ODV Advies Parallelweg nabij 10 Hierden
Tekst van het document
Omgevingsdienst
Veluwe
Retouradres:
Postbus
Gemeente
971, 7301 BE Apeldoorn
Harderwijk
(geanonimiseerd)
Onderwerp:
Datum
Milieuadvies; Parallelweg nabij 10
Hierden
in
27 maart 2025 Pagina
(geanonimiseerd) NN
Geachte
1
Dit
milieuadvies
nabij
ODV017555
om op het perceel Parallelweg te activiteit laten volgende plaatsvinden: De AZC. Hiervoor is een wijziging van het Omgevingsplan
gaat
10 in Hierden
kenmerk
Ons
Inleiding /aanleiding
14
van
over
het
voornemen
de
vestiging van een / een Omgevingsvergunning
buitenplanse omgevingsplanactiviteit (hierna
Bopa) nodig.
Uw
kenmerk
Parallelweg nabij 10, Hierden Behandeld
door
(geanonimiseerd) Bijlage
Bijlage 1 Bevindingen per milieuaspect —
Verzocht is om advies te geven over de mogelijkheid locatie (10 jaar) en een permanente locatie. De
locatie
geel
en
is op
onderstaande
lichtgroen
functie Wonen
en
voor
een
tijdelijke
figuren
weergegeven. Het gebied dat in is weergegeven heeft in het huidige omgevingsplan de Agrarisch met waarden Natuur- en
Landschapswaarden.
Parallelweg
10,
3849MJ Hierden
_En Me IE
Figuur
1:
Planlocatie
Figuur
2:
uitsnede
tijdelijke omgevingsplan (bestemmingsplan Buitengebied- Parallelweg 9-10)
Omgevingsdienst Veluwe Postbus 971 7301
Adviesvraag De onderzoeksvraag gewenste
activiteiten,
T E
is of er wat
milieutechnische belemmeringen zijn voor de deze belemmeringen inhouden en of er
BE
Apeldoorn
(055) 580 17 05 info@odveluwe.nl
www.odveluwe.nl Locatie
Apeldoorn: Marktplein 1 7311 LG Apeldoorn Locatie
Harderwijk:
Oosteinde
17
3842
Harderwijk
DR
Omgevingsdienst Veluwe
mogelijke oplossingen zijn. Het betreft hier een quickscan-onderzoek waarbij alleen wordt gekeken of het project wel of niet kansrijk is. Hierbij gaan we in op de aspecten bodem , milieuzonering , trillingen , licht , geluid , lucht , externe veiligheid , elektromagnetische straling , ecologie en m. e. r. (-beoordeling). Samenvatting / beoordeling Het plan om ter plaatse van Parallelweg nabij 10 in Hierden een AZC te vestigen is minder kansrijk. De geluidbelasting van de A28 is dermate hoog dat de grenswaarde uit het Bkl wordt overschreden. Woningbouw is hoogstwaarschijnlijk alleen mogelijk met de toepassing van niet-geluidgevoelige gevels (voorheen
‘dove gevels’). Daarnaast is de locatie verdacht op het voorkomen van een asbestverontreiniging. Mogelijk ligt er nog een saneringsopgave met de
daarbij behorende kosten. Ook vraagt de risicocommunicatie in het kader van de externe veiligheidsrisico’s extra aandacht. Indien het plan toch doorgang vindt dan zijn de volgende onderzoeken nodig: Bodem: Voorafgaand bodemonderzoek om de verontreinigingen in kaart te brengen. Milieuzonering: o Voor een tijdelijke woonfunctie moet aangetoond worden dat geluid en geur aanvaardbaar zijn. Dit kan in de ruimtelijke onderbouwing. o Voor een permanente woonfunctie dient er een geurberekening (voorgrond en achtergondbelasting) te worden verricht naar de omliggende veehouderijen. Ook dient nader onderzoek plaats te vinden naar de “Representatieve invulling van de maximale planologische mogelijkheden van het omgevingsplan”. En er dient een zone van 50 meter aangehouden te worden tot de agrarische percelen (i. v. m. gewasbestrijdingsmiddelen). Cumulatie geluid warmtepompen etc. : Akoestisch onderzoek naar cumulatie warmtepompen/airco’s (indien deze geplaatst worden) Trillingen: Quickscan Trillingshinder als binnen 100 meter van het spoor gebouwd wordt. Mer: Aanmeldnotitie Geluid: Akoestisch onderzoek naar verkeerslawaai (weg en spoor) is zowel bij permanente als tijdelijke woningen nodig. Externe veiligheid: extra aandacht voor risicocommunicatie. En overleg met de VNOG over inrichting van het plangebied. Ecologie: • Voortoets (alle relevante effecten inclusief stikstofdepostie).
