Rapportage Rekenkameronderzoek Toegang tot de Wmo - Harderwijk
Tekst van het document
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
september 2023
RAPPORTAGE – GEMEENTE HARDERWIJK
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Inhoud Deel 1 INLEIDING
4
Deel 2 RAPPORTAGE VAN BEVINDINGEN
8
3.1.1
Meerinzicht
12
3.1.2
Sociaal Team
13
3.2.1
Doelen
13
3.2.2
Monitoring en sturing
15
3.3.1
Samenwerking
16
5.1.1
Beoogd
24
5.1.2
Praktijk
27
5.2.1
Beoogd
30
5.2.2
Praktijk
31
Gemeente Harderwijk
2
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
5.3.1
Beoogd
33
5.3.2
Praktijk
35
5.4.1
Beoogd
37
5.4.2
Praktijk
39
5.5.1
Beoogd
44
5.5.2
Praktijk
44
Deel 3 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
50
Deel 4 BESTUURLIJKE REACTIE Deel 5 NAWOORD REKENKAMERCOMMISSIE
53 56
Gemeente Harderwijk
3
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Deel 1 INLEIDING
Gemeente Harderwijk
4
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Inleiding Aanleiding Sinds 1 januari 2015 zijn gemeenten vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) verantwoordelijk voor het bieden van maatschappelijke ondersteuning. Gemeenten zijn daarbij verplicht om maatwerkvoorzieningen te bieden ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en participatie aan inwoners die hier op eigen kracht – met gebruikelijke hulp of met hulp uit hun sociale netwerk – niet of onvoldoende toe in staat zijn. Uit een jaarlijkse inventarisatie van de rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk bij de raadsfracties van beide gemeenteraden, bleek er een gezamenlijke behoefte aan duidelijkheid rond de Wmo te bestaan. Raadsleden gaven aan dat zij door ingewikkelde procedures en de algehele complexiteit van de wet onvoldoende zicht en grip op de resultaten hebben. Hiertoe heeft onderzoeksbureau ZorgfocuZ in opdracht van de Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk een evaluatieonderzoek uitgevoerd naar de toegang tot de Wmo in de gemeenten Ermelo en Harderwijk.
Doel- en vraagstelling Dit onderzoek moet schetsen hoe de toegang tot de Wmo binnen de gemeenten Ermelo en Harderwijk is georganiseerd en wat de resultaten hiervan zijn. Hieruit volgt een set conclusies en aanbevelingen met als doel om gemeenteraadsleden meer inzicht en grip te bieden ten aanzien van de toegang tot de Wmo. Ten aanzien van de bovenstaande doelstelling is door de Rekenkamercommissie de volgende centrale vraag geformuleerd:
Welke conclusies kunnen worden getrokken over de doeltreffendheid en doelmatigheid van de toegang tot de Wmo en tot welke aanbevelingen leidt dit?
Om de centrale vraag te kunnen beantwoorden, is er een aantal deelvragen geformuleerd die zijn gekoppeld aan de thema’s context, beleid, uitvoering, resultaten en sturing: Thema 1: Context Deelvragen • In welke context speelt de toegang tot de Wmo zich af en wat kan daarbij geleerd worden van vergelijkbare gemeenten? Thema 2: Beleid en kaderstelling Deelvragen • Wat is het wettelijk kader rondom de (toegang tot de) maatschappelijke ondersteuning waarbinnen de gemeenten moeten opereren? • Welk Wmo-beleid hebben de gemeenten vastgesteld? Thema 3: Uitvoering en sturing Deelvragen • Hoe is de toegang tot de Wmo georganiseerd in de gemeenten? • Wat zijn de ervaringen van de klantmanagers en inwoners ten aanzien van de toegang tot de Wmo?
Gemeente Harderwijk
5
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Thema 4: Resultaat Deelvragen • Wat is er bij de gemeenten bekend over de mate waarin de doelen gehaald worden? Thema 5: Sturing Deelvragen • Is de gemeenteraad in de positie om op basis van monitorings- en sturingsinformatie adequaat te kunnen sturen op de kwaliteit van de toegang tot de Wmo?
Aanpak en methoden In de uitvoering van het onderzoek is ervoor gekozen om de onderzoeksvragen te beantwoorden aan de hand van verschillende onderzoeksmethoden. Allereerst is er inzicht verkregen in de gemeentelijke context en (de uitvoering van) het Wmo-beleid aan de hand van deskresearch. Hierbij zijn beleidsstukken en werkafspraken bestudeerd en bevolkingscijfers geïnventariseerd. Ook zijn schriftelijke en digitale communicatie getoetst aan de hand van een QuickScan. De QuickScan is een methode waarbij informatie systematisch wordt beoordeeld aan de hand van gestandaardiseerde modellen en vervolgens inzichtelijk wordt gemaakt aan de hand van grafische elementen. De modellen zijn ontwikkeld in samenwerking met de opleiding Communicatie- & Informatiewetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen. Bevindingen uit deskresearch zijn meegenomen in de verdiepende interviews met medewerkers van de beleidsafdelingen, Meerinzicht, het Sociaal Team Ermelo en de wethouders vanuit beide gemeente. Ook zijn de gemeenteraden gesproken in twee separate groepssessies. Om zicht te krijgen op de bevindingen uit deskresearch, interviews en sessies zijn geanalyseerd en gerapporteerd in dit document.
De praktijkbeschrijving komt voort uit telefonische interviews met inwoners die de toegang in het verleden hebben doorlopen en de zogenaamde shadowingtrajecten, waarbij onderzoekers inwoners hebben gevolgd die de toegang doorliepen.
Ingezette onderzoeksmethoden Deskresearch + + +
Documentstudie Analyse feiten en cijfers QuickScans toegankelijkheid(schriftelijk en digitaal)
Interviews en sessies + + + + + +
Interview beleidsmedewerkers sociaal domein Interview klantmanagers Meerinzicht Interview cliëntondersteuners en klantmanager Sociaal Team Interview teammanager klantmanagers, directie Meerinzicht en coördinator Sociaal Team Ermelo Separate interviews wethouders Separate raadssessies
Cliëntperspectief + +
Interviews met cliënten die het aanvraagproces van hulp of ondersteuning hebben doorlopen Shadowen van cliënten in het aanvraagproces
QuickScans toegankelijkheid + +
QuickScan digitale toegankelijkheid QuickScan schriftelijke toegankelijkheid
Analyse- en rapportage + +
Gemeente Harderwijk
Analyse onderzoeksuitkomsten Rapportage van bevindingen
6
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Leeswijzer Deze rapportage is opgedeeld in twee delen. Dit inleidende deel wordt hierna opgevolgd door Deel 2: De rapportage van bevindingen. In dit deel wordt de inhoud verdiepend toegelicht. In Hoofdstuk 2 wordt allereerst ingegaan op de demografische context en het zorggebruik binnen de gemeenten Harderwijk en Ermelo. In Hoofdstuk 3 wordt inzicht geboden in de organisatie en sturing van de Wmo. Hoofdstuk 4 gaat in op de cliëntaantallen in de praktijk en tot slot zoomt Hoofdstuk 5 in op beleid en regelgeving en de daadwerkelijke uitvoering van de toegang tot Wmo. Deze rapportage is bedoeld voor de gemeente Harderwijk. Teksten die zijn bedoeld voor de gemeente Ermelo zijn lichtgrijs gemaakt.
Gemeente Harderwijk
7
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Deel 2 RAPPORTAGE VAN BEVINDINGEN
Gemeente Harderwijk
8
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Context Deze contextanalyse is opgesteld om de lokale kaders waarin de onderzoeksresultaten worden verzameld en geanalyseerd te verduidelijken. Op basis van openbare data worden inzichten over de doelgroep, bevolkingssamenstelling en prognoses gegeven. Hiertoe wordt uitgeweid op de demografische kenmerken en het zorggebruik van de gemeenten Harderwijk en Ermelo. Waar mogelijk worden deze statistieken vergeleken met landelijke data.
Demografie Tabel 1 – Inwonersaantallen1
Harderwijk Verschil met N 2022 48.870 0,0% 50.850 4,1% 57.180 17,0% 59.040 20,8%
2022 2025 2035 2050
N 27.270 27.490 28.950 30.710
Ermelo Verschil met 2022 0,0% 0,8% 6,2% 12,6%
Nederland Verschil met 2022 0% 2,2% 7,4% 11,6%
In de bovenstaande tabel is te zien dat Ermelo op dit moment in omvang bijna tweemaal minder mensen omvat dan Harderwijk. De verwachte procentuele groei van de bevolking ten opzichte van 2022 is aanzienlijk groter in Harderwijk in vergelijking met Ermelo of landelijke cijfers.
