156 CU - Schriftelijke vragen n.a.v. Raadsinformatienota 7 april locatie Middenwetering.pdf
Tekst van het document
RAADSVRAGEN
Onderwerp:
Raadsinformatienota 7 april locatie Middenwetering
Naam steller: Partij:
Peter de Roover ChristenUnie
Categorie:
Schriftelijke vragen over niet geagendeerde stukken
Vraag 1: Het college geeft aan dat het niet haalbaar is om vóór 1 juli 2026 een volledig ontwerp-omgevingsplan op te leveren vanwege de complexiteit. Kan het college concreet aangeven welke capaciteit (uren/FTE) ontbreekt en welke andere aspecten een rol spelen waardoor het niet mogelijk is deze datum te halen? Reactie college Vraag 2: Heeft het college onderzocht of het tijdelijk aantrekken van externe capaciteit (bijvoorbeeld een projectleider of planeconoom) en of de inzet van andere oplossingen het mogelijk maakt om de deadline van 1 juli 2026 alsnog te halen? Reactie college Vraag 3: Indien dit is onderzocht: Wat zijn de financiële en organisatorische argumenten geweest om hier niet voor te kiezen? Welke minimale variant van een ontwerp-omgevingsplan (bijvoorbeeld een proforma of globaal ontwerp) zou voldoende kunnen zijn om aan de provinciale voorwaarden te voldoen? Reactie college Vraag 4: De locatie Middenwetering staat al meerdere jaren op de Projectenkaart van de gemeente (in de categorie Particuliere ontwikkeling met overeenkomst).
Kan een toelichting gegeven worden op wat er de afgelopen periode is gedaan aan dit project en wat nu de stand van zaken is en waarom er niet al stappen zijn gezet om tot ontwerp-omgevingsplan te komen? Reactie college Vraag 5: Aan het positieve advies van de provincie is de genoemde voorwaarde van een ontwerp-omgevingsplan verbonden per 1 juli 2026. Was deze voorwaarde en termijn eerder bekend bij het college, en of zijn hier eerdere signalen over gegeven vanuit de provincie en zo ja, waarom is hier niet eerder op geanticipeerd? Dit ook in het perspectief dat door de wethouder eerder positieve signalen zijn geuit over de ontwikkeling van deze locatie naar aanleiding van gesprekken met de provincie. Reactie college Vraag 6: Hoe beoordeeld het college de stellingname / werkwijze van de provincie waarbij er enerzijds positief geadviseerd wordt op de ontwikkeling van de locatie Middenwetering maar waaraan een klaarblijkelijk onhaalbare voorwaarde wordt gekoppeld? Reactie college
Vraag 7: Het positieve advies van de provincie over de ontwikkeling van de locatie Middenwetering is positief en een stap vooruit. In hoeverre ziet het college hierin basis en grond om het gesprek met de provincie aan te gaan op korte termijn om in gezamenlijkheid tot een haalbaar proces te komen gericht op snelle realisatie van woningbouw waarbij de datum van 1 juli 2026 mogelijk iets opschuift? Reactie college Vraag 8: Gezien de woningnood en het positieve provinciale advies: Welke extra inspanningen is het college bereid te leveren om woningbouw in Middenwetering alsnog mogelijk te maken op korte termijn? Reactie college Vraag 9: Het college bereidt zich voor op een scenario waarin woningbouw niet wordt toegestaan. Hoe groot acht het college de kans dat dit scenario werkelijkheid wordt, gegeven het positieve advies van Gedeputeerde Staten? Reactie college Vraag 10: Vanuit de grote behoefte aan woningen zou het niet doorgaan van woningbouw op de locatie Middenwetering een zeer forse tegenvaller zijn maar wat zijn de verdere consequenties van het niet ontwikkelingen van deze locatie onder andere qua financiën (in het MPG van 2025 wordt een risico benoemd van 1 miljoen euro), bereikbaarheid / ontsluiting van het dorp?
-2-
-3-