4c OZHZ Jaarstukken 2023 incl. controleverklaring accountant.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2023
Voorwoord Ook in 2023 gaven we invulling aan de grote opgave om de regio duurzaam, veilig én gezond te houden. Zo werden de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving kritisch tegen het licht gehouden, hielden we toezicht op de uitstoot van Zeer Zorgwekkende Stoffen en bereidden we ons goed voor op de Omgevingswet. Dat deden we samen, met collega’s, partners en betrokkenen. Zowel op lokaal, regionaal als provinciaal niveau.
In deze jaarrekening ligt de focus op het financieel resultaat van 2023. De jaarrekening sluit met een nadelig saldo als gevolg van de hoge inflatie. Dit tekort was al voorzien bij het opstellen van de begroting. Het tekort wordt, zoals afgesproken, gedekt uit het weerstandsvermogen.
De kwaliteit van ons werk en het voortdurend verbeteren hiervan is binnen OZHZ prioriteit nummer één. In 2023 hebben wij ons ingezet om aan de wettelijke verplichting te voldoen om regiobreed dezelfde uitvoerings- en handhavingsstrategie te hanteren. De VTH-taken die wij uitvoeren voldoen nu hieraan. Een mooi resultaat dat bijdraagt aan de doorontwikkeling van de kwaliteit van de VTH-taak uitvoering. Met het programma ‘Toekomstgerichte gebiedsontwikkeling’ stimuleren wij duurzaam bouwen én ondernemen. Het afgelopen jaar ontwikkelden we een puntensysteem voor natuurinclusief bouwen. En maakten we een signaleringskaart om mogelijke ruimten te vergroenen. Dit deden wij in samenwerking met een aantal gemeenten. Ook ontwikkelden we voorbereidingsregels voor het bodembeleid.
Onze inspecteurs bezochten het afgelopen jaar weer veel bedrijven in de regio. Transportbedrijven, bouwmarkten en tuincentra. Maar ook drukkerijen, garagebedrijven en verschillende horecaondernemers. Bij de bedrijven in de grafische industrie controleerden we op het gebruik van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS). Tijdens de controle keken we – samen met het Waterschap - naar de uitstoot van ZZS naar de lucht en eventuele lozingen in de bodem en het water. In 2024 geven we hier een vervolg aan.
Wij nemen deel aan het Landelijke programma Altijd Actuele Digitale Vergunning (DigiV). Een programma waarin je op elk moment van de dag een vergunning van een bedrijf kan inzien. Om het programma te vullen is data nodig. Hierin werken wij samen met de andere omgevingsdiensten. Niet onbelangrijk is het project de Betere Wereldbaan. Een initiatief om gezamenlijk met de vijf Zuid-Hollandse omgevingsdiensten te werven op de arbeidsmarkt. OZHZ heeft hierin een voortrekkersrol. In 2024 zetten we hier weer vol op in.
1
Maar ook intern hebben wij veel bereikt. Zo is er een nieuwe unit Data & ICT (DIT) opgericht. En hebben onze medewerkers de laatste maanden van 2023 de puntjes op de i gezet om goed voorbereid te zijn op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Veel dank en complimenten aan iedereen die een bijdrage heeft geleverd aan de grote opgaven waar we met z’n allen voor staan om de regio duurzaam, veilig én gezond te houden.
Meindert Stolk voorzitter OZHZ
2
Inhoud Voorwoord Inhoudsopgave Inleiding I Jaarverslag
5
1.
5
Programmaverantwoording
1.1 Thema's
5
1.2 Dit deden wij voor Zuid-Holland Zuid
6
1.3 Bestuurlijke ontwikkelingen
8
1.4 Kritische prestatie indicatoren
14
1.5 Wat heeft het gekost?
22
2.
28
Paragrafen
2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
29
2.2 Onderhoud kapitaalgoederen
33
2.3 Financiering
34
2.4 Bedrijfsvoering
38
II Jaarrekening 2023
46
1.
Balans per 31 december 2023
47
2.
Programmarekening 2023
63
3.
Rechtmatigheidsverantwoording
65
4.
Wet normering topinkomens (WNT)
66
5.
Begrotingsrechtmatigheid
68
Bijlage 1 Verbonden partijen
69
Bijlage 2 Overzicht taakvelden
70
Bijlage 3 Verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen
71
3
Inleiding
Voor u liggen de jaarstukken 2023 van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid. Hiermee doen wij verslag over de uitvoering van de begroting 2023. Het jaarverslag is de verantwoording over de behaalde beheersmatige en financiële resultaten. Inhoudelijk wordt separaat, per opdrachtgever, gerapporteerd over de uitvoering van de jaarprogramma’s 2023. In de begroting 2023 hebben wij speerpunten en prestatie-indicatoren geformuleerd. In het jaarverslag sluiten wij hierop aan en gaan we in op de resultaten. De jaarstukken bestaan uit het jaarverslag (deel I) en de jaarrekening (deel II). Het jaarverslag bevat de programmaverantwoording (wat willen we, wat hebben we daarvoor gedaan en wat heeft het gekost?) en de verplichte paragrafen. De jaarrekening bevat de balans, programmarekening en specifieke verantwoordingen.
4
I. Jaarverslag 1. Programmaverantwoording 1.1
Thema's
Veiligheid OZHZ draagt bij aan een veilige regio. Door het verlenen van vergunningen zorgen wij ervoor dat bedrijfsactiviteiten zo min mogelijk gevolgen hebben voor de veiligheid van bewoners in de omgeving. Dit doen wij door in een vergunning vast te leggen hoeveel en welke stoffen een bedrijf mag verwerken, uitstoten of afvoeren. Samen met bijvoorbeeld de veiligheidsregio worden risicoanalyses gemaakt om onveilige situaties zoveel als mogelijk te voorkomen. Vervolgens controleren onze inspecteurs of de bedrijven zich aan de vergunningsvoorschriften houden.
Duurzaamheid OZHZ draagt bij aan een duurzame regio. Dit doen wij door advies te geven over een bewuster (her)gebruik van energie en grondstoffen om schade aan het milieu te voorkomen. De omgevingsdienst adviseert over energiebesparing aan bedrijfstakken zoals bijvoorbeeld zorginstellingen, scholen en bedrijven in de agrarische sector. OZHZ denkt met gemeenten mee over een duurzame inrichting van de ondergrond en omgeving. We streven hierbij naar een goede balans tussen omgevingskwaliteit en ruimte voor economische ontwikkelingen.
Gezondheid OZHZ draagt bij aan een gezonde omgeving. Door het verlenen van vergunningen zorgen wij ervoor dat bedrijfsactiviteiten zo min mogelijk schadelijke effecten hebben op de gezondheid van omwonenden of het milieu. Dit gebeurt door vast te leggen hoeveel en welke stoffen een bedrijf mag verwerken, uitstoten of afvoeren. Vervolgens controleren onze inspecteurs of de bedrijven zich aan de vergunningsvoorschriften houden. Bij het reinigen van vervuilde bodem adviseren onze deskundigen over hoe dat zo goed mogelijk en zonder risico’s voor de gezondheid kan. Daarnaast toetsen wij ook de saneringsplannen van gemeenten en bedrijven.
Leefbaarheid OZHZ draagt bij aan een leefbare regio door in de woonomgeving overlast die bewoners een gevoel van onbehagen geeft, te signaleren en aan te pakken. OZHZ houdt toezicht op bedrijven en behandelt klachten van inwoners over milieuoverlast. Daarnaast ondersteunen wij een aantal gemeenten met toezicht en handhaving bij bijvoorbeeld evenementen. De bescherming van natuurgebieden (de groene handhaving) is een speciale taak die OZHZ uitvoert voor de hele provincie. Ook op het gebied van geluid heeft OZHZ een rol. Geluidoverlast is een breed begrip. Wat voor de ene inwoner gezellige muziek is, kan voor een andere persoon irritante herrie zijn.
5
6
Wat deed OZHZ? Voor de inwoners en ondernemers Bekijk de online jaarverslagomgeving van OZHZ. Daar leest u het hele jaar door over de laatste vergunningsprocedures en toezichtsacties. We nemen u ook mee in onze verhalen over de meest actuele onderwerpen. Van onze controles bij bedrijven op Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) tot aan de inzet van drones om een gebied te inspecteren. Van de voorbereidingen op de Omgevingswet tot aan ondermijning. U leest interviews met experts en ziet wat onze adviezen in de praktijk betekenen.
