CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Verordening havengeld 2025

Commissie Stad & Omgeving 21 november 2024, gemeente HarderwijkBij agendapunt: 20.30 uur Havengeldverordening 20252.102 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan college en raad Nummer: Datum: Opsteller: Portefeuillehouder: Onderwerp:

02430000192981 5 november 2024 O.M. Menger Wethouder W. Mazier Verordening havengeld 2025

Het college van B&W besluit: 1. De raad voor te stellen de Verordening heffing en invordering van haven-, lig-, kade- en opslaggelden 2025 (Havengeldverordening) vast te stellen. 2. De raad kennis te laten nemen van de inventarisatie zoals gevraagd in de motie ‘Inventarisatie Motie historische schepen en vrijstelling havengelden in verordening havengelden 2023’ en de mogelijkheden van een subsidieregeling te onderzoeken. 3. De raad voor te stellen de volgende vrijstellingen zoals opgenomen in de Havengeldverordening 2023 (artikel 8, onder e en f) te schrappen in de Havengeldverordening 2025, zodra de subsidieregeling is uitgewerkt en vastgesteld: e. Voor het gebruik of genot van de havens met botters welke in bezit zijn van Harderwijker organisaties of bedrijven; f. Botters en andere historische schepen (op vertoon van de pas Register Varend Erfgoed) welke gedurende evenementen met historische schepen ligplaats in de haven kiezen, mits het gebruik van de haven de duur van 7 dagen per kalenderjaar niet te boven gaat; 4. De raad voor te stellen een 100% kostendekkendheid te hanteren op basis van een gedetailleerd uitgewerkte kostentoerekening.

Inleiding De werkzaamheden in het gebied Waterfront, de nieuw aangelegde gemeentelijke havens en uitbreiding, heroriëntatie over de toe te rekenen kosten geven aanleiding om een nieuwe Havengeldverordening op te stellen die recht doet aan de nieuwe feitelijke situatie. Uitgangspunten voor de Havengeldverordening 2025: • De vigerende Verordening havengelden 2023 wordt qua opzet en heffingsmaatstaven zoveel als mogelijk eerbiedigd; • De tarieven per type object worden gewijzigd ten opzichte van 2023; • De vrijstelling voor botters en andere historische schepen zoals in de Havengeldverordening 2023 is opgenomen in artikel 8.4 en 8.5 worden geschrapt, zodra de mogelijkheden tot vaststelling van een subsidieregeling met positief resultaat is afgerond. • Voor de kostendekkendheid wordt voor het jaar 2025 een volledige (100%) kostendekkendheid aangehouden; • De Verordening havengeld 2025 zal per 1 januari 2025 inwerking treden; • De Havengeldverordening 2025 is opgesteld in overeenstemming met het tevens bij de raad voorliggende wijziging van de Verordening Fysieke Leefomgeving (VFL); • De kostenberekening is in overeenstemming met de uitgangspunten Wet Markt en Overheid (WMO). Toelichting De Havengeldverordening wordt vastgesteld met inachtneming van artikel 229 Gemeentewet.

Dat betekent dat een recht mag worden geheven voor het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde gemeente bezittingen of van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of onderhoud zijn dan wel het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten. In dat geval moeten de tarieven zodanig worden vastgesteld dat de op verordening in kaart gebrachte begrote baten de begrote lasten niet overstijgen. Dit heet de opbrengstlimiet. De gemeente heeft voor het overige een grote mate van autonomie om de heffingsmaatstaven vast te stellen, mits de algemene beginselen van behoorlijk bestuur niet worden geschonden.

