Reactienota AZC Harderwijk 5 juni.docx
Tekst van het document
Tussentijdse reactienota op ingekomen post van inwoners met betrekking tot het AZC - 5 juni Inleiding In de afgelopen weken zijn er verschillende brieven en e-mails binnengekomen met vragen en zorgen van inwoners richting het college. We hebben de veelgestelde vragen (locatiekeuze, veiligheid, verkeer, juridisch- en planologische aspecten, communicatie en participatie) ook, waar nodig, steeds aangevuld op de website1 Tussentijdse reactienota Dit is een tussentijdse reactienota. We hebben alle ingekomen post tot 30 mei 2020 op dit moment van een persoonlijke reactie voorzien. In onze persoonlijke reacties hebben we mensen ook uitgenodigd voor een afspraak (telefonisch of aan de keukentafel). We gaan de komende periode door met het beantwoorden van ingekomen post in combinatie van het voeren van persoonlijke gesprekken met inwoners. In het najaar komen we met de eindrapportage van alle beantwoording van de ingekomen post in de reactienota. Locatiekeuze en ruimtelijke inpassing 1. Waarom is gekozen voor De Sypel als locatie voor het AZC? Past dit wel in de wijkstructuur? Antwoord: De locatie komt als beste naar voren uit het locatieonderzoek waarin 17 plekken zijn onderzocht op basis van criteria zoals bereikbaarheid, veiligheid, milieuwetten, ruimte en voorzieningen. De locatie is centraal gelegen en goed bereikbaar per fiets en te voet.
De omvang van 350 bewoners maakt een zelfvoorzienend AZC mogelijk, met eigen voorzieningen voor zorg en recreatie. De omvang van de locatie past ook binnen de stedelijke context en spreidt de druk op voorzieningen. Bovendien is de locatie aan bijna alle zijden omzoomd door groen en water, wat zorgt voor een natuurlijke buffer tussen de locatie en de rest van de wijk. 2. Is de beperkte buitenruimte geschikt voor ontspanning en recreatie van bewoners? Antwoord: Het COA zal het terrein inrichten met aandacht voor ontspanning, recreatie en rust. Waar nodig worden aanvullende voorzieningen op het terrein of in samenwerking met de omgeving gerealiseerd.
1
https://www.harderwijk.nl/voortzetting-asielzoekerscentrum-azc-op-locatie-de-sypel-2-hoogbouw-morgen-college
3. Het gebouw is oud en energie-intensief. Is het geschikt voor bewoning? Antwoord: Het gebouw zal door het COA worden aangepast aan de eisen voor bewoning. Onderzoeken naar ventilatie, energieverbruik en geschiktheid worden in het vergunningstraject uitgevoerd. Verkeer, veiligheid en infrastructuur 4. Is de verkeersontsluiting en parkeerdruk toereikend? Antwoord: De ontsluiting via Couperuslaan/Hoofdweg is beoordeeld als voldoende. Bij de vergunningaanvraag worden verkeersintensiteit, parkeerruimte en veiligheid opnieuw getoetst. Ook willen we in overleg met omwonenden (via de nog op te richten werkgroep) bekijken of eventueel aanvullende maatregelen nodig/mogelijk zijn. 5. Zijn de bestaande routes wel veilig genoeg, vooral 's avonds? Antwoord: Zorgen over verlichting en sociale veiligheid zijn gedeeld en worden meegenomen in het ontwerp. Aanpassingen aan infrastructuur worden besproken met de werkgroep omwonenden. 6. Is er geen risico door netcongestie op het elektriciteitsnet? Antwoord: Het pand heeft een bestaande aansluiting. Verdere eisen aan capaciteit en geluidsbelasting van technische installaties worden getoetst bij de vergunningsaanvraag en onderzoek naar de haalbaarheid door het COA.
Sociale veiligheid en leefbaarheid 7. Is er voldoende begeleiding en toezicht op het AZC? Antwoord: Het COA zorgt voor 24-uurs beveiliging op de opvanglocatie, wat betekent dat er altijd beveiligingspersoneel beschikbaar is om te reageren op gebeurtenissen, noodsituaties of andere beveiligings behoeften. Ook is de 24-uurs beveiliging beschikbaar om voor een veilige omgeving te zorgen voor de bewoners van de opvanglocatie en het personeel. Het beveiligingspersoneel voert verschillende taken uit, zoals: de toegang, uitvoeren van surveillance, beheren van bezoekersstromen en zorgen voor orde en rust.