Het is de online omgeving waar iedereen kan zien wat OZHZ betekent voor de leefomgeving. U, maar ook iedere inwoner, ondernemer, raadslid, ambtenaar of samenwerkingspartner. Binnen de omgeving klikt u verder als u meer wilt weten over wat we gedaan hebben in een bepaalde gemeente of vanuit een van onze programma's.
Scan de bijgaande QR-code met uw mobiele telefoon of kijk op www.ozhz.nl/jaarverslag-2023/
7
1.3
Bestuurlijke ontwikkelingen
In dit hoofdstuk doet OZHZ verslag van de belangrijkste ontwikkelingen in 2023. Dit zijn:
a)
De Omgevingswet
b)
Overdracht van bodemtaken van provincie naar gemeenten
c)
De uitvoering van VTH-taken rondom de Zeer Zorgwekkende Stoffen
d)
De uitvoering van de Energie-agenda
e)
De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
f)
De stikstofproblematiek
g)
De aanpak van ondermijning
h)
De kwaliteitsimpuls voor vergunningverlening, toezicht en handhaving
Ad a) De Omgevingswet De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Deze wet vraagt om een integrale benadering van omgevingsplannen en vergunningen, waarbij aspecten als geluid, lucht, bodem, circulariteit, energie en natuur worden betrokken. OZHZ levert deze disciplines en voert de integrale advisering uit. OZHZ werkt daarbij nauw samen met de Veiligheidsregio en de Dienst Gezondheid en Jeugd. Met het programma Omgevingswet bereidde OZHZ de implementatie voor. De laatste voorbereidingen in 2023 betroffen het aanpassen en testen van systemen en processen, het ontwikkelen van verdiepende kennis, en het maken van afspraken met de opdrachtgevers en verwerking daarvan met financiële vertaling in het jaarprogramma 2024. De (werk)afspraken met opdrachtgevers zijn gebundeld in een document met uitvoeringsafspraken tussen OZHZ en opdrachtgevers. Het is op 30 november 2023 aan het AB aangeboden. Ook hielp OZHZ bij milieugerelateerde vragen bij de voorbereidingen op de Omgevingswet. Er is bijvoorbeeld een handreiking Milieu & Bouwen in het Omgevingsplan opgesteld om ondersteuning te bieden bij milieuthema's in het omgevingsplan. Een aantal inhoudelijke onderwerpen vroeg om nadere uitwerking. Onder andere de rol van gemeenten in de natuurwetgeving, de verplichting om geluidbrondata aan te leveren, lichthinder en het monitoren van luchtkwaliteit in aandachtsgebieden.
De financiële effecten zijn relatief gering. Hierover ging OZHZ met de opdrachtgevers in gesprek bij het opstellen van het jaarprogramma. Begin 2024 berichtten we het AB over de eerste ervaringen met de uitvoering van de Omgevingswet vanaf 1 januari 2024. Ad b) De overgang van bodemtaken van provincie naar gemeenten Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is de Wet bodembescherming (Wbb) en aanverwante regelgeving komen te vervallen. Eén van de inhoudelijke wijzigingen is dat het bevoegd gezag voor bodemsaneringstaken grotendeels over is gegaan van de provincie naar de gemeenten. Naar aanleiding van het overgangsrecht zullen de lopende saneringen, nazorgtrajecten en grondwater echter onder het bevoegd gezag van de provincie blijven vallen. De tot 1 januari 2024 als zodanig aan te merken bevoegde gezagen onder de Wbb (dat waren de provincies en 29 grote gemeenten waaronder Dordrecht) worden tot 2030 gefinancierd ten behoeve van de apparaatskosten zoals deze tot 1 januari 2024 werden gefinancierd. De gemeenten die geen bevoegd gezag waren maar dat per 1 januari 2024 wel zijn geworden, zullen geen specifieke additionele middelen voor bodemtaken ontvangen. Financiering van alle met de komst van de Omgevingswet gepaard gaande kosten geschiedt via de algemene uitkering in het Gemeentefonds. Het Rijk gaat de kosten monitoren.
Vanwege deze overgang voerde OZHZ in 2023 pilots uit om ervaring op te doen bij het uitvoeren van deze taken volgens een risicogerichte benadering: het zogeheten Regionaal UitvoeringsNiveau (RUN) voor bodemtaken. Die
8
pilot zal nog doorlopen gedurende 2024. Op grond van het definitieve RUN-bodem stelt OZHZ in 2024 een definitieve raming op van de benodigde middelen. Deze krijgt een vertaling in de individuele jaarprogramma's van de gemeenten en in de begroting 2025. De huidige bodemkwaliteitskaart en het lokale bodembeleid (Bodembeheernota 2010) zijn meer dan 10 jaar oud. De Omgevingswet, grenswaarden voor PFAS, de advieswaarden voor lood, de Wet Basis Registratie Ondergrond en het RUN-Bodem geven aanleiding om het lokale beleid te vernieuwen. Dit krijgt uitwerking in een bodembeheernota voor elke deelnemer. De gemeente Dordrecht is bereid hierin samen met OZHZ het voortouw te nemen. Ad c) De uitvoering van VTH-taken rondom de Zeer Zorgwekkende Stoffen Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) zijn voor mens en milieu gevaarlijke stoffen. Negatieve effecten kunnen zich zowel op korte als op lange termijn voordoen. Voor ZZS is daarom terecht veel maatschappelijke aandacht. Denk bijvoorbeeld aan PFOA-lozingen van Chemours of - buiten ons beheersgebied - de (lucht)emissies van het bedrijf Tata Steel. Veel stoffen en bronnen maken ZZS tot een ingewikkeld vraagstuk. Dit neemt niet weg dat bedrijven moeten inventariseren welke ZZS zij gebruiken. Deze inventarisatie vraagt vervolgens om actie van het bedrijf om emissie naar het milieu te voorkomen. OZHZ investeert op het thema ZZS.
Zo houdt OZHZ de (milieu)vergunningen van grotere afvalverwerkers op het thema ZZS actueel. Ook beoordeelt OZHZ de door deze bedrijven uitgevoerde inventarisaties en voorgestelde maatregelen. Bij nieuwe vergunningaanvragen van ZZS-relevante bedrijven neemt OZHZ het thema ZZS meteen mee. Ook werkt OZHZ samen met de waterschappen. OZHZ heeft in 2023 vier branches benaderd. Namelijk de metaalbewerking, scheepswerven, drukkerijen en de chemische industrie. Over het algemeen is de respons op de uitvraag goed te noemen. Alle ontvangen veiligheidsinformatiebladen (VIB) zijn digitaal door de ZZS-tool gehaald en vervolgens handmatig verder gescreend. Uit deze analyse blijkt dat bij alle branches sprake is van ZZS. De hoeveelheid binnen en tussen branches verschilt. Uit de data kan veel informatie worden gehaald over ZZS in processen en producten. Op informerende wijze is terugkoppeling gegeven aan de bedrijven en zijn vergunningplichtige bedrijven dringend geadviseerd met een vermijdings- en reductieprogramma aan de slag te gaan. De verkregen informatie dient als basis om in 2024 verder te gaan met de pilot. Ad d) De uitvoering van de Energie-agenda De energiebesparingsplicht houdt in dat bedrijven en instellingen alle energiebesparende maatregelen moeten uitvoeren met een terugverdientijd van vijf jaar of minder.
