198 Inwoner Dordrecht - Afschrift info rond SDD en het Toeslagenschandaal geanonimiseerd.pdf
Tekst van het document
Van: @post.com < @post.com> Verzonden: donderdag 16 oktober 2025 00:51
,
Aan: <
,
( )< @drechtsteden.nl>; bestuurgrsociaal @drechtsteden.nl> ; Benschop, CC van ( ) < @dordrecht.nl > ; (Wim) < @ dordrecht.nl>;
@kcmsurvey.com;
@drechtsteden.nl> ;
<
@tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl;
@tweedekamer.nl;
@drechtsteden.nl >;
@tweedekamer.nl;
@tweedekamer.nl;
@tweedekamer.nl ;
@tweedekamer.nl; griffie
@ zwijndrecht.nl> ; griffie @papendrecht.nl> ; griffie
<
<
@tweedekamer.nl;
@tweedekamer.nl;
@tweedekamer.nl; <
@drechtsteden.nl>;
<
<
@sliedrecht.nl>; < @alblasserdam.nl> ; griffie Papendrecht <
@hardinxveld-giessendam.nl>;
@h-i-ambacht.nl>; @tweedekamer.nl; < @dordrecht.nl >; @mrwn.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl ; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; @tweedekamer.nl; < @dordrecht.nl>; < @dordrecht.nl >; griffie Sliedrecht < @sliedrecht.nl>; < @zwijndrecht.nl>; griffie Alblasserdam < @alblasserdam.nl >; griffie < @papendrecht.nl>; griffie Hardinxveld< @hardinxveld-giessendam.nl>; < @h-i-ambacht.nl> CC: @advocatenkantoorkloppenburg.nl; < @mail.com> Onderwerp: Mensenrechtenschending 2.0 Toeslagenschandaal Urgentie: Hoog Gevoeligheid: Vertrouwelijk <
Inleiding: 2.0 Toeslagenschandaal bij De SDD (2020-2025) De Sociale Dienst Drechtsteden (SDD) stond in 2020-2025 herhaaldelijk in het nieuws wegens misstanden, onderzoeken en rechterlijke uitspraken. Diverse bronnen (rechtspraak, media en lokale rapporten) wijzen op grootschalige structurele problemen binnen de SDD die ook burgers troffen. Hieronder een overzicht van de bekendste voorbeelden, met bronvermelding.
Juridische uitspraken
?
Zieke directeur ontslagen (2025) - Een kantonrechter verklaarde in okt. 2025 het ontslag van toenmalig SDD-directeur onterecht. Het onderzoekrapport naar de misstanden bij SDD werd door de rechter “ neergesabeld als onzorgvuldig, vooringenomen en
juridisch ondeugdelijk De rechter noemde het onderzoeksproces zelfs “ ernstig verwijtbaar” en oordeelde dat de directeur daardoor onrechtmatig was ontslagen. Van Maanen kreeg daardoor ruim ?100.000 schadevergoeding plus ontslagvergoeding en proceskosten. ?
Opschorting/intrekking bijstand - In verschillende zaken onderzocht SDD of bijstand gerechtigden fraude pleegden. Zo trok SDD in 2017 (hoger beroep 2020) bijstand in omdat
het waterverbruik op het opgegeven woonadres “extreem laag” was. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat SDD aannemelijk maakte dat de man niet thuis woonde en handhaafde de intrekking en boete. Dit voorbeeld is illustratief voor zware fraudecontroles door SDD. •
Administratieve onzorgvuldigheid - Hoewel niet specifiek voor SDD, wijzen deskundigen erop dat uitkeringsinstanties in de regio (inclusief SDD) soms inlichtingenverplichtingen zwaar interpreteerden, met intrekkingen bij langdurige afwezigheid of ontbrekende documenten. Vaak zetten rechters zulke strenge maatregelen alleen door bij duidelijke fraude. Een CRvBuitspraak uit 2020 bevestigde bijvoorbeeld de boete na vermoedelijke fraude pas nadat appellant “onvoldoende meewerkte" en uiterste middelen werden ingezet. Dit soort zaken staat symbool voor wat critici zien als disproportioneel sanctiebeleid.
Disproportionele sancties en fouten •
Ondersteuning stopgezet op onmisbare gronden - Diverse berichten beschrijven dat SDD uitkeringen stillegde bij relatief geringe of dubieuze oorzaken. Zo werd een uitkering afgewezen omdat iemand een brief te laat inleverde of geen bewijsstuk overhandigde, ook al leidde dat tot (tijdelijke) bestaansonzekerheid. In één voorbeeld fungeerde alleen een administratieve fout als aanleiding voor (onterecht) opschorting van bijstand. Dergelijke gevallen doen denken aan landelijke rechtspraak die gemeenten op de vingers tikt: een eerdere uitspraak benadrukte dat een laag waterverbruik op zich niet zonder meer bewijs van fraude kan zijn.
Media-aandacht en rapporten •
Giftige werksfeer en tekorten (NOS, dec. 2024) - Een uitgebreid NOS-artikel (regio Rijnmond) citeert anonieme SDD-medewerkers die spreken van een “puinhoop" en “volledig vergiftigde angstcultuur" binnen de dienst. Zij beschrijven dat kritisch personeel wordt geïntimideerd en dat alarmerende achterstanden zijn ontstaan: afdelingen zijn zo onderbezet dat burgers maandenlang op hulp moeten wachten. “De kwaliteit van zorg en ondersteuning voor de mensen die het het hardst nodig hebben, neemt aanzienlijk af", aldus de werknemers. In de schuldhulpverlening bijvoorbeeld wachten cliënten “maandenlang" op hulp, waardoor schulden oplopen en hun welzijn lijdt.
•
‘Diepe crisis’ en falende dienstverlening (Sliedrecht24, dec. 2024) - In een journalistiek verslag van 3 dec. 2024 stellen bezorgde SDD-medewerkers dat de dienst een “diepe crisis" doormaakt. Zij melden een "giftige en destructieve cultuur" met structurele mismanagementen en integriteitsschendingen. Cruciale fraudebestrijdingsafdelingen (handhaving Participatiewet en Wmo) zouden “ontmanteld" zijn, waardoor in de regio fraudekansen onbenut blijven. De briefschrijvers benadrukken dat de situatie “serieuze gevolgen" heeft voor burgers: zij zijn afhankelijk van SDD-hulp maar krijgen die gebrekkig of te laat.
Brandbrieven en anonieme meldingen - Vanaf december 2024 ontving de SDD meerdere anonieme brandbrieven. Persberichten citeren delen daarvan: medewerkers spreken van "ernstige misstanden", "systematische intimidatie" en dat het rapport “tekortschiet, daders beloond en miljoenen euro's onrechtmatig uitgegeven". Een artikel van Het Kontakt (sept. 2023) noemt expliciet: "Meer dan twee miljoen euro aan publieke middelen is onrechtmatig uitgegeven, zonder dat er tijdig is ingegrepen". Deze meldingen lagen ten grondslag aan het strenge onderzoeksrapport.
?
Regiopers en regionale politiek - Lokale media (Papendrecht.net, Dordrecht.net, RTV Dordrecht) rapporteren over de val van de SDD-directeur en verhoren door raadsleden.
Raadslid (Onafhankelijk Papendrecht) citeert bijvoorbeeld de rechter met “ Werkgever heeft ernstig verwijtbaar gehandeld, onder andere door het onzorgvuldige onderzoek RTV Dordrecht noteert dat raadslieden geschokt waren dat zij via de Telegraaf
eerst vernamen dat het ontslag “ onzorgvuldig" was en “ onrechtmatig In oktober 2025 drongen negen regionale raadsfracties publiekelijk aan op volledige openbaarheid van het integriteitsrapport en schuldige personen. ?
Onderzoeksrapporten - Eind 2024 startte extern bureau Strated Consulting een onderzoek (kosten ~?700.000) naar de SDD, naar aanleiding van de anonieme brieven. In juli 2025 verscheen het 'verwoestende' rapport waaruit bleek dat vrijwel niemand werd gespaard: de directeur, zo bleek, werd gezien als hoofdverantwoordelijke en ook vertrouwelingen werden
hard afgerekend (zij kregen na reorganisatie juist promoties). Het rapport bleef vanwege privacy voor een groot deel geheim, wat tot politieke onrust leidde. Parlementaire en toezichtrapporten ?
