Bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 vastgesteld.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan Drielanden – Horloseweg 36 Harderwijk Vastgesteld
Maart 2023
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
EDOK-RO
EDOK-RO Van Breugelplantsoen 81 3771 VN Barneveld 06 – 1395 0955 @ info@edok-ro.nl www.edok-ro.nl
Documenttitel
: Bestemmingsplan ‘Drielanden – Horloseweg 36’
Gemeente
: Harderwijk
Contact
: www.harderwijk.nl
Contactpersoon
: Mevr. C. van den Bedem
Opdrachtgever
: Dhr. S. Salome.
Datum
: 09-03-2023
Projectnummer
: 2016-SS-01
Opsteller
: EDOK-RO
Contactpersoon
: Dhr. E. Dokter
2
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Inhoudsopgave
Vaststellingsbesluit
5
Toelichting
7
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Plangebied 1.3 De bij het plan behorende stukken 1.4 Leeswijzer
9 9 10 11 11
Hoofdstuk 2 Huidige en toekomstige situatie 2.1 Ligging en beschrijving plangebied 2.2 Het plan 2.3 Geldend bestemmingsplan
13 13 14 18
Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Algemeen 3.2 Ruimtelijk beleid 3.3 Woonbeleid 3.4 Archeologie en monumentenbeleid 3.5 Welstandsbeleid 3.6 Milieubeleid 3.7 Bodembeleid 3.8 Waterbeleid 3.9 Groenbeleid 3.10 Verkeers- en vervoersbeleid
21 21 21 28 30 31 32 33 33 35 35
Hoofdstuk 4 Onderzoek 4.1 Algemeen 4.2 Cultuurhistorie en archeologie 4.3 Ecologie 4.4 Water 4.5 Geluid wegverkeerlawaai 4.6 Milieu(hinder) 4.7 Luchtkwaliteit 4.8 Bodem en asbest 4.9 Externe veiligheid 4.10 Kabels en leidingen 4.11 Verkeer en parkeren 4.12 Vormvrije m.e.r.-beoordeling
37 37 37 38 41 42 43 44 45 46 49 49 49
Hoofdstuk 5 Juridische aspecten 5.1 Inleiding 5.2 Algemene uitgangspunten 5.3 Verantwoording Handboek Harderwijk 5.4 Bestemmingsbepalingen 5.5 Handhaving
51 51 53 54 54 56
Hoofdstuk 6
59
Economische uitvoerbaarheid
Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1 Inspraak 7.2 Vooroverleg 7.3 Zienswijzen
61 61 61 62
(vastgesteld)
3
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Bijlagen toelichting
63
Bijlage 1
Beeldkwaliteitcriteria Groene Zoom
65
Bijlage 2
Inpassingsplan
67
Bijlage 3
Archeologie
69
Bijlage 4
Natuurtoets
71
Bijlage 5
Stikstofdepositieberekening
73
Bijlage 6
Watertoets
75
Bijlage 7
Samenvatting watertoets
77
Bijlage 8
Akoestisch onderzoek
79
Bijlage 9
Bodem en asbest onderzoek
81
Regels
83
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
85 85 89
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5
Bestemmingsregels Groen Wonen Waarde - Archeologie - 1
91 91 93 95
Hoofdstuk 3 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels
97 97 99 101
Hoofdstuk 4 Artikel 9 Artikel 10
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
103 103 105
Bijlagen regels
107
Bijlage 1
Beeldkwaliteitscriteria Groene Zoom
109
Bijlage 2
Inpassingsplan
111
Verbeelding
4
113
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Vaststellingsbesluit
(vastgesteld)
5
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
6
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Toelichting
(vastgesteld)
7
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
8
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Het bestemmingsplan ‘Drielanden - Groene Zoom’ is op 24 april 2014 door de gemeenteraad vastgesteld en met ingang van 28 januari 2015 onherroepelijk geworden. In dit bestemmingsplan zijn voor tien locaties wijzigingsbevoegdheden opgenomen. Deze wijzigingsgebieden voorzien onder andere in de ontwikkeling van nieuwe woningen. De voor dit perceel opgenomen wijzigingsbevoegdheid is niet toereikend. Er is hierom een verzoek ingediend voor een herziening van het bestemmingsplan. Op 26 maart 2015 heeft het college van B&W de bereidheid uitgesproken om medewerking te verlenen aan het - door middel van een herziening van het bestemmingsplan - toestaan van de bouw van een reguliere woning in plaats van de dienstwoning zoals bedoeld in wijzigingsgebied 'wetgevingszone - wijzigingsgebied 8' in het bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoom. Gelijktijdig komt de agrarische bestemming voor het gehele perceel en de aanduiding paardenhouderij te vervallen. Voor de Horloseweg 36 (wijzigingsgebied 8) zijn de plannen inmiddels concreet. Initiatiefnemer heeft aan de gemeente het verzoek ingediend om de functie van één extra dienstwoning, die door middel van een wijzigingsbevoegheid mogelijk zou kunnen worden gemaakt, te wijzigen naar een reguliere woning. De gemeente heeft aangegeven geen bezwaar te hebben om de functie van beoogde dienstwoning te wijzigen in een reguliere woning.
Deze extra dienstwoning is destijds in het bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoom mede opgenomen om een bijdrage te kunnen leveren aan de sociale controle op het bestaande fietspad (en de nog aan te leggen oost-west langzaamverkeersverbinding). De gemeente oordeelt dat door de wijziging van het gebruik er geen afbreuk wordt gedaan aan het veiligheidsaspect. Voor de wijziging van een dienstwoning naar een reguliere woning is een herziening noodzakelijk van het bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoom. In voorliggend bestemmingsplan zal de agrarische bestemming komen te vervallen en een woonbestemming worden opgenomen voor de bestaande woning en de nieuw te realiseren woning. Tevens wordt de aanduiding 'paardenhouderij' van het perceel verwijderd. Er is dan nog uitsluitend hobbymatig houden van paarden toegestaan. In onderstaande afbeelding is de globale ligging van het plangebied in rood aangegeven. De locatie is gelegen ten zuiden van de Groene Zoomweg en ten noorden van de Horloseweg.
Globale ligging plangebied
(vastgesteld)
9
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
1.2
Plangebied
Luchtfoto met globale plangrens (bron: Google earth) Het plangebied ligt nabij de gemeentegrens van Ermelo en omvat het perceel Horloseweg 36. Aan de zuidzijde ligt de Horloseweg en aan de noordzijde de Groene Zoomweg. Kadastrale gegevens
Kadastrale gemeente
: Harderwijk
Sectie
:I
Perceel
: 5343, 6458 en 6460
10
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
1.3
De bij het plan behorende stukken
Het bestemmingsplan "Drielanden Horloseweg 36" heeft als IMRO-idn NL.IMRO.0243.BP00178-0003 en bestaat uit een gml-bestand, regels en een toelichting. Het gml-bestand kent een analoge en digitale verbeelding. De analoge versie van het plan betreft een boekje met kaarten (PDF of hardcopy). De digitale versie is te raadplegen via de landelijke voorziening (www.ruimtelijkeplannen.nl). De verbeelding en de regels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan en dienen in samenhang gelezen te worden. Indien er verschil bestaat tussen de analoge en de digitale verbeelding, gaat de digitale verbeelding voor. Op de verbeelding is de nieuwe bestemming van de in het plangebied begrepen gronden en opstallen aangegeven. Aan deze bestemmingen zijn regels gekoppeld. De toelichting van dit bestemmingsplan heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een onderdeel van het plan. De toelichting geeft aan wat de beweegredenen en achtergronden zijn die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen en doet verslag van het onderzoek dat aan het bestemmingsplan vooraf is gegaan. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan.
