Bijlage 1. Kranenburg - Scenariostudie stikstof
Tekst van het document
Verdere uitwerking zal uit moeten wijzen hoe dit in de praktijk uitpakt en in hoeverre de uiteindelijke grondexploitatie positief of negatief zal zijn.
0
neutraal
Beoordelingscriterium: uitvoerbaarheid De praktische uitvoerbaarheid lijkt op voorhand haalbaar, al zullen nader te maken keuzes in het ontwikkelproces hier nog invloed op hebben. Het is randvoorwaardelijk dat vol ingezet moet worden op een divers, ruim aanbod van elektrische deelmobiliteit. De betaalbaarheid voor de gebruikers is hierbij een aspect dat nadere aandacht verdient in de uitwerking in het gemeentelijke mobiliteitsbeleid (specifieke kaders en eisen met gerichte afspraken voor Kranenburg). Daarnaast is parkeerregulering in een ruime zone in en om Kranenburg
28
noodzakelijk. Want om te voorkomen dat eigen auto's op fossiele brandstoffen buiten Kranenburg geparkeerd (en gebruikt) worden, moet er zowel in als rondom Kranenburg een parkeerregulering ingevoerd worden. Dit was al onderdeel van het ontwikkelkader, maar naar verwachting zal het werkingsgebied vergroot moeten worden. Naar schatting van ca. 300m naar ca. 500m.
0
neutraal
Beoordelingscriterium: juridische houdbaarheid Een verbod op het in bezit hebben van een eigen auto/benzine-auto kan niet geregeld worden. Echter het stimuleren van andere vormen van (openbaar) vervoer, dan wel het ontmoedigen van het in bezit hebben van een auto/benzineauto behoort wel degelijk tot de mogelijkheden. De parkeerplaatsen binnen Kranenburg worden alleen op specifieke locaties (parkeerhub en minder-valide plaatsen) vastgelegd en zijn alleen toegankelijk voor elektrische deelauto's. Buiten die locaties is parkeren niet toegestaan en wordt het juist ontmoedigd. Het beperken van parkeerplaatsen tot alleen elektrische voertuigen zou op het eerste gezicht als ongelijke behandeling kunnen worden gezien. Dit kan op grond van artikel 14 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) toch toegestaan zijn als dit: 1. een legitiem doel dient (zoals voorkomen stikstofdepositie en daarmee natuurherstel), 2. geschikt is om dat doel te bereiken, 3. proportioneel is (de maatregel moet in redelijke verhouding staan tot het doel om 500 woningen te kunnen realiseren). Dit vernieuwende mobiliteitsconcept moet goed gemotiveerd worden in het omgevingsplan, maar lijkt heel goed mogelijk te zijn. In het stedenbouwkundig plan zal het 'onaantrekkelijk' worden gemaakt om een auto in bezit te hebben c.q. is het "onmogelijk' om dichtbij je woning te parkeren.
In het omgevingsplan moet dan geregeld gaan worden dat er geen parkeerplaatsen worden gerealiseerd voor de bewoners. Daar staat tegenover dat er wel voldoende alternatieven voor mensen moeten zijn gerealiseerd om te kunnen reizen. Dus niet alleen de onderbouwing van waarom gekozen is voor een autovrije/luwe wijk is belangrijk, er moeten wel alternatieven voor mensen zijn, om het nadeel14 zoveel mogelijk te 'verzachten'. Die alternatieven (deelauto's, OV-korting, OV-verbindingen, effectieve fietsverbindingen etc.) moeten ook voldoende juridisch geborgd zijn (primair publiekrechtelijk, via regels in het Omgevingsplan, onmogelijk maken van aanleg/realisatie parkeerplaatsen, verplichtingen opnemen tot gebruik van deelmobiliteit, via verkeersbesluiten, de feitelijke inrichting van de woonwijk e.d.). Daarnaast moet soms ook via het privaatrecht (huur/koopcontracten) extra waarborg afgedwongen worden.
0
neutraal
14 Een ogenschijnlijk nadeel dat in de praktijk wellicht uit zal pakken als een voordeel. Autogebruik zonder autobezit biedt vele voordelen die door steeds meer mensen ondervonden worden.
