Raadsvoorstel Delegatiebesluit BAG en Wvw
Tekst van het document
Voorstel aan college en raad Nummer: Datum: Opsteller: Portefeuillehouder: Onderwerp:
02430000183300 20 augustus 2024 W. van Blijderveen Wethouder W. Mazier Delegatie raadsbevoegdheden Wet bag en Wegenverkeerswet 1994 aan het college van B & W
Het college van B&W besluit: De Raad voor te stellen het ‘Delegatiebesluit Harderwijk 2024: WVW 1994, naamgeving, nummering en Wet bag’ vast te stellen. Inleiding Aanleiding Wettelijk is geregeld dat een aantal bevoegdheden specifiek aan de gemeenteraad voorbehouden zijn. Bijvoorbeeld het vaststellen van komgrenzen, afbakening van panden, vaststellen van (namen van) openbare ruimten en vaststellen van huisnummers. Deze bevoegdheden zijn echter geen kaderstellende maar uitvoerende taken. Daarom zijn in het verleden reeds delegatiebesluiten genomen om (een deel van) deze bevoegdheden onder te brengen bij het dagelijks bestuur van de gemeente: het college. In het verleden zijn twee verschillende besluiten genomen om de raadsbevoegdheden met betrekking tot naamgeving en nummering te delegeren aan het college van B & W. Deze delegatiebesluiten zijn verouderd en niet allesomvattend. Het is wenselijk deze te actualiseren en daarnaast op een onderdeel te verruimen. Voorgesteld wordt daarom om de oude delegatiebesluiten in te trekken en een nieuw delegatiebesluit vast te stellen. In de Wegenverkeerswet 1994 heeft de wetgever bepaald dat - in tegenstelling tot alle andere verkeersbesluiten - de grenzen van de bebouwde kom worden vastgesteld door de gemeenteraad. Het plaatsen van bijbehorende verkeersborden is daarentegen wel een bevoegdheid van het college van B & W.
Deze werkwijze leidt tot een complex parallel proces. Het is daarom wenselijk om deze parallelle processen te stroomlijnen. Dat kan door de bevoegdheid voor het vaststellen van komgrenzen te delegeren aan het college van B & W. Zo wordt voorkomen dat procedures voor komgrenzen en reguliere verkeersbesluiten separaat van elkaar moeten worden doorlopen. En zo maken we de procedures efficiënter, eenvoudiger en vlotter. Intern kost het minder tijd om een dergelijk proces te doorlopen. Bovendien wordt de procedure op deze manier duidelijker voor belanghebbenden: er is in de nieuwe situatie één allesomvattend verkeersbesluit waar alle te nemen verkeersmaatregelen in staan. Onder het kopje ‘kader’ is weergegeven welke artikelen de oude delegatiebesluiten omvatten, en op welke twee onderdelen wordt verruimd. Kader Artikel 6 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen: 1. De gemeenteraad deelt het grondgebied van de gemeente in een of meer woonplaatsen in (deze bevoegdheid is nog niet gedelegeerd); stelt de openbare ruimten vast (deze bevoegdheid is gedelegeerd bij besluit van 26 februari 2009); kent nummeraanduidingen toe aan de op het grondgebied van de gemeente gelegen verblijfsobjecten, standplaatsen en ligplaatsen (deze bevoegdheid is gedelegeerd bij besluit van 26 februari 2009). -2-
2. 3. 4.
De gemeenteraad stelt de standplaatsen en de ligplaatsen vast. (Deze bevoegdheid is gedelegeerd bij besluit van 10 juni 2010.) De gemeenteraad stelt de afbakening van panden, verblijfsobjecten, standplaatsen en ligplaatsen vast. (Deze bevoegdheid gedelegeerd bij besluit van 10 juni 2010.) Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven ten aanzien van de indeling, de vaststelling en de toekenning, bedoeld in het eerste en tweede lid, en kunnen regels worden gegeven ten aanzien van de afbakening, bedoeld in het derde lid.