1.4
Leeswijzer
De toelichting van het bestemmingsplan "Drielanden - Horloseweg 36" bestaat uit de volgende hoofdstukken: in hoofdstuk 2 wordt de huidige en toekomstige situatie beschreven; in hoofdstuk 3 wordt een schets gegeven van het beleidskader dat van belang is voor het functioneren en de ontwikkeling van het plangebied; in hoofdstuk 4 komt de uitvoerbaarheid van het plan aan bod; Aan de orde komen zaken als archeologie, ecologie, water en milieu; in hoofdstuk 5 worden kort de woonbestemming en de juridische planopzet behandeld en wordt verantwoording gegeven van het gebruik van de standaarden voor bestemmingsplannen in Harderwijk; in hoofdstuk 6 wordt ingegaan op het kostenverhaal en de economische uitvoerbaarheid van het plan; de toelichting wordt afgesloten met hoofdstuk 7 waarin wordt ingegaan op het proces van inspraak en overleg in relatie tot dit bestemmingsplan.
(vastgesteld)
11
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
12
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Hoofdstuk 2 2.1
Huidige en toekomstige situatie
Ligging en beschrijving plangebied
Op een fraai perceel (kadastraal 5343) van 8.040 m 2 ligt de locatie, gelegen in de Groene Zoom, praktisch op een steenworp afstand van de bebouwde kom. Het perceel bevat een fraaie villa (2001) met een grote schuur met daarin o.a. 9 paardenboxen, een zadelkamer en een afspuitplaats. Op het terrein bevinden zich tevens een rijbak (40 x 20 meter), 2 paddocks, een longeercirkel en nog een paar kleine opstallen. De staat van onderhoud van het geheel is buitengewoon goed te noemen. De kadastrale percelen 6458 en 6460 zijn groene weilanden. Foto impressie bestaande situatie
Het plangebied grenst aan de noordzijde aan de ontsluitingsweg van de wijk Drielanden, en aan de zuidzijde aan de Horloseweg. Aan de oostzijde van de kavel bevindt zich een fietspad, welke de verbinding vormt met de wijk Drielanden. Mede daardoor is de locatie van het plangebied zo belangrijk, omdat deze dient als entree voor de mensen die vanuit Drielanden het stedelijk uitloopgebied inkomen. Het plangebied bevindt zich op de overgang van het stedelijk naar landschappelijk gebied. Verder zijn in de omgeving veel (voormalig) boerenerven te vinden, met de daarbij behorende groenstructuren. Het gebied kenmerkt zich door open en gesloten delen, wat het gebied aantrekkelijk maakt om in te verblijven.
(vastgesteld)
13
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 De huidige situatie bestaat uit de woning van de initiatiefnemer met de daarbij behorende schuur. Verder bevindt zich aan de oostzijde een singel met eiken en onderbeplanting. Aan de westzijde bevindt zich een bosperceel. In dit bosperceel is een dassenburcht gelegen. De omgeving rondom het plangebied bestaat uit weiland met een agrarische bestemming.
Huidige situatie
2.2
Het plan
In maart 2019 is door Buro Ruiter een inpassingsplan opgesteld. Dit plan is als Bijlage 2 Inpassingsplan toegevoegd aan dit bestemmingsplan.
14
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
2.2.1
Visie en uitgangspunten
Op basis van het plan ‘De Groene Zoom’, waarin een open- en gesloten structuur een kernpunt is, is de nieuwe kavel ingepast. Deze steekt in het landschap waardoor de genoemde structuur wordt versterkt. Groenstructuur In het naastgelegen bosperceel bevindt zich een dassenburcht. Deze ligt op een afstand van meer dan 100 meter van het plangebied. Uitgangspunt is dat er geen sprake mag zijn van een negatief effect op de aanwezige dassenburcht. In het nieuwe plan wordt aangesloten op de bestaande en waardevolle groenstructuur. Verder wordt de bebouwing op een dusdanige landschappelijke manier ingepast, dat dit niet afdoet aan het gewenste landschappelijke beeld. Daarnaast worden er groenstructuren toegepast rondom de nieuw te bouwen woning en langs de randen van de omliggende paarden weiden. Aan de westzijde van de nieuw toe te voegen woning en langs de randen van de paardenweiden wordt een lage knip- of scheerheg aangeplant. Hierdoor wordt de biodiversiteit in het gebied vergroot. Dit heeft een positief effect voor het leefgebied van de das. Bebouwing De bebouwing wordt zoveel mogelijk naar het noorden geschoven, zodat er sociale controle is voor de mensen die uit de wijk Drielanden het stedelijk uitloopgebied in komen. De inwoners van Drielanden kunnen via het fietspad de Groene Zoom bereiken.
Door het toevoegen van woonbebouwing aan dit fietspad wordt de ruimtelijke beleving en de sociale controle vergroot.
(vastgesteld)
15
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 2.2.2
Inrichting
Inrichtingstekening Groenstructuur Om het fourageergebied van de das zo min mogelijk aan te tasten en waar mogelijk juist te versterken, wordt er aan de westzijde van de woning een lage knip- of scheerheg aangeplant. Daarnaast is aan de voorzijde van de woning (noord) een lage haag ingepast, zodat het zicht op het tunneltje behouden blijft. Verder wordt de bouwmassa aan de oostzijde omsloten door een houtsingel en wordt er aan de zuidzijde nog grasland /een hoogstam fruitboomgaard aangelegd. Door het toevoegen van woonbebouwing aan het fietspad wordt de ruimtelijke beleving en de sociale controle vergroot. Bebouwing De woning wordt zoveel als mogelijk in de noordoosthoek van het bouwvlak (ruim 2.000 m 2) gepositioneerd, om de sociale controle te waarborgen. Ontsluiting De ontsluiting zal plaatsvinden via de bestaande inrit van Horloseweg 36 en door middel van een privé wandelpad naar de langzaamverkeerroute. Das De das wordt niet gehinderd doordat de nieuwe woning zich op ruim honderd meter uit de burcht bevindt. Het gebied wordt aantrekkelijker voor de das gemaakt door het aanbrengen van lage hagen rond de woning en langs de randen van de omliggende paardenweiden. Ook worden er op enkele plekken dasdoorgangen aangelegd. Ook wordt er aan de oostzijde van de woning nog een houtsingel aangeplant. Door deze maatregelen wordt het leefgebied van de das verbeterd (zie ook 4.3).
16
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 Parkeren Op eigen terrein worden 3 parkeerplaatsen gerealiseerd. Dit wordt bij de bouwaanvraag weergegeven op de tekening. 2.2.3
Beeldkwaliteitscriteria woning
Door bureau Ruiter zijn de volgende beeldkwaliteitscriteria opgesteld: Met de nieuw te bouwen woningen wordt aangesloten bij de kenmerken van de ‘oude’ agrarische bebouwing. De woningen krijgen een forse kap, die bij voorkeur aan de zijkant van de woning doorloopt. Het evenwicht tussen het inpassen in de omgeving en de individuele uitstraling is van belang. Toevoegingen per pand ondergeschikt aan de hoofdstructuur. Woning dient een lage goothoogte te hebben. De gevelindeling mag een eigentijds karakter hebben. Materiaalgebruik wordt afgestemd op het karakter van het historisch dorpsgebied. Er wordt gebruik gemaakt van natuurlijke materialen. In hoofdzaak baksteen en (gebakken) dakpannen of riet toepassen. Op sommige plaatsen kan hout of stucwerk in de gevel verwerkt worden. Het gebruik van (semi)geglazuurde dakpannen is niet toegestaan. Voor de hoofdmaterialen wordt uitgegaan van aardkleuren, in combinatie met antracietgrijze / rode dakpannen of riet. Kleuren dakpannen en metselwerk zijn op elkaar afgestemd.
