Bijlage 11 Bundel DS 1. Participatiewet
Tekst van het document
Advies ombuigingen Meerinzicht Aan:
Burgemeester en Wethouders
Gemeente
Steller:
Accounthouder Meerinzicht
Portefeuilehouder
Medewerker Meerinzicht: Max de Kloe Participatie 8 september 2025 Ja
Openbaar Stuk(ken) bijgevoegd: Te volgen route:
Ermelo Harderwijk Zeewolde Erik van der Weide Marcel Companjen / Maarten Reckman Erik van de Beld Ja Ja 3
Datum vergadering:
9 december 2025
Afdeling: Datum voorstel: Raadsvoorstel bijgevoegd: Bundel Bevat voorstellen:
DS. 1 Participatie 16. Sociaal medische indicatie 18. Arbeidsmakelaar 21. Versterken debiteurenbeheer 22. Rechtmatigheid - inzet op naleving 17a. Tegemoetkoming aanvullende Zorgverzekering 17b. Tegemoetkoming bij chronische ziekte opnemen in CAV
Onderwerp Voorstel ombuigingen participatie Het college van B&W besluit:
1.
2. 3. 4.
in te stemmen met ombuigingsvoorstellen; 1.1. 16. Sociaal medische indicatie 1.2. 18. Arbeidsmakelaar 1.3. 21. Versterken debiteurenbeheer 1.4. 22. Rechtmatigheid - inzet op naleving ombuigingsvoorstel 17a aan te houden en terug te laten komen bij de bundel ‘Denkrichtingen’; niet in te stemmen met ombuigingsvoorstel: 3.1. 17b. Tegemoetkoming bij chronische ziekte opnemen in CAV de raad voor te stellen de budgettaire gevolgen te verwerken in de begroting conform bijgevoegd raadsvoorstel.
Definitief besluit Wordt nadien ingevuld. Inleiding Deze bundel bevat zes ombuigingsvoorstellen van Meerinzicht. Alle voorstellen sluiten aan bij de Nota Sociaal Domein en dragen bij aan structurele verbetering van dienstverlening, doelmatigheid en de rechtmatigheid van de uitvoering van de Participatiewet. Het eerste voorstel moet leiden tot een eenvoudigere, doelmatige uitvoering van de SMI regeling, die ouders tijdelijk ondersteunt als er om sociaal-medische redenen een vergoeding in de kosten van kinderopvang nodig is. Het voorstel ziet erop toe dat belanghebbenden betere begeleiding krijgen voorafgaand en tijdens de SMI-verstrekking. Het tweede voorstel betreft het werven van een arbeidsmakelaar. De arbeidsmakelaar ondersteunt uitkeringsgerechtigde inwoners met een korte afstand naar werk. Door deze inwoners te helpen met solliciteren, en hen voor te stellen bij lokale werkgevers, verwachten we dat een deel van de uitkeringsgerechtigde inwoners sneller uitstroomt naar werk. Het derde voorstel moet leiden tot een socialere vorm van incasseren, waarbij de nadruk ligt op goed contact met de inwoner. Dit moet leiden tot snellere terugbetaling en minder gevoel van stress voor de belanghebbende. Het vierde voorstel betreft een inzet op de naleving van de rechtmatigheid van de bijstandsuitkeringen.
Door naleving kunnen inwoners en belanghebbenden erop kunnen vertrouwen dat de gemeente oneigenlijk gebruik van het verstrekken van een voorziening voorkomt. Ook biedt het nalevingsgesprek kansen om uitleg te geven over de rechten en plichten van de uitkering, zodat onbedoelde onrechtmatigheden voorkomen kunnen worden. Het vijfde voorstel betreft het beëindigen van de tegemoetkoming aanvullende zorgverzekering (TAZ). Deze regeling dient hetzelfde doel als de collectieve aanvullende zorgverzekering (CAZ). De CAZ is echter efficiënter uit te voeren. Door bij de samenstelling van de CAZ rekening te houden met de zorgvragen van de doelgroep maken we de CAZ doelmatig en efficiënt. Uit de bestuurlijke voorbesprekingen blijkt dat de wethouders wensen dat dit voorstel een jaar wordt aangehouden. Het zesde voorstel wordt afgeraden. Dit voorstel beschrijft de optie de tegemoetkoming bij chronische ziekte als regeling te beëindigen, maar dit op te vangen door het eigen risico mee te verzekeren in de CAV. Na onderzoek blijkt dit voorstel niet wenselijk op dit moment. Argumenten 1.1 t/m 1.4 Aandacht werkt In de ombuigingsvoorstellen participatie gaan we ervan uit dat aandacht werkt. Contact met de inwoner stimuleert wederzijds vertrouwen en begeleiding helpt mensen vooruit.
Door te investeren in contact met onze inwoners verwachten we betere dienstverlening te kunnen leveren én efficiënt om te kunnen gaan met gemeenschapsgeld. 2.1 Zo kunnen we inspelen op de actuele ontwikkelingen rondom de collectieve zorgverzekering
De collectieve zorgverzekering (CAZ) biedt meerdere voordelen voor inwoners ten opzichte van een reguliere aanvullende zorgverzekering. Anders dan bij een reguliere aanvullende zorgverzekering worden deelnemers altijd geaccepteerd. Er wordt niet gekeken naar de gezondheid van deelnemers of de medische geschiedenis. Met de CAZ kan er goede dekking voor zorgkosten worden garandeert voor de doelgroep. Bovendien zijn de structurele uitvoeringskosten voor de uitvoering van de collectieve zorgverzekering (CAZ) zijn lager dan wanneer naast de CAZ ook de Tegemoetkoming aanvullende zorgverzekering (TAZ) wordt uitgevoerd. Tegelijkertijd zijn er zorgen over of de huidige CAZ voor alle kwetsbare doelgroepen aantrekkelijk genoeg is. Deze inwoners kunnen momenteel uitwijken naar de TAZ. We werken aan een steeds passender aanbod binnen de CAZ, passend bij de zorgbehoefte van de inwoner. Met het aanhouden van dit voorstel (17.a.) kan eerst gewerkt worden aan de verbetering van de CAZ, voordat de TAZ wordt stopgezet. 3.1 Er is momenteel geen goed alternatief voor de tegemoetkoming chronisch zieken De huidige aanbieder van de collectieve aanvullende zorgverzekering biedt geen mogelijkheid om het eigen risico mee te verzekeren. Het stoppen van de tegemoetkoming chronisch zieken (voorstel 17.b.) zou daarmee een groot nadelig effect hebben voor een financieel kwetsbare doelgroep.
Kanttekeningen 4.1 De frictiekosten leiden tot een hogere (structurele) bijdrage aan de GR Meerinzicht. Om de taakstelling zorgvuldig te realiseren, zijn frictiekosten noodzakelijk. Hierdoor is een hogere bijdrage aan de GR Meerinzicht vereist.
Financiële toelichting De budgettaire gevolgen van de vijf ombuigingsvoorstellen zijn in onderstaande tabellen samenvattend weergegeven. Het afgeraden ombuigingsvoorstel (17.b) en het aangehouden voorstel (17.a) zijn niet meegenomen in de onderstaande tabel. Deze bundel met voorstellen leidt tot een hogere bijdrage aan de GR Meerinzicht, de besparing op de zorgkosten landt in de gemeentelijke begroting. Voor de dekking van de frictiekosten van voorstel 21 is onderzocht of middelen vanuit het rijk ‘Participatiewet in balans’ in aanmerking komen. Dat is niet het geval. Totale budgettaire gevolgen (-/- = investering / frictiekosten)1
1
Bedragen x 1.000 euro
2026
2027
2028
2029
Investering uitvoeringskosten GR Meerinzicht
-136
-271
-271
-205
Bij de voorstellen waarbij het een besparing of investering op formatie betreft is in de berekening rekening gehouden met de nu geldende loonsom conform vastgestelde CAO 2025-2027.
