CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

6d Waardlanden Concept Programmabegroting 2027.pdf

Gemeenteraad GHG 2 juli 2026, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 11: Verzamelvoorstel verbonden partijen: jaarrekeningen 2025 en begrotingen 2027 incl. zienswijzen19.961 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

0

BEGROTING 2027 EN MEERJARENRAMING 2028-2030 “Samen op weg naar een schone omgeving en afvalvrije toekomst” “

Gemeenschappelijke regeling van de gemeenten: Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Molenlanden en Vijfheerenlanden

Voorwoord Voor u ligt de begroting 2027 en de meerjarenraming voor 2028-2030 van de Gemeenschappelijke Regeling Bedrijfsvoering organisatie Reinigingsdienst Waardlanden. Waardlanden is elke dag in beweging. Voor onze inwoners. Voor schone en afvalvrije gemeenten. En voor een organisatie die haar werk goed, veilig en volgens de regels uitvoert. De afgelopen jaren heeft Waardlanden gebouwd aan een stevig fundament. We zien dat de ingezette koers effect heeft: de hoeveelheid restafval neemt steeds verder af, de kwaliteit van gescheiden grondstoffen verbetert en we verstevigen onze positie als professionele en betrouwbare publieke dienstverlener. 2027 markeert een volgende fase voor Waardlanden. Met de komst van een nieuwe directeur, nieuwe gemeenteraden en nieuwe colleges ontstaat in 2026 een logisch moment om samen vooruit te kijken. Samen starten we met het herijken van onze gemeenschappelijke toekomstvisie. Deze visie geeft richting aan de komende jaren en bouwt voort op de ervaringen en resultaten van de afgelopen periode. In 2027 vertalen we dit naar een nieuw actieplan en gaan daarmee aan de slag. Dat doen we zorgvuldig en met oog voor onze verantwoordelijkheid als publieke organisatie, zoals u van ons gewend bent. De wereld om ons heen verandert snel, en de onzekerheden nemen toe.

Er gebeurt veel in onze branche: grillige grondstofprijzen, onvoorspelbare verwerkingskosten, druk op het energienet, een krappe arbeidsmarkt en snelle digitale ontwikkelingen het zijn factoren die invloed hebben op onze bedrijfsvoering. Ook in 2027 vraagt dit om wendbaarheid en scherpe keuzes. 2

Het opstellen van deze begroting vraagt zorgvuldigheid. Als Gemeenschappelijke Regeling stellen wij deze begroting al vroeg in het jaar vast. Dat betekent dat we ver vooruit moeten kijken in een omgeving die voortdurend verandert. Samen op weg 2027 wordt opnieuw een jaar waarin veel van ons wordt gevraagd. Wat vaststaat, is dat we het samen doen: met onze medewerkers, de gemeenten, partners en onze inwoners. Onze organisatie is de afgelopen jaren gegroeid. Waar die groei eerder vooral flexibel was, zetten we nu stappen richting meer stabiliteit en continuïteit. Steeds meer collega’s verbinden zich voor langere tijd aan Waardlanden. Dat versterkt onze kennis, professionaliteit en slagkracht. Zo bouwen we verder aan één Waardlanden. Voor onze vier gemeenten. Met gezamenlijke verantwoordelijkheid en vertrouwen in de toekomst. Steeds meer zijn we sámen op weg. Als één Waardlanden, voor onze vier gemeenten. Gorinchem, juni 2026 Arco Bikker

Steve Kuils

Voorzitter bestuur Waardlanden

Directeur Waardlanden

3

Leeswijzer Voorwoord ............................................................................................................................................... 2 Leeswijzer ................................................................................................................................................ 4 1

DIENSTVERLENING................................................................................................................................ 7 1.1

Bestuurlijke samenvatting .............................................................................................................. 8

1.2

Factsheet Financiën ....................................................................................................................... 11

1.2.1 Begroting 2027 in één oogopslag ................................................................................................... 11 1.2.2 Tariefstelling 2027 voor gemeenten ............................................................................................. 12 1.2.3 Bevoorschotting (bijdragen) 2027 voor gemeenten ...................................................................... 14 1.3 2

3

Kerngegevens ............................................................................................................................... 16

BELEIDSBEGROTING ............................................................................................................................ 18 2.1

Product Afval- en grondstoffenbeheer .......................................................................................... 18

2.2

Product Overige diensten (DVO’s) ...................................................................................................26

2.3

Product Bedrijfsafval .....................................................................................................................28

2.4

Product Algemene baten en lasten ................................................................................................29

PARAGRAFEN ......................................................................................................................................33 3.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing ...................................................................................33

3.2

Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................................36

3.3

Financiering ..................................................................................................................................36

3.4

Bedrijfsvoering ..............................................................................................................................39

3.4.1 Personeel .....................................................................................................................................39 3.4.2 Leiderschap en interne communicatie ........................................................................................ 41 3.4.3 Informatisering en automatisering ............................................................................................. 42 3.4.4 Inkoop en aanbesteden .............................................................................................................. 43 3.4.5 Duurzaamheid ............................................................................................................................ 44 3.4.6 Arbo, veiligheid en milieu ............................................................................................................ 46 3.4.7 Juridische control ....................................................................................................................... 47 3.4.8 Wet Open Overheid (Woo) ........................................................................................................... 47 3.5 4

5

4

Verbonden partijen ....................................................................................................................... 49

FINANCIËLE BEGROTING ..................................................................................................................... 51 4.1

Begroting 2027 en meerjarenraming (MJR) 2028-2030 .................................................................. 51

4.2

Uitgangspunten ............................................................................................................................. 57

4.3

Incidentele baten en lasten ............................................................................................................59

4.4

Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves ............................................................. 60

4.5

Investeringsprogramma ............................................................................................................... 60

BIJLAGEN ............................................................................................................................................63 5.1

Geprognosticeerde balans .............................................................................................................63

5.2

Overzicht reserves .........................................................................................................................66

5

5.3

Overzicht leningen ......................................................................................................................... 67

5.4

Voorziening groot onderhoud ........................................................................................................69

5.5

Overzicht van personele sterkte en loon- en inhuurkosten .............................................................69

5.6

Taakvelden ....................................................................................................................................70

5.7

Risicoprofiel .................................................................................................................................. 71

DIENSTVERLENING

6

1 DIENSTVERLENING

Infographic 1: Dienstverlening Waardlanden in de vier gemeenten in 2025

7

1.1

Bestuurlijke samenvatting

Inleiding De begroting 2027 is opgesteld op basis van de Kaderbrief 2027 en wijkt af van de meerjarenraming 2027 uit 2025. De belangrijkste oorzaken zijn: uitbreiding van de personele formatie, hogere inhuur- en materieelkosten, stijgende afschrijvings- en rentelasten door investeringen met langere doorlooptijden, hogere kantoorkosten door verdere digitalisering, en stijgende verwerkingskosten door belastingen en CO₂heffingen. De totale lasten en baten stijgen ten opzichte van 2026 beide met € 4,2 miljoen, waardoor de begroting structureel in evenwicht blijft. Uitgangspunt voor deze begroting is dat voor 2027 geen systeemwijzigingen of politiek gevoelige maatregelen worden doorgevoerd. Beleidsbegroting Het Afval- en grondstoffenbeheer richt zich op het inzamelen van huishoudelijk afval en grondstoffen voor vier gemeenten, met als doel het restafval terug te brengen naar maximaal 100 kg per inwoner en schone grondstofstromen te realiseren richting een circulaire economie in 2050.