-2-

Tarief Bij de tariefstelling is daar waar mogelijk getracht om het tarief in overeenstemming te laten komen met de aard van de voorzieningen waarvan de type vaartuigen gebruik maken. Dit leidt tot de volgende aanpassing van de tarieven: Het haven- en /of liggeld bedraagt, inclusief de heffing welke ingevolge de Wet op de Omzetbelasting 1968 wordt geheven, voor de volgende vaartuigen en/of ligplekken. a)

b)

c)

d) e) f) g) h) i) j)

Beroepsvaartuigen (o.a. vissersvaartuigen, sleepboten, en overige vaartuigen bestemd voor en in gebruik als beroepsvaart, voor zover niet ander in dit artikel vermeld) a. per m2 per week € 0,55 b. per m2 per jaar € 17,03 Vrachtvaartuigen (vaartuigen zoals in bezit van een meetbrief zeeschepen of binnenvaartuigen zoals bedoeld in de Meetbrievenwet 1981, zoals deze nadien is gewijzigd) a. per ton per week € 0,29 b. per ton per jaar € 8,96 Recreatievaartuigen (o.a. jachten, sloepen, zeilboten en overige recreatievaartuigen) voor zover niet anders in dit artikel vermeld a. per m1 per uur € 0,70 b. per m1 per dag € 2,52 Recreatievaartuigen bewoners Waterfront (jachten, sloepen, zeilboten en overige recreatieve vaartuigen) per m1 per jaar € 57,84* Ligboxen Lelyhaven per m2 per jaar € 18,67 Ligplaatsen bestemd voor rondvaartschepen a. per m2 per week € 0,67 b. per m2 per jaar € 20,96 Woonschepen per m2 per kwartaal € 7,19 Winterligplaatsen per m1 per maand in winterseizoen € 17,09** Historische schepen per m1 per jaar € 57,75 Aantikplaats kleine rondvaartschepen per m1 per jaar € 61,47

*In 2026 zal dit tarief worden aangepast naar een vast tarief per m2 per ligplaats. ** In dit tarief zit geen omzetbelasting begrepen Was-wordt overzicht

Omschrijving Beroepsvaart

2023 € 0,33

vrachtvaart Recreatievaart Recreatievaart wonen Ligboxen Lelyhaven Ligplaatsen rondvaartschepen Woonboten Ligplaatsen historische schepen Dagrecreanten Winterligplaatsen

€ 0,33 € 0,29 2023 en 2025 per ton per week € 2,34 € 2,52 2023 en 2025 strekkende meter per dag € 76,31 € 57,84 2023 en 2025 per m1 per jaar € - € 18,67 2025 m² per jaar

Aantikplaats kleine rondvaartschepen

€€ 4,90

2025 tarief per: € 0,55 2023 en 2025 per m2 per week

€ 0,67 2025 m² per week € 7,19 2023 en 2025 m² per kwartaal

€ 4,67 € 57,75 2023 en 2025 strekkende meter per jaar € - € 0,70 strekkende meter per uur € 12,73 € 17,09 2025per m1per maand in winterseizoen; 2023 per m2 per maand per winterseizoen € - € 61,47 strekkende meter per jaar

Heffingsmaatstaf In de Havengeldverordening 2025 is er, overeenkomstig het jaar 2023, voor gekozen om als heffingsmaatstaf het type vaartuig op te nemen. De ervaring leert dat dit qua uitvoering praktisch en efficiënt is. Ook brengt dit de minste veranderingen met zich mee voor de gebruikers van de diverse havens.

Vrijstelling In de voorliggende Havengeldverordening 2025 is zoveel als mogelijk rekening gehouden met de vrijstellingen zoals ook in de oude Verordening (2023) zijn opgenomen. Bij de totstandkoming van de Havengeldverordening heeft een inventarisatie plaatsgevonden van de motie Inventarisatie historische schepen en vrijstelling havengelden in Verordening Havengelden 2023, Raadsvergadering d.d. 22-12. In de bijlage is de uiteenzetting hieromtrent uitgewerkt. Geadviseerd wordt te streven naar een subsidieregeling in plaats van het opnemen van een vrijstelling in de havengeldverordening. Hiervoor zijn een aantal redenen:

• • • •

•

Op grond van een raadsbesluit wordt gestreefd naar een 100% kostendekkende heffing. Het opnemen van een vrijstelling betekent per definitie een spanning op het raadsbesluit kostendekkend te heffen en verhoudt zich niet tot het project ombuigingen. Het doel van de motie (het leveren van een al dan niet indirecte) financiële bijdrage aan historische schepen is per definitie niet gelijk aan het doel van een belastingverordening, zijnde het innen van belastingen. De lagere kostendekkendheid betekent of dat de kosten uit de algemene middelen gefinancierd moeten worden of tot hogere tarieven van andere typen vaartuigen moet leiden. Dit lijkt in tegenspraak met de uitgangspunten Wet Markt en Overheid. De motie leidt tot de opname van een veelvoud aan diverse historische schepen en betekent een uitbreiding van de huidige vrijstelling. Dit leidt tot minder transparantie en efficiëntie bij de Havenmeesters voor wie nu een vrijstelling geldt ja of nee. Dit draagt niet bij aan de vereiste maatwerkoplossing Door de introductie van een subsidieregeling blijven de uitgangspunten van de Havenverordening in stand, en kunnen eventuele legeskosten uit deze subsidieregeling bekostigd worden waarmee een maatwerkoplossing wordt geboden.

Het onderzoek naar de mogelijkheden van een eventuele subsidieregeling dient gekoppeld te worden aan beleid voor erfgoed in de meest brede zin van het woord die thans nog in ontwikkeling is. Om te voorkomen dat de betreffende doelgroep ineens geconfronteerd wordt met hogere leges dan afgelopen jaren, zal de vrijstelling blijven bestaan voor de in de huidige verordening genoemde categorie van schepen totdat besloten wordt tot een subsidieregeling en deze is vastgesteld. Dit betekent ook dat, zodra tot een subsidieregeling is besloten en vastgesteld, de in de Havengeldverordening 2023 in artikel 8 van de verordening opgenomen vrijstellingen zullen worden geschrapt: e. Voor het gebruik of genot van de havens met botters welke in bezit zijn van Harderwijker organisaties of bedrijven; f. Botters en andere historische schepen (op vertoon van de pas Register Varend Erfgoed) welke gedurende evenementen met historische schepen ligplaats in de haven kiezen, mits het gebruik van de haven de duur van 7 dagen per kalenderjaar niet te boven gaat;

Wel zal de vrijstelling zoals in de vigerende verordening opgenomen onder artikel 8, onder e, gewijzigd worden om elk vaartuig die tot de betreffende categorie hoort, namelijk botters, ook als zodanig te behandelen. Nieuwe tekst (artikel 8, lid 4 hernummering): ‘voor het gebruik of genot van de haven met botters;’ Beoogd effect - door de vaststelling van de nieuwe verordening wordt voldaan aan fiscale-juridische regelgeving; - door het besluit tot het onderzoeken naar de mogelijkheden van een subsidieregeling kan ten aanzien van historische schepen invulling worden gegeven en een maatwerk oplossing worden geboden aan de motie ‘Inventarisatie historische schepen en vrijstelling havengelden in de Verordening havengelden 2023’ Omgevingswet Het voorstel heeft geen gevolgen voor de omgevingsvisie en/of omgevingsplan.

Argumenten 1. Door het vaststellen van de Havengeldverordening wordt het in de Meerjarenbegroting 2025-2028 vastgestelde beleid verder geëffectueerd en uitvoering gegeven aan wettelijke regelgeving. 2. De geraamde (lagere) opbrengsten van de diverse belastingen en heffingen dwingen tot het vaststellen van gewijzigde tarieven. Het niet wijzigen van deze tarieven resulteert onmiddellijk in het niet kunnen realiseren van de door de raad gevoteerde opbrengsten in de Programmabegroting. Gewijzigde regelgeving is in de tekst van de verordening(en) verwerkt. 3. Door de vrijstellingen uit de vigerende havengeldverordening (artikel 8, lid 1 onder e en f) te laten vervallen wordt invulling gegeven aan het uitgangspunt om kostendekkend te heffen waarbij er met zekerheid geen spanning komt te staan op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. 4. Door een onderzoek naar de mogelijkheden tot invoering van een subsidieregeling en -verordening ontstaat eventueel een basis voor het behoud van varend erfgoed dan een belastingverordening. De inhoudelijke onderbouwing voor dit standpunt is verwoord in de bijlage inventarisatie motie. Financiën In de Kadernota 2022-2025 was een plan opgenomen om een structureel sluitende begroting te houden. Een van de onderwerpen binnen dit ombuigingsplan betrof de opbrengsten uit havengelden.