Lokale volksvertegenwoordiging - Gemeenteraden in de Drechtsteden dringen sinds 2024
intensief aan op onderzoek en openheid over de SDD-problematiek. Zo eisten raadsfracties (o.a. Dordrecht, Papendrecht, Zwijndrecht) in 2025 een openbare bijeenkomst met het SDDbestuur na de rechterlijke uitspraak. Zij noemen het “ ongemeen" dat de raad pas via de media hoorde over het oordeel van de rechter. ?
Nationale ombudsman en toezicht - De Nationale ombudsman behandelt klachten tegen de SDD en heeft armoedeproblematiek (zoals Participatiewet-kwest es) regelmatig op de agenda. Hoewel er voor SDD geen speciaal rapport is gepubliceerd, geldt formeel dat burgers zich bij misstanden tot de ombudsman kunnen wenden maar de ombudsman stelt zaak naar zaak buitenbeschouwing en doet zelf geen onderzoek naar de klachten en mistanden.
?
Overheidsinformatie en Wob/Woo-verzoeken - Verschillende griff es en gemeentebesturen ontvingen de afgelopen jaren interne documenten en verslagen over de SDD (o.a.
onderzoeksrapporten, correspondentie). Bij Dordrecht en omliggende gemeenten zijn Wob/Woo-verzoeken ingediend om rapporten openbaar te krijgen. Dit wijst erop dat ook politiek-bestuurlijk de SDD-acties nauw worden gevolgd (zie raadsstukken en publicaties in BeleidsRadar). Uit gerechtelijke uitspraken, arbeidsrechtelijke vonnissen en journalistieke berichtgeving blijkt een consistent patroon: de SDD is in de periode 2020-2025 herhaaldelijk onder vuur komen te liggen wegens administratieve wanorde, onzorgvuldige besluitvorming en een schadelijke organisatiecultuur. Rechters hebben zowel het handelen van het SDD-bestuur als de onderzoeksprocessen stevig bekritiseerd. In de media en bij inspecties is veel aandacht voor de gevolgen daarvan - van bevroren uitkeringen tot ernstige wachttijden en onterecht bestede gelden wat erop wijst dat burgers in de regio structureel zijn benadeeld door deze tekortkomingen.
Publiek geld en structurele ontransparantie
Namens cliënt merk ik aanvullend op dat de weigering van de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD) om publieke informatie vrij te geven - waaronder financiële stukken over uitgaven, inhuur van externe partijen, juridische kosten en bestuurlijke communicatie - geen op zichzelf staand incident betreft.
Reeds bij Woo-verzoeken is sprake van een systematisch patroon van afwijzing, vertraging en obstructie. In weerwil van het feit dat het hier gaat om publieke middelen en bestuursbesluiten die
onder het actieve openbaarmakingsregime van de Wet open overheid vallen, kiest de SDD ervoor: ?
niet te registreren wat er wordt uitgegeven;
?
te stellen dat stukken " niet bestaan" terwijl uit context blijkt dat zij dat wel degelijk zouden moeten doen ( zoals blijkt uit andere rapporten);
?
en meermaals termijnen te overschrijden zonder legitieme reden.
Deze houding vormt een schending van artikel 3 Woo (informatieplicht bestuursorganen), alsmede
een fundamentele ondermijning van democratische controle en transparantie bij de besteding van
gemeenschapsgeld. Het feit dat cliënt herhaaldelijk moet procederen om elementaire stukken (zoals aanbestedingsinformatie of uitgaveverantwoording) boven water te krijgen, is illustratief voor het onrechtmatig gesloten bestuurscultuur binnen uw organisatie. De weigering om transparant te zijn over miljoenen aan publieke bestedingen - inclusief externe
onderzoekskosten, juridische adviezen, en inzet van externe bureaus - roept niet alleen bestuurlijke integriteitsvragen op, maar vergroot ook het wantrouwen in uw functioneren als publieke dienstverlener. Burgers hebben recht op openheid over wat er met gemeenschapsgeld gebeurt. Uw volhardende weigering dat recht te respecteren is onverenigbaar met de principes van behoorlijk bestuur.
Verzoek tot onafhankelijk onderzoek naar structurele misstanden en mensenrechtenschendingen
Verzoeken wij het Dagelijks Bestuur van de Sociale Dienst Drechtsteden dan wel Burgemeester en Wethouders dan wel de Tweede Kamer hierbij nadrukkelijk om een onafhankelijk en openbaar onderzoek te initiëren naar de structurele bestuurlijke en juridische misstanden binnen uw organisatie, waaronder: ?
het herhaaldelijk schenden van fundamentele rechten van kwetsbare burgers, zoals het recht op bijstand, toegang tot huisvesting en recht op menswaardige behandeling;
?
het weigeren van openbaarheid inzake besteding van publieke middelen, zoals blijkt uit afwijzingen van Woo-verzoeken;
?
het onevenredig sanctioneren van burgers bij vermeende tekortkomingen, terwijl de SDD zichzelf stelselmatig onttrekt aan basisverplichtingen zoals termijnen, motivering en zorgvuldige besluitvorming;
?
en het onvoldoende naleven van rechterlijke uitspraken en bezwaarschriften, zelfs wanneer
daarin onrechtmatigheid is vastgesteld. De casus van cliënt is geen incident maar illustratief voor een dieperliggend patroon van
machtsmisbruik, bureaucratische willekeur en bestuurlijke ongevoeligheid. heeft ondanks zijn precaire situatie als dakloze - dag in dag uit moeten strijden voor fundamentele rechten die door uw organisatie doelbewust of nalatig zijn onthouden. Zijn zaak heeft reeds geleid tot meerdere gegronde bezwaren en formele erkenning van bestuursfouten, maar nog steeds ontbreekt het aan daadwerkelijke genoegdoening.
Wij verzoeken u derhalve: ?
Tot het instellen van een onafhankelijk extern onderzoek, uitgevoerd door een daartoe bevoegde partij (bijv. Rekenkamer, ombudsinstantie of onafhankelijke onderzoekscommissie);
?
En tot het aanbieden van erkenning en herstel aan slachtoffers, onder wie cliënt, die aantoonbaar schade hebben geleden als gevolg van uw bestuurspraktijk.
Indien dit verzoek wordt genegeerd of niet serieus wordt genomen, zullen wij overwegen het onderzoek publiekelijk te eisen via de Nationale Ombudsman, het College voor de Rechten van de Mens, dan wel genoemd rechterlijke macht. De tijd van bestuurlijke mensenrechten schendingen in vrijblijvendheid is voorbij.
Schadeclaim namens
tegen SDD
Feiten en achtergrond
Op 26 augustus 2025 werd de bijstandsuitkering van onterecht geschorst. Bij besluit van 1 oktober 2025 (kenmerk 2810296/MB) erkende het Dagelijks Bestuur formeel dat deze schorsing
onrechtmatig was en besloot tot hervatting van de uitkering per 1 oktober. Dit herstel volgde na maanden van onzekerheid. In het bezwaarschrift van 7 oktober 2025 (kenmerk 2803746/TF) heeft SDD deze onrechtmatigheid nogmaals bevestigd. Desondanks heeft het Dagelijks Bestuur nagelaten de volledige gevolgen van deze fouten te herstellen. Gevolgen voor de cliënt Als gevolg van uw onrechtmatige besluit heeft cliënt maandenlang in existentiële onzekerheid
geleefd. Hij was feitelijk dakloos en werd geconfronteerd met ernstige psychische problemen: slapeloosheid, stress en angst. Deze situatie heeft zijn fundamentele menselijke waardigheid aangetast. Het recht op een menswaardig bestaan - gegrond in artikel 22 Grondwet en artikel 34 Handvest EU - is hiermee geschonden. Artikel 22 lid 2 Grondwet bepaalt immers dat de overheid bevordering van voldoende woongelegenheid tot zorg heeft. De ervaring van deze cliënt, zonder inkomen en onderdak, ligt hiermee haaks op dat grondrecht. De psychische en morele schade die hij leed, valt naar maatstaven van het Burgerlijk Wetboek onder immateriële schade waarvoor smartengeld toegekend kan worden. Artikel 6:106 BW biedt recht op een vergoeding voor dergelijk niet-vermogenerschade. Eerdere nalatigheid en patroon
Het onderhavige incident is niet op zichzelf staand. Al in 2024 bleek sprake van structurele nalatigheid: cliënt zat maanden zonder inkomen nadat hij een bijstandsaanvraag had ingediend. Pas na publieke demonstraties kreeg hij destijds alsnog recht op bijstand (Ad: Man voor Actie). Ook toen werd zijn bestaanszekerheid ernstig geschonden. Deze opeenvolging van fouten toont een patroon van wanbeleid. Niet alleen is bijstand onterecht geweigerd, maar ook de omgang met de gevolgen van die weigering getuigt van onzorgvuldigheid en mensonwaardige behandeling.
