1e GR Sociaal - Formulieren ombuigingen.pdf
Tekst van het document
Bijlage 2 - Formulieren ombuigingen
Inhoud Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 1 .................................................................... 4 Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Extern budgetbeheer ..4 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 2 .................................................................... 6 Persoonlijk Minimabudget (PMB): verlagen inkomensgrens naar 110% van het sociaal minimum ...........................................................................................................................6 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 3 .................................................................... 7 Persoonlijk Minimabudget (PMB): Referteperiode verlengen naar twee jaar ............................7 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 4 .................................................................... 9 Persoonlijk Minimabudget (PMB): de hoogte verlagen naar 35% van het sociaal minimum......9 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 6 .................................................................. 11 Werken met een drempelbedrag voor de bijzondere bijstand ............................................... 11 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 7 .................................................................. 13 Persoonlijk minimabudget: Stoppen met extra bedrag voor kinderen tot 18 jaar ...................
13 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 9 .................................................................. 15 Stoppen met regeling tegemoetkoming eigen bijdrage kinderopvang .................................... 15 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 11 ................................................................ 16 Collectieve Zorgverzekering voor Minima: Vermogensgrens hanteren (met behulp van Bureau InformatieDiensten Nederland) ......................................................................................... 16 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 12 ................................................................ 18 Inkomensgrens Collectieve Zorgverzekering voor minima verlagen van 130% naar 120% ...... 18 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 14 ................................................................ 20 Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Terugwerkende kracht van zes maanden naar drie maanden ................................................................................. 20 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 15 ................................................................ 22 Persoonlijk minimabudget: PMB als voorliggende voorziening op de bijzondere bijstand ...... 22 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 16 ................................................................
24 Vermogenstoets voor bijzondere bijstand .......................................................................... 24 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 18 ................................................................ 26 Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Werken met afwijkende draagkracht- en toekenningsperiodes ................................................................................ 26 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 19 ................................................................ 28 Ambtshalve verstrekken van het PMB ................................................................................. 28 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 20 ................................................................ 30 1
Loonkostenpremie uitbreiden ........................................................................................... 30 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 21 ................................................................ 32 Baanbonus uitbreiden....................................................................................................... 32 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 22 ................................................................ 34 Inzet Werk Ontwikkelpunt (WOP) voor uitvoering MAP ......................................................... 34 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 23 ................................................................ 36 Bemiddelen bij de poort .................................................................................................... 36 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 24 ................................................................ 38 Doorrekenen nuggersbeleid in begroting ............................................................................ 38 Ombuigingsformulier maatregel 26.................................................................................. 40 Stoppen met subsidie aan Stichting MBO ........................................................................... 40 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 28 ................................................................
42 Inzet WOP voor uitvoering participatiedeel van de Z-route ................................................... 42 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 29 ................................................................ 44 Doortrekken Vroege Start .................................................................................................. 44 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 30 ................................................................ 46 Scootmobiel als algemene voorziening verstrekken i.p.v. als maatwerkvoorziening ............... 46 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 31 ................................................................ 48 Invulling geven aan reablement binnen de huishoudelijke ondersteuning door middel van inzet ergotherapeut ........................................................................................................... 48 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 32 ................................................................ 50 Invulling geven aan reablement binnen de huishoudelijke ondersteuning door middel van inzet huishoudcoach ........................................................................................................ 50 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 33 ................................................................
52 Invulling geven aan reablement door middel van Powerful Ageing binnen de huishoudelijke ondersteuning .................................................................................................................. 52 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 34 ................................................................ 54 Maximaliseren gebruik technologie / slimme woninginrichting bij huishoudelijke ondersteuning .................................................................................................................. 54 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 35 ................................................................ 56 Afspraken maken met woningcorporaties over woningaanpassingen die ten dienste komen van het gehele complex .................................................................................................... 56 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 36 ................................................................ 58 Arbeidsmatige en ontwikkelgerichte dagbesteding gedeeltelijk vervangen door participatieplekken ........................................................................................................... 58 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 37 ................................................................
60 Wasservice als algemene voorziening inrichten ................................................................. 60 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 38 ................................................................ 62 Pgb tarief voor ondersteuners uit het netwerk baseren op het minimumloon ....................... 62 2
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 39 ................................................................ 64 Deelscootmobiel/scootmobielpool als algemene voorziening in het leven roepen ............... 64 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 40 ................................................................ 66 Huishoudelijke ondersteuning gebiedsgericht inrichten ..................................................... 66 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 41 ................................................................ 68 (Meer) gebruik maken van het regresrecht (artikel 2.4.3 Wmo) ............................................ 68 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 42 ................................................................ 70 Intensiveren van Wmo toezicht.......................................................................................... 70 Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 43 ................................................................ 72 Nieuw planningssysteem Stroomlijn .................................................................................. 72
3
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 1 1. Opgave 2. Maatregel
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Extern budgetbeheer S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten/ verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-340
-340
-340
-340
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Het huidige beleid voor bijzondere bijstand bevat onderdelen die ruimer zijn dan de Participatiewet vereist. Extern budgetbeheer is hier een voorbeeld van. Gemeenten zijn niet verplicht om bijzondere bijstand voor extern budgetbeheer te verstrekken, en veel gemeenten doen dit dan ook niet. In jurisprudentie is inmiddels bevestigd dat gemeenten aanvragen voor bijzondere bijstand voor extern budgetbeheer mogen afwijzen vanwege een voorliggende voorziening, namelijk de gemeentelijke schuldhulpverlening. Een voor de hand liggende beleidsuitwerking is om bestaande toekenningen bijzondere bijstand voor extern budgetbeheer te laten doorlopen, maar nieuwe aanvragen af te wijzen. Dit wordt ook wel een “sterfhuisconstructie” genoemd. B. Maatschappelijke impact Budgetbeheer is een effectieve manier om inwoners te ondersteunen wanneer bewindvoering niet noodzakelijk is. We zien een sterke groei in het gebruik van extern budgetbeheer. Dit komt mede door strenger toezicht op bewindvoering, terwijl de controle op budgetbeheer beperkt is. SDD beschikt over intern budgetbeheer voor inwoners die werkelijk deze ondersteuning nodig hebben. Wanneer bijzondere bijstand voor extern budgetbeheer wordt stopgezet voor nieuwe aanvragen, ontstaat mogelijk een waterbedeffect: meer inwoners kunnen overstappen naar intern budgetbeheer.
