2. Brief Gedep Staten_aan Prov Staten over toekomstverkenning personenvervoer_over_water.pdf
Tekst van het document
GS brief aan Provinciale Staten Provinciehuis Postbus 90602 2509 LP Den Haag T 070 - 441 66 11 www.zuid-holland.nl/contact Datum 15 juli 2025 Ons kenmerk PZH-2025-876523858 DOS-2017-0006202 Bijlagen 2
Aan Provinciale Staten
Onderwerp: toekomstverkenning personenvervoer over water
Geachte Statenleden, Bij brief dd. 24 april 2025 (PZH-2025-872826281) bent u door Gedeputeerde Zevenbergen geïnformeerd over de zorgwekkende toestand omtrent de overeenkomst Personenvervoer over Water (hierna: “Overeenkomst”). Door tegenvallende opbrengsten, oplopende kosten en de impact van de COVID19-pandemie waren de verliezen eind 2024 tot een dusdanig niveau opgelopen dat vervoerder Aqualiner en grootaandeelhouder Damen ons hebben meegedeeld de Overeenkomst niet langer ongewijzigd te kunnen voortzetten. Daarmee werd het voorbestaan in 2025 van het netwerk van personenvervoer over water, dat in de volksmond bekend staat als de Waterbus, onzeker. Toekomstverkenning In bovengenoemde lid GS-brief is ook aangekondigd dat er samen met Aqualiner en Damen gewerkt wordt aan meerdere toekomstsscenario’s. De afgelopen maanden is in een intensief traject onderhandeld met vervoerder Aqualiner en grootaandeelhouder Damen om binnen deze toekomstverkenning, die u in de bijlage aantreft, tot een voorkeursalternatief te komen. Daarbij is nauw contact gehouden met en teruggekoppeld aan de stakeholders in het gebied, waaronder de Regio Drechtsteden, Rijkswaterstaat, Stichting Werelderfgoed Kinderdijk en de gemeenten met een halte. In deze brief leest u een kort verslag van welke inspanningen de afgelopen periode zijn verricht en wat het resultaat daarvan is.
De vier in de toekomstverkenning opgenomen scenario’s zijn door de ambtelijke werkgroep bestudeerd en gevalideerd op kansrijkheid. Daarbij spelen financiële en juridische aspecten, alsmede politieke wensen een rol. Voorop staat echter altijd het belang van de reiziger, die geholpen is met betrouwbaar openbaar vervoer, in dit geval over water, en die gebaat is bij continuïteit. Gedeputeerde Staten streven naar het beschikbaar houden van de Waterbus voor zoveel mogelijk van de reizigers. Niemand wil dat het openbaar vervoer over water abrupt tot stilstand zou komen, wat de consequentie zou zijn van een faillissement. Binnen de huidige Overeenkomst is het echter niet toegestaan om de bijdrage vanuit de overheid onbeperkt te blijven verhogen. Dankzij uw staten, die in de voorjaarsnota €3,1 miljoen aan
PZH-2025-876523858 dd. 15-07-2025
Ons kenmerk PZH-2025-876523858
aanvullende bijdrage beschikbaar hebben gesteld, is het gelukt om de dienstverlening van de Waterbus gedurende de plan- en besluitvormingsfase in ongewijzigde vorm voort te zetten. Daarmee is een belangrijke bijdrage geleverd in het behoud van het vertrouwen van de reiziger in het product Waterbus. Binnen de Overeenkomst is daarmee echter ook bijna het maximum bereikt dat door de Provincie aan aanvullende middelen aan de vervoerder mag worden verstrekt. Bovendien is personenvervoer over water een relatief dure vorm van openbaar vervoer. De Waterbus heeft gebruikersaantallen die vergelijkbaar zijn met busvervoer, tegen kosten die vergelijkbaar zijn met vervoer per spoor. Daarmee kan de vraag gesteld worden of een aanvullende bijdrage in de exploitatie van de Waterbus wel een doelmatige investering is. Zoals de bijgesloten rapportage van bureau Goudappel laat zien, kan dit geld ook gebruikt worden om OV-alternatieven op de wal flink te versterken., waar dan verhoudingsgewijs meer reizigers van profiteren. Uit hoofde van deze overwegingen is het de wens van Gedeputeerde Staten om binnen de huidige Overeenkomst en zonder verdere aanvullende bijdragen, een oplossing te vinden waarvan zoveel mogelijk bestaande reizigers profiteren.
