Bijlage 3. Memo Toelichting ombuigingsvoorstellen
Tekst van het document
Bijlage 3: Memo toelichting ombuigingen 2025-2028
aan
:
Gemeenteraad Harderwijk
van
:
College van B&W
datum
:
9 juli 2024
onderwerp
:
Toelichting ombuigingen 2025-2028
Geachte leden van de raad,
emeente Harderwijk staat – net als veel andere gemeenten – voor een financiële opgave. De G rijksoverheid legt steeds meer taken bij gemeenten, terwijl de inkomsten juist afnemen. Daardoor laat de meerjarenbegroting een fors tekort zien. Het college van Harderwijk neemt verantwoordelijkheid en regie door deze lastige opgave tijdig op te pakken. Op 30 januari 2024 is het Projectplan Ombuigingen Kadernota 2025-2028 vastgesteld. De afgelopen maanden is door de organisatie veel werk verricht om alle ombuigingsmogelijkheden in beeld te brengen. Vervolgens heeft u richting gegeven in welke voorstellen wel en niet voor uitvoering in aanmerking komen. In dit memo presenteren wij u de uitkomsten van dit project tot dusver. Ombuigingen als ‘what-if scenario’ in de kadernota In de kadernota wordt het financieel perspectief voor de komende jaren geschetst. Hierin zijn actuele ontwikkelingen en nieuwe beleidsvoorstellen vertaald. Het meerjarige perspectief laat een fors tekort zien. Als gevolg van de meicirculaire is het ‘ravijnjaar’ bovendien een jaar vervroegd naar 2025. Voor de tekorten hebben wij ombuigingsmogelijkheden achter de hand. In afwachting van meer financiële duidelijkheid zijn deze ombuigingen nog niet ingeboekt.
Wij verwachten dat het nieuwe kabinet in de septembercirculaire wat meer duidelijkheid geeft . e ombuigingen zijn een ‘what-if scenario’ bij een blijvend financieel tekort. Hiermee voorkomen D we enerzijds dat er onnodige ombuigingen worden doorgevoerd als de financiële positie toch nog verbetert. En anderzijds geven we wel duidelijkheid over de koers bij een blijvend financieel tekort. Hierbij merken we nadrukkelijk op dat de signalen voor financiële versterking van gemeenten weinig hoopvol zijn. Daarmee bestaat er een reële kans dat de ombuigingen daadwerkelijk (deels) moeten worden uitgevoerd. ij het scenario dat ombuigingen daadwerkelijk worden doorgevoerd, stellen wij een fasegewijze B invoering voor. De eerste fase betreft ombuigingen die noodzakelijk zijn om tot een sluitende begroting 2025 te komen. Voor de jaren 2026 en verder werken wij de fasering in het komende jaar nader uit.
Financiële uitkomst project ombuigingen In de inventarisatiefase van het project is het maximale ombuigingspotentieel in beeld gebracht. Uw college heeft op basis van een afwegingskader keuzes gemaakt door de voorstellen in te delen in de volgende categorieën: A. Ombuigingsvoorstel heeft beperkte impact en wordt met ingang van begroting 2025 ingevoerd; B. Ombuigingsvoorstel heeft de nodige impact en kan per 2026 worden ingevoerd; C. Ombuigingsvoorstel heeft een grote impact en zullen wijvooralsnogniet uitvoeren. Voorstellen in deze categorie zullen wij bij een blijvend financieel tekort alsnog overwegen.
oor het totale financiële overzicht van de ombuigingsvoorstellen verwijzen wij naar de Bijlage V Monitor ombuigingen 2025-2028. Een inhoudelijke toelichting per ombuigingsvoorstel is in de bijlage van deze notitie opgenomen.Het financiëleeffect van de gekozen ombuigingsvoorstellen (categorie A en B) bedraagt in totaal circa: 025: € 5,2 miljoen 2 2026: € 11,5 miljoen 2027: € 12,5 miljoen 2028: € 12,7 miljoen 2029: € 12,4 miljoen
Keuzes op basis van een afwegingskader et huidige financiële perspectief vraagt om een goede afweging van ambities en middelen. H Ombuigen heeft nu eenmaal impact, daar ontkomen we niet aan. Om tot een evenwichtig pakket maatregelen te komen is een afwegingskader toegepast met de volgende elementen: . 1 2. 3.
De ambitie voor Harderwijk en Hierden Basisprincipes als uitgangspunt De impact op doelgroepen
. Ambitie voor Harderwijk en Hierden: 1 De ambitie voor Harderwijk is het vertrekpunt. Harderwijk als: - Een aantrekkelijke (groei)stad om te wonen en te werken - Een sociale stad - Een toeristische en recreatieve stad De uitdaging is om, ondanks de benodigde financiële keuzes, bovenstaande ambities zoveel als mogelijk te realiseren. Ombuigingen die nadrukkelijk tegen de ambities indruisen, hebben wij zoveel als mogelijk achterwege gelaten. . Basisprincipes als uitgangspunt 2 Verder hebben we bij het maken van keuzes de volgende principes gehanteerd: -
e gebruiker betaalt waar mogelijk voor de voorzieningen die diegene gebruikt; de D inwoner, de ondernemer en de toerist 2
- -
r moet een goede samenhang zijn tussen het verlagen van lasten enerzijds en het E verhogen van baten anderzijds Een stapeling van effecten binnen een beleidsterrein en/of doelgroep moet zoveel als mogelijk beperkt worden
3. Impact van ombuigingen op doelgroepen e ombuigingen moeten in hun samenhang een acceptabele impact op de verschillende D doelgroepen in Harderwijk hebben. Er ligt een degelijk en evenwichtig pakket aan ombuigingsvoorstellen. Aan de hand van verschillende perspectieven lichten wij de impact van de gekozen ombuigingen op hoofdlijnen uit. De doelgroepen die wij hierbij toepassen zijn: - Inwoners - Maatschappelijk middenveld - Ondernemers - Toeristen - Medewerkers van de gemeente Inwoners De inwoners van Harderwijk merken direct of indirect veel van de ombuigingen. Op veel beleidsterreinen worden immers keuzes gemaakt. et beheer en onderhoud van de openbare ruimte in brede zin wordt versoberd. De exacte H invulling hiervan zal nog worden uitgewerkt. Tegelijk is ook gekozen vóór het realiseren van de woningbouwopgave. Voorstellen die het realiseren van deze opgave bemoeilijken zijn daarom niet gekozen. In het sociaal domein worden in lijn met het beleidsplan keuzes gemaakt om de kosten beheersbaar te houden. Daarbij zorgt Harderwijk steeds meer voor passende en lichte zorg in een vroeg stadium, om intensieve (en duurdere) zorg in een later stadium te voorkomen. Wij zijn ons heel bewust van kwetsbare groepen in de samenleving.
Wij stellen daarom voor om bijvoorbeeld het huidige minimabeleid niet te versoberen. ot slot worden veel zaken duurder, zoals parkeren, zwemmen en begraven. Ook de OZB T verhogen we - naast de trendmatige stijging - met 10% in 2025 en mogelijk nog 5% in 2026. Door gerichte maatregelen dempen we de verwachte stijging van de tarieven voor afval en riolering. Het voorstel dat wij hierbij doen zorgt voor een boventrendmatige stijging van de woonlasten (OZB, afval en riolering samen) van € 36,- voor een gemiddeld huishouden in 2025.1 Mede omdat de gemeentelijke belastingen in Harderwijk relatief laag zijn, lijkt deze stijging in de huidige omstandigheden acceptabel. Wij realiseren ons goed dat dit voor de inwoners van Harderwijk en Hierden geen prettige boodschap is.
1
Voor een verdere toelichting op de woonlasten wordtverwezen naar de Kadernota 2025-2028.