De kwaliteit van budgetbeheerders verschilt bovendien sterk, waardoor het aannemelijk is dat schuldenproblematiek toeneemt bij inwoners die geen toegang meer hebben tot extern budgetbeheer. Tegelijkertijd kan het voorliggend veld, met laagdrempelige vormen van ondersteuning, mogelijk een deel van de inwoners opvangen die niet langer in aanmerking komen voor bijzondere bijstand voor extern budgetbeheer. Voor budgetbeheerderskantoren in de regio heeft de maatregel gevolgen voor hun financiële positie en continuïteit. WAARDERING: Midden C. Impact organisatie en processen Het stoppen met een regeling vraagt om implementatie in systemen, werkinstructies en werkafspraken. In dit geval valt het aantal aanpassingen mee. WAARDERING: Midden D. Impact dienstverlening Het beëindigen van deze vergoeding zal naar verwachting niet direct leiden tot impact op de reguliere dienstverlening. Wel kan het effect hebben op de gemeentelijke schuldhulpverlening. Binnen de schuldhulpverlening wordt namelijk ook budgetbeheer aangeboden, maar er is naar verwachting onvoldoende capaciteit om alle inwoners die mogelijk geen gebruik meer kunnen maken van extern budgetbeheer op te vangen. Daarbij geldt overigens dat een strengere afweging kan worden gemaakt ten aanzien van de noodzaak van ondersteuning, waardoor niet iedere inwoner automatisch in aanmerking zal komen voor alternatief budgetbeheer.
Tegelijkertijd bestaat het risico dat beperktere toegang tot extern budgetbeheer leidt tot meer financiële problemen en daarmee tot een toename van het aantal aanmeldingen voor schuldhulpverlening. Mogelijk kan laagdrempelige ondersteuning in het voorveld een deel van deze effecten
4
opvangen. WAARDERING: Midden E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Momenteel geven we jaarlijks € 340.000 uit aan deze kosten. Indien deze vergoedingen worden stopgezet, bespaart dit bedrag. Het risico bestaat echter dat er eventueel extra kosten optreden bij schuldhulpverlning (SHV) wanneer deze kosten als voorliggende voorziening moeten worden opgevangen (zie D).
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten. Deze maatregel kan consequenties hebben voor de doelstellingen en activiteiten van de beleidsplannen schuldhulpverlening 2025-2028 die in het voorjaar van 2025 door de gemeenteraden zijn vastgesteld. Het voorliggend veld, met zijn laagdrempelige vormen van ondersteuning, zal mogelijk een deel van de inwoners moeten opvangen die niet langer gebruik kunnen maken van extern budgetbeheer. Mogelijk reageren de budgetbeheerderskantoren in de regio op de financiële gevolgen, omdat het wegvallen van inkomsten hun continuïteit onder druk zet en zij kunnen vinden dat hun dienstverlening bijdraagt aan het voorkomen van schuldenproblematiek. Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden: Ja, via de Suite registreren we de uitgaven.
Juridisch uitvoerbaar? Ja Beleidsvrijheid?
Ja
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
5
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 2 1. Opgave
Bestaanszekerheid versterken
2. Maatregel
Persoonlijk Minimabudget (PMB): verlagen inkomensgrens naar 110% van het sociaal minimum
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-150
-150
-150
-150
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Het PMB is bij de herijking minimabeleid 2023 verruimd op basis van de MER 2022 (behalve HardinxveldGiessendam). Gemeenten kunnen ervoor kiezen deze verruiming op hoogte en doelgroep terug te draaien. Het vertrekpunt per gemeente kan verschillen. Daarbij speelt mee dat sinds 2023 diverse landelijke maatregelen de inkomenspositie van minimahuishoudens hebben versterkt, zoals de verhoging van het minimumloon/bijstandsnormen. B. Maatschappelijke impact Minder mensen komen in aanmerking. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen. WAARDERING: MIDDEN C. Impact organisatie en processen Impact op de organisatie is beperkt. De doelgroep wordt kleiner dus je verstrekt minder PMB’s. Past binnen de huidige processen. WAARDERING: MIDDEN D. Impact dienstverlening Voor de inwoners die het betreft is het een verslechtering van de dienstverlening. Anderzijds zijn dit inwoners met de relatief hogere inkomens. Zoals gezegd heeft de verhoging toen als insteek gehad dat de kosten voor inwoners op dat moment sterk stegen. Inmiddels is dit landelijk gecorrigeerd en je zou kunnen zeggen dat het PMB op dit moment erg ruim is ingestoken. WAARDERING: MIDDEN E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De berekening is gebaseerd op een inschatting van het aantal klanten met een inkomen tussen 110% en 120%.
Klanten met inkomensgrens 120% worden niet apart geregistreerd. De inschatting is daarom gebaseerd op het verschil tussen de uitgaven van PMB klanten zonder bijstandsuitkering in 2022 (Inkomensgrens 110%-grens van toepassing) en de uitgaven in 2025 (Inkomensgrens 120%-grens van toepassing). Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten: de verordeningen PMB moeten door de raden worden aangepast. Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Ja. Dit zal blijken uit de betalingen in Suite.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja.