Besparing op uitvoeringskosten GR Meerinzicht2
0
0
0
Besparing op zorgkosten binnen gemeentelijke begroting
235
470
470
390
Totaal
99
199
199
185
2026
2027
2028
2029
25 57 17 99
51 114 34 199
51 114 34 199
47 106 32 185
Totale budgettaire gevolgen per gemeente Bedragen x 1.000 euro
Ermelo Harderwijk Zeewolde Totaal
Overzicht van de voorstellen 1. Voorstel: Sociaal medische indicatie ( 16) Besparing: 60.000 per jaar (heeft een effect op de zorgkosten binnen de gemeente begroting) Frictiekosten: 46.000 per jaar (leidt tot extra uitvoeringskosten Meerinzicht) 2. Arbeidsmakelaar (18) Besparing: 160.000 per jaar, gedurende 3 jaar (heeft een effect op de zorgkosten binnen de gemeente begroting) Frictiekosten: 92.000 per jaar, gedurende 3 jaar (leidt tot extra uitvoeringskosten Meerinzicht) 3. Versterken debiteurenbeheer (21) Besparing: 90.000 per jaar (heeft een effect op de zorgkosten binnen de gemeente begroting) Frictiekosten: 41.000 per jaar (leidt tot extra uitvoeringskosten Meerinzicht) 4. Rechtmatigheid - inzet op naleving (22) Besparing: 160.000 per jaar (heeft een effect op de zorgkosten binnen de gemeente begroting) Frictiekosten: 92.000 per jaar (leidt tot extra uitvoeringskosten Meerinzicht) 5.
2
Tegemoetkoming aanvullende Zorgverzekering (17.a) Besparing op een extra aanvraag Kadernota 2027 : 35.000 (0,5 FTE) per jaar vanaf 2027 (leidt tot minder uitvoeringskosten Meerinzicht) Frictiekosten: 50.000 in 2026 (leidt tot extra uitvoeringskosten Meerinzicht)
Bij toekomstig akkoord op het aangehouden voorstel 17a leidt dit tot een lagere toekomstige aanvraag bij de gemeentelijke kadernota 2028. (1,52 fte i.p.v de 2 fte vanaf 2028 - 35.000 euro).
6.
Tegemoetkoming bij chronische ziekte opnemen in CAV (17.b) Niet meegenomen in het overzicht. Zie potentiële besparing in het ombuigingsvoorstel.
Planning/process Zie hiervoor de uitgewerkte ombuigingsvoorstellen.
Overige ondersteunende diensten en OR N.v.t.
Integraal afgestemd met A.Borsboom, afdelingsmanager telefonie&administratie K. Morlog, afdelingsmanager Participatie S. van der Marck, directeur Meerinzicht Domein Sociaal P. van Meer, financieel adviseur GR MizDS Vakgroep bestaanszekerheid en perspectief op werk EHZM (waaronder V. Schouten, A.bruin, D.Jonker, R.Keesmaat)
Bijlage(n) 1. 16. Sociaal medische indicatie 2. 18. Arbeidsmakelaar 3. 21. Versterken debiteurenbeheer 4. 22. Rechtmatigheid - inzet op naleving 5. 17a. Tegemoetkoming aanvullende Zorgverzekering 6. 17b. Tegemoetkoming bij chronische ziekte opnemen in CAV
Uitwerking ombuigingsvoorstel Meerinzicht
Naam voorstel: Onderdeel van bundel: Voorstel raakt:
16. Sociaal medische indicatie DS 1. Participatie
Adviseur Meerinzicht Afdeling: Stuk(ken) bijgevoegd:
Max de Kloe
Meerinzicht, CJG Harderwijk en Ermelo, jeugdhulp Zeewolde Te volgen route
3
Sociaal Domein
Omschrijving voorstel De regeling ‘sociaal-medische indicatie’ biedt tijdelijk verlichting aan kwetsbare gezinnen door de kosten voor kinderopvang te vergoeden als er geen recht is op kinderopvangtoeslag. De indicatiestelling (de inhoudelijke beoordeling van de sociale-medische omstandigheden) wordt gedaan door het CJG (Harderwijk en Ermelo) en door team jeugdhulp Zeewolde (team binnen Meerinzicht Domein Sociaal). De aanvraag wordt na de indicatiestelling beoordeeld door het team bijzondere bijstand. Daarbij wordt de aanvraag getoetst aan de voorwaarden van de regeling en de inkomenssituatie van het gezin i.v.m. de hoogte van de eigen bijdrage. Bij de indicatiestelling worden afspraken gemaakt over hoe de ouders werken aan een oplossing, samen met hun netwerk. Op deze afspraken vindt momenteel niet altijd navolging vanuit het CJG, team Jeugdhulp Zeewolde of Meerinzicht. Dit is het geval wanneer de belanghebbende geen andere ondersteuningsvraag heeft bij het CJG of team Jeugdhulp Zeewolde. Met beter contact met de inwoner, en betere regie op de afspraken verwachten we inwoners sneller te kunnen helpen met een structurele oplossing. Hierdoor verwachten we minder aanvragen voor verlengingen. Daarnaast staat het huidige beleid een doelmatige uitvoering van de SMI in de weg.
Door te werken met 100 procent vergoeding voor inwoners met een inkomen tot 120% van de betreffende bijstandsnorm is een aparte aanvraag bijzondere bijstand niet meer nodig. Dit voorkomt eveneens dat het vermogen moet worden beoordeeld. Door het aantal dagen SMI te beperken begrenzen we de uitgaven en creëren we duidelijkheid over in welke situaties SMI een oplossing kan zijn en wanneer andere of aanvullende hulp nodig is.
Argumenten 1. De regievoering op SMI is onvoldoende belegd, en krijgt hierdoor onvoldoende aandacht. Momenteel wordt door het gebrek aan monitoring in sommige gevallen verlenging aangevraagd, waar dit voorkomen had kunnen worden. Door het gehele proces van aanvraag, beoordeling en regievoering laten uitvoeren door één functionaris of door een ervaren organisatie op dit gebied is er voor de inwoner een duidelijk contactpersoon. Het plan van aanpak wordt gemonitord en onnodige verlengingen van de SMI worden hierdoor voorkomen. Belanghebbenden komen mogelijk sneller tot een oplossing voor de problematiek. Daarnaast kan door de indicatiestelling te concentreren bij een expert op dit gebied vooraf kritischer worden meegekeken hoeveel uur kinderopvang noodzakelijk is en of er voorliggende mogelijkheden of voorzieningen (peuteropvang/ eigen netwerk/ zorgverlof werkgevers) zijn. 2. De huidige beleidsregels staan een doelmatige uitvoering van de regeling in de weg Momenteel wordt er bij de beoordeling van de aanvraag rekening gehouden met het inkomen. Voor de berekening van de eigen bijdrage wordt de inkomenstabel van de landelijke kinderopvangtoeslag gebruikt. Hiermee sluit de SMI regeling aan bij de landelijke kinderopvang. Inwoners met een laag inkomen kunnen voor de eigen bijdrage vervolgens bijzondere bijstand aanvragen.