16,0% 14,0% 12,0% 10,0% 8,0% 6,0% 4,0% 2,0% 0,0% 0-10 jaar 10-20 jaar 20-30 jaar 30-40 jaar 40-50 jaar 50-60 jaar 60-70 jaar 70-80 jaar 80-90 jaar ≥90 jaar Harderwijk Ermelo Nederland Figuur 1 – Leeftijdsopbouw inwoners2
Uit Figuur 1 volgt dat de populatie in Ermelo ouder is dan de populatie uit Harderwijk. Zoals te zien is in Figuur 1 lijkt het kantelpunt voor dit verschil op te treden tussen 40-50 jaar en 50-60 jaar. De landelijke populatie bevindt zich veelal tussen beide gemeenten in.
1 ABF Research (data uit januari 2022 of later)
Gemeente Harderwijk
9
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Zorggebruik Tabel 2 geeft informatie weer met betrekking tot zorggebruik buiten de Wmo. Hierbij wordt aandacht besteed aan de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet langdurige zorg (Wlz) en aan twee parameters per wet. Bij statistieken rondom de Wlz is alleen rekening gehouden met zorg in natura; PGB’s zijn hier niet in meegenomen. Tabel 2 – Zorggebruik buiten de Wmo2
Totaal Zvw
Huisartsenzorg Wijkverpleging Totaal
Wlz
Zorg thuis Zorg in een instelling
Harderwijk
Ermelo
Nederland
aantal personen/10.000 verzekerden
8.844
8.631
8.700
€/verzekerde aantal personen/10.000 verzekerden €/verzekerde aantal personen/10.000 verzekerden €/verzekerde
€ 2.592 7.766 € 245 311 € 172
€ 2.660 7.373 € 240 336 € 176
€ 2.584 7.478 € 227 333 € 193
aantal personen/10.000 verzekerden
186
533
189
€/verzekerde aantal personen/10.000 verzekerden €/verzekerde aantal personen/10.000 verzekerden €/verzekerde
€ 1.110 50 € 112 118 € 910
€ 5.297 56 € 109 452 € 5.049
€ 1.195 41 € 96 132 € 1.023
De kosten vanuit de Wlz liggen binnen de gemeente Ermelo hoger dan binnen de gemeente Harderwijk en het landelijk gemiddelde. Deze kosten lijken vooral voort te komen uit het grote aantal personen dat zorg in een instelling ontvangt. Dit is wellicht deels te verklaren doordat de populatie in Ermelo ouder is dan de landelijke populatie en de populatie in Harderwijk (zie Tabel 2). De zorgkosten in Harderwijk lijken op de meeste onderwerpen gelijk of iets kleiner te zijn dan het landelijk gemiddelde. In Tabel 3 wordt informatie over aantallen met betrekking tot het gebruik van de Wmo weergegeven. Figuur 2 is een grafische weergave van het verloop van het aandeel Wmo-gebruikers zoals te zien in Tabel 3. Tabel 3 - Gebruik Wmo en aandeel Wmo-gebruikers (aantallen en percentages) 3
Wmogebruikers Aandeel Wmogebruikers Verschil Wmogebruikers
Harderwijk Ermelo Harderwijk Ermelo Nederland Harderwijk Ermelo Nederland
2017 3.010 1.405 6,5% 5,3% 5,1% -18,4% -32,8% -20,1%
2018 3.165 1.635 6,8% 6,1% 5,7% -14,2% -21,8% -10,1%
2019 3.480 1.845 7,3% 6,9% 6,3% -5,7% -11,7% 0,0%
2020 3.635 1.955 7,5% 7,2% 6,6% -1,5% -6,5% 5,0%
2021 3.690 2.090 7,6% 7,7% 6,3% 0,0% 0,0% 0,0%
2022 3.780 2.163 7,7% 7,9% 6,4% 2,4% 3,5% 2,8%
2023 3.957 2.222 7,9% 8,1% 6,5% 7,2% 6,3% 5,9%
2024 4.078 2.295 8,1% 8,3% 6,7% 10,5% 9,8% 9,1%
2025 4.193 2.361 8,2% 8,5% 6,8% 13,6% 13,0% 12,1%
2026 4.300 2.427 8,4% 8,6% 7,0% 16,5% 16,1% 15,1%
Het aandeel Wmo-gebruikers ligt in beide gemeenten boven het landelijk gemiddelde. In Ermelo, waar voorheen relatief minder Wmo-gebruikers woonden, is de afgelopen jaren een sterkere stijging waargenomen dan in Harderwijk. Het aandeel Wmo-gebruikers is inmiddels dan ook nagenoeg even groot in beide gemeenten. Mogelijk heeft dit te maken met het verschil in leeftijd van de populaties van beide gemeenten: in een oudere populatie, zoals in Ermelo, zal het aandeel Wmo-gebruikers snel groter zijn dan in een jongere populatie. Volgens de prognose zal het aandeel Wmo-gebruikers in beide gemeenten met vergelijkbare trend toenemen, waarbij niet verder wordt uitgelopen op het landelijk gemiddelde. Het aandeel Wmo-gebruikers zal naar schatting ook in Nederland in de komende jaren, onder andere door vergrijzing, blijven toenemen.
2 waarstaatjegemeente.nl (data uit 2020) 3 Wmo-voorspelmodel (VNG; (op basis van) data uit 2017-2021)
Gemeente Harderwijk
10
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
10,0% 8,0% 6,0% Aandeel WMO gebruikers Harderwijk Aandeel WMO gebruikers Ermelo
4,0%
Aandeel WMO gebruikers Nederland 2,0% 0,0% 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 Figuur 2 – Trends in aandeel Wmo-gebruikers
Het aantal zelfstandig wonende 70-plussers per 1.000 mensen in die doelgroep is in Harderwijk 955 en in Ermelo 913. Dit lijkt in lijn te zijn met het landelijk gemiddelde van 952 per 1.000 zelfstandig wonende 70-plussers in die doelgroep4. Omdat het doel van de Wmo is om mensen zo lang mogelijk zelfredzaam te houden duidt een hoger getal op een betere realisatie. In Ermelo zijn inwoners dus gemiddeld gezien ouder in vergelijking met inwoners uit Harderwijk en wonen er dus ook gemiddeld minder 70-plussers zelfstandig. Tabel 4 geeft het gebruik van Wmo-maatwerkvoorzieningen weer. Onder ‘Ondersteuning thuis’ vallen onder andere dagbesteding en begeleiding, onder ‘Verblijf en opvang’ vallen onder andere beschermd wonen en maatschappelijke opvang en onder ‘Hulpmiddelen en diensten’ vallen onder andere een maatregelen met betrekking tot vervoer en woningaanpassingen. Tabel 4 - Gebruik verschillende Wmo-maatwerkvoorzieningen5 (aantallen p/1000 inw.) Harderwijk
Ermelo
Nederland
Ondersteuning thuis*
16
17
13
Hulp bij het huishouden*
30
27
27
Verblijf en opvang*
6
-
-
Hulpmiddelen en diensten*
40
45
41
Overige maatwerk-arrangement Wmo*
-
-
12
4 waarstaatjegemeente.nl (CBS MSD WMO; data uit derde kwartaal 2022) 5 waarstaatjegemeente.nl (VNG, Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein; data uit 2e halfjaar 2021)
Gemeente Harderwijk
11
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Organisatie en sturing Dit hoofdstuk gaat in op hoe de Wmo binnen de gemeenten Ermelo en Harderwijk is georganiseerd en hoe zich dit in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld. In dit hoofdstuk wordt tevens gekeken naar de sturingsmogelijkheden.
Organisatie van de Wmo Sinds de decentralisatie van zorgtaken van het Rijk naar gemeenten in 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor het faciliteren van de toegang tot maatschappelijke ondersteuning. De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) heeft als doel om de zelfredzaamheid en participatie van mensen met een lichamelijke en/of psychische beperking te ondersteunen en om mensen zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving te laten functioneren. In eerste instantie moeten mensen hun eigen netwerk aanspreken of kunnen zij gebruik maken van een algemene voorziening. Wanneer dit leidt tot onvoldoende antwoord op de hulpvraag kunnen mensen in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening. De gedachten achter de decentralisatie in het sociaal domein zijn6: +
de versnippering van het ondersteuningsaanbod tegengaan: o ontschotting: integraal en samenhangend beleid; o meer ruimte voor professionals; o één gezin, één plan, één regisseur;
+
de omvang en de kosten van de verzorgingsstaat beperken: o meer preventie; o afschaling van zorg (de-medicalisering, minder specialistische zorg);
+
een bijdrage leveren aan de verdere ontwikkeling van de ‘participatiesamenleving’: o meer eigen verantwoordelijkheid; o toename van zelfredzaamheid; o participeren naar vermogen; o ondersteuning bieden aan personen die dit zelf niet (meer) kunnen.
