CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Buitengebied - Lage Enkweg naast 35_Bijlagen.pdf

Raadsvergadering 18 februari 2021, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Buitengebied - Lage Enkweg, naast 3522.977 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De nesten van deze vogels zijn dan ook niet jaarrond beschermd. Opgemerkt wordt dat de locatie in het broedseizoen geschikt is als broedlocatie voor diverse (niet jaarrond beschermde) vogelsoorten.

5.3

Grondgebonden zoogdieren

De NDFF maakt melding van de boommarter en eekhoorn binnen een straal van een kilometer rond de onderzoekslocatie. De boommarter komt in allerlei soorten bosgebied voor. De rustplaatsen worden voornamelijk aangetroffen in boomholtes, konijnen-, vossen- of dassenholen, tussen boomwortels of onder takkenbossen. De nestplaatsen van de boommarter wordt met name in oude spechten- of eekhoornholen, inrottingsholten en soms in gebouwen die aan het rand van een bos liggen aangetroffen (Zoogdiervereniging). De onderzoekslocatie kan mogelijk onderdeel uitmaken van het Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 16 van 23

Reest

leefgebied van de boommarter. Er zijn echter geen schuilmogelijkheden binnen de onderzoekslocatie aanwezig. Daarnaast zijn er geen bomen binnen de onderzoekslocatie aanwezig. Een vaste verblijfplaats van de boommarter kan dan ook worden uitgesloten van de onderzoekslocatie. De eekhoorn is een echte boombewoner. Eekhoorns komen met name voor in bosgebieden, maar tevens in tuinen, parken en houtwallen in de buurt van bosgebied. Het voorkeurshabitat van de eekhoorn gaat uit naar een ouder bos, omdat het voedselaanbod en nestgelegenheid hier hoger is. De nesten bevinden zich vaak in boomtoppen en worden doorgaans zelf gebouwd, maar ook worden boomholten, oude kraaien- of eksternesten gebruikt (Zoogdiervereniging). De onderzoekslocatie kan mogelijk onderdeel uitmaken van het leefgebied van de eekhoorn. Er zijn echter geen schuilmogelijkheden binnen de onderzoekslocatie aanwezig. Daarnaast zijn er geen bomen binnen de onderzoekslocatie aanwezig. Een vaste verblijfplaats en of nestplaatsen van de eekhoorn kunnen dan ook worden uitgesloten van de onderzoekslocatie. Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen aangetroffen van grondgebonden zoogdieren ter plaatse van de onderzoekslocatie. Hierbij wordt overigens opgemerkt dat sporen van kleine zoogdieren in vegetatie lastig zichtbaar zijn.

Gelet op het habitattype zou de onderzoekslocatie en directe omgeving, onderdeel kunnen uitmaken van het leefgebied van algemene zoogdieren zoals diverse algemene muizensoorten en de mol. Deze algemene verwachte diersoorten zijn aangemerkt als vrijgestelde soorten of soorten die alleen onder de zorgplicht vallen waarvoor in het kader van bestendig beheer, bestendig gebruik, onderhoud aan infrastructuur of ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling geldt. Dit houdt in dat in het kader van de Wet natuurbescherming geen ontheffing noodzakelijk is voor het uitvoeren van de voorgenomen werkzaamheden. Daarnaast worden populaties van bovengenoemde soorten niet in gevaar gebracht. Het zal voornamelijk gaan om verstoring van individuen.

5.4

Vleermuizen

In de omgeving van de onderzoekslocatie is de volgende vleermuissoort bekend uit de NDFF: gewone dwergvleermuis. De gewone dwergvleermuis is een soort die veel in de bebouwde omgeving te vinden is. Jaarrond maken ze gebruik van gebouwen waarbij de verblijfplaatsen zich bevinden in spouwmuren, achter gevelbetimmering, daklijsten en vensterluiken, onder dakpannen, spleten en nissen in muren. Paarverblijfplaatsen en verblijfplaatsen van individuele dieren worden ook wel in bomen aangetroffen (Dietz et al., 2011). 5.4.1

Verblijfplaatsen Door het ontbreken van gebouwen en bomen ter plaatse van der onderzoekslocatie is de aanwezigheid van verblijfplaatsen van zowel gebouwbewonende soorten als boombewonende soorten vleermuizen uitgesloten.