29
5.3 Scenario 3: BOPA's Beoordelingscriterium: ambities ontwikkelkader In beginsel wordt Kranenburg in dit scenario ontwikkeld volgens het Ontwikkelkader. Echter komt er bij het opknippen van de planontwikkeling in 25 procedures een risico te liggen bij de BOPA-overkoepelende ambities zoals de wateropgave en parkeeroplossingen. Elke BOPA heeft een eigen ETFAL dus moet deze opzichzelfstaand vergund kunnen worden, terwijl de invulling van deze opgave op gebiedsniveau leidend is.
ongunstig
Beoordelingscriterium: financiën Het gebied ontwikkelen middels BOPA’s kan een theoretische oplossing zijn om het gebied te ontwikkelen. Het financiële effect van het middels BOPA’s ontwikkelen van dit gebied is in hoofdlijnen (plus of min) als volgt: ^ Vertraging geeft extra rentelasten en planontwikkelingskosten (min). ^ Extra planontwikkelingskosten (min). Doordat er in plaats van 1x, 25x de hele procedure om te komen tot een omgevingsvergunning moet worden doorlopen. De mogelijkheid bestaat er dat er bij elke BOPA belanghebbenden in bezwaar en beroep gaan waardoor de voortgang (ernstige) vertraging op kan lopen. ^ Extra inflatie door vertraging (plus). De nog te maken kosten zijn lager dan de nog te realiseren opbrengsten; Per saldo zullen al deze factoren naar verwachting ongeveer een neutraal financieel effect hebben op de nog te openen grondexploitatie. Verdere uitwerking zal uit moeten wijzen hoe dit in de praktijk uitpakt en in hoeverre de uiteindelijke grondexploitatie positief of negatief zal zijn.
0
neutraal
Beoordelingscriterium: uitvoerbaarheid Het opknippen van het grote project Kranenburg in losse onderdelen vraagt veel extra ambtelijke capaciteit. Want elke Bopa procedure heeft een eigen motivering ETFAL die geschreven en beoordeeld moet worden en alle stappen van de procedure moet doorlopen. Elke Bopa moet namelijk op zichzelf staand vergund kunnen worden en dat zou gezien het beoogde eindbeeld en de mogelijkheid tot opknipbare, logische en zelfstandige eenheden een hele uitdaging kunnen worden. Alle Bopa's moeten daarna nog worden verwerkt in het omgevingsplan. ongunstig
Beoordelingscriterium: juridische houdbaarheid Het opknippen van Kranenburg in 25 kleine procedures om zo onder de drempelwaarden van stikstofdepositie te blijven, doet afbreuk aan de betrouwbaarheid van de overheid. De Raad
30
van State en de Rechtbank hebben al meerdere keren geoordeeld dat deze aanpak in strijd is met de wet, vooral met het milieurecht. De overheid moet namelijk kijken naar de totale impact van een project en niet naar losse stukjes als dat het werkelijke beeld verdoezelt. Dit ondermijnt het vertrouwen van inwoners en andere partijen, want het lijkt alsof de overheid de regels probeert te omzeilen. Ook leidt dit vaak tot rechtszaken en vertraging wat niet wenselijk is. Eerlijkheid, openheid en het naleven van regels zijn essentieel voor een geloofwaardig en betrouwbaar bestuur.
zeer ongunstig
31
5.4 Scenario 4: Landelijke oplossing Beoordelingscriterium: ambities ontwikkelkader Dit scenario betreft een proceskeuze die geen invloed heeft op de inhoud van het project. Kranenburg wordt ontwikkeld overeenkomstig het ontwikkelkader en heeft daarmee geen positieve of negatieve uitwerking op de haalbaarheid van de vastgestelde ambities uit het ontwikkelkader.