Niet-uitvoering bezwaarpunten In het bezwaarschrift van 7 oktober 2025 zijn - onder verwijzing naar wettelijke verplichtingen -
meerdere herstelmaatregelen geëist, waaronder een schadeloosstelling, proceskostenvergoeding, wettelijke rente en volledige inzage in het dossier. Tot op heden zijn deze eisen niet (volledig) ingewilligd. Artikel 8:75 Awb leert dat bij herroeping of vernietiging een besluit niet automatisch
aansprakelijkheid opheft; schadevergoeding kan nog steeds verschuldigd zijn. Artikel 8:88 Awb biedt hiertoe grondslag: de bestuursrechter kan schadevergoeding toekennen bij onrechtmatige besluiten of andere onrechtmatige bestuursdaden. De formele erkenning van de onrechtmatigheid maakt onmiskenbaar dat uw handelen onzorgvuldig en onwettig was. Niet-nakoming van de in het bezwaar overeengekomen punten is daarmee wederom een inbreuk op de rechtszekerheid en rechtspersoonlijke belangen van cliënt. Structurele misstanden bij SDD De fouten van SDD tegen deze cliënt moeten ook worden gezien in het licht van een breder patroon van mismanagement binnen uw organisatie. Recente media-onderzoeken en rechterlijke uitspraken spreken over een ‘giftige en destructieve cultuur’ bij de SDD, waarin kritische medewerkers worden geïntimideerd en gesanctioneerd. Anonieme medewerkers spreken zelfs van een ‘puinhoop’ en een angstcultuur waarbij fraude niet wordt aangepakt en slachtoffers worden gestraft. In een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam (5 juni 2025) wordt expliciet melding gemaakt van “structurele misstanden, integriteitsschendingen en falende dienstverlening” bij SDD. Deze berichten en uitspraken maken duidelijk dat uw dienst herhaaldelijk heeft gefaald in zorgvuldigheid en rechtmatige behandeling van inwoners.
De verantwoordelijkheid van de overheid omvat niet alleen het kónnen nemen van juiste beslissingen, maar ook het respecteren van de menselijke waardigheid van degenen die van uw dienstverlening afhankelijk zijn. Zoals het EHRM in Kudta v. Poland overwoog: de staat moet ervoor zorgen dat iemand in omstandigheden verkeert die verenigbaar zijn met “respect voor de menselijke waardigheid", en dat zijn gezondheid en welzijn adequaat worden gegarandeerd. Door cliënt van uitkering te beroven, zijn woning te ontnemen en hem bloot te stellen aan maandenlange ellende, heeft SDD deze norm op grove wijze geschonden.
Juridische gronden
Op deze feiten rust een duidelijke aansprakelijkheid van SDD: •
Bestuursrechtelijke schadevergoeding (Awb art. 8:88). Uw besluit en het handelen daaromheen waren onrechtmatig en toebrengend. Artikel 8:88 Awb geeft de bestuursrechter de bevoegdheid om bij een onrechtmatig besluit schadevergoeding toe te kennen. De erkenning van de onrechtmatigheid in uw eigen besluiten versterkt dat u tekortgeschoten bent.
Aansprakelijkheid voor immateriële schade (BW art. 6:106). De psychische en morele schade van cliënt (angst, stress, vernedering) valt onder “nadelen anders dan vermogensschade" waarvoor smartengeld kan worden toegekend. Schending grondwettelijke rechten. Artikel 1 Grondwet vereist gelijke behandeling en erkent de bescherming van menselijke waardigheid. Cliënt is onbillijk en discriminerend behandeld (een zwakkere burger ernstig benadeeld). Artikel 22 Grondwet stelt dat de overheid zorg draagt voor voldoende woongelegenheid; door cliënt dakloos te maken, bent u daarmee in strijd met de Grondwet gekomen. •
Internationaal recht - EVRM en EU-Handvest. Artikel 8 EVRM (recht op privéleven en woning) en artikel 34 Handvest (sociale bijstand en huisvesting) concretiseren het recht op bescherming tegen armoede en dakloosheid. Artikel 34 Handvest bepaalt expliciet dat de EU het recht op sociale bijstand en huisvesting eerbiedigt om armoede te bestrijden en een waardig bestaan te verzekeren voor wie niet voldoende middelen heeft. De situatie van cliënt
valt daar ruimschoots onder; uw handelen staat dus haaks op deze fundamentele verplichtingen. ?
Jurisprudentie EHRM. In M.S.S. v. België en Griekenland en Kudfa v. Polen oordeelde het EHRM dat staten positieve verplichtingen hebben om mensen te beschermen tegen
inhumane omstandigheden en systematische aanhoudende schending van mensenrechten. De handelwijze van de SDD - het jarenlang blootstellen van een kwetsbare burger aan onaanvaardbare leefomstandigheden - heeft naar Europees recht ernstige parallels. Deze rechtspraak versterkt de plicht van de staat (en haar instanties) om mensen waardig te behandelen. Conclusie en termijn De gevorderde schadevergoeding van ?65.000 is gebaseerd op het geheel van bovengenoemde
onrechtmatige daden en nalatigheden, en de daaruit voortvloeiende geleden schade (bestaansonzekerheid, psychisch leed en waardevermindering). Deze eis betreft een opeenstapeling van bestuursfouten en mensenrechtenschendingen door de SDD over meerdere jaren, waarvan onderhavige zaak slechts een voorbeeld is. Gelet op het voorgaande is onmiskenbaar gerechtigd tot genoegdoening. Slotverklaring en vooraankondiging gerechtelijke stappen
Namens cliënt, , deel ik u mede dat de vordering tot schadevergoeding van ?65.000 ziet op een samenloop van onrechtmatige besluitvorming, structurele nalatigheid en schending van fundamentele mensenrechten door uw bestuursorgaan. Ondanks de formele erkenning van onrechtmatigheid via uw eigen besluiten d.d. 1 en 7 oktober 2025, is tot op heden geen volledige uitvoering gegeven aan de herstelverplichtingen of enige excuus, noch is enige schadevergoeding aangeboden of onderbouwd afgewezen.
Indien u binnen 14 kalenderdagen na ontvangst van deze brief niet overgaat tot volledige schriftelijke erkenning en voldoening van de schadevergoeding, alsmede tot herstel van de nog openstaande punten uit het bezwaarschrift, zal ik namens cliënt zonder nadere aankondiging overgaan tot: 1.
Het instellen van beroep bij de rechtbank (bestuurskamer én civiele kamer) op grond van
artikel 8:88 Awb en artikel 6:106 BW, met volledige aanspraak op vergoeding van proceskosten, wettelijke rente en immateriële schade (smartengeld); 2.
Het op persoonlijke titel civielrechtelijk aansprakelijk stellen van individuele ambtenaren, besluitvormers en leidinggevenden binnen de SDD die door toedoen of nalaten ernstig verwijtbaar hebben gehandeld, met verwijzing naar o.a. HR 18 maart 2005 (NJ 2006/281 ) en de criteria van artikel 6:162 BW;
3.
Het doen van aangifte bij het Openbaar Ministerie wegens mogelijk strafbare feiten gepleegd in ambtelijke hoedanigheid, waaronder schending van ambtsplichten en het bewust in stand laten van onrechtmatige situaties, hetgeen onder omstandigheden kan vallen onder artikelen 355, 365 en 368 Sr;
4.
Het informeren van de Nationale Ombudsman, het College voor de Rechten van de Mens en - indien passend - het Europees Hof voor de Rechten van de Mens over de structurele mensenrechtenschendingen en aantasting van menselijke waardigheid jegens cliënt;
5.
En het indienen van een afzonderlijk verzoek tot schadevergoeding wegens immaterieel en
moreel leed dat voortvloeit uit deze bestuurspraktijk, gebaseerd op nationale en internationale rechtsnormen.
Het bestuur wordt hierbij met klem gemaand deze zaak met de vereiste ernst en voortvarendheid te behandelen. De verantwoordelijkheid om dit traject zonder gerechtelijke tussenkomst op te lossen, ligt thans bij u. Wij vertrouwen erop dat het bestuur zich terdege bewust is van de ernst van deze zaak en alsnog bereid zal zijn passende maatregelen te nemen.