Bij de vaststelling van het bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoom zijn ook beeldkwaliteitscriteria door de gemeenteraad vastgesteld, die zijn toegevoegd aan de Welstandnota. Dit document
(vastgesteld)
17
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 ('beeldkwaliteitcriteria Groene Zoom') is ter verduidelijking in Bijlage 1 Beeldkwaliteitcriteria Groene Zoom van dit plan opgenomen. In dit document worden richtlijnen beschreven voor de vormgeving van de nieuwe bebouwing en de openbare ruimte in het plangebied “Groene Zoom”. Het document geeft een ruimtelijk kader op basis waarvan architecten de woning in het plan kunnen gaan ontwerpen. Daarnaast geeft dit document criteria waaraan de commissie ruimtelijke kwaliteit het bouwplan kan toetsen. Bij het indienen van de omgevingsvergunning zal worden aangetoond dat zoveel mogelijk wordt voldaan aan de hiervoor genoemde criteria. In de regels is bepaald dat de goothoogte maximaal 3 meter en de bouwhoogte maximaal 9 meter mag bedragen. 2.2.4
Energie / duurzaamheid
De woning zal gasloos worden gebouwd. Voor de energiebehoefte zal een all-electric oplossing worden toegepast. De verwarming van de woning en tapwater zal middels een warmtepomp gebeuren.
2.3
Geldend bestemmingsplan
Het bestemmingsplan ‘Drielanden - Groene Zoom’ is op 24 april 2014 door de gemeenteraad vastgesteld en met ingang van 28 januari 2015 onherroepelijk geworden. Het plangebied heeft de bestemmingen 'Agrarisch' en 'Groen', de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 1', de functieaanduiding 'paardenhouderij' en de gebiedsaanduiding 'wetgevingzone - wijzigingsgebied 8'.
Uitsnede vigerend bestemmingsplan. In de planregels gelden ten aanzien van ‘wetgevingzone - wijzigingsgebied 8’ de volgende voorwaarden: Ten aanzien van ‘wetgevingzone - wijzigingsgebied 8’ gelden de volgende voorwaarden: 1. op het perceel kan één dienstwoning worden toegevoegd;
18
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 2. de bestaande dienstwoning kan worden bestemd als bedrijfswoning, zoals bedoeld in artikel 1.1a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (plattelandswoning); 3. de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - hoofdgebouw' kan worden gewijzigd, of er kunnen aanduidingen 'specifieke bouwaanduiding - hoofdgebouw' worden toegevoegd; 4. de woning en bijbehorende bouwwerken dienen geplaatst te worden binnen het bestaande bouwvlak; 5. de breedte en de diepte van de nieuw toe te voegen woning mag niet meer bedragen dan respectievelijk 10 m en 15 m; 6. de goot- en de bouwhoogte van de nieuw toe te voegen woning mag niet meer bedragen dan respectievelijk 3,5 m en 9 m. 7. er vindt landschappelijke versterking plaats door in ieder geval de realisatie van een openbaar toegankelijk fiets-/wandelpad; 8. ter verzekering van de landschappelijke versterking kunnen voorwaardelijke bestemmingen worden opgenomen. Er wordt één nieuwe woning gerealiseerd en de bestaande bedrijfswoning wordt een reguliere woning. De nieuwe woning met bijbehorende bijgebouwen vindt plaats binnen het bestaande bouwvlak. De goot- en bouwhoogte bedraagt respectievelijk 3,5 en 9 meter. Er is sprake van landschappelijke versterking. Het plan voldoet dus aan een groot aantal voorwaarden, uitgezonderd de punten 1 en 2.
(vastgesteld)
19
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
20
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Hoofdstuk 3 3.1
Beleidskader
Algemeen
Het (inter)nationale en provinciale beleid is neergelegd in verschillende nota's betreffende de ruimtelijke ordening, alsmede in de verschillende structuurvisies. Een "doorzetting" van dit beleid vindt veelal plaats in verschillende gemeentelijke en provinciale uitwerkingsnota's, beleidsplannen en bestemmingsplannen. Ook binnen de gemeente Harderwijk is dit het geval. Het beleid zoals dat door de hogere overheden wordt voorgestaan, is veelal van een andere schaal en aard dan de schaal die noodzakelijk is voor het opstellen van een (kleinschalig) bestemmingsplan. In dit hoofdstuk wordt dan ook uitsluitend ingegaan op de voor de ontwikkeling van het plangebied relevante ruimtelijk beleid. Voor het overige beleidskader wordt verwezen naar het bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoom.
3.2
Ruimtelijk beleid
3.2.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte
De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is van kracht sinds 13 maart 2012. Deze structuurvisie vormt het integrale kader voor het rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. De SVIR vervangt de Nota Ruimte uit 2005. In de Structuurvisie wordt onder meer gesteld dat een actualisatie van het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid nodig was, omdat de verschillende beleidsnota's op het gebied van ruimte en mobiliteit waren gedateerd door nieuwe politieke accenten en veranderende omstandigheden zoals de economische crisis, klimaatverandering en toenemende regionale verschillen die onder andere ontstaan omdat groei, stagnatie en krimp gelijktijdig plaatsvinden. De SVIR geeft een nieuw, integraal kader voor het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en vormt het kader voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. Nederland heeft ruimte nodig om te leven en te bewegen, om economisch te kunnen blijven groeien en voor burgers en bedrijven om initiatief te nemen. Het Rijk kan en wil niet alles zelf doen, en geeft daarom meer ruimte aan provincies en gemeenten om in te spelen op de eigen situatie, zelf beslissingen te nemen en geven ruimte aan burgers en bedrijven voor initiatief en ontwikkeling Infrastructuur en ruimte worden door alle overheden in samenhang opgepakt.
Om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden zijn in de SVIR zijn drie hoofddoelen voor de voor de middellange termijn (2028) benoemd: 1. Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland; 2. Het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid, waarbij de gebruiker voorop staat; 3. Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden blijven. De drie rijksdoelen zijn in het SVIR uitgewerkt tot dertien (thematische) 'onderwerpen van nationaal belang'. Conclusie In het SVIR worden geen beleidsuitspraken gedaan die specifiek van toepassing zijn voor de omgeving van Harderwijk. 3.2.2
Omgevingsvisie Gaaf Gelderland
Sinds 1 maart 2019 gelden de nieuwe Omgevingsvisie Gaaf Gelderland en de geactualiseerde Omgevingsverordening. Op 19 december 2018 stelden Provinciale Staten deze vast en deze is op 1 maart 2019 in werking getreden.
(vastgesteld)
21
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang. Bovendien draagt een goede kwaliteit van de leefomgeving bij aan gezondheid. Goed bereikbare voorzieningen, aansprekende evenementen, unieke cultuurhistorie, inspirerende culturele voorzieningen, een mooie natuur; het is allemaal van belang. Ook goed wonen hoort daarbij. Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende woonkwaliteiten, zowel stedelijke als landelijke. De Gelderse streken hebben ieder hun eigen aard, waar mensen zich thuis en verbonden met elkaar voelen. In onze groeiende Gelderse steden komen veel activiteiten samen. Tegelijkertijd investeren we in een vitaal platteland, juist als daar krimp plaatsvindt. Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand verstedelijkt gebied het vertrekpunt. Gelderland heeft een unieke ligging op de oostwest-as en de noordzuid-as van ons land; een strategische en aantrekkelijke positie te midden van andere sterke regio’s – Amsterdam (Randstad), Brussel (Vlaamse Ruit), Keulen (Rheinland). We zijn daarmee uitstekend verbonden en werken daarmee samen, net zoals met onze buurprovincies.