• Natuurwaardenonderzoek (quickscan flora en fauna).
Datum 27 maart 2025 Pagina 2 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Omgevingsdienst
Veluwe
e
Advies
inwinnen
provincie
(provinciaal belang:
e
landschappen). Mogelijk meldingsplicht/ kapvergunningplicht houtkap.
Nationale in
geval
van
Datum 27 maart
2025
Pagina 3 van 14 Ons
kenmerk
ODV017555
De
uitgeschreven bevindingen Bijlage 1 bij deze brief.
per
milieuaspect zijn
opgenomen
als
Informatie Heeft u vragen? Neem dan contact op met (geanonimiseerd) en/of (geanonimiseerd) via info@odveluwe.nl of bel naar (055) 580 17 05. Geef hierbij het nummer van het zaakdossier ODV017555 door.
GN
Hoogachtend,
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) afdeling Projecten Omgevingsdienst Veluwe Manager
&
Ontwikkeling
Omgevingsdienst Veluwe
Datum 27 maart 2025
Bijlage 1 - Bevindingen per milieuaspect
Pagina 4 van 14
Bodem
Ons kenmerk ODV017555
Om in de verkenningsfase , waarin het plan zich nu bevindt , een uitspraak te kunnen doen over eventuele belemmeringen ten gevolge van bodemverontreiniging , is een inschatting gemaakt op basis van beschikbare digitale informatiebronnen. Dit betreft echter geen historisch onderzoek conform NEN 5725. De beoogde projectlocatie ligt in een asbestverdacht gebied. Een twaalftal asbesthoudende schuren zijn een aantal jaren terug gesloopt op de locatie. Ter plaatse van deze schuren heeft asbestonderzoek plaatsgevonden. Elders op het terrein is eerder ook onderzoek uitgevoerd naar asbestwegen. Op beide locaties zijn asbestverontreinigingen
gesaneerd. Voorafgaand bodemonderzoek In het voorgenomen plan is een wijziging in de functie van de locatie van ‘Agrarisch’ naar ‘Wonen’. Dit maakt de locatie gevoeliger wat betreft de bodem. Ook is onduidelijk of het gehele plangebied in het verleden voldoende is onderzocht. Voor de bestemmingswijziging is daarom voorafgaand bodemonderzoek nodig. Voorafgaand bodemonderzoek betreft: − Historisch onderzoek conform NEN 5725. − Afhankelijk van de uitkomst zo nodig aangevuld met een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 en/of verkennend asbest in bodemonderzoek conform NEN 5707. − Indien nodig aangevuld met een nader bodemonderzoek. De voorschriften voor uit te voeren voorafgaand bodemonderzoek staan in paragraaf 5. 2. 2. van het Besluit Activiteiten Leefomgeving (BAL). Haalbaarheid plan Op grond van de beschikbare bodeminformatie wordt geconcludeerd dat de voorgenomen plannen minder kansrijk zijn. De locatie is verdacht op het voorkomen van een bodemverontreiniging en er is onvoldoende inzicht in de daadwerkelijke kwaliteit van de bodem. In kader van de BOPA/de wijziging van het Omgevingsplan is voorafgaand bodemonderzoek nodig op het gehele plangebied (bodemgevoelige locatie). Voorafgaand bodemonderzoek is ook nodig voor de omgevingsvergunning bouwen. Uit dit voorafgaand bodemonderzoek moet blijken of er (financiële) belemmeringen zijn voor de realisatie van het plan.