Iban: Tnv:
Kenmerk: Schadevergoeding SDD
Met klem en volledige instemming van onze cliënt,
(Dakloos)
Sent: Monday, September 08, 2025 at 10:56 PM From M < @mail.com>
@drechtsteden.nl, @drechtsteden.n @dordrecht.nl, @dordrech .nl, @kcmsurvey.com, @drechtsteden.nl, @drechtsteden.nl, @drechtsteden.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.n @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl Cc: @dordrecht.nl, @sliedrech .nl, @zwijndrecht.nl, @alblasserdam.nl, @papendrecht.nl, @hardinxveld-giessendam.nl, @h-i-ambacht.nl Subject: Brief gelang besluit tot schorsing van dakloze uitkering - Mensenrechtenschending
To:
Betreft: Bezwaarschrift tegen opschorting baijstandsuitkering
Geacht Drechtstedenbestuur,
Hierbij maak ik bezwaar tegen uw besluit van 27 augustus 2025 (kenmerk: 2767408/RB) tot opschorting van mijn bijstandsuitkering (Participatiewet). Dit besluit houdt in dat mijn recht op uitkering per 26 augustus 2025 is opgeschort, waardoor de betaling van mijn uitkering is stopgezet. Ik heb dit bezwaar tijdig ingediend binnen de wettelijke termijn van zes weken (conform artikel 6:7 Algemene wet bestuursrecht).
Op 08-09-2025 ontving ik van u een brief met het onderwerp “Hercontrole Participatiewet ” waarin ik werd verzocht om uiterlijk 25 augustus 2025 diverse gegevens en bewijsstukken aan te leveren. Het betrof een omvangrijk pakket aan informatie, naast bankafschriften en overige persoonlijke gegevens. Ondanks mijn inspanningen was de gestelde termijn (slechts circa 2% week) onvoldoende om alle gevraagde stukken te verzamelen. Reeds op 27 augustus 2025 heeft u vervolgens besloten mijn uitkering op te schorten wegens het niet tijdig aanleveren van deze informatie. In diezelfde brief van 27 augustus werd mij een nieuwe (zeer korte) hersteltermijn tot 4 september 2025 gegeven om alsnog de ontbrekende gegevens te verstrekken, met de aankondiging dat bij niet-aanlevering mijn recht op uitkering zou worden ingetrokken. Bezwaargronden 1. Onredelijk korte termijn voor het aanleveren van informatie Ik ben van mening dat de termijn die mij geboden is om de gevraagde informatie te verstrekken onredelijk kort was. De gevraagde informatie was zeer uitgebreid en vergde meer tijd om te verzamelen dan de krappe 2 a 3 weken die mij gegeven zijn gelang mijn sitautie dat ik dakloos ben en pas geleden in vrijheid ben gesteld vanuit de PI ( dit feit is zowel bij u bekend).
In het opschortingsbesluit moet een redelijke termijn worden geboden om het verzuim te herstellen ( dan wel moet sprake zijn van rechvaardige verzuim). Die redelijkheid ontbrak hier: u heeft de uiterste datum op 25 augustus gesteld, waarna direct op 26 augustus (de dag erna) mijn daklozeuitkering al is stopgezet. Gelet op de hoeveelheid en complexiteit van de gevraagde gegevens had een langere termijn gerechtvaardigd geweest. Ik heb geen enkel moment de intentie gehad informatie achter te houden; het niet tijdig aanleveren komt puur door de korte termijn en niet door onwil. Bovendien wijs ik op het volgende principe van evenredigheid en fair play: de overheid neemt zelf doorgaans maximaal acht weken de tijd voor onderzoek en besluitvorming in dergelijke hercontrolesituaties. Artikel 54 van de Participatiewet bepaalt dat de gemeente de uitbetaling van een bijstandsuitkering ten hoogste acht weken mag opschorten voor onderzoek. Pas na afloop van die periode moet de gemeente een definitief besluit nemen (bijv, hervatten of stopzetten). In mijn geval daarentegen werd van mij verwacht dat ik binnen nog geen drie weken volledig zou reageren. Deze onevenwichtigheid acht ik onzorgvuldig en in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel van de Awb.
Indien de wetgever de gemeente een ruime onderzoeksperiode van (maximaal) 8 weken toestaat, dan dient een burger naar redelijkheid ook een proportionele termijn gegund te worden om de verlangde informatie te verzamelen en te leveren.
Kortom, door de uiterst korte reactietermijn is onvoldoende rekening gehouden met mijn belang en mogelijkheden om te voldoen aan het verzoek. Dit klemt temeer daar een opschorting van de uitkering mij direct zonder inkomsten stelt. Een iets langere termijn of een eenvoudige termijnverlenging (waarop ik zeker zou hebben aangedrongen als die mogelijkheid expliciet was geboden) had geen afbreuk gedaan aan het onderzoek, maar wél voorkomen dat ik onnodig zonder middelen zou komen te zitten. Ik verzoek u deze grond in overweging te nemen en te erkennen dat de termijn onredelijk kort was.
2. Opschorting te snel en disproportioneel toegepast
Direct samenhangend met het bovenstaande acht ik het besluit om per 26 augustus tot opschorting over te gaan te snel en disproportioneel. Feitelijk is de uitkering al opgeschort op de eerste dag na het verstrijken van de termijn uit de eerste brief. Er is geen rappel of herinnering gestuurd en er is geen extra uitstel overwogen, zelfs niet gezien de omvang van de opgevraagde informatie. Hiermee is mijn recht op bijstand zeer snel en strikt getroffen, terwijl minder ingrijpende maatregelen mogelijk waren (zoals het geven van nadere termijn of telefonisch contact opnemen om te vragen waarom nog niet alles ontvangen was). Ik wil benadrukken dat ik inmiddels doende ben/was om de gevraagde stukken te verzamelen. Een
aantal documenten had ik wellicht enkele dagen na de deadline kunnen aanleveren. Door echter direct tot opschorting over te gaan, zonder mij de gelegenheid te geven om op de korte termijn in gebreke te reageren, is m.i. gehandeld in strijd met het evenredigheidsbeginsel. De Centrale Raad van Beroep heeft recentelijk ook geoordeeld dat bij intrekking van bijstand na opschorting een
belangenafweging dient plaats te vinden en niet klakkeloos mag worden ingetrokken als achteraf blijkt dat recht op bijstand bestond. Hoewel mijn zaak nog in de opschortingsfase zit, wil ik dat er nu reeds proportionaliteit wordt betracht: opschorting is een middel, geen doel op zich, en zou niet strenger moeten worden toegepast dan nodig om het gewenste doel (informatie verkrijgen) te bereiken. Dat doel - het verkrijgen van de benodigde informatie - wordt niet gediend door mij direct financieel te sanctioneren, integendeel. Door de opschorting beschik ik nu over nog minder middelen om
eventuele ontbrekende gegevens snel te verzamelen. Ik verzoek u daarom te heroverwegen of opschorting hier wel het passende middel was, zeker in het licht van mijn bereidheid om alle medewerking te verlenen. Een waarschuwing of laatste aanmaning had volstaan. 3. Vormgebrek: ontbrekende handtekening en twijfel aan besluitvorming In het bestreden besluit van 27 augustus 2025 ontbreekt een handtekening van de
beslissingsbevoegde ambtenaar. Sterker nog, in de brief staat expliciet vermeld Deze brief hebben wij digitaal verwerkt. Er staat daarom geen handtekening op Dit roept bij mij twijfels op over de rechtsgeldigheid en authenticiteit van het besluit. Een besluit in de zin van de Awb is een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan (artikel 1:3 Awb) en dient voldoende kenbaar te maken door of namens wie het besluit is genomen.
Hoewel een fysieke handtekening op een besluit formeel niet altijd vereist is, geldt wel dat achteraf de bevoegdheid van de ambtenaar die het besluit heeft genomen, aangetoond moet kunnen worden. In dit geval is niet duidelijk op wiens autoriteit het besluit tot opschorting is genomen. Er wordt onderaan alleen een naam en functie vermeld (" , Afdelingshoofd Dordrecht, Opgave Bestaanzekerheid Versterken” ), maar zonder handtekening of duidelijke mandaatmelding.
Gezien de vergaande consequenties van het besluit (opschorting van levensonderhoud) vind ik dit een gebrek in de vorm. Ter vergelijking: de Awb kent het vereiste dat besluiten voldoende zijn
gemotiveerd en de identiteit van de beslisser kenbaar is, mede om de controleerbaarheid van bevoegdheidsuitoefening te waarborgen.
