Raadsvoorstel Tweede tussentijdse rapportage 2023
Tekst van het document
Voorstel aan college en raad Nummer: Datum: Opsteller: Portefeuillehouder: Onderwerp:
02430000549587 24 oktober 2023 T.J. Stuart Wethouder W. Mazier Tweede tussentijdse rapportage 2023
Het college van B&W besluit de raad voor te stellen: 1. De raad voor te stellen de financiële effecten van de tweede tussentijdse rapportage 2023 meerjarig te verwerken in de begroting ten gunste van het begrotingssaldo; 2. De raad voor te stellen de wijzigingen zoals genoemd in hoofdstuk 6 te verwerken in de begroting 2023-2026. 3. Een krediet beschikbaar te stellen van € 4.701.086,46 voor de overname van de Brandweerkazerne Harderwijk van de VNOG. 4. Een krediet beschikbaar te stellen van € 48.900,- voor de inrichting van de Kiosk in de Sypel. 5. Een krediet beschikbaar te stellen conform het vastgestelde IHP van € 1.820.000,- voor investeringen in het verbeteren van het binnenklimaat scholen. 6. Een krediet beschikbaar te stellen conform het vastgestelde IHP van € 5.253.336,- voor de investering in het Openbaar onderwijs Drielanden. 7. Een bedrag van € 63.097,- aanvullend te storten in de bestemmingsreserve Programma Dienstverlening vanuit de overlopende passiva en een bedrag van € 103.000,- in 2023 en € 30.500,voor 2024 te onttrekken uit de bestemmingsreserve programma dienstverlening ter dekking van het programma dienstverlening. 8. Het krediet Esthetische aanpassing botenlift met € 20.000,- te verhogen. 9.
Een bestemmingsreserve Binnenstadvisie te vormen en te voeden met de gereserveerde middelen bij het collegeprogramma á € 600.000,- en de uitgaven voor het uitvoeringsprogramma jaarlijks te onttrekken uit de bestemmingsreserve. 10. De aanvragen onderhanden werken uit 5.4 te honoreren en over te hevelen via de algemene reserve. Het college van B&W besluit: 11. Mevrouw S. Duschka aan te wijzen als krediethouder voor overname van de brandweerkazerne Harderwijk 12. Mevrouw K. Traas aan te wijzen als krediethouder voor verbetering binnenklimaat en Openbaar onderwijs Drielanden 13. De heer J. van der Meer aan te wijzen als krediethouder voor de aanschaf van het extra voertuig speelplaatsbeheer. 14. Wethouder Mazier te mandateren de laatste tekstuele wijzigingen door te voeren. Inleiding De tweede tussentijdse rapportage (peildatum 1 september 2023) ligt nu voor u. Deze tussentijdse rapportage is zowel een beleidsmatige als een financiële tussentijdse rapportage, waarbij geldt: management by exception. Gaat alles volgens planning (zowel financieel, inhoudelijk als op tijd) dan is niets gerapporteerd. Tevens wordt deze rapportage ook gebruikt om daar waar nodig bij te sturen en de begroting middels expliciete besluiten te wijzigen. Aan de taakveldverantwoordelijken is gevraagd een inkijk en doorkijk te geven in de ontwikkeling van beschikbaar gestelde middelen en uit te voeren beleid.
Geconstateerde financiële afwijkingen zijn veelal incidenteel van aard. De grootste uitschieters komen door CAO effecten 2023, voorziening voor voormalig personeel, de effecten van de septembercirculaire 2023, vrijvallende gelden uit de Oekraïne regeling en de prognose van de zorgkosten in het sociaal domein. Daarnaast zijn er enkele onvoorziene tegenvallers in
kosten en/of minder opbrengsten. In totaal is er in 2023 een positief effect op het begrotingssaldo in deze tussentijdse rapportage. Ontwikkeling subsidies en indexatie In de begroting 2024-2027 is als kader meegegeven dat er een index is gehanteerd van 3%. Vanuit samenleving en de gesubsidieerde instellingen worden op dit moment de subsidie aanvragen behandeld en beoordeeld. Hiervan bereiken ons signalen dat de nu gehanteerde indexatie met name door CAO ontwikkelingen mogelijk niet toereikend zijn. Het college ziet ruimte om dit mogelijk op te rekken voor die subsidierelaties die kampen met boventrendmatige loonstijgingen en zal met nadere advisering naar uw Raad komen hoe hier, ook in het gedachtengoed van de nota Sociaal Domein, tijdelijk invulling aan kan worden gegeven. Deze advisering zal in het 4e kwartaal naar de Raad komen, waardoor gesubsidieerde instellingen voor het einde van dit jaar duidelijkheid hebben voor 2024. Energietoeslag De raad heeft in februari 2023 middelen beschikbaar gesteld voor het verstrekken van een energietoeslag voor huishoudens met een inkomen van 130% van het sociaal minimum. Deze regeling gold voor de energietoeslag 2022. Bij de advisering van de nieuwe Wet Energietoeslag 2023 zal voorgesteld worden om ook voor 2023 deze huishoudens een bedrag aan energietoeslag volgens de glijdende schaal te verstrekken.
