4. Financieel effect havengelden 2025 en Toelichting op werkwijze
Tekst van het document
gemeente harderwijk
Memo College
aan
-_
organisatie
Domein
van
Burgemeester
en
Wethouders
(geanonimiseerd) Bedrijfsvoering
eenheid
Mazier, (geanoniBmise rd) (geanonimiseerd)
Laa.
__W.
datum
:__22 oktober 2024
onderwerp
_
Werkwijze kostenonderbouwing
tot tarief
bijlage bij routeformulier college- en
raadsvoorstel
reg.nummer
02430000192981
„_
/ 02430000667373
Werkwijze kostenonderbouwing tot tarief Om de integrale kosten te berekenen, die uiteindelijk aangehouden:
> >
Wet markt
alle integrale kost en overheid: Gemeentewet: niet meer dan de integrale
> >
resulteren
in de berekening van tari uitsluitend kosten die fiscaal
in een
tarief,
is het
aangemerkt
worden
volgende stappenplan
en kosten
en
Alleen kosten in de begroting en voor zover daadwerkelijk toe te schrijven Besluit gemeenteraad 7 oktober 2024: 100% kosten dekking
jen
als last ter zake
zijn aan het gebruik
van
de havens of havenvoorzieningen
kader
Loka l @D
@ Inventariseren van alle in de begroting opgenomen kosten voor beheer en onderhoud van de
havens {kolom B Um F)
i
(m/m2/ton) op basis van
havens
categof
gemiddelde waarde (24 3 jaar) (tabblad toelichting)
D Tee in de
verordening
(kolom L tm AT)
Toelichting op bovengenoemde figuur 1.
Wettelijke (landelijk)
De Wet
markt en
kader
overheid
schrijft voor dat alle integrale kosten moeten worden meenemen in de berekening van het tarief. Tarieven die lager zijn dan de kostprijs zijn niet toegestaan. Ook moet de onderbouwing voldoen aan fiscaal-juridische uitgangspunten. Dat wil zeggen dat er sprake moet zijn van een last ter zake. Daarnaast is het op grond van de Gemeentewet niet toegestaan om meer dan de kostprijs (van alle lasten ter zake) in rekening te brengen. 2. Lokale kader Voor de
berekening van de tarieven mogen alleen de kostenposten worden gehanteerd die in de begroting zijn opgenomen. Daarnaast heeft de gemeenteraad op 7 oktober 2021 besloten om de
ons kenmerk:
pagina:
02430000192981 / 02430000667373 2 van 3
kostendekking voor het beheer en onderhoud van de havens naar 100% te brengen. 3. Begroting Bij de start van het project zijn alle kostenposten die in de begroting zijn opgenomen onder het taakveld Havens geïnventariseerd. Vervolgens is vastgesteld of die kostenposten daadwerkelijk , al dan niet gedeeltelijk , zijn toe te schrijven aan de havenexploitatie. Hieronder vallen de kosten die wij maken voor het in standhouden van de voorzieningen (kades , damwanden , bolders , bruggen , sanitair , etc. ) van de havens , het op diepte houden van de havens , de bediening van de bruggen , afschrijving van de voorzieningen , verzekeringen en energie. Al deze kosten zijn opgenomen in de bijlage Financieel effect havengelden 2025. 4. Aandeel kosten Nadat alle kosten inzichtelijk zijn gemaakt , is nagegaan welk aandeel van die kosten daadwerkelijk toe te schrijven is aan de havenexploitatie. Niet alle voorzieningen , en dus ook de daarvoor gemaakte kosten , worden uitsluitend door de gasten van de havens gebruikt of zijn uitsluitend bedoeld voor de instandhouding van de havens. Bruggen zijn bijvoorbeeld ook nodig voor het verkeer over land. Kades en oevers hebben niet uitsluitend de functie om het water te begrenzen maar zijn ook belangrijk voor de instandhouding van bijvoorbeeld de beeldkwaliteit van het gebied.
