CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Onderzoek Stimulansz armoedeval EHZ en harmonisatie.pdf

Raadsvergadering 7 oktober 2021, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Voorkomen armoedeval EHZ en Harmonisatie Regeling tegemoetkoming zorgkosten personen met een chronische ziekte of beperking21.051 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

6.1 Overall nadelen van de armoedeval De armoedeval wordt door mensen met een bijstandsuitkering een belangrijke demotiverende factor genoemd voor werkaanvaarding. Dit onderzoek maakt duidelijk dat (meer) gaan werken in sommige gevallen tot een feitelijke inkomensachteruitgang leidt. Voor een alleenstaande en een alleenstaande ouder geldt dat door het verruimen van het aantal werkuren (indien mogelijk) het inkomen hoger wordt. Als een alleenstaande (ouder) voltijds werkt en het wettelijk minimumloon verdient, zit hij of zij op 143% van de bijstandsnorm. Bij dit inkomen is er geen sprake van een armoedeval. Echtparen/samenwonenden kunnen beter beiden parttime werken dan dat één van hen voltijds werkt. In het huidige belastingstelsel is bij 2 deeltijdwerkers het belastingvoordeel iets groter. Dit maakt in de netto-berekeningen slechts een marginaal verschil. De complexiteit van de regelgeving betekent dat er deskundigheid nodig is om een nauwkeurige voorspelling te doen als iemand vanuit de bijstand de stap naar betaalde arbeid zet. "Wat betekent dit dan voor mijn toeslagen?" is een eenvoudige vraag, maar blijkt in de praktijk lastig te beantwoorden. Zoals het onderzoek laat zien zijn de werkende minima, ook naast hun loon, voor een zeer groot deel aangewezen op landelijke en gemeentelijke toeslagen en bijdragen.

Dit financiële belang maakt de angst voor verlies, of voor terugvordering van te veel ontvangen toeslagen, alleen maar groter.

72

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

Denken over de armoede, minimabeleid en de armoedeval Er is al veel geschreven over de gevolgen van leven in armoede. De wetenschap is de laatste jaren steeds meer gaan ontdekken dat niet kunnen rondkomen met je budget veel (chronische) stress in huishoudens oplevert en kinderen in een kansarmere positie plaatst. Veel mensen met een laag inkomen balanceren op de rand van rondkomen en schulden. Zij hebben vaak moeite om hierbij hulp te zoeken. Dit geldt ook voor inwoners met een laag inkomen uit arbeid. Een beroep moeten doen op gemeentelijke regelingen voor inkomensondersteuning is op zich al drempelverhogend. Deelnemen aan de arbeidsmarkt is vaak meer dan alleen maar kans op financiële vooruitgang. Het levert mensen een zinnige plek in de samenleving en sociale contacten op, als ook dagritme en structuur. Om deze plek op een goede manier in te kunnen vullen, zal er enige rust moeten zijn op het gebied van financiële bestaanszekerheid. Als je je overdag tijdens het werk zorgen maakt over hoe je die avond de kinderen voldoende te eten geeft, is dit funest voor de werknemer zelf, de kinderen en ook voor de werkgever. De inkomens waarmee we in dit onderzoek rekenen zijn gerelateerd aan de bijstandsnormen. Deze worden gedefinieerd als 'het sociaal minimum'.

Dat minimum is geen vetpot en mensen met inkomens die daar net boven komen hebben nog steeds heel weinig bestedingsruimte en mogelijkheden om te participeren in de samenleving. Dit besef is het fundament onder het minimabeleid van gemeenten. We willen graag dat iedereen en vooral kinderen - kan meedoen in de samenleving. Minimabeleid maakt dat (financieel) mede mogelijk. De armoedeval wordt mede veroorzaakt door de wijze waarop in Nederland inkomenspolitiek is vormgegeven; met landelijke toeslagen om de huur, de zorgverzekering, de kinderopvang te kunnen betalen, en lokale regelingen om te kunnen participeren bij een laag inkomen. Deze systemen kunnen we niet 'zomaar' veranderen, maar we kunnen wel zoeken naar manieren om deze armoedeval zoveel mogelijk te verminderen en tegen te gaan.