6
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 3 1. Opgave 2. Maatregel 3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Persoonlijk Minimabudget (PMB): Referteperiode verlengen naar twee jaar S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-200
-200
-200
-200
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Bij het PMB wordt momenteel een referteperiode van een jaar gehanteerd. Inwoners moeten één jaar een laag inkomen hebben gehad. Door deze periode te verlengen naar twee jaar, komen mensen minder snel in aanmerking voor het PMB. Niet alle gemeenten kunnen deze maatregel toepassen want HardinxveldGiessendam heeft al een referteperiode van twee jaar. B. Maatschappelijke impact Minder mensen komen in aanmerking want een inwoner moet langere tijd een laag inkomen en vermogen hebben. Dit maakt de regeling gerichter. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen. Het inkomen van de mensen met de laagste inkomens zijn sinds de herijking al verhoogd op landelijk niveau. Dus het beperken van het PMB heeft een beperkte invloed op het besteedbaar inkomen. WAARDERING: MIDDEN C. Impact organisatie en processen Het heeft wel invloed op de processen maar die beperken zich tot éénmalig wijzigingen. Medewerkers zullen voornamelijk bij nieuwe aanvragen van niet-klanten wat langer bezig zijn omdat er naar twee jaar gekeken moet gaan worden. Maar dit is beperkt en vraagt niets nieuws qua kennis of in de processen. WAARDERING: HOOG D. Impact dienstverlening Voor de inwoners is het een verslechtering maar een referteperiode van twaalf maanden is op landelijk niveau kort. Een termijn van 36 maanden is bijvoorbeeld heel gebruikelijk.
Het gaat volgens de wet om een langdurig laag inkomen. WAARDERING: MIDDEN E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De besparing is gebaseerd op de informatie van het CBS. De inschatting is dat het verlengen van de referteperiode naar twee jaar een besparing oplevert van 5%. Hierdoor verlaagt de begroting met € 200.000.
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten: de verordeningen PMB moeten door de raden worden aangepast.
7
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Ja. Dit zal blijken uit de betalingen in Suite.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
8
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 4 1. Opgave 2. Maatregel
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Persoonlijk Minimabudget (PMB): de hoogte verlagen naar 35% van het sociaal minimum. S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-425
-425
-425
-425
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Het PMB is in bij de herijking minimabeleid 2023 verruimd op basis van de MER 2022 (behalve HardinxveldGiessendam). Gemeenten kunnen ervoor kiezen deze verruiming op hoogte en doelgroep terug te draaien. Daarbij speelt mee dat sinds 2023 diverse landelijke maatregelen de inkomenspositie van minimahuishoudens hebben versterkt, zoals de verhoging van het minimumloon/ bijstandsnormen. Niet alle gemeenten kunnen deze maatregel toepassen want Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht en Alblasserdam hebben deze al staan op 35%. Hoewel dit bij Alblasserdam pas op 1 juli 2026 ingaat. Deze maatregel hangt samen met maatregel 7, waarin het bedrag voor kinderen wordt geschrapt. Het gelijktijdig toepassen van beide maatregelen leidt tot een aanzienlijke inkomensachteruitgang voor gezinnen met jonge kinderen. B. Maatschappelijke impact Alle inwoners die PMB ontvangen krijgen voortaan een lager PMB. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen. Met dat laatste wordt bedoeld dat de inkomens van inwoners met een laag inkomen op landelijk niveau al gecorrigeerd / verhoogd zijn. Dat was anders toen besloten werd om de bedragen ter verhogen. WAARDERING: MIDDEN C. Impact organisatie en processen Het heeft wel invloed op de processen maar die beperken zich tot éénmalige wijzigingen van de systemen. WAARDERING: MIDDEN D.
Impact dienstverlening Voor de inwoners is het een verslechtering maar de bedragen zijn relatief hoog ten opzichte van landelijke bedragen. Zoals gezegd heeft de verhoging toen als insteek gehad dat de kosten voor inwoners op dat moment sterk stegen. Inmiddels is dit landelijk gecorrigeerd en je zou kunnen zeggen dat het PMB op dit moment erg ruim is ingestoken. Dat effect wordt nog versterkt WAARDERING: MIDDEN E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het bedrag van de Persoonlijk Minimabudget (PMB)is gebaseerd op een percentage van de bijstandsnorm en bedraagt momenteel 40% voor de gemeenten Dordrecht, Papendrecht en Zwijndrecht of 45% voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht van de toepasselijke bijstandsnorm. Dit percentage wordt verlaagd naar 35%. Hierdoor zullen de kosten per gemeente afnemen. Bij Dordrecht bedraagt het verschil € 260.000 (verschil tussen 40% en 35%). Bij Hendrik-Ido-Ambacht bedraagt het verschil € 50.000 (verschil tussen 45% en 35%). Bij Papenrecht bedraagt het verschil € 40.000 (verschil tussen 40% en 35%). Bij Zwijndrecht bedraagt het verschil € 75.000 (verschil tussen 40% en 35%).
F. Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten: de verordeningen PMB moeten door de raden worden aangepast.
9
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Ja. Dit zal blijken uit de betalingen in Suite.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
10
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 6 1. Opgave 2. Maatregel
Bestaanszekerheid versterken Werken met een drempelbedrag voor de bijzondere bijstand
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Wettelijk gezien bestaat de mogelijkheid om bij de toekenning van bijzondere bijstand een drempelbedrag te hanteren. Dit bedrag wordt jaarlijks vastgesteld en bedraagt per 1 januari 2026 maximaal € 176,00 per periode van 12 maanden. Het gevolg hiervan is dat inwoners een groter deel van de kosten zelf moeten dragen, waardoor de uitgaven aan bijzondere bijstand afnemen. Daarnaast leidt dit naar verwachting tot lagere uitvoeringskosten, omdat er minder aanvragen worden ingediend voor relatief kleine bedragen. B. Maatschappelijke impact Met deze maatregel vraag je inwoners om kosten tot een bepaald bedrag zelf te dragen. Slechts een beperkt aantal gemeenten maakt gebruik van deze mogelijkheid, waardoor dit in de beeldvorming negatief kan worden uitgelegd. Voor inwoners met een minimuminkomen is € 176,00 bovendien een aanzienlijk bedrag. Het risico bestaat dat dit leidt tot een toename van aanvragen bij SUN Drechtsteden en mogelijk ook tot (verdere) schuldenproblematiek. WAARDERING: HOOG C. Impact organisatie en processen De impact op processen is laag, er is niet veel voor nodig om dit in te regelen. WAARDERING: LAAG D. Impact dienstverlening WAARDERING: LAAG E.
Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Werken met een drempelbedrag voor de bijzondere bijstand betekent dat inwoners pas een aanvraag mogen indienen als hun kosten een bepaald bedrag overstijgen (€ 176,00). Op het moment dat de kosten overstegen zijn kunnen ze pas een aanvraag indienen. Hiermee houd je aanvragen tegen van mensen die niet veel bijzondere noodzakelijke kosten hebben. Een exacte berekening is mogelijk, maar niet op korte termijn. Een inschatting op basis van bestand is de besparing lager dan € 50.000. Optie twee is dat je ook bij mensen die meer dan € 176,00 aan kosten hebben, dat bedrag in mindering brengt. Dan bespaar je bij iedere aanvraag € 176,00. Dat levert het meeste op maar is juridisch kwetsbaar. Er is twijfel of dat mag als het bij een rechtbank wordt neergelegd. Bij deze optie is de besparing ongeveer € 400.000 en is gebaseerd op aantal klanten Bijzondere bijstand.
11
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten. De maatregel kan maatschappelijk gezien gevoelig liggen en leidt mogelijk tot een verschuiving naar het lokale informele en voorliggende veld.
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Ja, dit zal blijken uit betalingen via de Suite.
Juridisch uitvoerbaar? Ja, maar het is niet volledig helder of de tweede optie (in mindering brengen) juridisch houdbaar is. Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
12
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 7 1. Opgave 2. Maatregel
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Persoonlijk minimabudget: Stoppen met extra bedrag voor kinderen tot 18 jaar S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-76
-76
-76
-76
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Bij het PMB hanteren momenteel alle deelnemende gemeenten, met uitzondering van H-G, een extra bedrag voor gezinnen met kinderen tussen de 13 en 18 jaar. Het extra bedrag bedraagt € 100, ongeacht het aantal kinderen. Hendrik-Ido-Ambacht hanteert een grotere doelgroep, namelijk voor alle kinderen tot 18 jaar. B. Maatschappelijke impact Inwoners met kinderen krijgen op dit moment een aanvullend bedrag. Dit is bedoeld voor kinderen tot 18 jaar. Dit bedrag is ook bedoeld om kosten te compenseren die deze inwoners maken. Het bedrag is niet dusdanig hoog dat het grote gevolgen heeft voor het besteedbare inkomen. Daarbij komt dat er sinds de regionale invoering van dit kindbedrag landelijke inkomensverbeteringen zijn doorgevoerd voor gezinnen met kinderen (o.a. verhoging kindgebonden budget) WAARDERING: MIDDEN C. Impact organisatie en processen Het heeft weinig impact op de organisatie omdat het proces niet wijzigt. Alleen de toekenning van dit bedrag wordt niet meer meegenomen. Dat heeft weinig invloed. WAARDERING: LAAG D. Impact dienstverlening Een versobering van voorzieningen is voor inwoners altijd ingrijpend. Hoewel deze maatregel naar verwachting geen grote invloed heeft op het besteedbaar inkomen, kan deze door inwoners wel als vervelend worden ervaren.
Voor de dienstverlening van de SDD of de uitvoering heeft de maatregel naar verwachting nauwelijks gevolgen. WAARDERING: MIDDEN E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing In 2025 zijn er 760 betalingen gedaan, voor een totaalbedrag van €76.300, ten behoeve van huishoudens met kinderen. Stoppen met het toekennen van het extra bedrag voor kinderen tot 18 jaar leidt tot een besparing van €76.300.
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten: de verordeningen PMB moeten door de raden worden aangepast. Mogelijke verschuiving naar SMS-Kinderfonds.
13
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden: Ja. Dit zal blijken uit de betalingen in Suite.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
14
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 9 1. Opgave
Bestaanszekerheid versterken
2. Maatregel
Stoppen met regeling tegemoetkoming eigen bijdrage kinderopvang
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-36
-36
-36
- 36
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel De regeling vergoedt de eigen bijdrage van de kinderopvangtoeslag. Er komt momenteel maar een kleine doelgroep in aanmerking voor deze regeling (werkende armen tot 130% WSM) en deze doelgroep is lastig te bereiken. B. Maatschappelijke impact Gezien de beperkte omvang van deze regeling is de totale maatschappelijke impact minimaal. Voor een individuele inwoner kan het wel financiële impact hebben want voor minima kan de eigen bijdrage van 4% van de totale kinderopvangkosten een groot maandelijks bedrag zijn. Voor een inwoner kan dit een drempel zijn om te gaan werken. WAARDERING: LAAG C. Impact organisatie en processen Hiervoor geldt hetzelfde als onder B. De regeling is zo minimaal dat het weinig impact heeft. Mogelijk geeft het een kleine positieve impact omdat de regeling niet meer onderhouden hoeft te worden. WAARDERING: LAAG D. Impact dienstverlening Zie B. WAARDERING: LAAG E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing De besparing betreft het begroting 2027. Het scheelt aanvullend op het bovenstaande bedrag nog wat apparaatskosten Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten. Relatie met gemeentelijk kinderopvangbeleid en re-integratiedoelen/werkende armen. Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden: Ja.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
15
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 11 1. Opgave 2. Maatregel
Bestaanszekerheid versterken Collectieve Zorgverzekering voor Minima: Vermogensgrens hanteren (met behulp van Bureau InformatieDiensten Nederland)
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-930
-930
-930
-930
b.
Verhogen baten
0
0
0
0
0
c.