Via de informatieplicht rapporteren zij over de genomen energiebesparende maatregelen. De gemeentelijke besparingsdoelen liggen vast in de Regionale Energiestrategieën (RES'en). De gemeenten en provincies zijn het bevoegde gezag, en daarmee ook belast met het toezicht en de handhaving van deze verplichtingen. Sinds 2021 voert OZHZ deze taken uit voor alle opdrachtgevers in een collectieve aanpak: de E-agenda. Doel van de E-agenda is om gemeenten te ondersteunen bij het realiseren van de (RES) doelstellingen. Deze aanpak is een slimme mix van toezicht op wettelijke verplichtingen en stimulering van bovenwettelijk maatregelen om zo efficiënt mogelijk energiedoelen te realiseren. Per 1 juli 2023 is het toezicht en de handhaving op de energiebesparings- en informatieplicht opgenomen in het verplichte basistakenpakket van de omgevingsdiensten. Het toezicht op energiebesparing is daarmee een structurele taak geworden. OZHZ is daarom in gesprek met de opdrachtgevers om de financiering van deze taak ook structureel te maken. Financiering op incidentele basis maakt OZHZ afhankelijk van externe inhuurkrachten. Dit maakt de inzet kwetsbaar en kostbaarder. Sinds begin 2023 is daar voor bijna alle opdrachtgevers ook de
9
uitvoering van de het toezicht en handhaving op energielabel C voor kantoorgebouwen bijgekomen, een verplichting op grond van de bouwregelgeving. Na een grondige inventarisatie is duidelijk welke kantoren nog niet voldoen. Deze kantoren hebben tijd gekregen om een geldig label aan te leveren of een verbeterplan in te dienen. Kantoren die hier niet aan hebben voldaan krijgen te maken met handhaving. Om de energiebesparingsdoelstelling kracht bij te zetten stelt het rijk € 56 mln. beschikbaar in een SPUKsubsidie, voor additioneel toezicht op energiebesparing. De subsidie is niet voor huidige werkzaamheden en mag geen huidige budgetten vervangen. Voor OZHZ gaat het om € 270.000 per jaar in 2023 en 2024 en € 210.000 per jaar in 2025 en 2026. Aan de subsidie zijn diverse voorwaarden gesteld, waaronder het aannemen van minimaal 1 vaste fte. Inmiddels hebben we hiervoor twee ervaren toezichthouders in dienst genomen. Ook is vastgelegd dat 70% van het budget moet worden besteed aan toezicht. De overige 30% mag worden besteed aan opleiding, overhead en stimulering. Bij de start van 2023 hebben alle betrokken medewerkers relevante cursussen gehad, die pasten bij hun functie.
OZHZ heeft de huidige E-agenda herijkt en uitgebreid, omdat de energiebesparingsplicht per 1 juli 2023 werd uitgebreid en aangescherpt: naast een nieuwe EML lijst moeten ook vergunningplichtige bedrijven (type C), ETS bedrijven en glastuinbouw voldoen aan de informatie-/energiebesparingsplicht. Dat betekent dat er meer bedrijven onder gaan vallen die OZHZ gaat controleren. De eerdergenoemde SPUK subsidie is benut om de controles op deze extra bedrijven te financieren. Het stimulerende spoor van de E-agenda is het afgelopen jaar verder ontwikkeld en aangescherpt, zodat het instrumentarium beter aansluit bij de laatste ontwikkelingen. Nog meer als voorheen willen we gemeenten en de provincie ondersteunen bij actuele thema's, zoals bijvoorbeeld netcongestie. Dit doen we door o.a. dataverzameling vanuit toezicht en stimulering, betrokkenheid bij innovatieve oplossingen zoals energiesystemen en de regionale convenant zorg. Ad e) De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) Gelijktijdig met de Omgevingswet trad per 1 januari 2024 de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking. In 2024 geldt deze wet alleen voor nieuwbouwplannen, in 2025 volgt de verbouw. In de eerste jaren gaat het alleen om relatief eenvoudige bouwwerken (gevolgklasse 1).
Doel van de wet is het verbeteren van de bouwkwaliteit en het versnellen van procedures, door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Door de Wkb verandert de rol van gemeenten tijdens het bouwproces. Er komt meer nadruk te liggen op toezicht en minder op het toetsen van aanvragen. Het bevoegd gezag verleent nog vergunning voor de ruimtelijke aspecten en houdt hier zo nodig toezicht op. Voor de bouwtechnische aspecten ontvangt het bevoegd gezag een melding van de initiatiefnemer en is het toezicht hierop privaat geregeld. OZHZ houdt indien nodig pas toezicht na een signaal van de kwaliteitsborger (tijdens de bouw) of op basis van de ontvangen gereedmelding (na afloop). Het financiële effect van de Wkb hangt samen met de beleidskeuzes die de gemeente maakt over de uitvoering van de Wkb en de inrichting van uw legesverordening. Op basis van de uitgangspunten van de wet en de inrichting van het stelsel, neemt de inzet vanuit OZHZ toe. Met de gemeenten Alblasserdam en Dordrecht vonden gesprekken plaats over de beleidskeuzes die zij kunnen maken binnen de kaders van de Wkb. Het exacte effect op de kengetallen monitort OZHZ na inwerkingtreding van de Wkb in de praktijk. Op basis daarvan stelt OZHZ de raming voor 2025 op. Naar verwachting leidt de Wkb tot lagere legesinkomsten voor de gemeenten. Dit is ook afhankelijk van de inhoud van de legesverordening.
Hiertegenover staat dat er wel leges geheven mogen worden op aanvragen voor milieuvergunningen.
10
OZHZ stelde een werkproces op voor het behandelen van meldingen in het kader van de Wkb en deelde dat met alle gemeenten in Zuid-Holland Zuid. In het 4e kwartaal heeft OZHZ in samenwerking met gemeenten in de regio een informatieavond georganiseerd voor aanvragers (aannemers, gemachtigden, architecten enzovoort). Daarnaast is tijdens de Netwerkdag Omgevingswet regio Zuid-Holland Zuid die op 26 oktober gehouden is, uitbereid stilgestaan bij de invoering van de Omgevingswet. Ad f) De stikstofproblematiek In Nederland komt er te veel stikstof in het water en de bodem terecht. Dit is schadelijk voor de natuur, water- en bodemkwaliteit en gezondheid van de mens. Daarom moet de stikstofuitstoot omlaag. De overheid neemt hiervoor maatregelen in de landbouw, industrie, bouw, verkeer en vervoer, en investeert in natuurherstel. Het kabinet heeft in het coalitieakkoord afgesproken dat in 2030 74% van de stikstofgevoelige natuur in Natura-2000gebieden de zogeheten ‘kritische depositiewaarden’ (KDW) niet meer overschrijdt. Boven deze grens is er namelijk een risico dat de kwaliteit van leefgebieden van dieren en planten beschadigt. Met als gevolg dat er dieren plantensoorten verdwijnen en ecosystemen ontregeld raken. Daarnaast werken het Rijk, de provincies en andere betrokkenen samen aan een gebiedsgerichte aanpak om de natuur te herstellen.
NB: overigens staat 2030 nu wel ter discussie met de val van het kabinet. In de Wet stikstofreductie en natuurverbetering is opgenomen dat in 2035 tenminste 74% van de KDW niet meer overschreden wordt. Sinds het vervallen van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) richt een werkgroep zich op de gevolgen van de stikstofuitspraken en -beleidsontwikkelingen voor de werkzaamheden van OZHZ. Dat betreft dan vooral de vergunningverlening in het kader van de Wabo. Voor de groene handhaving zijn er andere procedures en overleggen en werkt OZHZ nauw samen met de Omgevingsdienst Haaglanden vanwege de vergunningverlenende taak in het kader van de Wet natuurbescherming. Het thema stikstof raakt de grotere opgaven van gemeenten, zoals woningbouw en economische ontwikkelingen. OZHZ adviseert de gemeenten door middel van nieuwsberichten over de actualiteiten op het gebied van stikstof of bij ontwikkelingen door jurisprudentie. Daarnaast helpt OZHZ bij vragen. Bijvoorbeeld door het opstellen van een nieuwe versie van het beoordelingskader woningbouw, waarmee men snel kan bepalen of er voor een woningbouwproject een stikstofberekening nodig is. Ad g) De aanpak van ondermijning De aanpak van ondermijnende criminaliteit is een belangrijk thema binnen het openbaar bestuur en verheven tot speerpunt op zowel landelijk als lokaal niveau.