5.4.2

Vliegroute

De straten en bomenrijen in de omgeving vormen lijnvormige elementen die als vliegroute kunnen worden gebruikt door vleermuizen. Binnen de onderzoekslocatie zijn geen lijnvormige elementen aanwezig. De aanwezigheid van vliegroutes binnen de onderzoekslocatie kan worden uitgesloten. Er zullen tijdens de werkzaamheden eveneens geen vliegroutes in de omgeving worden aangetast.

Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 17 van 23

5.4.3

Reest

Foerageergebied

Mogelijk maakt de onderzoekslocatie deel uit van het foerageergebied van in de omgeving voorkomende soorten vleermuizen. Daar de geplande werkzaamheden overdag plaatsvinden en de locatie en omgeving na ontwikkeling voldoende geschikt zullen blijven als foerageergebied is verder onderzoek naar het voorkomen van foerageergebieden van vleermuizen niet noodzakelijk. Daarnaast blijft er voldoende soortgelijk foerageergebied voorhanden rondom de onderzoekslocatie.

5.5

Amfibieën en reptielen

De NDFF maakt melding van de levendbarende hagedis en zandhagedis binnen een straal van een kilometer rond de onderzoekslocatie. Het voorkeurshabitat van de levendbarende hagedis bestaat uit heide en hoogveen. Daarnaast komt de soort voor in open bossen, ruige graslanden en in bermen van (spoor)wegen. De levendbarende hagedis is een vochtminnende soort die in de genoemde landschapstypen veel wordt aangetroffen op oever en vochtige terreindelen. Verblijfplaatsen tijdens de winterslaap bevinden zich voornamelijk in grote graspollen, oude zoogdierenholen en onder boomstronken (Ravon). Tijdens het veldbezoek is de levendbarende hagedis niet aangetroffen. Vanuit waarnemingen in de NDFF uit de omgeving is bekend dat de levendbarende hagedis is aangetroffen rondom de spoorlijn en A28 ten zuiden van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie beschikt niet over geschikte schuilmogelijkheden en habitatseisen voor de levendbarende hagedis. Verblijfplaatsen kunnen dan ook worden uitgesloten van de onderzoekslocatie. De zandhagedis is een soort die voornamelijk voorkomt in duin- en heidegebieden. De verspreiding van de zandhagedis is gebonden aan de hogere zandgronden, met name rondom de ligging van stuwwallen, kust- en rivierduingordels. De kerngebieden waar de zandhagedis wordt aangetroffen zijn de kustduinen en de Veluwe.

De soort wordt hier voornamelijk aangetroffen in droge struikheideterrein of in open struweelduin. De eieren worden begraven op zonnige, onbegroeide zandige plaatsen (Ravon). Tijdens het veldbezoek is de zandhagedis niet aangetroffen. Vanuit waarnemingen in de NDFF uit de omgeving is bekend dat de zandhagedis is aangetroffen rondom de spoorlijn en A28 ten zuiden van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie beschikt niet over geschikte schuilmogelijkheden en habitatseisen voor de zandhagedis. Verblijfplaatsen kunnen dan ook worden uitgesloten van de onderzoekslocatie. Tijdens het veldbezoek zijn geen amfibieën waargenomen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Mogelijk is er wel sprake van incidentele verblijfplaatsen (landhabitat) van algemeen voorkomende amfibieën (bijvoorbeeld bruine kikker en gewone pad). De algemeen verwachte diersoorten zijn aangemerkt als vrijgestelde soorten waarvoor in het kader van bestendig beheer, bestendig gebruik, onderhoud aan infrastructuur of ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling geldt. Dit houdt in dat in het kader van de Wet natuurbescherming geen ontheffing noodzakelijk is voor het uitvoeren van de voorgenomen werkzaamheden. Daarnaast worden populaties van bovengenoemde soorten niet in gevaar gebracht. Het zal voornamelijk gaan om verstoring van individuen.

5.6

Vissen

Omdat er op de onderzoekslocatie geen permanent watervoerende elementen aanwezig zijn, kan de aanwezigheid van vissen worden uitgesloten.

Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 18 van 23

5.7

Reest

Overige soorten

Door het ontbreken van sleutelfactoren zoals waardplanten speelt onderhavig onderzoekslocatie geen cruciale rol voor plaatselijke beschermde vlinderpopulaties. Omdat er op de onderzoekslocatie geen geschikte permanent watervoerende elementen aanwezig zijn, kan de aanwezigheid van beschermde libellen worden uitgesloten. Tijdens het veldbezoek zijn geen algemene diersoorten uit de overige soortgroepen aangetroffen. Zeldzame, beschermde of Rode Lijstsoorten zijn niet aangetroffen tijdens het veldbezoek. Belangrijke reden hiervoor is dat ter plaatse geen geschikt habitat aanwezig is voor deze soorten. De overige in de Wet natuurbescherming opgenomen ontheffingsplichtige soorten zijn dusdanig zeldzaam en grotendeels gebonden aan specifieke biotopen zoals heide, hoogveen, laagveen en beken, dat het onwaarschijnlijk is dat de onderzoekslocatie voor deze soorten een functie vervult.

5.8

Stikstofdepositie

Toetsingskader Emissie van stikstofoxiden ontstaat onder andere door verbranding van fossiele brandstoffen bij stook van cv-installaties of in het verkeer. De stikstof slaat in het plangebied en ruime omgeving neer (stikstofdepositie) en kan verzurende en vermestende effecten hebben op Natura 2000-gebieden. Deze gebieden zijn aangewezen onder de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn en de bescherming ervan is verankerd in de Wet natuurbescherming (Wnb). De Wnb (art. 2.7) verplicht vooraf te beoordelen of plannen/projecten in of in de nabijheid van Natura 2000-gebieden (significant) negatieve effecten kunnen hebben. Met het rekenmiddel AERIUS Calculator (versie 2019) wordt de te verwachten depositie van stikstof (NOx) van emissiebronnen berekend. Voor ontwikkelingen waarbij géén sprake is van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden is geen natuurvergunning nodig. In dat geval kan het plan worden vastgesteld en uitgevoerd zonder verdere vervolgstappen met betrekking tot Natura 2000gebieden. Voor ontwikkelingen waarbij de depositie ^,00 mol/ha/jaar is, zijn significant negatieve effecten niet op voorhand uitgesloten en zijn vervolgstappen zoals een nadere ecologische beoordeling, saldering en/of een vergunning nodig.

Uitgangspunten berekeningen Voor de voorgenomen ontwikkeling zijn drie bronnen van stikstofoxiden relevant: bebouwing, verkeersbewegingen (transport bouwmaterialen en het toekomstig gebruik) en mobiele werktuigen voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden. Daarbij is onderscheid te maken tussen emissie afkomstig van de toekomstige situatie (gebruiksfase) en van de tijdelijke werkzaamheden (aanlegfase). Deze twee situaties zijn afzonderlijk doorgerekend. Hieronder zijn de uitgangspunten voor de berekeningen beschreven. Gebruiksfase ^ De nieuwbouw heeft geen gasaansluiting en wordt voorzien van zonnepanelen en een warmtepomp. Er is zodoende geen sprake van stikstofemissie als gevolg van de nieuwbouw. » Voor het toekomstige verkeer is gebruik gemaakt van de kencijfers van het CROW (2018). Voor de woning is uitgegaan van de maximale verkeersgeneratie van 8,6 autoritten per etmaal voor een vrijstaande woning. Dit aantal verkeersbewegingen is als licht verkeer gekoppeld aan een lijnbron binnen de bebouwde kom. Hierbij zijn de standaardwaarden aangehouden die AERIUS hanteert voor de emissie en uitstoothoogte. De lijnbron is vanaf het plangebied via de Lage Enkweg, Duinweg, Molenweg tot de Zuiderzeestraatweg ingetekend. Vanaf dit punt gaat het extra verkeer op in het heersende verkeersbeeld.

Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 19 van 23

Reest

Aanlegfase ^ De emissie afkomstig van de mobiele werktuigen is op basis van de draaiurenmethode (RIVM, 2019) berekend. De in te zetten type machines, het vermogen en het aantal draaiuren zijn overgenomen uit inzetlijsten van vergelijkbare bouwprojecten. Voor de emissiefactor is uitgegaan van machines met een bouwjaar vanaf 2015. Daarbij zijn de standaardwaarden aangehouden die AERIUS geeft voor de belasting, emissiefactor en uitstoothoogte. Op basis van deze gegevens komt de totale emissie van mobiele machines neer op 2,28 kg NOx (zie tabel 5.1). De emissie afkomstig van de mobiele machines is gekoppeld aan een vlakbron op de locatie van de nieuwbouw. Voor de uitstoothoogte en spreiding is vier meter aangehouden. Tabel 5.1. Emissie a.g.v. inzet mobiele machines. G Werkzaamheden

Machine

Bouwen

graafmachine

B

W

EF

Factor

Emissie

Uitvoeringsduur Belasting Vermogen Emissiefactor Omrekenfactor Emissie (kW) (uren) (gr/kWh) (gr-kg) (kg NOx/jr) (“/o)

8 8

60/

375

0,36

heistelling

60/

250

0,36

mobiele kraan

40

50/

122

0,36

manitou

20

60/

75

0,36

0,001 0,001 0,001 0,001

Totale emissie bouw

0,648 0,432 0,8784 0,324

2,28

» Vanwege het personeel en transport (machines en bouwmaterialen) zijn in de berekening verkeersbewegingen meegenomen. Voor het aantal vrachtbewegingen is aangenomen dat (worst case) om de dag een vrachtwagen van en naar het plangebied rijdt (100 dagen*2 verkeersbewegingen: 200 verkeersbewegingen). Voor het personeel is er vanuit gegaan dat dagelijks twee man personeel aanwezig is. Worst case is uitgegaan dat de personeelsleden met eigen auto komen. Dit resulteert in 800 verkeersbewegingen (200 werkdagen*2 man* verkeersbewegingen) gedurende het bouwjaar. Het aantal verkeersbewegingen is in tabel 5.2 weergegeven. » De verkeersaantallen zijn per categorie (licht/zwaar verkeer) als jaartotaal gekoppeld aan een lijnbron in de categorie wegverkeer, buitenweg. Hierbij zijn de standaardwaarden gehanteerd die AERIUS geeft voor de emissiefactor en uitstoothoogte. De lijnbron is vanaf het plangebied via de Lage Enkweg, Duinweg, Molenweg tot de Zuiderzeestraatweg ingetekend. Vanaf dit punt gaat het werkverkeer op in het heersende verkeersbeeld. Tabel 5.2. Aantal en type verkeersbewegingen a.g.v. aanlegfase. Type verkeer

Voertuigbewegingen (jaartotaal)

Personenauto's 800 autoritten (licht verkeer) Vrachtwagens 200 autoritten (zwaar verkeer)

Uitgangspunt

Uitgaand van dagelijks twee man personeel gedurende 200 bouwdagen Uitgaand van 1 vrachtwagen per 2 dagen, gedurende 200 bouwdagen

De berekeningen voor de aanleg- en de gebruiksfase zijn - gezien de vroegst mogelijke start en uitvoeringsduur - beiden voor het rekenjaar 2020 uitgevoerd. Rekenresultaten en conclusie Uit de AERIUS-berekeningen voor het beschouwde plan komt naar voren dat, zowel in de aanlegfase als de gebruiksfase, géén sprake is van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden ^0,00 mol/ha/jr). De AERIUS-berekeningen voor de aanleg- en gebruiksfase zijn respectievelijk als bijlage 2 en 3 toegevoegd. Het beoogde plan voor nieuwbouw aan de Lage Enkweg 35 te Hierden heeft daarmee géén negatief effect als gevolg van stikstofdepositie op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden. Voor de uitvoering van het plan geldt ten aanzien van het aspect stikstof geen vergunningplicht in het kader van de Wet natuurbescherming.

Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 20 van 23

Reest

6. SAMENVATTING EN CONCLUSIE 6.1

Samenvatting

In opdracht van Witpaard B.V. is door Eco Reest BV een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd ter plaatse van de Lage Enkweg 35 te Hierden. Aanleiding tot het onderzoek is de voorgenomen nieuwbouw van een vrijstaande woning binnen de onderzoekslocatie. Doel van de quickscan Wet natuurbescherming is inzicht verkrijgen in de mogelijke effecten op de lokaal aanwezige beschermde natuurwaarden als gevolg van de beoogde ontwikkeling.