0
neutraal
Beoordelingscriterium: financiën Dit scenario betreft een proceskeuze die geen invloed heeft op de inhoud van het project. Kranenburg wordt ontwikkeld overeenkomstig het ontwikkelkader. Afhankelijk van de tijd die het duurt om tot een landelijke oplossing te komen kan dit tot een substantiële vertraging in de uitvoering leiden. Het financiële effect van het wachten op landelijke oplossingen is in hoofdlijnen (plus of min) als volgt: ^ Vertraging geeft extra rentelasten en planontwikkelingskosten (min). ^ Extra inflatie door vertraging (plus). De nog te maken kosten zijn lager dan de nog te realiseren opbrengsten. ^ Traditionele wijze van realisatie van het bouw- en woonrijp maken (plus). ^ Traditionele wijze van realisatie van de opstallen/woningbouw (plus). Per saldo zullen al deze factoren naar verwachting een gunstig financieel effect hebben op deze grondexploitatie. Verdere uitwerking zal uit moeten wijzen hoe dit in de praktijk uitpakt en in hoeverre de uiteindelijke grondexploitatie positief of negatief zal zijn. +
gunstig
Beoordelingscriterium: uitvoerbaarheid De keuze voor dit scenario heeft twee varianten: 1. direct pauzeren van het project en op een nader te bepalen moment weer hervatten. 2. planvorming voortzetten tot en met het starten van de procedure van de wijziging van het omgevingsplan. Deze kan pas in procedure worden gebracht wanneer de stikstofproblematiek landelijk is opgelost. Variant 1: Door het project nu te pauzeren en pas later op te pakken zal er extra vertraging optreden. Er zullen dan pas verdere uitwerkingen en/of onderzoeken worden gedaan. Ook kan dan pas gestart worden met de werkzaamheden van de wijziging van het omgevingsplan. Eventuele wijzigingen in het plan door voortschrijdend inzicht of veranderende uitgangspunten kunnen wel direct in het plan worden meegenomen. Variant 2: Het voordeel is dat alle stukken klaar liggen zodra de procedure gestart kan worden. Iedereen is nu bekend en bezig met Kranenburg dat het project ten goede komt. Er is nu tijd om het project uit te werken en de puntjes op de i te gaan zetten. Mocht er eerder een landelijke oplossing komen, dan zijn we er in ieder geval klaar voor!
32
Het nadeel is dat afhankelijk van de tijd dat het plan uiteindelijk 'op de plank ligt', er wellicht onderzoeken geactualiseerd zullen moeten worden, zoals bijvoorbeeld ecologisch onderzoek. Onder de Omgevingswet is geen wettelijke houdbaarheidstermijn bepaald voor ecologisch onderzoek. Het gaat er dus om dat we kunnen beargumenteren dat het onderzoek nog steeds actueel is. Voor gebouwen is dat relatief goed te doen (afhankelijk van de soorten). Indien er gebouwbewonende soorten worden aangetroffen, kunnen we wellicht tijdelijke voorzieningen op Kranenburg treffen (misschien als we geluk hebben zelfs permanente voorzieningen net buiten Kranenburg; bijvoorbeeld op de gemeentewerf). Dan mogen we de gebouwen op Kranenburg 'ongeschikt' maken voor gebouwbewonende soorten. Dan hebben we er wel belang bij dat dit goed gebeurt en ook zo lang als zodanig in stand blijft. Indien de ontwikkeling ter plaatse dan start, kunnen we aantonen dat er geen soorten in de gebouwen kunnen zitten door de maatregelen die we hebben getroffen. Wat betreft boomholtes en nesten kunnen we relatief eenvoudig later nog een aanvullende onderzoeksronde laten doen. Er zal voor Kranenburg sowieso een ecologisch werkprotocol moeten worden opgesteld. Mogelijk kan dit daarin ook worden meegenomen.
Zodra het stedenbouwkundig masterplan is vastgesteld weten we ook definitief welke bomen er eventueel wel of niet moeten wijken voor woningbouw. Mocht er een boom met daarin nest/holte moeten wijken (indien er geen jaarrond beschermd nest aanwezig is), dan kan het verstandig zijn deze alvast te kappen buiten het broedseizoen.
0
neutraal
Beoordelingscriterium: juridische houdbaarheid Dit scenario gaat uit van een landelijk 'opgelost' stikstofdossier. Om die reden heeft dit scenario in het kader van juridische houdbaarheid geen positieve of negatieve waardering ten opzichte van een traditionele situatie.