Artikel 20a, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994: De grenzen van de bebouwde kom of kommen van een gemeente worden vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad. (Deze bevoegdheid is nog niet gedelegeerd.) Verder zijn van belang: Artikel 156a van de Wegenverkeerswet 1994 Artikel 48 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW); Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens (uBABW); Artikelen 108 en 156 van de Gemeentewet; Artikelen 10:13 en 10:15 van de Algemene wet bestuursrecht. Beoogd effect Delegatie van de bevoegdheden dient een doelmatige, efficiënte en voor de burger overzichtelijke besluitvorming. Argumenten Algemeen 1. Het is niet noodzakelijk, en soms ook vanuit praktisch oogpunt ongewenst, dat ieder bestuursorgaan daadwerkelijk de toebedeelde bevoegdheden zelf uitoefent. Een bevoegdheid kan daarom gedelegeerd worden. 2. Onder delegatie wordt verstaan: het overdragen door een bestuursorgaan van zijn bevoegdheid tot het nemen van besluiten aan een ander die deze bevoegdheid onder eigen verantwoordelijkheid uitoefent. De wetgever heeft hiermee beoogd om, afhankelijk van de lokale situatie, ter wille van een slagvaardig handelen bevoegdheden die in een wet aan de gemeenteraad zijn opgedragen, over te doen dragen aan het college van B & W. 3.
Het delegeren van bevoegdheden heeft tot gevolg dat degene die delegeert de gedelegeerde bevoegdheid niet meer zelf uitoefent (artikel 10:17 van de Algemene wet bestuursrecht). Wel kunnen in het delegatiebesluit, of op later moment, beleidsregels worden vastgesteld ter uitoefening van de gedelegeerde bevoegdheid (artikel 10:16, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht). Wet basisregistratie adressen en gebouwen (wet bag) 4. In 2009 en 2010 zijn twee verschillende delegatiebesluiten genomen om raadsbevoegdheden met betrekking tot naamgeving en nummering en zoals opgenomen in artikel 6 van de Wet bag te delegeren aan het college van B & W. 5. De twee vigerende delegatiebesluiten omvatten alle bevoegdheden uit artikel 6 van de Wet bag, met als enige uitzondering de bevoegdheid tot het indelen van het grondgebied van de gemeente in woonplaatsen. Als reden hiervoor wordt in het delegatiebesluit van 10 juni 2010 genoemd dat “de vaststelling daarvan slechts zeer zelden aanpassing behoeft”. Dit betekent echter niet dat vaststelling van de indeling in woonplaatsen nooit plaatsvindt. Soms is het juist wel wenselijk om (kleine) wijzigingen in de woonplaatsindeling aan te brengen. Met andere woorden: (kleine) wijzigingen in de indelingsgrens c.q.
de afbakening van de woonplaatsen, maar wordt daar tot op heden – vanwege het feit dat deze bevoegdheid niet is gedelegeerd – om procedurele redenen van afgezien. Een voorbeeld waar een wijziging wenselijk is, is aan de Zuiderzeestraatweg. De blauwe
6.
plaatsnaamborden met Harderwijk / Hierden erop kunnen daar niet exact op de woonplaatsgrens geplaatst worden. Dat komt doordat de formele grens tussen Harderwijk en Hierden schuin over de weg loopt. Een ander voorbeeld is de Harderwijkse straat Walstein, die tussen de Overkampsweg en de Veldweg voor 137 meter in Hierden ligt. De formele woonplaatsgrens steekt daar tweemaal de rijbaan over, en ligt daardoor aan de ‘verkeerde’ kant van de rijbaan. Idealiter zou de woonplaatsgrens hier naar de overkant van de rijbaan verplaatst worden, zodat de hele straat Walstein in Harderwijk ligt. Vanwege doelmatigheid en efficiëntie wordt voorgesteld voornoemde raadsbevoegdheid ook te delegeren aan het college. Ook wordt vanwege de overzichtelijkheid voorgesteld de geldende, los van elkaar staande delegatiebesluiten in te trekken en één nieuw delegatiebesluit vast te stellen. Daarin worden alle gedelegeerde c.q. te delegeren bevoegdheden samengevoegd.
