8c. SVHW Begroting 2026.pdf
Tekst van het document
Netto schuldquote
7,56%
5,71%
3,88%
2,07%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
7,56%
5,71%
3,88%
2,07%
Grondexploitatie
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Solvabiliteitsrisico
8,15%
8,22%
8,30%
8,38%
Structurele exploitatieruimte
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Belastingcapaciteit
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau
van de schuldenlast van SVHW ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een hoge netto schuldquote hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Of dat het geval is valt niet direct af te leiden uit de netto schuldquote zelf,
maar hangt af van meerdere factoren. Zo kan een hoge schuld worden veroorzaakt doordat er leningen zijn afgesloten en die gelden vervolgens worden doorgeleend en vervolgens weer afgelost. In dat geval hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van
doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto
schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsrisico
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin SVHW in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van SVHW. De mate van
weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie. Structurele exploitatieruimte
Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 30 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030 Financiële positie SVHW
De uitkomsten van bovenstaande financiële kengetallen worden beïnvloed door de afspraken die
gemaakt zijn omtrent de omvang van het weerstandsvermogen. Hierdoor beschikt SVHW over een
beperkt eigen vermogen. Tegenover dit beperkte eigen vermogen staan kortlopende- en langlopende verplichtingen die invloed hebben op de uitkomsten van de kengetallen. De financiële bedrijfsvoering van SVHW is onder andere gericht op het voldoen aan de kaders die gesteld worden in de begroting,
exploitatietekorten komen ten laste van het weerstandsvermogen. Indien het weerstandsvermogen niet voldoende is om het tekort op te vangen wordt het exploitatietekort doorbelast aan de deelnemers.
8.2
Paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen
Ultimo december 2004 heeft het SVHW voor eigen gebruik het kantoor Rijksstraatweg 3B te Klaaswaal aangekocht. De aankoopprijs bedroeg 2.000.000 euro. Het kantoorpand was bij aankoop in goede staat van onderhoud. Na aankoop is het gehele gebouw voorzien van airconditioning.
Het periodieke onderhoud is in de begroting 2026 verwerkt. Bij de uitgaven wordt terughoudendheid betracht vanwege besluitvorming over het nog op te stellen strategisch huisvestingsplan. Dit is
noodzakelijk vanwege de wettelijke verplichting om in 2030 aan de duurzaamheidseisen van de overheid te voldoen.
8.3
Paragraaf Financiering
8.3.1
Algemeen
De financieringsparagraaf gaat in op de eisen van de wet Fido. Het moet blijken dat de uitvoering van
de treasuryfunctie alleen de publieke taak dient, het beheer prudent is en dat aan de kasgeldlimiet en de renterisiconorm is voldaan.
8.3.2
Treasurybeheer
De volgende risico`s zijn voor de organisatie van belang:
Renterisicobeheer;
Kredietrisicobeheer.
Renterisicobeheer
Het doel van het renterisicobeheer is het beheersen van de risico`s die voortvloeien uit de
mogelijkheid dat de rentelasten van vreemd vermogen in de toekomst hoger zouden worden dan gewenst zou zijn. De aangetrokken geldlening heeft gedurende de looptijd (30 jaar) een vast rentepercentage. Er is dus geen sprake van een renterisico. Kredietrisicobeheer
Per twee weken vinden afgeronde voorschotbetalingen plaats aan de deelnemers. SVHW bepaalt de hoogte van het voorschot aan de hand van de werkelijk ontvangen belastingopbrengsten per
deelnemer. Een gering bedrag reserveren we voor restituties. Elk kwartaal ontvangen de deelnemers
een overzicht van de stand van de invordering alsmede van de ontvangsten en de daarop in mindering gebrachte voorschot afdrachten. Medio van het jaar ontvangt SVHW de geraamde bijdragen van de
deelnemers in de kosten van de dienstverlening. Het verstrekken van gelden aan derden in welke vorm dan ook komt niet voor.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 31 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
8.3.3
Kasgeldlimiet en renterisiconorm
De kasgeldlimiet en de renterisiconorm hebben beiden als doel de leningenportefeuille van decentrale overheden te behoeden voor een onverantwoord grote gevoeligheid voor rentefluctuaties. De
kasgeldlimiet stelt dat de gemiddelde netto vlottende schuld van een decentrale overheid in een
bepaald kwartaal niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. Voor gemeenschappelijke regelingen is dit 8,2%.