250

1-1-2024 Invoering Diftar 223

225

221 208

200

186

175 150

133

130

2024

2025

125 100 75 50 2020

2021

2022

2023

Werkelijk Het zit tegen Doel Grafiek 1: Kilogram restafval per inwoner

8

2026

2027

2028

Prognose Het zit mee Lange termijn doel

2029

2030

In 2027 wordt de huidige koers uit de strategienota en de tussentijdse evaluatie van 2025 voortgezet. In deze strategienota zijn de milieudoelstellingen centraal gesteld met als belangrijkste doelstelling het terugdringen van restafval naar maximaal 100 kg per inwoner. Het ingezette beleid is effectief, maar de dalende trend vlakt af, naar 130 kg per inwoner in 2025. Van 2026 tot medio 2027 doorlopen we zorgvuldig het proces om te komen tot een nieuwe visie en een bijbehorend Uitvoeringsplan (voorheen strategienota). Naast betrouwbare dienstverlening ligt de nadruk op het borgen en bijsturen van maatregelen die gedragsverandering bij inwoners stimuleren, zoals inzet van milieucoaches, communicatie, Afvalvrije Scholen, het circulaire netwerk en ketensamenwerkingen. Daarnaast wordt de inzamel- en verwerkingsinfrastructuur versterkt. Wijkverzamel- en afzetcontainers worden gefaseerd vernieuwd en het nieuwe AfvalRis-systeem biedt betere digitale ondersteuning voor inzameling, registratie en procesoptimalisatie. De verwerkingskosten worden in toenemende mate beïnvloed door marktontwikkelingen en externe factoren, zoals stijgende verwerkingstarieven en oplopende CO₂-heffingen. Deze ontwikkelingen liggen grotendeels buiten de directe beïnvloedingssfeer van Waardlanden.

Binnen de bestaande kaders volgt Waardlanden deze ontwikkelingen nauwgezet en maakt zij de financiële effecten hiervan inzichtelijk voor de deelnemende gemeenten. Het product Overige diensten (Dienstverleningsovereenkomsten) biedt gemeenten aanvullende diensten, zoals straatreiniging, onkruidbestrijding, veegvuil, gladheidsbestrijding, graffiti verwijderen en onderhoud van materieel. In 2027 worden de DVO’s afgestemd en waar nodig herzien om beter aan te sluiten bij de actuele behoeften van de gemeenten. Zo wordt voor 2027 de DVO Onkruidbestrijding in Gorinchem toegevoegd. Het product Bedrijfsafval betreft de inzameling van bedrijfsafval in samenwerking met Netwerk N.V. Waardlanden voert de inzamelactiviteiten namens Reinigingsbedrijf Waardlanden B.V. uit. Voor 2027 zijn er geen ingrijpende veranderingen voorzien; de dienstverlening en de financiële afspraken blijven gelijk, en de baten en lasten zijn structureel in de begroting opgenomen. Het product Algemene baten en lasten omvat kosten zoals overhead, rente en vennootschapsbelasting. Kosten zonder directe relatie met een specifiek product worden verdeeld over de producten: Afval- en grondstoffenbeheer, Overige diensten (DVO’s) en Bedrijfsafval. Voor 2027 zijn geen bijzondere afwijkingen of beleidsmatige wijzigingen voorzien; de toepassing van deze verdeling blijft ongewijzigd.

9

Versterking bedrijfsvoering en organisatieontwikkeling In 2027 zetten wij de ingezette lijn voort om de interne organisatie van Waardlanden verder te professionaliseren. Waar in 2022 en 2023 de nadruk lag op het leveren van voorzieningen en dienstverlening aan inwoners, en in 2024–2025 op het verbeteren van de bedrijfsvoering, verschuift deze in 2027 naar het duurzaam versterken van de interne organisatie. Het doel is om de organisatie naar een volgende ontwikkelfase te brengen: een toekomstbestendige, wendbare en goed beheersbare organisatie die voldoet aan wet- en regelgeving en optimaal gebruik maakt van digitalisering. Om dit te bereiken wordt ingezet op de professionele ontwikkeling van medewerkers, uitbreiding van personele capaciteit en gerichte inzet van specifieke expertise. Daarnaast worden digitalisering, automatisering en procesoptimalisatie verder versterkt, wat de efficiëntie van de bedrijfsvoering en de kwaliteit van dienstverlening ondersteunt en beter laat aansluiten op beleidsdoelen zoals afvalreductie, afvalscheiding en duurzaamheid. Tarieven afvalinzameling en afvalverwerking In de onderstaande tabel wordt de ontwikkeling van het gemiddelde tarief voor afvalinzameling en afvalverwerking in vergelijking met 2026 toegelicht. In de kaderbrief hebben we een eerste indexatie van het tarief gepresenteerd.

Verdere uitwerking in deze begroting resulteert in het onderstaande tarief. Tariefstelling Afvalinzameling (bedragen in euro)

Afval-

Afvalverwerking

Totaal

inzameling met diftar

zonder diftar

met diftar

zonder diftar

Tarief 2026 begroting

272,73

60,19

84,45

332,93

357,18

Mutatie ten opzichte van tarief 2026

32,15

3,39

11,43

35,54

43,58

304,88

63,59

95,87

368,47

400,76

11,8%

5,6%

13,5%

10,7%

12,2%

Tarief 2027 % mutatie ten opzichte van 2026 Verschil met diftar / zonder diftar

-13,4%

-2,4%

Tabel 1: Tariefstelling afvalinzameling 2027 voor gemeenten

Uit de tabel blijkt dat het gemiddelde tarief voor afvalinzameling en -verwerking (met diftar) in 2027 met 10,7% stijgt ten opzichte van de begroting voor 2026: van € 332,93 naar € 368,47. Zonder diftar bedraagt de stijging 12,2%, waarbij het gemiddelde tarief oploopt van € 357,18 naar € 400,76. Deze verhogingen zijn voornamelijk toe te schrijven aan stijgende personeelskosten en hogere verwerkingskosten van de verschillende afvalstromen. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 1.2.2 (Tariefstelling 2027 voor gemeenten).

10

1.2

Factsheet Financiën

1.2.1 Begroting 2027 in één oogopslag

Begrotingstotalen (in euro's x 1.000)

40.000 35.000

33.317

35.697

33.589

34.645

2028 Lasten begroot

2029 2030 Lineair (Lasten begroot)

30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0 2027 Baten begroot Grafiek 2: Meerjarige ontwikkeling begroting

Begrote kosten (in euro's x 1.000) 40.000 35.000

33.317

33.589

34.645

35.697

2027

2028

2029

2030

30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0

Kosten inzameling

Kosten verwerking

Grafiek 3: Meerjarige kostenontwikkeling begroting

11

Kosten overhead

Kosten DVO's

Begrote opbrengsten (in euro's x 1.000) 40.000 35.000

33.317

33.589

2027

2028

34.645

35.697

2029

2030

30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 -

Bijdrage gemeenten

Bijdrage BV

Overige bijdragen

Grafiek 4: Meerjarige opbrengstenontwikkeling begroting

1.2.2 Tariefstelling 2027 voor gemeenten Door de invoering van het recycletarief ontstaat er een gedifferentieerd samengesteld tarief: één met het recycletarief en één zonder. Het tarief voor de inzameling blijft in beide gevallen hetzelfde. Het verschil in het totaaltarief wordt bepaald door de kosten van de afvalverwerking.

Ontwikkeling tarief afvalinzameling en verwerking

met diftar

zonder diftar

(bedragen in euro)

Gemiddeld tarief afvalstoffenheffing 2026

332,93

357,18

Organisatie Personeelskosten (prijsindexen MEV, markttarieven, FTE)

28,54

28,54

Verwerking afvalstromen en grondstoffen

9,14

17,18

Verwerkingsopbrengsten

-6,98

-6,98

Marktontwikkelingen

Totaal markt- en volume-effecten

30,70

38,74

4,84

4,84

368,47

400,76

Overige kostenontwikkelingen Overige mutaties per saldo Gemiddeld tarief afvalinzameling en verwerking 2027 Tabel 2: Ontwikkeling tarief afvalinzameling en afvalverwerking samen per 2027

12

De grootste stijging in kosten is te zien bij de personeelskosten. Dit komt deels door de gehanteerde indexering van 5,7% voor 2027. Deze indexering is aangegeven in de kaderbrief en daarin is uitgegaan van de prijsindexen

uit

de

Macro

Economische

Verkenningen

2027,

die

zijn

gepubliceerd

in

de

septembercirculaire 2025, van het Centraal Planbureau. Daarnaast is de formatie op specialistische functies uitgebreid met 6,56 fte om de beoogde duurzame versterking van de bedrijfsvoering en organisatieontwikkeling te realiseren. De kosten voor inhuur stijgen doordat ingehuurde medewerkers volgens de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (WAADI) recht hebben op dezelfde arbeidsvoorwaarden als eigen personeel (cao). Deze verhoging geldt vanaf januari 2026 en is verwerkt in de begroting 2027. Een andere belangrijke oorzaak van de tariefstijging zijn de toegenomen verwerkingskosten van € 638.000 ten opzichte van de begroting van 2026. Deze stijging wordt veroorzaakt door structurele ontwikkelingen in de afval- en grondstoffenmarkt: een hoog aanbod van recyclables in combinatie met beperkte afzetmogelijkheden leidt tot hogere tarieven. Daarnaast neemt de CO₂-heffing voor verbrandingsinstallaties vanaf 2027 merkbaar toe, mede door de gefaseerde afbouw van de afvalverbrandingsinstallatiecorrectiefactor (AVI-correctiefactor). De stijging is vooral zichtbaar bij huis-aan-huisinzameling en grofvuil.