6.2

Conclusie gebiedsbescherming

De plangebied ligt buiten de begrenzing van Natura 2000-gebieden. De afstand tussen de onderzoekslocatie en het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied (Veluwe) bedraagt circa een kilometer. Gezien de afstand en de lokale aard en omvang van het plan zijn negatieve effecten - met uitzondering van stikstofdepositie - op voorhand uitgesloten. Uit de stikstofberekening blijkt dat het plan zowel in de aanleg- als de gebruiksfase geen stikstofdepositie van meer dan 0,00 mol/ha/jr op Natura 2000-gebieden veroorzaakt. Het beoogde plan voor nieuwbouw aan de Lage Enkweg 35 te Hierden heeft daarmee géén negatief effect als gevolg van stikstofdepositie op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden. Het plangebied ligt buiten de begrenzing van het Natuurnetwerk Nederland. Gezien de ruime afstand (ca. 1 km), het tussenliggende afschermende gebied en de lokale aard en beperkte omvang van de voorgenomen ontwikkeling is geen sprake van aantasting van wezenlijke waarden en kenmerken van het NNN. Vervolgstappen ten aanzien van het NNN zijn niet aan de orde.

6.3

Conclusie soortenbescherming

Binnen de onderzoekslocatie zijn geen jaarrond beschermde nesten van vogels als beschreven in de Wet natuurbescherming aangetroffen. Daarnaast zijn er geen beschermde soorten of potentiële nest- of verblijfplaatsen voor beschermde, ontheffingsplichtige soorten aangetroffen. De overige te verwachten diersoorten zijn aangemerkt als vrijgestelde soorten waarvoor in het kader van bestendig beheer, bestendig gebruik, onderhoud aan infrastructuur of ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling geldt. Dit houdt in dat in het kader van de Wet natuurbescherming geen ontheffing noodzakelijk is voor het uitvoeren van de voorgenomen werkzaamheden. Daarnaast worden populaties van bovengenoemde soorten niet in gevaar gebracht. Het zal voornamelijk gaan om verstoring van individuen. In het weiland kunnen algemene vogelsoorten tot broeden komen. Alle in gebruik zijnde vogelnesten zijn beschermd. Voor het broedseizoen wordt geen standaard periode gehanteerd, van belang is of er een broedgeval aanwezig is. Globaal loopt het broedseizoen van vogels van 1 maart tot 1 september. Dit is afhankelijk van de soort en van de klimatologische omstandigheden.

6.4 6.4.1

Aanbevelingen en advies Nader onderzoek soortenbescherming

Het kan worden uitgesloten dat er verblijfplaatsen en Z of nestplaatsen van beschermde soorten aanwezig zijn binnen de onderzoekslocatie. Een ontheffing voor de soortenbescherming is daarom niet nodig. Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 21 van 23

6.4.2

Reest

Broedvogels

Opgemerkt wordt dat de locatie in het broedseizoen tevens geschikt is als broedlocatie voor diverse (niet jaarrond beschermde) vogelsoorten. Alle in aanbouw en in gebruik zijnde nesten zijn beschermd. Indien de werkzaamheden binnen het broedseizoen plaatsvinden wordt geadviseerd om voortijdig broedgevallen te voorkomen. Denk hierbij aan het preventief maaien van het weiland. 6.4.3

Zorgplicht Wij merken op dat te allen tijde de zorgplicht blijft gelden. Deze zorgplicht houdt in dat nadelige gevolgen voor flora en fauna zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. Deze zorg geldt voor alle individuen van in Nederland voorkomende soorten planten en dieren, ongeacht of deze soort beschermd is en ongeacht of ontheffing of vrijstelling is verleend.

