vorm voor het laten verzorgen van beheer en exploitatie van maatschappelijke accommodaties. Een eventuele beëindiging van de BOSA -regeling na 2025 zal negatieve impact hebben op de exploitatie van accommodaties. Uitbesteding aan een commerciële exploitant Beschouwing: Met de teruglopende populariteit van de stichtingsvorm vanaf eind vorige eeuw is er de opkomst van de commerciële exploitanten van met name zwembaden en multifunctio- nele sportcentra. Het kunnen overlaten van alle taken en verantwoordelijkheden op het gebied van beheer en exploitatie met inbegrip van de daarmee verbonden risico’s is voor veel gemeenten aanleiding om te kiezen voor marktwerking.

Een beperkt aantal commerciële partijen is in de loop der jaren uitgegroeid tot landelijk opererende exploitatiemaatschappij (met name Sportfondsen en Optisport), waarin op basis van gestandaardiseerde en in de praktijk beproefde en getoetste concepten en modellen het beheer en de exploitatie van met name (maar niet uitsluitend) zwembaden wordt vormgegeven. In de regel is beperkt sprake van lokaal ondernemerschap. De winst wordt voor een groot deel gehaald uit gecentraliseerde schaalvoordelen. Een commerciële exploitant wordt geselecteerd op basis van een aanbestedingsproce- dure. Met de financieel (prijs) of economisch (prijs en kwaliteit) meest voordelige partij wordt een huur- en exploitatieovereenkomst gesloten. In de regel zijn de exploitatie ri- sico’s voor rekening van de exploitant, die daarvoor een zogenoemde risicofee in reke- ning brengt. De exploitatie is gericht op het maken van winst binnen de door de gemeente vastge- stelde kaders. Dit betekent dat contractueel goed moet worden vastgelegd welke voor- waarden de gemeente aan de exploitant stelt met betrekking tot de maatschappelijke functie van de accommodatie. Overeenkomsten worden veelal gesloten voor periodes van 10 jaar. Uitbesteding aan een commerciële marktpartij ontzorgt de gemeente, biedt diverse garan- ties, maar beperkt ook de mogelijkheden van gemeentelijke sturing.

Verder bestaat altijd het risico van spanning tussen de maatschappelijke functie van het zwembad en commer- ciële belangen. Door middel van een aanbesteding wordt concurrentie georganiseerd, wat (afhankelijk van de gunningscriteria) leidt tot een scherpe prijs (lees: beperkte financiële bijdrage) voor de gemeente. 14 Vorming van een Sportbedrijf Beschouwing: In gemeenten waar een kerntakendiscussie niet uitmondt in marktwerking op het gebied van beheer en exploitatie van maatschappelijke accommodaties, maar wel behoefte is aan een scherpe, juridisch vormgegeven scheiding van beleid en uitvoering, is verzelf- standiging in de vorm van een overheidsbedrijf een goed alternatief. Het marktaandeel van deze beheervorm is groeiende. In de regel zijn deze Sportbedrijven verantwoorde- lijkheid voor beheer en exploitatie van de lokale sportaccommodaties. Er zijn voorbeel- den van sportbedrijven die zich ook regionaal (gemeentegrens overstijgend ) manifesteren. Als rechtsvorm wordt meestal voor een BV gekozen. De gemeente treedt in de regel op als enig aandeelhouder en heeft een verantwoordelijkheid in het benoemen van de Raad van Commissarissen. Voor een transparante en zakelijke verhouding tussen ge- meente en Sp ortbedrijf verdient het de voorkeur dat de gemeente hierin niet is verte- genwoordigd (bijvoorbeeld via een wethouder).

