CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Drielanden - Groene Zoomweg 49_Regels

Raadsvergadering 9 november 2023, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 494.226 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Drielanden - Groene Zoomweg 49

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Inhoudsopgave Regels Hoofdstuk 1

3 Inleidende regels

4

Artikel 1

Begrippen

4

Artikel 2

Wijze van meten

8

Bestemmingsregels

9

Artikel 3

Groen

9

Artikel 4

Wonen

10

Artikel 5

Leiding - Gas

13

Hoofdstuk 3

Algemene regels

15

Artikel 6

Anti-dubbeltelregel

15

Artikel 7

Algemene gebruiksregels

16

Artikel 8

Algemene afwijkingsregels

17

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

18

Artikel 9

Overgangsrecht

18

Artikel 10

Slotregel

19

Hoofdstuk 2

2

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Regels

3

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels

Begrippen

plan:

het bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg NL.IMRO.0243.BP00302-0002 van de gemeente Harderwijk; 1.2

49

met

identificatienummer

be ste mmingsplan:

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3

aanduiding:

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4

aanduidingsgre ns:

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5

aan huis ve rbonde n be roe p:

een (para)medisch, juridisch, administratief, therapeutisch, ontwerp-technisch, adviesgevend, of daarmee gelijk te stellen dienstverlenend beroep, alsmede gastouderopvang, dat in een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.6

aan- of uitbouw:

een onderdeel van een hoofdgebouw dat in bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan de hoofdvorm; 1.7

achte re rf:

het deel van het bouwperceel dat is gelegen achter de gronden die zijn aangeduid als 'specifieke bouwaanduiding - hoofdgebouw', of het verlengde daarvan; 1.8

ande r we rk:

een werk, geen bouwwerk zijnde; 1.9

be bouwing:

één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.10

be bouwingspe rce ntage :

het in de regels aangegeven percentage dat de grootte aangeeft van het deel van het bouwperceel dat ten hoogste mag worden bebouwd; 1.11

be d- e n bre akfast:

een kleinschalige overnachtingsaccommodatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en veelal kortdurend verblijf met het serveren van ontbijt, waarbij de bed & breakfast ondergeschikt is aan de hoofdfunctie wonen; 1.12

be pe rkt kwe tsbaar obje ct:

een object waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een richtwaarde voor het risico c.q. een risicoafstand is bepaald waarmee rekening moet worden gehouden;

4

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

1.13

be staand

a. bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaat of wordt gebouwd, dan wel nadien kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, waarvoor de aanvraag voor het tijdstip van inwerkingtreding is ingediend, tenzij in de regels anders is bepaald; b. bij gebruik: het gebruik dat op het moment van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaat en in overeenstemming is met het voorheen geldend planologische regime; 1.14 be ste mmingsgre ns: de grens van een bestemmingsvlak; 1.15

be ste mmingsvlak:

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.16

bijbe hore nd bouwwe rk

uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak; 1.17

bouwe n:

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.18

bouwgre ns:

de grens van een bouwvlak; 1.19

bouwpe rce e l:

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.20

bouwpe rce e lgre ns:

de grens van een bouwperceel; 1.21

bouwvlak:

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.22

bouwwe rk:

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.23

de tailhande l:

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ter verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.24

e rf:

al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw;

5

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

1.25

e rfgre ns:

de grens van een erf; 1.26 erk er: een uitbouw met ramen aan een woning, die buiten de gevel uitsteekt; 1.27

ge bouw:

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.28

ge zame nlijk ge bruiksoppe rvlak

de gebruiksoppervlakte van een gebouw zoals bedoeld en bepaald in de NEN 2580; 1.29

ge luidwe re nde voorzie ning

een al dan niet gebouwde voorziening die geluid vanwege een geluidbron in het kader van de Wet geluidhinder vermindert; 1.30

hoofdge bouw:

gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.31

houtopstande n:

waardevolle beplantingselementen in de vorm van houtwallen, houtsingels, hagen, (gerief)bosjes, boomgroepen, solitaire monumentale en waardevolle bomen, weg- en erfbeplanting; 1.32