0
neutraal
33
6. Samenvatting en conclusie Scoringsmatrix: ambities ontwikkelkader
financieel
uitvoerbaarheid
juridische houdbaarheid
Scenario 1: Extern Salderen Dit scenario houdt in dat stikstofrechten van elders worden gekocht om de uitstoot van Kranenburg te compenseren. Beoordeling Dit scenario wordt als zeer ongunstig beoordeeld. Financieel is het niet realistisch, de uitvoerbaarheid is zeer lastig vanwege complexe regelgeving en het aantonen van additionaliteit, en de juridische houdbaarheid is zeer onzeker. Het opkopen van voldoende stikstofrechten om het hele project te compenseren lijkt onhaalbaar en zeer kostbaar. Scenario 2: Emissieloos Wonen Dit scenario streeft naar minimale stikstofuitstoot door woningen in de gebruiksfase emissieloos te maken en in te zetten op elektrisch vervoer. Beoordeling Dit scenario krijgt overwegend neutrale tot positieve beoordelingen. Het past goed bij de ambities van het ontwikkelkader, de financiële gevolgen zijn nog onduidelijk maar er zijn zowel potentiële plussen als minnen, de uitvoerbaarheid is neutraal mits er goed wordt ingezet op deelmobiliteit en parkeerregulering, en de juridische houdbaarheid is neutraal mits er goed wordt gemotiveerd waarom het beoogde deelmobiliteitsconcept een volwaardige vervanger is van het traditionele model van privé auto's. Scenario 3: BOPA's In dit scenario wordt het project opgeknipt in meerdere kleine BOPA's om onder de drempelwaarden van stikstofdepositie te blijven. Beoordeling
34
Dit scenario wordt zeer ongunstig beoordeeld. Het ondermijnt de gebiedsgerichte ambities van het project, is financieel neutraal maar vereist veel extra ambtelijke capaciteit en de juridische houdbaarheid is zeer slecht omdat het opknippen van het project kan worden gezien als een manier om de regels te omzeilen. Scenario 4: Landelijke Oplossing In dit scenario wordt gewacht op een landelijke oplossing voor de stikstofproblematiek. Er zijn twee varianten: direct pauzeren of planvorming voortzetten tot de procedure kan worden gestart. Beoordeling Dit scenario krijgt overal een neutrale beoordeling. Het heeft geen directe invloed op de ambities, heeft wel een voordelig effect op de financiën en de uitvoerbaarheid hangt af van de gekozen variant (pauzeren of doorgaan met planvorming) en de juridische houdbaarheid is neutraal omdat er gewacht wordt op duidelijkheid vanuit landelijk beleid.
Conclusie 1. 2. 3. 4.
Extern salderen is financieel en praktisch gezien geen haalbare optie. Emissieloos wonen lijkt de meest kansrijke optie, mits er wordt ingezet op de ontwikkeling van een werkbaar deelmobiliteitsconcept. BOPA's worden sterk afgeraden vanwege juridische en praktische bezwaren. Wachten op een landelijke oplossing is een neutrale optie die afhankelijk is van externe ontwikkelingen.
35
7. Advies
Scenario 2, emissieloos wonen lijkt de enige mogelijkheid om actief en doelmatig door te werken aan de ontwikkeling van Kranenburg. Echter kan de vaststelling van dit scenario voor de volledige omvang van 500 woningen, als een aanzienlijke beslissing worden beschouwd. Om de haalbaarheid en effectiviteit van scenario 2 juridisch en in de praktijk te toetsen plus eventuele uitdagingen in een gecontroleerde omgeving aan te gaan, is de wenselijkheid van een testcase met een kleinere omvang zeer denkbaar. Uitwerken van een 'Proof of concept' voor emissieloos wonen op Kranenburg Zoals in het Ontwikkelkader Kranenburg al is genoemd, bestaat de mogelijkheid om een bestaand pand, de zogenaamde 'OCI', te transformeren naar woningbouw. Het pand biedt naar verwachting plek voor 24 appartementen. Deze beoogde transformatie biedt een unieke gelegenheid om een 'proof of concept' te ontwikkelen voor het scenario emissieloos wonen. Door de OCI om te bouwen tot emissieloze woningen, kan worden aangetoond: ^ ^ ^ ^ ^ ^
Of het woonconcept juridisch houdbaar is en zo niet, wat eventuele knelpunten in wet en regelgeving of vergunningprocedures zijn. Of de uitvoering van het concept stand houdt in het kader van stikstof. De praktische implementatie van een mobiliteitsconcept waaronder elektrisch deelvervoer. In hoeverre emissieloos wonen invloed heeft op de verkoopbaarheid en opbrengstpotentie van de betreffende woningen. De algemene financiële implicaties en potentiële besparingen op lange termijn. De acceptatie en praktische ervaringen van bewoners met emissieloos wonen.