De relatie tussen de gemeente en het Sportbedrijf krijgt verder vorm door middel van een meerjarige dienstverleningsover- eenkomst. De dienstverleningsovereenkomst, het toezien op de naleving ervan en het benoemen van leden van de Raad van Commissaris zijn belangrijke sturingsmiddelen voor ge- meenten met een overheidsbedrijf. Binnen de kaders van de dienstverleningsovereen- komst wordt he t overheidsbedrijf geacht zelfstandig te kunnen handelen. Positieve financiële resultaten kunnen als dividend worden uitgekeerd aan de aandeelhouder (lees: de gemeente). Over (structurele) tekorten zullen met diezelfde aandeelhouder aanvullende afspraken gemaakt moeten worden. Er is bij deze beheervorm sprake van een juridische en organisatorische scheiding van beleid en uitvoering, maar als aandeelhouder en contractpartij behoudt de gemeente de mogelijkheid van vooral bestuurlijke sturing. Van belang is dat de portefeuillehouder en de raad afstand houden en het Sportbedrijf de ruimte geven binnen de kaders van de dienst- verleningsovereenkomst. 5.3 Afwegingskader Bij het beoordelen/toetsen van beheervormen spelen veelal de volgende acht aspecten in meer of mindere mate een rol: 1. Onder gemeentelijke sturing wordt verstaan het stellen van voorwaarden aan de functie en ingebruikgeving van het zwembad en de daaraan gekoppelde gemeentelijke subsi- die/vergoeding.

Als aandeelhouder van een Sportbedrijf is sturing makkelijker dan bij uitbesteding aan een commerciële exploitant, maar ligt politieke ‘wispelturigheid’ ook meer op de loer. Langlopende overeenkomsten en commerciële belangen beperken de mogelijkheden van gemeentelijke sturing. 2. De investering in het zwembad en de jaarlijks te verstrekken vergoeding wordt gelegiti- meerd door de maatschappelijke functie van het zwembad. Randvoorwaarden omtrent bijvoorbeeld openstelling, tarieven, doelgroepenbeleid en onderhoudsniveau kunnen prima contractueel worden vastgelegd, maar moeten door de gemeente wel worden gemonitord. Tegenvallende exploitatieresultaten en com merciële belangen kunnen druk zetten op de maatschappelijke functie. 3. In een concurrerende vrijetijdsmarkt is het zaak om door innovatie en productontwikke- ling het aanbod van het zwembad (voortdurend) af te stemmen op ontwikkelingen in wensen en behoeften. Landelijk opererende commerciële exploitanten hebben de ex- pertise en beschikken over breed ontwikkelde en beproefde concepten om het lokaal management te ondersteunen. Lokaal opererende stichtingen of Sportbedrijven moeten deze expertise en concepten meer lokaal ontwikkelen of inhuren en hebben daarmee meer ruimte voor (lokaal) maatwerk. 4.

Een efficiënte bedrijfsvoering is noodzakelijk om met de beschikbare publieke middelen zo veel mogelijk maatschappelijke waarde te creëren in het (nieuwe) zwembad. Exper- tise op het gebied van bijvoorbeeld personeelszaken, onderhoud en techniek, marke- ting en administratie en het kunnen profiteren van schaalvoordelen kan hiertoe bijdragen. Ook hier geldt dat de gekende commerciële exploitanten daar landelijk be- proefde procedures voor hanteren, terwijl dit voor stichtingen en Sportbedrijven meer op maatwerk berust of ingekocht wordt. 5. Gegeven de maatschappelijke waarde van het zwembad moet sprake zijn van een toe- komstbestendige exploitatie, gericht op stabiliteit en continuïteit . Als aandeelhouder heeft de gemeente grip en belang bij stabiliteit en continuïteit van het Sportbedrijf. Lan- delijk opererende commerciële exploitanten zijn minder afhankelijk van individuen en 15 geven in de regel een continuïteitsgarantie vanuit het moederbedrijf af om de gemeente de tijd te gunnen een nieuwe oplossing te bedenken bij een onverhoopt lokaal faillisse- ment. 6. Afhankelijk van de beheervorm kan de gemeente meer of minder afstand nemen van de (financiële) risico’s die verbonden zijn aan de exploitatie van het zwembad. Bij een Sportbedrijf ligt het risico direct bij de aandeelhouder.