Voorinvestering
0
0
0
0
0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel De CZM is bedoeld om inwoners met een laag inkomen toegang te bieden tot goede en betaalbare zorg. Er wordt géén vermogensgrens gehanteerd (in tegensteling tot bijvoorbeeld algemene en bijzondere bijstand). Het idee is om een vermogensgrens te hanteren die gelijk is aan de algemene bijstand. B. Maatschappelijke impact Het maatschappelijke effect hiervan is dat inwoners met een laag inkomen en een té hoog vermogen mogelijk zorg zullen gaan vermijden. Eventuele effecten hiervan zijn zorgschulden met de daarbij behorende gevolgen zoals een bestuurlijke premie en/of schuldhulp. De groep die geraakt wordt kan voor medische kosten niet in aanmerking komen voor bijzondere bijstand omdat daarvoor dezelfde vermogensgrens geldt. Deze maatregel raakt vooral de groep chronisch zieken en gehandicapten. WAARDERING: MIDDEN C. Impact organisatie en processen Momenteel wordt de CZM nog handmatig uitgevoerd dus een werkwijze waarbij via het inlichtingenbureau gewerkt wordt is een grote verandering. Zowel systeemtechnisch als van de medewerkers vraagt het een andere manier van werken. WAARDERING: HOOG D. Impact dienstverlening WAARDERING: LAAG E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Voor 2027 bedraagt de begroting € 2.800.000.
Naar schatting heeft ongeveer 1/3 van de huidige ontvangers van de Gemeentepolis een té hoog vermogen o.b.v. de vermogensgrens en daarom geen recht meer op de regeling, wat tot een mogelijke besparing van 1/3 van het bedrag € 2.800.000 bedraagt € 930.000. Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten. Relatie met gemeentelijke gezondheidsbeleid. Aan welke andere ombuigingsmaatregel (opgave overstijgend) raakt het voorstel? Deze maatregel raakt voorstellen die vanuit de opgave ‘Zorgen voor ondersteuning' gedaan zijn: 30. Scootmobiel als algemene voorziening in plaats van maatwerk. 37. Wasservice als algemene voorziening.
16
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Ja, dit zal blijken uit betalingen en het aantal deelnemers.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
17
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 12 1. Opgave 2. Maatregel
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Inkomensgrens Collectieve Zorgverzekering voor minima verlagen van 130% naar 120% S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
-140
-140
-140
-140
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel De CZM is bedoeld om inwoners met een laag inkomen toegang te bieden tot goede en betaalbare zorg. De gemeenten betalen een deel (€ 13,50 of € 27,00) van de maandelijkse premie. De inkomensgrens van de Gemeentepolis bedraagt voor het verzekeringsjaar 2026 130% van het WML. Dat is € 3.153,10 bruto per maand, inclusief 8% vakantiegeld. Dit ligt flink boven het wettelijk sociaal minimum. B. Maatschappelijke impact Zodra de inkomensgrens van de Gemeentepolis wordt verlaagd zal er minder toegang zijn tot uitgebreidere zorg voor een inwoners en een toename van schuldenproblematiek. De groep die wordt geraakt, kan voor medische kosten geen bijzondere bijstand ontvangen, omdat hun inkomen boven de daarvoor geldende grens ligt. Vooral de groep chronisch zieken en gehandicapten worden geraakt. Een belangrijk aspect hierin is dat de Gemeentepolis zowel een basis als ook een aanvullende verzekering heeft. Dat houdt dus ook in dat mondzorgkosten worden vergoed, een probleem wat vorig jaar nog landelijke aandacht heeft gehad i.v.m. mondzorgmijding. Bij een verlaging van 130% naar 120% WML zal dit effect beperkt zijn omdat de inkomensgrens momenteel vrij hoog ligt. WAARDERING: LAAG C. Impact organisatie en processen Het is in de organisatie makkelijk te implementeren omdat je ergens mee stopt. WAARDERING: MIDDEN D.
Impact dienstverlening De doelgroep die hiervan gebruik maakt is te omschrijven als kwetsbaar in ieder geval qua gezondheid. Zij lopen het risico op hoge zorgkosten anders zouden ze waarschijnlijk deze zorgpolis niet afsluiten. Het verlagen van de inkomensgrens heeft effect op deze doelgroep. Hoge zorgkosten hebben impact op financiële kwetsbaarheid. WAARDERING: MIDDEN E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Voor 2027 begroten we een bedrag € 2.800.000. Als de inkomensgrens van de Gemeentepolis wordt verlaagd van 130% WML naar 120% WML heeft dit impact op de groep 130% WML. Deze groep betreft ongeveer 20% van de totale doelgroep. Naar schatting maakt circa 5% van deze groep gebruik van de regeling, wat neerkomt op een afname van 5%. Deze afname vertaalt zich naar een besparing van €140.000. Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten. Relatie met gemeentelijke gezondheidsbeleid. Aan welke andere ombuigingsmaatregel (opgave overstijgend) raakt het voorstel? Deze maatregel raakt voorstellen die vanuit de opgave ‘Zorgen voor ondersteuning' gedaan zijn: 30. Scootmobiel als algemene voorziening in plaats van maatwerk. 37. Wasservice als algemene voorziening.
18
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Ja, dit zal blijken uit betalingen en het aantal deelnemers.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
19
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 14 1. Opgave 2. Maatregel
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Terugwerkende kracht van zes maanden naar drie maanden S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Het huidige beleid voor bijzondere bijstand bevat onderdelen die ruimer zijn dan de Participatiewet voorschrijft. Momenteel kunnen inwoners bijzondere bijstand aanvragen met een terugwerkende kracht van zes maanden. De Participatiewet bepaalt sinds dit jaar echter dat bijstand, waaronder bijzondere bijstand, in beginsel maximaal met drie maanden terugwerkende kracht kan worden verstrekt, en alleen wanneer individuele omstandigheden daartoe aanleiding geven. De huidige termijn van zes maanden is daarmee ruimer dan wettelijk is toegestaan. Het terugbrengen van de termijn naar drie maanden heeft daarnaast praktische voordelen voor de uitvoering. Aanvragen zijn eenvoudiger af te handelen omdat minder vaak historische gegevens hoeven te worden opgevraagd. Ook zal het aantal aanvragen afnemen voor kosten die feitelijk al langere tijd geleden zijn voldaan. B. Maatschappelijke impact Inwoners zullen deze maatregel merkbaar ervaren, omdat zij momenteel gewend zijn dat bijzondere bijstand met maximaal zes maanden terugwerkende kracht kan worden aangevraagd en verstrekt. In de nieuwe situatie zal vaker sprake zijn van afwijzingen vanwege een te late aanvraag. In die gevallen komen de kosten voor rekening van de inwoner zelf.