3
aatschappelijk middenveld M Harderwijk heeft een breed maatschappelijk middenveld. Tal van (sport)verenigingen, welzijnsorganisaties en culturele instellingen leveren een belangrijke bijdrage aan een sociale en levendige stad. Gezien de financiële opgave zijn ook ombuigingen in dit domein niet te vermijden. Deze ombuigingen bestaan in grote lijnen uit het verlagen en/of gerichter inzetten van subsidies. Hierbij hebben wij gezocht naar evenwichtige keuzes om het maatschappelijk middenveld blijvend vitaal te houden. Zo stellen wij voor om het onderhoud van sportaccommodaties niet te versoberen en/of over te dragen naar sportverenigingen. Verder stellen we voor om keuzes te maken in de huisvesting van onderwijs. Door de maatregelen uit het integraal huisvestingsplan (IHP) te vertragen ontstaat er financiële ruimte in de jaren 2026, 2027 en 2028. Bij de verdere invulling van de verschillende maatregelen worden relevante partners uiteraard betrokken. ndernemers O Voor ondernemers (in de binnenstad) springen de plannen rondom parkeren in het oog. De invulling hiervan wordt nog uitgewerkt, maar parkeren in de stad wordt duurder. Verder versoberen we de gemeentelijke dienstverlening rondom commerciële evenementen – zoals het plaatsen van hekken – vanuit het principe ‘de gebruiker betaalt’.
Tegelijk zetten we blijvend in op een ondernemende stad door niet om te buigen op budgetten voor centrummanagement, de binnenstadsvisie en ons accountmanagement voor bedrijven. oeristen T Harderwijk heeft de toerist veel te bieden. Dat willen we graag behouden. Daarom stellen wij geen ombuigingen voor op onze budgetten voor het toeristisch punt, de city marketing en het stimuleren van evenementen. Wel zullen keuzes die we moeten maken voor het beheer van de openbare ruimte mogelijk gevolgen hebben voor de uitstraling van de stad. Verder vinden wij het redelijk dat ook toeristen financieel bijdragen aan het in stand houden van het hoge voorzieningenniveau. Daarom verhogen wij de toeristenbelasting met 25%. edewerkers van de gemeente M Harderwijk wil een aantrekkelijke werkgever zijn en blijven. Zeker met de huidige krappe arbeidsmarkt. Toch moeten wij ook keuzes makeninonze eigen bedrijfsvoering. Daarom worden twee taakstellingen op de bedrijfsvoering opgenomen. De eerste taakstelling heeft betrekking op de bedrijfsvoering Harderwijk (basis variant). De ombuiging van een € 0,5 miljoen tot een beperkte krimp van de formatie. Daarbij wordt ook het budget voor externe inhuur geschrapt. et college heeft in haar besluitvorming nog een tweede taakstelling op de bedrijfsvoering (plus H variant) toegevoegd van € 0,5 miljoen.
Dit is een gecombineerde taakstelling op de bedrijfsvoering van Harderwijk, Meerinzicht en overige gemeenschappelijke regelingen. De taakstelling is een verzoek om met advisering te komen welke ambities gefaseerd, getemperd of op andere wijze ingevuld kunnen worden met verlaging van bedrijfsvoeringskosten tot gevolg. Dit reikt verder dan de organisatiegrenzen van gemeente Harderwijk. Dit omvat óók de bedrijfsvoeringskosten van gemeenschappelijke regelingen, waaronder Meerinzicht, die wij als verlengd lokaal bestuur zien. mdat de huidige formatie nu al niet toereikend is, leiden deze maatregelen samen tot minder O uitvoeringscapaciteit en flexibiliteit van de ambtelijke organisatie.
4
ot slot boeken we een forse ombuiging in, door de maximaal toegestane inkomsten uit het T BTW-compensatiefonds (Gemeentefonds) in de begroting op te nemen. Dit heeft niet direct negatieve gevolgen. Maar er bestaat wel een risico in de realisatie hiervan, omdat deze inkomsten jaarlijks fluctueren. Vervolg e komende periode blijven we de financiële ontwikkelingen nauwlettend volgen. In de Begroting D 2025-2028 zullen wij u opnieuw informeren over onze omgang met de ombuigingen.
5
Bijlage: toelichting per ombuigingsvoorstel Programma 0: Bestuur en ondersteuning 0-01 Aantal wethouders terugbrengen naar 4 P Het college bestaat sinds 2022 uit 5 wethouders en een burgemeester. Nu er mede als gevolg van de ombuigingen wordt besloten om bepaalde taken te beëindigen of om minder taken op te pakken, is het wellicht mogelijk om het aantal wethouders terug te brengen aan het einde van deze bestuursperiode. Voor een stad met een inwonersaantal als Harderwijk is een college met een burgemeester, gemeentesecretaris en vier wethouders niet ongebruikelijk. 0-02 Programma burgerschap versoberen (basis) of beëindigen (plus) P In de basisvariant wordt het programma burgerschap versoberd. Er is dan minder geld en tijd beschikbaar. Er is minder tijd en geld om met initiatieven en ideeën van inwoners aan de slag te gaan. In de plus-variant wordt het programma burgerschap beëindigd. Hierdoor kunnen veel onderwerpen niet meer worden uitgevoerd, zoals het online stadsgesprek, de nieuwjaarsbijeenkomst, de bijeenkomst voor nieuwe inwoners en de Harderwijkse uitdaging. Maar ook campagnes en bijeenkomsten omtrent discriminatie en de inzet van sleutelpersonen komen te vervallen. 0-04 Verkoop 4 woningen P Door enkele woningen te verkopen besparen we op beheer- en onderhoudskosten.
Deze woningen worden nu verhuurd. 0-05 Advies audit en interne controle P Er is een budget beschikbaar voor Audit en Interne Controle dat bedoeld is om onafhankelijk onderzoek te doen en informatieveiligheid te testen. Dat budget kan worden verlaagd. Er blijft wel een beperkt budget nodig om onafhankelijke onderzoeken te kunnen uitvoeren. 0-07 Afsluitende borrel na raadsvergadering P Door het afschaffen van de afsluitende borrel na een raadsvergadering is minder personele inzet nodig. De financiële besparing is beperkt, terwijl de borrel een waardevolle verbindende functie heeft. 0-09 Sluiten gebouw woensdagavond P Op dit moment is het mogelijk om op maandag tot en met donderdag ´s avonds in het Huis van de Stad te vergaderen. Op maandag, dinsdag en donderdag wordt hier veel gebruik van gemaakt, op woensdagen beperkt. Sluiting van het gebouw bespaart voornamelijk personeelskosten (beveiliging). 0-10 Rente inkomsten voorschot Meerinzicht opnemen in begroting P Meerinzicht ontvangt voorschotten van de gemeenten om in haar uitvoering (bedrijfsvoering en programmagelden) te kunnen voorzien. De rente inkomsten op deze middelen maken geen deel uit van de begroting van Meerinzicht, maar ze waren vanwege de lage rentestanden tot op heden ook niet opgenomen in de Harderwijkse begroting.
Op basis van de huidige rente ontwikkeling worden deze opbrengsten nu wel opgenomen in onze begroting. 0-11 Hondenbelasting verhogen met 10% P Dit voorstel betreft een verhoging van de hondenbelasting met 10%, bovenop de trend (pbbp index).
6
0-12B Stelpost BTW-compensatiefonds (BCF) maximaal verhogen (plus) P De stelpost voor BCF is de inschatting hoeveel de gemeente door de eindafrekening van compensabele BTW mag terugverwachten. Bij de meicirculaire wordt altijd aangegeven welk bedrag een gemeente hiervoor maximaal mag opnemen. Tot op heden werd de stelpost nooit tegen het maximale bedrag ingeboekt, omdat het maximaal toegestane bedrag jaarlijks fluctueert. Nu wordt voorgesteld om deze stelpost wél tegen het maximaal toegestane bedrag op te nemen. De kanttekening hierbij is dat het risico op tegenvallers op deze post groter wordt. 0-13 Stelpost onvoorzien wordt incidenteel P In de begroting is een structurele stelpost opgenomen die het college in staat stelt om onvermijdelijke, onvoorziene en onuitstelbare zaken op te vangen. Het is wettelijk verplicht om deze stelpost in de begroting te hebben. Wij stellen voor om deze stelpost een incidenteel karakter te geven waarbij deze stelpost en de hoogte ervan ieder jaar bij de technische uitgangspunten van de Kadernota vastgesteld wordt. 0-16 Omzetten erfpacht gronden naar huur P Door erfpachtovereenkomsten om te zetten naar huurovereenkomsten en tarieven te harmoniseren is een structurele ombuiging mogelijk. 0-17 Gebruik grond om niet naar huur P Er zijn ooit grondenom nietin gebruik gegeven.