maatvoe ringsvlak:

een als zodanig aangegeven vlak ten behoeve van het indelen van een bouwvlak of bouwperceel met het oog op een verschil in maatvoering; 1.33

mante lzorg:

zorg aan een ieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten enig organisatorisch verband; 1.34

mante lzorgunit:

een verplaatsbare en herbruikbare unit die wat ligging en uitstraling betreft een ruimtelijke eenheid vormt met de woning en waarin een gedeelte van de huishouding uit een oogpunt van mantelzorg gehuisvest is; 1.35

pe il:

a. voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. bij het ontbreken van een hoofdgebouw: vanaf het aansluitend afgewerkt terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven; 1.36 rug-aan-rug-woning: een woning waarbij de achtergevel gedeeld wordt met een andere woning;

6

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

1.37

se ksinrichting:

de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Hieronder wordt in elk geval verstaan een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, een seksbioscoop, sekstheater of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.38 veranda: een aanbouw aan een woning, bestaande uit een afdak steunend op palen zonder tot de constructie behorende wanden; 1.39

voore rf:

erf dat geen onderdeel is van het achtererf of zijerf; 1.40

voorge ve lbouwgre ns:

het naar de weg gekeerde deel van de bouwgrens; 1.41

voorge ve lrooilijn:

de denkbeeldig doorgetrokken lijn van het naar de weg gekeerde deel van het bouwvlak ter plaatse van de voorgevel van het hoofdgebouw, dan wel de ligging van de bouwvlakken op de verbeelding indien geen hoofdgebouw aanwezig is; 1.42

woning:

een voor wonen bestemd gebouw, bestaande uit een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden; 1.43

zije rf:

het deel van het bouwperceel dat is gelegen naast de woning tussen de voorgevelbouwgrens en de daarachter gelegen grens van het vlak met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - hoofdgebouw', of de verlengden daarvan tot aan de zijdelingse bouwperceelgrens. Waar in dit plan wordt verwezen naar wettelijke regelingen wordt geduid op die regelingen, zoals zij luidden op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan.

7

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Artikel 2

Wijze van m eten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

de bouwhoogte van e e n bouwwe rk:

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen zoals schoorstenen, antennes, liftkokers en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.2

de goothoogte van e e n bouwwe rk:

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.3

de oppe rvlakte van e e n bouwwe rk:

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.4

de inhoud van e e n bouwwe rk:

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van de daken en dakkapellen; 2.5

de afstand tot de zijde lingse bouwpe rce e lgre ns:

vanaf de bouwperceelgrens tot enig punt van een gebouw; 2.6

wijze van me te n:

Tenzij anders bepaald, worden de afstanden loodrecht gemeten. Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen binnen bouwvlakken of bestemmingsvlakken worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken, trapportalen en hellingbanen buiten beschouwing gelaten, mits de bouw- c.q. bestemmingsgrens, dan wel de rooilijn met niet meer dan 0,25 m wordt overschreden, met dien verstande dat ten aanzien van trapportalen en hellingbanen de overschrijding niet meer dan 2,5 m mag bedragen.

8

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Groen

Be ste mmingsomschrijving

De voor Groen aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. voet- en fietspaden; c. bermen en beplantingen; d. speelvoorzieningen; e. waterlopen, waterpartijen en waterbergingen; f. nutsvoorzieningen; g. de ontsluitingsweg van de vrijstaande woning, alsmede hulpdiensten/calamiteitenverkeer; h. geluidwerende voorzieningen ter plaatse van de aanduiding 'geluidsscherm'; i. houtwal ter plaatse van de aanduiding 'houtwal'. 3.2 Bouwre ge ls

ontsluiting

voor

Op deze gronden zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toegestaan waarvan de bouwhoogte niet meer dan 4 m mag bedragen, met dien verstande dat de hoogte van geluidwerende voorzieningen niet meer mag bedragen dan 4,50 meter.