Dit risico speelt met name bij bijzondere bijstand voor maandelijkse bewindvoeringskosten, die ongeveer de helft van de totale uitgaven aan bijzondere bijstand vormen. Hoewel de bewindvoerder verantwoordelijk is voor het tijdig indienen van de aanvraag, ligt het financiële risico van een te late aanvraag uiteindelijk volledig bij de inwoner. Gelet op deze impact ligt het voor de hand om overgangsrecht te overwegen, zodat zowel inwoners als uitvoerders voldoende tijd krijgen om zich aan te passen aan de gewijzigde werkwijze. WAARDERING: MIDDEN C. Impact organisatie en processen Voor de uitvoering heeft deze wijziging voordelen, omdat het minder werkzaamheden met zich meebrengt wanneer aanvragen niet over een langere periode met terugwerkende kracht hoeven te worden beoordeeld. Bij aanvragen met zes maanden terugwerkende kracht moeten inkomen en vermogen namelijk worden vastgesteld op de situatie van dat moment. Hiervoor moeten aanvullende historische gegevens worden opgevraagd en beoordeeld. Daarnaast is het vaststellen van de noodzaak van de kosten doorgaans lastiger wanneer de betreffende situatie verder in het verleden ligt. Een kortere termijn maakt de beoordeling daardoor eenvoudiger en beter uitvoerbaar. WAARDERING: LAAG D. Impact dienstverlening De maatregel heeft enige impact en vraagt om duidelijke communicatie richting inwoners.
Tegelijkertijd is de verwachting dat inwoners relatief snel gewend raken aan het uitgangspunt dat aanvragen binnen een kortere termijn moeten worden ingediend. Naarmate deze werkwijze gebruikelijk wordt, zal dit naar verwachting
20
steeds minder problemen opleveren. Daarbij speelt mee dat het vaak gaat om kosten die op het moment van aanvragen al geruime tijd geleden zijn betaald. Hierdoor ligt het ook minder voor de hand om deze nog langdurig met terugwerkende kracht voor bijzondere bijstand in aanmerking te laten komen. WAARDERING: MIDDEN E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het is lastig om aan deze maatregel een concreet financieel effect te verbinden, omdat geen gegevens beschikbaar zijn over het aantal aanvragen dat hierdoor geraakt wordt. Wel is de verwachting dat de maatregel leidt tot een afname van zowel de apparaatskosten als de programmakosten.
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten. Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Ja, maar moet nog nader uitgewerkt worden hoe dit gemonitord kan worden.
Juridisch uitvoerbaar? Ja Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
21
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 15 1. Opgave 2. Maatregel
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Persoonlijk minimabudget: PMB als voorliggende voorziening op de bijzondere bijstand S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Wettelijk gezien is het mogelijk om het PMB als voorliggende voorziening op de bijzondere bijstand aan te merken. Eigenlijk is het zelfs de bedoeling van de wet (zie art. 35 lid 1 Pw). Dit betekent dat iemand die aanspraak kan maken op het PMB eerst dat PMB moet gebruiken om de bijzondere kosten te betalen. Landelijk wordt dit in veel gemeenten al toegepast. B. Maatschappelijke impact Het kan zijn dat inwoners worden genoodzaakt hun PMB te gebruiken voor kosten waar ze normaal bijzondere bijstand voor konden aanvragen. Wanneer PMB wordt gezien als een voorliggende voorziening, kan dit ertoe leiden dat het ontvangen PMB in mindering wordt gebracht op latere toekenningen voor bijzondere bijstand. Dit brengt het risico met zich mee dat inwoners kosten niet meer kunnen betalen omdat het ontvangen PMB reeds is uitgegeven. Hierdoor ontstaat een reëel risico op een toename van schuldhulpverlening, omdat meer inwoners betalingsachterstanden of schulden ontwikkelen. Dit vormt een aanzienlijk risico voor de doelgroep, terwijl de structurele financiële opbrengst van de maatregel onzeker/beperkt is. Wanneer een inwoner bijvoorbeeld in januari PMB heeft ontvangen en in augustus bijzondere bijstand aanvraagt, rijst de vraag of de gemeente mag veronderstellen dat het eerder ontvangen PMB nog beschikbaar is.
In de praktijk is dit onzeker en grotendeels afhankelijk van keuzes in beleidsuitvoering. De mate waarin de gemeente hierin streng wil zijn, vraagt om expliciete afweging. De verwachting is dat meer inwoners zich zullen melden bij SUN Drechtsteden. WAARDERING: LAAG C. Impact organisatie en processen Het vraagt wel enige wijziging van de processen omdat medewerkers scherp moeten hebben dat het PMB een voorliggende voorziening is. Maar dat is minimaal. WAARDERING: LAAG D. Impact dienstverlening Het heeft geen invloed op onze dienstverlening. Voor de inwoner kan het effect hebben afhankelijk van hoe breed je dit trekt. Je kunt de keuze maken om het alleen voorliggend te maken wat betreft witgoed en inrichtingskosten. Dat zijn kosten waar inwoners normaal voor zouden moeten reserveren. WAARDERING: LAAG E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het is niet direct mogelijk om hier een bedrag aan te koppelen.
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten. Deze maatregel leidt mogelijk tot een verschuiving naar het lokale informele en voorliggende veld, waaronder SUN Drechtsteden of andere fondsen.