Dit maakt het proces onnodig ingewikkeld voor de belanghebbende (2 x een aanvraag, 2x een beoordeling, 2x een besluit en de klant krijgt twee verschillende bedragen overgemaakt). Door te werken met 100 procent vergoeding voor inwoners met een inkomen tot 120% is een aparte aanvraag bijzondere bijstand niet meer nodig. Dit voorkomt eveneens dat het vermogen moet worden beoordeeld. Voor inwoners met een inkomen boven 120% kan zoveel mogelijk worden aangesloten bij de tabel (artikel 6) van het Besluit Kinderopvangtoeslag. 3. De SMI moet stimuleren naar samenredzaamheid De SMI is bedoeld als tijdelijke oplossing voor inwoners die om sociaal-medische redenen plotseling kinderopvang nodig hebben. Gedurende de SMI periode wordt gewerkt aan een oplossing waarin ouder(s), het sociale netwerk, en het lokale voorveld (via initiatieven zoals buurtgezinnen) zoeken naar een structurele oplossing. In sommige gevallen zal de oplossing (een traject richting) werk zijn, en daarbij de aanvraag kinderopvangtoeslag bij de belastingdienst zijn. Wanneer bij de aanvraag SMI de sociaal-medische problematiek zo groot is dat er 4 of 5 dagen per week kinderopvang nodig is, is de kans op een structurele oplossing met behulp van SMI klein. Door het aantal dagen SMI te beperken willen we duidelijkheid creëren over in welke situaties SMI een oplossing kan zijn en wanneer andere of aanvullende hulp nodig is.
Kanttekeningen 1. De besparing is mede afhankelijk van factoren waarop we beperkt invloed op hebben Het voorstel is gebaseerd op een prognose dat de besparing te behalen is met behulp van efficiëntere uitvoering, duidelijke regelgeving en betere ondersteuning waaronder betere doorverwijzingen naar voorliggende voorzieningen. De uiteindelijke besparing is mede afhankelijk van andere factoren zoals voldoende beschikbaarheid van steungezinnen in het netwerk of in het voorveld, en het aantal gezinnen dat SMI aanvraagt. 2. Vanuit beleid Jeugd Ermelo worden niet alle aanpassingen als noodzakelijk gezien
De beleidsadviseur Jeugd van de gemeente Ermelo ziet wel de noodzaak voor goede afspraken en monitoring maar ziet niet direct het voordeel van één regievoerder voor de drie gemeenten. Ook wordt de inperking van het aantal dagen opvang niet als noodzakelijk gezien. De huidige afspraak is dat er door het CJG/team Zeewolde wordt gekeken naar het noodzakelijk aantal uren, waardoor er in veel gevallen al minder dan het maximum aantal uren SMI wordt aangevraagd. Financiële toelichting Dit voorstel voor het aanpassen van de regeling sociaal-medische indicatie (SMI) heeft als doel de efficiëntie te vergroten en de financiële uitgaven te beperken en tevens klanten te stimuleren te werken aan hun problematiek. Hoewel er een investering nodig is voor een regievoerder, wordt verwacht dat deze kosten worden gecompenseerd door besparingen op de uitgaven voor kinderopvang. Het voorstel is gebaseerd op een prognose dat besparingen worden gerealiseerd door een efficiëntere uitvoering, duidelijke regelgeving en betere regie. Budgettaire gevolgen1
Bedragen x 1.000 euro
2026
2027
2028
2029
Uitgaven SMI (Begroting gemeente)
30
60
60
60
Investering formatie regievoerder SMI (Begroting GR Meerinzicht)
-23
-46
-46
-46
7
14
14
14
Totaal
Bovenstaande leidt tot een extra bijdrage van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde aan Meerinzicht voor de uitvoering. In dit voorstel is daarnaast rekening gehouden met een structurele besparing op de zorgkosten Participatie die onderdeel zijn van de gemeentelijke begroting. In onderstaande tabel is het budgettaire effect per gemeente opgenomen. De verdeelsleutel sociaal domein van de GR Meerinzicht wordt gebruikt voor de verdeling per gemeente. Totale budgettaire gevolgen per gemeente Bedragen x 1.000 euro
Ermelo Harderwijk Zeewolde Totaal 1
2026
2027
2028
2029
2 4 1 7
4 8 2 14
4 8 2 14
4 8 2 14
Bij de voorstellen waarbij het een besparing of investering op formatie betreft is in de berekening rekening gehouden met de nu geldende loonsom conform vastgestelde CAO 2025-2027.
Planning/uitvoering De aanpassingen onder beslispunt 2 vragen een aanpassing van de beleidsregels. Omdat er meer gewenste aanpassingen van de beleidsregels nodig zijn, wordt toegewerkt naar een verzamelvoorstel. Na akkoord van het college op het ombuigingsvoorstel SMI worden deze punten meegenomen in de voorbereiding van de eerstvolgende wijziging van de beleidsregels Participatiewet. Optioneel: OR/LO n.v.t. Integraal afgestemd met Karla Morlog (afdelingsmanager Participatie), Patrick van Meer (financieel adviseur), Irene Jansen (senior klantmanager rechtmatigheid). Vakgroep/opgaveteam Bestaanszekerheid en Vakgroep Jeugd.
Bijlage(n) n.v.t.
Uitwerking ombuigingsvoorstel Meerinzicht
Naam voorstel: Onderdeel van bundel: Voorstel raakt:
17a Ombuigingsvoorstel TAZ DS.1 Participatie
Adviseur Meerinzicht Afdeling: Stuk(ken) bijgevoegd:
Max de Kloe
Meerinzicht Te volgen route
3
Sociaal Domein
Omschrijving voorstel Momenteel voert Meerinzicht twee vormen van minimabeleid uit gericht op het afsluiten van een aanvullende ziektekostenverzekering: de collectieve aanvullende zorgverzekering (CAZ) en de Tegemoetkoming aanvullende zorgverzekering (TAZ). Jaarlijks worden er 1.000 aanvragen voor de TAZ gedaan. Deze aanvragen worden door Meerinzicht ieder jaar opnieuw gecontroleerd op inkomen (en vermogen) van de aanvrager en of er aanvullende zorgverzekering is afgesloten. Voor de CAZ wordt dit na de initiële aanvraag jaarlijks door het inlichtingenbureau worden gecontroleerd en volgt er voor een uitval van 10 procent nog een handmatige beoordeling en afhandeling. Voorgesteld wordt per 2027 te stoppen met de tegemoetkoming aanvullende zorgverzekering (TAZ). Hiermee wordt jaarlijks bespaard op de uitvoeringskosten. Een groot deel van de aanvragen verschuift naar de collectieve aanvullende zorgverzekering (CAZ), maar deze regeling kan, na het jaar van de initiële aanvraag, grotendeels geautomatiseerd worden gecontroleerd en verlengd. Inwoners die voorheen de TAZ ontvingen en nu de CAZ aanvragen moeten mogelijk van zorgverzekeraar wisselen. Bij de uitvoering van de minimaregelingen wordt voor het jaar 2025 en 2026 gewerkt met 2FTE extra (vanuit de Kadernota 2025). Op basis van de huidige aantallen aanvragen is deze formatie structureel noodzakelijk.
Door slimmer te werken willen we voorkomen dat we volledige 2FTE bij de Kadernota 2027 opnieuw moeten aanvragen. Dit voorstel maakt hier onderdeel van uit. Hiermee bespaart dit voorstel niet op de huidige meerjarenbegroting.