Hetis mogelijk om hier huurovereenkomsten van te maken. Dit levert structureel meer opbrengsten op. Hierbij moet wel worden aangetekend dat wanneer de gebruikernietinstemt met huur, de grondinclusief beheerslasten terugvalt naar de gemeente. 0-18 Beëindigen kindercollege P De beëindiging van het kindercollege levert een structurelebesparing op. 0-20 Opheffen budget Straatnaamgeving P Dit budget is niet meer nodig gebleken en kan zonder consequenties worden opgeheven. 0-21 Tarief 5 jaar rijbewijs P Tarief voor rijbewijs met geldigheid <5 jaar verhogen naar rijbewijstarief van 10 jaar. Het gaat om een verhoging van €17,40. De kosten voor de aanvraag en afgifte van een rijbewijs is voor ieder rijbewijs gelijk en niet afhankelijk van de geldigheidsduur. 0-22 Verhoging tarief eenvoudig huwelijk P Het tarief voor een eenvoudig huwelijk te verhogen van €100,-, naar €250,-. De kosten van een regulier huwelijk (€380,50) blijven gelijk. 0-28 Taakstelling Bedrijfsvoeringsbudgetten (basis) P De taakstelling op bedrijfsvoering zal ingevuld moeten worden door bijvoorbeeld de budgetten voor inhuur en goed werkgeverschap te verlagen, zoals organisatieontwikkeling, flexibel belonen, jonge ambtenaren en fruit voor personeel. Ook zal hier formatie n.a.v. gekozen beleidsombuiging bij betrokken worden.
De exacte uitwerking moet nog plaatsvinden. 0-30 en P0-31 OZB verhogen met 15% (basis) of 20% (plus) P De OZB - naast de trendmatige verhoging - stapsgewijs met 15% verhogen (basisvariant). In de plusvariant wordt de OZB stapsgewijs met 20% verhoogd. De gemeentelijke belastingen in Harderwijk zijn relatief laag, zeker in verhouding tot het hoge voorzieningenniveau. Het financiële effect van deze belastingverhoging voor een gemiddeld huishouden is uitgewerkt in het voorstel bij de Kadernota 2025-2028. Vooralsnog wordt alleen de 15% variant voorgesteld om te effectueren. Daarbij is de verhoging in 2025 10% en volgt in 2026 5%.
7
0-32 Precariobelasting verhogen met 10% P De precariobelasting boven trendmatig te verhogen met 10%. De exacte invulling hiervan zal nog nader uitgewerkt worden. 0-33 Reclamebelasting verhogen met 10% P De reclamebelasting boven trendmatig verhogen met 10%. 0-34 Vrijval kapitaallasten uitbreiding sprintlanen P Budget voor kapitaallasten van uitbreiding sprintlanen in 2026 vrij laten vallen. Renovatie van de baan is gezien de staat ervan in 2026 nog niet noodzakelijk. 0-36 Taakstelling inkomsten parkeren P De taakstelling bestaat uit het verhogen van parkeerinkomsten. Om hogere parkeeropbrengsten te realiseren kunnen verschillende maatregelen worden ingezet: verhogen parkeertarieven, (gedeeltelijk) afschaffen eerste 2 uur gratis parkeren, blauwe zones omvormen naar vergunningparkeren (fiscaal parkeren) en het verhogen van de kosten voor parkeervergunningen. Daarbij is de wens om een deel van het opbrengstpotentieel beschikbaar te houden voor de uitvoering van de in voorbereiding zijnde Parkeervisie, waarvoor nu geen middelen zijn begroot. Denk hierbij aan uitbreiding van voorzieningen voor fietsparkeren, verplaatsing en uitbreiding parkeervoorzieningen binnenstad (Westeinde).
De exacte invulling van deze taakstelling zal bij de Parkeervisie worden betrokken. 0-37 Taakstelling bedrijfsvoering Harderwijk, Meerinzicht en GR-en P Het college heeft in het besluit over deze ombuigingen nog een extra taakstelling toegevoegd op bedrijfsvoering. Het toevoegen van de taakstelling is niet bedoeld om nog een extra efficiencyslag te bewerkstelligen bovenop de reeds in categorie A geëffectueerde ombuiging (P0-28) op bedrijfsvoering. Deze taakstelling op bedrijfsvoering is een verzoek om met advisering te komen welke ambities gefaseerd, getemperd of op andere wijze ingevuld kunnen worden waardoor bedrijfsvoeringskosten verlaagd kunnen worden. Dit reikt verder dan de organisatiegrenzen van gemeente Harderwijk. Bedrijfsvoeringskosten omvatten óók de bedrijfsvoeringskosten van gemeenschappelijke regelingen welke wij als verlengd lokaal bestuur zien. We leggen de opdracht bij de directie neer om vóór Kadernota 2026 met een voorstel voor invulling te komen zodat de uitkomsten van eventuele ombuigingsprojecten (zoals bij Meerinzicht) hierbij betrokken kunnen worden en in de Kadernota 2026 de uitwerking aan de raad voorgelegd kan worden.
Programma 1 Veiligheid 1-01 Veiligheidsregio (technische aanpassing p-begroting) P Dit betreft een technische besparing van de Veiligheidsregio. De personeelsbegroting van de Veiligheidsregio zou niet langer moeten worden ingesteld op de maximale, maar op werkelijke inschaling van medewerkers. Een andere wijze van begroten door de Veiligheidsregio levert ook een besparing op voor Harderwijk. Hiertoe is ook een zienswijze ingediend. 1-02 Verlagen budget dierenwelzijn P Dit betreft een korting van 10% op het budget voor uitvoering van de Nota Dierenwelzijn. 1-03 Stadstoezicht boa's tijdens uitgaansavonden beëindigen P De boa's (buitengewone opsporingsambtenaren) worden de laatste jaren steeds breder ingezet. Niet alle taken zijn wettelijk verplicht. Met name de inzet in het uitgaansgebied tijdens de horeca-avonden en nachten kost veel capaciteit. In het verleden was het toezicht op de horeca een taak die de politie alleen in uitvoering had. Het is een optie om te stoppen met de inzet van boa's tijdens uitgaansavonden. Hier zullen dan gevolgen voor de veiligheid en overlast aan vast zitten. De politie heeft geen capaciteit om dit op te vangen.
8
Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat 2-10 Opheffen cameratoezicht P Opheffen van het cameratoezicht in de binnenstad van Harderwijk. In het weekend en in geval van incidenten kan de politie de beelden van de camera's raadplegen. Voor de politie heeft dit een aanzienlijke impact. Zondercamera's wordt dereactietijd bij incidenten en/of overlast enorm vertraagd maar ook is de bewijsvoering achteraf bij strafbare feiten niet meer mogelijk. In de operatie kan vanuit de centrale minder adequaat worden geanticipeerd op situaties omdat er minder overzicht is Dit maakt het waarborgen van de veiligheid een stuk lastiger. 2-20 Stoppen met verkeerstellingen P Stoppen met verkeerstellingen en metingen. Hierdoor vermindert wel het inzicht in de ontwikkeling van de verkeerssituatie. 2-22 UPV vergoeding prullenbakken legen P Sinds 2023 ontvangt de gemeente Harderwijk vanuit de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid (UPV) een vergoeding voor het legen van prullenbakken. Deze inkomsten zijn nog niet in de begroting opgenomen. 2-27 Inzet Fietsstewards halveren P Een besparing van 50% op de inzet van fietsstewards. Hiermee blijft het mogelijk om het basisniveau in stand te houden. 2-29 Verminderen inzet Gele brigade P De inzet van de ‘gele brigade’ verminderen.