Wegenverkeerswet 1994 7. Het begrip ‘bebouwde kom’ komt voor in verschillende wetten voor. Denk hierbij onder andere aan de Wegenverkeerswet 1994, de Wegenwet en de Omgevingswet. Het begrip heeft in elke wet verschillende gevolgen en/of doelstellingen. Zo gaat dit in de Wegenverkeerswet 1994 specifiek over een regime qua verkeersregels, bijvoorbeeld de maximumsnelheid, parkeerregels en de plaats van bromfietsers op de weg. Ook in gemeentelijke verordeningen, zoals de Verordening Fysieke Leefomgeving (VFLO) en de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), komen verwijzingen naar de bebouwde kom voor. In de verordeningen gaat het meestal om de bebouwde kom op grond van de Wegenverkeerswet 1994. Ook in dit voorstel wordt met ‘bebouwde kom’ en ‘komgrens’ de bebouwde kom op grond van de Wegenverkeerswet 1994 bedoeld. Andere veelvoorkomende onderwerpen, zoals het kappen van bomen, hebben bijvoorbeeld relatie met de komgrens Boswet (nu Omgevingswet), en hebben daarom dus geen relatie met dit collegevoorstel. 8. Artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994 regelt het vaststellen van de grenzen van de bebouwde kom. Deze grenzen worden aangeduid met de bekende blauwe plaatsnaamborden langs de weg (verkeersborden H1 en H2 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)). 9. De gemeentelijke vrijheid ten aanzien van het vaststellen van komgrenzen is beperkt.
De wetgever heeft in de uBABW precies vastgesteld waar een komgrens aan moet voldoen. En wanneer een weg binnen of buiten de bebouwde kom moet liggen. Bij het vaststellen van komgrenzen en het plaatsen van verkeersborden H1 en H2 dienen we de landelijke uitvoeringsvoorschriften op te volgen. 10. De wetgever heeft bepaald dat de gemeenteraad bevoegd is tot het vaststellen van de komgrenzen op grond van de Wegenverkeerswet 1994. Tegelijkertijd heeft de wetgever bepaald dat het college van B & W bevoegd is tot het plaatsen van de verkeersborden H1 en H2. 11. Voor het plaatsen en verwijderen van de meeste verkeersborden is een verkeersbesluit verplicht. Dat staat in artikel 12 van het BABW. De procedure voor het vaststellen of wijzigen van komgrenzen wordt in artikel 48 van het BABW grotendeels gelijkgetrokken met een reguliere verkeersbesluitenprocedure. 12. Het vaststellen of wijzigen van komgrenzen is nooit een op zichzelf staande maatregel. De geldende maximumsnelheid wijzigt altijd. Ook gelden er binnen de bebouwde kom andere voorschriften voor bijvoorbeeld voorrang, parkeren, bromfietsers en wegmarkering. Al deze wijzigingen zijn verkeersbesluitplichtig. Het nemen van reguliere verkeersbesluiten is een collegebevoegdheid. 13. In de huidige situatie moeten voor het wijzigen van de komgrens en onderhavige verkeersmaatregelen twee verschillende verkeersbesluiten worden genomen.
Intern leidt dit tot complexe processen die veel tijd vergen. Extern, voor belanghebbenden, zorgen de twee parallelle processen voor onoverzichtelijke situaties. Belanghebbenden kunnen formeel bezwaar maken tegen beide verkeersbesluiten. Maar bezwaar maken tegen het ene verkeersbesluit, terwijl het andere verkeersbesluit al onherroepelijk is, heeft eigenlijk geen nut. Dat is echter wel de huidige werkwijze.
14. Door de procedure voor vaststelling van komgrenzen en reguliere verkeersbesluitprocedures te harmoniseren, kan het vaststellingsproces efficiënter en vlotter verlopen. Bovendien wordt het proces duidelijker voor belanghebbenden, omdat er voortaan één gecombineerd verkeersbesluit genomen kan worden als een komgrens wordt gewijzigd. In de huidige situatie zijn er nog twee aparte besluiten vereist. De besluitvormingsprocedure en eventuele bezwaarprocedure lopen nu separaat van elkaar. Dat wordt op deze manier samengevoegd.
Communicatie Het delegatiebesluit wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad, te raadplegen via www.officielebekendmakingen.nl. Bijlagen Geen