Argumenten 1. De collectieve zorgverzekering (CAZ) biedt meerdere voordelen voor inwoners ten opzichte van een reguliere aanvullende zorgverzekering. Naast de bijdrage aan de premie heeft de collectieve zorgverzekering (CAZ) andere voordelen voor inwoners. Anders dan bij een reguliere aanvullende zorgverzekering worden deelnemers altijd geaccepteerd. Er wordt niet gekeken naar de gezondheid van deelnemers of de medische geschiedenis. Er wordt wel gekeken naar inkomens- en vermogensnormen die de gemeente stelt. Met de CAZ kan er goede dekking voor zorgkosten worden garandeert voor de doelgroep. Binnen de collectieve zorgverzekering CAZ kunnen belanghebbenden kiezen voor een zorgverzekeringspakket dat past bij hun zorgbehoefte. Gemeenten kunnen hun wensen voor deze pakketten meegeven aan de zorgverzekeraar. Bovendien bieden sommige aanbieders van de collectieve zorgverzekering ook de optie aan specifieke kosten op te nemen in het pakket wanneer de gemeente dit bekostigt. Hiermee kunnen gemeenten de drempel naar specifieke vormen van zorg nog verder verlagen, en het zorgpakket nog beter laten aansluiten bij de wensen van onze doelgroep. 2.
De structurele uitvoeringskosten voor de uitvoering van de collectieve zorgverzekering (CAZ) zijn lager dan wanneer beide regelingen behouden worden Bij de beoordeling van de TAZ moet ieder jaar een kopie van de gekozen aanvullende verzekering door de klant worden ingestuurd naar Meerinzicht. Dit vraagt jaarlijks een handeling van de belanghebbende, en werkzaamheden voor team telefonie en (financiële) administratie. De CAZ kan in bulk worden gecontroleerd op wijzigingen met behulp van het inlichtingenbureau. Alleen wanneer er een wijziging heeft plaatsgevonden moet de CAZ handmatig worden beoordeeld. Dit scheelt jaarlijks naar schatting 900 aanvragen. 3. De wet vereist niet dat we beide regelingen behouden Artikel 35 Participatiewet lid 3 maakt mogelijk dat we een inwoner een collectieve aanvullende zorgverzekering of een tegemoetkoming in de kosten van de zorgverzekeringspremie aanbieden. De wet vraagt hierbij niet dat we beide regelingen aanbieden. Het is daarmee gangbaar dat gemeenten kiezen voor ofwel een collectieve zorgverzekering ofwel een tegemoetkoming. Onder andere Amsterdam, Rotterdam, en Amersfoort hebben alleen een collectieve zorgverzekering. Onder andere Utrecht en Zwolle kiezen ervoor alleen een tegemoetkoming te verstrekken.
Kanttekeningen 1. De CAZ is mogelijk niet voor iedereen aantrekkelijk. Bij de TAZ hebben inwoners een vrije keuze welke aanvullende zorgverzekering zij afsluiten, welke aanvullende zorgverzekering zij kiezen heeft geen invloed op de gemeentelijke bijdrage vanuit de TAZ. Niet in alle gevallen is de CAZ namelijk de meest passende aanvullende zorgverzekering voor een inwoner, bijvoorbeeld als iemand lagere zorgkosten verwacht. De pakketten binnen de CAV zijn immers vrij uitgebreid. Het is mogelijk dat zij de CAZ, met een ruimere dekking maar hogere kosten, niet nodig vinden. Maar ook inwoners met een hoge zorgvraag kunnen om diverse redenen kiezen voor een andere aanvullende zorgverzekering. We werken aan een steeds passender aanbod binnen de CAV, passend bij de zorgbehoefte van de inwoner. Dit doen we door onder andere meerdere pakketten aan te bieden, verschillend in zwaarte van zorgvraag. De invloed die we als gemeente hebben op de inhoud van het pakket is echter beperkt, dit is aan de zorgverzekering om te bepalen. Anderzijds kan het niet-gebruik van de CAZ ook het gevolg zijn van onbekendheid van de regelingen. Door hierover actiever te communiceren en inwoners te helpen bij het maken van een keuze (zij kunnen hiervoor terecht bij de financiële spreekuren van de gemeenten) kan het gebruik van de CAZ toenemen.
Daarnaast proberen we inwoners van onze gemeenten te bevragen (o.a. via een enquête) over hun ervaringen rondom aanvullende verzekeringen en de CAV. Desondanks kunnen aanpassingen en verbeteringen van de CAV wellicht niet voor alle inwoners passend zijn. Met het afschaffen van de TAZ wordt ofwel de maandelijkse financiële last hoger, ofwel stappen inwoners over naar de CAV terwijl dat voor hen mogelijk niet het meest passend is. 2. Vanuit lokaal beleid bestaanszekerheid zijn zorgen over de gevolgen voor kwetsbare inwoners Het advies van de beleidsadviseurs bestaanszekerheid van de brongemeenten is dat er eerst gewerkt wordt aan de verbetering van de zorgpakketten binnen de CAZ voordat er keuzes gemaakt worden over het eventueel stopzetten van de TAZ. Zij raden dit voorstel af. Uit het recent opgeleverde onderzoek van KWIZ is immers gebleken dat inwoners met een (chronische) zorgvraag in onze gemeenten financieel erg kwetsbaar zijn. Het afschaffen van regelingen gericht op financiële ondersteuning bij zorgkosten, is daarmee niet wenselijk en niet passend bij de uitkomsten van het onderzoek. Het advies is om mogelijk aanpassing/afschaffen van de TAZ te besluiten op het moment dat de CAZ opnieuw aanbesteed moet worden, dit is naar verwachting per 2028/2029. Dat geeft de ruimte om de komende periode de effecten van aanpassingen in de CAZ goed te volgen.
Financiële toelichting Momenteel worden er 1.000 jaarlijkse TAZ aanvragen gedaan. Deze aanvragen zullen voor een groot deel verschuiven naar de CAZ, waarbij we in het eerste jaar nog geen voordeel verwachten van deze ombuiging. Vanaf het tweede jaar is er voordeel wanneer er niets wijzigt in de situatie en de keuze van de inwoner. Naar schatting scheelt het beëindigen van de TAZ op termijn ongeveer 900 aanvragen per jaar. We verwachten naar aanleiding van het beëindigen van de TAZ nieuwe aanmeldingen voor de collectieve zorgverzekering. Deze kunnen grotendeels automatisch worden verwerkt. We schatten in dat 100 aanvragen handmatig verwerkt moeten worden. Er vindt daarmee een verschuiving plaats van werkzaamheden van team telefonie en (financiële) administratie (die de TAZ aanvragen beoordelen) naar het team bijzondere bijstand. In de Kadernota 2025 is ingestemd met 1 FTE vaste formatie en 1 FTE tijdelijke formatie voor de duur van twee jaar. Op basis van de huidige aantallen aanvragen is deze formatie structureel noodzakelijk. Dit voorstel leidt tot een besparing bij de aanmelding van de gemeentelijke kadernota vanaf 2027. Op basis van 900 minder aanvragen (0,48 fte) is de bijdrage bij een toekomstige aanvraag 35.000 euro lager. Vooralsnog is er daardoor geen besparing op de uitvoeringskosten opgenomen in de tabel met budgettaire gevolgen.