6.5

Verantwoording

De initiatiefnemer of opdrachtgever is verantwoordelijk voor het gebruik van de rapportage. Eco Reest aanvaardt dan ook geen aansprakelijkheid voor de inhoud, interpretaties of conclusies, indien gebruik wordt gemaakt van deelaspecten van deze rapportage, zonder verwijzing naar de volledige rapportage. Bovendien aanvaardt Eco Reest geen aansprakelijkheid voor kosten en vertraging die optreden als gevolg van het voorkomen van beschermde flora en fauna. Eco Reest BV S. Nap BSc

Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 22 van 23

Reest

LITERATUURLIJST Boeken | documenten BIJ 12 (2017). Kennisdocument Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipistrellus. Versie 1.0, juli 2017. Broekhuizen, S., Spoelstra, K., Thissen, J.B.M., Canters, K.J. & Buys, J.C. (2016). Atlas van de Nederlandse zoogdieren. - Natuur van Nederland 12. Naturalis Biodiversity Center & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden. Leiden. Broekmeyer, M.E.A. et al. (2014). Update effectenindicator Natura 2000. Wageningen, Alterra, voorjaar 2014. Broekmeyer, M.E.A. (redactie) (2006). Effectenindicator Natura 2000-gebieden; achtergronden en verantwoording ecologische randvoorwaarden en storende factoren. Wageningen, Alterra, Alterra-rapport 1375, oktober 2006. CROW (2018). Toekomstbestendig parkeren - van parkeerkencijfers naar parkeernormen. Ede, 10-12-2018. Dietz, C., O. von Helversen, D. Nill (2011): Vleermuizen; Alle soorten van Europa en noordwest-Afrika, De Fontein Z Tirion Uitgevers B.V., Utrecht. Krijgsveld, K.L., R.R. Smits en J. van der Winden (2008). Verstoringsgevoeligheid van vogels-Update literatuurstudie naar de reacties van vogels op recreatie. 23 december 2008. Ministerie van Binnenlandse Zaken & Koninkrijksrelaties. Toestemmingverlening stikstofdepositie bij nieuwe activiteiten, 04-10-2019. Netwerk Groene Bureaus, werkgroep 'Standaarden en protocollen' (2017).

Soortinventarisatieprotocollen in het kader van de Wet natuurbescherming, versie juli 2017. Provincie Gelderland (2018). Geconsolideerde Omgevingverordening (december 2018). RIVM (2019). Handboek AERIUS Calculator 2019. Releasedatum: 16-09-2019. Vegte, F, van der, J. Bosman & D. Logemann (2014). Effectafstanden Natura 2000-gebieden Veluwe en Rijntakken. Arcadis, 18 februari 2014. Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging (2017) Vleermuisprotocol 2017, maart 2017. Websites www.avifaunagroningen.nl www.BIJ12.nl www.NDFF.nl1 www.natuurloket.nl www.soortenbank.nl www.sovon.nl www.synbiosis.alterra.nl www.ravon.nl www.vleermuis.net www.vleermuizenindestad.nl www.zoogdierenatlas.nl www.zoogdiervereniging.nl

1 In dit rapport worden gegevens gebruikt welke (deels) afkomstig zijn uit de NDFF. Deze mag niet zonder toestemming van BIJ12 worden verstrekt aan derden of op enige andere wijze openbaar gemaakt worden. Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

Pagina 23 van 23

Reest

BIJLAGEN BIJLAGE 1 - VRIJGESTELDE SOORTEN PROVINCIE FLEVOLAND BIJLAGE 2 - AERIUS-BEREKENING AANLEGFASE BIJLAGE 3 - AERIUS-BEREKENING GEBRUIKSFASE

Quickscan Wet natuurbescherming t.p.v. Lage Enkweg 35 te Hierden (kenmerk: 192032)

BIJLAGE 1 OVERZICHT VRIJGESTELDE SOORTEN PROVINCIE GELDERLAND Vrijgestelde soorten (artikel 3.10 eerste lid, onderdeel c) provincie Gelderland Zoogdieren Aardmuis (Microtus agrestis) Bosmuis (Apodemus sylvaticus) Dwergmuis (Micromys minutus) Dwergspitsmuis (Sorex minutus) Egel (Erinaceus europaeus) Gewone bosspitsmuis (Sorex araneus) Haas (Lepus europeus) Huisspitsmuis (Crocidura russula) Konijn (Oryctolagus cuniculus) Ondergrondse woelmuis (Pitymys subterraneus) Ree (Capreolus capreolus) Rosse woelmuis (Clethrionomys glareolus) Tweekleurige bosspitsmuis (Sorex coronatus) Veldmuis (Microtus arvalis) Vos (Vulpes vulpes) Woelrat (Arvicola terrestris) Amfibieën Bruine kikker (Rana temporaria) Gewone pad (Bufo bufo) Kleine watersalamander (Triturus vulgaris) Meerkikker Pelophylax ridibundus (Rana ridibunda) Middelste groene kikker Z Bastaardkikker (Pelophylax klepton esculentus Rana esculenta)