Steeds vaker worden bedrijfsactiviteiten en ondernemingen gebruikt als dekmantel voor het witwassen van geld, de productie van drugs, dan wel opslag of distributie van illegale goederen. Signalen van ondermijnende criminaliteit komen vaak voor in de horeca, detailhandel en bij garagebedrijven. Het belang van een brede aanpak van ondermijning komt terug in onder meer het Dreigingsbeeld Milieucriminaliteit. OZHZ levert bij de aanpak van ondermijning kennis en data over bedrijven (samenwerking RIEC), neemt deel aan data-uitwisseling, levert deskundigheid over de milieuaspecten van de onderzochte locaties en, indien passend, snelle handhaving van de milieuovertredingen. De afgelopen jaren is de regionale aanpak (deskundigheid en samenwerking) verder ontwikkeld. Een aantal gemeenten en de provincie ZuidHolland stelden specifieke budgetten beschikbaar. Via projecten van de Ontwikkelaanpak 2022-2025 versterken we dit onderdeel. OZHZ denkt met gemeenten mee op strategisch/regieniveau en neemt deel aan casusoverleggen met ketenpartners en de daaruit voortkomende gezamenlijke ondermijningsacties. Het afgelopen jaar is OZHZ blijven investeren in de kennis van haar medewerkers op het gebied van ondermijnende criminaliteit. Zo hebben we een training verzorgd die zag op de bewustwording van signalen van
11
ondermijning. Hierdoor herkennen de medewerkers nog beter signalen van (mogelijke) criminele activiteiten. Daarnaast publiceren we regelmatig artikelen over ondermijning, zowel intern als via de website en socials. In 2024 gaat OZHZ zich bovendien nog meer richten op de bewustwording bij de vergunningverleners. Dit om zoveel mogelijk te voorkomen dat we door het verstrekken van een vergunning ondermijnende criminaliteit faciliteren. Medewerkers van OZHZ kunnen signalen van ondermijning melden bij een intern meldpunt. Het ondermijningsteam pakt de signalen van dit meldpunt op en bespreekt deze met de ketenpartners. Daarna kan gezamenlijk een passende interventie worden bepaald. Ook in 2024 blijft OZHZ, samen met de ketenpartners, werken aan de aanpak van ondermijning door te investeren in kennis, vaardigheden en samenwerking. Daarnaast ontwikkelt OZHZ een tool waarmee data uit de eigen systemen en die uit open en gesloten internetbronnen kan worden benut bij de aanpak van ondermijning. De nieuwe unit Data en ICT krijgt hierin een belangrijke rol.
Ad h) De kwaliteitsimpuls voor vergunningverlening, toezicht en handhaving Voor de opvolging van de aanbevelingen uit de landelijke rapporten van de Commissie Van Aartsen, de Algemene Rekenkamer en de Strategische Milieukamer (Dreigingsbeeld milieucriminaliteit) is het 'Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel' (IBP) opgesteld. Langs 6 pijlers werken alle betrokken partijen in het IBP aan versterking van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Daarnaast werken de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten aan verdere kwaliteitsverbetering als uitvloeisel van het rapport van Twynstra Gudde (Verkenning maatschappelijke ontwikkelingen en opgaven van gemeenten en provincie). Laatstgenoemd traject in Zuid-Holland is in 2022 door de besturen van de 5 omgevingsdiensten geaccordeerd. De directeuren hebben besloten om een gezamenlijke aanpak te ontwikkelen voor drie hoofdthema’s: de opbouw van kennis en deskundigheid, arbeidsmarktcommunicatie en werving en het versterken van de digitale informatievoorziening in de keten. De uitvoering van deze opdracht gebeurt parallel aan de landelijke ontwikkelingen in het kader van het Interbestuurlijk Programma (IBP) Versterking VTH die zoveel mogelijk worden meegenomen bij de uitvoering van de opdracht. De projecten waaraan OZHZ deelneemt worden grotendeels ook gefinancierd vanuit de landelijke SPUK-subsidie die aan het IBP verbonden is.
Eind 2022 ontving OZHZ een positieve reactie op de ingediende SPUK-aanvraag voor een bedrag van ongeveer € 600.000. De opgevoerde projecten zijn in samenspraak tussen de 5 Zuid-Hollandse omgevingsdiensten tot stand gekomen en zien o.a. op de Altijd Actuele Digitale Vergunning, mogelijke verbeteringen bij het gebruik van Inspectieview Milieu, afstemming van bestuursrecht en strafrecht, verbetering van data en informatie-uitwisseling (datalab) en het anonimiseren van VTH-documenten. Het IBP bestaat uit 6 pijlers die zich richten op de robuuste financiering van omgevingsdiensten, verbetering van de bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving, informatie-uitwisseling en datakwaliteit, kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt, onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving, en monitoring van de kwaliteit van het milieutoezicht. De programmadirecteur van het IBP heeft het AB hierover op 6 april 2023 geïnformeerd. Een van de onderwerpen van het IBP is de uitrol van de nieuwe Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Het AB stemde ermee in om deze ter vaststelling aan te bieden aan de colleges van de gemeenten en provincie. Stand van zaken begin 2024 is overigens dat nog niet alle gemeenten de LHSO hebben vastgesteld. Vanuit pijler 1 van het IBP zijn robuustheidscriteria opgesteld.
De omgevingsdiensten is gevraagd zich hieraan te toetsen en de resultaten daarvan toe te sturen naar het Ministerie van IenW. Voor 1 april 2024 zal OZHZ de gesignaleerde verbeterpunten opnemen in een plan van aanpak. Voor 1 april 2026 moet elke omgevingsdienst aan de robuustheidscriteria voldoen. Mede met gebruikmaking van de aangeleverde cijfermatige gegevens over de tweejaarlijkse 'Stand van de VTH' vulde OZHZ het toetsingskader in en koppelde daarover terug in het AB van
12
30 november 2023. OZHZ voldoet nog niet helemaal aan de criteria over de hoogte van het opleidingenbudget en over de business intelligence. Met het al lopende traject voor het realiseren van een nieuwe unit Data en ICT zijn overigens al belangrijke stappen gezet om aan dit laatste criterium te gaan voldoen. Bij de aanlevering van het ingevulde toetsingskader aan IenW wees OZHZ op het al genoemde ontwikkeltraject met de andere ZuidHollandse omgevingsdiensten. Dit traject heeft al geleid tot een intensievere samenwerking tussen de ZuidHollandse omgevingsdiensten, waarbij op meer dan 100 thema’s en onderwerpen wordt samengewerkt en kennis uitgewisseld. Deze doorontwikkeling zien zij als een continu verbeterproces en een sterke impuls voor het IBP. Het plan van aanpak wordt in Q1 van 2024 ter instemming aan het AB voorgelegd en daarna naar het Ministerie van IenW gestuurd. Vanuit pijler 6 vond op 31 oktober en 1 november 2023 de externe visitatie plaats. Sterke punten van OZHZ vindt de commissie dat de dienst operationeel goed presteert, sterk is in de relatie en communicatie, gericht is op samenwerking en een pragmatische instelling heeft.
Te verbeteren is de daadwerkelijke realisatie van de noodzaak tot doorontwikkeling en te reflecteren op de redenen waarom dat soms niet goed lukt, de implementatie en consequenties van het concept van zelforganisatie en het ontwikkelen van perspectieven op de toekomst. Veelal liepen er al acties en initiatieven op deze onderwerpen. In Q1 van 2024 legt OZHZ het plan van aanpak voor aan het AB.
13
1.4
Kritische Prestatie indicatoren (KPI's)
1.4.1
Algemeen
OZHZ voert zijn wettelijke taak uit in mandaat van gemeenten en provincie Zuid-Holland. Met de deelnemers zijn prestatieafspraken gemaakt. OZHZ moet deze afspraken binnen een bandbreedte van 90% - 110% realiseren. De omzet van OZHZ is per taakveld in verschillende mate variabel. Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Voor de adviestaken geldt dat er tot dusver geen sprake is van enige verplichting voor gemeenten om opdrachten bij OZHZ neer te leggen. Wel onderschrijft het bestuur het "preferred suppliership" van OZHZ. Speerpunt
Prestatie indicator
Realisatie 2023
Taakuitvoering vindt plaats binnen de door
Taakuitvoering van OZHZ voldoet aan de
OZHZ voldoet aan de VTH-kwaliteitseisen
het AB gestelde kaders voor financiën en
VTH-kwaliteitseisen.
kwaliteit (bijdrageverordening)
Realisatie PZH (93,2%) Producten en prestaties worden
Er is sprake van onderbesteding, maar
gerealiseerd binnen een bandbreedte van
realisatie blijft binnen bandbreedte.
90-110% van het jaarprogramma. Realisatie gemeenten (gewogen gemiddelde 100,3%) Er is sprake van een overbesteding, maar realisatie bevindt zich op totaalniveau binnen de bandbreedte. Opdrachtgevers worden actief
2 maal per jaar voortgang- en 1 maal per
Jaarrapportage 2023 en
geïnformeerd.
jaar jaarrapportages conform planning in
voortgangsrapportages 2023 conform
jaarprogramma.
planning opgesteld.
1 maal per maand vindt gesprek met de
Het periodiek overleg met de gedeputeerde
gedeputeerde plaats;
en wethouders heeft in de verslagperiode
2 maal per jaar met wethouders;
consequent plaatsgevonden.
1 maal per 4 maanden ambtelijk MARAP-
Ook de ambtelijk MARAP overleggen zijn
overleg.
conform planning gevoerd.