3.1.1 Meerinzicht Met ingang van 1 januari 2018 hebben de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde de reeds bestaande samenwerking geïntensiveerd door de uitvoering van sociaal domein over te hevelen naar de gemeenschappelijke regeling Meerinzicht. Meerinzicht is in de drie gemeenten verantwoordelijk voor taken op het gebied van zorg, jeugdhulp, leerlingenzaken, werk en inkomen. Voor de Wmo betekent dit dat Meerinzicht verantwoordelijk is voor de toeleiding van inwoners tot hulp of ondersteuning, maar ook voor de inkoop van hulp en ondersteuning en het bijhorende contractmanagement. Een team van ongeveer 28 klantmanagers is verantwoordelijk voor de toegang tot de Wmo. Wekelijks handelen zij ongeveer 80 meldingen af. De klantmanagers werken in twee team die samen de drie gemeenten bedienen: een team Harderwijk-Zeewolde en een team Harderwijk-Ermelo. De teams zijn opgebouwd uit junior, medior en senior klantmanagers. Junioren zijn hoofdzakelijk verantwoordelijk voor inwoners van 65 jaar of ouder en minder complexe aanvragen (bijvoorbeeld huishoudelijke hulp, regiotaxi, dagbesteding en scootmobielen). De medior klantmanagers zijn ‘allround’ opgeleid en pakken ook de meer complexe hulpvragen op. Tot slot neemt in beide teams één senior klantmanager zitting.
De senior klantmanagers geven inhoudelijke coaching/ondersteuning aan de klantmanagers, screenen de binnengekomen meldingen (op urgentie) en voeren inhoudelijke regie op verschillende thema’s. 6 De beschrijving de (landelijke) doelen van de decentralisaties is in uitgebreidere vorm te vinden in het SCP-rapport ‘Overall rapportage
sociaal domein 2015’
Gemeente Harderwijk
12
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Tevens vervullen ze een brugfunctie naar de brongemeenten en afdelingen binnen Meerinzicht. Ze voeren regie op en denken mee bij complexe aanvragen en leveren een bijdrage aan beleidsontwikkeling binnen de WMO. Ook kijken zij desgewenst inhoudelijk mee bij casussen van andere klantmanagers en zoeken zij verbinding met de afdeling beleid of met andere afdelingen als er in de praktijk dingen zijn waar zij tegenaan lopen. Een teammanager geeft leiding aan de groep klantmanagers binnen Meerinzicht.
3.1.2 Sociaal Team In Ermelo is naast Meerinzicht het Sociaal Team actief. Het Sociaal Team is een netwerkorganisatie bestaande uit verschillende zorg- en welzijnsorganisaties binnen de gemeente en vormt daarmee een eerste aanspreekpunt voor inwoners met een hulpvraag. Professionals binnen het Sociaal Team blijven in dienst van hun moederorganisatie en worden voor een deel van hun arbeidscontract ‘uitgeleend’ aan het Sociaal Team. Allen brengen een eigen expertise ter tafel. Deelnemende organisaties zijn MEE, Meerinzicht, Welzijn Ermelo, GGz Centraal, ICare en ZNWV. De meerwaarde van het Sociaal Team ten opzichte van Meerinzicht komt voort uit de multidisciplinaire werkvorm en de focus, die minder ligt op de toets op rechtmatigheid, aldus de wethouder van de gemeente Ermelo. Lijkt er sprake te zijn van een enkelvoudige Wmo-hulpvraag dan wordt deze opgepakt door Meerinzicht. De groep professionals wordt aangestuurd door een teamleider, in dienst van Welzijn Ermelo.
Doelen en sturing Zoals geschetst in tabellen 5 en 6 zijn er weinig concrete beleidsdoelstellingen binnen de ambtelijke organisaties of Meerinzicht vastgesteld. Het ontbreken van concrete doelstellingen, KPI’s of streefwaarden voor de Wmo heeft als gevolg dat er een gebrek aan mogelijkheid tot sturing wordt ervaren binnen alle facetten van de toegang. In deze paragraaf worden de doelen besproken die de gemeenten zichzelf hebben gesteld en de sturing die daarop plaats heeft gevonden.
3.2.1 Doelen Ermelo Uit de documentstudie blijkt dat er binnen de gemeente Ermelo er in 2015 een beleidsplan is vastgesteld met doelen ten aanzien van de Wmo. Vier jaar later, in 2019, is er bewust voor gekozen om geen nieuw beleidsplan voor de Wmo op te stellen, maar om toe te werken naar een integrale nota voor het sociaal domein (zie ook Nota Sociaal Domein), zo noemen beleidsmedewerkers. Er kan volgens hen momenteel dan ook niet gestuurd op doelen binnen de Wmo. De focus heeft gelegen op de actualisatie, met daarbij een integrale blik van de inrichting van doelen, in plaats van per wet. Daarbij is vanaf 2018 juist meer ingezet op Meetlatten en Trendrapportages. Aan de hand van concrete data en indicatoren, waaronder aantal meldingen en aantal verstrekte maatwerkvoorzieningen per product, is resultaatinformatie in de vorm van jaarrapportages opgesteld en aan college en raad aangeboden. Wel is in 2020 de Kadernotitie Sociaal Domein Ermelo opgesteld. Hierin wordt ten aanzien van de toegang tot het sociaal domein gesteld dat ketenregie en netwerksamenwerking cruciaal is. Weliswaar zijn als vervolg op de Kadernotitie Sociaal Domein Ermelo monitoringsindicatoren vastgesteld ter versterking van de toegang, maar hier zijn geen streefwaarden aan gekoppeld.
Uit het gesprek met beleidsmedewerkers van de gemeente Ermelo blijkt dat voorgestelde intensivering van de inzetbare uren van medewerkers binnen het Sociaal Team die de beoogde versterking zou moeten bewerkstelligen, is geparkeerd in afwachting van de aanstaande Nota Sociaal Domein.
Gemeente Harderwijk
13
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Tabel 5 – Beleidsdoelstellingen Ermelo
Brondocument Kadernotitie Sociaal Domein Ermelo Kadernotitie Sociaal Domein Ermelo Kadernotitie Sociaal Domein Ermelo
Doelstelling Professionalisering en samenwerking van het lokale ondersteuningsnetwerk Transformatie op inhoud en organisatie Versterking van de toegang van de ondersteuning en samenwerking met het lokale ondersteuningsnetwerk
Harderwijk In Harderwijk zijn enige beleidsdoelstellingen vastgelegd in het beleidsplan ‘Harderwijk zijn wij samen’, dat gold van 2018-2021. Deze doelstellingen zijn in grote lijnen overgenomen voor de periode 2021-2023 in de overbruggingsnotitie ‘Harderwijk zijn wij samen: op volle kracht’. Waar beide documenten wel enkele algemene beleidsdoelstellingen ten aanzien van de Wmo bevatten, zijn er geen beleidsdoelstellingen ten aanzien van de toegang tot de Wmo besproken. Tabel 6 – Beleidsdoelstellingen Harderwijk
Brondocument -
Doelstelling Geen van de aangeleverde documenten bevat concrete beleidsdoelstellingen ten aanzien van de toegang tot de Wmo
Meerinzicht Voor Meerinzicht geldt tot slot evenzo dat er, afgezien van doestellingen in de inkoopvisie en het jaarplan, geen concrete doelstellingen of KPI’s zijn opgesteld. Deze bevinding is niet nieuw. In de kwaliteitsrapportages van Meerinzicht uit 2019 en 2020 en het rekenkameronderzoek naar Meerinzicht uit 2021 is dezelfde constatering gedaan.