De ontwikkelingen in de overige kosten betreffen met name stijgende kantoorkosten als gevolg van verdere automatisering en de inhuur van externe expertise, evenals hogere materieelkosten door reparatie en onderhoud vanwege de veroudering en afnemende kwaliteit van afzet- en wijkverzamelcontainers. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 4.1 (Begroting 2027 en meerjarenraming (MJR) 2028-2030). Bovenstaande ontwikkelingen leveren per saldo een tariefstijging (met diftar) op van € 35,54 (10,7%). Voor het tarief zonder diftar betekent dit een stijging van € 43,58 (12,2%).

13

1.2.3 Bevoorschotting (bijdragen) 2027 voor gemeenten De volgende tabel geeft een overzicht van de financiële bijdrage per deelnemende gemeente voor 2027, zowel voor de afvalinzameling als de afvalverwerking. Onder deze tabel volgt een tabel met de percentages per gemeente ten opzichte van de begroting 2026. Bijdragen Afvalinzameling en

Tarief

Gorinchem

-verwerking

Hardinxveld-

Molenlanden

Giessendam

Vijfheerenlanden

(bedragen x 1.000 euro) totaal

met diftar

met diftar

met diftar

zonder diftar

Aansluitingen (aantallen)

69.760

17.998

7.816

18.206

25.740

Afvalinzameling

304,88

5.487

2.383

5.551

7.848

Afvalverwerking diftar

63,59

1.144

497

1.158

-

Afvalverwerking zonder diftar

95,87

-

-

-

2.468

Aan Waardlanden te betalen

368,47

6.632

2.880

6.708

(diftar) Aan Waardlanden te betalen

400,76

10.315

(zonder diftar) Totaal door Waardlanden te

6.632

2.880

6.708

10.315

Hardinxveld-

Molenlanden

Vijfheeren-

ontvangen Tabel 3: Bijdragen afvalinzameling en -verwerking per gemeente in 2027

Bijdragen Afvalinzameling en

Tarief

Gorinchem

-verwerking

Giessendam

landen

verschil in % t.o.v. 2026 totaal

met diftar

met diftar

met diftar

zonder diftar

Aansluitingen

0,8%

0,4%

1,5%

0,6%

1,0%

Afvalinzameling

11,8%

12,3%

13,5%

12,5%

12,9%

Afvalverwerking diftar

5,6%

6,1%

7,2%

6,3%

Afvalverwerking zonder diftar

13,5%

Aan Waardlanden te betalen

10,7%

14,7% 11,2%

12,3%

11,3%

(diftar) Aan Waardlanden te betalen

12,2%

13,4%

(zonder diftar) Totaal door Waardlanden te

11,2%

12,3%

11,3%

ontvangen Tabel 4: Bijdragen afvalinzameling en -verwerking per gemeente ten opzichte van de begroting 2026

14

13,4%

Voor de gemeenten betekent bovenstaande tariefstelling de volgende voorschotbijdragen voor afvalinzameling. Daarnaast zijn de voorschotbijdragen voor de separate DVO’s opgenomen, zoals Waardlanden deze in de begroting 2027 heeft verwerkt.

Bijdragen gemeenten TOTAAL

Totaal

Gorinchem

Molenlanden

Giessendam

(bedragen x 1.000 euro) met diftar

Totaal Afvalinzameling gemeenten

Hardinxveld-

Vijfheerenlanden

met diftar

met diftar

zonder diftar

26.535

6.632

2.880

6.708

10.315

1.050

638

96

138

178

Onkruidbestrijding

760

600

160

-

-

Veegvuil/Veegslib

173

107

22

6

38

Extra (prullenbakken)

455

455

-

-

-

Extra (bijplaatsingen)

110

110

-

-

-

Gladheidsbestrijding

117

117

-

-

-

Graffiti

15

15

-

-

-

Polderbus

90

-

-

63

27

Onderhoud materieel

154

154

-

-

-

CTA (composteerbaar tuinafval) en

60

-

14

10

36

Totaal DVO’s gemeenten

2.984

2.196

292

217

280

Totaal aan Waardlanden te betalen

29.520

8.828

3.172

6.925

10.595

DVO’s gemeenten Straatreiniging

puin

Tabel 5: Voorschotbijdragen en DVO’s per gemeente in 2027

Voor een deel van de dienstverlening was tot voor kort geen actuele DVO beschikbaar. In 2025 zijn de DVO’s opgesteld en/of herzien, zodat de afspraken aansluiten op de actuele situatie. Niet alle DVO’s zijn echter al definitief of ondertekend. In 2026 wordt hier vervolg aan gegeven en vinden gesprekken plaats met alle betrokken gemeenten om voor lopende en toekomstige werkzaamheden duidelijke afspraken vast te leggen.

15

1.3

Kerngegevens

Waardlanden werkt voor de vier gemeenten Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Molenlanden en Vijfheerenlanden. In totaal gaat het om ruim 69.000 aansluitingen. Hiermee bedoelen we: iedere wooneenheid waarvoor een heffingsplicht geldt, ongeacht of er sprake is van bewoning, kwijtschelding of leegstand. Deze ontwikkeling in de wooneenheden heeft gevolgen voor de ontwikkeling van de kosten van Waardlanden. Dit zien we terug in de toenemende baten en lasten van de afgelopen jaren. In de onderstaande grafieken is de ontwikkeling van het aantal aansluitingen per gemeente gedurende de periode 2024 tot en met 2027 weergegeven en de ontwikkeling van het (verwachte) aantal inwoners voor de periode 2025 tot en met 2028. 30.000

68.656

67.757

69.196

69.760 70.000

25.000

60.000

20.000

50.000

15.000

40.000 30.000

10.000

20.000

5.000

10.000

-

-

2024 Gorinchem

2025 Hardinxveld-Giessendam

2026

2027

Molenlanden

Vijfheerenlanden

Totaal

Grafiek 6: Ontwikkeling aantal aansluitingen 2024-2027

70.000

165.882

166.647

167.415

168.188 160.000

60.000

140.000

50.000

120.000

40.000

100.000

30.000

80.000 60.000

20.000

40.000

10.000

20.000

-

2025 Hardinxveld-Giessendam

2026 Gorinchem

Grafiek 7: Ontwikkeling aantal inwoners 2025-2028 16

2027 Molenlanden

2028 Vijfheerenlanden

Totaal

BELEIDSBEGROTING

17

2 BELEIDSBEGROTING 2.1

Product Afval- en grondstoffenbeheer

Inleiding Dit product gaat over het inzamelen van huishoudelijke afvalstromen en grondstoffen. Het product Afval- en grondstoffenbeheer dat Waardlanden uitvoert voor de vier gemeenten heeft een directe relatie met de doelstelling om restafval te verminderen tot maximaal 100 kilo per inwoner per jaar, zorgen voor schone grondstofstromen, en het stap voor stap toewerken naar een circulaire economie in 2050. Van 2026 tot medio 2027 doorlopen we zorgvuldig het proces om te komen tot een nieuwe visie en een bijbehorend Uitvoeringsplan (voorheen strategienota). Daarbij is er voldoende ruimte voor de nieuwe directeur en de nieuwe bestuurs- en raadsleden om input te leveren aan de nieuwe visie. Voor de begroting 2027 houden we daarom vast aan de huidige koers, zoals vastgelegd in de strategienota en de tussentijdse evaluatie van mei 2025. Uitgangspunt voor deze begroting is dat in 2027 geen systeemwijzigingen of politiek gevoelige maatregelen worden opgenomen. De focus ligt op het verder verfijnen van onze aanpak en werkwijze en het inspelen op veranderende wet- en regelgeving, zoals het Circulair Materialen Plan (CMP) en ontwikkelingen in de markt. Eventuele financiële gevolgen van de nieuwe visie en het Uitvoeringsplan verwerken we op een later moment via een begrotingswijziging.