Budgettaire gevolgen1 Bedragen x 1.000 euro
Eenmalig project overstappen van TAZ naar CAZ (Begroting GR Meerinzicht)
2026
2027
2028
2029
-50
Besparing op uitvoeringkosten GR Meerinzicht2 (Begroting GR Meerinzicht)
Totaal
-50
Bovenstaande leidt tot een eenmalige extra bijdrage van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde aan Meerinzicht. Vanaf 2027 is er een structurele besparing op de uitvoeringskosten, dit leidt tot een lagere bijdrage aan Meerinzicht. In onderstaande tabel is het budgettaire effect per gemeente opgenomen. De verdeelsleutel sociaal domein van de GR Meerinzicht wordt gebruikt voor de verdeling per gemeente. Totale budgettaire gevolgen per gemeente 2026 Ermelo -13 1
2027
2028
2029
Bij de voorstellen waarbij het een besparing of investering op formatie betreft is in de berekening rekening gehouden met de nu geldende loonsom conform vastgestelde CAO 2025-2027. 2 Bij akkoord op dit voorstel leidt dit tot een lagere toekomstige aanvraag bij de gemeentelijke kadernota 2027. (1,52 fte i.p.v de 2 fte vanaf 2027).
Harderwijk Zeewolde Totaal
-29 -8 -50
Bedragen x 1.000 euro
Planning/uitvoering Na akkoord op dit voorstel wordt in Q1 en Q2 van 2026 de aanpassing van de beleidsregels voorbereid. Onderdeel van dit proces is het uitvragen van zorgverzekering behoeften van de huidige ontvangers van de TAZ, CAZ en de regeling chronisch zieken. In Q2 van 2026 maken we, n.a.v. de opgehaalde input, afspraken met de zorgverzekeraar over de zorgverzekeringspakketten. In Q3 wordt het nieuwe beleid voorgelegd aan de colleges. Om inwoners die op dat moment de TAZ ontvangen goed voor te bereiden op deze beleidswijziging zullen zij tijdig, in oktober 2026, geïnformeerd worden. Zij ontvangen daarbij een instructie hoe zij de CAZ kunnen aanvragen. Het afsluiten van een verzekering kan vanaf november 2026. De informatie op de website, en de website gezondverzekerd.nl zullen dan eveneens aangepast zijn. Fysieke momenten, waarin inwoners geholpen kunnen worden bij de aanvraag kunnen worden georganiseerd in samenwerking met de financiële steunpunten en Meerinzicht. Dit vergt het eerste jaar grote inspanning van de communicatieadviseurs, applicatiebeheer, de kwaliteitsmedewerkers en de collega's in team telefonie en administratie en team bijzondere bijstand. In het najaar van 2027 loopt het proces soepel en zijn naar verwachting een groot deel van de TAZ klanten over naar de CAZ.
Bij de jaarlijkse hercontroles verwachten we 10% uitval, dat betekent een schatting van totaal 150 jaarlijkse heronderzoeken. Ook wordt er een toestroom van aanvragen CAZ verwacht per jaar. Een grove schatting is 250 per jaar (aanvraag is niet per definitie een toelating) 2026 extra uren beleid en contractmanagement: 100 uur extra uren adviseur dienstverlening: 100 uur extra uren kwaliteitsmedewerkers: 150 uur extra uren applicatiebeheer: 100 uur communicatie: 30 uur 2026/2027 Wanneer de tijd ons inhaalt en er nog efficiëntere manieren zijn om deze overstap te maken, wordt daar uiteraard gebruik van gemaakt. Optioneel: OR/LO n.v.t Integraal afgestemd met Alieke Borsboom (afdelingsmanager Telefonie&Administratie), Patrick van Meer (financieel adviseur) Vakgroep/opgaveteam Bestaanszekerheid
Bijlage(n) n.v.t.
Uitwerking ombuigingsvoorstel Meerinzicht
Naam voorstel: Onderdeel van bundel: Voorstel raakt: Adviseur Meerinzicht Afdeling: Stuk(ken) bijgevoegd:
17.b Ombuigingsvoorstel tegemoetkoming bij chronische ziekte opnemen in de CAV DS.1 Participatie Meerinzicht Max de Kloe
Te volgen route
3
Sociaal Domein
Dit ombuigingsvoorstel wordt afgeraden in verband met de kanttekeningen. Omschrijving voorstel De tegemoetkoming bij chronische ziekte is er op gericht inwoners met langdurig hoge zorgkosten te compenseren door een bijdrage gelijk aan het eigen risico van de zorgverzekering te verstrekken. Bij een zeer beperkt aantal zorgverzekeraars kan het eigen risico door gemeenten worden meeverzekerd bij het aanbieden van de collectieve zorgverzekering. De middelen bestemd voor de tegemoetkoming chronisch zieken kunnen worden ingezet om het pakket van de CAZ uit te breiden. Argumenten 1. Een grotere groep inwoners heeft met dit voorstel geen eigen risico meer Door het eigen risico mee te verzekeren met de collectieve zorgverzekering vervalt de eis dat de belanghebbende ten minste drie jaar het volledige eigen risico heeft betaald aan een verzekeraar. Voor huidige ontvangers en nieuwe ontvangers van de collectieve zorgverzekering is het meeverzekeren van het eigen risico gunstig. Wanneer de gemeente het volledig eigen risico van alle CAZ deelnemers bekostigt, zullen de zorgkosten mogelijk wel stijgen. Het advies is om de kosten van het meeverzekeren deels als gemeente te bekostigen (vanuit de vrijgekomen zorgkosten gereserveerd voor de tegemoetkoming chronisch zieken), en dit deels te laten opvangen door een hogere premie.
2. Door het eigen risico mee te verzekeren besparen we op de uitvoeringskosten Momenteel worden er jaarlijks 900 aanvragen voor de tegemoetkoming chronisch zieken gedaan. Door deze regeling te beëindigen en dit onder te brengen bij de CAZ verwachten we 900 minder werkprocessen op de tegemoetkoming chronisch zieken. Kanttekeningen 1. Het eigen risico kan niet worden meeverzekerd bij de huidige aanbieder van de collectieve zorgverzekering. Er is momenteel, zover bij ons bekend, één verzekeraar die het eigen risico meeverzekerd. De huidige aanbieder van de collectieve zorgverzekering in de EHZ-gemeenten biedt dit niet aan. Het contract met de huidige aanbieder loopt in 2025 af. De colleges hebben echter voor de zomer besloten af te wijken van het inkoopbeleid zodat het contract met deze aanbieder onderhands kan worden gegund. Dat maakt dat dit voorstel niet op korte termijn kan worden uitgevoerd, en pas in kan gaan bij een nieuwe contractperiode. Dit is op zijn vroegst vanaf het contractjaar 2028. 2. De doelgroep chronisch zieken gaan er met dit voorstel financieel op achteruit. De premie van de collectieve zorgverzekering zal omhoog gaan wanneer er gekozen wordt het eigen risico mee te verzekeren. Wanneer de gemeente deze stijging deels bekostigt vanuit de vrijgekomen middelen van de voormalige tegemoetkoming chronisch zieken gaan de CAZ-deelnemers er financieel op vooruit.
De inwoners die reeds gebruik maakten van de tegemoetkoming bij chronische ziekte hebben dit voordeel niet maar worden wel geconfronteerd met de gestegen premie. Hierdoor zullen zij er financieel op achteruit gaan als gevolg van dit voorstel. 3. Toekomst eigen risico zorgverzekering onduidelijk Het inmiddels demissionaire Kabinet Schoof heeft eerder aangekondigd het eigen risico te willen verlagen. Dit is later, na negatief advies van de Raad van State, niet doorgezet. Echter hebben meerdere politieke partijen hebben in de verkiezingsprogramma’s benoemd dat het eigen risico verminderd of afgeschaft moet worden. Daarmee is het meeverzekeren van het eigen risico binnen de CAV in de toekomst mogelijk niet meer nodig.
Financiële toelichting Budgettaire gevolgen1
Bedragen x 1.000 euro
1
2026
2027
2028
2029
Bij de voorstellen waarbij het een besparing of investering op formatie betreft is in de berekening rekening gehouden met de nu geldende loonsom conform vastgestelde CAO 2025-2027.