Ik verzoek u daarom om opheldering te geven over de authenticiteit en ondertekening van het
besluit. Graag verneem ik welke functionaris het besluit daadwerkelijk heeft vastgesteld en op basis van welk mandaat of welke bevoegdheid. Ter controle verzoek ik om toezending van een document of
bewijs waaruit blijkt dat de opsteller/ondertekenaar bevoegd was dit besluit te nemen (bijvoorbeeld een mandaatbesluit of aanwijzingsbesluit waaruit de bevoegdheidsverdeling blijkt). Mocht blijken dat het besluit niet rechtsgeldig is genomen of bekendgemaakt (bijv. door onbevoegdheid of vormfouten), dan is dat een zelfstandige grond om het besluit te vernietigen.
4. Recht op inzage in dossier en reden van het onderzoek Ik stel het op prijs om te weten wat de aanleiding is geweest voor het heronderzoek en de uitgebreide gegevensvordering. In uw brief van 7 augustus 2025 werd aangegeven dat u “regelmatig controleert” of de gegevens nog kloppen. Graag ontvang ik uitleg over de reden van het onderzoek dat is gestart. Transparantie hierover acht ik van belang om mijn bezwaar goed te kunnen onderbouwen. Daarnaast maak ik gebruik van mijn recht op inzage in alle stukken die op mijn zaak betrekking hebben. Op grond van artikel 7:4, tweede lid, Awb is het bestuursorgaan verplicht het bezwaarschrift en alle op de zaak betrekking hebbende stukken ter inzage te leggen voor belanghebbenden. Ik verzoek u daarom alle relevante dossierstukken met betrekking tot deze hercontrole en opschorting aan mij beschikbaar te stellen.
Hieronder vallen bijvoorbeeld: interne rapportages, de originele vragenlijst en ingevulde gegevens, eventuele meldingen of tips die aanleiding gaven tot het onderzoek, correspondentie met derden over mijn situatie, etc. Concreet verzoek ik om kopieën van al deze stukken aan mij toe te zenden, zodat ik volledig inzicht krijg in de zaak (conform mijn recht uit artikel 7:4 Awb, lid 4, heb ik recht op afschriften van de dossierstukken) Verzoeken en afsluiting
Gelet op al het bovenstaande verzoek ik u het volgende: •
Herroepen van het opschortingsbesluit: Ik verzoek u het bestreden opschortingsbesluit van 27 augustus 2025 te heroverwegen en in te trekken (vernietigen). Dit zou betekenen dat mijn uitkering met terugwerkende kracht per 26 augustus 2025 wordt hervat, nu de opschorting naar mijn mening onterecht en onzorgvuldig is toegepast.
•
Bieden van een redelijke hersteltermijn: In plaats van opschorting verzoek ik u mij alsnog een redelijke termijn te gunnen om eventuele ontbrekende informatie aan te leveren. Zoals aangegeven ben ik bereid alle gevraagde inlichtingen te verstrekken. Indien u van mening bent dat nog niet alles is ontvangen, geef mij alstublieft een passende hersteltermijn (ik denk aan bijvoorbeeld nogmaals 8 weken, gelijk aan de termijn die u zelf maximaal voor uw onderzoek neemt) om de laatste stukken aan te leveren voordat verregaande maatregelen worden overwogen. Dit in lijn met het principe dat de burger de gelegenheid moet krijgen het verzuim te herstellen binnen een redelijke termijn.
•
Inzage en informatievoorziening: Zoals onder punt 4 toegelicht, verzoek ik om volledige inzage in het dossier en informatie over de aanleiding van het onderzoek. Ik verzoek u deze stukken en toelichting zo spoedig mogelijk (liefst vóór de hoorzitting) aan mij te verstrekken, zodat ik mijn standpunt nader kan onderbouwen.
•
Hoorzitting: Graag maak ik gebruik van mijn recht om te worden gehoord. Ik verzoek u daarom om in het kader van de bezwaarprocedure een hoorzitting te plannen, zodat ik mijn bezwaar mondeling kan toelichten (artikel 7:2 Awb). Ik acht een hoorzitting gewenst om eventuele misverstanden uit de weg te ruimen en uw vragen te kunnen beantwoorden.
?
Voor zetting uitkering n ussentijd: Hoewe str kt genomen geen onderdee van de bezwaarbeslissing, wil ik toch verzoeken om de uitkering lopende het bezwaar te hervatten,
althans niet langer opgeschort te houden. Gezien mijn financiële noodsituatie (ik moet in mijn levensonderhoud kunnen voorzien), zou dit een fair gebaar zijn in afwachting van de beslissing op bezwaar. Een opschorting langer dan nodig achten de rechtbanken onrechtmatig, en na ommekomst van die termijn zou de uitkering sowieso hersteld moeten worden. Ik verzoek u daarom de duur van de opschorting zo kort mogelijk te houden. (Mocht u vooralsnog niet aan dit verzoek voldoen, dan overweeg ik een voorlopige voorziening bij de rechtbank te vragen om het opschortingsbesluit te laten schorsen.)
Tot slot verzoek ik u vriendelijk alle verdere correspondentie over dit bezwaar bij voorkeur per e-mail te laten verlopen. Ik stem in met elektronische toezending conform artikel 2:14 Awb. Mijn emailadres is bij u bekend (zoals eerder gebruikt in correspondentie). Een schriftelijke bevestiging van ontvangst van dit bezwaarschrift zie ik graag tegemoet.
Gelet op bovengenoemde gronden acht ik het opschortingsbesluit onjuist dan wel prematuur. Ik verzoek u daarom in uw beslissing op bezwaar het besluit te vernietigen en mijn uitkering per direct te herstellen, met inachtneming van een redelijke termijn voor het leveren van informatie. Graag ontvang ik van u een gemotiveerde beslissing op mijn bezwaar.
Slot:
"Indien mijn uitkering niet wordt hersteld en de opschorting blijft voortduren, behoud ik mij het recht om binnen 5 werkdagen voor om naast het voeren van bezwaar en (voorlopige voorziening)procedures vreedzaam te protesteren voor het gebouw van de Sociale Dienst Drechtsteden. Dit zal uiteraard binnen de grenzen van de wet gebeuren, conform mijn recht op demonstratie uit artikel 9 Grondwet en artikel 11 EVRM
Bij voorbaat dank voor uw aandacht voor deze zaak.
Hoogachtend, (bezwaarde)
Bezoekadres:
Postadres:
Postbus 619 3300 AP Dordrecht Telefoon:
Website: www.soc aledienstdrechtsteden.nl
Behandeld door Afdeling Uitkeringenbeheer
Onderwerp
uw uitkering
Datum: 1 oktober 2025 Klantnummer: 177972 Briefnummer: 2810296/MB
Beste
,
Er is een onderzoek ingesteld naar de rechtmatigheid van uw uitkering. In het kader van dit onderzoek bent u verzocht om een inlichtingenformulier voorzien van bewijsstukken in te leveren. U heeft deze informatie niet binnen de gestelde termijn ingeleverd waardoor uw uitkering achtereenvolgens werd opgeschort en ingetrokken. In uw bezwaarschrift heeft u laten weten dat u het informatieverzoek pas na afloop van de inlevertermijn heeft ontvangen. Om die reden wordt de verlening van bijstand aan u met ingang van 26 augustus 2025 hervat.
Hierbij komt de beschikking van 9 september 2025 (briefnummer 2767405) te vervallen!
Wat verwachten wij van u? Wij verwachten dat u zich houdt aan de informatieverplichting. Hieronder leest u wat deze verplichting onder meer concreet inhoudt. Wat is de informatieplicht? Wij verwachten dat u zich houdt aan de informatieplicht. Dit betekent dat u het volgende doet: ? u geeft veranderingen in uw persoonlijke situatie direct aan ons door. Bijvoorbeeld als u gaat verhuizen, samenwonen, scheiden, gezinsuitbreiding etc. U stuurt hier ook bewijsstukken van; ? u geeft het door als u werk heeft gevonden, uitbreiding krijgt in het aantal werkzame uren krijgt of verandering van werkgever of andere vormen van werkzaamheden en inkomsten; ? u geeft het door als u vrijwilligerswerk gaat doen; ? u geeft het door als u op vakantie gaat. Vraag minimaal vier weken voor uw vertrek toestemming aan ons. U hoort dan hoe lang u op vakantie mag. Houdt u er rekening mee dat u wettelijk gezien niet langer dan vier weken met behoud van uitkering naar het buitenland mag. U moet namelijk beschikbaar blijven voor werk. ? u werkt mee aan controles. Hierbij bekijken wij of u nog recht heeft op een uitkering en of u nog het juiste bedrag krijgt. Daarnaast kijken we naar uw persoonlijke situatie. Meer informatie Deze beslissing is gebaseerd op de artikelen 11, 17, 44 en 45 van de Participatiewet.