22
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Dat kan als het op de juiste manier geregistreerd wordt in de suite.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
23
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 16 1. Opgave 2. Maatregel 3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Vermogenstoets voor bijzondere bijstand S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Binnen de bijzondere bijstand hebben gemeenten beleidsvrijheid om te bepalen welke middelen inwoners eerst moeten inzetten voordat zij voor bijzondere bijstand in aanmerking komen. Het volledig in kaart brengen van alle vermogensbestanddelen is in de praktijk echter tijdrovend. Daarnaast vraagt dit veel informatie van inwoners en worden ook vermogensbestanddelen betrokken die niet eenvoudig beschikbaar gemaakt kunnen worden. In de praktijk ligt het bijvoorbeeld niet voor de hand dat iemand zijn woning of auto verkoopt om bijzondere kosten te kunnen betalen. Door bij de vermogensvaststelling uitsluitend te kijken naar direct beschikbare geldmiddelen, zoals banksaldi en cryptotegoeden, vergelijkbaar met de werkwijze bij de energietoeslag, kan de aanvraagprocedure voor zowel inwoners als medewerkers aanzienlijk worden vereenvoudigd. Hierbij zijn verschillende beleidskeuzes mogelijk. Zo kan deze systematiek gelden voor alle kostensoorten of uitsluitend voor algemene kosten waarvoor van inwoners verwacht mag worden dat zij hiervoor reserveren. Er wordt daarbij niet gekozen voor een verlaging van de vermogensgrens, maar uitsluitend voor een vereenvoudiging van de wijze waarop het vermogen wordt vastgesteld. Hiermee wordt voorkomen dat binnen de bijzondere bijstand met verschillende vermogensgrenzen wordt gewerkt. B.
Maatschappelijke impact Voor inwoners heeft deze maatregel naar verwachting vooral een positief effect. Door alleen te toetsen op direct beschikbare geldmiddelen wordt de aanvraagprocedure eenvoudiger en toegankelijker. Inwoners hoeven minder gegevens aan te leveren en het onderzoek naar vermogen wordt minder belastend. Daarnaast kan de aanvraag sneller worden afgehandeld, wat de dienstverlening ten goede komt. WAARDERING: LAAG C. Impact organisatie en processen De maatregel vraagt om een inhoudelijk andere werkwijze, maar de uitgangspunten voor het vaststellen van vermogen blijven in essentie gelijk. In de praktijk betekent dit vooral een vereenvoudiging van de uitvoering, omdat minder — en minder complexe — vermogensbestanddelen hoeven te worden beoordeeld en verwerkt. WAARDERING: MIDDEN D. Impact dienstverlening Voor inwoners betekent deze maatregel vooral een vereenvoudiging van de aanvraagprocedure, omdat zij minder gegevens en bewijsstukken hoeven aan te leveren. Hierdoor wordt het aanvragen van bijzondere bijstand toegankelijker en minder administratief belastend. WAARDERING: LAAG E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Nadere informatie nodig om de besparing te berekenen, maar besparing betreft voornamelijk apparaatskosten.
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten.
24
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden: Ja.
Juridisch uitvoerbaar? Ja. Beleidsvrijheid?
Ja.
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar gemeenten
25
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 18 1. Opgave 2. Maatregel
3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000
Bestaanszekerheid versterken Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid bijzondere bijstand: Werken met afwijkende draagkracht- en toekenningsperiodes S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
a.
Verlagen lasten
0
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
b. c.
Verhogen baten Voorinvestering
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel In de praktijk wordt doorgaans gewerkt met een draagkracht- en toekenningsperiode van twaalf maanden. Voor bepaalde doelgroepen of kostensoorten kan er echter bewust voor worden gekozen deze periode langer vast te stellen. Dit kan zowel worden toegepast bij inwoners met een lopende uitkering als bij inwoners zonder uitkering. Voor doelgroepen met een duurzaam laag inkomen kan de draagkrachtperiode worden vastgesteld op 36 maanden. Bij inwoners met een pensioen of AIO-aanvulling kan zelfs worden gekozen voor een draagkrachtperiode voor onbepaalde tijd. De toekenningsperiode voor periodieke bijzondere bijstand loopt in beginsel gelijk met deze periode van 36 maanden, tenzij de aard of duur van de kosten aanleiding geeft om een kortere periode aan te houden. B. Maatschappelijke impact Deze maatregel is met name prettig voor inwoners die nu jaarlijks opnieuw dezelfde aanvraag moeten indienen. Bij een langere draagkracht- en toekenningsperiode vervalt de noodzaak om telkens opnieuw een aanvraag in te dienen voor gelijkblijvende omstandigheden en kosten. Daarmee worden de administratieve lasten voor zowel inwoners als de SDD beperkt. WAARDERING: LAAG C. Impact organisatie en processen De maatregel heeft beperkte gevolgen voor de uitvoering. In de praktijk verandert er weinig, behalve dat inwoners minder vaak een aanvraag hoeven in te dienen.
Voor medewerkers vraagt dit vooral aandacht voor het hanteren van de juiste draagkracht- en toekenningsperiode per doelgroep of kostensoort. Daarnaast zal deze werkwijze administratief in de systemen moeten worden ingericht. De verwachting is echter dat dit beperkt uitvoeringswerk met zich meebrengt en bovendien eenmalig van aard is. WAARDERING: LAAG D. Impact dienstverlening Het heeft niet veel impact op de dienstverlening. Als het al impact heeft dan is die impact positief voor de inwoner. WAARDERING: LAAG E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing Het invoeren van afwijkende draagkracht- en toekenningsperiodes kan leiden tot een besparing op de apparaatskosten. Wanneer inwoners niet langer jaarlijks een aanvraag hoeven in te dienen, neemt het aantal aanvragen af, waardoor consulenten minder aanvragen hoeven af te handelen. De totale besparing is afhankelijk van de concrete uitwerking van deze maatregel. Een exacte berekening is mogelijk, maar niet op korte termijn.