Periodiek overleg met de opdrachtgever
OZHZ voldoet voor de taken die zij in mandaat uitvoert voor de deelnemers, aan de kwaliteitscriteria. OZHZ heeft hierover gerapporteerd aan het Ministerie van I&W in het kader van de toetsing aan de robuustheidscriteria, en in de zelfevaluatie ten behoeve van de Visitatie die in november 2023 heeft plaatsgevonden. Wel signaleert OZHZ dat voor de uitvoering van bepaalde specialismen de capaciteit beperkt is en dat OZHZ op onderdelen afhankelijk is van externe inhuur om te kunnen voldoen. Met het oog op de (landelijk gevoerde) discussie over de robuustheid van omgevingsdiensten (InterBestuurlijk Programma Versterking VTH) is het voor OZHZ de vraag of bepaalde specialistische taken anders georganiseerd zouden moeten worden op de schaal van provincie ZuidHolland, of zelfs op landelijke schaal. Door verwachte bezuinigingen bij gemeenten ("ravijnjaar 2026") lopen zowel de gemeenten zelf als OZHZ het risico dat zij niet langer op alle expertisegebieden kunnen voldoen aan de kwaliteitscriteria. Indien gemeenten bepaalde specialistische taken bij OZHZ zouden neerleggen, kan dit risico worden verkleind. Bijna alle opdrachtgevers zijn binnen de afgesproken bandbreedte (90%-110%) van het budget gebleven. De gemeente Alblasserdam (89,8%), Hardinxveld-Giessendam (89%) en Zwijndrecht (88,9%) zijn net onder de bandbreedte uitgekomen.
OZHZ heeft op individuele basis afspraken gemaakt over de verrekening van over- en onderbestedingen met alle opdrachtgevers.
14
De realisatie van de provinciale omzet is achtergebleven bij de planning (93,2%). Deze lagere uitputting betreft diverse taakvelden, met in het bijzonder de toezicht groen, bodemvergunningen en de uitvoering van bodemsanering. Dit wordt deels gecompenseerd door een iets hogere realisatie op de gemeentelijke wettelijke taken (100,3%). Het beeld varieert sterk per opdrachtgever. Meer specifiek is er een toenemende vraag naar vergunningen milieu en vergunningen bouw. Eind 2023 ontving OZHZ een hoger dan gemiddeld aantal vergunningaanvragen, en waarschijnlijk hield dit verband met de komst van de Omgevingswet per 1 januari 2024. Ook het aantal adviesaanvragen op de diverse expertisegebieden van OZHZ is hoger dan geraamd. Daar staat tegenover dat de uitvoering van het grijze toezicht is achtergebleven in de realisatie, mede door een relatief groot aantal instroom van nieuwe toezichthouders die via intensieve training en begeleiding opgeleid moesten worden in 2023 om hun functie in de volle breedte uit te kunnen oefenen.
Speerpunt
Prestatie indicator
Realisatie 2023
Productiviteit
Het aantal productieve uren per FTE
De productiviteit bedraagt 61%
bedraagt 1.396 uur. De productiviteitsnorm bedraagt daarmee 62,3% Aandeel overhead
Het aandeel uren overhead ten opzichte
Het overheadpercentage is 28,5%
van het totaal aantal uren is genormeerd op 27,3% Flexibele capaciteit
Het aandeel uren inhuur ten opzichte
Het aandeel inhuur bedraagt 16,2%
van het totaal aantal uren is gemiddeld 10% Ziekteverzuim
OZHZ hanteert een norm van 5% voor
Het ziekteverzuim bedraagt 4,6%
ziekteverzuim.
Productiviteit en overhead De productiviteit bedraagt 61,0% en blijft dus achter bij de norm van 62,3%. Het aantal productieve uren per medewerker is vanwege het extra bovenwettelijk verlof cfr CAO verlaagd van 1410 naar 1396 uur. De productiviteitsnorm is daarop echter niet omlaag bijgesteld en staat nog steeds op 62,3%. In 2024 zal een nieuwe productiviteitsnorm worden berekend. Bij de units met achterstand is veelal sprake van een relatie met het ziekteverzuim, of het inwerken van nieuw personeel waarbij in de praktijk blijkt dat dit meer en meer druk zet op de productiviteit. Zo was er sprake van de instroom van een grote groep zogenoemde "TIO's", oftewel de Toezichthouders in Opleiding. Daarnaast zijn productieve medewerkers in 2023 meer dan gebruikelijk belast met activiteiten rond de inrichting en het leren gebruiken van het nieuwe VTH-systeem Open Wave; deze uren zijn doorgaans improductief geschreven. Tot slot zijn meer improductieve uren geschreven als gevolg van de administratieve last rond offertetaken. In 2024 zal OZHZ met voorstellen komen voor een wijze van tijdschrijven waarbij uren die nu nog als indirect worden bestempeld, direct ten laste van de producten voor opdrachtgevers zullen worden gebracht. De lagere productiviteit komt ook tot uiting in een hogere overhead. Zowel eigen medewerkers als inhuur realiseren een hoger dan geraamd aantal indirecte uren.
Naast het inwerken is ook sprake van een aantal omvangrijke trajecten met een bedrijfsmatig karakter, zoals de implementatie van een nieuw VTH-systeem, de
15
opschoning van de data (ICT Beweegt), wegwerken van de achterstand in het archief, en de verzwaarde VICfunctie waarbij werkzaamheden verschuiven van de accountant naar de eigen VIC-medewerker. Dekking van deze omvangrijke trajecten vindt (deels) plaats uit specifiek hiervoor gevormde bestemmingsreserves. Flexibele formatie en flexibele schil Doelstelling is een gemiddelde flexibele schil van 10% en 90% eigen formatie. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de verschillende taakvelden. Onderdelen met een meer variabele omzet (bijvoorbeeld bouw en expertise en advies) hebben een hogere flexibele schil, dan de onderdelen die de wettelijke milieutaken uitvoeren. Ook wordt voor de bodem-taken bewust een hogere flexibele schil aangehouden vanwege de onzekerheid rondom de budgetten als met het van kracht worden van de Omgevingswet de taken (deels) overgaan van de provincie naar de gemeenten. Daarbij speelt ook de realisatie en evaluatie van het nieuwe RUN bodem een rol: het zal tot eind 2024 duren voordat concreter duidelijk gaat worden hoe en met welke intensiteit OZHZ voor de gemeenten deze taken kan gaan uitvoeren. Ondanks succesvolle wervingsacties was ook in 2023 sprake van een relatief hoog aantal vacatures. Het inwerken van grote groepen nieuwe medewerkers vergde de nodige extra capaciteit én ging ten koste van de productiviteit.
Per saldo is de flexibele capaciteit op 16,2% uitgekomen en daarmee hoger dan de norm. Ziekteverzuim Het gemiddelde ziekteverzuimpercentage was in 2023 met 4,6% lager dan de norm van 5%. In 2022 kampte OZHZ met een ongebruikelijk hoog verzuim, en daarop zijn diverse maatregelen genomen, in nauwe samenspraak met arbodienst Bezig, om zieke medewerkers weer zo snel mogelijk op de been te krijgen én om verzuim zoveel mogelijk te voorkomen. Intensivering van het case-management en een breder aanbod aan ondersteuning voor de medewerkers (ook als het gaat om problematiek in de persoonlijke of privésfeer) heeft zijn vruchten afgeworpen. Het verzuim schommelde het hele jaar rond de 5%, met de bekende seizoenspatronen van iets hoger verzuim aan het begin en het einde van het jaar, en laag verzuim in de zomerperiode. Door het afsluiten van enkele zeer langdurige dossiers eind 2023 en in de eerste helft van 2024, uitmondend in WIAtrajecten, verwacht OZHZ in 2024 eveens onder de 5% verzuim te blijven. De aandacht van het management voor het terugdringen van verzuim zal echter groot blijven.
16
1.4.2. Vergunningen en meldingen Vergunningaanvragen moeten binnen wettelijke termijnen worden afgehandeld en meldingen moeten worden beoordeeld op juistheid en volledigheid. De door de burgers en bedrijven ingediende documenten worden getoetst en leiden bij volledigheid en juistheid tot een bevestigingsbrief of een beschikking. Speerpunt
Prestatie indicator
Realisatie periode 2 2023
Tijdige en geïntegreerde
Regulier: 99% van de reguliere vergunningen dient
99% van het aantal besluiten is
vergunningen
binnen de wettelijke termijn verleend te zijn.
binnen de termijn verleend.