Datum
30 september 2025 177972/2810296
Ons kenmerk
U kunt binnen 6 weken bezwaar maken Bent u het niet eens met deze beslissing? Stuur dan een bezwaarschrift. Zet in uw bezwaar in ieder geval:
? Uw naam, adres en handtekening; ? Tegen welke beslissing u bezwaar maakt (zet het briefnummer in uw bezwaarschrift of stuur een kopie mee);
? De reden waarom u het niet met deze beslissing eens bent. Stuur het bezwaarschrift naar: Dagelijks bestuur GR Sociaal Postbus 619 3300 AP DORDRECHT Stuur het bezwaarschrift binnen 6 weken na datum van deze beschikking. Als u het bezwaarschrift later verstuurt, kunnen wij u niet meer helpen.
Vragen over deze brief? Neem dan contact met ons op. Dat kan op de volgende manieren: ? Telefonisch via , op werkdagen 8.30 en 12.00 uur en tussen 13.00 en 15.00; ? Via Facebook (knop Bericht versturen) of X (knop Bericht verzenden); ? Via het vragenformulier op www.soc aledienstdrechtsteden.nl/vragen; ? Via het chatkanaal op socialedienstdrechtsteden.nl; ? Ook is er een mogelijkheid om langs te komen op werkdagen tussen 9.00 en 17.00 uur. Ons adres is:
Vermeld altijd het klantnummer voor een snellere afhandeling van de vraag. Deze staat bovenaan de brief.
MijnSDD Via MijnSDD kan makkelijk informatie gevonden worden over alle producten van de Sociale Dienst Drechtsteden waar gebruik van wordt gemaakt. MijnSDD is 24 uur per dag gratis bereikbaar met DigiD inloggegevens. Ga naar www.socialedienstdrechtsteden.nl en klik rechtsboven op de rode knop ' MijnSDD
Met vriendelijke groet, Het Dagelijks bestuur, Namens deze,
Afdelingshoofd Uitkeringenbeheer Opgave Bestaanszekerheid Versterken Sociale Dienst Drechtsteden Deze brief hebben wij digitaal verwerkt. Er staat daarom geen handtekening op.
Bezoekadres:
Postadres:
Postbus 619 3300 AP Dordrecht Telefoon:
Website: www.soc aledienstdrechtsteden.nl
Behandeld door Afdeling Uitkeringenbeheer
Onderwerp
uw uitkering
Datum: 1 oktober 2025 Klantnummer: 177972 Briefnummer: 2810296/MB
Beste
,
Er is een onderzoek ingesteld naar de rechtmatigheid van uw uitkering. In het kader van dit onderzoek bent u verzocht om een inlichtingenformulier voorzien van bewijsstukken in te leveren. U heeft deze informatie niet binnen de gestelde termijn ingeleverd waardoor uw uitkering achtereenvolgens werd opgeschort en ingetrokken. In uw bezwaarschrift heeft u laten weten dat u het informatieverzoek pas na afloop van de inlevertermijn heeft ontvangen. Om die reden wordt de verlening van bijstand aan u met ingang van 26 augustus 2025 hervat.
Hierbij komt de beschikking van 9 september 2025 (briefnummer 2767405) te vervallen!
Wat verwachten wij van u? Wij verwachten dat u zich houdt aan de informatieverplichting. Hieronder leest u wat deze verplichting onder meer concreet inhoudt. Wat is de informatieplicht? Wij verwachten dat u zich houdt aan de informatieplicht. Dit betekent dat u het volgende doet: ? u geeft veranderingen in uw persoonlijke situatie direct aan ons door. Bijvoorbeeld als u gaat verhuizen, samenwonen, scheiden, gezinsuitbreiding etc. U stuurt hier ook bewijsstukken van; ? u geeft het door als u werk heeft gevonden, uitbreiding krijgt in het aantal werkzame uren krijgt of verandering van werkgever of andere vormen van werkzaamheden en inkomsten; ? u geeft het door als u vrijwilligerswerk gaat doen; ? u geeft het door als u op vakantie gaat. Vraag minimaal vier weken voor uw vertrek toestemming aan ons. U hoort dan hoe lang u op vakantie mag. Houdt u er rekening mee dat u wettelijk gezien niet langer dan vier weken met behoud van uitkering naar het buitenland mag. U moet namelijk beschikbaar blijven voor werk. ? u werkt mee aan controles. Hierbij bekijken wij of u nog recht heeft op een uitkering en of u nog het juiste bedrag krijgt. Daarnaast kijken we naar uw persoonlijke situatie. Meer informatie Deze beslissing is gebaseerd op de artikelen 11, 17, 44 en 45 van de Participatiewet.
Datum
30 september 2025 177972/2810296
Ons kenmerk
U kunt binnen 6 weken bezwaar maken Bent u het niet eens met deze beslissing? Stuur dan een bezwaarschrift. Zet in uw bezwaar in ieder geval:
? Uw naam, adres en handtekening; ? Tegen welke beslissing u bezwaar maakt (zet het briefnummer in uw bezwaarschrift of stuur een kopie mee);
? De reden waarom u het niet met deze beslissing eens bent. Stuur het bezwaarschrift naar: Dagelijks bestuur GR Sociaal Postbus 619 3300 AP DORDRECHT Stuur het bezwaarschrift binnen 6 weken na datum van deze beschikking. Als u het bezwaarschrift later verstuurt, kunnen wij u niet meer helpen.
Vragen over deze brief? Neem dan contact met ons op. Dat kan op de volgende manieren: ? Telefonisch via , op werkdagen 8.30 en 12.00 uur en tussen 13.00 en 15.00; ? Via Facebook (knop Bericht versturen) of X (knop Bericht verzenden); ? Via het vragenformulier op www.soc aledienstdrechtsteden.nl/vragen; ? Via het chatkanaal op socialedienstdrechtsteden.nl; ? Ook is er een mogelijkheid om langs te komen op werkdagen tussen 9.00 en 17.00 uur. Ons adres is:
Vermeld altijd het klantnummer voor een snellere afhandeling van de vraag. Deze staat bovenaan de brief.
MijnSDD Via MijnSDD kan makkelijk informatie gevonden worden over alle producten van de Sociale Dienst Drechtsteden waar gebruik van wordt gemaakt. MijnSDD is 24 uur per dag gratis bereikbaar met DigiD inloggegevens. Ga naar www.socialedienstdrechtsteden.nl en klik rechtsboven op de rode knop ' MijnSDD
Met vriendelijke groet, Het Dagelijks bestuur, Namens deze,
Afdelingshoofd Uitkeringenbeheer Opgave Bestaanszekerheid Versterken Sociale Dienst Drechtsteden Deze brief hebben wij digitaal verwerkt. Er staat daarom geen handtekening op.
GRSociaal
Bezoekadres:
Aan Postadres:
Postbus 619 3300 AP Dordrecht Telefoon:
Website www.soc aledienstdrechtsteden.nl :
Datum: 7 oktober 2025
Behandeld door:
Onderwerp:
bezwaarschrift ex artikel 7:1 Awb
Betreft:
Besluit op bezwaar
Beste
,
Klant nummer: 177972 Ons kenmerk: 2803746/TF
Op 9 september 2025 ontvingen wij uw bezwaarschrift tegen onze beschikking van 27 augustus 2025 (met kenmerk 2767405/RB). Hierin besloten wij uw recht op bijstand op te schorten met ingang van 26 augustus 2025. De reden van dit besluit is dat u niet heeft voldaan aan het in de brief van 7 augustus 2025 aan u gedane verzoek om een inlichtingenformulier voorzien van bewijsstukken in te leveren op uiterlijk 25 augustus 2025. In uw bezwaarschrift heeft u aangegeven dat u het informatieverzoek pas na de geboden termijn heeft ontvangen. Deze informatie heeft er toe geleid dat wij het vorenstaande besluit op 1 oktober 2025 hebben ingetrokken Zie hiervoor ook onze beschikking met het kenmerk . 2810296/MB. Voor de volledigheid voegen wij dit besluit in de bijlage toe.