Milieuzonering Typering omgeving
Ligging planlocatie Rustige woonwijk/ rustig buitengebied Gemengd gebied
Nee
Korte toelichting keuze Nabijheid van snelweg A28 en spoorlijn
Ja
Nabijheid van snelweg A28 en spoorlijn
Omgevingsdienst Veluwe
Datum 27 maart 2025
Milieu-impact initiatief Het voorliggende initiatief is milieugevoelig , namelijk; opvang van vluchtelingen. Ook is het een initiatief met milieugebruiksruimte. Initiatief met milieugebruiksruimte Op basis van de VNG gids Bedrijven en Milieuzonering is deze activiteit vergelijkbaar van aard met een hotel/pension/congrescenter. Deze kennen een richtafstand van 0 meter , gecorrigeerd voor gemengd gebied. Aangrenzend aan de planlocatie bevinden zich woningen. Deze gevoelige object bevinden zich dus op voldoende afstand. Er is geen onderzoek nodig naar de uitwaartse zonering. Milieugevoelig initiatief Voor een tijdelijke woonfunctie (minder dan 10 jaar) gelden de geluid- en geurnormen uit het BKL niet voor geluid en geur ten gevolge van activiteiten. In het BKL is opgenomen dat het geluid en/of de geur door een activiteit aanvaardbaar moet zijn. Dit zal onderbouwd moeten worden in de
ruimtelijke onderbouwing. Voor een woonfunctie (meer dan 10 jaar) gelden de geluid- en geurnormen uit het BKL.
Geluid door activiteiten op milieugevoelig initiatief In de omgeving zijn uitsluitend (bestemde) veehouderijen gelegen. Er zijn dan ook geen belemmeringen van niet agrarische bedrijven die een belemmering opleveren voor de gewenste activiteit. Geur door agrarische activiteiten De planlocatie is omringd met locaties die de agrarische bestemming
“agrarische-intensieve veehouderij” hebben.
Vigerend Omgevingsplan (van rechtswege ontstaan uit “Bestemmingsplan Buitengebied 2014”) , rood kruisje: bestemming agrarisch-intensieve veehouderij
Pagina 5 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Omgevingsdienst Veluwe
Planologische ruimte veehouderijen Planologisch kunnen op elk van deze locaties veehouderijen zich (weer) gaan vestigen. Om de vraag te beantwoorden of vanuit het vigerende bestemmingsplan kansrijk is , zal nader onderzoek moeten plaatsvinden naar “Representatieve invulling van de maximale planologische mogelijkheden van het omgevingsplan” of er ter plaatse van de planlocatie sprake is van een goed woon-en leefniveau (Etfal) en of locaties planologisch belemmerd worden. Feitelijke vergunde veehouderijen In de nabijheid van de planlocatie zijn diverse veehouderijen gelegen. Er dient onderzoek te worden gedaan naar de geurbelasting voor zowel de voorgrond als achtergrondbelasting (cumulatie van geur) op het plangebied. Daarnaar kan pas beoordeeld worden of de planlocatie kansrijk is en of er sprake is van evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) en of veehouderijen in de omgeving worden belemmerd als gevolg van het plan. Hinder door bestrijdings- en/of gewasbeschermingsmiddelen Op basis van jurisprudentie 1 moet 50 meter worden aangehouden tussen agrarische percelen en gevoelige objecten.2 Vanwege mogelijke gevolgen voor de gezondheid door het gebruik van bestrijdings- en/of gewasbeschermingsmiddelen. Deze afstand hoeft niet aangehouden te worden indien het omgevingsplan dit gebruik expliciet verbied.
Indien niet aan deze afstand kan worden voldaan zijn er twee opties: • Ten eerste kan een spuitvrije zone worden bestemd op het agrarische perceel waarmee wel aan de afstand van 50 meter kan worden voldaan. • Of er kan locatie specifiek onderzoek/onderbouwing worden uitgevoerd waaruit blijkt dat bij een kortere afstand dan 50 meter ook een gezond leefklimaat bij de betreffende woningen en tuinen kan worden gegarandeerd. Ten westen en noorden van de planlocaties liggen agrarische percelen op minder dan 50 meter waarbij bestrijdings- en/of gewasbeschermingsmiddelen mogen worden toegepast.
Cumulatie geluid warmtepompen etc. Voor installaties voor warmte- of koudeopslag (zoals warmtepompen en airco’s etc. ) moet voldaan worden aan de geluidseisen uit het Besluit bouwen leefomgeving (Bbl) en aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Bij het vaststellen van een plan/vergunning moet vast komen te staan of in de omgeving sprake is en blijft van een gezonde fysieke leefomgeving. 1
kenmerken 200401868/1 , 200103400/1 , 200305192/1 , 202004660/1/R2 , 202104367/2/R3 , RvS:2022:650 , 202305782/1/R2 , 202305782/2/R2 en 202400009/2/R4 2 Woning , tuin , sportcomplex , verblijfsrecreatie , recreatieterreinen , mantelzorgwoningen , scholen & kinderopvang en het omzetten en van een bedrijfswoning naar een woning)
Datum 27 maart 2025 Pagina 6 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Omgevingsdienst Veluwe
Hiervoor is een akoestische onderbouwing/ een akoestisch onderzoek nodig waarbij ook gekeken moet worden naar de cumulatie van het
Datum 27 maart 2025
geluid van meerdere installaties.