Marktontwikkelingen De afgelopen jaren is de afzet en de verwerking van grondstoffen meer en meer onder druk komen te staan. Hoog aanbod van recyclebare grondstoffen en een beperkte mogelijkheid tot afzet leidt er toe dat verwerkers het lastig hebben. De prijzen voor gerecycled materiaal staan onder druk en de tarieven voor het verwerken van grondstoffen stijgen. De verwachting is dat deze ontwikkeling ook in de nabije toekomst niet zal veranderen. Op veel van deze ontwikkelingen hebben wij als Waardlanden maar beperkte invloed. Vanuit de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid (UPV) wordt de verantwoording voor de afvalfase van een product steeds meer bij de producenten gelegd. In de keten van recycling vervullen de gemeenten, en dus ook Waardlanden, een belangrijke rol als het gaat om de inzameling van deze afvalstromen. En omdat wij hier vervolgens een vergoeding voor krijgen, zal ook steeds meer aandacht komen voor de kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen.

Uitgebreide Producten Verantwoordelijkheid (UPV) We verwachten uitbreiding/wijziging van de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheden (UPV’s), waarmee steeds meer de verantwoordelijkheid en kosten van afval bij de vervuilende industrieën komt te liggen. Met name de ontwikkelingen in de UPV’s voor textiel, pmd en single use plastics hebben invloed op de begroting van Waardlanden. Het is nu nog lastig om aan te geven hoe de nieuwe UPV’s effect gaan hebben in 2027. Doel van elke UPV is wel om de hoeveelheid recyclebaar materiaal te vergroten. Voor textiel en pmd wordt er met branchepartijen gewerkt aan een ketenovereenkomst. Voor beide 18 grondstofstromen hebben de marktpartijen inmiddels een “hoofdlijnenakkoord” gesloten. Omdat deze akkoorden op hoofdlijnen zijn, is nog niet precies bekent wat de impact hiervan zal worden op de vergoedingen die wij voor deze grondstofstromen zullen krijgen. De verwachting voor het pmd is in ieder geval dat de opbrengsten lager zullen zijn dan nu het geval is. Meer informatie over UPV’s vindt u hier.

Afvalstoffenbelasting, CO₂-heffing, afvalverbrandingsinstallatie-correctiefactor en “Plastic-taks” Op de afvalstoffenbelasting wordt in de begroting 2027 de gebruikelijke indexering toegepast; verder vindt naar verwachting geen verhoging plaats. Boven op de Afvalstoffenbelasting legt het Rijk sinds 2021 CO₂heffing op. Tot 2025 gold voor Afvalverbrandingsinstallaties een vrijstelling. Sinds 2025 wordt deze vrijstelling uitgefaseerd via de afvalverbrandingsinstallatie-correctiefactor (AVI-correctiefactor). Hierdoor stijgen de kosten voor de verbranding van restafval. De CO₂-heffing bedraagt in 2027 nog ongeveer € 17,50 per ton en loopt op tot wel € 80 per ton in 2030. In 2025 is daarnaast aangekondigd dat het begrotingstekort van het Rijk deels wordt doorgeschoven naar de afvalsector, onder meer via aanpassingen in de afvalstoffenbelasting. Dit kan vanaf 2028 leiden tot een verdere stijging van deze belasting. Op 27 november 2025 is hierover een motie aangenomen in de Tweede Kamer. Daarmee ontstaat ruimte om deze maatregel te herzien. In de meerjarenbegroting hebben we daarom nog geen rekening gehouden met deze ontwikkeling. Circulaire economie Het nieuwe kabinet onderstreept het belang van een circulaire economie en geeft dit thema opnieuw een stevige plek in het coalitieakkoord.

Hoe maatregelen, zoals afvalpreventie, verder worden uitgewerkt en wat dit betekent voor de aanpak van Waardlanden, is op dit moment nog niet duidelijk. Wel is eind 2025 het Circulair Materialen Plan vastgesteld (zie kader).

Circulair materialenplan 1 (CMP1) Het Circulair Materialen Plan (CMP) is eind 2025 vastgesteld en vervangt het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3). Het geeft richting aan hoe we in Nederland omgaan met afval en grondstoffen. De focus ligt op het voorkomen van afval en het beter hergebruiken van materialen. Voor Waardlanden betekent dit vooral: blijven inzetten op goed scheiden, hergebruik en het verder verbeteren van de kwaliteit van grondstoffen.

19

Wat willen we bereiken? Strategienota: Afvalstoffendriehoek in balans De strategienota uit 2021 heeft als rode draad het vinden van een goede

balans

tussen

kosten,

milieu

en

service:

de

afvalstoffendriehoek. Daarbij ligt de nadruk op het terugdringen van de hoeveelheid restafval per inwoner. In de vigerende strategienota zijn tien aandachtspunten benoemd, met een bijpassend pakket aan maatregelen. Uit de tussentijdse evaluatie van de strategienota blijkt dat een aantal aandachtspunten door het huidige beleid is opgelost, zoals hoge kosten door afvaltoerisme en bedrijfsafval. Ook laat de evaluatie zien dat het gevoerde beleid effect heeft: er zijn significante “minder-meerkosten”. Dit houdt in dat de kosten minder hard stijgen dan dat ze zouden zijn gestegen zonder het huidige beleid. Tegelijk zien we dat in

de strategienota beschreven

ondersteunende maatregelen, zoals communicatie en het gebruik van data met behulp van een grondstoffenmonitor een grotere rol kunnen spelen bij de resterende opgaven. Ook heeft het nieuwe beleid invloed op hoe inwoners de dienstverlening ervaren. Daarnaast

vragen

marktontwikkelingen

en

het

Circulair

Materialen Plan (CMP) om meer samenwerking in de keten. Op basis van deze inzichten zijn de tien aandachtspunten van de strategienota geactualiseerd binnen de bestaande kaders van de strategienota (zie kader). Minder (rest)afval, schone grondstoffen en tevredenheid We blijven sturen op gemiddeld maximaal 100 kilorestafval per inwoner, een scheidings- en recyclepercentage van minimaal 65% en een totale hoeveelheid afval en grondstoffen van gemiddeld maximaal 300 kilo per inwoner. Tegelijk zorgen we voor goede dienstverlening aan inwoners. Service die bijdraagt aan het voorkomen van afval en beter scheiden staat daarbij voorop. We streven ernaar dat inwoners onze dienstverlening opnieuw waarderen met een ruime 7. Dit doen we met oog voor betaalbaarheid, zodat de balans tussen kosten, milieu en service – de afvalstoffendriehoek – verder verbetert. 20

Geactualiseerde 10 aandachtspunten 1. Er zitten nog veel grondstoffen in het restafval. 2. Er zit nog veel vervuiling in grondstoffen (met name pmd). 3. Er zitten nog waardevolle materialen (grondstoffen & kringloop) in grofvuil. 4. Er is te weinig aandacht voor afvalpreventie vanuit WL & gemeenten. 5. Voorzieningen milieustraten zijn niet optimaal (m.n. VHL). 6. Inwoners gebruiken ontwijkroutes (o.a. bijplaatsingen). 7. Ervaring van het serviceniveau door inwoners is (tijdelijk) gedaald. 8. Verwerkingskosten gaan harder stijgen dan reductie restafval/ verhoging efficiency. 9. Ketensamenwerkingen kunnen verder uitgebouwd worden 10. Grondstoffenmonitor is nog niet geoptimaliseerd.