Besluit Door het intrekken van het bestreden besluit is er geen belang meer bij een inhoudelijke behandeling van uw bezwaarschrift waardoor deze niet ontvankelijk wordt verklaard.
Voor de leesbaarheid van dit besluit schrijven wij het wettelijk kader onderaan deze brief uit.
Heeft u vragen over deze brief? Neem dan contact op met . Dit kan telefonisch via , op maandag tot en met donderdag tussen 9.00 en 17.00 uur. Wij kunnen uw vraag sneller afhandelen als u het klantnummer vermeldt bij uw vraag. Het klantnummer vindt u bovenaan deze brief.
Met vriendelijke groet, namens het Dagelijks Bestuur,
Afdelingshoofd Kwaliteit & Ontwikkeling Opgave Dienstverlening Sociale Dienst Drechtsteden
Datum: 7 oktober 2025 Klantnummer: 177972 Ons kenmerk: 2803746/TF
Beroepsc/ausu/e Indien u het niet eens bent met dit besluit, dan kunt u binnen zes weken na dagtekening van dit besluit op bezwaar een beroepschrift indienen (artikel 8.1. A wb). U kunt dit per post doen of digitaal met uw DigiD via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Vermeld in uw beroepschrift in ieder geval: • uw naam en adres; • tegen welk besluit u beroep aantekent; • de reden(en) waarom u het niet met dit besluit eens bent.
Stuurt u het beroepschrift per post? Stuur het dan (voorzien van uw handtekening) naar: Rechtbank Rotterdam Sector Bestuursrecht, Team B Postbus 50951 3007 BM ROTTERDAM
Is een snelle beslissing noodzake/ijk? Vraagt u dan tegelijk met uw beroepschrift een voorlopige voorziening aan. U kunt dit verzoek met een kopie van uw beroepschrift sturen naar: Rechtbank Rotterdam T.a.v. de Voorzieningenrechter Postbus 50951 3007 BM ROTTERDAM Wettelijk kader
Artikel 1:2 - Belanghebbende
1. Onder belanghebbende wordt verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. 2. Ten aanzien van bestuursorganen worden de hun toevertrouwde belangen als hun belangen beschouwd. 3. Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen.
Pagina 2 van 2
mail.com - Brief gelang besluit tot schorsing van dakloze uitkering - Mensenrechtenschending
15-10-2025, 22:58
mpjailcom Brief elang besluit tot schorsing van dakloze uitkering Mensenrechtenschending From:
"M." <
To:
@drechtsteden.nl, @drechtsteden.nl, @dordrecht. l, @ dordrecht.nl, @kcmsu vey.com, @ drechtsteden.nl, @drechtsteden.nl, @drechtsteden.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl , @tweedekamer.nl , @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl , @tweedekamer.nl, @tweedekamer.nl
Cc:
Date:
@ mail.com >
@ dordrecht.nl, @papendrecht.nl, Sep 8,
@sliedrecht.nl, @ zwijndrecht.nl, @alb asserdam.nl , @hardinxveld-giessendam .nl, @ h-i-ambacht.nl
025 10:56: 9 PM
E:
T:
@mail.com
Betreft: Bezwaarschrift tegen opschorting baijstandsuitkering
Geacht Drechtstedenbestuur,
Hierbij maak ik bezwaar tegen uw besluit van 27 augustus 2025 (kenmerk: 2767408/RB) tot opschorting van mijn bijstandsuitkering (Participatiewet). Dit besluit houdt in dat mijn recht op uitkering per 26 augustus 2025 is opgeschort, waardoor de betaling van mijn uitkering is stopgezet. Ik heb dit bezwaar tijdig ingediend binnen de wettelijke termijn van zes weken (conform artikel 6:7 Algemene wet bes uursrecht). Op 08-09-2025 ontving ik van u een brief met het onderwerp "Hercontrole Participatiewe waarin ik werd verzocht om uiterlijk 25 augustus 2025 diverse gegevens en bewijsstukken aan te leveren. Het betrof een omvangrijk pakket aan informatie, naast bankafschriften en overige persoonlijke gegevens. Ondanks mijn inspanningen was de gestelde termijn (slechts circa 212 week)
onvoldoende om alle gevraagde stukken te verzamelen. Reeds op 27 augustus 2025 heeft u vervolgens besloten mijn uitkering op te schorten wegens het niet tijdig aanleveren van deze informatie. In diezelfde brief van 27 augustus werd mij een nieuwe (zeer korte) hersteltermijn tot 4 september 2025 gegeven om alsnog de ontbrekende gegevens te verstrekken, met de aankondiging dat bij nietaanlevering mijn recht op uitkering zou worden ingetrokken.
Bezwaargronden 1. Onredelijk korte termijn voor het aanleveren van informatie
https://3c-lxa.mail.com/mail/client/mail/print;jsessionid=70B849BCBE7B0225C6E6CF7894A28F60-n2.lxa02b?mailld=tmai 1757364980521030094
1/4
15-10-2025, 22:58
mail.com - Brief gelang besluit tot schorsing van dakloze uitkering - Mensenrechtenschending
Ik ben van mening dat de termijn die mij geboden is om de gevraagde informatie te verstrekken onredelijk kort was. De gevraagde informatie was zeer uitgebreid en vergde meer tijd om te verzamelen dan de krappe 2 a 3 weken die mij gegeven zijn gelang mijn sitautie dat ik dakloos ben en pas geleden in vrijheid ben gesteld vanuit de PI ( dit feit is zowel bij u bekend). In het opschortingsbesluit moet een redelijke termijn worden geboden om het verzuim te herstellen ( dan wel moet sprake zijn van rechvaardige verzuim). Die redelijkheid ontbrak hier: u heeft de uiterste datum op 25 augustus gesteld, waarna direct op 26 augustus (de dag erna) m ijn daklozeuitkering al is stopgezet. Gelet op de hoeveelheid en complexiteit van de gevraagde gegevens had een langere termijn gerechtvaardigd geweest. Ik heb geen enkel moment de intentie gehad informatie achter te houden; het niet tijdig aanleveren komt puur door de korte termijn en niet door onwil. Bovendien wijs ik op het volgende principe van evenredigheid en fair play: de overheid neemt zelf doorgaans maximaal acht weken de tijd voor onderzoek en besluitvorming in dergelijke hercontrole-situaties. Artikel 54 van de Participatiewet bepaalt dat de gemeente de uitbetaling van een bijstandsuitkering ten hoogste acht weken mag opschorten voor onderzoek.
Pas na afloop van die periode moet de gemeente een definitief besluit nemen (bijv, hervatten of stopzetten). In mijn geval daarentegen werd van mij verwacht dat ik binnen nog geen drie weken volledig zou reageren. Deze onevenwichtigheid acht ik onzorgvuldig en in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel van de Awb. Indien de wetgever de gemeente een ruime onderzoeksperiode van (maximaal) 8 weken toestaat, dan dient een burger naar redelijkheid ook een proportionele termijn gegund te worden om de verlangde informatie te verzamelen en te leveren.
Kortom, door de uiterst korte reactietermijn is onvoldoende rekening gehouden met mijn belang en mogelijkheden om te voldoen aan het verzoek. Dit klemt temeer daar een opschorting van de uitkering mij direct zonder inkomsten stelt. Een iets langere termijn of een eenvoudige termijnverlenging (waarop ik zeker zou hebben aangedrongen als die mogelijkheid expliciet was geboden) had geen afbreuk gedaan aan het onderzoek, maar wél voorkomen dat ik onnodig zonder middelen zou komen te zitten. Ik verzoek u deze grond in overweging te nemen en te erkennen dat de termijn onredelijk kort was.
2. Opschorting te snel en disproportioneel toegepast Direct samenhangend met het bovenstaande acht ik het besluit om per 26 augustus tot opschorting over te gaan te snel en disproportioneel. Feitelijk is de uitkering al opgeschort op de eerste dag na het verstrijken van de termijn uit de eerste brief. Er is geen rappel of herinnering gestuurd en er is geen extra uitstel overwogen, zelfs niet gezien de omvang van de opgevraagde informatie. Hiermee is mijn recht op bijstand zeer snel en strikt getroffen, terwijl minder ingrijpende maatregelen mogelijk waren (zoals het geven van nadere termijn of telefonisch contact opnemen om te vragen waarom nog niet alles ontvangen was).