Sanitaire voorzieningen worden niet alleen gebruikt door passanten in de havens maar ook voor gasten van de stad. Voor deze verdeling gelden geen harde criteria. De verdeling is gemaakt op basis van kennis en ervaring over de afgelopen jaren en inzichtelijk gemaakt in de bijlagen Financieel effect havengelden 2025 en Onderbouwing doorbelasting en verdeling kosten naar haventarieven. 5. Verdeling over doelgroepen vaartuigen De volgende stap is de inventarisatie van de gebruikerscategorieën/doelgroepen. In de opbouw van het havengebied van Harderwijk is een aantal duidelijke doelgroepen te onderscheiden waarvoor specifieke delen van de havens zijn ingericht. De voorzieningen van deze havens zijn veelal gericht op deze doelgroepen. Ook deze verdeling is gemaakt op basis van kennis en ervaring over de afgelopen jaren. 6. Verrekening per eenheid Vervolgens is de verdeling per doelgroep verrekend per eenheid. Bijvoorbeeld per m1 , m2 of tonnage. Hiervoor is ook de ‘omzet per jaar’ per categorie van belang. Het gaat dan onder andere om het aantal passanten per jaar , de beschikbare kadelengte , het aantal beschikbare ligplaatsen en het tonnage verladen goederen. De cijfers zijn niet elk jaar gelijk. Dat betekent dat op basis van voorgaande jaren een gemiddelde van deze data is berekend over een periode van bijvoorbeeld 3 of 5 jaar.
Indien er sprake is van een bijzondere omstandigheid kan dit tot een aanpassing in de verrekening per eenheid leiden. 7. Het tarief Uiteindelijk leidt al deze informatie tot de laatste stap , namelijk een tarief dat in de verordening is opgenomen. Ter illustratie is in kaart gebracht wat de tarieven in omliggende gemeenten zijn , maar aangezien niet bekend is welke kosten mee zijn genomen , of er sprake is van volledige kostendekking , gebruik wordt gemaakt van andere heffingsmaatstaven , is dit een onvoldoende graadmeter. 2025 Harderwijk
2024 Elburg
2024 Zeewolde
2024 Lelystad
Recreatievaart recreatievaart dag , per m1
€ 252 ,
€ 165 ,
met minimum per dag recreatievaart , jaarabonnement
€ 170 ,
€ 240 ,
€ 400 , 5783 per m1 ,
€ 2625 ,
met minimum van
€ 35620 ,
vrachtvaart vrachtvaart , week tonnage
€ 029 ,
beroepsvaart , per dag beroepsvaart , week m2
€ 037 , 165* ,
€ 055 ,
2
€ 025 ,
ons kenmerk:
pagina:
02430000192981 / 02430000667373 3 van 3
beroepsvaart , jaarabonnement m2
€ 17032625* , ,
met minimum
€ 35620 ,
Rondvaartboten/ passagiersschepen passant per m1 per dag jaarbabonnement per m2
365* , € 2096 ,
met minimum van
€ 1460 , € 1.59500 ,
Woonschepen per dag per m1
€ 165 ,
winterseizoen per maand per m2
€ 1040 ,
jaarabonnement per m2
€ 2909 ,
met minimum van
WInterseizoen , per maand , per m1
€ 1855 , € 1.16435 ,
1702 ,
€ 095** , *per m1 ** per m2
april en mei (overige maanden 245) ,
Bovenstaand stappenplan , waarbij het wettelijke kader én fiscaal juridische punten leidend zijn geweest , leidt ertoe dat de totale lasten in 2025 ca. € 1. 062. 000 bedragen , maar daarvan in totaal ca € 600. 000 toegerekend worden als verhaalbare lasten voor de Havengeldverordening 2025. Bij de inventarisatie is Begrotingsjaar 2025 leidend geweest. Dat betekent dat kosten die nog niet in dit begrotingsjaar worden gemaakt ook niet zijn meegenomen in het integrale kostenoverzicht en vervolgens in de kostenonderbouwing ten behoeve van de leges en tariefstelling. Zo zijn de nog niet opgeleverde delen van fase 3 van Waterfront niet meegenomen in de totale lasten. De hoogte van de bijkomende lasten is niet bekend en daarmee ook niet de impact daarvan op de tarieven. Dit zal de komende jaren nog wel veranderen en dit zal nog impact hebben op de tariefstelling (toename kosten beheer en onderhoud en toename aantal gebruikers). Vervolgens is het tarief vastgesteld per specifieke doelgroep. Het tarief in de verordening is daarom ook gekoppeld aan een type vaartuig. De uitgangspunten Wet Markt en Overheid , fiscaal juridische uitgangspunten en kennis van de experts zijn kaderstellend. Er kunnen alternatieve keuzes worden gemaakt , maar dit leidt tot risico’s in relatie tot eerder genoemde uitgangspunten.
3