Beantwoording technische vragen ChristenUnie over raadsvoorstel Programmabegroting 2026-2029.pdf
Tekst van het document
RAADSVRAGEN
Onderwerp:
Begroting 2026-2029
Naam steller: Partij:
Wim IJzerman ChristenUnie
Categorie:
A. Technische vragen over geagendeerde stukken B. Schriftelijke vragen over niet geagendeerde stukken
Vraag 1: Op bladzijde 8 staat vermeld dat diverse mutaties, waaronder die rondom kredieten, leiden tot een positief begrotingsresultaat van € 300k. Graag ontvangen wij een specificatie. Reactie college Op hoofdlijnen kan het voordeel als volgt worden gespecificeerd: Aanpassen spoorwegovergang Binnendams -> start afschrijving in 2027 ipv 2026 25.000 Verbreding en herinrichting Spoorweg -> start afschrijving in 2027 ipv 2026 59.500 Huis van de Gemeente -> financiering medio 2026 ipv geheel 2026 160.000 Hogere verwachte boekwaarde grondexploiaties per 1.1.2026 waardoor er meer rente kan worden toegerekend. 43.000 Overigen 37.032 324.532
Vraag 2: Bladzijde 11. Realisatie kruispunt Rivierdijk – Nieuweweg. Is er dus een overeenkomst met de ontwikkelaar van de IJzergieterij? Reactie college Zie beantwoording van vraag 9 ingediend door de T@B. Vraag 3: Bladzijde 15. Implementeren nieuw registratiesysteem Sociaal Team. Waar staan de jaarlijkse kosten hiervan in de PPN? Op blz. 17 van de PPN staat alleen een jaarlijks bedrag van € 2.500 vanaf 2026. In de begroting staat echter een bedrag van € 38.000 per jaar. Dat lijkt ons erg veel en wel een heel bijzonder financieel kostenbeeld van de nieuwe partij. Reactie college Het klopt dat in de PPN een ander bedrag is opgenomen dat nu in de begroting met de informatie die toen beschikbaar was. Ongeveer anderhalf jaar geleden zijn wij gestart met het onderzoek naar een nieuw registratiesysteem. We stonden op het punt over te stappen op hetzelfde systeem dat ook door andere teams in de regio wordt gebruikt, geleverd door Stichting Jeugdteams. Dit systeem zou een stuk voordeliger aangeboden worden. Op dit moment zit er € 15.000 in de begroting voor een registratiesysteem, dit zou dan opgehoogd worden met € 2.500, dus in totaal € 17.500. In verband met de fusie tussen Stichting Jeugdteams en MEEVivenz heeft de stichting echter laten weten dat zij dit systeem niet aanbieden aan gemeenten die geen gebruik maken van hun dienstverlening.
Omdat we ons op dat moment al in een vergevorderd stadium bevonden na 1,5 jaar voorbereiding, hebben we besloten om tijdelijk gebruik te maken van een systeem dat wordt aangeboden door onze huidige leverancier. Op die manier kunnen we per 1 januari beschikken over een goed functionerend
systeem dat voldoet aan de technische vereisten en de privacy van onze inwoners waarborgt. Helaas is dit systeem een stuk duurder. Voornamelijk het eerste jaar, omdat alle gegevens moeten worden overgezet en het nieuwe systeem geïmplementeerd moet worden. In de loop van het komende jaar onderzoeken we uitgebreider welke alternatieve systemen beschikbaar zijn die zowel kwalitatief als financieel aantrekkelijk kunnen zijn voor de langere termijn.
Vraag 4: Bladzijde 34. Leerlingenvervoer. Inmiddels is het nieuwe tarief waarschijnlijk bekend. Kunt u aangeven hoeveel dit is? Reactie college De aanbesteding is in 2 percelen uitgezet met 2 verschillende berekeningsmethoden. De geoffreerde en gegunde tarieven zijn: Perceel 1 = € 0,92 Perceel 2 = € 73,68 Vraag 5: Bladzijde 35. SPUK gelden m.b.t. huisvesten asielzoekers. Binnen welke termijn moet de gemeente (een deel van) de ontvangen gelden terugstorten? Over welk bedrag praten we dan? Reactie college Het bedrag dat we voor het jaar 2024 terug hebben moeten betalen aan het Rijk van de SPUKinburgering is €37.957. In 2025 hebben we een voorsprong op de taakstelling van huisvesting van statushouders en is er geen terugbetaling nodig. Vraag 6: blz. 49. Aan de begraafplaatsen wordt € 487 k toegerekend vanuit Bedrijfsvoering. Welke posten vanuit dit programma betreft dit? Reactie college De toerekening vanuit het programma bedrijfsvoering bestaat uit de volgende posten:
Salariskosten Kapitaallasten tractiemiddelen Overige kosten (w.o. onderhoud tractiemiddelen)
414.948 27.690 44.774 487.412