Commerciële exploitanten kun- nen een eigen vermogen inbrengen waarmee tot op zekere hoogte tegenvallers in de exploitatie kunnen worden opgevangen. 7. Wijziging van beheervorm heeft gevolgen voor de positie van het betrokken personeel. Dit houdt zowel verband met arbeidsrechtelijke zaken (CAO’s en hiërarchische verhou- dingen) als met cultuurverschillen, goed werkgeverschap en ontwikkelingsmogelijkhe- den. Stichtingen en c ommerciële exploitanten werken in de regel met de cao Zwembaden. Voor sportbedrijven is de cao Verzelfstandigde Maatschappelijke Organi- saties (Vermo) ontwikkeld. 8. Voor een toekomstbestendige exploitatie is draagvlak onder belanghebbenden (ge- meente, gebruikers en medewerkers) van groot belang. 5.4 Slotbeschouwing In de volgende tabel zijn de verschillende beheervormen weergegeven in combinatie met de acht aspecten. De verschillende beheervormen hebben betrekking op de vier hiervoor beschreven beheervormen. Door cijfers te verbinden aan de beoordeling en een wegings- factor toe te kennen aan die aspecten waaraan de meeste waarde valt toe te kennen, kan een score en een rangschikking worden berekend.

Wegingsfactor: Score op aspecten: 1 = beperkt van belang 1 = negatief 2 = neutraal 2 = beperkt negatief 3 = zeer van belang 3 = neutraal 4 = beperkt positief 5 = positief Op basis van vooralsnog landelijke inzichten zijn in het volgende overzicht de beschouwde beheervormen beoordeeld aan de hand van de acht kenmerken. De scoretabel moet niet worden beschouwd als een ‘harde’ beoordeling, maar meer als een handvat om ‘gevoel’ te krijgen bij de verschillen tussen de onderscheiden beheervormen. Toelichting: De verschillen tussen de ‘maatschappelijke’ beheervormen gemeentelijk beheer, een stichting en een Sportbedrijf onderling zijn beperkter dan met de commerciële beheer- vorm. Weging en beoordeling op basis van lokale overwegingen hebben uiteraard in- vloed op wat in Hardinxveld -Giessendam als meest passende beheervorm voor het zwembad en eventueel de binnensportaccommodaties moet worden beschouwd. Uitbesteding aan een commerciële exploitant heeft vooral voordeel als veel waarde wordt gehecht aan innovatie en productontwikkeling, een efficiënte bedrijfsvoering en het beperken van financiële risico’s. De gemeentelijke sturingsmogelijkheden zijn be- perkt, de maatschappelijke functie is moeilijker te waarborgen en het draagvlak onder personeel en gebruikers is doorgaans beperkt.

Aspect Wegings- factor Gemeentelijke sturing 2 5 10 3 6 1 2 4 8 Maatschappelijke functie 3 5 15 4 12 2 6 4 12 Innovatie en productontwikkeling 2 2 4 3 6 5 10 3 6 Efficiente bedrijfsvoering 2 2 4 3 6 5 10 3 6 Stabiliteit en continuiteit 3 5 15 3 9 4 12 4 12 (Financiele) risico's 2 1 2 3 6 4 8 3 6 Personeel 2 3 6 3 6 3 6 3 6 Maatschappelijk draagvlak 3 2 6 4 12 1 3 3 9 Totaal score: 62 63 57 65 Gemeentelijk beheer Stichting SportbedrijfCommerciele exploitant 6. | Samenvattende conclusies | De variant om het binnenbad uit te breiden met een recreatief ingerichte ligweide met droge speelvoorzieningen en een spraypark (‘binnen zwemmen, buiten recre- In dit afsluitende hoofdstuk worden de belangrijkste onderzoeksbevindingen nog eens | eren’). puntsgewijs samengevat: | In het volgende overzicht zijn de scenario’s en de variant uitgewerkt op investerings- Zwembad De Duikelaar dateert van 1981 en is te kenschetsen als een functionele voor- | kosten, bezoekersaantallen en jaarlast. Instandhouding en verduurzaming van zwem- ziening met een 5-baans wedstrijdbad van 25x15 meter en een doelgroepen-/instruc- | bad De Duikelaar biedt een nieuw perspectief van 20 jaar en resulteert in een jaarlasten tiebad van 8x12 meter (totaal wateroppervlak 471 m2). | van bijna € 600.000.