Besparing op uitvoeringskosten GR Meerinzicht (Begroting GR Meerinzicht)
35
35
Totaal
35
35
Vanaf 2028 is er naar verwachting een structurele besparing op de uitvoeringskosten, dit leidt tot een lagere bijdrage aan Meerinzicht. In onderstaande tabel is het budgettaire effect per gemeente opgenomen. De verdeelsleutel sociaal domein van de GR Meerinzicht wordt gebruikt voor de verdeling per gemeente. Totale budgettaire gevolgen per gemeente 2026 Ermelo 0 Harderwijk 0 Zeewolde 0 Totaal 0
2027 0 0 0 0
2028 9 20 6 35
2029 9 20 6 35
Bedragen x 1.000 euro
Planning/uitvoering Wanneer dit voorstel, ondanks het negatieve advies, wordt aangenomen zal na het aflopen van het contract met de huidige zorgverzekeraar de verordening tegemoetkoming chronisch zieken worden ingetrokken. Middels een aanbesteding wordt een verzekeraar gezocht die het eigen risico mee kan verzekeren. Belanghebbenden van de tegemoetkoming chronisch zieken moeten tijdig geïnformeerd worden. Zo nodig worden zij geholpen bij een overstap naar de collectieve zorgverzekering. Optioneel: OR/LO n.v.t. Integraal afgestemd met Alieke Borsboom (afdelingsmanager Telefonie&Administratie), Patrick van Meer (financieel adviseur) Vakgroep/opgaveteam Bestaanszekerheid
Bijlage(n) n.v.t.
Uitwerking ombuigingsvoorstel Meerinzicht
Naam voorstel: Onderdeel van bundel: Voorstel raakt:
18. Ombuigingsvoorstel Arbeidsmakelaar DS. 1 Participatie
Adviseur Meerinzicht Afdeling: Stuk(ken) bijgevoegd:
Gerrit Lollinga, Max de Kloe
Meerinzicht, gemeenten Te volgen route
3
Sociaal Domein
Omschrijving voorstel We vinden werk cruciaal voor het welbevinden van onze inwoners. In de nota sociaal domein is het doel gesteld meer bijstandsgerechtigden te ondersteunen naar werk en ondernemers te ontzorgen wanneer zij werkzoekenden vanuit de bijstand in dienst nemen. Door naast de accountmanager een arbeidsmakelaar in dienst te nemen kunnen we "in house" kandidaten bemiddelen naar werk. Bemiddeling door een eigen (in house) bemiddelaar is succesvoller omdat er snel geschakeld kan worden tussen klantmanager en bemiddelaar. De bemiddelaar kan intensief samenwerken met de accountmanager om trends te signaleren en een eigen vacaturebank op te bouwen. De arbeidsmakelaar is fysiek aanwezig bij de klantmanagers en aangesloten bij de afdeling Participatie. De arbeidsmakelaar werkt in nauwe samenwerking met de klantmanagers en accountmanager Meerinzicht, de trajectbegeleiders van Inclusief Groep en het Regionaal Werkcentrum. De arbeidsmakelaar krijgt als taak werkzoekenden te ondersteunen bij het maken van een CV, het voorbereiden van sollicitaties, bemiddelen van kandidaten bij werkgevers en meegaan met gesprekken. De arbeidsmakelaar heeft (in)zicht in de doelgroep van de participatiewet en kent de stimuleringsregelingen. De arbeidsmakelaar werkt naast bemiddeling op de door de accountmanagers opgehaalde vacatures, tevens vanuit de rol van Job-hunter, d.w.z.
hij zoekt specifiek naar vacatures vanuit de mogelijkheden van onze inwoner. Jobcarving kan hierbij een passend middel zijn.De arbeidsmakelaar denkt en opereert vanuit de inwoner, maar is tevens een resultaatgerichte commerciële denker. Dit voorstel geeft geen directe besparing op de personeelskosten, maar wel op de uitkeringslasten (BUIG).
Uit de bestuurlijke voorbesprekingen is de wens naar voren gekomen deze ombuigingsmaatregel tijdelijk, in de vorm van een pilot van 3 jaar, vorm te geven.
Argumenten 1. Voor bijstandsgerechtigden biedt het een kans op economische zelfstandigheid. Sommige bijstandsgerechtigden hebben een korte afstand tot de arbeidsmarkt en kunnen zonder langdurig re-integratietraject bemiddeld worden naar werk. De arbeidsmakelaar is momenteel de ontbrekende schakel in onze dienstverlening. Met een in-house arbeidsmakelaar is het mogelijk hen sneller aan een baan te helpen. Hierdoor zijn zij sneller weer economisch zelfstandig. Wanneer dit niet succesvol blijkt, kan de inwoner alsnog starten met een re-integratietraject. 2. We stimuleren de lokale economie door werkgever en werkzoekende te matchen. De accountmanager Meerinzicht heeft in 2024 en 2025 gewerkt aan het uitbreiden van het netwerk van sociale werkgevers. In samenwerking met een in-house arbeidsmakelaar kunnen zij werkgevers ondersteunen bij het vervullen van vacatures. Tegelijkertijd hebben deze inwoners meer financiële ruimte voor bestedingen. Daarmee draagt de gemeente bij aan de lokale economie. 3. Voor de gemeente betekent succesvolle uitstroom een verlaging van de bijstandskosten Gemeenten ontvangen van het Rijk bekostiging voor de uitgaven voor bijstandsuitkeringen. Binnen deze bekostiging worden gemeenten gestimuleerd zo veel mogelijk inwoners aan het werk te helpen. Wanneer dit onvoldoende lukt, vormt dit een financieel risico voor de gemeente.
Kanttekeningen 1. Werkzoekenden zijn niet voldoende voorbereid op directe plaatsing Niet alle bijstandsgerechtigden hebben de juiste vaardigheden of motivatie om direct aan de slag te gaan bij een werkgever. Dit kan leiden tot vroegtijdige uitval en een negatieve ervaring voor werkgevers. Om dit te voorkomen worden de kandidaten gescreend, vindt er voorgesprek plaats en bieden we goede nazorg als de kandidaat geplaatst is. 2. Werkgevers staan niet open voor de doelgroep Werkgevers kunnen terughoudend zijn om mensen uit de bijstand in dienst te nemen, bijvoorbeeld vanwege eerdere negatieve ervaringen of onbekendheid met subsidiemogelijkheden. Met actieve werkgeversdienstverlening (voorlichting en begeleiding) willen we dit zoveel mogelijk voorkomen of verhelpen.
Financiële toelichting Het voorstel heeft directe budgettaire gevolgen in de vorm van investeringen, die worden gecompenseerd door verwachte besparingen op de uitkeringslasten. De financiële opbrengsten en kosten zijn te scheiden tussen de gemeenten en de GR Meerinzicht. Omdat bestuurlijk de wens is de ombuiging tijdelijk in te voeren zijn de baten en lasten verwerkt voor de periode medio 2026 t/m medio 2029. Budgettaire gevolgen1 2026
2027
2028
2029
Besparing op uitkeringslasten (Begroting gemeente)
80
160
160
80
Investering formatie arbeidsmakelaar (1 fte) (Begroting GR Meerinzicht)
-46
-92
-92
-46
Totaal
34
68
68
34
Bedragen x 1.000 euro
Bovenstaande leidt tot een extra bijdrage van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde aan Meerinzicht voor de uitvoering. In dit voorstel is daarnaast rekening gehouden met een incidentele besparing op de uitkeringslasten die onderdeel zijn van de gemeentelijke begroting. In onderstaande tabel is het budgettaire effect per gemeente opgenomen. De verdeelsleutel sociaal domein van de GR Meerinzicht wordt gebruikt voor de verdeling per gemeente. Totale budgettaire gevolgen per gemeente Ermelo Harderwijk Zeewolde Totaal
2026 8 20 6 34
2027 17 39 12 68
2028 17 39 12 68
2029 8 20 6 34
Bedragen x 1.000 euro
Planning/uitvoering 1
Bij de voorstellen waarbij het een besparing of investering op formatie betreft is in de berekening rekening gehouden met de nu geldende loonsom conform vastgestelde CAO 2025-2027.