Impact voor gemeente Mogelijk minder beroep op voorveld/wijkteams door inwoners die ondersteuning nodig hebben bij indienen aanvragen.
26
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? nee wet noemen: ………………………………………
Implementatie of uitwerking - De ombuiging is snel te implementeren
Ja, maar moet nog nader uitgewerkt worden hoe dit gemonitord kan worden.
Juridisch uitvoerbaar? Ja Beleidsvrijheid?
Benchmarken Kan de KPI gemonitord/gebenchmarkt worden:
Ja
Voorgestelde besluitvormingsroute: D = deelnemende gemeenten
Advies beleidsadviseur: A = ombuigingsmaatregel opnemen als voorstel naar geme enten
27
Ombuigingsformulier ombuigingsmaatregel 19 1. Opgave 2. Maatregel 3. Opgavemanager 4. Beleidsadviseur 5. Financieel adviseur 6. Soort maatregelen 7. Lasten of baten 8. Voorinvestering 9. Financiële onderbouwing Bedragen * € 1.000 a. b. c.
Verlagen lasten Verhogen baten Voorinvestering
Bestaanszekerheid versterken Ambtshalve verstrekken van het PMB S. Riad R. van Kaam, C. Stam en G. Laarman M. Verloop Financieel technisch / inhoudelijk Verlagen lasten / verhogen inkomsten Ja/Nee Jaar van uitvoering en totale jaarlast/baat 2026
2027
2028
2029
2030
0 0 0
P.M. 0 0
P.M. 0 0
P.M. 0 0
P.M. 0 0
A. Inhoudelijke toelichting maatregel Met ingang van 1 januari 2027 wordt aan de Participatiewet de mogelijkheid toegevoegd om de individuele inkomenstoeslag ambtshalve te verstrekken. In de Drechtsteden heet deze toeslag het Persoonlijk Minimabudget. Tot op heden is het wettelijk niet mogelijk om een ambtshalve verstrekking te doen. Dit betekent dat iedere inwoner een aanvraag moet indienen als hij of zij in aanmerking wil komen voor het PMB. Gezien de voorwaarden is het zo dat de SDD al op basis van de informatie in de uitkeringssystemen kan zien wie recht heeft op deze toeslag. Uitvoeringstechnisch is het indienen van een aanvraag dus niet nodig. Dit legt beslag op de uitvoeringscapaciteit omdat deze regeling jaarlijks ongeveer 6400 aanvragen met zich meebrengt. Van die 6400 zijn er 5250 verstrekt aan inwoners met een bijstandsuitkering. Dat zijn inwoners waarvan we weten dat ze recht hebben op basis van de voorwaarden. Het verwerken van die aanvragen kost gemiddeld 30 tot 45 minuten per aanvraag van binnenkomst tot betaling en versturen van de beschikkingen. B. Maatschappelijke impact De maatschappelijke impact van deze maatregel is hoog. Het is voor inwoners een hele prettige ervaring als zij automatisch krijgen waar ze recht op hebben. Dit kan gezien worden als een voorloper van proactieve dienstverlening.
Waarbij aanvullend opgemerkt wordt dat inwoners deze regeling eens in de twaalf maanden kunnen aanvragen. Op het moment dat inwoners het vergeten aan te vragen dan schuift die datum op. Dit ondervang je eveneens door het ambtshalve te verstrekken. WAARDERING: HOOG C. Impact organisatie en processen De impact op de organisatie is hoog. Het vraagt om het opzetten van een systeem waarbij maandelijks automatische selecties worden gemaakt. Vervolgens moeten die automatisch worden betaald en beschikt. Als het systeem eenmaal is ingericht dan valt het qua werkzaamheden mee. Wat het belangrijkste is dat de regeling zo simpel en uniform mogelijk wordt ingericht. Hoe meer verschillen en variabelen er zijn tussen inwoners en de diverse gemeente, hoe meer fouten er gemaakt worden in de toekenningen. Een voorbeeld is de verhoging voor mensen met kinderen tot 18 jaar. Deze informatie is complex en niet uit de systemen te halen. Er zijn ook alternatieve manieren om zo’n verhoging te verstrekken, hiervoor kunnen indien gewenst nog beleidsopties worden uitgewerkt. WAARDERING: HOOG D. Impact dienstverlening De maatregel leidt niet tot verslechtering van de dienstverlening. Eerder tot een verbetering. WAARDERING: MIDDEN E. Inhoudelijke financiële toelichting (evt.) voorinvestering en verwachte besparing We gaan er voor nu vanuit dat er sprake zal zijn van een kostenneutrale wijziging.
Enerzijds leidt het gewijzigde proces ertoe dat er geen individuele aanvragen meer afgehandeld hoeven te worden. Er zijn veel minder menselijke handelingen nodig. De handelingen die resteren zijn anders (complexer) van aard. Er zit dus een vrij grote besparing aan de uitvoeringskant (schatting is ongeveer € 200.000,00 per jaar). Echter doordat er ambtshalve wordt verstrekt, stijgt de programmakant (verstrekkingen aan inwoners). Die twee zullen elkaar ongeveer wegstrepen. Momenteel worden de aanvragen afgehandeld door personeel met een vast dienstverband, het is dus niet zo dat die medewerkers weggaan. Die besparing is dus pas op termijn te bewerkstelligen op het moment dat er verloop is. Of indien medewerkers andere taken krijgen waarvoor momenteel vacatureruimte is.
28
Impact voor gemeente De voorgestelde besluitvormingsroute loopt via de deelnemende gemeenten: de verordeningen PMB moeten door de raden worden aangepast. Mogelijk minder beroep op voorveld/wijkteams door inwoners die ondersteuning nodig hebben bij indienen aanvragen.
Kader wetgeving en beleid Wettelijk verplicht? Ja/nee wet noemen: ……………………………………… Juridisch uitvoerbaar? Ja / Nee Beleidsvrijheid? Nee
Implementatie of uitwerking - De ombuiging vraagt verdere uitwerking met gemeenten