6.2 Aanbevelingen voor de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde De armoedeval blijft in dit huidige belastingstelsel met toeslagen altijd bestaan, maar kan wel enigszins gedempt worden. Het is voor de gemeente belangrijk om te weten wanneer die val intreedt, wat de hoogte ervan is en hoe die armoedeval beïnvloed kan worden. Het is belangrijk om te zorgen voor voldoende kennis op de juiste plekken om potentiele 'uitstromers' gerust te stellen door zekerheid te bieden. Dat betekent dat de nieuwe loonsituatie moet worden berekend, maar ook dat aan deze voorspelling door de gemeente garanties worden verbonden. Manieren om de armoedeval te voorkomen of verminderen Er is een aantal manieren om de armoedeval te voorkomen of te verminderen: 1. Beleidsmatig: geleidelijke afbouw van bijdragen Een eerste winst is om af te zien van het toetsen aan een al te strikt gehanteerde inkomensgrens. Gemeenten kiezen vaak voor een categoriale definitie van armoede om veel aanvragen te kunnen afhandelen tegen betaalbare uitvoeringskosten. De mogelijkheid om binnen bepaalde marges toch af te kunnen wijken van de inkomensgrens maakt meer maatwerk mogelijk.

73

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

De gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde kunnen de mogelijkheid onderzoeken om beleid te voeren waarin het recht op bijdragen geleidelijk afneemt naarmate het inkomen stijgt. Kiezen voor meer spreiding in de inkomensgrenzen kan daaraan een bijdrage leveren. 2. Individueel: ondersteuning en inzicht bieden Het bespreekbaar maken van de armoedeval bij re-integratie en werkaanvaarding is belangrijk om in een later stadium (problematische) schulden of terugval in de bijstandsuitkering te voorkomen. Inwoners met een deeltijdbaan in de uitkering krijgen deze ondersteuning vaak van de werkcoach. Zulke ondersteuning zou ook breder aangeboden kunnen worden voor inwoners die voltijds werken. Mocht de inwoner met het accepteren van een betaalde baan vanuit de bijstand te maken krijgen met een inkomensachteruitgang, dan kan dit (tijdelijk) financieel gecompenseerd worden, bijvoorbeeld met een armoedevalvergoeding of uitstroompremie. Om in de spreekkamer eenvoudig uit te kunnen rekenen wat de financiële gevolgen zijn als iemand vanuit de bijstand (meer) gaat werken, heeft Stimulansz de rekentool voor klantmanagers WerkloonT ontwikkeld. Dit is een praktisch hulpmiddel om op individueel niveau snel te zien of er sprake zal zijn van een armoedeval en hoe groot die val is.

Maar de inzet van WerkloonT heeft alleen zin als de gemeente vervolgens ook concrete middelen heeft om deze armoedeval te voorkomen of te verzachten. 3. De armoedevalvergoeding De gemeente kan de gevolgen van (meer) gaan werken berekenen en een maatbudget beschikbaar stellen, om zo de grootste gaten in de armoedeval te dichten. Het kan gaan om een vergoeding van gerichte onkosten, zoals vervoers- en reiskosten, kosten voor persoonlijke verzorging, representatie en voor kinderopvang. Een inwoner met een baan en een 'armoedevalvergoeding' is in financiële zin zelfstandiger dan een inwoner met alleen een uitkering. 4. Inkomstenvrijlating en uitstroompremie inzetten De Participatiewet kent de mogelijkheid inkomsten vrij te laten (art. 31 lid 2n PW). Als een bijstandsgerechtigde vanuit de bijstand in deeltijd gaat werken, kan de gemeente de inkomsten uit arbeid gedurende 6 maanden tot maximaal 25% en een maximumbedrag van ca C 215 per maand vrijlaten. Dat wil zeggen: niet verrekenen met de bijstand. De uitkeringsgerechtigde houdt hierdoor netto meer over dan de bijstandsnorm. Alleenstaande ouders kunnen na deze algemene vrijlating nog gedurende 30 aaneengesloten maanden een vrijlating van 12.5% van de inkomsten krijgen, met een maximum van ca. C 135 per maand. Voor beide vrijlatingen geldt dat het werk moet bijdragen aan uitstroom uit de bijstand.