Er zijn veel factoren van invloed op onze belangrijkste beleidsindicator, de hoeveelheid restafval per inwoner. Het risico bestaat dat we onze doelstelling niet behalen, of zelfs dat de hoeveelheid restafval per inwoner weer gaat stijgen, in lijn met de landelijke trendbreuk in 2024 (bron CBS). Onderstaande grafiek geeft de prognose weer.

250

1-1-2024 Invoering diftar 223

225

221 208

200

186

175 150

133

130

2024

2025

125 100 75 50 2020

2021

2022

2023

Werkelijk Het zit tegen Doel

2026

2027

2028

2029

2030

Prognose Het zit mee Lange termijn doel

Grafiek 8: Kilogram restafval per inwoner Wat gaan we daarvoor doen? We zoeken naar nieuwe impulsen die we kunnen geven binnen de bestaande kaders en middelen. Daarnaast plannen we twee kostbare en/of arbeidsintensieve maatregelen uit de strategienota voor 2028 en 2029: het betreft chippen of stickeren van containers en de inzameling op basis van vulgraad. Dienstverlening: Huis- aan-huis inzameling Onze ophaalfrequentie, dichtheid en bereikbaarheid van onze faciliteiten zijn en blijven van bovengemiddeld niveau. We blijven doorlopend onze inzamelsystemen en routes verbeteren om de (financiële) voordelen van het ingezette beleid te realiseren. We gaan steeds meer dynamisch inzamelen en zorgen voor betere stuurinformatie. De meest impactvolle efficiency-maatregel hierin is het inzamelen op basis van vulgraad. Deze maatregel is gekoppeld aan de vervanging van ons primaire systeem AfvalRis. De werkelijke invoering

21

van rijden op vulgraad kan daardoor pas na de overstap van het primaire systeem plaatsvinden en plannen we daarom voor 2029. Door de afnemende hoeveelheid restafval is er overcapaciteit bij verzamelcontainers restafval. Waar mogelijk zetten we deze in voor de inzameling van grondstoffen, zoals textiel en indien haalbaar luiers. Het plaatsen van nieuwe inzamelfaciliteiten beperken we zoveel mogelijk. Het wagenpark beleid is momenteel gericht op instandhouding. Dienstverlening: Milieustraten Steeds meer materialen kunnen worden hergebruikt of gerecycled. Waar mogelijk bieden we inwoners de gelegenheid steeds meer grondstofstromen en materialen apart in te leveren, in plaats van als grofvuil. Zo zorgen we ervoor dat deze materialen opnieuw gebruikt kunnen worden. De milieustraten in Vijfheerenlanden zijn aan vervanging of modernisering toe. Dit kan niet op de huidige locaties. Ondanks jaren van verkenning, (in samenwerking met gemeente Vijfheerenlanden), is er tot op heden geen zicht op geschikte locaties. Daarom is vervanging voorlopig als PM-post opgenomen in de meerjarenbegroting vanaf 2030. We rekenen op een succesvolle pilot met de mobiele milieustraat in 2026 en zijn voornemens deze inzet in 2027 voort te zetten. Een mobiele milieustraat draagt bij aan extra service en meer gescheiden inzameling van klein grof huishoudelijk afval.

De kosten hiervoor zijn niet in de begroting 2027 opgenomen. Service en gedragsverandering We zetten sterk in op goed scheiden én het voorkomen van afval. De focus voor goed scheiden ligt vooral op pmd, gevolgd door gft, textiel, oud papier en glas. Voor preventie ligt de nadruk bij fijn huishoudelijk afval op luiers en gft. Bij grof afval op herbruikbaar huisraad en bouwmaterialen. Service De service voor onze inwoners blijft hoog. We geven daarbij voorrang aan service die helpt bij goed scheiden en het voorkomen van afval. We verbeteren onze werkwijze doorlopend, zorgen voor gerichte scholing van medewerkers en volgen signalen uit klachten actief op. Integrale aanpak schone grondstoffen Om het ingezette beleid goed tot zijn recht te laten komen zijn de afgelopen jaren veel medewerkers ingezet. Communicatieadviseurs,

het

klantcontactcentrum,

milieucoaches,

een

educatief

medewerker,

grondstoffencontroleurs en toezichthouders zorgen voor duidelijke informatie, praktische ondersteuning en zichtbaarheid in de wijken. Zo begrijpen en accepteren steeds meer inwoners het beleid beter, en werken zij actief mee aan beter scheiden en minder restafval. 22

We blijven goed zichtbaar in de wijken en werken samen met lokale ambassadeurs. We blijven investeren in goede en duidelijke informatie voor inwoners. Daarbij zoeken we naar een goede balans tussen servicegerichte communicatie en communicatie met een stimulans tot gedragsverandering. Normeren en differentiëren zijn daarbij de kernwoorden. De focus ligt op het bereiken en ondersteunen van de grote groep inwoners die bereid is om afval goed te scheiden, met een positieve en activerende benadering. We geven inwoners feedback op hun scheidingsgedrag en investeren in middelen om die feedback te kunnen geven. Een pilot met het chippen van pmd containers is gepland voor 2028. Het uitbreiden van de pilot naar ons gehele werkgebied is, bij een positieve pilot, gepland voor 2029. Met behulp van de chip kunnen we grondstoffencontroles beter uitvoeren. Ook draagt het chippen bij aan efficiënter plannen van de routes. We ondersteunen onze inwoners ook binnenshuis met de juiste middelen, zoals toegang tot de PlasKlas voor tijdige zindelijkheid en producten die helpen bij bewustwording van voedselverspilling en het scheiden van bioafval. De kosten hiervoor zijn niet in de begroting 2027 opgenomen. Circulair netwerk We blijven actief samenwerken met partners in het circulaire netwerk, zoals kringloopwinkels, repaircafés en scholen.

Dit doen we op onze milieustraten of op de locaties van onze partners. We participeren in kansen voor (kleinschalige) circulaire werkplaatsen en demontagehallen. Een geschikte locatie en businesscase voor een grootschalige voorziening zijn momenteel nog niet in beeld. De kosten die samenhangen met bovenstaande maken geen deel uit van de begroting 2027. Ontwijkroutes & schone gemeenten Bijplaatsingen vormen een belangrijke “ontwijkroute” en tasten de uitstraling en veiligheid van de openbare ruimte aan. De aanpak hiervan heeft daarom prioriteit. Uitgangspunt blijft dat de basis rondom ondergrondse containers op orde is. Om een uniforme en verzorgde uitstraling van de containerpleinen te realiseren gaan we in 2027 alle ondergrondse containerparken eenduidig bestickeren. In samenwerking met gemeenten wordt aanvullend ingezet op maatwerk voor geïdentificeerde hotspots, gericht op het terugdringen van bijplaatsingen en het verbeteren van de leefomgeving. De kosten van deze maatwerkaanpak verschillen per gemeente en maken geen onderdeel uit van de begroting van Waardlanden. Als gemeenten hier gebruik van willen maken, worden hierover aanvullende afspraken vastgelegd in een aparte dienstverleningsovereenkomst (DVO). Waardlanden handhaaft op bijgeplaatst afval.

We zijn voornemens om de taken van team handhaving, binnen de huidige middelen, uit te breiden met handhaving op bijplaatsingen door bedrijven.