Juist door de bijzondere kwaliteiten en veelzijdigheid van Gelderland – haar natuur, groene steden op menselijke schaal, kennisinfrastructuur, cultuur, recreatie en toerisme en sport – kan de provincie zich verder ontwikkelen als ideale vestigingsplek en uitvalslocatie om te werken en te wonen. Met een brede blik op de leefomgeving geeft de provincie dan ook een krachtige impuls aan de regionale economie en arbeidsmarkt. Zo kunnen mensen in Gelderland zich ontplooien, ontspannen en ontwikkelen. Conclusie De ontwikkeling van de woning draagt bij aan de recreatieve waarde en sociale veiligheid van De Groene Zoom. De voorgestane ontwikkeling is niet in strijd met de Omgevingsvisie. 3.2.3
Geconsolideerde Omgevingsverordening (december 2018)
De Omgevingsverordening is een van de instrumenten om de ambities uit Omgevingsvisie te realiseren. Om samen een Gaaf Gelderland te bereiken, legt de provincie bij het uitvoeren van zijn taken de focus op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. De provincie geeft hier richting aan door gezamenlijk zeven samenhangende ambities na te streven op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid; economisch vestigingsklimaat en woon- en leefklimaat. In de verordening heeft de provincie alleen regels opgenomen als dit nodig is om de provinciale ambities waar te maken of wettelijke plichten na te komen. Net als de Omgevingsvisie richt de Omgevingsverordening zich op de inrichting en kwaliteit van de Gelderse leefomgeving. De provincie heeft daarom bijna alle regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, natuur, water, verkeer en bodem in de verordening opgenomen. Alleen de Waterverordeningen (per waterschap) en de Gelderse Vaarwegverordening 2009 zijn (nog) niet in de Omgevingsverordening opgenomen.
Met betrekking tot nieuwe woonlocaties is in de Omgevingsverordening de volgende bepaling opgenomen: “In een bestemmingsplan worden nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen slechts toegestaan wanneer dit past in het vigerende door Gedeputeerde Staten vastgestelde Kwalitatief Woonprogramma voor de betreffende regio successievelijk het door Gedeputeerde Staten vastgestelde Regionaal Programma Wonen.” De provincie heeft enkele wijzigingen van de Omgevingsvisie en -Verordening doorgevoerd. Doel van deze wijzigingen is dat de provincie een sterkere rol kan vervullen bij regionale programmering voor met name werken en winkelen. De belangrijkste wijzigingen in de verordening zijn: in elke regio moet binnen 2 jaar (na vaststelling Verordening) een Regionaal Programma Werklocaties (RPW) komen. Werklocaties betreffen bedrijventerreinen, kantoren en perifere detailhandel; er moet regionale afstemming zijn over het RPW; in het RPW moeten afspraken staan over deprogrammeren; uitwerkings- en wijzigingsplannen moeten passen in het RPW; supermarkten die mogelijk gemaakt kunnen worden als kruimelgeval, moeten voor goedkeuring langs de provincie; solitaire bedrijvigheid in buitengebied is uitsluitend onder voorwaarden toegestaan.
22
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 Conclusie Op basis van voornoemde afspraken is binnen de Regio Noord-Veluwe de regionale woonopgave voor de periode 2013-2024 verdeeld over de deelnemende gemeenten. Als afgeleide daarvan is door de gemeente het Meerjarenprogramma Woningbouw 2016-2024 opgesteld. De te realiseren woning in dit plangebied past binnen dit meerjarenprogramma. 3.2.4
Stadsvisie 2031
Op 10 juni 2010 is de Stadsvisie Harderwijk 2031 vastgesteld. De Stadsvisie Harderwijk 2031 is gemaakt om een ontwikkelingsrichting voor de stad te bepalen op het gebied van voorzieningen, werkgelegenheid, woonklimaat en bereikbaarheid. Hierbij moeten strategische keuzes worden gemaakt. De visie is integraal. Dit betekent dat er nadrukkelijk wordt gekeken naar de onderlinge samenhang tussen de ruimtelijke, sociale en economische beleidsvelden. De visie is een uitgangspunt voor de intensieve samenwerking tussen bestuur, bevolking, bedrijfsleven, instellingen, organisaties en andere overheidsinstanties. Gekozen is voor scenario 2 "Verdiepen". Ontwikkeling is namelijk noodzakelijk om van Harderwijk een aantrekkelijke woon- en werkgemeente te maken. De Stadsvisie beschrijft de visie op de toekomst aan de hand van vier thema's: woonklimaat: "Prettig wonen in bijzondere woonwijken voor alle doelgroepen"; maatschappelijke voorzieningen: "Harderwijk loopt voorop op het gebied van sport, cultuur, onderwijs, zorg en welzijn"; werken: "Een sterke economische structuur door een duidelijk economisch imago"; bereikbaarheid: Goede bereikbaarheid voor alle vervoerssoorten met aandacht voor milieu en veiligheid".
In scenario 2 is met betrekking tot het woonklimaat onder meer opgenomen dat Harderwijk bijzondere woonmilieus wil realiseren, die in de regio en omliggende steden niet of nauwelijks voorkomen. De "Stadsvisie Harderwijk 2031" geeft aan welke koers Harderwijk wil varen. De volgende stap is het vertalen van deze stadsvisie in één integrale visie. Een visie waarin een duidelijke sociale, economische én ruimtelijke pijler herkenbaar is. Per onderwerp worden de ambities en beleidsdoelen beschreven zodat de vraag "wat willen we in de komende jaren bereiken" helder wordt beantwoord. In de uitvoeringsagenda die hieraan wordt gekoppeld, staan de maatregelen die het gemeentebestuur de komende jaren neemt om die gestelde doelen te bereiken. Conclusie De realisatie van dit plan is niet in strijd met de Stadsvisie 2031. 3.2.5
Structuurvisie Harderwijk 2031
In de structuurvisie staat beschreven hoe de gemeente zich tot 2031 voor het wonen, werken en leven wil ontwikkelen. De visie is integraal gemaakt. Dit betekent dat sociale, fysieke en economische aspecten aan de orde komen. Op de visiekaart 'Aantrekkelijke stad' is de Groene Zoom aangegeven als 'Groene stadsrand'. Dit geeft invulling aan de doelstelling uit de structuurvisie: 'Het waarborgen van een goede kwaliteit van de leefomgeving'.
(vastgesteld)
23
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
Plekken die een belangrijke publiek en/of toeristische functie hebben en het openbaar groen langs de hoofd-, recreatieve én cultuurhistorische infrastructuur alsmede de in deze structuurvisie benoemde ontmoetingsplekken krijgen een hogere onderhoudskwaliteit. Van belang voor de kwaliteit van de leefomgeving zijn ook de waterbelvedères (de belevingsplekken van Harderwijk als stad aan het water) en het groen in en om de stad die op de beleidskaart staan aangegeven, zoals de Poort naar de Veluwe, de Groene Zoom en de Natura2000 gebieden. Op de visiekaart 'Ondernemende stad' is de Groene Zoom aangegeven als gebied voor recreatieve doeleinden. In het kader van de regionale visie 'Carevalley' investeert de gemeente in de recreatieen zorgsector. De regio heeft in deze sectoren veel te bieden en de gemeente wil dat accentueren door recreatieve- en zorgfuncties te situeren in de nabijheid van de hoofdinfrastructuur. De in de visie aangewezen zone, waaronder de Groene Zoom is aangewezen als bedoeld voor te ontwikkelen of te revitaliseren recreatieve functies.
24
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 Bijdragen ruimtelijke ontwikkeling Artikel 6.24, lid 1, sub a van de Wro is in deze wet terechtgekomen op basis van de motie Geluk. Geluk wilde gemeenten en marktpartijen laten meewerken aan integrale gebiedsplannen waarin de productie van woningen en bedrijventerreinen wordt gecombineerd met de aanleg van maatschappelijke functies. Artikel 6.24 Wro maakt het mogelijk in een overeenkomst over een planologische wijziging voor rode functies te bepalen dat door de ontwikkelaar ook andere ruimtelijke en maatschappelijk belangrijke functies zoals natuur, recreatie, waterberging, infrastructuur en culturele voorzieningen worden gedekt/ gefinancierd. Voorwaarde voor afspraken over een bijdrage aan een ruimtelijke ontwikkeling is dat er een structuurvisie als basis moet zijn. Verdere vormvoorschriften zijn er niet en de gemeenten moeten zelf invulling geven aan de onderbouwing. Onze gemeente mag alleen in een anterieure grondexploitatieovereenkomst ex artikel 6.24, lid 1 van de Wro afspraken maken over bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen. Bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen zijn niet mogelijk via het verplichte kostenverhaal of via een posterieure overeenkomst. De gemeente Harderwijk gaat in een aantal gevallen een bijdrage ruimtelijke ontwikkeling vragen.