De gele brigade wordt ingezet ter ondersteuning van de havendienst en het ondersteunen bij het parkeren van toeristen 2-30a Minder baggeren havens (onderdeel tarief) P Niet meer baggeren van de recreatie vaargeul naar de Strand Haven. 2-31 Minder onderhoud havens P Besparing op het onderhoud van de havens van circa 10%. 2-33a Taakstelling ombuiging beheer en onderhoud grijs (basis) P Dit betreft een te realiseren besparing voor het onderhoud van wegen, civiele kunstwerken, straatreiniging, straatmeubilair, openbare verlichting en technische installaties. De invulling vergt nadere uitwerking, waarbij de stapeling van effecten moet worden voorkomen. 2-33b Extra taakstelling ombuiging beheer en onderhoud grijs (plus) P De taakstelling betreft een plusvariant vanuit de C-categorie. Dit betreft een te realiseren besparing voor het onderhoud van wegen, civiele kunstwerken, straatreiniging, straatmeubilair, openbare verlichting en technische installaties. De invulling vergt nadere uitwerking, waarbij de stapeling van effecten moet worden voorkomen. De plusvariant betreft een verdere intensivering van het minder of niet onderhouden van onze stad.
Programma 3 Economie 3-01 Budget relatie bedrijven (o.a. bedrijvenontmoetingsdag) opheffen P Uit budget Bedrijvenontmoetingsdag wordt eens per twee jaar, als de gemeente organisator is, de bedrijvenontmoetingsdag betaald. Daarnaast wordt hij ingezet, voor ‘Buren ontmoeten buren’ en voor Ambassadeurs Starterscollectief. Bij het vervallen van dit budget kan de
9
edrijvenontmoetingsdag mogelijk alsnog georganiseerd worden vanuit het promotiebudget B economie Harderwijk (P3-06). 3-02 Budget centrummanagement opheffen P Opheffen budget centrummanagement. Dit gaat ten koste van de samenwerking met binnenstadspartners, vooral de ondernemers. 3-03 Verlagen 15% budget visie ontwikkelen andere binnenstad P De binnenstad staat als actiepunt in het Collegeprogramma aangevuld met afspraken uit moties zoals toegankelijkheid/openbaar toilet. Daarnaast is dit budget bedoeld als structureel uitvoeringsbudget voor structurele projecten, zichtbaarheid en samenwerking in de binnenstad behorend bij het uitvoeringsprogramma binnenstad. 3-04 Provinciale werkgelegenheidsenquête schrappen P De cijfers uit de Provinciale werkgelegenheidsenquête gebruiken wij voor monitoring van de Harderwijkse economie (ontwikkeling werkgelegenheid en bedrijven). De gemeente wordt geacht een bijdrage in de jaarlijkse kosten te leveren.
Door deze bijdrage te beëindigen kunnen wij geen gebruik meer maken van deze monitoring. 3-06 Promotiebudget economie Harderwijk opheffen P Het promotiebudget wordt ingezet voor zaken die met economische zaken, bedrijfscontacten en -netwerken te maken hebben. 3-07 Verlagen Hanzebudget P Dankzij dit budget werken we samen met de Hanzesteden en Hanzestedenmarketing aan de vergroten van de naamsbekenkheid van de gemeente en het ontwikkelen van passend aanbod. Met dit voorstel wordt het budget 10% verlaagd. 3-08 Beëindiging samenwerking recreatie en toerisme (voormalig SVN ) P Door het beëindigen van dit budget neemt Harderwijk geen deel meer uit van de regionale samenwerking op gebied van toerisme en recreatie. Dat kan een keuze zijn, ook in het kader van het nieuwe regioarrangement EHZP. De huidige samenwerkingsovereenkomst op de Noord-Veluwe loopt tot 2026. 3-09 Stimuleren vernieuwende evenementen beëindigen P Het subsidiëren van vernieuwende evenementen zou gestopt kunnen worden. Dat betekent geen stimulering en ondersteuning vanuit de gemeente voor vernieuwende evenementen die passen bij het profiel van Harderwijk. 3-11 Sluiten toeristisch informatiepunt P Door deze ombuiging zal het VVV in het Oude Stadhuis moeten sluiten.
Er is dan geen fysiek informatiepunt meer over het toeristisch recreatieve aanbod van Harderwijk en ook geen verkoop van Harderwijkse producten. De informatie is dan alleen nog digitaal beschikbaar, via de website en social media kanalen van Heerlijk Harderwijk. 3-12 Verhogen toeristenbelasting 25% (basis) of 40% (plus) P Dit voorstel betreft het verhogen van de toeristenbelasting met 25% (basisvariant) of 40% (plusvariant). De toeristenbelasting in Harderwijk is lager dan in regio-gemeenten. 3-13 Promotie en marketing Harderwijk P Verlagen van het budget voor promotie en marketing van de gemeente. Hieruit worden onder andere de Visit Veluwe en de Veluwe alliantie betaald.
10
Programma 4 Onderwijs 4-01 Subsidie voor peuteropvang versoberen (basis) of afschaffen (plus) P Deze subsidie is bedoeld voor ouders van peuters van 2-4 jaar zonder recht op kinderopvangtoeslag. De peuters kunnen hiermee toch 2 dagdelen per week naar de peuteropvang gaan. Om daar andere peuters te ontmoeten, samen te spelen en zich voor te bereiden op de basisschool. Het voorstel is deze subsidie te versoberen (basis) of af te schaffen (plus). Advies is om deze subsidie niet af te schaffen, maar om voor een alternatief te gaan. In het alternatieve voorstel worden i.p.v. een deel, álle peuteropvang kosten voor geïndiceerde kinderen uit het Gemeentelijk Onderwijsachterstanden Budget (GOAB) bekostigd. Dit heeft als gevolg dat er minder GOAB middelen overblijven om onderwijskansen te bestrijden. 4-03 Volwasseneducatie/Aanpak laaggeletterdheid versoberen (basis) of beëindigen P (plus) De gemeente ontvangt vanuit het rijk WEB gelden die ingezet worden voor taallessen (wettelijke taak). Bepaalde activiteiten die belangrijk zijn om de doelgroep te benaderen en te ondersteunen, mogen hieruit niet bekostigd worden. Daarom is er ook een lokaal budget voor de aanpak laaggeletterdheid, waarvoor een uitvoeringsprogramma geschreven is. Het voorstel is dit budget met maximaal 50% te verlagen.
Een volledige besparing is niet aan te raden omdat we de afgelopen jaren hebben geïnvesteerd in het opzetten van een basis infrastructuur rondom de gezinsaanpak. 4-04 Onderwijshuisvesting juridisch kader (nieuwbouw Morgen College) P Door de fusie van het Morgen College met het MBO heeft de gemeente geen zorgplicht meer voor de onderwijshuisvesting. Deze ombuiging heeft daarmee geen nadelig effect. De 40-jarige subsidie/lening voor de nieuwbouw van het Morgen College kan volledig ingeboekt worden als ombuiging. 4-05 Vertraging IHP (financieel effect tot 2028) P In het IHP is een planning met elkaar vastgesteld. Deze planning houdt in dat ieder jaar gestart wordt met één nieuw onderwijsgebouw. Er is reeds gestart met drie projecten; binnenklimaat, openbaar onderwijs Drielanden en Leonardo Onderwijs. De kapitaallasten van openbaar onderwijs Drielanden en Leonardo lopen vanaf 2028. Kapitaallasten binnenklimaat lopen vanaf 2025. Er kan een keuze gemaakt worden om de projecten die starten in 2024/2025 uit te stellen/te vertragen. Hierdoor nemen de kapitaallasten vanaf 2029 pas weer toe. 4-06 Aanpassen kwaliteitsniveau IHP P Aanpassen kwaliteitsniveau bij nieuwbouw van scholendie in het IHP worden genoemd. Het IHP is, na een uitgebreid proces, in overleg met de betrokken schoolbesturen tot stand gekomen (besluit Raad in kwartaal 2 - 2023).
