17. Zienswijzennota Bestemmingsplan 't Oog Wonen, 1e fase .pdf
Tekst van het document
Het is de vraag of de mate van het sluipverkeer waarmee in het verkeersmodel 2030H rekening is gehouden ook daadwerkelijk zal gaan optreden. Dit zal mede samenhangen met de toekomstige mobiliteitsontwikkelingen. Hierbij moet gedacht worden aan de effecten van het "nieuwe normaal" (na Corona werken bepaalde sectoren meer thuis en/of hanteren over de dag verspreide werktijden om files te vermijden), het MIRT traject (capaciteitsuitbreiding van de A15), stijging van de autokosten (hogere brandstofprijzen), de overgang naar elektrisch rijden en plannen als de invoering van het "rekening rijden". Mocht op de langere termijn een onveilige situatie ontstaan ter plaatse van de spoorwegovergang als gevolg van het sluipverkeer dan zal de gemeente passende verkeers- en/of weginrichtingsmaatregelen nemen. Spoorweg De in het Stedenbouwkundig Programma van Eisen d.d. december 2019 aangegeven ontsluitingsstructuur sluit niet uit dat bij een doorontwikkeling van het gebied 't Oog en de aanleg van een eventuele tunnel onder de MerwedeLingelijn de Spoorweg (het deel ten oosten van de Polderweg) mogelijk meer noordelijk door het gebied komt te liggen om aan te sluiten op de tunnelbak die verder oostelijk dan in het gebied zal snijden.
Zoals blijkt uit de bij deze Zienswijzennota gevoegde oplegnotitie bij het SPvE wordt bij de ontsluitingsstructuren, stedenbouwkundige structuren en de groene en blauwe structuren die hieraan raken, rekening gehouden met de mogelijke inpassing van het tunneltracé en de daarmee samenhangende verlegging van de Spoorweg. Spoorwegovergang Met betrekking tot de spoorwegveiligheid wordt opgemerkt dat door de gemeente financiële middelen beschikbaar zijn gesteld om de bestaande spoorwegovergang te verbeteren. De uitvoering van deze maatregel vindt plaats in overleg met ProRail en komt verkeersveiligheid en bereikbaarheid ten goede. In de toelichting op het bestemmingsplan zal door middel van een indicatieve tekening inzichtelijk worden gemaakt hoe de weginfrastructuur ter hoogte van de spoorwegovergang wordt aangepast. Hiermede is een veilige afwikkeling van de verkeersgeneratie van de 170 woningen die het bestemmingsplan mogelijk maakt naar de mening van de gemeente voldoende gegarandeerd De aanleg van een extra spoorlijn aan de noordzijde is niet aan de orde. Ter hoogte van het station en de spoorwegovergang ligt reeds een zogeheten dubbelspoor, waardoor ingeval van een eventuele capaciteitsuitbreiding van de MerwedeLingeLijn in dit baanvak geen extra spoor aangelegd behoeft te worden.
Betrokkenheid bewoners Wijk over ‘t Spoor Met de commissie heeft inmiddels een aantal gesprekken plaatsgevonden over de plannen voor het gebied 't Oog, zowel wat betreft het voorliggende bestemmingsplan als mogelijke toekomstige ontwikkelingen in het gebied 't Oog. Ook in de openbare vergaderingen van de gemeenteraad heeft 't
- 17 -
Oog meerdere keren op de agenda gestaan. Het voorontwerpbestemmingsplan en ontwerpbestemmingsplan zijn publiekelijk bekend gemaakt en hebben voor een ieder ter inzage gelegen. Op termijn zal bij het opstellen van het uitwerkingsplan voor het plangebied opnieuw contact worden gezocht met de commissie. Ook als het gaat om toekomstplannen voor een doorontwikkeling van het gebied 't Oog zal participatie aan de orde zijn, maar dan zullen eerst college en raad zich nog kaderstellend over een dergelijke doorontwikkeling moeten uitspreken. Groen en recreatie buffer tussen nieuwbouw en bestaande wijk De commissie heeft bij de gemeente een conceptvoorstel ingediend waarin een ruim groen- en recreatiegebied rondom de wijk is aangegeven. Ook is een voorstel geschetst voor toegang- en uitvalswegen alsmede extra parkeervoorzieningen. Dit voorstel is als bijlage bij de zienswijze gevoegd. Vastgesteld moet worden dat dit voorstel geen betrekking heeft op het plangebied waarvoor het ontwerpbestemmingsplan is opgesteld. De afbeelding waaraan de commissie refereert op het gebied van de bebouwingsdichtheden is onderdeel van de structuurkaart voor het gehele gebied 't Oog en geeft de ruimtelijke uitgangspunten weer, die voor het plangebied voor de 170 woningen zijn vertaald naar een stedenbouwkundig programma van eisen.
Het bestemmingsplan 't Oog Wonen, fase 1" heeft geen betrekking op het gebied waarin volgens de structuurkaart een hogere bebouwingsdichtheid is geduid. Die hogere dichtheid heeft overigens inderdaad te make met de nabijheid van het station. Het voorstel van de commissie komt gelet op het vorenstaande pas aan de orde in een fase in het proces waarin participatie plaatsvindt over de plannen voor een doorontwikkeling van 't Oog. Aanpassing De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan
- 18 -