Het ontwikkelen van een 'proof of concept' met de OCI heeft diverse voordelen ^
^
^
^
Risicobeheer Door te starten op een kleinere schaal worden de risico's die gepaard gaan met de implementatie van een nieuw concept beperkt. Lerende Omgeving De testcase biedt een waardevolle lerende omgeving, waarbij opgedane kennis en ervaring niet alleen kunnen worden toegepast op de verdere ontwikkeling van Kranenburg, maar ook breder in de gemeente kan worden ingezet. Validatie en opstap naar volledige ontwikkeling Een succesvolle 'proof of concept' valideert de keuze voor Scenario 2 en creëert het benodigde draagvlak voor de grootschalige implementatie. Dit draagvlak biedt comfort voor corporaties en ook ontwikkelaars om in te stappen. Placemaker en Aanjager De 'proof of concept' kan fungeren als een placemaker en aanjager van het gebied, waarmee de toekomstige ontwikkeling zichtbaar en tastbaar wordt en tegelijkertijd zorgt voor dynamiek en levendigheid op het terrein.
36
Advies Gezien de potentie van de transformatie van de OCI naar woningbouw als 'proof of concept' voor emissieloos wonen, wordt geadviseerd om deze mogelijkheid verder uit te werken. Dit omvat onder andere: ^ ^ ^ ^
Het opstellen van een plan voor de transformatie van de OCI, inclusief technische uitwerking, vergunningstraject en vermarkten van de appartementen. Het betrekken van relevante stakeholders, zoals corporaties en ontwikkelaars. Het uitwerken van het voorziene elektrische deelmobiliteitsconcept waarbij ook de potentie van trein- en busvervoer wordt meegenomen. De organisatie van een praktijkevaluatie om de resultaten van de testcase te meten, te analyseren en waar nodig aanpassingen te doen.
37
8. Bijlagen/bronnen 8.1. Rapport stikstofarme woonwijken Gelderland Dit rapport uit september 2023 onderzoekt hoe nieuwe woonwijken in Gelderland stikstofarm kunnen worden ontwikkeld. In opdracht van de Provincie Gelderland is onderzoek gedaan naar maatregelen voor woonwijken om stikstofuitstoot te verminderen. Belangrijke maatregelen zijn het verbieden van hout- en pelletkachels en het beperken van verkeer met hoge stikstofemissies. Er zijn drie scenario's doorgerekend, variërend van de traditionele situatie tot zeer forse stikstofreductie. Uit de berekeningen blijkt dat een reductie tot wel 97X haalbaar is door alleen emissieloos verkeer toe te staan en houtkachels te verbieden. Het advies aan de provincie om pilotprojecten te doorlopen is aanleiding geweest om namens de gemeente Harderwijk ambtelijk mee te draaien in het vervolgproject. 8.2. Pilot emissiearme woonwijken Gelderland Dit rapport concludeert de pilots die naar aanleiding van het rapport 'stikstofarme woonwijken Gelderland' zijn gedaan. Het doel was om te bepalen of stikstofreducerende maatregelen kunnen leiden tot meer woningbouw. Er zijn verschillende scenario's berekend, variërend van aanzienlijke tot zeer forse stikstofreductie. Het rapport verkent ook de juridische mogelijkheden om deze maatregelen te borgen in de vorm van het instellen van een emissiezone.
Conclusies tonen aan dat emissiearme woonwijken kunnen leiden tot meer woningen, vooral in Harderwijk en Wolfheze. Juridische borging van een emissiezone15 is mogelijk, maar vereist een combinatie van verschillende sturingsopties. 8.3. Uitgangspunten berekeningen AERIUS Calculator Dit document is een naslagwerk van de uitgangspunten van de berekeningen die in het kader van deze scenariostudie gemaakt zijn. 8.4. Notitie Goudappel Een eerste verkenning van emissieloze mobiliteit op Kranenburg.
15 Waar deze pilot uitgaat van een emissiezone om emissieloos vervoer te borgen, is dat niet de aanpak die voor Kranenburg beoogd wordt. Hier is het de insteek om emissieloos vervoer te borgen door privé-autobezit te ontmoedigen (parkeerregulering) en MaaS te bemoedigen (deelmobiliteitsconcept).
38