Er kan een mêlee aan overwegingen gelden bij de oordeelsvorming in welke mate in een specifiek geval de bijdrage in redelijkheid en billijkheid kan worden verlangd. Mogelijke overwegingen kunnen zijn: de marktconformiteit en de economische uitvoerbaarheid. De gemeente zal in een individueel geval de bijdrage toetsen aan het principe van marktconformiteit. In bepaalde gevallen zal een bijdrage ruimtelijke ontwikkeling worden vereist, omdat anders de economische uitvoerbaarheid van het plan vanuit de gemeente bezien in het geding komt. Bijdrage landschappelijke versterking Elke toevoeging van een nieuwe rode ontwikkeling buiten het bestaand bebouwd gebied van de stad Harderwijk - voor het bestaand bebouwd gebied wordt verwezen naar de Beleidskaart Aantrekkelijke stad - dient gepaard te gaan met landschappelijke versterking. Bij elke nieuwe toevoeging - het gaat hierbij niet om reeds bestaande bouwrechten, c.q. bouwrechten waarover reeds schriftelijke afspraken zijn gemaakt - wordt landschappelijke versterking verlangd in de vorm van een financiële bijdrage. De landschappelijke versterking zal plaatsvinden buiten het hiervoor genoemde bestaand bebouwd gebied van de stad Harderwijk, welk gebied grofweg gezegd uit vijf deelgebieden bestaat, te weten Groene Zoom, Zuidelijke Stadsrand, Hierden Bosch, Hierden en Buitengebied.
Deze landschappelijke versterking dient, mede gebaseerd op provinciaal beleid en de provinciale ruimtelijke verordening, plaats te vinden vanuit de gedachte dat door toevoeging van rode ontwikkelingen het landelijk gebied afneemt en daarmee de omgevingskwaliteit (denk aan verdichting van het landschap), terwijl de druk op het resterende gebied toeneemt; hiervoor zullen compenserende maatregelen moeten worden getroffen, omdat toevoeging van rode ontwikkelingen anders niet ruimtelijk aanvaardbaar is. Compenserende maatregelen vinden in hetzelfde deelgebied plaats waarin de rode ontwikkeling zich bevindt. De deelgebieden zullen mogelijk nog worden opgedeeld in subdeelgebieden. De regeling inclusief de hoogte van de bijdrage zal per gebied nog inzichtelijk worden gemaakt. De brug naar overige structuurvisies De volgende gebiedsstructuurvisies zijn al vastgesteld conform de nieuwe Wro: Stationsomgeving. Groot Sypel. Dorpsomgevingsplan Hierden. Groene Zoom. Drielanden West. De wijze van kostenverhaal zoals opgenomen in de structuurvisie 2031 - zie paragraaf 6.12 'de omgang met bovenplanse kosten' en paragraaf 6.13 'de bijdragen ruimtelijke ontwikkeling' - vormt een aanvulling op bovenstaande structuurvisies. 3.2.6
Structuurvisie Groene Zoom
Op 20 januari 2011 heeft de gemeenteraad van Harderwijk de structuurvisie Groene Zoom vastgesteld. Deze structuurvisie is in samenwerking met de gemeente Ermelo opgesteld. De centrale doelstelling voor het gebied luidt:
(vastgesteld)
25
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 "Het realiseren van een samenhangend en aantrekkelijk vormgegeven stedelijk uitloopgebied tussen Ermelo en Harderwijk, waarbij het groene karakter overheerst en waarin rode elementen op een verantwoorde manier worden ingepast binnen dit groene kader." De Groene Zoom wordt gezien als een stedelijk uitloopgebied. Deze uitloopfunctie is bedoeld voor de bewoners van Ermelo en Harderwijk. In de praktijk zal de Groene Zoom in eerste instantie een uitloopfunctie vervullen voor de in- en omwonenden van het plangebied.
Nieuwe initiatieven Voor de beoordeling van nieuwe initiatieven is gebruik gemaakt van een aantal criteria: ontwikkeling tot stedelijk uitloopgebied; behoud en versterking groen karakter; vergroting ruimtelijke en functionele samenhang; toevoegen rode functies daar waar het bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit. Nieuwe 'rode' ontwikkelingen zijn in ieder geval niet ruimtelijk aanvaardbaar wanneer de toevoeging van deze 'rode' ontwikkelingen niet wordt gecompenseerd met versterking van het landschap in de (directe) omgeving. Belangrijke voorwaarde voor de aanvaardbaarheid van een nieuwe 'rode' ontwikkeling is namelijk dat het groene en landschappelijke karakter van de omgeving niet wordt aangetast, maar wordt behouden en zoveel mogelijk versterkt. Landschappelijk Het groene karakter en de openheid van het gebied dient behouden te blijven als contrast met de beslotenheid van Drielanden (stedelijk) en Ermelo (bosachtig). Zoals hierboven al is aangegeven zijn nieuwe 'rode' ontwikkelingen in ieder geval niet ruimtelijk aanvaardbaar wanneer de toevoeging van deze 'rode' ontwikkelingen niet wordt gecompenseerd met versterking van het landschap in de (directe) omgeving. Hiervoor is een concreet landschapscompensatie en –versterkingsplan gemaakt, waarin de diverse elementen waarmee de landschappelijke versterking kan plaatsvinden, zijn verwerkt.
Globaal zijn deze elementen in vier categorieën te verdelen, te weten: aanleg oost-west langzaamverkeersverbinding; aanleg recreatief groen, bijvoorbeeld dierenweiden; aanleg natuurlijk groen, bijvoorbeeld houtwallen, bosjes, bloemenvelden, paddenpoelen; verplaatsing watergang. Doel van het landschapscompensatie- en versterkingsplan is dat het gebied wordt ingericht als open natuurpark met speelweiden, natuurlijke beplanting, dierenweiden en wandel fietsroutes. Om het gebied recreatief te kunnen gebruiken en de toegankelijkheid te vergroten wordt er naar gestreefd in oost-west richting een langzaam verkeersroute te realiseren. Dit pad moet geschikt zijn als fiets- en wandelpad waaraan een aantal picknickplaatsen worden aangelegd alsmede diverse recreatieve
26
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 functies al dan niet door initiatiefnemers in het gebied ontwikkeld. De bestaande beken krijgen een centrale positie in het plan. Op sommige plaatsen dient de beek te worden verlegd, parallel aan de oost-west langzaam verkeersroute, zodat de belevingswaarde ervan wordt vergroot. Ook nieuwe watergebonden natuur langs deze beken versterkt het groene karakter van het gebied. Door aanleg van groene elementen in het plangebied, een meer natuurlijke ontwikkeling van bepaalde gebiedsdelen, het aanleggen van doorlopende groenzones kan de natuurwaarde van het gebied worden vergroot. Benadrukt wordt dat de mate van planuitvoering afhangt van de mate waarin sprake is van toevoeging van 'rode' ontwikkelingen. Nieuwe bebouwing Nieuwe 'rode' ontwikkelingen zijn in ieder geval niet ruimtelijk aanvaardbaar wanneer de toevoeging van deze 'rode' ontwikkelingen niet wordt gecompenseerd met versterking van het landschap in de (directe) omgeving. Belangrijke voorwaarde voor de aanvaardbaarheid een nieuwe 'rode' ontwikkeling is namelijk dat het groene en landschappelijke karakter van de omgeving niet wordt aangetast, maar wordt behouden en zoveel mogelijk versterkt. Bij de situering van nieuwe bebouwing dient voldoende aandacht te zijn voor het voorkomen van negatieve effecten en overlast voor de huidige bewoners.