Ook de wijkagent heeft een belangrijke rol bij de veiligheid op het AZC en in de omgeving. De wijkagent neemt deel aan het omwonendenoverleg en staat in nauw contact met de beveiliging en locatieverantwoordelijke op het AZC. Zo weet de politie goed wat er speelt en of extra maatregelen nodig zijn. Met het COA hebben we afspraken gemaakt over overlastgevers: bij lichte overlast krijgen één waarschuwing van het COA. Dit komt ook in hun dossier. Bij een volgende keer of een zwaardere overlast situatie worden ze direct overgeplaatst naar een ander AZC met strengere regels en komen hier ook niet meer terug. Wanneer de locatie bewoond wordt, is hier 24/7 een beheerder aanwezig. Voor buurtbewoners komt er een direct telefoonnummer dat zij kunnen bellen als er sprake is van overlast. 8. Waarom wordt een kwetsbare doelgroep naast een speciale basisschool geplaatst? Antwoord: Er is afgesproken dat er geen amv's op deze locatie worden opgevangen. Overleg met schoolbesturen vindt plaats over de omgeving en begeleiding. De schoolbesturen denken constructief mee. We weten dat er een brief van Educare is verstuurd naar ouders waarin staat dat er alleen exclusief gezinnen komen. Dat is feitelijk onjuist. En daarover hebben we ook bestuurlijk contact gehad met Educare.
9. Is er niet te veel druk op een kleine wijk van 625 inwoners met 350 extra bewoners? Antwoord: De omvang van maximaal 350 opvangplekken maakt een zelfvoorzienend AZC mogelijk. Doel van het zoveel mogelijk zelfvoorzienend is dat het COA belangrijke voorzieningen (gezondheidszorg, psychische zorg, recreatieve activiteiten etc) op het AZC aanbiedt. Hiermee wordt eventuele druk op de reeds belaste zorgstructuur voorkomen. Daarnaast zijn in de direct omgeving van locatie De Sypel 2 juist heel veel voorzieningen. De voorgestelde locatie kent een natuurlijke buffer waardoor het aantal direct omwonenden gering is. Op de opvang gaan mensen wonen, met een plek voor deze nieuwe inwoners in een woonwijk wordt ook de mogelijkheid voor goede integratie bevordert. Juridische en planologische aspecten 10.Staat het omgevingsplan een AZC wel toe? Antwoord: Een BOPA is vereist om af te kunnen wijken van het Omgevingsplan. In het kader van de Omgevingswet wordt de locatie getoetst op ETFAL-criteria (evenwichtige toedeling van functies aan locatie). De Omgevingsvisie benoemt het terrein als binnenstedelijk ontwikkelgebied waar mogelijke ontwikkeling naar wonen is genoemd.
11.Worden de benodigde onderzoeken gedaan voor geluid, lucht en stikstof? Antwoord: Deze worden uitgevoerd bij de vergunningsprocedure. Door de Omgevingsdienst Veluwe is hier naar gekeken en worden geen grote belemmeringen verwacht. Wel moet voor een aantal zaken nader onderzoek gedaan worden (bijvoorbeeld metingen). Dit kan pas wanneer er een concreet plan ligt waarbij ook de invulling die is voorzien duidelijk is. Communicatie en participatie
12. Waarom zijn bewoners pas zo laat geïnformeerd? Antwoord: Het college heeft uitgangspunten vastgesteld en overlegd met de gemeenteraad, hierin is het proces op voorhand vastgelegd. Het college van B&W heeft de locatiekeuze gedaan op basis van criteria als uitwerking van de uitgangspunten. Pas daarna vindt informatie uitwisseling met de bewoners plaats. Dit proces heeft de gemeente ook naar buiten toe gecommuniceerd. Na het voornemen van de locatiekeuze is er, zo spoedig mogelijk na de openbaarmaking van het besluit, gekozen voor gerichte communicatie en informatie naar de directe omwonenden. Er zijn persoonlijke brieven, gesprekken, een inloopbijeenkomst, keukentafelgesprekken en online informatievoorziening ingezet en er wordt een werkgroep opgestart. Het college realiseert zich dat de vestiging van een AZC op iedere locatie gemengde geluiden oplevert in de omgeving. 13. Op welke manier wordt de stem van bewoners nog meegenomen? Antwoord: Er wordt gewerkt met een werkgroep omwonenden, keukentafelgesprekken en openbare inloopbijeenkomsten. Inwoners kunnen hun zorgen, ideeën en feedback blijven delen. Deze input wordt meegenomen in de uitwerking van de opvang. De gemeenteraad ontvangt ook op verschillende manieren geluiden vanuit de samenleving, Deze signalen die men daar heeft opgevangen kan men meegeven aan het college in de raadsvergadering van 12 juni 2025.