Daarbij hebben schoolbesturen gezamenlijk prioriteiten vastgesteld. Hierbij is door de raad een kwaliteitsniveau voor de uitvoering vastgesteld (kwaliteitsniveau 2). Het verlagen van dit niveau naar kwaliteitsniveau 1 vraagt om nieuwe besluitvorming. Het verschil in kwaliteit betreft vrijwel volledig de extra investering in duurzaamheid (duurzame stad).
Programma 5 Sport, cultuur en recreatie 5-01A Verkoop Oude Stadhuis (Markt 1) P Het pand Markt 1 (Oude Stadhuis) is bij ons in bezit, maar heeft op dit moment geen pure maatschappelijke functie. Het pand wordt momenteel verhuurd aan de popschool, een dansschool en Heerlijk Harderwijk. Desgewenst kan een pand in verhuurde staat verkocht worden.
11
5-02a Subsidie Stichting GA! Harderwijk (verlagen) P Korten op de subsidie aan GA! voor ongeveer 10%. Dit houdt o.a. in het afschaffen van de Koningsspelen en een mindering op de inzet van gezonde leefstijl. Daarnaast moeten nog keuzes gemaakt worden voor de overige bezuiniging. GA! heeft een belangrijke rol in Harderwijk voor sport en bewegen (jeugd, senioren en doelgroepen). 5-04 Subsidie DEVEDO beëindigen P Afschaffen van de subsidie voor DEVEDO. DEVEDO is een vereniging uit Ermelo. Zij ontvangt nu nog subsidie voor hun Harderwijkse leden. Er zijn meerdere verenigingen met een regiofunctie, die niet apart gesubsidieerd worden door andere gemeenten. 5-06 Begroting huuropbrengsten buitensport bijstellen P Aanpassen huuropbrengsten buitensport (te laag begroot). De tarieven voor de buitensport worden jaarlijks vastgesteld en zijn gebaseerd op het aantal velden. De werkelijke opbrengsten zijn hoger dan begroot. 5-07 Onderhoudsbijdrage kleedkamers VVOG (aflopende termijn) P Afronden termijn van de onderhoudsbijdrage vanuit de gemeente voor de kleedkamers van VVOG. Een aantal jaren geleden zijn de kleedkamers van een aantal grote verenigingen overgedragen door de gemeente aan de sportverenigingen. Destijds zijn per vereniging afspraken gemaakt over de hoogte van een bijdrage en de lengte van de termijn.
Voor VVOG lopen deze afspraken per 2027 af. 5-09 Tarieven zwemles verhogen P Dit voorstel gaat om het verhogen van de inkomsten op de zwemlessen. De tarieven van de zwemles bij Sportcomplex de Sypel kunnen worden verhoogd om meer inkomsten te genereren. Op dit moment zit de Sypel aan de onderkant van de markt. Voorgesteld wordt om een ingroeipad te hanteren waarin vanaf 2026 een stijging wordt voorgesteld van 10% en toegegroeid wordt naar een stijging van 20% in 2028. Dit is bovenop de autonome ontwikkelingen. 5-10 Tarieven recreatief zwemmen verhogen P Dit voorstel gaat om het verhogen van de inkomsten op recreatief zwemmen. De tarieven voor het recreatief zwemmen bij Sportcomplex de Sypel kunnen worden verhoogd om meer inkomsten te genereren. Op dit moment zit de Sypel aan de onderkant van de markt. Kijkend naar de (grotendeels nieuwe) faciliteiten en naar de markt is het mogelijk om het tarief te verhogen. Voorgesteld wordt om in een ingroeipad te hanteren waarin vanaf 2026 een stijging wordt voorgesteld van 30% en toegegroeid wordt naar een stijging van 40% in 2028. Het uitgangspunt is dat de tarieven extra stijgen t.o.v. het jaar 2024, los van de jaarlijkse autonome ontwikkeling. Hiermee komt de prijs in 2028 uit op €7,70 per kaartje.
Dit is vergelijkbaar met de toegangsprijs bij de gemeente Nunspeet in 2024. 5-11 Sporthuldigingen afschaffen P Het afschaffen van de sporthuldigingen. We behouden een klein budget voor de sportpenningen, die eventueel individueel kunnen worden uitgereikt. Het feestelijke moment om gezamenlijk de sporters te huldigen en talenten te stimuleren wordt niet meer gehouden. Dit geldt ook voor de verkiezing voor maatschappelijke sportprestaties. 5-12 Budget subsidie archeologiefonds beëindigen P Schrappen budget "subsidie archeologiefonds". De subsidie is bedoeld om archeologische vondsten (tijdelijk) tentoon te kunnen stellen op de vind-locatie, museum of andere locatie. Belangengroepen en instellingen zoals een historische vereniging of musea worden in hun belangen getroffen. Archeologische vondsten blijven in depot, waardoor Harderwijk zich minder als historische Hanzestad zal kunnen profileren.
12
5-13 Dotatie (vrije ruimte) reserve Archeologiefonds beëindigen P Het schrappen van de vrije ruimte in de jaarlijkse dotatie aan de bestemmingsreserve 'Archeologiefonds'. Door de vrije ruimte te schrappen wordt het archeologiefonds de facto opgeheven. Het archeologiefonds is op initiatief van de raad ingesteld. 5-14 Restauratiesubsidie gemeentelijke monumenten afschaffen P Het afschaffen van subsidie voor restauratie van gemeentelijke monumenten. De bestuurlijke ambities voor het in stand houden van gemeentelijke monumenten/ erfgoed die in het collegeprogramma en binnenstadsvisie worden genoemd zullen minder kunnen worden waargemaakt. 5-15 Budget Onderhoud en aankoop beeldende kunst verlagen P Voorstel is 10% van het onderhoudsbudget. Het budget is al te klein voor aankopen van kunstwerken en wordt vrijwel alleen gebruikt voor restauratie, nieuwe lijsten etc. 5-16 Subsidies grote culturele instellingen verlagen P Het betreft de verzamelde structurele subsidies aan de vijf professionele culturele instellingen: Cultuurkust, Popschool, Stad als Podium (incl. jeugdtheater, Catharinakapel en Estrado), Stadsmuseum en Bibliotheek. Voorgesteld wordt een ombuiging van 8% op het totaal van de subsidies die aan deze instellingen worden verleend.
In een later stadium zal, in overleg met de instellingen, worden bekeken hoe de ombuigingen over deze instellingen worden verdeeld. Aan te bevelen is om de subsidies geleidelijk af te bouwen, in overeenstemming met artikel 4:51 Awb, daarbij rekening houdend met het feit dat de gemeenten vanaf (naar verwachting) vanaf 2026 de wettelijke verplichting krijgen een volwaardige openbare bibliotheek in stand te houden. 5-26 Huur Defensie verhogen (m.i.v. 2029) P Huur van Defensie verhogen. In verband met lopende overeenkomsten kan dit pas met ingang van 2029 geëffectueerd worden. 5-28 Speeltoestellen verminderen (2026-2028) P Aantal toestellen per speelplek verminderen bij vervanging (gemiddeld van 3 naar 2 speeltoestellen). 5-31 Evenementenbeleid P Verlagen van het budget met 10%. (Ver)nieuwe evenementen stimuleren. Deze subsidie heeft als doel om evenementenorganisatoren te ondersteunen en bijdrage te leveren aan een levendig leefklimaat in de gemeente. Dit budget ondersteunt initiatieven die door en voor bewoners van de gemeente georganiseerd worden. Zonder dit budget of met het verlagen daarvan zullen veel evenementen niet kunnen doorgaan of op een andere manier financiering moeten zoeken. 5-32 Stoppen met lijnen zetten op sportvelden P We zetten de lijnen uit op de sportvelden. De clubs doen het dan zelf.
Dit scheelt ons personeelskosten. 5-33 Jaarlijks onderhoud sportvelden naar de verenigingen P Jaarlijks onderhoud van de buitensportcomplexen overdragen aan de verenigingen. 5-34 Versoberen meerjarenonderhoud sportvelden P Versoberen meerjaren onderhoud, sportvelden en de inrichting. 5-35 Pannaveldjes verwijderen P Bij de sportcomplexen Strokel, Parkweg en Mheenzicht liggen 3 pannaveldjes. Deze veldjes zijn niet noodzakelijk voor het voetballen, maar aangelegd als speelgelegenheid.