In onderstaande is een prognose opgenomen van de ruimte onder kasgeldlimiet. Uit deze prognose
blijkt dat de gemiddelde ruimte onder het kasgeldgeldlimiet gedurende in 2026 circa 5 miljoen euro bedraagt.
(bedragen x 1.000 euro) Kasg e ld limie t 1
1e kwart.
2e kwart.
3e kwart.
4e kwart.
Omvang begroting
17.427
Kasgeldlimiet
1.429
1.429
1.429
1.429
0
0
0
0
Vlottende schuld 2
Opgenomen gelden < 1 jaar Vlottende middelen
3
Rekening-courantsaldi < 1 jaar
3.376
3.376
3.376
3.376
4
Totaal netto vlottende schuld (2)-(3)
-3.376
-3.376
-3.376
-3.376
Ruimte onder kasgeldlimiet (1)-(4)
4.805
4.805
4.805
4.805
De renterisiconorm is opgesteld met als doel de rentegevoeligheid van de portefeuille van leningen met een looptijd van één jaar of langer te beperken. Dit komt erop neer dat het renterisico in een bepaald jaar niet meer mag bedragen dan een bepaald percentage van het begrotingstotaal. Voor gemeenschappelijke regelingen is dit 20%.
Uit de onderstaande tabel blijkt, dat SVHW geen renterisico heeft. (bedragen x 1.000 euro) 2025
2026
2027
2028
2029
1a
Renteherziening vaste schuld o/g
0
0
0
0
0
1b
Renteherziening vaste schuld u/g
0
0
0
0
0
2
Netto renteherziening (1a-1b)
0
0
0
0
0
3a
Nieuwe vaste schuld
0
0
0
0
0
3b
Nieuwe verstrekte lange leningen
0
0
0
0
0
4
Netto nieuwe vaste schuld
0
0
0
0
5
Betaalde aflossingen
6 7
0
103
107
112
117
122
Herfinanciering (laagste van 4 en 5)
0
0
0
0
0
Renterisico vaste schuld (2 en 6)
0
0
0
0
0
Renterisiconorm 8
Begrotingstotaal
17.427
17.544
17.719
17.897
18.076
9
Vastgesteld % (20%)
20,00%
20,00%
20,00%
20,00%
20,00%
10
Renterisiconorm (minimumnorm)
3.485
4.211
4.253
4.295
4.338
7
Renterisico vaste schuld
0
0
0
0
0
11
Ruimte (10-7)
3.485
4.211
4.253
4.295
4.338
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 32 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
8.3.4
Financiering
Het saldo van de aangetrokken geldleningen is per 1 januari 2026 € 1.155.594. Op de lening van de Bank Nederlandse Gemeenten wordt in 2026 een bedrag van € 107.221 afgelost. Het saldo van de
geldlening per 31 december 2026 bedraagt €1.048.373. Bij deze lening bedraagt het vaste
rentepercentage 4,445 %.
8.3.5
Relatiebeheer
Het SVHW heeft met de Bank Nederlandse Gemeenten een rekeningcourant verhouding. De bank valt onder Nederlands toezicht.