De nieuwbouwscenario’s geven een perspectief voor een nieuwe In De Duikelaar vinden de voor dit soort zwembaden gebruikelijke activiteiten plaatst, | zwembad in Hardinxveld-Giessendam voor minimaal de komende 40 jaar met jaarlas- van beperkt recreatief zwemmen tot een uitgebreider aanbod van banenzwemmen, | ten oplopen van € 815.000 tot ruim € 975.000. groepslessen/doelgroepactiviteiten | en | zwemlessen. | Zwemvereniging | Hardinxveld- Giessendam en De Reddingsbrigade zijn de georganiseerde gebruikers van het zwem- bad. ZVH telt 60 leden, huurt het zwembad 2,25 uur per week en maakt voor wedstrijden gebruik van zwembaden in de omgeving. De Reddingsbrigade telt 200 leden, huurt het zwembad 4,5 uur per week en geeft net als ZVH een aantal verbeterpunten aan. De watercapaciteit wordt door beide partijen als toereikend beschouwd. Er spelen momenteel diverse zwembadontwikkelingen rond Hardinxveld-Giessendam. In Sliedrecht wordt onderzoek gedaan naar een nieuw zwembad ter vervanging van De Lockhorst. In Gorinchem is het besluit genomen een nieuw zwembad te gaan realiseren ter vervanging van Het Caribabad.

In Molenlanden heeft de stichting die buitenbad De | Voor een beschouwing op de best passende vorm voor beheer en exploitatie van zwem- Doetsekom beheert en exploiteert plannen om bij het buitenbad een 4-baans wedstrijd- | bad De Duikelaar is onderscheid gemaakt tussen de volgende beheervormen: bad te realiseren. Dergelijke ontwikkelingen hebben invloed op de behoefte aan zwem- | Gemeentelijk beheer (huidige situatie). water in Hardinxveld-Giessendam, maar deze invloed is lastig te kwantificeren. | Uitbesteding aan een stichting. Door de jaren heen beschikt zwembad De Duikelaar over een bezoekerspotentieel van | Uitbesteding aan een commerciële exploitant. circa 55.000. De verwachting is gerechtvaardigd dat dit potentieel met een adequaat | Vorming van een gemeentelijk Sportbedrijf. aanbod ook de komende jaren aanwezig is. Op basis van marktconforme indicatoren is | Aan de hand van een afwegingskader met acht aspecten is geconcludeerd dat uitbe- hiervoor minstens een watercapaciteit nodig van 245 tot 275 m2. Substantieel minder | steding aan een commerciële exploitant in algemene zin het laagst scoort en ook op dan de huidige situatie (471 m2).

| weinig draagvlak zal kunnen rekenen, maar wel voordelen heeft als veel waarde wordt Voor de toekomst van het zwembad zijn vier scenario’s en een variant uitgewerkt: | gehecht aan innovatie en productontwikkeling, een efficiënte bedrijfsvoering en het be- Het basisscenario ‘Duurzaam in stand houden van De Duikelaar’. | perken van financiële risico’s. De verschillen tussen gemeentelijk beheer, uitbesteding Het nieuwbouwscenario 1: een 4-baans wedstrijdbad van 25x10,4 meter (260 m2). | aan een stichting en vorming van een Sportbedrijf hangen samen met het belang dat Het nieuwbouwscenario 2: een 5-baans wedstrijdbad van 25x12,9 meter (323 m2). | de gemeente hecht aan de verschillende aspecten met als kanttekeningen: Het nieuwbouwscenario 3: een 4-baans wedstrijdbad van 25x10,4 meter gecombi- neerd met een doelgroepen-/instructiebad van 10x8 meter (totaal 340 m2). 16 17 Uitbesteding aan een stichting gaat in tegen de trend en brengt het risico met zich mee dat na beëindiging van de BOSA -regeling een fiscaal/financieel exploitatiena- deel kan ontstaan. Vorming van een gemeentelijk Sportbedrijf kan niet los worden gezien van beheer en exploitatie van andere (binnen)sportaccommodaties en mogelijk ander maat- schappelijk vastgoed. Voor een efficiënt ingericht en functioneren Sportbedrijf is im- mers meer nodig dan alleen een zwembad.