9

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Artikel 4 4.1

Wonen

Be ste mmingsomschrijving

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woningen; b. tuinen, erven en terreinen; c. nutsvoorzieningen; d. groenvoorzieningen; e. waterlopen, waterpartijen en waterbergingen; f. speelvoorzieningen; g. voet- en fietspaden; h. parkeervoorzieningen; i. woonstraten en wegen met een buurtontsluitende functie; j. verkeersvoorzieningen, waaronder afscheidingen, lichtmasten, verkeersborden, voorzieningen voor de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer.

alsmede

Onder wonen is mede begrepen: k. het uitoefenen van het aan huis verbonden beroep; l. bed & breakfast. 4.2 Bouwre ge ls a. Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van wonen gelden de volgende regels: 1. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat hoofdgebouwen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding hoofdgebouw' mogen worden gebouwd; 2. uitsluitend bij de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - bijbehorend bouwwerk' mag per woning één bijbehorend bouwwerk van ten hoogste 7 m² en een maximale hoogte van 3 m voor de voorgevelrooilijn, dan wel tegen de zijgevel van de woning worden gebouwd; 3. uitsluitend bij de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - veranda' mag per woning een veranda worden gebouwd met een maximale diepte van 2 m voor de voorgevelrooilijn over de gehele voorgevelbreedte; 4. het aantal woningen mag niet meer bedragen dan het aangegeven aantal woningen ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; 5. de oppervlakte van een vrijstaande woning mag niet meer bedragen dan 150 m²; 6. per afzonderlijk bouwperceel gelden de volgende regels: a.

ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' mogen de bouw- en goothoogten niet meer bedragen dan de aangegeven hoogten, met dien verstande dat voor maximaal 20% van de rug-aan-rug woningen de goothoogte maximaal 7 m mag bedragen; b. de bouw- en goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 6 m, respectievelijk 3 m; c. het bebouwingspercentage van het achtererf mag niet meer bedragen dan 50%; d. het bebouwde oppervlakte van het achtererf mag niet meer bedragen dan 50 m²; e. op het zijerf is de oprichting van een bijbehorend bouwwerk toegestaan, mits: de goot- en bouwhoogten niet meer bedragen dan respectievelijk 3 m en 6 m, met dien verstande dat voor vrijstaande bijbehorende bouwwerken de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 5 meter; de oppervlakte niet meer bedraagt dan 25 m²; de afstand tot de voorgevelbouwgrens niet minder dan 1 m bedraagt; 7. in afwijking van het gestelde in lid 1 is, met uitzondering van de gronden met de aanduiding

10

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

'specifieke bouwaanduiding - rug aan rug' en 'specifieke bouwaanduiding - bebo', een erker voor de voorgevelbouwgrens toegestaan, met dien verstande dat de erker: a. geen grotere bouwdiepte mag hebben dan 1,5 m; b. geen grotere goothoogte mag hebben dan 3 m; c. geen grotere breedte mag hebben dan 75% van de voorgevelbreedte van de woning waartoe zij behoort; d. niet tot gevolg mag hebben dat de afstand van de woning tot aan de weg gelegen perceelsgrens minder dan 2 m bedraagt. b. Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van verkeers- en verblijfsdoeleinden en nutsvoorzieningen gelden de volgende regels: 1. de inhoud bedraagt per gebouw niet meer dan 50 m³; 2. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan 3 m. c. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de regel dat de bouwhoogte niet meer dan 3 m mag bedragen, met dien verstande dat: 1. bijbehorende bouwwerken worden gebouwd binnen het bouwvlak, met dien verstande dat deze geen grotere oppervlakte mogen hebben dan 25 m²; 2. de bouwhoogte van bouwwerken ten behoeve van verkeers- en verblijfsdoeleinden en nutsvoorzieningen, niet meer mag bedragen dan 6 m; 3. erfafscheidingen voor de voorgevel geen grotere hoogte mogen hebben dan 1 m en voor het overige geen grotere hoogte mogen hebben dan 2 m; 4. masten geen grotere hoogte mogen hebben dan 6 m; 5.