8.3.6
Toelichting EMU-saldo
In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art. 19) is de verplichting vastgesteld, dat er in de
begroting een overzicht verstrekt moet worden over het boekjaar. Hieronder volgt het EMU-Saldo van SVHW over 2026 tot en met 2030: (bedragen in x 1.000 euro)
Omschrijving 1
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
2
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
3
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie minus de vrijval van de voorzieningen ten bate van de exploitatie
4
Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd
5
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht
6
Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op
7
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden
8
Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie
9
Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze met derden betreffen
10
Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog
11 a b
Verkoop van effecten: Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de
Berekend EMU-saldo
Versie 1.0
1 april 2025
2028 Begroting x € 1000,-
2029 Begroting x € 1000,-
2026 Begroting x € 1000,-
2027 Begroting x € 1000,-
0
0
0
0
311
314
317
320
0
ja
nee
311
Pagina 33 van 44
ja
nee
314
ja
nee
317
ja
320
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
8.4
Paragraaf bedrijfsvoering
8.4.1
Algemeen Bestuur
Het Algemeen Bestuur vertegenwoordigt de verschillende deelnemende organisaties en is het hoogste
bestuursorgaan. Het Algemeen Bestuur heeft als taak om het beleid vast te stellen en te controleren of het juist wordt uitgevoerd. De samenstelling van het algemeen bestuur is vastgelegd in de
gemeenschappelijke regeling SVHW. Iedere gemeente heeft één afvaardiging in het algemeen bestuur. Het waterschap heeft 2 deelnemers binnen het algemeen bestuur.
8.4.2
Dagelijks Bestuur
De leden van het Dagelijks Bestuur zijn door en vanuit de leden van het Algemeen Bestuur
aangewezen. Het Dagelijks Bestuur bepaalt onder andere de instructies en de regels voor de uitvoering van de taken en de bedrijfsvoering van SVHW.
8.4.3
Organogram
SVHW heeft de werkzaamheden belegd in zelforganiserende procesteams. Deze procesteams houden zich bezig met de operatie en zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren en het continu verbeteren van
het proces en het realiseren van de gewenste output. De processen zijn gegroepeerd in domeinen met
aan het hoofd een domeinmanager. In lijn met doelstellingen van SVHW bepalen de domeinmanager en proceseigenaren de gewenste output, die zoveel mogelijk beschreven wordt in de vorm van meetbare en zichtbare prestatie indicatoren.
Het MT bestaande uit de drie domeinmanagers en de directeur stelt de kaders (richting en doelen), schept de randvoorwaarden voor de procesteams bij de uitvoering van hun taken en bewaakt de samenhang van de processen.
De onderstaande figuur geeft de vereenvoudigde weergave van het organogram weer:
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 34 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
8.4.4
Technologische- en procesontwikkelingen
SVHW heeft net als alle andere organisaties te maken met een steeds sterkere afhankelijkheid van IT oplossingen en moet daarom ook meegaan met de veranderingen daarin. Onze contracten voor
hardware lopen in 2025 af. Deze worden dan ook opnieuw aanbesteed. De financiële effecten hiervan
zijn op dit moment nog niet goed inzichtelijk. Hierdoor zijn de kosten die wij nu maken verwerkt in de begroting 2026 met daarbij rekening houdend met de inschatting van de ontwikkelingen.
Vooruitlopend op het aflopen van de contracten onderzoeken wij wat nodig is om een betrouwbare en
efficiënte gegevensverwerking te borgen op een manier die aansluit op de externe ontwikkelingen. Een aantal van deze externe ontwikkelingen is: -
-
Landelijke stelsel van basisregistraties en aansluiting hierop; Invoering van de omgevingswet en de aanpassing hierdoor van informatie aanlevering;
De ontwikkeling van werken met AI (Artificial Intelligence) neemt een grote vlucht en wordt
meer gemeengoed. AI wordt binnen SVHW in 2025 pilotgewijs verkend, binnen de wettelijke
kaders en AVG richtlijnen. Eventuele financiële effecten hiervan zijn niet in de begroting 2026 -
verwerkt;
De invoering van de wetsaanpassing voor de waterschapsbelastingen per 1 januari 2026;
Steeds meer applicaties worden in de cloud aangeboden, hetgeen de flexibiliteit van SVHW in zal perken omdat minder maatwerk mogelijk is. Op dit moment is de belangrijkste applicatie (Centric) in eigen beheer waardoor SVHW door slim maatwerk en specifieke functionaliteiten
-
8.4.5
efficiëntie kan koppelen aan maatwerk;
Doorontwikkeling van MijnOverheid en verdere digitalisering overheidsdienstverlening; Informatiebeveiliging en privacy waarbij SVHW ervoor zorg moet dragen dat de digitale
weerbaarheid op peil wordt gehouden en verder wordt verbeterd waar nodig en passend binnen toenemende nationale en Europese regelgeving (NIS2);
Implementatie van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (WMEBV).