Pagina 7 van 14
Hinder door trillingen De beoordeling van het aspect trillingen vindt zijn grondslag in artikel 4. 2 van de Omgevingswet. De overheid moet bij een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in ieder geval rekening houden met het belang van het beschermen van de fysieke leefomgeving.
Ons kenmerk ODV017555
Spoorzone: Ten aanzien van bouwen in de nabijheid (zone van 100 meter) van de
spoorlijn kan gebruik worden gemaakt van de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen. Wanneer er binnen 100 meter tot het spoor wordt gebouwd dient een Quickscan Trillinghinder uitgevoerd te worden. Milieueffectrapportage Uit de adviesaanvraag is gebleken dat sprake is van een activiteit die genoemd is in de bijlage V van het Omgevingsbesluit. Er is sprake van de volgende activiteit genoemd in een categorie in de Bijlage V van het Omgevingsbesluit: J11: ‘De aanleg , wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’ , want er is nu sprake van een weiland en als de locatie wordt volgebouwd , dan is er sprak van een (uitbreiding) van stedelijk gebied. Het is dus nodig om voorafgaand aan de omgevingsplanwijziging/Bopa een procedure m. e. r. -beoordeling te doorlopen. Hiervoor dient een aanmeldnotitie opgesteld te worden. De aanmeldnotitie dient te voldoen aan de onderdelen uit Bijlage III van de Europese m. e. r. richtlijn.
Passende beoordeling Als voor een plan een passende beoordeling voor natuur nodig is dan geldt er een mer-plicht. Wanneer sprake is van een klein gebied kan een plan-mer-beoordeling in plaats van een plan-mer worden gedaan om te bepalen of aanzienlijke milieueffecten kunnen worden uitgesloten. Geluid Wettelijk kader In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is voor plannen inzicht noodzakelijk in de geluidkwaliteit. Het gaat daarbij om geluidgevoelige gebouwen binnen het geluidaandachtsgebied van bronnen. Geluidgevoelige gebouwen Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bepaalt in art. 3. 21 , lid 1 dat een geluidgevoelig gebouw onder meer een gebouw(deel) is -of conform lid 3 aldaar gebouwd mag worden- met een woonfunctie. Een logiesfunctievalt daar niet onder. Een vakantiewoning is dus geen geluidgevoelige gebouw. IPLO geeft aan: asielzoekerscentra kunnen worden geschaard onder een woonfunctie , omdat mensen in azc’s geen
Omgevingsdienst Veluwe
ander hoofdverblijf hebben , maar tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten geldt als logiesfunctie.
Datum 27 maart 2025 Pagina
Geluidaandachtsgebieden Bkl , art. 5.78 , lid 1 bepaalt verder dat het gaat om geluidgevoelige gebouwen in een geluidaandachtsgebied van wegen , spoorwegen en industrieterreinen met geluidproductieplafonds (GPP’s) en van verharde gemeentewegen (niet zijnde een erf) met een verkeersintensiteit van meer dan 1. 000 mvt/etm. 3 De grens van het geluidaandachtsgebied (de standaardwaarde-contour) is voor rijkswegen , provinciale wegen in Gelderland en spoorwegen , samen met hun GPP’s , vastgelegd in de Centrale Voorziening Geluid Gegevens (CVGG). Zolang voor gemeentewegen geen Basis Geluid Emissie (BGE) is vastgesteld gelden de vaste aandachtsgebieden van artikel 17. 5
Omgevingsregeling: Aandachtsgebieden overgangsperiode (art. 17. 5 Omgevingsregeling) Weg < 30 km/uur > 30 km/uur en spoor
type Zone 1 of 2 rijstroken 100m 200m 1 of 2 rijstroken of sporen 3 of 4 rijstroken of sporen 350m Zolang nog geen GPP’s zijn vastgesteld voor gezoneerde industrieterreinen , geldt de huidige 50 dB(A) contour als grens van het
aandachtsgebied. Bkl , art. 5.78 , lid 2 bepaalt dat met uitzondering van de aanvaardbaarheid , geluidnormen niet van toepassing zijn op een geluidgevoelig gebouw dat is toegelaten voor een duur van niet meer dan tien jaar. Het Bkl kent dus enerzijds een ondergrens (beneden 1. 000 mvt/etm , straks 2. 500 mvt/etm is geen ako nodig) en maakt anderzijds onderscheid tussen permanente geluidgevoelige gebouwen (moeten aan
standaard- en grenswaarden voldoen) en tijdelijke geluidgevoelige gebouwen (daar moet geluid ‘aanvaardbaar’ zijn). Permanent aanwezige geluidgevoelige gebouwen Bij het toelaten van een nieuw geluidgevoelig gebouw wordt erin voorzien , dat voldaan wordt aan onderstaande standaardwaarden en grenswaarden (Bkl , art. 5. 78t. en 5. 78u).