Maar met werk doet iemand vrijwel altijd werkervaring op en bouwt een netwerk op. Zo zal werk meestal bijdragen aan een mogelijk uitstroom, dus kan de gemeente deze regeling in vrijwel alle gevallen toepassen en de uitkeringsgerechtigde motiveren om aan het werk te gaan of te blijven. Daarnaast heeft de gemeente de mogelijkheid om een uitstroompremie te geven aan uitkeringsgerechtigden die werk aanvaarden (of voor het voltooien van een opleiding) (art. 31 lid 2j PW). De gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde kennen geen premiebeleid. Deze premie is een stimulans voor mensen om vanuit de bijstand (in deeltijd) te gaan werken en zo uit te stromen of hun kans op uitstroom te vergroten. De uitstroompremie is een mogelijkheid om de armoedeval af te vlakken. Voordat de uitstroompremie wordt ingezet, kan aan de hand van de uitkomsten van dit onderzoek berekend worden wanneer deze het beste ingezet kan worden en hoe hoog de uitstroompremie moet zijn. Het maximumbedrag voor de premie is C 2.570 per kalenderjaar.

74

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

5. Voorkomen van onderbenutting Inwoners met een inkomen tot ongeveer 150^ (en soms 170^) van de bijstandsnorm zijn om rond te kunnen komen nog steeds voor een (groot) gedeelte afhankelijk van landelijke toeslagen en gemeentelijke bijdragen. Het voorkomen van onderbenutting of niet-gebruik is een belangrijk gespreksonderwerp in de dienstverlening van de gemeente en het maatschappelijk middenveld. Het inzichtelijk maken van welke (landelijke en lokale) toeslagen en regelingen bij een bepaald inkomen horen, helpt mensen om te weten of ze ergens recht op hebben. BerekenUwRecht of de Voorzieningenwijzer kunnen daarbij behulpzaam zijn. Tot slot Om de armoedeval te beperken is aanpassing van het gemeentelijk minimabeleid nodig. De harmonisatie is een goede aanleiding om dit beleid zo te wijzigen dat inwoners die vanuit een bijstandsuitkering gaan werken er financieel daadwerkelijk op vooruit gaan. Daarvoor kan er aan verschillende 'knoppen' gedraaid worden, zoals hierboven is aangegeven. De harmonisatie biedt de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde de gelegenheid om het armoedebeleid te herzien en eenduidig voor de cliënten van Meerinzicht uit te voeren.

Binnen de wet- en regelgeving is er ruimte om met een ander beleid te zorgen dat inwoners zich zo min mogelijk door financiële onzekerheid laten beperken en de stap naar betaald werk durven zetten, en daarmee duurzaam uit de bijstand stromen.

75

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

7. Bijlage: Overzicht landelijke toeslagen In deze bijlage ziet u de bedragen van de landelijke toeslagen per huishoudtype. Deze bedragen zijn meegenomen in de berekening van de armoedeval op lokaal niveau. In deze tabellen zijn de huurtoeslag, het kindgebonden budget en de zorgtoeslag opgenomen. De heffingskorting en combinatiekorting zijn verrekend in het fiscaalinkomen voor toeslagen. De bedragen in blauw komen terug in de tabellen per gemeente en het geharmoniseerde model.

76

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

Landelijke toeslagen casus alleenstaande

casus 1: bijstands uitkering

casus 2: werk 100y0 bijstands norm 15086

casus 3: werk 105y0 bijstands norm 15847

casus 4: werk 1Wo bijstands norm 16593

casus 5: werk 120y0 bijstands norm 18032

casus 6: werk 130y0 bijstands norm 19622

casus 7: werk 150y0 bijstands norm 22664

casus 8: werk 170y0 bijstands norm 26398

1006

1006

1056

1106

1207

1307

1509

1710

308

308

308

308

274

233

143

108

0

0

0

0

0

0

0

0

104

104

104

104

104

104

86

46

WAT ER BINNEN KOMT

1418

1418

1468

1518

1585

1644

1738

1864

landelijke vergoe­ dingen

412

412

412

412

378

337

229

154

Fiscaal inkomen voor toeslagen Uitkering of loon ex vt per maand Huurtoe­ slag (huur 600 pm) Kind gebonden budget Zorgtoe­ slag