Na een positief besluit wordt de arbeidsmakelaar geworven. Dit is altijd eerst een werving met de duur van een jaar, bij goed resultaat kan dit worden omgezet naar een vast dienstverband. De werkinstructies zullen worden voorbereid en er vindt een selectie plaats van de eerste groep werkzoekenden die in aanmerking komt voor direct bemiddeling. 12 maanden na de start van de arbeidsmakelaar wordt geëvalueerd op: ● Aantal geplaatste werkzoekenden versus doelstelling. ● Ervaringen van werkzoekenden, werkgevers en klantmanagers. ● Eventuele aanpassingen in werkwijze om effectiviteit te vergroten. Parallel naast dit voorstel heeft het college van B&W van de gemeente Zeewolde eind september besloten geld vrij te maken voor de inhuur van een arbeidsmakelaar voor 18 uur per week. De gemeente Zeewolde heeft ervoor gekozen dit tijdelijk te financieren vanuit de stelpost Onvoorzien, en structureel te financieren door een verminderde opdracht aan IG voor de ontwikkeling en bemiddeling van kandidaten. Daarmee kent dit voorstel een andere financiering dan het ombuigingsvoorstel. De uren arbeidsmakelaar Zeewolde die vrijkomen met het ombuigingsvoorstel worden toegevoegd bovenop de 18 uur die reeds beschikbaar is gesteld.
Optioneel: OR/LO n.v.t.
Integraal afgestemd met Karla Morlog (afdelingsmanager Participatie), Patrick van Meer (financieel adviseur), Heidy van Dalen (senior klantmanager participatie). Vakgroep/opgaveteam Bestaanszekerheid
Bijlage(n) n.v.t.
Uitwerking ombuigingsvoorstel Meerinzicht
Naam voorstel: Onderdeel van bundel: Voorstel raakt:
21. Ombuigingsvoorstel debiteurenbeheer Ds.1 Participatie
Adviseur Meerinzicht Afdeling: Stuk(ken) bijgevoegd:
Max de Kloe
Meerinzicht Te volgen route
3
Sociaal Domein
Omschrijving voorstel Een niet of minder sociale werkwijze van terugvordering van (bijstands)schulden heeft negatieve gevolgen voor de inwoner (stress en problemen op de andere leefgebieden) en voor de gemeente (het afschrijven van de directe kosten, maar ook minder succesvolle trajecten naar werk, mogelijke andere kosten op het gebied van schuldhulpverlening, WMO begeleiding). De gemeente is vaak niet de enige schuldeiser, maar door sociaal te incasseren kunnen we helpen de totale schuldenlast van onze inwoners te verkleinen. Met een investering in debiteurenbeheer (0,5 FTE) kan het debiteurenbeheer worden opgebouwd binnen het team uitkeringsadministratie.
Argumenten 1. Goed debiteurenbeheer is mensgerichter Goed debiteurenbeheer zorgt ervoor dat klanten tijdig contact krijgen over een openstaande schuld. Hiermee voorkomen we vervelende verrassingen, kan er vlot een betalingsafspraak worden gemaakt en zijn inwoners sneller schuldenvrij. We hebben meer contact met de inwoner, waardoor de invordering soepeler verloopt met minder conflicten. Door snel duidelijkheid en perspectief te bieden aan de inwoner proberen we onnodig (langdurige) stress over de bijstandsschuld te voorkomen.
2. Inzicht voorkomt het onnodig oplopen van (bijstands)schulden. Goed debiteurenbeheer signaleert nieuwe bijstandsschulden. Door tijdig alle betrokkenen te informeren kan worden voorkomen dat de bijstandsschuld nog verder oploopt. Het geeft meer inzicht in welke situaties er onrechtmatig bijstand wordt verstrekt en voorkomt daarmee onnodige uitgaven Buig, die vervolgens teruggevorderd hadden moeten worden. 3. Meer formatie betekent meer ruimte om te innoveren Voldoende formatie in het team geeft ruimte om de expertise rondom sociaal incasseren door te ontwikkelen. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan betere financiële begeleiding in samenwerking met de financiële steunpunten en schuldhulpverlening maar ook innovaties die aansluiten op de werkwijze die inwoners gewend zijn, zoals een betaallink voor kleine schulden. Hierbij kunnen we aansluiten bij de ervaringen van andere gemeenten omtrent sociaal incasseren en onderzoek gericht op het doen-vermogen van inwoners. 4. Met goed debiteurenbeheer verwachten we een hoger percentage van de schulden terug te ontvangen. Door snel in contact te komen met de inwoner verwachten we dat inwoners meer mogelijkheden, en een hogere bereidheid, hebben de schuld (in delen) terug te betalen. Hierdoor verwacht Meerinzicht in totaliteit een hoger percentage van de schulden terug te kunnen vorderen. Kanttekeningen 1.
Één medewerker debiteurenbeheer is kwetsbaar bij ziekte of werkdruk. Om het debiteurenbeheer goed te bestendigen wordt na akkoord op dit voorstel geworven voor 0,5 fte uitbreiding van het team uitkeringsadministratie. De taken rondom debiteurenbeheer worden verdeeld over meerdere collega's die naast deze taak ook een deel van de uitkeringsadministratie uitvoeren. Dit voorkomt stagnatie bij ziekte en/of drukte.
Financiële toelichting De investering voor extra formatie op het onderdeel debiteurenbeheer wordt minimaal gecompenseerd door de verwachte opbrengsten uit hogere terugvorderingen. Maximaal verwachten we 90.000 euro opbrengsten als gevolg van deze extra inzet.
Budgettaire gevolgen1
Bedragen x 1.000 euro
2026
2027
2028
2029
Debiteurenbeheer (invorderingen)
45
90
90
90
Investering formatie debiteurenbeheer (0,5 fte) (Begroting GR Meerinzicht)
-21
-41
-41
-41
Totaal
24
49
49
-49
(Gemeentelijke begroting)
Bovenstaande leidt tot een extra bijdrage van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde aan Meerinzicht voor de uitvoering. In dit voorstel is daarnaast rekening gehouden met een structurele besparing door een verwachte opbrengst uit hogere terugvorderingen wat landt in de gemeentelijke begroting. In onderstaande tabel is het budgettaire effect per gemeente opgenomen. De verdeelsleutel sociaal domein van de GR Meerinzicht wordt gebruikt voor de verdeling per gemeente. Totale budgettaire gevolgen per gemeente 2026 Ermelo 7 Harderwijk 14 Zeewolde 4 Totaal 24
2027 13 28 8 49
2028 13 28 8 49
2029 13 28 8 49
Bedragen x 1000 euro
Planning/uitvoering Na besluitvorming gaan we werven en het plan uitwerken om innovaties in te voeren en van kan er ook sneller en meer contact worden gelegd met de debiteur. Optioneel: OR/LO n.v.t.
1
Bij de voorstellen waarbij het een besparing of investering op formatie betreft is in de berekening rekening gehouden met de nu geldende loonsom conform vastgestelde CAO 2025-2027.