13
5-36 Subsidieregeling voor kleine subsidiepartners P Opstellen van een nieuwe subsidieregeling voor kleine structurele subsidiepartners. Deze subsidiepartners gaan daarmee op termijn van de begroting af en komen onder een nieuwe of aangepaste subsidieregeling te vallen. De subsidieplafonds van de huidige regelingen worden verlaagd. We gaan scherpere randvoorwaarden opstellen voor de nieuwe of aangepaste regelingen. Voordat er een regeling wordt opgesteld, moet er eerst contact met de subsidiepartners worden gezocht om meer te leren over hun activiteiten en begroting en de eventuele noodzaak voor de subsidie. De grote subsidiepartners blijven aparte begrotingssubsidies behouden (waarvoor aparte ombuigingsvoorstellen worden gemaakt). Dit betreft de andere - kleinere - subsidiepartners, die onder de regeling komen te vallen. Indicatief gaat dit momenteel om ca. € 437.000,- die binnen deze regeling komen te vallen. Doel / taakstelling is om hier een bezuinigingsopdracht van ca. 20% op te realiseren; de subsidieplafonds worden verlaagd en er worden middels scherpe subsidievoorwaarden bezuinigingen gerealiseerd.
Dit zal niet alleen een budgettaire impact hebben, maar eveneens tot meer transparantie leiden. 5-38 Multiculturele activiteiten verminderen P Budget multiculturele activiteiten verlagen met circa 35%. 5-40 Taakstelling beheer en onderhoud groen P De taakstelling betreft een te realiseren besparing voor het onderhoud van openbaar groen, bossen, speelplaatsen en sportvelden. De invulling vergt nadere uitwerking, waarbij stapeling van de effecten moet worden voorkomen. 5-40b Taakstelling beheer en onderhoud groen P De taakstelling betreft een plusvariant vanuit de C-categorie. Dit is een extra te realiseren besparing voor het onderhoud van openbaar groen, bossen, speelplaatsen en sportvelden. De invulling vergt nadere uitwerking, waarbij stapeling van de effecten moet worden voorkomen. De plusvariant betreft een verdere intensivering hiervan waarbij substantiële effecten op behoud en ontwikkeling van flora en fauna het gevolg zullen zijn.
Programma 6 Sociaal domein 6-01 Zorgdat - Kindwerk (subsidie verlagen) P In 2024 is vooruitlopend op deze ombuigingen al circa20% op het budget van Zorgdat bezuinigd. Er is strak gestuurd op de inzet van Zorgdat door projecten te beëindigen, incidentele en structurele subsidies te verminderen, lagere indexatie (CAO) toe te kennen en om taken om te buigen passend bij de Nota Sociaal Domein. Dit houdt o.a. in dat projecten als geluksgericht werken, laaggeletterdheid en de inzet vanuit de NPO-middelen in 2024 deels zijn beëindigd. u is het voorstel om kinderactiviteiten zoals het Huttenfeest af te schaffen en de inzet op N kinderwerk te verminderen. Het kinderwerk wordt bekostigd uit het budget MAS (maatschappelijke stage). 6-02 Stimuleren van eigen inzet van inwoners P Deze ombuiging betreft het samenbrengen van de versnipperingaan wijk- en vrijwilligersbudgetten en hier een efficiciencyslag in te maken en voor de organisatie van activiteiten dus meer in te zetten en gebruik te maken van de motivatie van inwoners. We willen voorkomen dat we vanuit de gemeente professionals betalen, waar inwoners het heel goed zelf kunnen. Dit sluit aan bij ‘Harderwijk zijn wij Samen’ en de visie op Burgerschap. En een mooie bijvangst hiervan is meer aandacht voor elkaar.
14
6-03 Subsidie buurthuizen verlagen P Exploitatiesubsidie buurthuizen harmoniseren. Via een uniform tarievenstelsel de huurtarieven voor heel Harderwijk gelijk trekken en waar mogelijk verhogen. Uitgangspunt is dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. 6-04 Lokale Inclusie Agenda en Regenboogbeleid P De Lokale Inclusie Agenda is een wettelijke verplichting. Er is tot en met 2026 45.000 euro per jaar toegezegd. Per 2027 wordt dit bedrag opnieuw aangevraagd in de kadernota (structureel). Inwoners hebben de afgelopen periode het beleid vormgegeven, gericht op leren en verbeteren. Voor de nieuwe periode kan het een heel ander karakter krijgen, wederom met invulling van inwoners. Een ombuiging is mogelijk door beide beleidscycli aan elkaar te koppelen per 2027, evenals de inzet van inwoners. Er blijft wel sprake van een apart regenboogthema. 6-06 Bureau slachtofferhulp (subsidie verlagen) P Voorgesteld wordt een verlaging van 25% van de subsidie toe te passen. Het betreft hier een gemeentelijke bijdrage die niet wettelijk verplicht is. De subsidie draagt bij aan de organisatiekosten van de regio's en een deel van de hulpverleningskosten. Met deze bijdrage wordt een deel van de kosten voor onze dienstverlening aan individuele slachtoffers van strafbare feiten en verkeersongevallen gedekt.
En een deel van de kosten voor onze 24/7 piketdienst voor eerste opvang van slachtoffers of nabestaanden, waar we bereikbaar zijn voor gemeenten en de GGD bij calamiteiten en incidenten. 6-07 AZC overschot middelen faciliteitenbesluit P Dit betreft het overschot van de afgelopen jaren op de middelen vanuit het faciliteitenbesluit. Dit bedrag laten we nu vrijvallen als ombuiging. 6-08 Minimabeleid van 120% naar 110% P Het verlagen van de grens voor het minimabeleid van 120% naar 110% van de bijstandsuitkering. Gezinnen met een inkomen tussen 110% en 120% van de bijstandsnorm kunnen hun recht op bepaalde vormen van ondersteuning verliezen, zoals kwijtschelding van gemeentelijke belastingen, tegemoetkomingen voor schoolkosten, of andere sociale voorzieningen die gebaseerd zijn op de minimagrens. Dit kan leiden tot financiële druk en een verminderd vermogen om in de basisbehoeften te voorzien voor deze gezinnen. 6-09 Bestaanszekerheid Stichting Leergeld P Stichting Leergeld ontvangt subsidie voor hulp aan kinderen die opgroeien in armoede. De afgelopen jaren is sprake van een stijging van het aantal aanvragen en daarmee een stijging van de kosten. Met het oog op de ombuigingen stellen we een bezuiniging voor van 8% per jaar vanaf 2026.
Doel blijft om zo goed mogelijk te voorzien in de hulpvragen en tegelijk de kosten in de hand te houden. 6-10 Loonkostensubsidie voor alle doelgroepen met lage loonwaarde P Investeren in LKS (loonkostensubsidie) voor alle doelgroepen met lage loonwaarde. Voor cliënten en werkgevers kan LKS de kans op een geslaagde, duurzame match – en daarmee de kans op duurzame uitstroom – vergroten. Voor de gemeente resulteert dit in een besparing op de BUIG. Voor inwoners met een lage loonwaarde biedt de bouwsteen perspectief. Ze komen in het Doelgroepenregister te staan. Voor de uitvoering betekent het doelgerichter werken en meer loonwaardemetingen. 6-11 Invoering SROI-beleid en -functionaris P Invoering van SROI-beleid (social return on investment) en een SROI-functionaris biedt voordelen voor cliënten en voor de realisatie van Participatiewet-doelen. De voordelen betalen zich voor de gemeente alleen financieel uit als de gemeente eist dat leveranciers werk bieden
15
an cliënten. Dat is een nadeel voor werkgevers, zeker als ze in meerdere gemeenten werken en a weinig implementatiecapaciteit hebben. 6-12 Subsidie stichting Mensen in Nood beëindigen P Binnen de begroting is budget beschikbaar voor subsidie aan Stichting Mensen in Nood. Deze stichting helpt mensen met voedsel, huishoudelijke artikelen, kleding, schoenen en huisraad. In 2024 is door Stichting Mensen in Nood 0341 geen subsidie aangevraagd. Het lukt de stichting om de activiteiten zelfstandig uit te voeren met hulp van lokale partners. Door inkomsten uit fondsen en giften heeft de stichting geen beroep hoeven doen op subsidie. Om die reden is het voorstel om de structurele subsidie volledig te schrappen. 6-13 Doelen koppelen aan investeringen in de re-integratie P Doelen koppelen aan re-integratie vanuit de gemeenten. Aansluitend bij het toekomstscenario van Inclusief Groep. Deze ombuiging is erop gericht om concretere doelen te koppelen aan de middelen van re-integratie, met als doel een besparing op de BUIG. 6-14 Aanpak van GGZ en verslavingsproblemen cliënten P De inzet van specialistische zorg (ggz, verslavingszorg) kan problemen aanpakken bij de bron. Cliënten ervaren drempels om in zorg te gaan. De gemeente kan deze drempels wegnemen door eigen risico te betalen (bijzondere bijstand) en door cliënten te begeleiden naar zorg (Wmo).