Nota Sociaal Domein EZH Ten tijde van schrijven (eerste kwartaal 2023) zijn de gemeenten in EZH-verband bezig met het opstellen van een integrale kaderstellende nota voor het sociaal domein. In de nota worden de doelstellingen vastgelegd. De streefwaarden worden uitgewerkt in de monitor Sociaal Domein. Hoewel de nota nog in ontwikkeling is en afronding niet voor juni 2023 wordt verwacht, zullen vier transformatieopgaven centraal staan, waaronder ‘Zelfstandig thuis’ en ‘Op weg naar zelfredzaamheid’. Onder deze opgaven zal de Wmo geschaard worden. Een meer geüniformeerde opdracht aan Meerinzicht vanuit de gemeenten zal tevens onderdeel van de nota zijn. In het bijzonder leidt de organisatie van de toegang tot de Wmo binnen Ermelo tot een afwijkende opdrachtstelling aan Meerinzicht. Dit vraagt in de praktijk van klantmanagers een gemeente-specifieke aanpak. Hoewel de nota er dus op gericht lijkt om beleid te stroomlijnen en de opdracht richting Meerinzicht te uniformeren, geeft de wethouder van de gemeente Ermelo aan dat daarin het gevaar schuilt dat er de ruimte voor lokale uitwerking van de toegang, de ‘lokale kleur’, beperkt is. Dit maakt een uniforme opdracht richting Meerinzicht volgens de wethouder van de gemeente Ermelo dan ook niet wenselijk.
Vanuit de ambtelijke organisatie werd hieraan toegevoegd dat het doel van de nota een uniforme opdracht voor Meerinzicht is en dat daarnaast de wens voor een invulling van de toegang die aansluit bij de lokale context bestaat.
Gemeente Harderwijk
14
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
3.2.2 Monitoring en sturing Beleidsmedewerkers Ondanks dat er binnen Harderwijk een overbruggingsnotitie voor het beleidsplan uit 2018 is vastgesteld, geven beleidsmedewerkers van de gemeente aan dat zij niet het idee hebben voldoende te kunnen acteren op de huidige beleidsdoelstellingen. In het ambtelijk wederhoor merken beleidsmedewerkers van de gemeente Harderwijk op dat de oorsprong hiervan ligt in de samenwerking met Meerinzicht. Het realiseren van een verbinding tussen het voorliggende veld in Harderwijk en de uitvoering van de Wmo door Meerinzicht is een complex proces waarbij het niet altijd helder is waar de regie ligt. De gesproken beleidsmedewerkers merken hierbij op dat, ondanks dat de wet voorschrijft periodiek door de gemeenteraad een plan vast te laten stellen met daarin beleidsvoornemens ten aanzien van de Wmo, de ruimte daarin beperkt is. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van de wet waarin geconcretiseerd is wie er recht heeft op hulp en ondersteuning, binnen welk termijn dit moet worden onderzocht en ten dele welk proces hiertoe is voorbehouden. Deze elementen zijn beschreven in de integrale verordening van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde, welke is geactualiseerd in 2022 en bijgesteld in 2023.
In het ambtelijk wederhoor wordt hieraan toegevoegd dat de samenwerking in EHZM-verband maakt dat je als beleidsmedewerker gebonden bent aan een proces van uniformiteit. Dit maakt dat de ruimte voor eigen innovatie of maatwerk vanuit couleur locale beperkter is. Afstemming en sturing vindt met meer partijen plaats en maakt het complexer en tijdrovend, zo geven beleidsmedewerkers van Harderwijk aan. De wethouder van de gemeente Ermelo onderschrijft dat het gebrek aan concrete doelstellingen momenteel een groot gemis is: “Je moet concreet zijn om te kunnen sturen en te kunnen controleren. Met concrete doelstellingen kun je processen volgen in de tijd en er op terugkijken.”
Klantmanagers Meerinzicht Klantmanagers binnen Meerinzicht delen het gevoel van stuurloosheid. De bron hiervan lijkt tweeledig. Enerzijds komt dit voort uit het hierboven geschetste ontbreken van concrete beleidsdoestellingen en de connectie tussen beleid en uitvoering. Sommige beleidsregels die worden opgesteld zijn niet altijd haalbaar en getuigen van te weinig connectie tussen beleidsmakers en de uitvoeringspraktijk, aldus een klantmanager. Ter illustratie wordt genoemd dat vanuit beleid is aangedragen dat klantmanagers iedere cliënt jaarlijks moet bezoeken. Echter, klantmanagers geven aan hier absoluut geen capaciteit voor te hebben. Hoewel de verbinding tussen klantmanagers en beleid is verbeterd, bijvoorbeeld door het aansluiten van beleid bij casuïstiekoverleggen of het bijwonen van beleidsoverleggen door senior klantmanagers, noemen klantmanagers de beleidsafdelingen van beide gemeenten eilanden. Er gaat veel beleidsinformatie langs klantmanagers heen, er is geen duidelijk beeld wie waar voor verantwoordelijk is bij beleid en vaak mist de vertaalslag naar de praktijk, zo constateren klantmanagers. De tweede bron van de ervaren stuurloosheid ligt aan ontbrekende sturing op managementniveau die klantmanagers gedurende januari 2018 tot september 2021 hebben ervaren. In deze periode was er door het ontbreken van een afdelingsmanager geen zichtbaar management.
De senior klantmanagers geven aan dat zij bij afwezigheid van een afdelingsmanager veel taken naar zich toe hebben getrokken. Zij hebben zich gebezigd met het optimaliseren van werkprocessen, verbinding zoeken met beleid en andere afdelingen, collegiale reviews, coaching en het verdelen en monitoren van de werklast. De klantmanagers geven hierbij aan dat dit over deze periode ‘zo gegroeid’ is, maar dat zij ten tijde van het interview deze taken nu grotendeels hebben losgelaten. Door de komst van het nieuwe management is een andere koers ingezet, met de nodige aansturing en jaarlijkse functioneringsgesprekken.
Gemeente Harderwijk
15
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Raadsleden Raadsleden in beide gemeenten onderschrijven het ervaren gebrek aan sturing. Zij geven aan dat er binnen het Sociaal Domein vaak over details in de uitvoering wordt gesproken en dat doelstellingen buiten beschouwing blijven. Raadsleden van beide gemeenten geven aan onvoldoende duidelijk te hebben waar de ruimte ligt voor de gemeenteraad in een landelijk bepaalde wet (Wmo) die vorm krijgt in een regionale samenwerking. Een aantal raadsleden vraagt zich af waar de raad afspraken over kan en mag maken en welke vorm dit dient te krijgen. Een voorbeeld dat daarbij door een raadslid van de gemeente Harderwijk wordt genoemd is de totstandkoming van het inkoopbeleid van de Wmo. Achteraf bezien stellen raadsleden dat zij hierin input hadden kunnen meegeven over de resultaatinformatie die aanbieders dienen terug te leggen. Hierover hadden zij aan de voorkant beter geïnformeerd willen worden. Raadsleden reflecteren daarbij ook op hun eigen positie. Enkele raadsleden trekken de conclusie dat zij pro-actiever hadden moeten zijn. Daarbij wordt wel de afweging genoemd dat de raad voldoende ruimte wil bieden aan professionaliteit in de uitvoering, maar toch ook voldoende op de hoogte wil zijn van resultaten binnen de Wmo: “je wil niet alles vastleggen in cijfers, maar ruimte houden voor maatwerk”.
In het licht van de aanstaande integrale Nota Sociaal Domein constateren raadsleden van de gemeente Harderwijk dat een dialoog over doelen en meetbare indicatoren van belang is. Indicatoren die raadsleden in ieder geval terug wensen te zien zijn de ontwikkeling in het aantal meldingen, beschikkingen en herindicaties.
De uitvoeringspraktijk Werklast Door klantmanagers van Meerinzicht wordt een verzwaarde werklast geconstateerd. Dit ligt onder andere aan een verzwaring van de hulpvragen, maar ook aan toenemende heftigheid bij afwijzing van een hulpvraag en een nagenoeg gelijkblijvende formatie. De verzwaring van de hulpvraag wordt geduid door een beleid dat gericht is op langer en gezonder thuis wonen. Het gevolg van de toegenomen casuslast is een opgelopen wachtlijst. De casuslast van de wachtlijst kenmerkt zich door een golfbeweging. Van begin tot medio 2023 varieerde de grootte van de wachtlijst tussen 87 en 185 casussen. Deze aantallen zijn gepeild op vrijdagmiddag. De verdeling van de meldingen over de klantmanagers vindt op maandag en dinsdag plaats. De wachttijd varieerde in deze periode van 1 tot 4 weken. Ten tijde van de totstandkoming van deze rapportage (medio juni 2023) staan er in totaal 153 mensen op de wachtlijst voor de EZH-gemeenten. Hierbij wordt vermeld dat dit ten dele komt door afwezigheid in verband met vakantie en ziekte.