2000 1500 1000 500 0

Alleenstaande

■ ■■■Mí

m zorgtoeslag u huurtoeslag (huu 600 pm) m uitkering of loon ex vt per maand

77

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

landelijke toeslagen casus alleenstaande ouder met 2 kinderen (bo en vo)

casus 1: bijstandsu itkering

casus 2: werk 1000 bijstands norm 15086

casus 3: werk 1050 bijstands norm 15847

casus 4: werk 1100 bijstands norm 16593

casus 5: werk 1200 bijstands norm 18032

casus 6: werk 1300 bijstands norm 19622

casus 7: werk 1500 bijstands norm 22664

casus 8: werk 1700 bijstands norm 26398

1006

1006

1056

1106

1207

1307

1509

1710

308

308

308

308

308

308

288

213

468

468

468

468

468

468

461

440

104

104

104

104

104

104

86

46

WAT ER BINNEN KOMT

1886

1886

1936,3

1986

2087,2

2187

2344

2409,2

landelijke vergoe­ dingen

880

880

880

880

880

880

835

699

Fiscaal inkomen voor toeslagen uitkering of loon ex vt per maand Huurtoeslag (huur 600 pm) Kind gebonden budget Zorg toeslag

3000 2500 2000 1500 1000 500 0

Alleenstaande Ouder

:::: i i i i

M zorgtoeslag u kindgebonden budget u huurtoeslag^huLT SCO pm) u uitkering of loon ex v? per maand

78

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

landelijke toeslagen casus echtpaar 7 samenwonenden zonder kinderen

casus 1: bijstandsu itkering

casus 2: werk 1000 bijstandsn orm 21572

casus 3: werk 1050 bijstands norm 22650

casus 4: werk 1100 bijstands norm 23715

casus 5: werk 1200 bijstands norm 26619

casus 6: werk 1300 bijstands norm 30104

casus 7: werk 1500 bijstands norm 36810

casus 8: werk 1700 bijstands norm 43932

1436

1436

1508

1580

1723

1867

2154

2441

308

308

289

268

208

129

108

0

0

0

0

0

0

0

0

0

193

193

182

170

136

97

23

0

WAT ER BINNEN KOMT

1937

1937

1979

2018

2067

2093

2285

2441

landelijke vergoe­ dingen

501

501

471

438

344

226

131

0

Fiscaal inkomen voor toeslagen uitkering of loon ex vt per maand Huurtoeslag (huur 600 pm) Kind gebonden budget Zorg toeslag

3000 2500 2000 1500 1000 500 0

Echtpaar I samenwonenden zonder kinderen r

llllllll

U aorgioeslag

B hujrtoeslag (hLLr SCO pm l uitkering of loon ex v: per maar o

79

Stimulansz - Armoedevalberekening gemeente Ermelo, Harderwijk, Zeewolde | november 2020

landelijke toeslagen casus echtpaar/samenwonenden, 2 kinderen (bo en vo)

casus 1: bijstandsu itkering

casus 2: werk 100y0 bijstands norm 21572

casus 3: werk 105y0 bijstands norm 22650

casus 4: werk 1Wo bijstands norm 23715

casus 5: werk 120y0 bijstands norm 26619

casus 6: werk 130y0 bijstands norm 30104

casus 7: werk 150y0 bijstands norm 36810

casus 8: werk 170y0 bijstands norm 43932

1436

1436

1508

1580

1723

1867

2154

2441

308

308

289

268

208

129

108

0

199

199

182

170

142

97

23

0

202

202

202

202

202

202

202

170

WAT ER BINNEN KOMT

2145

2145

2181

2220

2275

2295

2487

2611

landelijke vergoe­ dingen

709

709

673

640

552

428

333

170

Fiscaal inkomen voor toeslagen uitkering of loon ex vt per maand Huurtoeslag (huur 600 pm) Kind gebonden budget Zorg toeslag

3000 2500 2000 1500 1000 500 0

Echtpaar 7 samenwonenden 2 kinderen

M kindgebūnden budget zũ rgtc ĒEİ Eg

m huurtcE5İEg (huur 600 pm) U uit kE ring af laan exvt per maand

80

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=1a999193-eb61-43e8-bca1-18e0cab728bf