NIS2
In Europees verband worden sectoren en organisaties die van vitaal belang zijn voor de maatschappij
verplicht eind 2024 te voldoen aan de NIS2-richtlijn. Er zijn twee sectoren, ‘bijlage 1 Essentiële - hoog
kritieke sectoren’ en ‘bijlage 2 Belangrijke - andere kritieke sectoren’ aangeduid, die automatisch moeten voldoen aan de NIS2-richtlijnen. SVHW valt onder 'bijlage 1 - Essentiële - hoog kritieke sectoren - Overheidsdiensten'. Dit betekent voor SVHW de volgende drie verplichtingen: •
Zorgplicht: De zorgplicht bestaat uit een lijst van maatregelen waaraan SVHW minimaal moet voldoen. Denk hierbij aan crisismanagement bij een groot cyberincident en het gebruik van cryptografie en versleuteling.
•
Meldplicht: SVHW moet binnen 24 uur dat SVHW zich bewust is geworden van een incident
melden dat bij SVHW sprake is van een incident bij de toezichthouder (Rijksinspectie Digitale
Infrastructuur (RDI)) en een uitgebreide rapportage over het incident binnen een maand. Een cyberincident moet ook bij het Computer Security Incident Response Team (CSIRT) van SVHW gemeld worden •
Toezicht: Er komt een onafhankelijk toezichthouder (Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI)), die naar de naleving van de verplichtingen uit de richtlijn kijkt.
De invoering vindt plaats medio 2025. SVHW anticipeert hier tijdig op en wil ook een certificering
hiervoor behalen. SVHW verzorgt in 2025 een training voor zowel Bestuurders als medewerkers op dat de organisatie NIS2 bestendig wordt gemaakt.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 35 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
8.4.6
Informatiebeveiliging en privacy
Door de toenemende datastromen, koppeling van systemen en digitale dreiging van hackers en
cybercriminelen wordt het zorgvuldig omgaan met de gegevens van inwoners en organisaties steeds
belangrijker. SVHW zal als data gedreven organisatie daarom zijn digitale weerbaarheid op peil dienen
te houden. Dit vergt een toenemende inspanning van SVHW. SVHW maakt op dit gebied (beveiliging en privacy) gebruik van de diensten van de Informatiebeveiligingsdienst Nederlandse gemeenten (IBD) en werkt samen met collega belastingkantoren. Er is een privacy officer binnen het domein
Ondersteuning, die op dit terrein de tweedelijns ondersteuning levert en er is een CISO (Chief
Information Security Officer) en FG (Functionaris Gegevensbescherming) die rechtstreeks aan de
directie rapporteren. SVHW moet voldoen aan NIS2 en wil zich hiervoor certificeren, uiterlijk in 2026.
8.4.7
Investeringen in ICT
Voor een gestructureerde aanpak van de benodigde ICT ontwikkelingen vanwege de strategie en
wetgeving zoals hiervoor beschreven (o.a. NIS2) is een ICT-strategie opgesteld. In 2025 wordt hiervoor een roadmap gemaakt. Vooralsnog gaan we er vanuit dat de kosten hiervoor op te vangen zijn binnen de begroting. Eventuele meerkosten worden separaat ter besluitvorming aan het AB voorgelegd. De
vervanging van de hardware die in 2025 plaatsvindt wordt geacht plaats te vinden binnen de bestaande
begroting extra kosten noodzakelijk blijken komt hiervoor een separaat voorstel naar het Algemeen
Bestuur.
8.4.8
Huisvesting
Medio 2025 wordt een huisvestingstrategie opgesteld. Dit is noodzakelijk, omdat SVHW vanuit
wetgeving investeringen moet uitvoeren om in 2030 aan de wettelijke duurzaamheidseisen te kunnen voldoen. In het huisvestingsplan worden de verschillende scenario’s (renovatie, nieuwbouw en huur)
tegen elkaar afgezet om tot een investeringskeuze te komen. In de meerjarenbegroting zijn hiervoor nog geen kosten en kapitaallasten opgenomen, anders dan de reguliere huisvestingskosten op basis van een bestaand grootonderhoudsplan. Eventueel budgettaire effecten die samenhangen met het huisvestingsplan worden als een separaat besluit aan het Algemeen Bestuur voorgelegd.