Anderzijds kunnen functies elkaar ook positief beïnvloeden, b.v. door vergroting sociale veiligheid en veilige fietsverbindingen. Woningbouw / brinken / erven Nieuwe woningen zijn in ieder geval niet ruimtelijk aanvaardbaar wanneer de toevoeging van deze 'rode' ontwikkelingen niet wordt gecompenseerd met versterking van het landschap in de (directe) omgeving, opdat het groene en landschappelijke karakter van de omgeving niet wordt aangetast, maar wordt behouden en zoveel mogelijk wordt versterkt. De eventueel te realiseren woningen worden in principe in een brink- / boerenerfachtige setting gesitueerd. Deze brinken / erven zijn gesitueerd nabij bestaande bebouwingsmassa's en zijn gekoppeld aan de oost-west langzaamverkeersverbinding. De brinken / erven worden ontsloten met een toegangslaan (liefst bestaand) en bereikbaar via de Fokko Kortlanglaan of de Horloseweg. De woningen krijgen een landelijk karakter. Infrastructuur De brinken en de werklandschappen worden ontsloten via de Fokko Kortlanglaan en de Horloseweg. Dit om te voorkomen dat het gebied wordt gebruikt door doorgaand verkeer. Het gebied zou daarmee haar landschappelijke karakter verliezen. De brinken worden daar waar mogelijk gekoppeld door middel van de langzaam verkeersroute. Deze route heeft het karakter van een verhard wandel/fietspad dat qua karakter past in een landelijk gebied.
De wijk Drielanden krijgt aansluiting met het gebied voor fietsverkeer via de reeds bestaande fietstunnels onder de Groene Zoomweg, te weten de bestaande fietspaden langs camping Hanenburg en aansluitend op de Horsterweg en het nog aan te leggen fietspad aansluitend op de Horsterzoomweg. Het uitgangspunt voor parkeren is dat op eigen terrein geparkeerd wordt. In de openbare ruimte kan in voorkomende gevallen op groenstroken worden geparkeerd. Openbaar groen De open gebieden krijgen nadrukkelijk een recreatief karakter. Het streven is om deze gebieden te laten beheren door particulieren. Voorwaarde is dat de vorm van het beheer bijdraagt aan de landelijke uitstraling van het gebied. Gedacht kan worden aan het weiden van dieren of het faciliteren van recreatieve voorzieningen, zoals bijvoorbeeld speelweiden en picknickplaatsen. Particuliere initiatieven worden gestimuleerd mits ze bijdragen bij de functie van het gebied als recreatief uitloopgebied. De schaalgrootte van dit soort initiatieven dient bij het gebied te passen. Bestaand groen wordt zoveel mogelijk behouden. Groen wordt daar toegevoegd waar het bebouwing camoufleert. Dit camoufleren gebeurt door middel van de aanleg van houtwalstructuren in noord-zuid richting parallel aan de (bestaande) lanen.
De langzaam verkeer route in oost/west richting zal waar mogelijk worden gecombineerd met bestaande beken in een strook van maximaal 20 meter breed door het gebied. In deze strook ligt dan tevens het onderhoudspad voor de beken. Deze wordt zoveel mogelijk multifunctioneel gebruikt als onderhoudspad, langzaam verkeer pad en in het geval van calamiteiten door de brandweer als 2e ontsluiting richting nieuwe brinken. Door de realisatie van dit plan wordt een positieve impuls gegeven om een samenhangend en aantrekkelijk vormgegeven stedelijk uitloopgebied tussen Ermelo en Harderwijk te bewerkstelligen.
(vastgesteld)
27
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 Conclusie De woning wordt op een verantwoorde manier ingepast, waardoor het groene karakter overheerst. 3.2.7
Ladder voor duuzame verstedelijking
De Ladder voor duurzame verstedelijking is per 1 juli 2017 gewijzigd. De Laddertoets moet worden uitgevoerd wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In artikel 1.1.1 onder i van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip stedelijke ontwikkeling vastgelegd. Als stedelijke ontwikkeling wordt genoemd: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.' In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang vastgelegd. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Voor woningbouwlocaties geldt volgens de overzichtsuitspraak (ABRvS 28 juni 2017; ECLI: NL: RVS: 2017: 1724) dat 'in beginsel' sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling als er meer dan 11 woningen gerealiseerd worden. Voor wonen is daarmee de lijn, dat er vanaf 12 woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Ingevolge artikel 3.1.6, lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet de toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, voldoen aan de volgende voorwaarden: a. er wordt beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte; b.
indien uit de beschrijving, bedoeld in onderdeel a, blijkt dat sprake is van een actuele regionale behoefte, wordt beschreven in hoeverre in die behoefte binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan worden voorzien door benutting van beschikbare gronden door herstructurering, transformatie of anderszins, en; c. indien uit de beschrijving, bedoeld in onderdeel b, blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan plaatsvinden, wordt beschreven in hoeverre wordt voorzien in die behoefte op locaties die, gebruikmakend van verschillende middelen van vervoer, passend ontsloten zijn of als zodanig worden ontwikkeld. In het plangebied wordt één woning gerealiseerd. De nieuwe bouwmogelijkheden kunnen niet aangemerkt worden als bouwmogelijkheden van enige omvang. Het betreft een kleinschalige bebouwingsmogelijkheid die niet voorziet in een toename van het ruimtebeslag en hoeft dan ook niet gekwalificeerd te worden als een stedelijke ontwikkeling. Gezien het feit dat artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro in dit geval niet van toepassing is, hoeft in de plantoelichting niet te worden beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte.
3.3
Woonbeleid
Er is in 2019 gekozen om niet langer regionaal afspraken te maken over regionale en gemeentelijke nieuwbouwaantallen. Voortaan wordt de regionale nieuwbouwbehoefte bepaald door de nieuwbouwambities van de lokale woonvisies als uitgangspunt te nemen en op te tellen tot een regionaal totaal. Middels monitoring wordt gevolgd in welke mate bouwplannen daadwerkelijk gerealiseerd worden en hoe zich dat verhoudt tot de ontwikkelingen in andere gemeenten. De gegevens van de monitoring worden van een analyse voorzien. Als hierbij wordt geconstateerd dat een gemeente of de regio als geheel te veel uit de pas loopt, dan zal, in afstemming met de provincie, worden bepaald of bijstelling van de nieuwbouwambities noodzakelijk is.
28
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 3.3.1
Woonvisie Harderwijk
De uitgangspunten van het woonbeleid staan geformuleerd in de Woonvisie 2017-2027. Deze is op 24 mei 2018 door de gemeenteraad vastgesteld. Met het woonbeleid werkt de gemeente Harderwijk aan de balans tussen vraag en aanbod op de woningmarkt. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar de huidige bewoners, maar ook naar die van de toekomst. Uitgangspunt is dat iedereen in Harderwijk een woning kan vinden die past bij zijn of haar wensen en behoeften op het gebied van betaalbaarheid, toegankelijkheid en woonmilieu. Door natuurlijke aanwas en migratie zal Harderwijk de komende decennia blijven groeien. Het aantal inwoners nu is 47.000 en zal naar verwachting toenemen tot 53.000 in 2040 . Om deze groei te faciliteren wil de gemeente voor die tijd nog ruim 4.000 woningen bijbouwen. Er is voor ongeveer 3.400 woningen plancapaciteit beschikbaar of in ontwikkeling. In de Woonvisie wordt de volgende tabel gepresenteerd, waar het gaat om het planaanbod Harderwijk in de periode 2015 tot 2025 en het (verwachte) moment van benutten van deze capaciteit.