Uitgebreid: 95% van de uitgebreide vergunningen
75% van het aantal besluiten is
dient binnen de wettelijke termijn verleend te zijn.
binnen de termijn verleend.
Bij wettelijke termijn moet gedacht worden aan de mogelijkheden die de wet biedt, dus inclusief mogelijke verlenging. Risicobeheersing
99% van de besluiten wordt niet vernietigd dan wel
100% van de zaken is in stand
krijgt positief advies bij de rechtbank/Raad van
gebleven.
State dan wel de bezwaarschriftencommissie Dienstbaarheid
Klanttevredenheid:
Over 2023 is er geen
Het gemiddelde van het KTO is minimaal een 7.
klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd.
In 2023 is er nog geen klanttevredenheidsonderzoek (KTO) uitgevoerd. De hiervoor benodigde rapportage ontbreekt nog. Dit heeft te maken met de ontwikkeling van de nieuwe database. In 2024 zal deze rapportage worden ontwikkeld. De norm voor tijdige reguliere is in 2023 gehaald. Daarentegen is de norm voor de uitgebreide procedures in 2023 niet gehaald. De maatregelen die zijn genomen voor de reguliere procedures na de eerste periode 2023 hebben effect: in de tweede periode zijn er fors minder vergunningen van rechtswege ontstaan onder de reguliere procedures. Ook in de laatste periode is dit effect goed zichtbaar. Hierdoor is het gelukt het percentage zo te beïnvloeden dat we de norm van 99% hebben gehaald. Door het lage aantal uitgebreide procedures in geheel 2023 en het relatieve hoge aantal procedures buiten termijn is het niet gelukt de norm van 95% te halen. De redenen voor het niet behalen van de afgesproken KPI zijn vooral drukte en overdracht van werk. Regelmatig is er goed overleg met de aanvrager over de behandeltermijn, maar dit wordt niet consequent geformaliseerd met een opschorting van de beslistermijn. Het gevoel van urgentie ontbreekt dan omdat het geen fatale termijnen betreft. We zien wel een lichte verbetering ten opzichte van de 2e periode. Door de komst van de Omgevingswet worden meer uitgebreide procedures regulier.
Complexere aanvragen die voorheen uitgebreid waren kennen dan een beslistermijn van 8 weken. Het in alle gevallen halen van deze termijn wordt in het samenspel met aanvragers en (wettelijke) adviseurs best een uitdaging. In 2024 monitoren wij hoe dit verloopt en zullen we de mogelijkheden die de Algemene wet bestuursrecht biedt om op te schorten extra onder de aandacht brengen.
17
1.4.3. Toezicht en handhaving OZHZ houdt toezicht en handhaaft de relevante wettelijke bepalingen. Bij toezicht wordt informatie verzameld en een oordeel gevormd over het feit of een activiteit voldoet aan de in de vergunning en regels gestelde eisen. Onder handhaving wordt verstaan het opleggen van sancties (bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk) indien uit het toezicht blijkt dat niet aan de gestelde eisen wordt voldaan. "TD is gedefinieerd als het percentage uitgevoerde periodieke controles in een verslagperiode t.o.v. het aantal geplande periodieke controles in het jaarprogramma." "NA-initieel is gedefinieerd als het aantal uitgevoerde periodieke controles zonder overtredingen t.o.v. het aantal uitgevoerde periodieke controles aan het einde van een verslagperiode."
18
Speerpunt
Prestatie indicator
Betrouwbaarheid Provincie
Provincie Grijs: TD = 100% NA-initieel >= 60%1
TD grijs = 93% NA-initieel = 46%
Provincie Groen: TD = 100% NA-initieel >= 80%1
TD groen = 81% NA-initieel = 89%
Provincie Bouw en sloop: NA-initieel >= 90%1
NA-initieel = 95%
Betrouwbaarheid Gemeenten
Betrouwbaarheid Gemeenten AL, DO, ML
Resultaten tot en met 31 december 2023
Gemeenten RUN2 milieu periodiek toezicht: TD milieu = 100% NA-initieel >= 60%
TD = 82% NA-initieel = 46%
Gemeenten RUN integraal periodiek toezicht: Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd voor de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht en Molenlanden. TD integraal = 100% NA-initieel >= 60%
TD = 87% NA-initieel = 40%
Gemeenten Bouw en sloop (incl. asbest): Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd voor de gemeenten Alblasserdam en Dordrecht. Voor de bouw- en sloopfase is geen KPI TD vast te stellen. Afhankelijk van het soort bouwof sloopplan geeft het beleid aan of toezicht noodzakelijk is.
Risicobeheersing
NA-initieel >= 70%
NA-initieel = 90%
80% van de zaken die bij de
Realisatie = 93%
bezwarencommissie, rechtbank en afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State worden behandeld blijft in stand.
1 De norm is nog niet formeel vastgesteld 2
Regionaal Uitvoeringsniveau (RUN)
19
Provincie grijs TD: Eind 2022 en begin 2023 kozen verschillende ervaren inspecteurs voor een nieuwe baan. In de eerste periode van 2023 ontwikkelde zich hierdoor een behoorlijke ondercapaciteit. Een gevolg hiervan is dat bij de periodieke controles milieu een achterstand is ontstaan die niet meer kon worden weggenomen. Bestuur en ambtelijke vertegenwoordigers van de opdrachtgevers zijn doorlopend over deze ontwikkeling geïnformeerd. De eerder gecommuniceerde prognose van een toezichtdichtheid aan het einde van het jaar van rond de 95% is behaald. Geborgd wordt dat de 2 bedrijven die in 2023 niet zijn gecontroleerd in ieder geval in 2024 volledig worden gecontroleerd. NA-initieel: Ten opzichte van voorgaande jaren is een trendbreuk zichtbaar. Voor het eerst in jaren is de naleving van de gecontroleerde bedrijven lager dan de norm. Een algemene oorzaak is hiervoor niet gevonden en vraagt om monitoring. De opvolging op onze bevindingen is onveranderd. Nagenoeg alle bedrijven nemen verantwoordelijkheid en zijn actief in het ongedaan maken van de tekortkomingen. Provincie Groen TD: De norm op toezichtdichtheid is niet behaald doordat de geplande controles met betrekking tot stikstof niet zijn gerealiseerd. Dit komt door onduidelijk landelijk beleid.
Wel zijn controles in het kader van handhavingsverzoeken omtrent de stikstofuitstoot uitgevoerd en startten we eind 2023 met het uitvoeren van controles extern gesaldeerde bedrijven. Gemeenten RUN milieu periodiek toezicht TD: De toelichting zoals gegeven bij de toezichtdichtheid bij Provincie grijs is ook hier van toepassing. De eerder gegeven prognose van een realisatie tussen 80% - 85% is behaald. Het toezicht op een aantal relevante bedrijven is doorgeschoven naar 2024. NA-initieel: De naleving van de gecontroleerde bedrijven ligt lager dan de norm. Dit beeld is onveranderd ten opzichte van voorgaande jaren. Het gaat met name om het tijdig uitvoeren van terugkomende verplichtingen zoals keuringen van veiligheidsinstallaties waarbij vanuit eigenaarschap een veel actievere houding nodig is dan vaak nu het geval is. In de nieuwe gemeentelijke nota VTH die in 2025 operationeel zal zijn, wordt het verbeteren van de naleving rondom (terugkerende) verplichtingen één van de speerpunten. Gemeenten RUN integraal periodiek toezicht (Alblasserdam, Dordrecht en Molenlanden) TD: De toelichting zoals gegeven bij de toezichtdichtheid bij Provincie grijs is ook hier van toepassing. De eerder gegeven prognose van een realisatie tussen 85% - 90% is behaald. Het toezicht op een aantal relevante bedrijven is doorgeschoven naar 2024.
NA-initieel: De naleving van de gecontroleerde bedrijven ligt lager dan de norm. Dit beeld is onveranderd ten opzichte van voorgaande jaren. Het gaat met name om het tijdig uitvoeren van terugkomende verplichtingen zoals keuringen van veiligheidsinstallaties waarbij vanuit eigenaarschap een veel actievere houding nodig is dan vaak nu het geval is. In de nieuwe gemeentelijke nota VTH die in 2025 operationeel zal zijn wordt het verbeteren van de naleving rondom (terugkerende) verplichtingen één van de speerpunten. Gemeenten Bouw en Sloop inclusief asbest (Alblasserdam en Dordrecht) NA-initieel: De naleving van de regelgeving rondom met name het slopen en afvoeren van asbest is stabiel en komt overeen met eerdere resultaten uit 2022. Deze goede naleving is mede het gevolg van actieve inzet op gedragsbeïnvloeding. Door de inspecteur wordt bij aanvang van de werkzaamheden contact opgenomen met de opdrachtgever om de verplichtingen die bij de werkzaamheden behoren door te nemen. Dit zorgt ervoor dat de uitvoerders bewuster de voorschriften naleven.