23

Momenteel evalueren we de bezwaarprocedure van de beschikkingen. In de huidige situatie verzorgen de gemeenten het ambtelijk horen. In deze begroting is nog geen rekening gehouden met een eventuele verschuiving van deze werkzaamheden naar Waardlanden. De invulling van de zwerfafvalaanpak wordt voor 2027 herijkt. Waardlanden heeft de ambitie zich in te blijven zetten voor het behoud van een schone en veilige openbare ruimte. Daarbij richten we ons vooral op gedragsverandering en het betrekken van inwoners. Verwerking Steeds meer grondstofstromen zijn geschikt voor hergebruik of recycling. We zetten in op duurzame verwerking van deze grondstoffen en spelen in op marktontwikkelingen waar dat kan. Bij de keuzes voor het verwerken van de afvalstromen en grondstoffen wordt steeds een afweging gemaakt tussen de meest duurzame verwerkingsmethode, acceptabele tarieven en gegarandeerde afzet. In 2027 werken we met een grondstofmonitor die ons actuele regio-brede data verschaft, met zoveel mogelijk onderscheid tussen Diftar- en niet-Diftar-gemeenten. Een grondstoffenmonitor per gemeente is pas mogelijk na benodigde IT-ontwikkelingen. Het ontbreken van een grondstoffenmonitor op gemeente en/of wijkniveau heeft invloed op de effectiviteit van de medewerkers die zich inzetten voor gedragsverandering. In 2027 zullen de kosten voor het verwerken van restafval verder stijgen.

Naast de gebruikelijke indexering, wordt dit vooral veroorzaakt door een stijging in de verbrandingsbelasting en een stijging in de CO₂-heffing. De hoogte van deze stijgingen is nog niet definitief bepaald (door de overheid), maar zal naar verwachting rond de €17,50 per ton restafval bedragen in 2027 en oplopen richting €80 per ton in 2030. Het beperken van de hoeveelheid restafval en het verbeteren van de kwaliteit van de grondstoffen zal in de toekomst dus steeds belangrijker worden. In de komende jaren wordt ook nog geen herstel verwacht in markt voor de grondstoffen. Dit betekent dat de prijzen onder druk blijven staan en dat gaan wij merken in lagere opbrengsten en mogelijk zelfs kosten voor het verwerken van waardevolle grondstoffen. Waar in de vorige begroting al rekening gehouden werd met lagere opbrengsten voor pmd en textiel, verwachten we dat nu ook voor papier. Samenwerking gemeenten Voor het aanpakken van een aantal aandachtspunten (onder andere nummers 1, 4, 5, 6 en 7) is een goede samenwerking met de gemeenten essentieel. Bij sommige maatregelen zijn de gemeenten zelfs de primaire actienemer, waarbij Waardlanden een ondersteunende of adviserende rol vervult. Dit geldt bijvoorbeeld voor interventies bij bedrijven, in wijken met complexe meervoudige problematiek en voor aanvullend beleid voor kwetsbare doelgroepen, zoals minima. 24

Schone en afvalvrije gemeenten en een circulaire economie komen alleen tot stand als iedereen meedoet. We willen nog intensiever inzetten op wat inwoners zelf kunnen doen. De handen nog meer ineenslaan en lokaal maatwerk leveren in nauwe samenwerking met lokale gemeenschappen. Tegelijk biedt de circulaire economie kansen voor het oplossen van sociale vraagstukken. Waardlanden en de gemeenten verkennen een integrale, multidisciplinaire samenwerking. Wat mag het kosten? Niet alle middelen voor de genoemde interventies zijn volledig opgenomen in de begroting 2027. Indien nodig worden deze separaat ter goedkeuring aan de bestuurders voorgelegd. De hieronder genoemde activiteiten voor de daaropvolgende jaren zijn nog niet opgenomen in de meerjarenbegroting en worden verwerkt bij het opstellen van de begroting voor het betreffende jaar. -

Project Rijden op vulgraad: € 170.000 (2028);

-

Chippen/stickeren pmd containers: € 100.000 (pilot 2028) en € 700.000 (uitbreiding regio 2029);

-

Milieustraten Vijfheerenlanden (PM 2030), deze is reeds als PM-post in de investeringstabel zoals opgenomen in paragraaf 4.5 Investeringsprogramma opgenomen.

In 2026 besluit gemeente Vijfheerenlanden of zij in 2027 aansluit bij het recycletarief. Dit kan invloed hebben op de personele inzet (onder andere communicatie, KCC en ICT) en daarmee op zowel onze ambities als de begroting.

Prijsprikkel Om inwoners optimaal te stimuleren hun restafval en grondstoffen goed te scheiden, stellen we, drie jaar na de invoering van het recycletarief, een verhoging van de tarieven voor het variabele deel van de afvalstoffenheffing voor. Door het doorvoeren van deze prijsprikkel op het variabel deel van de afvalstoffenheffing is het mogelijk de stijging van het vaste deel van de afvalstoffenheffing voor inwoners iets te matigen. Dit sluit aan bij het principe “de vervuiler betaalt”. Tarieven variabel deel -

Grondgebonden woningen: € 1,65 per opening van de verzamelcontainer voor restafval Hoogbouw: € 0,85 per opening van de verzamelcontainer voor restafval Woningen in het buitengebied: € 6,60 per lediging van de container voor restafval

Voor de uniformiteit en eenduidigheid richting inwoners is het wenselijk dat alle gemeenten dezelfde tarieven hanteren. Uit de evaluatie van de strategienota blijkt dat inwoners van de hoogbouw de verzamelcontainer voor restafval minder dan twee keer vaker gebruiken dan inwoners van een grondgebonden woning. We adviseren de gemeente Gorinchem daarom om ook voor de hoogbouw aan te sluiten bij de voorgestelde tarieven. Hoe meten we dat?van de nieuwe visie en uitvoeringsplan stellen we voor om de tarieven voor de milieustraat In afwachting 25

en tarieven voor overige diensten van Waardlanden voor inwoners gelijk te houden.

Het is de komende jaren van belang de data die tot onze beschikking staat nauwkeurig te monitoren. Zo kunnen we tijdig bij sturen en streven naar een goede balans tussen kosten en baten. Om onze prestaties te meten kijken we naar de volgende beleidsindicatoren: •

Restafval per inwoner (kilo);

•

Totaal afval per inwoner (kilo);

•

Scheidings- en recyclepercentage;

•

Rapportcijfer van inwoners (via inwonersonderzoek);

•

Beeldkwaliteit zwerfafval en bijplaatsingen (jaarlijks).

We nemen deel aan de landelijke benchmark. In deze benchmark kunnen we onze balans op de afvalstoffendriehoek (service, kosten en milieu), vergelijken met die van andere gemeenten/ afvalinzamelaars. We leren ook van andere gemeenten en inzamelaars. Goede voorbeelden passen we, daar waar mogelijk, toe binnen Waardlanden.

2.2

Product Overige diensten (DVO’s)

Inleiding Onder het product Dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s) vallen aanvullende diensten die gemeenten, naast het reguliere product Afval- en grondstoffenbeheer, bij Waardlanden kunnen afnemen. Voor een deel van de dienstverlening die Waardlanden uitvoert, was tot voor kort geen actuele DVO beschikbaar. In 2025 zijn de DVO’s opgesteld en/of herzien, zodat de afspraken aansluiten op de actuele situatie. Niet alle DVO’s zijn echter al definitief of ondertekend. In 2026 wordt hier vervolg aan gegeven en vinden gesprekken plaats met alle betrokken gemeenten om voor lopende en toekomstige werkzaamheden duidelijke afspraken vast te leggen. Met alle deelnemende gemeenten zijn dienstverleningsovereenkomsten afgesloten voor straatreiniging en de afvoer van veegvuil en veegslib. Met de gemeente Hardinxveld-Giessendam is daarnaast een DVO gesloten voor onkruidbestrijding. De gemeente Gorinchem en Waardlanden hebben de intentie uitgesproken om de onkruidbestrijding vanaf 2027 via Waardlanden te organiseren. Hierover vinden momenteel gesprekken plaats. In 2026 worden nadere afspraken gemaakt over de verdere invulling. Met de gemeenten Vijfheerenlanden, Molenlanden en Hardinxveld-Giessendam zijn DVO’s afgesloten voor de verwerking van CTA (tuinafval) en puin.

Voor de inzet van de Polderbus (het legen van prullenbakken en nazorg) zijn DVO’s overeengekomen met Molenlanden en Vijfheerenlanden.

26

Tot slot heeft Waardlanden met de gemeente Gorinchem DVO’s afgesloten voor de volgende werkzaamheden: •

het legen van prullenbakken;

•

het verwijderen van bijplaatsingen;

•

gladheidsbestrijding;

•

de aanpak van graffiti;

•

en het onderhoud van materieel.