Ik wil benadrukken dat ik inmiddels doende ben/was om de gevraagde stukken te verzamelen. Een aantal documenten had ik wellicht enkele dagen na de deadline kunnen aanleveren. Door echter direct tot opschorting over te gaan, zonder mij de gelegenheid te geven om op de korte termijn in gebreke te reageren, is m.i. gehandeld in strijd met het evenredigheidsbeginsel. De Centrale Raad van Beroep heeft recentelijk ook geoordeeld dat bij intrekking van bijstand na opschorting een belangenafweging dient plaats te vinden en niet klakkeloos mag worden ingetrokken als achteraf blijkt dat recht op bijstand bestond. Hoewel mijn zaak nog in de opschortingsfase zit, wil ik dat er nu reeds proportionaliteit wordt betracht: opschorting is een middel, geen doel op zich, en zou niet strenger moeten worden toegepast dan nodig om het gewenste doel (informatie verkrijgen) te bereiken. Dat doel - het verkrijgen van de benodigde informatie - wordt niet gediend door mij direct financieel te sanctioneren, integendeel. Door de opschorting beschik ik nu over nog minder middelen om eventuele ontbrekende gegevens snel te verzamelen. Ik verzoek u daarom te heroverwegen of opschorting hier wel het passende middel was, zeker in het licht van mijn bereidheid om alle medewerking te verlenen. Een waarschuwing of laatste aanmaning had volstaan.
3. Vormgebrek: ontbrekende handtekening en twijfel aan besluitvorming In het bestreden besluit van 27 augustus 2025 ontbreekt een handtekening van de beslissingsbevoegde ambtenaar. Sterker nog, in de brief staat expliciet vermeld Deze brief hebben wij digitaal verwerkt. Er staat daarom geen handtekening op Dit roept bij mij twijfels op over de rechtsgeldigheid en authenticiteit van het besluit. Een besluit in de zin van de Awb is een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan (artikel 1:3 Awb) en dient voldoende kenbaar te maken door of namens wie het besluit is genomen.
Hoewel een fysieke handtekening op een besluit formeel niet altijd vereist is, geldt wel dat achteraf de bevoegdheid van de ambtenaar die het besluit heeft genomen, aangetoond moet kunnen worden. In dit geval is niet duidelijk op wiens autoriteit het besluit tot opschorting is genomen. Er wordt onderaan alleen een naam en functie vermeld (" , Afdelingshoofd Dordrecht, Opgave Bestaanzekerheid Versterken"), maar zonder handtekening of duidelijke mandaatmelding. Gezien de vergaande consequenties van het besluit (opschorting van levensonderhoud) vind ik dit een gebrek in de vorm. Ter vergelijking: de Awb kent het vereiste dat besluiten voldoende zijn gemotiveerd en de identiteit van de beslisser kenbaar is, mede om de controleerbaarheid van bevoegdheidsuitoefening te waarborgen.
Ik verzoek u daarom om opheldering te geven over de authenticiteit en ondertekening van het besluit. Graag verneem ik welke functionaris het besluit daadwerkel jk heeft vastgesteld en op basis van welk mandaat of welke bevoegdheid. Ter controle verzoek ik om toezending van een document of bewijs waaruit blijkt dat de opsteller/ondertekenaar bevoegd was dit besluit te https://3c-lxa. mail. com/mail/client/mail/print;jsessionid=70B849BCBE7B0225C6E6CF7894A28F60-n2.lxa02b?mailld=tmai 1757364980521030094
2/4
15-10-2025, 22:58
mail.com - Brief gelang besluit tot schorsing van dakloze uitkering - Mensenrechtenschending
nemen (bijvoorbeeld een mandaatbesluit of aanwijzingsbesluit waaruit de bevoegdheidsverdeling blijkt). Mocht blijken dat het besluit niet rechtsgeldig is genomen of bekendgemaakt (bijv, door onbevoegdheid of vormfouten), dan is dat een zelfstandige grond om het besluit te vernietigen. 4. Recht op inzage in dossier en reden van het onderzoek
Ik stel het op prijs om te weten wat de aanleiding is geweest voor het heronderzoek en de uitgebreide gegevensvordering. In uw brief van 7 augustus 2025 werd aangegeven dat u "regelmatig controleert" of de gegevens nog kloppen. Graag ontvang ik uitleg over de reden van het onderzoek dat is gestart. Transparantie hierover acht ik van belang om mijn bezwaar goed te kunnen onderbouwen.
Daarnaast maak ik gebruik van mijn recht op inzage in alle stukken die op mijn zaak betrekking hebben. Op grond van artikel
7:4, tweede lid, Awb is het bestuursorgaan verplicht het bezwaarschrift en alle op de zaak betrekking hebbende stukken ter inzage te leggen voor belanghebbenden. Ik verzoek u daarom alle relevante dossierstukken met betrekking tot deze hercontrole en
opschorting aan mij beschikbaar te stellen.
Hieronder vallen bijvoorbeeld: interne rapportages, de originele vragenlijst en ingevulde gegevens, eventuele meldingen of tips die
aanleiding gaven tot het onderzoek, correspondentie met derden over mijn situatie, etc. Concreet verzoek ik om kopieën van al deze stukken aan mij toe te zenden, zodat ik volledig inzicht krijg in de zaak (conform mijn recht uit artikel 7:4 Awb, lid 4, heb ik recht op afschriften van de dossierstukken)
Verzoeken en afsluiting
Gelet op al het bovenstaande verzoek ik u het volgende: •
Herroepen van het opschortingsbesluit: Ik verzoek u het bestreden opschortingsbesluit van 27 augustus 2025 te
heroverwegen en in te trekken (vernietigen). Dit zou betekenen dat mijn uitkering met terugwerkende kracht per 26
augustus 2025 wordt hervat, nu de opschorting naar mijn mening onterecht en onzorgvuldig is toegepast. •
Bieden van een redelijke hersteltermijn: In plaats van opschorting verzoek ik u mij alsnog een redelijke termijn te gunnen om eventuele ontbrekende informatie aan te leveren. Zoals aangegeven ben ik bereid alle gevraagde inlichtingen te verstrekken. Indien u van mening bent dat nog niet alles is ontvangen, geef mij alstublieft een passende hersteltermijn (ik
denk aan bijvoorbeeld nogmaals 8 weken, gelijk aan de termijn die u zelf maximaal voor uw onderzoek neemt) om de laatste stukken aan te leveren voordat verregaande maatregelen worden overwogen. Dit in lijn met het principe dat de burger de gelegenheid moet krijgen het verzuim te herstellen binnen een redelijke termijn. •
Inzage en informatievoorziening: Zoals onder punt 4 toegelicht, verzoek ik om volledige inzage in het dossier en informatie over de aanleiding van het onderzoek. Ik verzoek u deze stukken en toelichting zo spoedig mogelijk (liefst vóór de
hoorzitting) aan mij te verstrekken, zodat ik mijn standpunt nader kan onderbouwen. •
Hoorzitting: Graag maak ik gebruik van mijn recht om te worden gehoord. Ik verzoek u daarom om in het kader van de bezwaarprocedure een hoorzitting te plannen, zodat ik mijn bezwaar mondeling kan toelichten (artikel 7:2 Awb). Ik acht een hoorzitting gewenst om eventuele misverstanden uit de weg te ruimen en uw vragen te kunnen beantwoorden.
•
Voortzetting uitkering in tussentijd: Hoewel strikt genomen geen onderdeel van de bezwaarbeslissing, wil ik toch verzoeken om de uitkering lopende het bezwaar te hervatten, althans niet langer opgeschort te houden. Gezien mijn
financiële noodsituatie (ik moet in mijn levensonderhoud kunnen voorzien), zou dit een fair gebaar zijn in afwachting van de
beslissing op bezwaar. Een opschorting langer dan nodig achten de rechtbanken onrechtmatig, en na ommekomst van die termijn zou de uitkering sowieso hersteld moeten worden. Ik verzoek u daarom de duur van de opschorting zo kort mogelijk te houden. (Mocht u vooralsnog niet aan dit verzoek voldoen, dan overweeg ik een voorlopige voorziening bij de rechtbank te vragen om het opschortingsbesluit te laten schorsen.)
Tot slot verzoek ik u vriendelijk alle verdere correspondentie over dit bezwaar bij voorkeur per e-mail te laten verlopen. Ik stem in met elektronische toezending conform artikel 2:14 Awb. Mijn e-mailadres is bij u bekend (zoals eerder gebruikt in correspondentie).