Integraal afgestemd met Karla Morlog (afdelingsmanager Participatie), Patrick van Meer (financieel adviseur) Vakgroep/opgaveteam Bestaanszekerheid
Bijlage(n) n.v.t.
Uitwerking ombuigingsvoorstel Meerinzicht
Naam voorstel: Onderdeel van bundel: Voorstel raakt:
22. Rechtmatigheid - inzet op naleving DS. 1 Participatie
Adviseur Meerinzicht Afdeling: Stuk(ken) bijgevoegd:
Max de Kloe
Meerinzicht Te volgen route
3
Sociaal Domein
Omschrijving voorstel Het is belangrijk dat inwoners voldoende en stabiel inkomen hebben. We richten ons op het voorkomen van financiële problemen. Voor inwoners zonder een inkomen of een inkomen lager dan het sociaal minimum voorzien we in een bijstandsuitkering. We vragen daarbij veel van inwoners met een uitkering. Veruit de meeste inwoners met een uitkering zetten zich naar hun vermogen in, en proberen zich hierbij ook te houden aan de regels die bij de uitkering horen. Een klein deel van de ontvangers van een bijstandsuitkering werkt hier niet aan mee. Ze geven een verdiend inkomen niet door, geven niet door wanneer ze samenwonen of maken op andere wijze misbruik van het vangnet wat de samenleving hen biedt. We vinden dit niet eerlijk richting de uitkeringsontvangers die zich naar vermogen inzetten. Bovendien vinden we het een onjuist gebruik van gemeenschapsgeld. Daarom willen we ons inzetten op naleving van de rechtmatigheid Participatiewet bij misbruik. Hierbij blijven we trouw aan de menselijke maat. We vragen met het voorstel om 1 FTE extra formatie voor naleving rechtmatigheid Participatiewet.
Argumenten
1. Inwoners en belanghebbenden moeten erop kunnen vertrouwen dat de gemeente oneigenlijk gebruik van het verstrekken van een voorziening voorkomt. Naleving van de rechtmatigheid levert een bijdrage aan de gewenste kwaliteit van de dienstverlening en/of ondersteuning aan onze inwoners. Toezicht op de naleving heeft als beoogd effect dat alle inwoners, klanten en anderen betrokkenen erop moeten kunnen vertrouwen dat de gemeente misbruik en oneigenlijk
gebruik van het verstrekken van voorzieningen voorkomt. Vanuit de opgave bestaanszekerheid en perspectief op (on)betaald werk (nota sociaal domein) verwachten we bovendien dat wie zelf kan voorzien in een inkomen dit ook zelf doet. De uitgangspunten die hierbij vastgesteld zijn in de beleidsvisie Toezicht “Koersvast” (2023) zijn: integraal, op basis van vertrouwen, preventief, informatie- en risicogestuurd, waarbij de harde en zachte controle in balans is en we een leereffect beogen. Een effectief handhavingsbeleid bestaat uit een samenspel van preventieve en repressieve activiteiten. Gekozen is om evenwichtig langs beide lijnen in te zetten. Hierbij geldt dat preventie voor repressie gaat. 2. Handhaving voorkomt hogere terugvorderingen en heeft daarmee een preventieve werking Door de capaciteit bij het team Handhaving te vergroten kan er tijdig worden ingegrepen bij onduidelijkheden over de rechtmatigheid bij een klant. Hierdoor wordt voorkomen dat de klant nog langer in een onrechtmatige situatie zit, waardoor de terugvordering groter wordt. Daarnaast worden klanten geïnformeerd over hun rechten en plichten binnen de Participatiewet, zodat bijvoorbeeld duidelijk is wanneer zij wijzigingen moeten doorgeven. 3. Handhaving is complexer geworden
Bij het doen van onderzoek wordt nu, meer dan vroeger, rekening gehouden met de menselijke maat. Er worden meerdere belangen geworden en er wordt breder uitgevraagd bij de inwoner. Dit maakt de onderzoeken uitgebreider. Bovendien is de samenleving complexer geworden, en moet onderzoek gedaan worden naar crypto inkomsten, online gokken en andere digitale vormen van inkomsten. 4. Controle op naleving is belangrijk voor de betaalbaarheid van de uitkeringen Controle op naleving van rechtmatig gebruik van de Participatiewet is, naast het beperken van instroom en het bevorderen van uitstroom, een instrument dat gemeenten hebben om uitgaven op de bijstandsuitkeringen beheersbaar te houden. Financiële sturing op de uitkeringslasten is niet altijd makkelijk. We willen inwoners sociale zekerheid bieden en goede begeleiding naar werk. Tegelijkertijd vormen de bijstandsuitkeringen een financieel risico voor gemeenten. Grip op financiën én goede begeleiding is mogelijk met een langetermijnvisie vanuit de politiek en stabiele uitvoering door de organisatie. Kanttekeningen 1. Controle op naleving kan stress opleveren bij inwoners Door meer in te zetten op de naleving van rechtmatig gebruik van de participatiewet gaan we het gesprek aan met inwoners van wie we vermoeden dat er iets gewijzigd is in de situatie.
De uitnodiging tot gesprek zal in veel gevallen stress opleveren bij inwoners, ook als er geen sprake is van misbruik. Daartegenover staat dat, wanneer er geen sprake blijkt van misbruik, het gesprek aanleiding kan zijn andere hulpvragen met de gemeente te delen, er uitleg gegeven kan worden over de minimaregelingen en wijzigingen van de participatiewet (zoals de verruiming ten aanzien van het ontvangen van giften).
Financiële toelichting Het voorstel voor een extra FTE voor de handhaving van de Participatiewet heeft als doel het misbruik van bijstandsuitkeringen tegen te gaan en zo bij te dragen aan de financiële beheersbaarheid van de uitkeringslasten. De aanstelling van deze medewerker vormt een investering, die naar verwachting leidt tot een besparing op de bijstandsuitkering. Budgettaire gevolgen1 Bedragen x 1.000 euro
2026
2027
2028
2029
Besparing op uitkeringen (Begroting gemeente)
160
160
160
160
Investering handhaving (Begroting GR Meerinzicht)
-92
-92
-92
-92
Totaal
68
68
68
68
Bovenstaande leidt tot een extra bijdrage van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde aan Meerinzicht voor de uitvoering. In dit voorstel is daarnaast rekening gehouden met een structurele besparing op de uitkeringslasten die onderdeel zijn van de gemeentelijke begroting. In onderstaande tabel is het budgettaire effect per gemeente opgenomen. De verdeelsleutel sociaal domein van de GR Meerinzicht wordt gebruikt voor de verdeling per gemeente. Totale budgettaire gevolgen per gemeente Ermelo Harderwijk Zeewolde Totaal
2026 17 39 12 68
2027 17 39 12 68
2028 17 39 12 68
2029 17 39 12 68
Bedragen x 1.000 euro
Planning/uitvoering Na akkoord op het voorstel wordt een extra medewerker handhaving geworven. Een deel van deze extra inzet richt zich op de begeleiding van de inkomensconsulenten bij de controletaken. Optioneel: OR/LO n.v.t. Integraal afgestemd met
1
Bij de voorstellen waarbij het een besparing of investering op formatie betreft is in de berekening rekening gehouden met de nu geldende loonsom conform vastgestelde CAO 2025-2027.
Karla Morlog (afdelingsmanager Participatie), Patrick van Meer (financieel adviseur), Irene Jansen (senior klantmanager rechtmatigheid). Vakgroep/opgaveteam Bestaanszekerheid Bijlage(n) n.v.t.