3.3.1 Samenwerking Integraliteit Een integrale kaderstellende nota past goed bij de bestuurlijke en beleidsmatige ambitie om integraal te werken binnen het sociaal domein. Inwoners zouden op één centrale plek hun hulpvraag kunnen neerleggen en geholpen worden in een passende oplossing, ongeacht het domein. Ten dele wordt al invulling gegeven aan deze wens. In de gemeente Ermelo gebeurt dit door de inzet van het integraal werkende Sociaal Team. In Hoofdstuk 5 wordt nader ingegaan op de ervaringen van inwoners met deze integrale manier van werken. Beleidsmedewerkers van de gemeente Harderwijk geven aan de inzet van cliëntondersteuning die inwoners begeleiden in het vinden van de juiste ondersteuning zorgt voor een integrale benadering. Voor de gemeente Harderwijk geldt tevens dat er overlegtafel ‘Samen aan Zet’ opereert waarin casuïstiek waarbij sprake is van meervoudige problematiek interdisciplinair besproken kunnen worden. Uit een evaluatie van de overlegtafel, uitgevoerd door de Wageningen Universiteit (2020), blijkt dat het aantal casussen dat besproken wordt in 2019 zich beperkt tot 55, waarvan 8 casussen door Meerinzicht.
Gemeente Harderwijk
16
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
In het kader van een integrale werkwijze geldt daarnaast voor beide gemeenten dat klantmanagers van Meerinzicht altijd een domein-overstijgende vraagverkenning doen bij inwoners domein -of levensgebieden overstijgende vraagverkenning. Naast de stappen uit het stappenplan van de Centrale Raad van Bestuur, heeft men een format met de volgende elementen: dag- en vrijetijdsbesteding, woonsituatie, werk en opleiding, huishouden, vervoer/mobiliteit, financiële situatie, gezondheid, netwerk en betrokken hulpverleners. Hierdoor kan er met een met een wet overstijgende, integrale bril naar een hulpvraag wordt gekeken. Mogelijkheden ter bevordering van integraliteit worden voor beide gemeenten gesignaleerd. Zo noemen klantmanagers van Meerinzicht het van toegevoegde waarde om toenadering met het Centrum Jeugd en Gezin binnen de gemeenten te zoeken. Op de vraag of de drie gemeenten meer zouden moeten samenwerken om de toegang te verbeteren gaf de wethouder van Ermelo aan meerwaarde te zien in het vergroten van de sociale kaart binnen de gemeenten. Dit om de mogelijkheden voor doorverwijzen vergroten. Ook signaleert de wethouder kansen in het stroomlijnen van de samenwerking tussen Meerinzicht en het Sociaal Team en het takenpakket van klantmanagers binnen Meerinzicht en consulenten van het Sociaal Team: “momenteel mist hierop een integrale aanpak”.
Samenwerking Sociaal Team Ermelo en Meerinzicht Binnen de gemeente Ermelo vormen het Sociaal Team en Meerinzicht samen de toegang tot de Wmo. Bij melding van een hulpvraag maken zij een inschatting van de aard van de problematiek en plannen één of meerdere vraagverkenningsgesprekken met de inwoner in. Afhankelijk van de aard van de hulpvraag wordt bepaald wie er bij het gesprek aansluiten. Wanneer sprake lijkt te zijn van een hulpvraag waarop een maatwerkvoorziening vanuit de Wmo een passend antwoord zou kunnen bieden, wordt de klantmanager Meerinzicht, die zitting neemt in het Sociaal Team, aangehaakt. Lijkt er sprake te zijn van een enkelvoudige hulpvraag, dan wordt de hulpvraag verder opgepakt door Meerinzicht. Komt een hulpvraag binnen bij Meerinzicht, maar is er sprake van casuïstiek waarbij sprake is van meervoudige problematiek, dan kan Meerinzicht doorverwijzen naar het Sociaal Team. Toch is het binnen Meerinzicht en het Sociaal Team niet altijd duidelijk welke casussen door wie opgepakt moet worden. Deze onduidelijkheden kunnen uit meerdere zaken voortkomen. Uit de wederhoor op deze conceptrapportage wordt de toevoeging geplaatst dat er bij Meerinzicht, het KCC en het Sociaal Team soms onduidelijkheid bestaat over waar een eerste hulpvraag naartoe moet worden doorgezet.
Dit komt omdat voor complexe vragen de paden tussen de verschillende organisaties nog niet altijd goed zijn gedefinieerd. Deze samenwerking laat in de praktijk echter ruimte voor verbetering. Klantmanagers Meerinzicht geven aan dat zij geen goed beeld hebben van de bezigheden, verantwoordelijkheden en werkwijzen van het Sociaal Team. Anderzijds geeft de klantmanager die vanuit Meerinzicht zitting neemt in het Sociaal Team aan van haar collega’s van Meerinzicht weinig begrip te ervaren voor de uren die zij bij het Sociaal Team spendeert. Daarbij bestaat onvrede over onderling doorverwijzen van casussen. Klantmanagers noemen dat als zij een casus met meervoudige problematiek willen overdragen aan het Sociaal Team, zij de vraag krijgen waarom dit niet door Meerinzicht zelf wordt opgepakt.
Gemeente Harderwijk
17
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Resultaatinformatie In dit hoofdstuk is aan de hand van trendrapportages uit Ermelo en Harderwijk en kwaliteitsrapportages domein sociaal van Meerinzicht een beeld geschetst van de aantallen inwoners die Meerinzicht en het Sociaal Team Ermelo op jaarlijkse basis behandelen, uitgesplitst naar de routes zoals beschreven in Hoofdstuk 5. Voor de gemeenten is gekeken naar de jaarlijkse ‘trendrapportages Sociaal Domein’ van Ermelo en Harderwijk uit 2019 en 2020. Deze rapportages worden jaarlijks door de gemeenten opgeleverd aan hun gemeenteraden en bevatten informatie over hoe het met de desbetreffende gemeente gaat op het gebied, onder andere, van talentontwikkeling, inkomen en ondersteuning. De opbouw van de tekst en de gebruikte statistieken verschillen per trendrapportages. Hierdoor kunnen data soms niet goed over de jaren heen worden vergeleken. Beide trendrapportages zijn voor dit onderzoek aangeleverd in het kader van de documentstudie. Vanuit Meerinzicht zijn cliëntaantallen verkregen uit de jaarlijkse Kwaliteitsrapportages Sociaal Domein uit 2019 en 2020. Deze documenten worden door Meerinzicht zelf opgesteld en informeren over de kwaliteit van de toegang en bejegening en ondersteuning van inwoners. Verder zijn er ook cliëntaantallen verkregen uit de Jaarverslagen Programmagelden Sociaal Domein uit 2019, 2020 en 2021 van Meerinzicht.
In deze jaarverslagen is zowel informatie over cliëntaantallen als informatie ten aanzien van de begroting en uitgaven per post van de Wmo in opgenomen. Ten behoeve van dit onderzoek deelde Meerinzicht de voorlopige cliëntaantallen van 2022. Deze zijn nog niet uitgesplitst naar voorziening en gemeente. Informatie over cliëntaantallen van het Sociaal Team is hoofdzakelijk verkregen uit correspondentie met de manager van het Sociaal Team, trendrapportages van de gemeente Ermelo uit 2019 en 2020 en een jaarrapportage van het Leefbaarheidsteam en het Sociaal Team uit 2021. Op basis van de aangeleverde gegevens kan geen gedetailleerd beeld worden geschetst van hoe het Sociaal Team over de afgelopen jaren in kwantitatief opzicht heeft gefunctioneerd. De teamleider van het Sociaal Team gaf hiertoe aan dat het Sociaal Team zelf tot medio 2022 geen aantallen registreerde ten aanzien van, bijvoorbeeld, ondersteunde inwoners die maatwerkvoorzieningen kregen. Verder is het belangrijk om te vermelden dat de beschikbare statistieken van het Sociaal Team niet allemaal over Wmo-casussen gaan. Omdat het Sociaal Team een netwerkorganisatie is die zich focust op een multidisciplinaire aanpak is slechts een deel van de casussen (ten dele) aan de Wmo verbonden.
Cliëntaantallen Meerinzicht In de onderstaande figuren, afkomstig uit het jaarverslag van Meerinzicht uit 2021, blijkt dat het aantal Wmomeldingen dat in Harderwijk en Ermelo bij Meerinzicht zijn gedaan toegenomen zijn in de periode 2018-2021. Het aantal Wmo-meldingen dat vanuit Ermelo bij Meerinzicht is gedaan is sterker gestegen in de periode 20182021 dan in Harderwijk. Dit is in lijn met de trend in het aandeel Wmo-gebruikers in Ermelo, dat sterker stijgt dan het aandeel Wmo-gebruikers in Harderwijk. Dit is ook te lezen in Hoofdstuk 2: Context.