de bouwhoogte van speeltoestellen in openbaar gebied niet meer mag bedragen dan 4 m en voor het overige niet meer dan 3 m. 4.3 Voorwaarde lijke ve rplichting a. Het bouwen van woningen als bedoeld in lid 4.1, sub a ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone trillingshinder' is uitsluitend toegestaan indien uit een dynamische berekening van de trillingssterkte blijkt dat tenminste de streefwaarden voor Wonen nieuwe situatie, zoals bedoeld in Richtlijn deel B van Stichting Bouwresearch, niet worden overschreden. b. In afwijking van het bepaalde sub a is het bouwen van woningen als bedoeld in lid 4.1, sub a ook toegestaan op voorwaarde dat alle doelmatige en kosteneffectieve maatregelen om de trillingssterkte te verminderen worden getroffen en uit een dynamische berekening blijkt dat tenminste de streefwaarden voor Wonen in bestaande situatie, zoals bedoeld in Richtlijn deel B van Stichting Bouwresearch, niet worden overschreden. 4.4 Afwijke n van de bouwre ge ls 4.4.1

Mantelzorg

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.2 sub a ten behoeve van mantelzorg voor een grotere gezamenlijke oppervlakte aan gebouwen, met dien verstande dat: a. mantelzorg in vrijstaande bijgebouwen niet is toegestaan, met dien verstande dat dit wel is toegestaan in een voor de mantelzorg geplaatste unit; b. de uitbreiding op zij- en/of achtererf niet meer bedraagt dan 50 m²; c. de afwijking geldt voor een periode van maximaal 5 jaar. Deze kan na afloop tekens worden verlengd met een periode van maximaal 5 jaar. 4.5 Nade re e ise n Het bevoegd gezag kan met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: a. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;

11

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

b. het bebouwingsbeeld; c. de verkeersveiligheid; nadere eisen stellen aan: a. de plaats van de gebouwen waarvan de maximaal toegestane bouwhoogte 3 m bedraagt; b. de plaats van gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen en verkeers- en verblijfsdoeleinden; c. de plaats van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met een grotere horizontale oppervlakte dan 6 m² en/of een grotere bouwhoogte dan 1,5 m. 4.6 Spe cifie ke ge bruiksre ge ls 4.6.1

Strijdig gebruik

Onder gebruik in strijd met de bestemming wordt in ieder geval verstaan: a. het bewonen van vrijstaande gebouwen, niet zijnde woningen; b. het bewonen van woningen, indien niet is voorzien in een geluidwerende voorziening met een minimale hoogte van 4 meter zoals bedoeld in artikel 3.1. 4.6.2 Aan huis verbonden beroep Onder wonen is het uitoefenen van het aan huis verbonden beroep mede begrepen, met dien verstande dat niet meer dan 40% van het gezamenlijke gebruiksoppervlak van de tot een bouwperceel behorende gebouwen, niet zijnde vrijstaande bijgebouwen, tot een maximum van 75 m² voor het aan huis verbonden beroep mag worden gebruikt. 4.6.3 Bed & break fast a. Onder wonen is bed & breakfast mede begrepen, met dien verstande dat: 1. de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 2. het een kleinschalige verblijfsaccommodatie betreft met maximaal 7 slaapkamers, die deel uitmaakt van een woning of bijbehorende bouwwerken; 3. het een ondergeschikte nevenactiviteit ten opzichte van de functie wonen betreft, waarbij het gebruik beperkt is tot 40% van het gebruiksoppervlak van de woning met een maximum van 100 m²; 4. de recreatieve nevenactiviteit geen afbreuk mag doen aan de woonfunctie. 5.

voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein, uitgaande van de parkeernormen zoals opgenomen in de meest recent vastgestelde Parkeernormennota Harderwijk. 4.6.4 Cumulatie Het gezamenlijk oppervlak dat wordt gebruikt voor een aan huis verbonden beroep en bed & breakfast, zoals bedoeld in artikel 4.6.2 en 4.6.3 mag niet meer bedragen dan 40% van het gezamenlijke gebruiksoppervlak van de woning en bijbehorende bouwwerken.