Bron: Domein Ruimte 2017 Het gebied Drielanden, de grootste uitbreidingslocatie in Harderwijk, nadert met bouw van woningen in Harderweide zijn voltooiing. Het gaat hier om een toevoeging met (uiteindelijk) 1.040 woningen. Verder is voor wat betreft het planaanbod in Drielanden een onderscheid gemaakt tussen Harderweide en overig Drielanden. Bij dat laatste gaat het om de (verwachte) ontwikkelingen in het deelgebied Groene Zoom. De locatie Horloseweg 36 is daar één van. Waterfront -een grote binnenstedelijke herontwikkeling met ruim 1.400 woningen- is daarnaast een belangrijke woningbouwlocatie binnen het totaal aan plannen in Harderwijk. Verder laat de tabel zien dat ruim een kwart van de toekomstige nieuwbouwopgave in de bestaande stad zal worden gerealiseerd. Binnenstedelijk bouwen brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Denk aan hogere bouwkosten, veel direct belanghebbenden en een meer complexe ruimtelijke inpassing. Het wordt een uitdaging om voldoende woningen te bouwen in de lagere prijssegmenten, draagvlak te creëren onder omwonenden en de ruimtelijke kwaliteit hoog te houden. De verwachte productie in en rond het dorp Hierden komt vooral voor rekening van de locatie Hoge Varen, met een capaciteit van 90 woningen. Qua woningbouwtypes wordt ingezet op variatie en aanpasbaarheid. Tijdelijke woningen om pieken in de vraag op te vangen.
Aanpasbare woningen om flexibel mee te bewegen met veranderende wensen en behoeften. En gevarieerde woonwijken voor een vitale mix van bewoners. Op deze manier blijft Harderwijk ook naar de toekomst betaalbaar en aantrekkelijk voor een breed publiek. Naast nieuwbouw wordt ook gewerkt aan de kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. Samen met de partners in het woondomein staat de gemeente voor een aantal grote maatschappelijke opgaven. Op het gebied van duurzaamheid wordt onder andere gestreefd naar een forse reductie van het energieverbruik, duurzame energie opwekking en ruimte voor klimaatadaptatie. Betaalbaarheid is daarbij een belangrijk aandachtspunt. Een andere opgave is de voortschrijdende vergrijzing. Om de veiligheid en het comfort van oudere bewoners te borgen, is het noodzakelijk om de toegankelijkheid van bestaande woningen te verbeteren. Ook moeten woningen geschikt worden gemaakt voor zorgen dienstverlening aan huis. Daarbij gaat het niet alleen om individuele woningen maar ook om de woonomgeving en infrastructuur van de wijk.
(vastgesteld)
29
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 In de woonvisie worden de volgende opgaven in het woondomein gesignaleerd: Nieuwbouw Uitbreiding van het aanbod goedkope en middeldure woningen Terugdringen van de wachttijd in de sociale huursector Her- en deprogrammering in het dure segment Tijdelijke woonruimte om pieken in de vraag op te vangen Inbreiding en transformatie Bestaande woningvoorraad Bevorderen van doorstroming op de woningmarkt Verduurzaming van de bestaande woningvoorraad Bestaande woningvoorraad toekomst- en zorgbestendig maken Wijken en buurten Ontwikkelen van woonzorgzones Gemixte en inclusieve wijken en buurten 3.3.2 Uitvoeringsagenda 2019 – 2022 Woonvisie Harderwijk Bij het opstellen van de uitvoeringsagenda is het planaanbod -en de verwachte inzet daarvan in de tijd gezien- opnieuw in kaart gebracht. Het ziet er nu naar dat in de periode tot 2025 een aantal van (afgerond) 3.000 woningen aan de voorraad kan worden toegevoegd. In de uitvoeringsagenda zijn ook de vraag/aanbod situatie per woningmarktsegment opnieuw in kaart gebracht. De belangrijkste conclusies uit die exercitie waren: Het totaal aan plannen voor sociale huurwoningen is op zich toereikend gezien de behoefte; wel zou een versnelling in de realisatie wenselijk zijn. Het aanbod aan vrije sectorhuur met een huur tot 850 euro per maand blijft achter bij de behoefte.
In het koopsegment tot 200.000 euro blijft het aanbod blijft sterk achter bij de behoefte. In de overige segmenten (vrije sectorhuur met een huur boven 850 euro per maand en koopwoningen met een prijs boven de 200.000 euro) is het aanbod goed afgestemd op de behoefte. Conclusie Het bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 past binnen de doelstellingen van de Woonvisie Harderwijk 2017-2027.
3.4
Archeologie en monumentenbeleid
3.4.1
Nota Cultuurhistorie
In 2008 heeft de gemeente de nota Cultuurhistorie vastgesteld. Uitgangspunt in de nota is om de fysieke cultuurhistorie te behouden en te beschermen. Cultuurhistorische waardevolle panden zijn aangewezen als rijks- of gemeentelijke monumenten. Deze worden sectoraal beschermd door de Erfgoedwet en de Erfgoedverordening Harderwijk 2017. Bijzonder Cultuurlandschap wordt beschermd bij het bestemmingsplan. 3.4.2
Archeologienota
De Monumentenwet 1988 is per 1 juli 2016 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze naar verwachting in juli 2022 in werking treedt. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet zijn deze artikelen te vinden in het Overgangsrecht in de Erfgoedwet, waar ze ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. De Erfgoedwet bundelt en wijzigt een aantal wetten op het terrein van cultureel erfgoed. De kern van deze wet is dat wanneer de bodem wordt verstoord, de archeologische resten intact moeten blijven (in situ). Wanneer dit niet mogelijk is, worden archeologische resten opgegraven en elders bewaard (ex situ). Daarnaast dient ieder ruimtelijk plan een analyse van de overige cultuurhistorische waarden van het plangebied te bevatten. Voor zover in een plangebied sprake is van erfgoed, dient op grond van voorgaande dan ook te worden aangegeven op welke wijze met deze cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten archeologie rekening wordt gehouden.
30
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36 Het gemeentelijk archeologisch beleid is verwoord in het in april 2011 vastgestelde archeologiebeleid 2011-1015. Hieraan is de beleidskaart archeologie gekoppeld. De Beleidskaart Archeologie is tot stand gekomen door onderzoek van archeologisch adviesbureau RAAP (RAAP- rapport 2050 "Een actualisatie en herziening van de archeologische verwachting"). In de beleidskaart Archeologie is aangegeven wanneer bij nieuwe planontwikkelingen archeologisch vooronderzoek plaats dient te vinden. Doel van het archeologisch (voor)onderzoek is het waar nodig beschermen van archeologische waarden en het streven naar behoud van de waarden in de bodem (in situ). De essentie van het archeologisch (voor)onderzoek is het verkrijgen van gegevens over de archeologische resten in de bodem teneinde in een vroeg stadium een goede afweging te kunnen maken van alle bij een ruimtelijk besluit betrokken belangen. In paragraaf 4.2 wordt nader op dit onderwerp ingegaan.
3.5
Welstandsbeleid
Een bestemmingsplan is erg belangrijk voor het bouwen op en gebruiken van gronden. Vergunningsaanvragen worden immers getoetst aan de regels uit het bestemmingsplan. Naast de bestemmingsplanbepalingen en de bouwtechnische eisen waaraan een bouwwerk moet voldoen, is het uiterlijk ervan erg belangrijk. Hiervoor is een welstandsnota opgesteld. In de welstandsnota van Harderwijk wordt invulling gegeven aan de esthetische aspecten van het ruimtelijke kwaliteitsbeleid. De welstandsnota gaat daarbij vooral in op de architectonische aspecten van bouwwerken, zoals massa, vorm, positionering, kleur- en materiaalgebruik en detaillering. In stedenbouwkundige zin spreekt de welstandsnota zich uit over de uitstraling en ligging van de bebouwing in relatie tot de omgeving. In de welstandsnota zijn regels opgenomen voor: kleine bouwinitiatieven die welstandsvrij zijn; kleine bouwinitiatieven waarvoor de zogenaamde 'sneltoetscriteria' gelden (criteria voor meest voorkomende kleine bouwactiviteiten); grote bouwinitiatieven waarvoor lichte, gemiddelde en zware welstandstoets gelden; grote bouwinitiatieven voor ontwikkelingslokaties, die in aparte beeldkwaliteitsplannen zijn vervat. Voor onderhavigplan is een inrichtingsplan opgesteld (zie Bijlage 2 Inpassingsplan) met daarin beeldkwaliteitscriteria voor de woning en haar omgeving. De dorpsbouwmeester heeft een positief advies gegeven.