Figuur 3 – Verloop meldingen Harderwijk bij Meerinzicht over tijd
Gemeente Harderwijk
18
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Figuur 4 – Verloop meldingen Ermelo bij Meerinzicht over tijd
De aantallen unieke Wmo-cliënten van Meerinzicht zijn over de tijd weergegeven in Tabel 7. De jaarverslagen van Meerinzicht geven een duidelijk beeld van de cliëntaantallen die de organisatie behandelde in Ermelo en Harderwijk en van hoe de verschillende typen Wmo-voorzieningen zich over tijd hebben ontwikkeld. Over de periode 2019-2020 is een duidelijke stijging zichtbaar. Volgens de jaarverslagen sluit deze stijging aan bij het verwachte effect van de aanzuigende werking van de invoering van het abonnementstarief. De stijging lijkt niet door te zetten in de periode 2020-2022. In 2020 heeft de stijgende trend niet doorgezet doordat er een heronderzoek heeft plaatsgevonden onder hulpmiddelen. Een mogelijke verklaring hiervoor is het stopzetten van veel financiële tegemoetkomingen en regiotaxipassen zijn na twee heronderzoeken in 2022. Hierdoor zijn er in 2022 minder cliënten dan de stijgende trend zou moeten voorspellen, zo blijkt uit documenten die door Meerinzicht zijn opgesteld na verzoek van de onderzoekers. Tabel 7 – Unieke Wmo-cliënten van Meerinzicht naar jaartal
Harderwijk Ermelo Totaal
2019 2848 1928 4776
2020 3128 1962 5090
2021 3084 1932 5016
2022 5080
Meldingen bij de gemeente Harderwijk Over de meldingen bij de gemeente Harderwijk is weinig bekend. Uit de trendrapportage van de gemeente Harderwijk uit 2019 blijkt dat het aantal inwoners met een indicatie voor een Wmo-voorziening met 15% toenam in de periode medio 2017-medio 2019. Deze percentages worden in de rapportage niet verder geduid. De instroom was in dezelfde periode het hoogst in de groep 76-85-jarigen. De instroom van inwoners na hun 85e was beperkt. Ruim 60% van de Wmo-cliënten uit Harderwijk was in deze periode ouder dan 65 jaar. In 2019 is het aantal Wmo-cliënten toegenomen met 6% ten opzichte van 2018.
Meldingen bij de gemeente Ermelo Over de meldingen bij de gemeente Ermelo is ook weinig bekend. Uit de trendrapportages van de gemeente Ermelo uit 2019 en 2020 blijkt dat het percentage inwoners in Ermelo met een Wmo-voorziening tussen 2017 en 2018 met 13% is toegenomen. In 2019 nam het aantal Wmo-cliënten uit Ermelo toe met 3,5% ten opzichte van 2018. De trendrapportage uit 2019 vermeld verder nog dat een meerderheid van de Wmo-cliënten (55%) ouder dan 65 jaar is en dat, met uitzondering van de cliënten jonger dan 25 jaar, een meerderheid van de cliënten (61%) vrouw is. Deze percentages worden in de rapportages niet verder geëxpliciteerd. Sociaal Team In Tabel 8 zijn cliëntaantallen weergegeven die het Sociaal Team jaarlijks behandelde. Dit zijn inwoners geweest die met een brede hulpvraag bij Sociaal Team komen. Vaak gaat het hier dus om meldingen die over meerdere wetten heen strekken. In de bronnen (jaarrapportage Leefbaarheidsteam en Sociaal Team 2021 en trendrapportages Ermelo 2019 en 2020) wordt niet voor elk jaar weergegeven welk deel van het totale aantal behandelde casussen bestaat uit lopende casussen uit het voorgaande jaar. De data laten een stijgende trend zien in het totale aantal casussen dat het Sociaal Team jaarlijks tussen 2019-2022 behandelde. Gemeente Harderwijk
19
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Er wordt in de rapportages geen verdere verklaring voor of toelichting bij gegeven. Na navraag bij de teamleider van het Sociaal Team is gebleken dat de grilligheid in de manier waarop gerapporteerd wordt voortkomt uit een afwezigheid van standaardprotocollen ten aanzien van rapportage (“we hebben soms laten weten hoeveel casussen er nog lopend waren uit het jaar daarvoor” en “we hebben jaarlijks, maar ook een periode per kwartaal, gerapporteerd. Afhankelijk van wat het MT wenselijk vond”). De stijgende trend lijkt overeen te komen met de toenemende vraag voor Wmo-voorzieningen, zoals besproken in Hoofdstuk 2: Context. In de jaarrapportage van het Leefbaarheidsteam en het Sociaal Team van 2021 wordt wel aangegeven dat het daadwerkelijke aantal casussen naar verwachting hoger ligt dan het vermelde aantal casussen. Dit zou kunnen komen doordat medewerkers van MEE Veluwe die zitting nemen in het Sociaal Team casussen in het registratiesysteem van MEE Veluwe hebben geregistreerd, in plaats van in het registratiesysteem van het Sociaal Team. Het is onduidelijk om hoeveel casussen dit gaat of dat dit ook in voorgaande jaren het geval was. Tabel 8 - Aantal casussen dat jaarlijks door het Sociaal Team is behandeld
Nieuw Lopend Totaal
2018 105 78 183
2019 Niet bekend Niet bekend 142
2020 Niet bekend Niet bekend Niet bekend
2021 Niet bekend Niet bekend 156
2022 Niet bekend Niet bekend 165
Informatie over hoeveel meldingen er leiden tot een toegangstraject en door wie de melding is gedaan is alleen beschikbaar uit 2022. Uit contact met de teamleider van het Sociaal Team blijkt dat het Sociaal Team 342 meldingen in 2022 heeft gehad, waar in dat jaar dus 165 casussen uit naar voren zijn gekomen. Ongeveer de helft van het totaal aantal meldingen (52%) in 2022 werden rechtstreeks door inwoners gedaan, een kwart (24,8%) door inwoners met een verwijzing en een vijfde (20,6%) door professionals (bijv. huisartsen, woningcoöperaties, politie, MEE Veluwe of Welzijn Ermelo). Van de overige casussen is onbekend door wie de melding is gedaan. Omdat het Sociaal Team als doel heeft om ondersteuning te bieden bij casussen met meervoudige problematiek, volgt alleen bij deze casussen een volledig toegangstraject vanuit het Sociaal Team (zie Hoofdstuk 5). De helft van de 165 casussen betreffen een meervoudige hulpvraag. Bij casussen die niet als worden bestempeld als casus met meervoudige problematiek heeft het Sociaal Team in ieder geval een eerste vraagverheldering gedaan.
Verstrekte voorzieningen Meerinzicht In Figuur 5 zijn de aantallen Wmo-maatwerkvoorzieningen voor inwoners uit Harderwijk en Ermelo te zien. De data zijn uitgesplitst per jaar voor beide gemeenten voor de periode 2019-2021. Op de verticale as staan de absolute getallen. De percentages geven het aandeel van een voorziening ten opzichte het totale aantal voorzieningen in dat jaar in een gemeente weer7. De post ‘voorzieningen’ bestaat uit hulpmiddelen (bijvoorbeeld rolstoelen en scootmobielen), woningaanpassingen en vervoersvergoedingen. Het totale aantal Wmo-maatwerkvoorzieningen dat jaarlijks in Harderwijk wordt verstrekt is hoger dan in Ermelo. Dit is te verklaren aan de hand van het verschil in populatiegrootte tussen beide gemeenten. Verder is er bij beide gemeenten over tijd toename zichtbaar bij begeleiding en hulp bij het huishouden en een relatieve afname bij voorzieningen. De toename bij de hulp bij het huishouden in beide gemeenten is te verklaren aan de hand van het effect dat de invoering van het abonnementstarief heeft gehad, door vergrijzing en doordat inwoners door de ambulantisering langer thuis wonen. De absolute daling in de totale aantallen verstrekte voorzieningen tussen 2020 en 2021 zou verklaard kunnen worden doordat er in 2020 na heronderzoeken veel voorzieningen stop zijn gezet.
Tot slot zijn de totale aantallen voorzieningen beduidend hoger dan de cliëntaantallen.