12

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Artikel 5 5.1

Leiding - Gas

Be ste mmingsomschrijving

De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de aanleg en instandhouding van ondergrondse hoge druk gastransportleidingen (inclusief voorzieningen) met de daarbij behorende belemmeringenstroken. 5.2

Voorrangsbe paling

De regels van deze dubbelbestemming gelden primair ten opzichte van de regels van iedere andere bestemming, waarmee deze dubbelbestemming samenvalt. 5.3

Bouwre ge ls

In afwijking van hetgeen elders in deze regels is bepaald, geldt dat op of in de in lid 5.1 bedoelde gronden uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de leiding(en) mogen worden gebouwd. Overige gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn niet toegestaan uit oogpunt van externe veiligheid en energieleveringszekerheid. 5.4

Afwijke n van de bouwre ge ls

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.3 en toestaan dat de in de andere voor die gronden aangewezen bestemmingen genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, indien de veiligheid van de betrokken leiding niet wordt geschaad en vooraf schríftelijk advies is ingewonnen bij de betrokken leidingexploitant. Een omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen kwetsbare objecten worden toegelaten. 5.5

Spe cifie ke ge bruiksre ge ls

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: het opslaan van goederen, met uitzondering het opslaan van goederen t.b.v. van inspectie en onderhoud van de gastransportleiding; het wijzigen van het gebruik van bestaande gebouwen, indien daardoor een kwetsbaar object wordt toegelaten. 5.6 Omge vingsve rgunning voor he t uitvoe re n van e e n we rk, ge e n bouwwe rk zijnde , of van we rkzaamhe de n a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: 1. het aanbrengen en rooien van diepwortelende beplantingen en bomen; 2. het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; 3. het indrijven van voorwerpen in de bodem, zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; 4. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; 5. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren. b. Het verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden: 1. die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan;

13

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

2. die het normale beheer en onderhoud ten aanzien van de leiding en belemmeringenstrook of ten aanzien van de functies van de andere voorkomendebestemming(en) betreffen; 3. zijnde graafwerkzaamheden als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken; 4. die mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning. 5.7

Voorwaarde n

a. Een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden kan worden verleend indien de betreffende werken en/of werkzaamheden de belangen van de leiding niet schaden. b. Alvorens te beslissen op een aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in 5.6 onder a, wint het bevoegd gezag schríftelijk advies in bij de leidingbeheerder omtrent de vraag of door de voorgenomen werken of werkzaamheden de belangen van de leiding niet worden geschaad en welke voorwaarden gesteld dienen te worden om eventuele schade te voorkomen.

14

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Hoofdstuk 3 Artikel 6

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

15

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Artikel 7

Algem ene gebruiksregels

1. Het is verboden gronden en/of bouwwerken te (laten) gebruiken op een wijze of tot een doel, strijdig met de gegeven bestemming(en); 2. Onder strijdig gebruik als bedoeld in artikel 2.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval verstaan het (laten) gebruik(en) van de gronden ten behoeve van een seksinrichting tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald.

16

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Artikel 8

Algem ene afw ijkingsregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van de regels in deze planregels ten aanzien van de volgende onderwerpen: a. de bouw van niet voor bewoning bestemde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met een oppervlakte van ten hoogste 25 m², een inhoud van ten hoogste 70 m³ en een hoogte van maximaal 5 m, ten dienste van openbaar nut, zoals schakelhuisjes, transformatorhuisjes, wachthuisjes, straatmeubilair, telefooncellen en kabelverdeelkasten; b. de bouw van balkons, luifels, bordessen, pergola's en dergelijke bouwwerken, met dien verstande dat balkons geen grotere diepte mogen hebben dan 1,50 m; c. het bouwen van antennes waarvan de bouwhoogte ten hoogste 25 m mag bedragen; d. het veranderen van de voorgeschreven maatvoering met ten hoogste 10%, met dien verstande dat deze regel niet wordt toegepast in samenloop met een bijzondere afwijkingsregel.

17

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Hoofdstuk 4 Artikel 9 9.1

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

Ove rgangsre cht bouwwe rke n

a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a. een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a. met maximaal 10 %. c. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.2 Ove rgangsre cht ge bruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b.

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

18

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Artikel 10 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van.................... voorzitter, griffier,

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=93094f62-f233-4d4a-8de1-d70a68be44b0