Vraag 7: blz. 53. Is de lening van € 8,5 mln ook meegenomen in de netto schuldquote op blz. 38? Indien dit niet zo is, wat is dan het effect op de netto schuldquote? Reactie college De berekening van de netto schuldquote bevat een aantal vaste onderdelen, waaronder de vaste schulden (langlopende leningen). In de berekening voor de begroting 2026 wordt daarbij uitgegaan van de verwachte schuldpositie per 31-12-2026 ad € 37,4 miljoen. Dit bedrag is ook terug te vinden in de paragraaf Financiering en Treasury (pagina 53) en is inclusief de genoemde € 8,5 miljoen. Vraag 8: blz. 79. Voor het project Nederveen-Huisman heeft de gemeente veel inzet geleverd die niet wordt gedekt door de anterieure overeenkomst wat leidt tot overschrijding van de plankosten voor de gemeente. Over welk bedrag hebben we het dan? Hoe kan het dat de inzet niet wordt gedekt? Reactie college
-2-
Per 1-1-2025 is bij de jaarrekening een afboeking van 84.000 doorgevoerd. Per 1-1-2020 was al een afboeking van 30.000 gedaan. In totaal een afboeking van 114.000. Deze afboeking dekt de verwachte totale overschrijding op het project. De anterieure overeenkomst voor Nederveen-Huisman is al rond 2010 gesloten samen met 3 andere overeenkomsten voor Gebroeders Blokland. Dat waren geen goede overeenkomsten. Die overeenkomsten dekten veel lasten niet. Maar een private overeenkomst is bindend en de gemeente moet het project binnen die kaders uitvoeren. Wel zijn er veel wijzigingen, uitstel, vertraging en aanvullende onderzoeken geweest. Soms voor rekening van de ontwikkelaar, maar soms ook voor rekening van de gemeente. Vooral door de lange looptijd lopen de kosten gestaag op en heeft de gemeente geen andere dekkingsbronnen. In nieuwe overeenkomsten houden we veel meer rekening met die tijdsfactor. Maar bij dit project konden we daar geen herstel meer op uitvoeren. Vraag 9: blz. 89. Omvang huishoudelijk restafval. Dit betreft 2023 dus voor de invoering Diftar. Zijn er al cijfers over 2024 beschikbaar, of voorlopige over 2025. Valt daaruit een dalende trend te zien? Reactie college In 2024 is er 133kg per inwoner huishoudelijk restafval ingezameld.
We zien ook in 2025 een voorzichtige daling, dit is nog niet met cijfers aan te geven Vraag 10: En zelfde vraag voor het percentage hernieuwbare elektriciteit. Is daar een stijging in te zien? Hoe komt het dat onze gemeente zover achterloopt bij vergelijkbare gemeenten? Reactie college
Zoals de grafiek laat zien is er inderdaad sprake van een stijgende trend. Daarbij moet er ook in ogenschouw worden genomen dat op dit moment twee grootschalige zonnevelden in onze gemeente vergund zijn, en er dus verondersteld kan worden dat deze gerealiseerd gaan worden. Dit levert naar verwachting de komende jaren een aanzienlijke stijging op van het percentage hernieuwbare energie op. U geeft aan dat wij achterliggen op ‘vergelijkbare gemeenten’. Het is onduidelijk wat ‘vergelijkbare gemeenten’ in dit geval zijn. Want de randvoorwaarden voor hernieuwbare energie verschillen per gemeente. Bijvoorbeeld als het gaat om gebruik van bronnen als aardwarmte, restwarmte, windenergie, etc. De aanname is dan ook dat het verschil zit in de randvoorwaarden voor hernieuwbare energie, en er op die manier dus ook lastig te spreken is over ‘vergelijkbare gemeenten’. Vraag 11: blz. 92. Door strenge controle kon op de PGB meer bespaard worden. Moeten we hieruit concluderen dat er misbruik wordt gemaakt?
-3-
Reactie college Nee, dat kunnen we niet zonder meer concluderen. Er is niet per se sprake van misbruik. Wel was er in het verleden te weinig zicht op de uitvoering en kwaliteit van PGB-aanbieders. Er zijn regiobreed een aantal gevallen geweest waarbij de kwaliteit onvoldoende bleek, waardoor trajecten plots moesten worden stopgezet. Er moet dan ad hoc een nieuwe hulpaanbieder worden gevonden wat leidt tot extra kosten. Inmiddels is er regionaal een aanpak voor kwaliteitscontrole en zijn de regels aangaande kwaliteit, recht- en doelmatigheid in de verordening jeugdhulp aangescherpt. Vraag 12: blz. 96. Punt 2. De laatste 6 regels over het Oog zijn voor ons niet geheel duidelijk. Heeft het bedrag van € 600k betrekking op de Risicoparagraaf uit de PPN? Reactie college Hoewel de omvang gelijk is, gaat het om verschillende onderwerpen. Concreet betekent dit dat er voor de komende vier jaar €600.000 voor ’t Oog is opgenomen in de voorliggende begroting. Voor de risicoparagraaf geldt dat er voor 2026 €300.000 is opgenomen en voor de jaren erna €600.000. Vraag 13: bladzijde 111 investeringen in wegen etc. Volgens de bewoners van de Wijk over het Spoor wordt de Oranjestraat opnieuw bestraat. Dit ontbreekt in het overzicht.
Gaat deze investering niet door? Is dit met de bewoners gecommuniceerd? Reactie college De Oranjestraat herstraten wordt meegenomen in het standaard onderhoud budget van wegen, straten en pleinen. Dat is geen investering, maar hoort bij het onderhoudsbudget uit de exploitatie en is verwerkt in programma 2. De inwoners worden hierover tijdig geïnformeerd.
-4-