Binnen de gemeentelijke organisatie werd een project opgestart om nadrukkelijk te analyseren welke kosten toegerekend kunnen worden aan de havengelden met als doel om volledig kostendekkend te worden. In de begroting 2021 stond een totale opbrengst aan havengelden van € 302.500,- geraamd. Deze opbrengst was gebaseerd op een kostendekkendheid van 44%. Dit betekent dat tegenover iedere € 100,aan kosten, € 44,- aan opbrengsten staat. Bij de behandeling van de Kadernota 2022-2025 werd, vooruitlopend op de resultaten uit het project kostendekkendheid, een amendement aangenomen om de opbrengsten uit havengelden te verhogen op basis van: - 60% kostendekkendheid in 2022 (totale opbrengst € 412.500,-) - 75% kostendekkendheid in 2023 (totale opbrengst € 515.625,-) - 90% kostendekkendheid in 2024 (totale opbrengst € 618.750,-) - 100% kostendekkendheid vanaf 2025 (totale opbrengst € 687.500,-) Op de eerste verhoging van de havengelden (van 44% naar 60%) kwamen diverse bezwaren. De gemeenteraad besloot de tarieven voor een aantal doelgroepen op een kostendekkendheid van 44% te houden. De begroting werd incidenteel bijgesteld. De structurele effecten zouden meegenomen worden bij de resultaten van het project kostendekkendheid. In de begroting 2024 zijn de kosten van de havens ten opzichte van 2021 met ca.

€ 35.000,- gestegen, met name door het structureel opnemen van kosten voor baggerwerkzaamheden. Ook de opbrengsten zijn hier op aangepast en bedragen: - 90% kostendekkendheid in 2024 (totale opbrengst € 650.369,-) - 100% kostendekkendheid vanaf 2025 (totale opbrengst € 720.872,-) In de huidige tariefberekening zijn een aantal kostenposten reeds gedeeltelijk toegerekend aan de havengelden. Dit zorgt ervoor dat de totale kosten niet gelijkstaan aan de totale opbrengsten. In deze gedetailleerd uitgewerkte kostentoerekening is specifiek per kostensoort bekeken welke percentage van de kosten doorberekend kan worden. Op totaalniveau blijkt dat, op basis van de gedetailleerd uitgewerkte kostentoerekening, volledige kostendekkendheid gelijkstaat aan een totaalopbrengst van € 596.600,-. Ten opzichte van de begroting 2024, jaarschijf 2025 betekent dit een nadeel van ca. € 124.000,-. In de begroting 2025 zijn de opbrengsten, vooruitlopend op deze Havengeldverordening, echter al bijgesteld naar dit bedrag. Ten opzichte van deze begroting heeft het dan ook geen effect. Kanttekening is echter dat hierbij wordt uitgegaan dat alle tarieven 1-op-1 toegerekend kunnen worden. Mochten bepaalde tarieven, bijvoorbeeld voor Historische schepen, worden gecompenseerd, ontstaat alsnog een nadelig effect in de Begroting 2025 van ca. € 40.000.

Communicatie De verordening moet digitaal gepubliceerd worden en gecommuniceerd via de diverse kanalen.

Bijlagen

1. 2. 3. 4.

Verordening heffing en invordering van haven-, lig-, kade- en opslaggelden 2025 (Havengeldverordening) Inventarisatie Motie historische schepen en vrijstelling havengelden in verordening havengelden 2023 Onderbouwing doorbelasting en verdeling kosten naar haventarieven Financieel effect havengelden 2025 en Toelichting op werkwijze

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=0914c6f0-94a7-43b0-8b34-a47bde8a40a5