Geluidbronsoorten
Standaardwaarde (dB)
Grenswaarde (dB)
Rijks- en provincie wegen
50 53 55 50 Lden 40 Lnight
60 70 65 55 Lden 45 Lnight
Gemeentewegen Spoorwegen
Gezoneerde Industrieterreinen
3 Voor onverharde wegen en voor verharde wegen met 1. 000 (tzt* 2. 500) mvt/etmaal of minder , is akoestisch onderzoek niet nodig (art. 5. 78 lid 1c , 5. 78i en 5. 78ae Bkl).
8 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Omgevingsdienst Veluwe
Tijdelijk aanwezige geluidgevoelige gebouwen ( < 10 jaar) T. a. v. geluid van (spoor)wegen: De instructieregels uit het Bkl zijn niet van toepassing (art. 5.78 , lid 2) , behalve de regels uit artikel 5. 78s lid 1 en 2 , kortweg: • rekening houden met het geluid van wegen op nieuwe woningen; • het geluid van wegen op nieuwe woningen is aanvaardbaar. Geluid is altijd aanvaardbaar , als voldaan is aan de standaardwaarde (art. 5.78s , lid 4) , maar is ook aanvaardbaar als toepassing is gegeven aan art. 5. 78u t/m 5. 78y of 5. 78aa. Als niet voldaan kan worden aan de standaardwaarden dan is doorgaans het advies om een ako uit te voeren , mede afhankelijk van de duur van de tijdelijkheid (bij 10 jaar eerder dan voor de duur van de 6 maanden b. v. ). Binnen niveau Het BBL biedt voor deze woningen de mogelijkheid om een geluidwering aan te houden die 10 dB lager is dan de vereisten voor permanente nieuwbouw (art. 4. 105 Bbl). Dit betekent dat een binnen niveau van 43 dB is toegestaan en een buiten niveau tot 63 dB bij een gebruikelijke gevelwering van 20 dB.
Planspecifiek Hoewel onderstaande ‘Geluidscontouren Rijkswegen 2030’ (de A28) zijn gebaseerd op de oude wetgeving , blijkt de beoogde locatie geheel in ‘rood’ gebied te vallen:
Globaal: rood=boven de grenswaarde van 60 dB
De bijdrage van de spoorlijn Amersfoort-Zwolle is relatief beperkt:
Datum 27 maart 2025 Pagina 9 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Omgevingsdienst Veluwe
Datum 27 maart 2025 Pagina 10 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Permanente woningen zijn zonder vergaande maatregelen in de overdrachtssfeer of bijvoorbeeld werkend met ‘dove gevels’ niet mogelijk. Voor tijdelijke woningen gelden weliswaar geen normen , maar motiveren van de aanvaardbaarheid blijft nodig , zeker nu de grenswaarde van 60 dB voor rijkswegen is overschreden. Akoestisch onderzoek naar verkeerslawaai (weg en spoor) is in beide gevallen nodig. Voor woningen binnen 100m van de spoorlijn dient trillingsonderzoek plaats te vinden. Overigens zijn de bevindingen in het “Locatieonderzoek AZC QuickScan” van 20 december 2024 qua geluid correct.
Lucht De nieuwe ontwikkeling ligt niet in een aandachtsgebied luchtkwaliteit zoals genoemd in artikel 5.51 , lid 2 van het Bkl en grenst ook niet aan een gemeente die wel een aandachtsgebied is. Er is in dit plan geen sprake van een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit of de aanleg van een tunnel of auto(snel)weg. Er is geen onderzoek nodig.
