CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

325 Beantwoording schriftelijke vragen CDA over toezicht op uitvoering Spreidingswet.pdf

Gemeenteraad GHG 24 september 2026, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 7: Vaststellen Lijst ingekomen stukken 24 september 20261.744 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVRAGEN Onderwerp: Toezicht op uitvoering Spreidingswet Naam steller: Jonathan de Koeijer Partij: CDA Categorie: Schriftelijke vragen over niet geagendeerde stukken Toelichting Tijdens de raadsvergadering van 11 juni gaf toenmalig wethouder Hendriksen aan dat de gemeente Hardinxveld-Giessendam is opgeschaald naar trede 3 op de ladder m.b.t. de uitvoering van de Spreidingswet. Vraag 1 Tijdens de mededeling refereerde de wethouder aan een brief van de minister. Graag ontvangen we een afschrift van deze brief. Reactie college Als bijlage bij de beantwoording van deze schriftelijke vragen is de brief van de minister van Asiel en Migratie van 26 mei 2026 toegevoegd. In deze brief wordt het vervolgtraject van het interbestuurlijk toezicht op de uitvoering van de Spreidingswet toegelicht. Vraag 2 Kan het college toelichten wat de opschaling (van trede 2, zoals benoemd in de raadsinformatiebrief 26 mei 2026) naar recent trede 3 op de uitvoeringsladder van de Spreidingswet inhoudt? Reactie college Het college merkt op dat de gemeente op basis van de brief van de minister van Asiel en Migratie van 26 mei 2026 nog niet is opgeschaald naar trede 3 van de interventieladder. Dit is per abuis wel zo meegedeeld aan de raad door de toenmalige wethouder. De strekking van de brief is dat de gemeente in trede 3 komt als uit een ambtelijk gesprek blijkt dat er onvoldoende voortgang is.

Op dit moment bevindt de gemeente zich dus nog formeel in trede 2, waarbij aanvullende informatie wordt opgevraagd en gevalideerd. Ook is de gemeente uitgenodigd voor een gesprek op ambtelijk niveau over de stand van zaken met betrekking tot de opvangopgave. Trede 3 betreft de fase van actief toezicht, waarin op bestuurlijk niveau afspraken worden gemaakt over acties, termijnen en het vervolgproces. Vraag 3 Kan het college aangeven welke concrete vervolgstappen het, naar aanleiding van de opschaling van de gemeente naar trede 3 op de uitvoeringsladder van de Spreidingswet, voornemens is te zetten? Reactie college Het college merkt in lijn met het eerdere antwoord op dat van een opschaling naar trede 3 geen sprake is. Mocht het ministerie na het ambtelijk gesprek besluiten dat de gemeente in trede 3 wordt geplaatst dan zal het college aan het bestuurlijk gesprek deelnemen en daarbij toelichting geven op de verrichte inspanningen, de actuele stand van zaken en de mogelijkheden die het college ziet om invulling te geven aan de wettelijke opgave. De grondhouding van het college blijft dat we dit vraagstuk regionaal willen benaderen en daarom richten we ons op constructief overleg en het maken van afspraken met regionale partners, het COA, de provincie Zuid-Holland en het ministerie.

Vraag 4 Op welk moment of in welke gevallen is inschaling in trede 4 (of hoger) aan de orde? - 2 - Reactie college Volgens de interventieladder van het ministerie volgt trede 4 wanneer het actieve toezicht in trede 3 onvoldoende resultaat oplevert en er geen overeenstemming wordt bereikt over de noodzakelijke stappen om aan de wettelijke taak te voldoen. Trede 4 bestaat uit een formele vooraankondiging van indeplaatsstelling, waarin wordt aangegeven waarom de gemeente naar het oordeel van de minister in gebreke blijft. Als vervolgens nog steeds niet aan de wettelijke taak wordt voldaan, kan de minister overgaan naar trede 5 (besluit tot indeplaatsstelling) en uiteindelijk trede 6 (feitelijke indeplaatsstelling). In dat laatste geval neemt het Rijk zelf de noodzakelijke maatregelen om de taak uit te voeren, waarbij de kosten voor rekening van de gemeente kunnen komen.