Het onderbrengen van alle taken bij één organisatie is voor gemeenten voordelig, doordat dit schaalvoordelen oplevert en bijdraagt aan kostenbesparing. Het beleggen van aanvullende taken bij Waardlanden versterkt bovendien de uitvoeringskracht en ondersteunt een efficiënte beheersing van de kosten. Daarbij behouden gemeenten te allen tijde de regie en blijven zij bestuurlijk verantwoordelijk voor de uitvoering van deze taken. Wat willen we bereiken? We werken samen met de gemeenten aan een efficiënte uitvoering van de afspraken uit de DVO’s. Waardlanden wil een betrouwbare partner zijn die gemeenten ontzorgt in de uitvoering van deze taken en bijdraagt aan een schone en veilige leefomgeving. Wat gaan we daarvoor doen? We voeren de gemaakte afspraken met de gemeenten zorgvuldig uit. We volgen de voortgang, rapporteren regelmatig en gaan hierover in gesprek met de gemeenten. We zorgen voor open communicatie en bewaken dat alle werkzaamheden voldoen aan de afgesproken standaarden. Wat mag het kosten? In de dienstverleningsovereenkomsten zijn per gemeente afspraken vastgelegd over de inzet en de bijbehorende kosten. Waardlanden opereert daarbij niet als commerciële marktpartij, maar voert de werkzaamheden uit zonder winstoogmerk en zonder het lopen van financiële risico’s op de uitvoering van de DVO’s.

Dit betekent dat wordt gewerkt met geldende tarieven en dat uitsluitend de daadwerkelijk geleverde inzet in rekening wordt gebracht. Door in nauwe afstemming met de gemeenten te sturen op inzet en budget, worden verrassingen voorkomen en blijven de kosten beheersbaar en binnen de beschikbare middelen. Zoals eerder aangegeven, worden in 2026 alle DVO’s geactualiseerd. In paragraaf “1.2.3 Bevoorschotting (bijdragen) 2027 voor gemeenten” staat een overzicht van de kosten van de DVO’s. Dit bevat de voorschotbijdragen en een uitsplitsing per gemeente voor 2027.

27

Hoe meten we dat? Beleidsindicator De ureninzet wordt bepaald op basis van het beschikbare budget. We volgen de voortgang nauwkeurig en bespreken deze regelmatig met de gemeenten. We sturen niet alleen op het aantal uren, maar maken ook afspraken over inhoud en kwaliteit. Zo houden we grip op zowel de kwantitatieve als kwalitatieve resultaten.

2.3

Product Bedrijfsafval

Inleiding De inzameling van bedrijfsafval is sinds april 2022 verdergegaan in een samenwerking met Netwerk N.V. Waardlanden voert de inzamelactiviteiten namens Waardlanden Reinigingsbedrijf B.V. uit en krijgt daarvoor een vergoeding. Het verwachte dividend wordt als structurele baat opgenomen. De inzet van Waardlanden is opgenomen in de lasten. De baten en lasten zijn volgens de afspraken met Netwerk N.V. in de begroting verwerkt. De doorbelasting van de overheadkosten door Waardlanden neemt toe naar mate de omzetverwachting van Waardlanden Reinigingsbedrijf B.V. toeneemt. Wat willen we bereiken? Als organisatie willen we in 2027 en de jaren daarna de positie van Waardlanden Reinigingsbedrijf B.V. verder versterken en groeien in lijn met onze missie. Sinds de oprichting in 2016 richten we ons op het overnemen en uitvoeren van de commerciële activiteiten van de Gemeenschappelijke Regeling Waardlanden. We doen dit op een manier die past binnen de belastingregels voor overheidsbedrijven die winst maken (vennootschapsbelasting). We streven ernaar ons aanbod voor klanten te verbreden, de efficiëntie te vergroten door samenwerking en de totale CO₂-uitstoot te verminderen. Wat gaan we daarvoor doen? Om het merk Waardlanden verder te versterken en onze doelen te bereiken, hebben we een aantal belangrijke stappen gezet.

Sinds 1 april 2022 is er een samenwerkingsovereenkomst tussen Waardlanden Reinigingsbedrijf B.V. en Netwerk N.V. Alle ondersteunende commerciële werkzaamheden en het beheer zijn uitbesteed aan Netwerk N.V. In 2027 wordt binnen deze samenwerking verder gewerkt aan route-optimalisatie voor de inzameling van afval en grondstoffen. Daardoor kunnen we efficiënter werken, onnodige verkeersbewegingen beperken en de CO₂-uitstoot verminderen. De besloten vennootschap (B.V.) beschikt over de bedrijfsafvalcontainers. Het benodigde personeel en materieel wordt ingehuurd van zowel Waardlanden als van Netwerk N.V.

28

Wat mag het kosten? In 2027 zetten we vijf dagen per week drie voertuigen in voor de inzameling van bedrijfsafval. Elk voertuig wordt bemand door twee medewerkers. Met ingang van 2026 wordt de sponsoring van maatschappelijke initiatieven en evenementen niet langer uitgevoerd door de Gemeenschappelijke Regeling Waardlanden, maar belegd bij de afzonderlijke deelnemende gemeenten. Ter compensatie stelt Waardlanden een bedrag van € 90.000 beschikbaar aan de gemeenten, dat naar rato van het aantal inwoners verdeeld wordt. De dienstverlening ten behoeve van maatschappelijke initiatieven en evenementen kan onverminderd door de gemeenten en/of betreffende organisaties worden ingekocht bij Waardlanden B.V. dan wel bij een andere marktpartij. Er is op dit moment nog geen gedetailleerde onderverdeling beschikbaar van de kosten per product. Voor het overzicht van de totale kosten en opbrengsten wordt verwezen naar hoofdstuk 4. Hoe meten we dat? Beleidsindicator Een beleidsindicator is een meetpunt waarmee we kunnen volgen of het beleid werkt zoals bedoeld. Op dit moment hebben we nog geen cijfers, waarmee inzicht in het effect van het gevoerde beleid gegeven kan worden. In 2026 willen we starten met het ontsluiten van relevante data en opstellen van beleidsindicatoren voor de B.V. In 2027 kunnen die dan toegepast worden.

2.4

Product Algemene baten en lasten

Inleiding In het vernieuwde Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is bepaald dat kosten zoveel mogelijk worden gekoppeld aan de juiste taken of producten. Dat betekent dat alle uitgaven die direct te maken hebben met een activiteit, ook binnen die activiteit worden begroot en verantwoord. Het product Algemene baten en lasten omvat alle baten en lasten die niet direct aan een specifiek product of taakveld binnen Waardlanden zijn toe te rekenen. Hieronder vallen onder andere overheadkosten, rente en vennootschapsbelasting. Deze zijn opgenomen in de taakvelden 0.4 Overhead, 0.5 Treasury en 0.9 Vennootschapsbelasting. Ook de belastingen uit taakveld 0.62 OZB – niet woningen en taakveld 7.2 Riolering vallen onder dit product. Deze kosten worden verdeeld over drie onderdelen: Afval- en grondstoffenbeheer, Overige diensten (dienstverleningsovereenkomsten) en Bedrijfsafval. Overhead betekent alles wat nodig is om medewerkers hun werk goed te laten doen, zoals leidinggeven en ondersteuning. In de paragraaf Bedrijfsvoering leggen we uit hoe we dat organiseren, zodat de plannen in de begroting goed uitgevoerd kunnen worden. Dit hoofdstuk geeft een kort overzicht van de belangrijkste doelen en uitgangspunten.