8.4.9
Rechtmatigheidsverantwoording
Over 2023 en 2024 heeft het dagelijks bestuur de rechtmatigheidsverantwoording reeds opgenomen in de jaarstukken. Over 2025 en 2026 moet dit nog gebeuren. De onderbouwing van deze
rechtmatigheidsverantwoording komt tot stand vanuit de verbijzonderde interne controle die wordt uitgevoerd op basis van het verbijzonderd intern controleplan. Hieruit is in de jaren 2023 en 2024
gebleken dat er met name onrechtmatigheden ontstaan bij het SVHW met betrekking tot de naleving van de EU-aanbestedingsgrens. De foutieve contracten uit die jaren zijn op dit moment allemaal aanbesteed en daarmee niet meer onrechtmatig. Op basis van de bevindingen uit het verleden verwachten wij niet dat het Controleplan voor 2026 moet worden aangepast. Mocht dit wel
noodzakelijk zijn, blijkend uit de bevindingen uit de controles over het boekjaar 2025, zullen wij dit middels een tussentijdse rapportage kenbaar maken aan het bestuur.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 36 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
Financiële begroting Staat van Baten en Lasten (bedragen x 1.000 euro)
Omschrijving programma: Ondersteuning Gegevensbeheer Algemeen BAG-administratie WOZ-administratie Dienstverlening Subtotaal programma's Omschrijving algemene dekkingsmiddelen: Algemene dekkingsmiddelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Gerealiseerde kosten Overhead Vennootschapsbelasting Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Toevoeging/onttrekking aan reserves: Mutaties in reserves Subtotaal mutaties reserves Gerealiseerde resultaat
Be groting 2 0 2 6
G e wij zigd e b e groting 2 0 2 5
Ba te n
La ste n
Sa ld o
Ba te n
La ste n
Sa ld o
Ba te n
La ste n
Sa ld o
10 4.162 344 4.627 8.401 17.544
10 3.078 238 3.475 6.538 13.339
-0 1.084 107 1.152 1.863 4.205
10 3.848 330 5.285 7.953 17.427
10 2.898 231 4.216 6.279 13.634
950 99 1.069 1.674 3.793
608 3.508 305 6.275 8.000 18.697
608 2.281 185 4.590 5.229 12.893
1.227 120 1.685 2.772 5.804
-
-
-
-
-
-
-
-
-
4.205
-4.205
3.793
-3.793
3.278
-3.278
17.544
17.544
-0
17.427
17.427
-0
18.697
16.171
2.526
-
-
-
-
-
-
-
17.544
17.544
17.427
17.427
18.697
16.171
2.526
-0
-0
Zie voor de toelichting op de staat van baten en lasten de toelichtingen per programma.
Versie 1.0
1 april 2025
R e a lisa tie 2 0 2 4
Pagina 37 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
Staat van incidentele baten en lasten (bedragen x 1.000 euro)
Kostensoort
Incidentele Lasten
2027
2028
2029
2030
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
0
0
-
-
-
-
-
Totaal incidentele baten
0
0
0
0
0
Incid e nte e l re sultaat
0
0
0
0
0
Totaal incidentele lasten
Kostensoort
2026
In deze begroting zijn geen incidentele baten en lasten opgenomen.