7 De percentages zijn afgerond op hele percentages en tellen daardoor niet altijd op tot 100
Gemeente Harderwijk
20
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Verstrekte voorzieningen
Dit zou verklaard kunnen worden doordat er bij veel cliënten sprake is van meerdere voorzieningen (stapeling van maatwerkvoorzieningen). Ook lijkt de toename in het aantal meldingen niet te worden weerspiegeld in het aantal Wmo-maatwerkvoorzieningen. In de jaarverslagen van Meerinzicht wordt vermeld dat dit mogelijk te maken heeft met een toenemende inzet van algemene en voorliggende voorzieningen. 5000 4500 4000 3500 3000 2500 2000 1500 1000 500 0
60%
54%
57%
66%
65%
62%
26%
28%
30%
13%
14%
15%
21% 13%
22% 13%
24% 15%
2019
2020
2021
2019
2020
2021
Harderwijk Begeleiding
Ermelo Hulp bij het huishouden
Voorzieningen
Figuur 5 - Aantal verstrekte voorzieningen vanuit Meerinzicht naar gemeente en jaartal
In tabel 9 is een vergelijking gemaakt tussen de aandelen van de verschillende voorzieningen op gemeentelijk en landelijk niveau. In de tabel is te zien dat de gemeentelijke percentages enigszins, maar niet wezenlijk afwijken van de percentages op landelijk niveau. Hierbij is het aandeel voorzieningen onder de kopjes ‘begeleiding’ en ‘voorzieningen’ groter op gemeentelijk niveau dan op landelijk niveau. Het tegenovergestelde is waar voor ‘hulp bij het huishouden’. Informatie over het aantal verstrekte voorzieningen per 1000 inwoners op gemeentelijk en landelijk niveau is vinden in Tabel 4. Tabel 9 - Aandeel verstrekte voorzieningen in vergelijking met landelijke cijfers8
Begeleiding Hulp bij het huishouden Voorzieningen
2019 13% 26% 60%
Harderwijk 2020 2021 14% 15% 28% 30% 57% 54%
2019 13% 21% 66%
Ermelo 2020 13% 22% 65%
2021 15% 24% 62%
2019 18% 30% 52%
Nederland 2020 2021 18% 17% 30% 33% 52% 50%
Voorzieningen in de gemeente Harderwijk De trendrapportages van de gemeente Harderwijk bevatten te weinig informatie om context rond percentages te schetsen. Daarnaast wordt informatie te wisselend gerapporteerd om statistieken over tijd te kunnen duiden. Wel geeft de trendrapportage van de gemeente Harderwijk aan dat de grootste toename in cliëntaantallen in 2019 zichtbaar was onder de cliënten die hulp bij het huishouden en individuele begeleiding ontvingen. Deze groep bevatte in dat jaar meer dan 10% cliënten meer dan in 2018.
Voorzieningen in de gemeente Ermelo Ook de trendrapportages uit Ermelo bevatten te weinig informatie om een gedetailleerd beeld van (trends in) cliëntaantallen en context achter percentages te kunnen schetsen. Uit de trendrapportage van de gemeente Ermelo van 2019 blijkt dat de toename van 13% tussen 2017 en 2018 vooral zichtbaar was bij inwoners tussen de 66-85 jaar die individuele begeleiding ontvangen. Deze groep groeide met ongeveer een derde in twee jaar tijd. De stijging van het aantal Wmo-cliënten in 2019 was, ten opzichte van andere posten, relatief het grootst bij hulp bij het huishouden (3,5%), zo blijkt uit de trendrapportage van de gemeente Harderwijk uit 2020. 8 Gemeentelijke data afkomstig van Meerinzicht, landelijke data afkomstig van waarstaatjegemeente.nl
Gemeente Harderwijk
21
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Sociaal Team Er is op basis van de aangeleverde documentatie geen goed beeld te vormen van het aantal Wmomaatwerkvoorzieningen dat het Sociaal Team over tijd heeft ingezet. Cijfers over welke typen Wmovoorzieningen worden voorgedragen aan Meerinzicht zijn niet beschikbaar. Sinds medio 2022 is het wel mogelijk om in het registratiesysteem van het Sociaal Team bij te houden wat de uitkomst van het toegangstraject is. Zo blijkt dat er vanaf zomer 2022 tot eind december 2022 door het Sociaal Team bij 19 inwoners Wmomaatwerkvoorzieningen zijn ingezet. Deze 19 inwoners zijn door het Sociaal Team naar Meerinzicht geleid voor een Wmo-beschikking, wat inhoudt dat hun cases zijn behandeld door de klantmanager van Meerinzicht die plaatsneemt in het Sociaal Team. Het Sociaal Team is namelijk niet bevoegd om zelf beschikkingen te geven. Alle overige inwoners maken gebruik van het eigen netwerk of van voorliggende voorzieningen. Het is niet mogelijk om het aantal casussen uit te splitsen naar het type Wmo-voorziening of de typen Wmo-voorzieningen per casus aangezien het Sociaal Team dit niet bijhoudt in de registratie.
Bezwaren Meerinzicht Uit de jaarverslagen van de bezwaarschriftencommissies van Harderwijk en Ermelo blijkt dat er op jaarbasis minder dan één op de twintig beschikkingen tot een bezwaartraject leiden. De aantallen per gemeente voor 2020 en 2021 zijn te zien in Tabel 10. Het percentage beschikkingen dat in 2020 en 2021 tot een bezwaar leidt is in Harderwijk respectievelijk 0,26% en 0,26% en in Ermelo respectievelijk 0,29% en 0,33%. Het percentage beschikkingen dat tot een bezwaar leidt is dus iets hoger in Ermelo. Dit percentage lijkt in Ermelo ook (licht) toe te nemen. In Harderwijk is zowel 2020 als in 2021 één bezwaar doorgestuurd naar de bestuursrechter. De uitkomst van de beroepsprocedure is hierbij niet vermeld. In Ermelo zijn er in 2020 en 2021 er geen bezwaren doorgestuurd. Er wordt uit het jaarverslag uit 2021 van de bezwaarschriftencommissie van Ermelo niet duidelijk waarom er in dat jaar meer bezwaren zijn ingetrokken dan het voorgaande jaar. Een vergelijking met landelijke cijfers is niet mogelijk omdat deze data niet op landelijk niveau beschikbaar zijn. Tabel 10 – Afhandeling van bezwaren op Wmo-beschikkingen (absolute aantallen en percentage t.o.v. totale aantallen Wmo-besluiten op jaarbasis)
Harderwijk 2020 Advies besluit herroepen Advies besluit in stand laten Advies aanpassing of aanvulling van de motivering Advies nietontvankelijk Bezwaar ingetrokken/aan tegemoet gekomen Open Doorgestuurd Totaal
Gemeente Harderwijk
Ermelo 2021
2020
2021
Aantal
Percentage
Aantal
Percentage
Aantal
Percentage
Aantal
Percentage
-
-
-
-
1
0,04%
1
0,04%
5
0,12%
2
0,05%
1
0,04%
2
0,07%
-
-
-
-
3
0,11%
1
0,04%
-
-
2
0,05%
1
0,04%
-
-
4
0,09%
5
-
2
0,07%
5
0,18%
1 1 11
0,02% 0,02% 0,26%
1 1 11
0,02% 0,26%
8
0,29%
9
0,33%
22
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Sociaal Team Het is op basis van de beschikbare informatie niet mogelijk om te achterhalen hoeveel cliënten van het Sociaal Team die gebruik maken van een maatwerkvoorziening een bezwaar indienen. Dergelijke bezwaren komen namelijk binnen bij Meerinzicht, omdat Meerinzicht ook de beschikking verstuurt.
Financiële ontwikkelingen Voor cliëntaantallen zijn ook Jaarverslagen Programmagelden Domein Sociaal van Meerinzicht geraadpleegd. Financiële informatie van het Sociaal Team was niet beschikbaar.