29

Wat willen we bereiken? Als organisatie zijn wij ons bewust van onze kwetsbaarheid, maar streven wij er tegelijkertijd naar om flexibel en slagvaardig te blijven inspelen op de veranderende behoeften van inwoners en gemeenten. Om weerstand te bieden aan de toenemende onzekerheden op de grondstoffenmarkten en de tarieven voor afvalinzameling en -verwerking zo stabiel mogelijk te houden, is het van belang om voldoende financiële middelen te hebben. Hoewel de deelnemende gemeenten garant staan voor Waardlanden, is het uitgangspunt dat de continuïteit van de bedrijfsvoering zoveel mogelijk zelfstandig wordt geborgd. Wat gaan we daarvoor doen? Net als voorgaande jaren richten we ons binnen de bedrijfsvoering op het versterken en verder professionaliseren van onze organisatie en het beheersen van bedrijfsvoeringsrisico’s. In 2027 ligt de nadruk op het realiseren van een wendbare, toekomstbestendige organisatie die efficiënt, betrouwbaar en flexibel kan inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen, met de behoeften van inwoners en gemeenten als uitgangspunt. De toenemende en complexere wet- en regelgeving, onder andere op het gebied van inkoop, informatiebeveiliging (NIS2), privacy, duurzaamheid (CSRD; Corporate Sustainability Reporting Directive) en transparantie (Woo; Wet Open Overheid), vraagt om een verdere versterking van onze organisatie, processen en governance.

Om hieraan te voldoen en de continuïteit van onze dienstverlening te waarborgen, blijven wij gericht investeren in compliance, risicobeheersing en professionalisering. In 2027 zetten wij belangrijke stappen in de digitalisering van onze organisatie. De implementatie van een nieuw primair systeem en de verdere herinrichting van het applicatielandschap vormen hierbij een belangrijke basis. Dit stelt ons in staat om processen verder te standaardiseren, de datakwaliteit te verbeteren en door te groeien naar meer data gedreven werken. Daarnaast investeren wij in onze medewerkers als belangrijkste kapitaal van de organisatie. In een krappe arbeidsmarkt ligt de focus op het aantrekken, ontwikkelen en behouden van vakbekwaam personeel, met aandacht voor duurzame inzetbaarheid, vitaliteit, leiderschap en werkplezier. Tegelijkertijd versterken wij onze organisatie met specialistische functies om te kunnen voldoen aan de toenemende eisen vanuit weten regelgeving en gemeenten. Ook op het gebied van duurzaamheid zetten wij stappen, met een realistische en gefaseerde aanpak. Wij werken

aan

energiebesparing,

circulaire

bedrijfsvoering

en

het

voldoen

aan

toenemende

verantwoordingsverplichtingen, waarbij externe factoren zoals netcongestie van invloed zijn op het tempo. Door deze integrale aanpak werken wij in 2027 verder aan een professionele, transparante en toekomstbestendige organisatie, die in control is en klaar is voor verdere ontwikkeling in de jaren daarna.

30

Wat mag het kosten? Op dit moment is er geen gedetailleerde onderverdeling van de kosten per product. De kosten en opbrengsten per kostensoort worden op totaalniveau genoemd in hoofdstuk 4. Overhead Bij de start van de GR Waardlanden is een norm voor het overheadpercentage vastgesteld. Naar aanleiding van wijzigingen in de regelgeving is dit percentage later bijgesteld naar 18,5%. Met ingang van 2024 is de notitie overhead van de Commissie BBV binnen GR Waardlanden geïmplementeerd in de financiële administratie. Hierdoor zijn de overheadkosten beter inzichtelijk geworden. Als gevolg daarvan is het overheadpercentage voor het begrotingsjaar 2027 gedaald naar 13,8% ten opzichte van 14,0% in begrotingsjaar 2026. Overhead (bedragen x 1.000 euro)

Begroting 2027

Totale begrotingsomvang

33.317

Totaal kosten overhead

4.606

% aandeel overhead

13,8%

Tabel 6: Overhead

Vennootschapsbelasting De vennootschapsbelasting wordt berekend volgens afspraken die vastliggen in een overeenkomst met de Belastingdienst. Voor Waardlanden betreft dit een gering bedrag. Omdat dit lager is dan € 2.000, is hiervoor geen afzonderlijke reservering in de begroting opgenomen. Onvoorzien Vanaf 2027 wordt geen aparte post voor onvoorziene uitgaven meer opgenomen. Eventuele tegenvallers worden opgevangen via de algemene reserve, conform de geactualiseerde risico-paragraaf.

31

PARAGRAFEN

32

3 PARAGRAFEN 3.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Het weerstandsvermogen laat zien hoe financieel sterk Waardlanden is. Dit is belangrijk als er onverwachte kosten zijn. Een goed weerstandsvermogen zorgt ervoor dat financiële tegenvallers niet meteen leiden tot hogere kosten voor de deelnemende gemeenten. Om te bepalen hoe financieel sterk Waardlanden is, moet duidelijk zijn hoe groot de risico’s zijn en welke middelen beschikbaar zijn om onverwachte kosten op te vangen. Deze middelen, zoals de algemene reserve, kunnen helpen om tegenvallers te betalen. Het weerstandsvermogen gaat alleen over risico’s waarvoor nog geen oplossing is. Risico’s die regelmatig voorkomen en goed te voorspellen zijn, vallen hier niet onder. Voor die risico’s kan Waardlanden een verzekering afsluiten of geld reserveren. Bij projecten worden risico’s meegenomen in de kostenberekening. Dit bedrag bepaalt hoeveel geld nodig is om een project uit te voeren. Hoe dichter een project bij de afronding komt, hoe beter de risico’s in beeld zijn en hoe kleiner de kans wordt dat er onverwachte kosten ontstaan. Voor een financieel gezonde organisatie is het belangrijk om bij keuzes ook te kijken naar de financieringsstructuur. Dit betekent dat we letten op de verhouding tussen eigen en geleend geld, of er genoeg ruimte is om onverwachte kosten op te vangen en hoe we noodzakelijke investeringen kunnen betalen.

Bij publieke organisaties, zoals gemeenschappelijke regelingen, wordt eigen geld vaak alleen gezien als een reserve om onverwachte kosten op te vangen. Maar dat is niet altijd genoeg. Soms is het juist nodig om een deel van dat eigen geld te gebruiken voor investeringen, zodat de organisatie kan blijven werken zonder extra geld te lenen. Om de financiën van de gemeenschappelijke regeling goed te beheren, is het belangrijk om te kijken naar de verhouding tussen eigen en geleend geld, zowel nu als in de toekomst. Daarbij gebruiken we vaak het solvabiliteitspercentage. Dit laat zien hoeveel van het totale vermogen uit eigen geld bestaat. Voor een gemeenschappelijke regeling die zelf financiële risico’s draagt, is een percentage tussen de 20% en 30% het beste. Dit zorgt ervoor dat er genoeg geld is om financiële tegenvallers op te vangen zonder meteen geld te moeten lenen.

33

Weerstandscapaciteit Bij Waardlanden kunnen bij de bepaling van de weerstandscapaciteit de volgende posten gebruikt worden: • De algemene reserve; •

De eventuele ruimte in de bedrijfsvoering.

Uitwerking weerstandsniveau vanuit de risico-inventarisatie Het gewenste weerstandsniveau wordt bepaald op basis van een risico-inventarisatie door het management van Waardlanden. Om de risico’s en hun financiële gevolgen actueel te houden, moet deze inventarisatie minimaal eens per vier jaar worden uitgevoerd of herzien. De meest recente inventarisatie vond plaats in februari 2026. De risico-inventarisatie is uitgebreid en kijkt naar risico’s op het gebied van personeel, exploitatie en het wagenpark. Op basis van deze inventarisatie wordt bepaald of een risico verzekerd kan worden, of er al een verzekering is en of de dekking nog toereikend is, of een risico niet verzekerd kan of hoeft te worden en daarom wordt meegenomen in de berekening van het weerstandsvermogen. Sommige risico’s hebben geen financiële gevolgen, zoals risico’s bij budget neutrale activiteiten. De mogelijke financiële mee- en tegenvallers zijn in kaart gebracht in de bijgevoegde risico-inventarisatie en -analyse. De gewogen berekening van de geïdentificeerde risico’s bedraagt € 2.510.998. Hierbij is reeds rekening gehouden met de geringe waarschijnlijkheid dat alle risico’s zich gelijktijdig voordoen. Voorgesteld wordt dit bedrag vast te stellen als het minimale gewenste weerstandsvermogen voor exploitatierisico’s.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/1199/documents/35909