Beoogd effect Informeren van college en gemeenteraad over huidige stand van zaken uitvoering begroting 2023 en de begroting conform te wijzigen. Argumenten 1. De Raad heeft het budgetrecht en is bevoegd begrotingswijzigingen vast te stellen. Voorgesteld wordt de begroting op de geconstateerde afwijkingen in de tweede tussentijdse rapportage te wijzigen en het saldo te muteren ten gunste van het begrotingssaldo; Dit zorgt ervoor dat lopende begroting actueel blijft en grote afwijkingen (en daarmee onrechtmatigheden) bij de jaarrekening voorkomen worden. Dit sluit ook aan bij het principe van reëel ramen. 2. In hoofdstuk 6 van de tussentijdse rapportage zijn een aantal budgettair neutrale wijzigingen genoemd die taakveld- of programma overstijgend zijn. De raad is bevoegd deze begrotingswijzigingen vast te stellen. Uit deze wijzigingen vloeien geen financiële gevolgen. 3 t/m 6. Het beschikbaar stellen van een krediet is een raadsbevoegdheid. In de tussentijdse rapportage is de onderbouwing van de verschillende kredieten weergegeven. 7. Toevoegingen aan een reserve zijn expliciet een bevoegdheid van de Raad. Voor programma Dienstverlening is voor het aandeel van Harderwijk een bestemmingsreserve beschikbaar. Conform het raadsbesluit van de jaarrekening 2022 worden uitgaven die de komende jaren plaatsvinden onttrokken uit de reserve. 8.
Bij de besluitvorming over de vervanging van de Vissersbrug is tevens gekeken naar de inpassing van de botenlift van de Botterstichting. De meest wenselijke optie was het verplaatsen van de botenlift meer naar binnen op het eigen terrein van de Botterstichting. Dit leverde naast een beter beeld ook een ruimer vaarwater op wat bevorderlijk is voor een veiliger doorvaart van de vaartuigen door de brug. Deze optie was echter dermate duur (ca. € 300.000,-) dat uiteindelijk is voorgesteld de botenlift niet te verplaatsen maar esthetisch te verfraaien. Het benodigde krediet voor het verfraaien bedroeg € 35.000,-. De Botterstichting heeft na besluitvorming contact gezocht met de gemeente om alsnog te kiezen voor verplaatsing i.p.v. verfraaiing. Met behulp van vrijwilligers zou een aanzienlijk deel van de kosten voor de verplaatsing van de botenlift komen te vervallen waardoor de bijdrage van de gemeente geen € 300.000,- maar € 55.000,- zou bedragen. Ten opzichte van het beschikbaar gestelde krediet voor de esthetische aanpassing zal dit leiden tot een overschrijding van € 20.000,-. 9. De raad heeft de bevoegdheid tot het vormen van een bestemmingsreserve. De middelen voor de uitvoering binnenstadvisie zijn meerjarig incidentele middelen en derhalve wordt voorgesteld te werken met een bestemmingsreserve gekoppeld aan het uitvoeringsprogramma. Dit biedt meer flexibiliteit in de
fasering van de uitgaven. De dotaties aan de bestemmingsreserve worden gedekt uit de stelpost meerjarenbegroting vanuit de beschikbaar gestelde middelen in de meerjarenbegroting 2023-2026. 10. Voor een aantal activiteiten is reeds bekend dat de uitvoering doorloopt tot na 31 dec 2023. Voor deze budgetten is nu een verzoek tot onderhanden werken ingediend. Na besluitvorming in de raad worden deze budgetten in 2023 toegevoegd aan de algemene reserve om vervolgens weer onttrokken en beschikbaar gesteld in de jaarschijf waarvoor overheveling is aangevraagd. Opgemerkt moet worden dat een aantal budgetten vanuit verkeer en vervoer technisch niet voldoen aan de kaders voor budgetoverheveling. Uit deze budgetten worden veelal langdurige en grootschalige onderhoudsprojecten gedekt die daardoor vaak overgeheveld moeten worden terwijl dit strikt gezien binnen de kaders valt. In de advisering bij het nieuwe IBOR wordt daarom een werkwijze uitgewerkt om over te gaan naar een bestemmingsreserve ter egalisatie van het onderhoud. 11 t/m 13. Het aanwijzen van krediethouders is een collegebevoegdheid. Financiën Het begrotingssaldo is opgebouwd vanaf het begrotingssaldo van de eerste tussentijdse rapportage waarna tussentijdse effecten van raadsbesluiten of circulaires zijn weergegeven. Samen vormen deze posten het vertrekpunt voor de tweede tussentijdse rapportage.
De tweede bestuursrapportage 2023 presenteert een voordelig effect van, afgerond, € 2,1 miljoen. Het Begrotingssaldo 2023 komt daarmee op € 1.103.299,Programma/onderwerp
Bedrag
Begrotingssaldo 2023 1e Turap
€
-207.333
Afronding begrotingswijziging nav 1e Turap
€
2.223
Effecten overige raadsbesluiten
€
-34.011
Meicirculaire Gemeentefonds 2023
€
-747.963
Begrotingssaldo voor 2e Turap
€
-987.084
Programma 0
€
-202.514
Programma 1
€
-
Programma 2
€
-16.000
Programma 3
€
-
Programma 4
€
80.453
Programma 5
€
-185.646
Programma 6
€
2.782.700
Programma 7
€
-93.377
Programma 8
€
-371.233
Analyse kapitaallasten
€
96.000
Totaal effect 2e Turap
€
2.090.383
Begrotingssaldo 2023 na 2e Turap
€
1.103.299
Effect 2e Turap per programma
Bij het geprognosticeerde saldo 2023 wordt uitdrukkelijk opgemerkt dat dit is gebaseerd op de gegevens over de eerste acht maanden van het jaar. Dit zal afwijken van het uiteindelijke saldo van de jaarrekening 2023, maar geeft wel inzicht in de huidige stand van zaken. Er zijn meerdere factoren die de komende maanden nog een rol spelen. Te denken valt o.a. aan de uitkomst van de decembercirculaire Gemeentefonds en de herziening van de grondexploitaties. Bijlagen 1. Tweede Tussentijdse Rapportage 2023