20
1.4.4.
Beoordelingen en beschikkingen bodem
OZHZ levert expertise op het gebied van geluid, lucht, bodem en externe veiligheid aan haar opdrachtgevers voor het ontwikkelen, inrichten en beheren van een duurzame leefomgeving. Om de kwaliteit te beoordelen van de producten, waarvoor geen wettelijke termijn bestaat en ook een toets bij de rechter niet van toepassing is, is een klanttevredenheidsonderzoek (KTO) de meest geëigende aanpak. OZHZ voert regulier een klanttevredenheidsonderzoek uit met behulp van projectevaluaties voor de adviestaken. Beoordeling en beschikking bodem Speerpunt
Prestatie indicator
Realisatie 2023
Tijdigheid
Minimaal 90% van de producten wordt afgerond
82% (cumulatie kort- en
binnen de termijn.
langlopende procedures)
Risicobeheersing
99% van de besluiten wordt niet vernietigd dan
100%
wel krijgt positief advies bij de Awb-commissie, rechtbank en Raad van State. 80% van de zaken die bij Awb-commissie,
Niet van toepassing
Rechtbank en Raad van State worden behandeld blijft in stand. Klanttevredenheid
Onderzoeksvraag: Kwaliteit product en
Tevredenheid
samenwerking met OZHZ Tijdigheid Voor de KPI 'Tijdigheid' ligt de realisatie met 82% onder de norm van 90%. Een eenduidige verklaring is hier helaas niet voor te geven. In 2024 zal in het zaaksysteem een dashboard zijn ingericht dat zal helpen meer inzicht te verschaffen. Belangrijk om in dit verband evenwel op te merken is dat de verminderde tijdigheid niet tot bezwaren tegen het niet tijdig nemen van besluiten heeft geleid en ook niet tot vertraging voor de marktpartijen. Risicobeheersing In 2023 is één keer een bezwaarschrift ingediend tegen een besluit dat is genomen in het kader van het bodembeschermingsrecht, maar het bezwaarschrift is ingetrokken toen er een gecorrigeerd besluit was genomen. Van een rechtsbeschermingsprocedure als zodanig valt dan niet te spreken. Ook heeft er geen behandeling van beroep bij de rechtbank of Raad van State plaatsgevonden in 2023. De ervaring van de afgelopen jaren leert dat hoogst zelden rechtsmiddelen worden ingezet tegen bodem-besluiten. Klanttevredenheid In de verslagperiode is evenals vorig jaar vanuit de 'markt' geen significant geluid van ontevredenheid tot OZHZ gericht. De organisaties waar OZHZ mee werkt geven aan tevreden te zijn met de producten van en de samenwerking met OZHZ.
21
1.5
Wat heeft het gekost?
De programmarekening 2023 sluit met een negatief saldo van € 629.000. Ten opzichte van de tweede bestuursrapportage (€ 536.000) is er sprake van een nadeel van € 92.000. Per saldo is sprake van € 408.000 aan lagere lasten ten opzichte van de bijgestelde begroting 2023 in de tweede bestuursrapportage. De lagere lasten betreffen hoofdzakelijk de additionele productkosten (€ 242.000); de externe kosten die direct in rekening worden gebracht bij de opdrachtgevers. Hier staan direct gerelateerde lagere baten tegenover. Daarnaast is sprake van lager dan geraamde personeelskosten (€ 175.000). De kosten voor het vaste personeel waren € 118.000 lager, de inhuurkosten waren € 57.000 lager. De lagere personeelskosten hangen voor een deel samen met de iets lager dan geraamde omzet. De afwijking van de raming is ongeveer 0,5%.
1.5.1
Resultatenrekening 2023
Onderstaand is de realisatie per begrotingspost weergegeven.
Resultatenrekening 2023 Programmarekening 2023 Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
Realisatie 2022
Begroting 2023 primair
Begroting 2023 bijgesteld
Realisatie 2023
Begroting 2023 verschil
2.212 24.330 2.517 28 29.087
2.253 22.553 1.958 26.764
2.253 25.844 3.104 107 31.309
2.253 25.609 2.684 263 30.809
0235420155 500-
24.563 410 1.700 253 1.633 1.161 107 29.826
21.689 488 1.725 509 1.237 1.105 134 26.887
27.170 428 1.744 703 1.555 1.128 150 32.878
26.995 429 1.749 706 1.632 886 73 32.470
1751 5 3 77 24277408-
Gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten
739-
123-
1.569-
1.662-
92-
Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves
856 -
123 -
1.150 117
1.150 117
0 0
Gerealiseerd resultaat
117
0
536-
629-
92-
2.212
2.253
2.253
2.253
0-
Baten Inwonerbijdrage Wettelijke taken Offerte- en subsidietaken Overige baten Overige bijzondere posten Totaal baten Lasten Personeelskosten Kapitaallasten Ondersteuning SGD Huisvesting Overige bedrijfskosten Additionele productkosten Onvoorzien Overige bijzondere posten Totaal lasten
Waarvan algemeen dekkingsmiddel Bedragen x € 1.000
1.5.2
Baten
De totale baten komen € 0,5 mln lager uit dan begroot. Inwonerbijdrage (nihil) De inwonerbijdrage is een lumpsumbudget en kan worden beschouwd als een algemeen dekkingsmiddel. Vanuit de inwonerbijdrage wordt een deel van de overhead gedekt en algemene activiteiten van inspecteurs, vergunningverleners en adviseurs die ten goede komen aan alle deelnemers. Voorbeelden zijn: relatiebeheer, kwaliteitszorg, de voortgangsrapportages en de organisatie van de wachtdienst.
22
De realisatie van de inwonerbijdrage (€ 2,253 mln.) is conform de begroting. Wettelijke taken milieu/bouw/gebruik (€ 235.000 lagere baten) OZHZ maakt in de individuele jaarprogramma’s per opdrachtgever afspraken over de uit te voeren activiteiten en budgetten. Verantwoording vindt plaats door middel van financiële maandrapportages en de bestuursrapportages. Na het vaststellen van de begroting (zomer 2022), worden de jaarprogramma's 2023 opgesteld. Diverse opdrachtgevers hebben in hun jaarprogramma's hogere budgetten verwerkt dan in de primaire begroting. Dat is vervolgens verwerkt in begrotingswijzigingen: de begroting is op het onderdeel jaarprogramma's (wettelijke taken) opgehoogd met € 3,585 mln, oftewel met 16%. Uiteindelijk is de werkelijke realisatie hier met € 0,2 mln op achtergebleven. Op een enkel onderdeel is de afgesproken output niet gehaald, als gevolg van de hoge instroom aan nieuwe medewerkers, waardoor de productiviteitsnorm op die onderdelen niet gehaald kon worden. Dat speelde onder meer bij toezicht. In de verantwoordingen die OZHZ opstelt per deelnemer, wordt meer in detail ingegaan op de realisatiecijfers per taakveld per deelnemer. Offerte- en subsidietaken (€ 420.000 lagere baten) De offertetaken vallen € 420.000 lager uit.
Dit is voor € 180.000 toe te schrijven aan minder uren-omzet, maar vooral aan € 242.000 lagere additionele productkosten: dit zijn externe kosten die OZHZ maakt voor de uitvoering van diverse opdrachten en die 1-op-1 worden doorbelast aan de opdrachtgevers; als die lasten lager zijn, wordt uiteraard ook minder doorbelast aan de opdrachtgevers. Ten opzichte van de primaire begroting was de raming aan offertetaken fors naar boven bijgesteld, namelijk met 37% oftewel ruim € 0,8 mln; die bijstelling is te hoog gebleken, nu slechts de helft van die verhoging is gerealiseerd. Overige baten (€ 155.000 hogere baten) De overige baten hebben een incidenteel karakter. De hogere baten worden met name veroorzaakt door de ontvangen rentevergoeding bij de bank: deze is € 141.000 hoger dan geraamd.