Het wegnemen van drempels biedt cliënten perspectief en biedt de gemeente de kans om de effectiviteit van het beleid te vergroten, zonder dat dit veel investeringen vergt. 6-15 Aanbod collectieve voorzieningen (Wmo) vergroten P De beweging inzetten om het aanbod van collectieve voorzieningen te vergroten. Het gaat om maatwerkvoorzieningen zoals incidentele rolstoelen en scootmobielen. Niet iedereen met een individuele scootmobiel maakt daar dagelijks gebruik van en tegelijkertijd is er bij veel woningen/flatgebouwen geen ruimte om (nog meer) scootmobielen te stallen. Per 1 juli 2024 is er strengere regelgeving omtrent het stallen van scootmobiel, dit kan mogelijk kostenverhogend zijn voor de Wmo. Door het inrichten van poolvoorzieningen kunnen inwoners op een andere manier gebruik blijven maken van een scootmobiel en kunnen stallingsproblemen worden voorkomen. Het inrichtingen van algemene voorzieningen is mogelijk, het is niet in strijd met de inkoopafspraken met de leveranciers van hulpmiddelen. Mogelijk heeft dit effect op de inkomsten vanuit de abonnementstarief, op collectieve voorziening wordt namelijk geen eigen bijdrage geïnd. 6-16 Wmo lichte hulpverlening voorliggend aanbieden P Deel van de (ambulante) begeleiding voorliggend aanbieden.
De verwachte lagere kosten worden vooral verklaard doordat een ondersteuningstraject gemiddeld minder intensief en minder lang wordt ingezet. Daar moet wel op gestuurd worden. Naast een besparing op de programmakosten is ook een besparing op de uitvoeringskosten mogelijk, omdat voor cliënten die hulp voorliggend aangeboden krijgen geen indicatie meer nodig is. Zowel begeleiding individueel als dagbesteding; naar beneden bijgesteld omdat al gedeeltelijk lichte begeleiding als algemene voorziening wordt ingekocht. Als gevolg van het voorliggend aanbieden van begeleiding, kunnen middelen worden herverdeeld naar andere gebieden binnen de sociale basis. Het kan nodig zijn om de capaciteit en beschikbaarheid van voorveldsdiensten te vergroten. Dit kan bijvoorbeeld inhouden dat er meer algemene voorzieningen worden opgezet of uitgebreid. Dit kan bijvoorbeeld gaan om preventieve programma's, gemeenschapsinitiatieven of ondersteuning voor vrijwilligersorganisaties die een rol spelen in het bieden van ondersteuning aan kwetsbare groepen. 6-17 Versterken actieve regie bij stapeling Wmo P De inzet van voorzieningen is gedeeltelijk geconcentreerd bij een aantal huishoudens waar sprake is van stapeling van problematiek en van voorzieningen. Er zijn vaak meerdere hulpverleners betrokken bij één huishouden. Het vergt actieve regie om de inzet van alle
16
ulpverleners effectief en doelmatig te houden. Doorrekeningen voor andere gemeenten leveren h een geschatte verwachte besparing van verbetering op van de aanpak van huishoudens met veel voorzieningen, dat kan oplopen tot 10% of 15% van het totale gebruik van maatwerkoplossingen van huishoudens met veel voorzieningen. 6-18 Scherper toepassen normaliseren van het kader Wmo huishoudelijke hulp P In 2022 heeft de gemeente het normenkader geactualiseerd. Het scherper toepassen van het nieuwe normenkader leidt in de praktijk tot lagere indicaties. De lagere indicatiestelling heeft geleid tot een toename van het aantal bezwaren. Door deze bouwsteen te combineren met bouwsteen 3b (afschaling) en door concrete streefwaarden te benoemen voor de mate van afschaling kan de gemeente het geactualiseerde normenkader benutten. Bovendien is de aanpassing van het abonnementstarief een steun in de rug voor de gemeente om de inzet van huishoudelijke hulp te normaliseren. 6-19 Versterken toezicht Wmo/Jeugdhulp P Versterken toezicht Wmo/Jeugdhulp. Adequaat toezicht draagt bij aan een verlaging van de kosten. De reden is dat aanbieders soms meer uren factureren dan er daadwerkelijk zijn ingezet of niet aan de kwaliteitseisen voldoen. In sommige gevallen is er sprake van fraude. Er is tot voor kort slechts beperkt sprake van toezicht op Jeugdhulp.
Het aanstellen van de toezichthouder zal voor de gemeente naar verwachting financieel meer opleveren dan dat het kost. 6-20 Jeugd lichte hulpverlening voorliggend aanbieden P Jeugd- en opvoedhulp zonder specialistische zorg kunnen aangeboden worden door het CJG, incl. basis-ggz of als collectieve voorziening. De voorbereidingen daartoe zijn al begonnen. Zo is/wordt bij het CJG er al personeel geworven. Het voorliggend aanbod kan georganiseerd worden bij een welzijnsstichting of een andere organisatie die lichte ondersteuning biedt. 6-21 Aanstellen CJG'er bij huisartsen P De huisartsverwijzingen naar jeugdhulp is bijna 40%. Uit onderzoek is gebleken dat er relatief veel verwijzingen zijn door huisartsen naar jeugdhulp en jeugd-ggz. Een CJG’er bij de huisarts kan het aantal verwijzingen verminderen, alsmede de intensiteit van de geïndiceerde jeugdhulp. Er is recent al een pilot ‘ CJG’er bij huisartsen’ geëvalueerd. De resultaten zijn positief, zowel inhoudelijk als financieel. Zowel huisartsen als het CJG zijn tevreden over de samenwerking. 6-22 Versterken actieve regie bij stapeling jeugd P De inzet van voorzieningen is gedeeltelijk geconcentreerd bij een aantal huishoudens waar sprake is van stapeling van problematiek en van voorzieningen. Er zijn vaak meerdere hulpverleners betrokken bij één huishouden.
Het vergt actieve regie om de inzet van alle hulpverleners effectief en doelmatig te houden. Doorrekeningen voor andere gemeenten levert een geschatte verwachte besparing en verbetering op van de aanpak van huishoudens met veel voorzieningen, dat kan oplopen tot 10% of 15% van het totale gebruik van maatwerkoplossingen van huishoudens met veel voorzieningen. 6-23a Scherpere indicatiestelling Jeugd P Scherpere indicatiestelling kan op verschillende manieren effect hebben op de afgegeven beschikkingen en kosten: - Minder buitengecontracteerde zorg en kortere trajectduur (m.n. relevant voor jeugdhulp, waar relatief veel buitengecontracteerde zorg wordt geïndiceerd en urenoverschrijdingen plaatsvinden) - Afschalen en vaker verwijzen naar het voorveld (m.n. relevant voor jeugdhulp) - Afname inzet PGB door middel van gerichte toezicht via kwaliteitsmedewerker Jeugd en toezichthouder Jeugd van Meerinzicht. Beleidsregels aanscherpen mbt informeel PBG (binnen eigen netwerk) e ombuiging die met bovenstaande maatregelen kan worden gerealiseerd brengen wij ten D gunste van de bestaande ombuigingstaakstelling op het sociaal domein.