18 Bijlage 1 Investeringskosten Investeringskosten instandhouding en verduurzaming excl. BTW Kosten gemeente 100 Grondkosten 0 200 Projectbegeleiding 329.360 300 Renten 18.029 400 Bijkomende kosten 60.000 500 Interieur 25.000 Totaal Kosten gemeente 432.389 Kosten marktpartij 1100 Bouw kosten 2.744.670 1200 Honoraria 226.435 1300 Infra 0 1400 Bijkomende kosten 0 1500 Prijsstijgingen 159.000 Totaal Kosten marktpartij 3.130.106 ONVOORZIEN 2000 onvoorzien 10,00% van 100 t/m 1900 356.000 Totaal Investeringskosten instandhouding en verduurzaming excl. BTW 3.918.495 BTW 822.884 excl. SPUK Totaal Stichtingskosten (incl. BTW) 4.741.379 Investeringskosten scenario 1 excl. BTW Kosten gemeente 100 Grondkosten 0 200 Projectbegeleiding 614.118 300 Renten 92.401 400 Bijkomende kosten 92.673 500 Interieur 60.500 Totaal Kosten gemeente 859.692 Kosten marktpartij 1100 Bouw kosten 6.823.533 1200 Honoraria 648.236 1300 Infra 390.788 1400 Bijkomende kosten 272.941 1500 Prijsstijgingen 751.000 Totaal Kosten marktpartij 8.886.498 ONVOORZIEN 2000 onvoorzien 5,00% van 100 t/m 1900 487.000 Totaal Investeringskosten scenario 1 excl. BTW 10.233.191 BTW 2.148.970 excl. SPUK Totaal Stichtingskosten (incl. BTW) 12.382.161 Investeringskosten scenario 2 excl.

BTW Kosten gemeente 100 Grondkosten 0 200 Projectbegeleiding 684.614 300 Renten 103.099 400 Bijkomende kosten 97.569 500 Interieur 60.500 Totaal Kosten gemeente 945.782 Kosten marktpartij 1100 Bouw kosten 7.606.821 1200 Honoraria 722.648 1300 Infra 456.834 1400 Bijkomende kosten 304.273 1500 Prijsstijgingen 838.000 Totaal Kosten marktpartij 9.928.576 ONVOORZIEN 2000 onvoorzien 5,00% van 100 t/m 1900 544.000 Totaal Investeringskosten scenario 2 excl. BTW 11.418.358 BTW 2.397.855 excl. SPUK Totaal Stichtingskosten (incl. BTW) 13.816.213 Investeringskosten scenario 3 excl. BTW Kosten gemeente 100 Grondkosten 0 200 Projectbegeleiding 766.395 300 Renten 115.226 400 Bijkomende kosten 111.703 500 Interieur 60.500 Totaal Kosten gemeente 1.053.825 Kosten marktpartij 1100 Bouw kosten 8.515.502 1200 Honoraria 808.973 1300 Infra 486.320 1400 Bijkomende kosten 340.620 1500 Prijsstijgingen 937.000 Totaal Kosten marktpartij 11.088.414 ONVOORZIEN 2000 onvoorzien 5,00% van 100 t/m 1900 607.000 Totaal Investeringskosten scenario 3 excl. BTW 12.749.239 BTW 2.677.340 excl. SPUK Totaal Stichtingskosten (incl.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/1201/documents/36381