Vraag 5 In hoeverre acht het college een regionale oplossing voor de opvangopgave nog haalbaar, nu de gemeente is opgeschaald naar trede 3 op de uitvoeringsladder van de Spreidingswet? Betrekt het college daarbij de inhoud van de naar buiten gekomen formatiememo in Sliedrecht, waarin staat dat geen afspraken worden gemaakt over de opvangopgave van andere gemeenten? Zo ja, welke gevolgen verbindt het college daaraan? Reactie college We zijn ons ervan bewust dat iedere gemeente verantwoordelijk blijft voor de uitvoering van de eigen wettelijke opgave die voortvloeit uit het verdeelbesluit. Het college acht regionale samenwerking echter nog steeds van belang bij de uitvoering van de opvangopgave. Binnen de Regionale Regietafel Zuid-Holland Zuid vindt afstemming plaats tussen gemeenten, provincie, COA en Rijk over de verschillende opvangvraagstukken in de regio. Vanzelfsprekend is het college op de hoogte van de politieke wensen in Sliedrecht. Wij willen hier de komende tijd met het college van de gemeente Sliedrecht het gesprek over voeren om meer duiding te krijgen en te kijken op welke manier samenwerking wel mogelijk is. We hechten aan zorgvuldigheid en verbinden dus nu nog geen definitieve gevolgen aan het standpunt in Sliedrecht.

> Retouradres Postbus 20011 2500 EH Den Haag Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hardinxveld-Giessendam Postbus 175 3370AD Hardinxveld-Giessendam Datum 26 mei 2026 Betreft Vervolgbrief interbestuurlijk toezicht Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen Directoraat-Generaal Migratie Directie Regie Migratieketen Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20011 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/jenv Onze referentie 7546812 Pagina 1 van 3 Geacht college, Op 9 april ontving u een brief in het kader van het interbestuurlijk toezicht op de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (hierna: Spreidingswet). Op 1 juli 2025 moesten gemeenten voldoen aan hun wettelijke taak door vanaf deze datum het aantal asielopvangplekken mogelijk te maken zoals bepaald in de verdeelbesluiten. In de brief werd een eerste beoordeling gedaan van de prestaties van uw gemeente op het gebied van het mogelijk maken van deze asielopvangplekken. Beoordelingskader toezicht Het interbestuurlijk toezicht op de Spreidingswet is belegd bij de minister van Asiel en Migratie.

Toepassing van het interbestuurlijk toezicht gaat op basis van een interventieladder die uit de volgende stappen bestaat: Trede 1 Signaleren In deze fase is op basis van de voortgangsrapportage die het ministerie op 30 juni 2025 van de Provinciale Regie Tafel (PRT) heeft ontvangen geïnventariseerd welke gemeenten niet aan hun wettelijke taak voldoen. Als een gemeente niet voldoet aan haar wettelijke taak gaat zij naar trede 2. Trede 2 Informatie opvragen en valideren Op 9 april hebben alle gemeenten een brief ontvangen met de stand van zaken van de realisatie van asielopvangplekken, waarbij aan de gemeenten die niet voldoen, is gevraagd om nadere informatie. Vervolgens wordt door de toezichthouder over de verkregen informatie ambtelijk overleg gevoerd met de gemeente. Trede 3 Actief toezicht: afspraken over acties, termijnen en vervolg Als wordt geconstateerd dat er voldoende redenen zijn om naar de volgende trede over te gaan, vindt een gesprek op bestuurlijk niveau plaats waarbij afspraken worden gemaakt met de betreffende gemeente over de noodzakelijke acties en de daarbij behorende termijnen. Trede 4 Vooraankondiging indeplaatsstelling Voordat daadwerkelijk tot indeplaatsstelling bij taakverwaarlozing wordt besloten, ontvangt de gemeente per brief een vooraankondiging waarin wordt aangegeven waarom de gemeente in gebreke is.