17
6-24 Overschot Beschermd wonen P Voor Beschermd wonen wordt al enkele jaren een financieel overschot gerealiseerd, vooral vanwege de ruime rijksbijdrage. De toekomstige omvang van het overschot is afhankelijk van de vraag naar beschermd wonen enerzijds en de omvang van de rijksbudgetten anderzijds. Wij stellen voor dit overschot (deels) in te zetten voor de ombuigingsopgave. Er wordt al jaren door het Rijk gesproken over decentralisatie van Beschermd wonen. Indien dit het geval is, zal het huidige financiële overschot mogelijk onder druk komen te staan. 6-25 Lokale subsidie Tactus verslavingszorg verlagen P Het voorstel is om het budget voor delokalesubsidievan Tactus met 8% te verlagen. Tactus heeft al jaren een hoog uurloon, waar we jaarlijks het gesprek over hebben. Bij Tactus is voor de subsidie van 2024 al aangegeven dat voor 2025 hierover opnieuw het gesprek zal worden aangegaan. 6-26 Overschot Dak- en thuislozen P Het budget voor dak- en thuislozen wordt momenteel ten dele ingezet. De begroting kan naar beneden bijgesteld worden. Met de regionale bijdrage voor maatschappelijke opvang kan er nu voldoende opvang georganiseerd worden.
Programma 7 Duurzaamheid en milieu 7-01 Budget gemeentelijk gezondheidsbeleid verlagen P In de afgelopen jaren is gemiddeld minder voor de uitvoering van het gemeentelijke gezondheidsbeleid uitgegeven dan beschikbaar. 7-04 Stoppen met schoolfruit P Het gemeentelijk schoolfruitprogramma zal stoppen als gevolg van deze ombuiging. De basisscholen kunnen mee blijven doen aan het EU-schoolfruitprogramma. 7-05 Riolering - stoppen meten en monitoring (tarief riolering) P Op een aantal punten wordt samengewerkt met medeoverheden op het gebied van meten en monitoren van de afvalwaterketen, hoge resolutie neerslagradar en grondwatermeetnet. Deze activiteiten worden beëindigd. Deze besparing wordt verrekend in het tarief voor riolering. Door te stoppen met meten en monitoring wordt belangrijke informatie voor beleidsvorming gemist en kan niet meer goed geanticipeerd worden. 7-06 Stelpost riolering schrappen P In de begroting is een stelpost opgenomen die kan komen te vervallen. 7-07 Niet meer sparen voor periodieke planvorming (tarief riolering) P Sinds 2015 wordt er 'gespaard' voor periodieke actualisatie van planvorming.
Veel planvorming is geactualiseerd en het reeds gespaarde bedrag is voldoende tot en met 2028. Deze besparing wordt verrekend in het tarief voor riolering. 7-08 Stoppen regionale samenwerking Water en Klimaatadaptatie (tarief riolering) P Samenwerking op het gebied van Water en Klimaatadaptatie (7 gemeenten Noord Veluwe, Waterschap Vallei en Veluwe, Vitens en provincie Gelderland). Er wordt aan een groot aantal onderwerpen gewerkt die ook maatschappelijk actueel zijn zoals Water en Bodem Sturend en de knelpunten in de zoetwaterverdeling, zoals dreigende tekorten aan drinkwater in droge perioden.
18
7-10 Subsidieplafond Klimaatadaptieve voorzieningen P Beperken plafond voor subsidieregeling klimaatadaptieve voorzieningen privaat terrein. Oorspronkelijk €100.000 incl. €20.000 bijdrage waterschap, momenteel €80.000. Aantal aanvragen 2021-2023 is beperkt (€5.000-€15.000). Regeling is recent overigens aangepast en uitgebreid. 7-11 Afschaffen 2x gratis aanbieden grofvuil milieustraat (tarief afval) P Afschaffen 2x gratis aanbieden grofvuil milieustraat. De kosten voor het gebruik van de milieustraat worden betaald door de gebruiker. Deze besparing wordt verrekend met de afvalstoffenheffing. 7-12 PMD brengpunt milieustraat sluiten (tarief afval) P Het PMD brengpunt milieustraat sluiten levert een besparing op. Goede communicatie over nascheiding is wel van belang. Deze besparing wordt verrekend met de afvalstoffenheffing. 7-13 De energieke stad beëindigen P Uit dit budget voor uitvoering van het energietransitiebeleid worden onderzoeken, tijdelijke capaciteit en kleine projecten uitgevoerd. Door deze ombuiging kunnen de doelstellingen vanuit de ‘energieke stad’ niet gerealiseerd worden. 7-14 Subsidie Hortus verlagen P Hortus ontvangt jaarlijks subsidie voor het organiseren van de boomfeestdag. Deze subsidie wordt beëindigd.
Voor de boomfeestdag wordt alternatieve dekking zoals sponsoring onderzocht. 7-15 Samenwerking duurzaamheid beperken (voormalig SNV) P We gaan in gesprek met de regionale samenwerking om de bijdrage te verlagen met circa 25%. Dit betekent dat de samenwerking verder gaat focussen. Hierbij is de koppeling met de Regionale Energiestrategie te maken. 7-16 Milieubeheer - deelbudget opheffen P Het budget is bedoeld voor adhoc milieuonderzoek. De afgelopen jaren is gebleken dat dit budget niet of beperkt ingezet hoefde te worden. Deze ruimte valt nu vrij. 7-18 100% Dekking Begraafplaatsen P De kostendekkendheid voor begraven is bestuurlijk bepaald op 90%. Door de tarieven te verhogen naar 100% kostendekkendheid, realiseren we een ombuiging. Dit voorstel heeft t/m 2028 effect omdat door dalende kapitaallasten vanaf 2029 het tarief naar beneden moet worden bijgesteld.
Programma 8 Ruimte en wonen 8-01 Budget omgevingsplan verlagen P Dit budget is bestemd voor de voorbereidingen en het beheer van het omgevingsplan. In de eerste jaren van de Omgevingswet voor het fasegewijs opbouwen van het omgevingsplan. Daarna voor het actueel houden en beheren van het gemeentelijk omgevingsplan. Door verlaging van dit budget doorontwikkeling en actualisatie van het omgevingsplan in een lager tempo plaatsvinden. 8-05 Geen volkshuivestelijk programma 2026 P Geen uitvoering geven aan het volkshuisvestelijk programma in 2026. Dit vermindert de sturing en regie op de woningbouwopgave.
19
8-06 Geen vraaggestuurde woningbouwprogrammering P Geen uitvoering geven aan vraaggestuurde woningbouwprogrammering. Door geen monitoring op de voortgang van woningbouwopgave is er minder inzicht en kan er minder gestuurd worden. Ook kan de raad minder goed worden geïnformeerd. 8-08 Verhogen bouwleges P Er is ruimte voor verhoging van de leges voor omgevingsvergunningen. Dit onderdeel is nog niet volledig kostendekkend. De bouwkosten worden hierdoor hoger. 8-09 Grond uitgeven in erfpacht bij nieuwe grondexploitatie P Bij woningbouw wordt nu uitgegaan van verkoop van grond in plaats van erfpacht. Wanneer met erfpacht wordt gewerkt ontstaat een structurele jaarlijkse opbrengst in plaats van een incidentele opbrengst bij verkoop. Binnen lopende ontwikkelprojecten is het invoeren van een erfpachtconstructie onmogelijk gezien contractuele afspraken. Bij nieuwe projecten met eigen grondpositie is dit te overwegen. Dit voorstel levert op zijn vroegst in 2029 een financieel effect op en vraagt nog om nadere uitwerking. 8-10 School Harderweide P In Harderweide is grond gereserveerd voor huisvesting van een school (het Koraal). Hierbij wordt nu uitgegaan van verkoop van de grond. Een andere financiële verwerking van deze grond of deze grond uitgeven in erfpacht levert met ingang van 2029 een structurele besparing op.
20