Conclusie/toetsing Bij de vaststelling van het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom' zijn ook beeldkwaliteitscriteria door de gemeenteraad vastgesteld, die zijn toegevoegd aan de Welstandnota. In dit document worden richtlijnen beschreven voor de vormgeving van de nieuwe bebouwing en de openbare ruimte in het plangebied "Groene Zoom". Het document geeft een ruimtelijk kader op basis waarvan architecten de woning in het plan kunnen gaan ontwerpen. De beeldkwaliteitscriteria Groene Zoom zijn toegevoegd aan het plan. De stedenbouwkundige opzet van het plan is door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit als positief beoordeeld.
(vastgesteld)
31
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
3.6
Milieubeleid
3.6.1
Milieubeleidsplan Harderwijk
De gemeente Harderwijk streeft naar samenhang in het bestaande veelomvattende milieubeleid. Het milieubeleidsplan maakt inzichtelijk waar Harderwijk voor staat, geeft richting aan het beleid voor de komende periode en vervult een aanjaagfunctie om verbeteringen te realiseren. Vanuit deze gedachte worden twee speerpunten benoemd waarbij rekening is gehouden met de landelijke beleidsontwikkeling: klimaatbeleid en een gebiedsgericht milieubeleid. Het zorgdragen voor een duurzame leefomgeving is het hoofddoel van dit milieubeleid. Onder een duurzame leefomgeving verstaan we het voorzien in onze behoeften, zonder de toekomstige generaties de mogelijkheden voor dezelfde behoeftes te ontnemen. Dit milieubeleidsplan geeft kaders voor beleid en laat de bevolking van Harderwijk en Hierden zien hoe de gemeente zich inzet om de lokale milieuproblemen op te lossen. Binnen de gemeentegrenzen bestaat een grote diversiteit in gebieden, met elk hun eigen kenmerken en functies. Bij ruimtelijke ontwikkeling streven we naar een optimale leefomgevingskwaliteit. Door gebieden te onderscheiden wordt duidelijk welke milieukwaliteit gewenst is en of een ontwikkeling in het desbetreffende gebied past. Deze gebiedsgerichte benadering biedt ruimte om milieubeleid beter te laten aansluiten bij de dynamiek van ruimtelijke ontwikkelingen. 3.6.2
Gebiedsgericht milieubeleid
In het Milieubeleidsplan is voor verschillende delen van Harderwijk gebiedsgericht milieubeleid opgesteld. Door het opstellen van gebiedsgericht milieubeleid komen de specifieke kwaliteiten, knelpunten, de milieubelasting en de milieuambities van het gebied in beeld. Welk milieubeleid voor het voorliggende plangebied geldt, is weergegeven op een interactieve kaart op de gemeentelijke milieuwebsite. 3.6.3
Routekaart naar een klimaatneutraal Harderwijk: De Energieke stad
Harderwijk heeft vele kansen om zich te profileren op het gebied van duurzaamheid en in het bijzonder duurzame energie. Vanwege die kansen stelt de gemeente zich het volgende doel: in 2031 (Harderwijk 800 jaar) wordt binnen de gemeentegrenzen 45 % minder CO 2 uitgestoten (referentiejaar 2010). Deze ambitie zal worden bereikt door in te zetten op: Energie besparing. Opwekken van duurzame energie. Compenseren (bijvoorbeeld door inkoop groene energie). Met het stellen van deze ambitie wil de gemeente in het bijzonder lokaal bijdragen aan de economische vitaliteit, leefbaarheid en identiteit van de gemeente. Het loont om te investeren in energiebesparende maatregelen vanwege lagere lasten en vanwege de toegevoegde waarde aan het investeringsobject. Maar het betekent ook dat het opwekken van energie geld oplevert, duurzame energie zal in de toekomst alleen maar waardevoller worden. Door nu te investeren in het opwekken van duurzame energie wordt de afhankelijkheid van stijgende energieprijzen en het opraken van fossiele brandstoffen in de toekomst beperkt. Het lokaal investeren van die opbrengsten of meedelen in revenuen draagt bij aan de vitaliteit en zelfvoorzienendheid van de gemeente. Daarnaast laat de gemeente met deze doelstelling zien dat zij haar principiële verantwoordelijkheid neemt ten aanzien van klimaatverandering.
Let op! Duurzaamheid is nadrukkelijk meer dan alleen het besparen van energie of het treffen van milieumaatregelen (people-profit-planet). De nieuwe woning wordt op een alternatieve manier voorzien van energie, te denken valt aan warmte vanuit bodem en/of lucht, alsook zonnepanelen. Bij de bouwaanvraag zal worden aangegeven hoe de woning wordt voorzien van energie (zie ook 2.2.4).
32
(vastgesteld)
bestemmingsplan Drielanden - Horloseweg 36
3.7
Bodembeleid
De gemeente heeft samen met de omliggende gemeenten Elburg, Ermelo, Nunspeet, Elburg, Oldebroek en Putten een bodemkwaliteitskaart en bodembeheernota opgesteld. De Nota bodembeheer regio Noord Veluwe is vastgelegd in het document met kenmerk R002-1206995LNH-baw-V02-Nl d.d 21 januari 2014 (Tauw). In deze nota is omschreven welke keuzes de gemeenten hebben gemaakt ten aanzien van generiek en gebiedsspecifiek beleid, en onder welke voorwaarden grond en bagger mag worden toegepast binnen de regio. In paragraaf 4.8 wordt nader op dit onderwerp ingegaan.
3.8
Waterbeleid
Diverse beleidsdocumenten op verschillende bestuursniveaus liggen ten grondslag aan de uitgangspunten op het gebied van duurzaam waterbeheer: Europa: Kaderrichtlijn Water (KRW). Zwemwaterrichtlijn Nationaal: Nationaal Waterplan (NW); Waterbeleid voor de 21ste eeuw (WB21); Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW); Waterwet. De provincie en het waterschap hebben deze uitgangspunten verder doorvertaald in regionaal beleid en uitvoeringsplannen. Wettelijke verankering van het waterbeleid vindt plaats in de Waterwet en onderliggende uitvoeringsregels. De regels die zijn vastgelegd in een verordening van de waterschappen, worden 'de Keur' genoemd. De Keur geeft met verboden aan welke activiteiten in de buurt van water en waterkeringen niet zijn toegestaan. Daarnaast geeft de Keur met geboden aan welke onderhoudsverplichtingen eigenaren en gebruikers van wateren en waterkeringen hebben. De Waterwet kent één watervergunning, de voormalige Keurvergunning is hierin opgenomen. Algemene regels Veel handelingen op en nabij de waterstaatswerken zijn vrijgesteld van de vergunningsplicht. Deze handelingen heeft het waterschap in algemene regels opgenomen. Grondwater: Om grondwateroverlast te voorkomen adviseert het waterschap om boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) te ontwerpen.
Dit betekent dat aspecten zoals ontwateringsdiepte en infiltratie van hemelwater, beschouwd worden ten opzichte van de GHG. Het structureel onttrekken / draineren van grondwater is geen duurzame oplossing en moet worden voorkomen. Het waterschap adviseert de initiatiefnemer dan ook om voorafgaand aan de ontwikkeling een goed beeld te krijgen van de heersende grondwaterstanden en GHG. Eventuele grondwateroverlast is in eerste instantie een zaak voor de betreffende perceeleigenaar. Oppervlaktewater: Het waterschap is verantwoordelijk voor het peilbeheer in regionaal oppervlaktewater. Daarbij heeft het waterschap de taak om het oppervlaktewatersysteem zo in te richten dat er geen inundatie plaatsvindt tot 1 maal per 100 jaar in stedelijk en 1 maal per 10 jaar in landelijk gebied. 3.8.1