1 april 2025
-
-
Incidentele Baten
Toelichting
Versie 1.0
-
Pagina 38 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
Overzicht baten en lasten per taakveld Hieronder is het overzicht baten en lasten per taakveld weergegeven. De specificatie Overhead (paragraaf 11.1) geeft weer welke kostensoorten aan dit taakveld zijn gealloceerd. (bedragen x 1.000 euro)
Be groting
G e wij zigd e
J a a rre ke ning
2026
b e groting 2 0 2 5
2024
LASTEN Overhead Treasury
4.205
3.793
3.277
56
60
60
OZB - woningen
6.919
7.350
7.655
OZB - niet woningen
1.095
1.159
1.065
Belastingen overig
3.735
3.590
2.895
0
0
0
Riolering
755
726
583
Afval
779
748
635
17.544
17.427
16.170
Overige baten en lasten
Totaal lasten BATEN Mutaties reserves OZB - woningen
0
0
-
2.896
2.768
3.169
OZB - niet woningen
523
500
726
Belastingen overig
9.677
9.887
8.200
Overige baten en lasten
450
450
3.153
Riolering
1.964
1.877
1.651
Afval
2.034
1.944
1.798
Totaal baten
17.544
17.427
18.696
Totaal baten
17.544
17.427
18.696
Totaal lasten
17.544
17.427
16.170
0
0
2.526
Gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 39 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
11.1 Taakveld Overhead
Conform het BBV wordt de overhead centraal op taakveld 0.4 verantwoord. Dit betreft alle kosten opgenomen die niet verbijzonderd kunnen worden naar de andere taakvelden. (bedragen x 1.000 euro)
Ca te gorie
Be groting
G e wij zigd e
R e ke ning
2026
b e groting 2 0 2 5
2024
LASTEN Personele kosten
3.066
2.782
2.098
Huisvestingskosten
436
424
349
Kantoorkosten
105
102
81
Ingeleend personeel
160
147
72
Organisatie ontwikkeling
50
51
95
Accountantskosten
26
29
16
Kapitaallasten
312
206
249
Onvoorzien
50
50
-
4.205
3.793
2.960
0
0
0
T ota a l la ste n BATEN T ota a l b a te n Totaal baten
0
0
0
Totaal lasten
4.205
3.793
2.960
-4 . 2 0 5
-3 . 7 9 3
-2 . 9 6 0
G e re a lise e rd tota a lsa ld o va n b a te n e n la ste n
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 40 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
11.2 Meerjaren overzicht baten en lasten per taakveld (bedragen x 1.000 euro) 2025
2026
2027
2028
2029
LASTEN Overhead
3.793
4.205
4.247
4.290
Treasury
60
56
56
57
58
OZB - woningen
7.350
6.919
6.988
7.058
7.129
OZB - niet woningen
1.159
1.095
1.106
1.117
1.128
Belastingen overig
3.590
3.735
3.772
3.810
3.848
0
0
0
0
0
Riolering
726
755
763
771
778
Afval
748
779
787
795
803
17.427
17.544
17.719
17.897
18.076
Overige baten en lasten
Totaal lasten
4.332
BATEN Mutaties reserves OZB - woningen
0
-
0
0
0
2.768
2.896
2.925
2.954
2.984
OZB - niet woningen
500
523
529
534
539
Belastingen overig
9.887
9.677
9.773
9.871
9.970
Overige baten en lasten
450
450
455
459
464
Riolering
1.877
1.964
1.984
2.004
2.024
Afval
1.944
2.034
2.054
2.074
2.095
Totaal baten
17.427
17.544
17.719
17.897
18.076
Totaal baten
17.427
17.544
17.719
17.897
18.076
Totaal lasten
17.427
17.544
17.719
17.897
18.076
0
0
0
0
0
Gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 41 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
Geprognosticeerde balans 2026 - 2029 Hieronder is de balans weergegeven met de geprognosticeerde cijfers voor de jaren 2026-2029. (bedragen x 1.000 euro) Activa
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
31-12-2027
31-12-2028
31-12-2029
Vaste activa
1.420
1.809
1.499
1.185
868
548
Vlottende activa
28.386
7.439
7.643
7.845
8.045
8.243
Liquide middelen
486
480
480
480
480
480
Overlopende activa
2.896
2.896
2.896
2.896
2.896
2.896
33.188
12.625
12.517
12.405
12.288
12.166
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
31-12-2027
31-12-2028
31-12-2029
Eigen vermogen Gerealiseerde resultaat
829 2.526
1.020 0
1.020 0
1.020 0
1.020 0
1.020 0
T o taal
3.355
1.020
1.020
1.020
1.020
1.020
649
649
649
649
649
649
Langlopende schulden
1.258
1.156
1.048
936
819
697
Vlottende passiva
26.621
8.400
8.400
8.400
8.400
8.400
Overlopende passiva
1.307
1.400
1.400
1.400
1.400
1.400
33.190
12.625
12.517
12.405
12.288
12.166
T o taal
P assiva
Voorzieningen
T o taal
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 42 van 44
Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2030
Beleidsindicatoren Begroting 2026 No.