Trede 5 Besluit tot indeplaatsstelling met laatste termijn om alsnog zelf te voorzien Directoraat-Generaal Migratie Directie Regie Migratieketen Datum 26 mei 2026 Onze referentie 7546812 Pagina 2 van 3 Als de voorgaande treden niet tot overeenstemming met de toezichthouder hebben geleid, neemt de minister een besluit tot indeplaatsstelling. Trede 6 Sanctie indeplaatsstelling De toezichthouder gaat feitelijk over tot indeplaatsstelling van de gemeente wanneer de formele waarschuwingstermijn is verstreken èn de gemeente niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Dat betekent dat alle maatregelen die nodig zijn om de gevorderde taak uit te voeren, door de toezichthouder worden genomen. De kosten hiervan zijn voor rekening van de gemeente. Bevindingen In de brief van 9 april stond dat uw gemeente op 1 juli 2025 niet voldeed aan haar wettelijke taak om het aantal asielopvangplekken mogelijk te maken zoals bepaald in het verdeelbesluit van uw provincie. In deze brief werd u verzocht het ministerie schriftelijk binnen drie weken te informeren over de stand van zaken met betrekking tot de realisatie van asielopvangplekken in uw gemeente en hierbij aan te geven wat de reden is waardoor u niet of niet volledig aan de wettelijke taak voldoet. Inmiddels heeft het ministerie de reeds bekende informatie gevalideerd aan de hand van actuele informatie van het COA.

Voor uw gemeente zijn de cijfers als volgt: Wettelijke taak* Realisatie per 1-7-2025 volgens de voortgangsrapportage** Realisatie per 1-7- 2025 volgens het COA Realisatie per 1-2-2026 volgens het COA Regulier 110 0 0 0 AMV 0 0 0 0 *De wettelijke taak van uw gemeente om asielopvangplekken te realiseren komt voort uit het verdeelbesluit van december 2024. **De voortgangsrapportage is uiterlijk 30 juni 2024 ingeleverd door de commissaris van de Koning van uw provincie. De provincie Limburg heeft geen voortgangsrapportage ingeleverd. Graag gaan we met uw gemeente in gesprek over de bij ons bekende informatie. Uw reactie op het informatieverzoek van 9 april wordt hierin meegenomen. Uitnodiging gesprek U wordt uitgenodigd voor een online gesprek op ambtelijk niveau. U ontvangt een uitnodiging om hiervoor een afspraak te maken. In dit gesprek zullen wij u vragen om een nadere toelichting te geven op het niet voldoen aan uw wettelijke taak in het kader van de Spreidingswet. Als uit dit gesprek onvoldoende voortgang blijkt, zal opschaling naar trede 3 plaatsvinden. Uw gemeente komt dan onder actief toezicht te staan. Wanneer u de afzonderlijke uitnodiging heeft ontvangen maar geen afspraak maakt, gaat het ministerie er vanuit dat u geen behoefte heeft aan een gesprek op ambtelijk niveau. In dat geval zal opschaling naar trede 3 plaatsvinden.

U wordt dan op korte termijn uitgenodigd voor een gesprek op bestuurlijk niveau. Acute behoefte aan opvangplekken Zoals bekend is de situatie in de asielopvang nog steeds urgent en kritiek. De opvang is op dit moment overvol. Landelijk is de bezettingsgraad van het COA Directoraat-Generaal Migratie Directie Regie Migratieketen Datum 26 mei 2026 Onze referentie 7546812 Pagina 3 van 3 zeer hoog; rond de 105%. Dit wordt wederom dagelijks zichtbaar door de situatie in het aanmeldcentrum in Ter Apel, waar COA is overgegaan tot gecontroleerde toegang en de opvang moet beperken tot kwetsbare personen. Het korte termijn tekort aan asielopvangplekken betreft 4.200 plekken voor de zomer, oplopend naar 7.900 plekken in september. Dit is een zeer onwenselijke situatie, waar het ministerie in eerdere brieven, zoals de brief aan gemeenten van 26 maart jl, aandacht voor heeft gevraagd. Gelet op de urgentie van de opgave wil ik nogmaals het belang onderstrepen dat alle gemeenten hun bijdrage leveren. Ik ben gemeenten die dit al wel doen of hebben gedaan dan ook zeer erkentelijk voor hun inspanningen. De commissaris van de Koning van uw provincie wordt geïnformeerd over deze brief. Hoogachtend, De minister van Asiel en Migratie, namens hem, drs. K. Morren Directeur Regie Migratieketen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/1203/documents/36357