Gezondheid Voor dit aspect adviseren wij om contact op te nemen met de GGD. Externe veiligheid Met het initiatief worden meerdere kwetsbare gebouwen (zoals genoemd in bijlage VI van het Bkl) gerealiseerd. Het initiatief ligt in een
brandaandachtsgebied van een aardgasbuisleiding en het explosie- en gifwolkaandachtsgebied van een spoorroute en de A28. Externe veiligheid is voor deze ontwikkeling relevant.
Omgevingsdienst Veluwe
Datum 27 maart 2025 Pagina 11 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Figuur 2: het plangebied (blauw omlijnd) op de kaarten van het Register Externe Veiligheidsrisico’s. Het gebied ligt in een brandaandachtsgebied (rood gearceerd) , explosieaandachtsgebieden (oranje gearceerd) en gifwolkaandachtsgebieden (geel gearceerd).
Het voornemen is om op de desbetreffende locatie een asielzoekerscentrum te realiseren. Volgens bijlage VI van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is een woonfunctie een ‘kwetsbaar gebouw’. De kans bestaat echter dat binnen het AZC mensen aanwezig zijn die de Nederlandse taal niet machtig zijn en hierdoor niet of beperkt zelfredzaam zijn. Derhalve is extra aandacht voor risicocommunicatie
nodig. Om deze reden kan de gemeente overwegen om het AZC aan te merken als ‘zeer kwetsbaar gebouw’. Echter locaties met zeer kwetsbare gebouwen in een brand- of explosieaandachtsgebied moeten altijd worden aangewezen als voorschriftengebied in het omgevingsplan (art. 5. 14 Bkl). Nieuwbouw binnen een voorschriftengebied moeten voldoen aan de aanvullende bouweisen uit artikel 4. 90 tot en met 4. 96 uit het
Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Anders dan voor de brandbestrijding , zijn er momenteel geen inhoudelijke regels over externe veiligheid die gelden bij de inrichting van het plangebied. Het advies is om wel , in het kader van de algemene zorgplicht , rekening te houden met de externe veiligheid. Dit kan door in ieder geval de maatregelen hieronder ter harte te nemen en te beschouwen in de ruimtelijke onderbouwing:
Omgevingsdienst Veluwe
1. Maatregelen in het plangebied a. De meest kwetsbare gebouwen en locaties binnen bepaalde aandachtsgebieden (brand/explosie/gifwolk) uitsluiten. Aangezien het plangebied volledig binnen de aandachtsgebieden valt is deze maatregel niet toepasbaar op deze locatie; b. Binnen een aandachtsgebied zoveel mogelijk afstand aanhouden tussen de woningen en de risicobronnen (buisleiding , spoorlijn en c.
d.
e.
f.
A28) , als toch voor deze locatie wordt gekozen; De woonunits met de hoogste personendichtheid en langste aanwezigheidsduur het verst van de risicobronnen plaatsen; Bouwkundige maatregelen treffen gelet op bestendigheid van (zeer/beperkt) kwetsbare gebouwen tegen brand en/of explosie. Het aanwijzen van een voorschriftengebied waarbinnen dergelijke bouwkundige eisen gelden is verplicht indien het gaat om zeer kwetsbare gebouwen; Maatregelen treffen gelet op de zelfredzaamheid van aanwezigen; het veilig en snel kunnen schuilen of vluchten. De risicocommunicatie vraagt hoogstwaarschijnlijk extra aandacht omdat naar verwachting niet alle bewoners de Nederlandse taal voldoende machtig zijn. Het advies is om dit te bespreken met de veiligheidsregio; Maatregelen treffen gelet op de bestrijdbaarheid rondom de woningen , te denken valt aan de bereikbaarheid van hulpdiensten en de aanwezigheid van bluswatervoorzieningen. Het advies is om dit te bespreken met de veiligheidsregio.
2. Maatregelen in de omgeving a.
b.
Bronmaatregelen gelet op de kans- en effectbeperking van een ongeval bij de risicobron , indien mogelijk. Bij een buisleiding kan bijvoorbeeld met de beheerder worden gesproken over afdekplaten; Omgevingsmaatregelen gelet op de beschermen van de woningen tegen een ongeval bij de risicobron , zoals een aarden wal.