T a a kve ld
Na a m b e le id sind ica tor
Wa a rd e
1
Bestuur en ondersteuning Formatie
0,079 Fte per 1.000 inwoners
2
Bestuur en ondersteuning Bezetting
0,088 mdw. per 1.000 inwoners
3
Bestuur en ondersteuning Apparaatskosten
4
Bestuur en ondersteuning Externe inhuur
€
E e nhe id
16,30 Kosten per inwoner 19,00% Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
5
Bestuur en ondersteuning Overhead
Versie 1.0
1 april 2025
20,95% % van de totale lasten
Pagina 43 van 44
Specificatie kosten per deelnemer Specificatie kosten per deelnemer 2026 Deeln em er
Geg ev en s beh eer alg em een
WO Z -adm in is tr atie
BA G-adm in is tr atie
g
belas tin g en
g
aan tal
bedr ag
aan tal
bedr ag
aan tal
bedr ag
To taal bijdr ag e
aan tal
bedr ag
aan tal
bedr ag
o bjec ten
per o bjec t/
WO Z
per o bjec t/
BA G
per o bjec t/
BA G
o bjec ten
per o bjec t/
aan s lag en
per r eg el/
to taal bijdr ag e
o bjec ten
to taal bijdr ag e
o bjec ten
to taal bijdr ag e
adm in is tr atie
to taal bijdr ag e
to taal bijdr ag e
P rogra mma koste n
4.161.733
172.106
172.106
4.627.089
7.951.013
T a rie f p rogra mma
5,196
0,523
1,360
14,074
1,959
TO TA L E KO STEN
0,98 Alblasserdam
10.036
52.145
10.036
5.254
Albrandswaard
11.989
62.293
11.989
6.276
Altena
28.217
146.610
28.217
14.772
Barendrecht
23.288
121.000
23.288
12.191
10.036 28.217
13.653 38.385
18.906
10.036
141.250
47.308
92.661
304.963
6.276
11.989
168.738
71.520
140.084
377.391
53.157
28.217
397.136
185.271
362.885
959.789
12.191
23.288
327.764
104.278
204.246
665.202 510.124
Drimmelen
14.184
73.698
14.184
7.425
7.425
14.184
199.631
117.105
229.370
Geertruidenberg
11.585
60.194
11.585
6.065
11.585
15.760
21.825
11.585
163.052
87.723
171.820
416.890
Goeree-Overflakkee
31.908
165.788
31.908
16.704
31.908
43.406
60.110
31.908
449.085
181.692
355.875
1.030.858
Hardinxveld-Giessendam
9.176
47.677
9.176
4.804
4.804
9.176
129.146
40.623
79.567
261.194
Hoeksche Waard
46.654
242.406
46.654
24.423
24.423
46.654
656.625
334.748
655.661
1.579.116
Krimpenerwaard
29.380
152.653
29.380
15.380
Lansingerland
31.159
161.897
31.159
16.312
Nieuwkoop
15.389
79.958
15.389
8.056
Ridderkerk
26.387
137.102
26.387
13.814
Voorne aan Zee
39.408
204.757
39.408
20.630
Hollandse Delta
472.217
2.453.555
T OT AAL
800.977
4.161.733
328.760
172.106
Pagina 44 van 44
29.380 15.389
126.515
39.967 20.935
172.106
55.348
29.380
413.505
171.007
334.946
956.452
16.312
31.159
438.543
191.452
374.991
991.743
28.991
15.389
216.590
85.789
168.032
493.572
13.814
26.387
371.380
132.154
258.846
781.142
20.630
39.408
554.643
192.527
377.097
1.157.127
2.116.195
4.144.930
6.598.485
4.059.392
7.951.013
17.084.047
344.212
328.760
4.627.089