1.5.3
Lasten
De totale lasten komen € 408.000 lager uit dan begroot. Personeelskosten (€175.000 lagere lasten) Onder personeelskosten vallen de kosten van eigen personeel en de kosten van inhuur. Voor het capaciteitsbeleid wordt verwezen naar de paragraaf Bedrijfsvoering (paragraaf 2.4).
Personele lasten
Begroting 2023 Realisatie 2023 Verschil
Personelskosten intern Flexibele capaciteit
20.667 6.502
20.549 6.544
-118 -57
Personele lasten Bedragen x € 1.000
27.169
27.093
-175
De belangrijkste verschillen waren de volgende: de bruto loonkosten waren € 43.000 lager dan geraamd. De uitkeringen vanuit het UWV ter dekking van zwangerschapsverlof en ouderschapsverlof is € 77.000 hoger dan
23
geraamd. De opleidingskosten waren € 43.000 hoger dan geraamd; dit heeft te maken met het grote aantal zijinstromers die in 2023 zijn gestart bij OZHZ en die relatief veel en kostbare opleidingen moesten volgen om als toezichthouder volleerd aan de slag te kunnen. De inhuurkosten waren € 57.000 lager dan geraamd. Dit had te maken met de lagere omzet waardoor iets minder inhuur-capaciteit noodzakelijk was. Kapitaallasten (€ 1 lagere lasten) De kapitaalgoederen van OZHZ betreffen voornamelijk specifieke investeringen in de huisvesting en ICT. De omvang van de kapitaalgoederen is relatief beperkt, aangezien OZHZ de kapitaalgoederen grotendeels huurt of leaset. Voorbeelden zijn het huurcontract inzake Post 120 en leasecontracten voor het wagenpark. Voor de omvang en samenstelling van de kapitaalgoederen wordt verwezen naar de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen (hoofdstuk 2.2). De raming van de kapitaallasten is tussentijds met € 60.000 naar beneden bijgesteld. De realisatie is vrijwel gelijk aan de raming. Ondersteuning Servicegemeente Dordrecht (SGD) (€ 5 hogere lasten) De ondersteuning door de SGD heeft betrekking op de dienstverlening met betrekking tot ICT, personeelszaken, inkoop, verzekering en juridische diensten. Bij eerdere begrotingswijzigingen is de begroting omhoog bijgesteld met € 18.000.
De bijstelling had voornamelijk betrekking op de indexering 2023 die pas laat bekend is gemaakt aan OZHZ. De realisatie 2023 bedraagt € 5.000 hoger dan begroot. Dit is gelegen in aanvullende variabele kosten die door SGD in rekening zijn gebracht (bijvoorbeeld voor inkoop, en werving op vacatures). De onderverdeling per onderdeel is als volgt:
Ondersteuning SGD
Begroting 2023 Realisatie 2023 Verschil
ICT Personeel en organsatie
1.378 366
1.380 369
2 3
Ondersteuning SGD Bedragen x € 1.000
1.744
1.749
5
Huisvesting (€ 3 hogere lasten) Per 2016 heeft OZHZ een huurcontract afgesloten voor de locatie post 120 in Dordrecht. In 2023 is de begroting tussentijds fors bijgesteld, van € 0,5 naar € 0,7 mln. Deze forse verhoging is enerzijds gelegen in de fors hogere huur als gevolg van de inflatie (maar conform de uitgangspunten in het huurcontract), en anderzijds het gevolg van een zeer forse servicecharge als gevolg van de situatie op de energiemarkt. Ten opzichte van deze bijgestelde begroting is de realisatie € 3.000 hoger. Overige bedrijfskosten (€ 77.000 hogere lasten) De overige bedrijfskosten hebben onder meer betrekking op software licenties, externe advies- en accountantskosten, kantoorbenodigdheden, facilitaire kosten en verzekeringen.
24
De raming is bij de tussentijdse begrotingswijzigingen verhoogd met € 317.000. Belangrijkste reden was een verschuiving van kosten voor software van SGD-contract naar deze post, de uitgaven voor een compleet beplantingsplan voor de binnen- en buitenkant van het kantoor, hogere kosten voor specifieke externe expertise. De realisatie 2023 (€ 1,632 mln.) komt € 77.000 hoger uit dan de (bijgestelde) begroting. De hogere kosten worden voornamelijk veroorzaakt doordat de kosten van bepaalde licenties op dit onderdeel zijn verantwoord in plaats van op het onderdeel Ondersteuning SGD, en de afschrijving als gevolg van de verkoop van een van de boten die OZHZ in bezit heeft. Overigens wordt deze afschrijving gedekt uit een reserve materieel budget PZH. Additionele productiekosten (€ 242.000 lagere lasten). De additionele productiekosten worden direct in rekening gebracht bij de opdrachtgevers. Het kan daarbij gaan om externe (juridische) expertise, uitgevoerde werkzaamheden door aannemers, etc. Aan het begin van het jaar is het doorgaans lastig te ramen welke kosten zullen ontstaan; immers, deze kosten hangen direct samen met de opdrachten van de deelnemers en deze verschillen van jaar tot jaar. Het effect op het financiële resultaat is nihil, omdat de lagere lasten leiden tot overeenkomstige lagere baten.
Onvoorzien (€ 77.000 lagere lasten) Het budget onvoorzien is onderdeel van het weerstandsvermogen en bedoelt voor afboeking van niet factureerbare uren (onderhanden werk) en overige onvoorziene tegenvallers. Bij eerdere begrotingswijzigingen is de raming bijgesteld naar € 150.000, omdat de post fluctueert met het begrotingstotaal. De realisatie 2023 (€ 73.000) is lager dan begroot (€ 150.000). De post onvoorzien is hoofdzakelijk ingezet ter dekking van de ophoging van de verlofvoorzieningen omdat medewerkers minder verlof op hebben genomen dan waar zij recht op hebben.
1.5.4.
Reserves
Toevoegingen (conform begroting)
Toevoeging reserves
Begoting 2023
Realisatie 2023
Verschil
Algemene reserve
117.040
117.040
-
Totaal Bedragen x €
117.040
117.040
-
Algemene reserve Het resultaat 2022 ad € 117.040 is via besluitvorming in de 1e Bestuursrapportage toegevoegd aan de Algemene reserve ter versterking van het weerstandsvermogen. De algemene reserve is onderdeel van het weerstandsvermogen. Voor de beleidsuitgangspunten, omvang, en samenstelling van het weerstandsvermogen en de bijbehorende risico’s wordt verwezen naar de paragraaf weerstandsvermogen. Onttrekkingen (€ 726.920 hoger dan oorspronkelijk begroot, inclusief aanvullende besluitvorming AB) In 2023 is in totaal een bedrag van € 1.032.758 aan de reserves onttrokken. In de primaire begroting was een bedrag van € 305.837 aan onttrekkingen geraamd. Bij Burap 1 en Burap 2 heeft het AB ingestemd met enkele
25
begrotingswijzigingen tot extra onttrekkingen. De extra onttrekkingen uit de reserves dienden hoofdzakelijk ter dekking van het verwachte tekort in 2023 als gevolg van de stijging van de CAO-lonen en overige prijsstijgingen.
Algemene reserve Bij Burap 1 heeft het AB besloten om een bedrag van € 567.000 te laten vrijvallen uit de algemene reserve, gelet op het lagere risicoprofiel van OZHZ in de jaarrekening 2022. Deze vrijval zou worden aangewend als dekking voor het verwachte tekort in 2023. Bestemmingsreserve doorontwikkeling De doorontwikkeling dient om OZHZ op het gebied van houding en gedrag klaar te stomen voor de Omgevingswet. De onttrekking in 2023 is voor extra opleidings- en inwerkkosten in het kader van de instroom van nieuwe medewerkers. Materieel budget PZH In het kader van de vervanging van een vaartuig is het oude vaartuig verkocht. Door een (spoed)reparatie, in de vorm van her-motorisering in 2021 heeft dit een boekverlies opgeleverd van € 29.000. Dit boekverlies wordt gedekt uit de reserve materieel budget PZH. Bestemmingsreserve Digitalisering OZHZ streeft naar een volledige digitalisering van de werkprocessen. Dit draagt bij aan de maatschappelijke wens tot een snelle en transparante informatievoorziening en een vlottere afdoening van zaken. De onttrekking in 2023 betreft de inrichting en optimalisatie van het nieuwe VTH-systeem Open Wave, het werken met key-users etc. De daadwerkelijke digitaliseringslag zal in de komende jaren nog tot verdere acties leiden rond Open Wave waarvoor de reserve niet langer kan worden ingezet.