Voorkeurscenario Gedeputeerde Staten leggen u hierbij het voorkeursscenario voor, in het vertrouwen dat hiermee de toekomst van het waterbus-netwerk voor de komende periode – namelijk de resterende looptijd van de huidige Overeenkomst tot 1 januari 2030- weer is veiliggesteld. Bovendien wordt met dit scenario zo goed als mogelijk voldaan aan de hiervoor geschetste randvoorwaarden. Het voorkeurscenario stuurt aan op opheffing van de lijnen 21 (Rotterdam-Kinderdijk) en 23 (Dordrecht-Sliedrecht) per 6 oktober aanstaande, de start van de winterdienstregeling. Daar staat tegenover dat de lijnen 20 (Rotterdam-Dordrecht) en 22 (Dordrecht – Papendrecht en Zwijndrecht) onverkort in de vaart blijven, waarmee voor ruim 90% van de bestaande reizigers de dienstverlening gehandhaafd blijft. Werelderfgoed Kinderdijk (lijn 21) blijft in de zomerperiode over water bereikbaar, zij het niet langer meer als openbaar vervoer tegen openbaar vervoertarieven. Lijn 23 zal komen te vervallen. Dit laatste is echter verdedigbaar gezien de uiterst summiere reizigersaantallen van lijn 23 en de OV-alternatieven die deze reizigers hebben op de wal (Merwedelingelijn, R-net). Onderstaande tabel geeft het gebruik van de vier waterbuslijnen weer.
Grootschalig onderhoud aan wegeninfrastructuur Rijkswaterstaat Met Rijkswaterstaat is overleg gevoerd over wat de impact van afschaling of zelfs opheffing van het waterbusnetwerk aan consequenties zou hebben tijdens de grootschalige onderhouds2/3 PZH-2025-876523858 dd. 15-07-2025
Ons kenmerk PZH-2025-876523858
werkzaamheden in de regio de komende jaren, waaronder de renovatie van de Brug over de Noord (startend eind dit jaar, voor enkele maanden) en de Papendrechtse brug (startend in juli 2026, voor een periode van 9 maanden). Hieruit is gebleken dat Rijkswaterstaat vooral aan instandhouding van lijn 20 hecht. Vervoer over water ten tijde van de stremming van de Papendrechtse brug zal door Rijkswaterstaat worden georganiseerd in de vorm van een tijdelijke veerpont parallel aan de Papendrechtse brug. Daarnaast worden op de wal busdiensten van en naar treinstation Stadspolders georganiseerd om een drukker gebruik van de Merwedelingelijn te faciliteren. In dit licht is er geen noodzaak om lijn 23 te continueren vanwege de stremming van de Papendrechtse brug. Concurrentiepositie waterbus-netwerk Gedeputeerde Staten constateren dat de concurrentiepositie van de Waterbus ten opzichte van andere modaliteiten, óók ten opzichte van het OV op de wal, structureel is verslechterd. Forse investeringen door de Provincie in het OV op de wal in de regio Drechtsteden, resulterend in een gerevitaliseerde Merwedelingelijn en een opgewaardeerd buslijnennet (R-net), maar ook de opkomst van de elektrische fiets, hebben hieraan bijgedragen. Daarnaast valt het grote verschil in kosten per afgelegde reizigerskilometer op tussen de Waterbus en andere OV-modaliteiten (tot wel het tienvoudige).
Dit neemt niet weg dat de Waterbus verplaatsingen mogelijk maakt die over land niet of alleen met omreizen mogelijk zijn door het ontbreken van goede oeververbindingen. Dit alles maakt het naar oordeel van Gedeputeerde Staten noodzakelijk om tot een herbezinning van de rol van het personenvervoer over water binnen het OVnetwerk te komen. In het komende jaar zal Gedeputeerde Staten met u de dialoog starten hoe de verdere toekomst van het personenvervoer over water, na het aflopen van de huidige Overeenkomst, eruit zal gaan zien. Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, secretaris,
voorzitter,
drs. M.J.A. van Bijnen MBA
mr. A.W. Kolff
Bijlagen 1. Rapportage toekomstverkenning personenvervoer over water 08072025 2. Definitieve rapportage Waterbus
3/3 PZH-2025-876523858 dd. 15-07-2025