Gemeentelijke begrotingen Meerinzicht De gemeentelijke begrotingen van Harderwijk en Ermelo ten aanzien van de Wmo zijn weergegeven in Tabel 11. Er is een jaarlijkse stijging in het totale aantal kosten waarneembaar. In 2019 en 2020 zijn in zowel Harderwijk als Ermelo meer kosten gemaakt dan vooraf was begroot. Uit de jaarverslagen blijkt dat deze overschrijdingen vooral in 2019 te wijten waren aan Wmo-maatwerkvoorzieningen. Hierbij was de grootste overschrijding in Harderwijk bij hulp bij het huishouden (€334.000) en in Ermelo bij voorzieningen (€68.000). De overschrijding van kosten in 2020 komt in beide gemeenten door overige kosten extra kosten in het kader van covid-19. Deze kosten kwamen voor Harderwijk en Ermelo in 2020 respectievelijk neer op ongeveer €200.000 en €372.000. In 2021 waren er ook kosten door corona, maar deze hebben niet geleid tot een overschrijding van de begroting. Meerinzicht verklaart deze stijging in kosten verder deels door vergrijzing, doordat inwoners langer thuis blijven wonen en door de aanzuigende werking van het abonnementstarief dat per 1 januari 2019 is ingevoerd. Tabel 11 - Begroting en kosten Wmo Meerinzicht naar gemeente over tijd (€x1000)
2019 Harderwijk Ermelo Totaal
2020
2021
2022
Begroot
Kosten
Verschil
Begroot
Kosten
Verschil
Begroot
Kosten
Verschil
Begroot
Kosten
Verschil
€ 7.140 € 4.702 € 11.842
€ 7.684 € 4.716 € 12.400
€ -544 € -14 € -558
€ 8.565 € 5.258 € 13.823
€ 8.734 € 5.408 € 14.142
€ -169 € -150 € -319
€ 9.582 € 5.540 € 15.122
€ 9.524 € 5.336 € 14.860
€ 58 € 204 € 262
€ 9.738 € 5.775 € 15.513
€ 9.718 € 5.281 € 14.999
€ 559 € 493 € 1.052
Gemeente Harderwijk
23
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Klantreis In dit hoofdstuk zijn wettelijke regelgeving, gemeentelijk beleid en de daadwerkelijke uitvoering met betrekking tot de toegang tot Wmo-voorzieningen beschreven. De beschrijvingen zijn geordend naar de stappen die een cliënt doorloopt: +
Melding
+
Uitnodiging
+
Keukentafelgesprek
+
Gespreksverslag, zorgaanvraag en beschikking
Per beschreven stap in het proces van de toegang tot de Wmo wordt er onderscheid gemaakt tussen de beoogde situatie (wettelijke regelgeving en beleid) en de daadwerkelijke uitvoering (praktijk). De wettelijke regelgeving bestaat uit centrale regelgeving, namelijk de Wmo en de Spelregels Wmo9, en de lokale invulling van de Wmo inclusief aanvullende regelgeving, namelijk de integrale verordening en de gemeenschappelijke beleidsregels van de gemeenten Harderwijk, Ermelo en Zeewolde. Voor beleid is er gekeken naar beschikbare beleids- en visiedocumentatie, maar ook naar werkafspraken, protocollen en instructies. De bevindingen uit de documentanalyse zijn geduid in interviews met beleidsmedewerkers van de gemeente, Meerinzicht en het Sociaal Team. Bij de telefonische interviews is het niet altijd mogelijk om bij elke cliënt bruikbare data op te halen omdat inwoners werden gevraagd om herinneringen aan hun toegangsproces op te halen. Vaak is dit weggezakt en zijn details niet helder meer.
Melding De eerste stap in het proces van een Wmo-aanvraag betreft de melding. Dit is het proces waarbij inwoners hun hulpvraag kenbaar maken.
5.1.1 Beoogd Inwoners kunnen via verschillende wegen hun hulpvraag kenbaar maken, namelijk schriftelijk (via een webformulier, per post of e-mail), telefonisch, in persoon bij een loket of via derden, zoals naasten of mantelzorgers, die de melding dan voor hen maken. De melding kan worden gedaan bij de gemeente of bij Meerinzicht. In de gemeenschappelijke beleidsregels en integrale verordening van de gemeenten Harderwijk en Ermelo is opgenomen dat de cliënt een ontvangstbevestiging van de melding krijgt. In de ontvangstbevestiging staat, conform de Wmo 2015 en de integrale verordening, ook vermeld dat de cliënt de mogelijkheid heeft om kosteloos gebruik te maken van een onafhankelijk cliëntondersteuner bij het maken of afhandelen van de melding. Hierbij moet ook worden aangegeven waar de cliënt deze ondersteuning kan vinden.
Meerinzicht Als een schriftelijke of telefonische melding bij Meerinzicht binnenkomt wordt er altijd eerst aan vraagverheldering gedaan door de medewerker van het klantcontactcentrum (KCC) van Meerinzicht of door een klantmanager. Deze klantmanager komt in beeld als de vraag inhoudelijke verdieping behoeft. In het geval van een schriftelijke melding betekent dit dat de KCC medewerker de cliënt belt voor (verdere) triage of voor het aanvullen van ontbrekende gegevens. Hiervoor is een handboek beschikbaar dat ook door de gemeentelijke klantcontactcentra wordt gebruikt. Alhoewel alle KCC’s met hetzelfde handboek werken, is de verbinding met het KCC van de gemeente Harderwijk en Meerinzicht het kortst omdat een klantmanager bij Meerinzicht werkzaam is.
9 Juridisch onderbouwd kader dat in 2015 is opgesteld door seniorenorganisatie ANBO met als doel om de werkwijze van gemeenten ten
aanzien van de Wmo doorzichtiger te maken en af te kaderen. Het document is gebaseerd op de Wmo 2015 de Algemene wet bestuursrecht, de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en het VN-verdrag Handicap.
Gemeente Harderwijk
24
Rekenkameronderzoek ‘Toegang tot de Wmo’ - Rekenkamercommissie Ermelo-Harderwijk
Nadat een melding binnen is gekomen moet deze intern worden doorgezet. De afdeling administratie boekt een ‘frontoffice proces’ met daarin de melding, welke in de werkvoorraad wordt plaatst. In dit werkproces wordt onder andere geregistreerd wanneer de melding is gedaan, in welke gemeente de melding is gedaan en welke contactgegevens bij de melding horen. De senioren en klantmanagers van de dag worden soms al voor het plaatsen getrieerd. Zo wordt er gekeken of een melding spoed heeft (bijv. een melding van een inwoner met ALS) en niet in de bak geplaatst moet worden. De meldingen worden wekelijks door de klantmanagers zelf op maandag en dinsdag verdeeld. Bij de verdeling wordt er op basis van expertise of betrokkenheid gekeken wie de melding oppakt. Bij het inboeken van het werkproces wordt automatisch per post een ontvangstbevestiging naar de cliënt gestuurd. Deze ontvangstbevestiging heeft een vast format. De cliënt wordt met deze brief geïnformeerd over dat een klantmanager binnen vier weken telefonisch contact zal opnemen om een keukentafelgesprek in te plannen, een id-controle zal plaatsvinden bij het keukentafelgesprek en dat de mogelijkheid tot onafhankelijke cliëntondersteuning bestaat. Tot slot wordt de cliënt gewezen op de mogelijkheid tot gratis onafhankelijke cliëntondersteuning van MEE Veluwe.
Hierbij wordt ook een 055telefoonnummer en een algemeen mailadres van MEE vermeld. Het digitale systeem van Meerinzicht registreert automatisch op welke dag de melding in het systeem wordt gezet, en kenmerkt deze als de eerste dag van het onderzoek.
Beide gemeenten De toegang tot de Wmo is in Harderwijk en Ermelo belegd bij Meerinzicht. De toegang tot maatwerk vanuit de Wmo is via het Sociaal Team ook mogelijk doordat er een klantmanager van Meerinzicht zitting neemt in het Sociaal Team. Dat wil zeggen dat Wmo-meldingen die bij één van de gemeenten wordt gedaan uiteindelijk altijd bij Meerinzicht worden afgehandeld. Meldingen die bij beide gemeenten binnenkomen worden op dezelfde manier behandeld als meldingen die op die manier bij het KCC in Harderwijk binnenkomen. Dit komt doordat alle KCCs met dezelfde werkinstructie werken. Herindicaties worden altijd direct doorgezet naar Meerinzicht. Dit blijkt uit een groepsgesprek met beleidsmedewerkers van beide gemeenten en Meerinzicht, uit een interview met de medewerker die vanuit Meerinzicht in het Sociaal Team werkt en uit een gesprek met de teamleider van het Sociaal Team. De medewerker van het Sociaal Team gaf in een interview aan het gevoel te hebben dat dit niet altijd goed gaat omdat het gevoel bestaat dat het KCC van de gemeente Ermelo te weinig casussen met meervoudige problematiek naar het Sociaal Team doorstuurt. Uit een gesprek met de teamleider van het Sociaal Team blijkt dat dit in de praktijk betekent dat inwoners van het KCC van de gemeente Ermelo de instructie krijgen om zelf contact met het Sociaal Team op te nemen.