BIJLAGE 2 AERIUS-BEREKENING AANLEGFASE

AERIUSB CALCULATOR Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Aanlegfase Kenmerken *

Samenvatting emissies

*

Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl. RZ4LNBPF5FXX (22 november 2019) pagina 1/5

Resultaten

AERIUSn CALCULATOR Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Witpaard B.V.

Lage Enkweg 35, 3849 NN Hierden

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Nieuwbouw woning Lage Enkweg 35, Hierden

RZ4LNBPF5FXX

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

22 november 2019, 11:35

2020

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)

Toelichting

Resultaten

Situatie 1

NOx

3,57 kg/j

NH3

< 1 kg/j

Natuurgebied

Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

Aanlegfase (mobiele machines en verkeer)

Aanlegfase

RZ4LNBPF5FXX (zz november 2019) pagina 2/5

Resultaten

AERIUSB CALCULATOR ///V\

Locatie

\

Aanlegfase

íe-^ İls.X A íT itt

Hierderl

Xŕ" 'Jj

*m;7 í lí [j * mi— drîs. ì

500 m

Emissie Aanlegfase

Emissie NH3

Bron Sector

Werkzaamheden Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

Verkeer - aanleg Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

Resultaten

Aanlegfase

Emissie NOx

2,28 kg/j

< 1 kg/j

1,29 kg/j

RZ4LNBPF5FXX (22 november 2019) pagina 3/5

Resultaten

AERIUSB CALCULATOR

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

Aanlegfase

NOx

Voertuig

Omschrijving

AFW

Mobiele werktuigen

Hitrien

Brandstof verbruik (l/j)

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Soort

Voertuig

Standaard

Standaard

Aanlegfase

Werkzaamheden 175182, 484796 2,28 kg/j

Uitstoot hoogte (m)

Spreiding (m)

Warmte Stof inhoud (MW)

Emissie

4,0

4,0

0,0 NOx

2,28 kg/j

Verkeer - aanleg 175155, 485047 1,29 kg/j < 1 kg/j

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Licht verkeer

800,0 /jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

Zwaar vrachtverkeer

200,0 /jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

RZ4LNBPF5FXX (zz november 2019) pagina 4/5

AERIUSB CALCULATOR

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 20l9_20l9l0l8_c53b8fdaa8 Database versie b429880a81 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/uitleg

Resultaten

Aanlegfase

RZ4LNBPF5FXX (22 november 2019) pagina 5/5

BIJLAGE 3 AERIUS-BEREKENING GEBRUIKSFASE

AERIUSB CALCULATOR Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Gebruiksfase Kenmerken *

Samenvatting emissies

*

Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl. RZNbmnt8ty6r (22 november 2019) pagina 1/5

Resultaten

AERIUSn CALCULATOR Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Witpaard B.V.

Lage Enkweg 35, 3849NN Hierden

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Nieuwbouw woning Lage

RZNbmnt8ty6r

Enkweg 35, Hierden

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

22 november 2019, 11:20

2020

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)

Toelichting

Resultaten

Situatie 1 NOx

1,27 kg/j

NH3

< 1 kg/j

Natuurgebied Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

Gebruiksfase (verkeer)

Gebruiksfase

RZNbmnt8ty6r (22 november 2019) pagina 2/5

Resultaten

AERIUSB CALCULATOR

Locatie

V, \

Gebruiksfase

ílXX

itt

Hierderl

V ?;V

*m;7 í lí [j * mi— drîs. ì

ľi.Ji

500 m

Emissie

Bron Sector

Emissie NH3

Emissie NOx

< 1 kg/j

1,27 kg/j

Gebruiksfase Verkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

Resultaten

Gebruiksfase

RZNbmnt8ty6r (zz november 2019) pagina 3/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=ee0ad4f7-32ba-4735-8111-4a547ffd41d7