Conclusie externe veiligheid Gezien de ligging van het plangebied volledig binnen een brand- , explosie- en gifwolkaandachtsgebied is deze locatie voor een AZC kansrijk , mits er extra aandacht is voor risicocommunicatie. Mocht er toch gekozen worden voor deze locatie , dan moet in samenspraak met de VNOG gekeken worden naar de te treffen maatregelen , zowel bouwkundig als in de omgeving. Daarnaast moet de VNOG om advies worden gevraagd over de bestrijdbaarheid van een incident en de zelfredzaamheid van de aanwezige personen. Ecologie Gebiedsbescherming Volgens de Omgevingswet (Ow) moet vooraf zeker zijn dat Natura 2000gebied niet zal worden aangetast (art. 10. 24 Bkl). Is er ondanks mitigatie nog steeds sprake van een significant gevolg , dan kan het plan alleen
Datum 27 maart 2025 Pagina 12 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Omgevingsdienst Veluwe
worden vastgesteld als de zogenaamde ADC-toets met succes is doorlopen (art. 10.24 , lid 2 en 3 Bkl). Gezien de relatief korte afstand ( < 500 m) kunnen door de ontwikkeling en gebruik negatieve effecten op Natura 2000-gebied Veluwe door bijvoorbeeld geluid , licht of trillingen niet op voorhand worden uitgesloten. Deze effecten dienen beoordeeld te worden. Voor de effecten van stikstof dient een stikstofberekening met toelichting te worden gemaakt. AERIUS Calculator is daarvoor een verplicht rekeninstrument (artikel 4. 15 Or).
Omgevingsverordening Gelderland Als er bij een BOPA of wijziging Omgevingsplan sprake is van een provinciaal belang , is advies nodig van de provincie. Het provinciaal belang betreft hier: Nationale landschappen.
Nationale landschappen Het perceel is aangewezen als behorende tot nationale landschappen. Als een omgevingsplan een activiteit of ontwikkeling toelaat , bevat de toelichting op het omgevingsplan een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met de in het plangebied aanwezige kernkwaliteiten , in het bijzonder de nationale landschappen (art 5. 33 en 5. 34 t/m 5. 44 omgevingsverordening). Als er sprake is van aantasting van de kernkwaliteiten moet er per saldo sprake zijn van versterking van het landschap in lijn met de ontwikkeldoelen die in de betreffende Gelderse streek van toepassing zijn De gemeente zal de Regisseur Ruimte van provincie Gelderland (voorheen planbegeleider) vroegtijdig moeten betrekken , dit kan via https://www. gelderland. nl/vergunningen/melden-bestemmingsplanstructuurvisie-omgevingsvergunning.
Soortenbescherming Omdat beschermde soorten op de te ontwikkelen locatie en in de direct aangrenzende omgeving daarvan door de geplande activiteiten en ontwikkelingen negatieve effecten kunnen ondervinden , is een natuurwaardenonderzoek (quickscan flora en fauna) nodig. Houtopstanden en groenstructuren Het belang van de bomen dient afgewogen te worden tegenover de wens om te bouwen. Deze afweging dient vooraf te gaan aan het nemen van dit besluit. Aangeraden wordt om het initiatief zo aan te passen dat bomen behouden kunnen blijven. Het is niet duidelijk of er voor het initiatief bomen gekapt moeten worden of groenstructuren aangetast worden. De beoogde locatie is gelegen buiten de bebouwingscontour houtkap (artikel 5. 165b Bkl) er geldt
daarom mogelijk een meldingsplicht en andere regelgeving rondom het vellen van een houtopstand. Gemeentelijke regels Afhankelijk van de locatie kan ook een kapvergunningplicht bij de gemeente gelden. Wij verwijzen hiervoor naar: Boom kappen |
Datum 27 maart 2025 Pagina 13 van 14 Ons kenmerk ODV017555
Omgevingsdienst Veluwe
Gemeente Harderwijk.
Datum 27 maart 2025
Natuur inclusief bouwen Het is wenselijk dat de bouw natuurinclusief wordt uitgevoerd. Denk bij
Pagina 14 van 14
natuurinclusief bouwen aan bijvoorbeeld: • Nest- en verblijfsgelegenheid creëren voor vogels , vleermuizen en
Ons kenmerk ODV017555
insecten. • • • •
Vleermuisvriendelijk lichtplan voor buitenverlichting. Geen lichtuitstraling op groen en water. Het gebruik maken van groene daken voor zowel de woningen als bijgebouwen. Gebruik van grasbetontegels voor aan te leggen verharding.