20230207 Beantwoording technische vragen D66 - Sypel.docx
Tekst van het document
5. Sypel ophoging krediet: 1.
In de memo wordt op p5 gesproken over winst/risico a €8000,- Tegelijkertijd wordt er gesproken over een losse post onvoorzien. Wat is dan de post winst/risico en hoe verhoudt die zich tot de post onvoorzien? Dit betreft de memo betreffende de aanpassing van de entree. Winst en risico zijn staartkosten en zijn onderdeel van de directe bouwkosten. De aannemer zal deze post opnemen in zijn begroting en dit bedrag is standaard onderdeel van de begroting van de aannemer. De post onvoorzien betreft kosten voor gebeurtenissen welke bij het opstellen van de raming nog niet kunnen worden voorzien. Deze post zit in de begroting van de gemeente, bij een project zonder aanpassingen en onvoorziene omstandigheden valt deze post vrij in de gemeentelijke begroting.
2.
In voorstel aan raad wordt een uitsplitsing gegeven van de onvoorziene kosten ter hoogte van €500.000. Echter het optellen van de bedragen bij 1.5 tellen op tot €300.000 (160+60+80). Hoe zit dit dan met de resterende kosten onvoorzien en waaruit bestaat die 200.000? De 500.000,= (behorende bij 1.2) betreft uitgaven die al gedaan zijn gedurende de bouw van het zwembad en zijn dus al uitgegeven vanuit de huidige post onvoorzien. De 300.000 (behorende bij 1.5) zijn uitgaven die nog gedaan moeten worden en dit betreft dus financiering die nog benodigd is en onderdeel is van de aanvraag. Om het inzichtelijk te maken; Verloop post onvoorzien Stand per start van de aanbesteding
1.400.000
Tegenvallende aanbesteding a.g.v. sterk stijgende prijzen a.g.v. Covid-19 crisis
-900.000 zie 1.2
Ten laste van onvoorzien gebracht tijdens de bouw
-500.000 zie 1.2
Stand per heden
0
Gevraagde uitbreiding krediet
1.130.000
Contractuele compensatie excessieve prijsstijging a.g.v. Oekraïne / energiecrisis
-590.000 zie 1.3
Resteert
540.000
Benodigd voor heden bekende kosten voor bouw
-300.000 zie 1.5
Resteert onvoorzien tot einde project
240.000 zie 1.6
3.
In voorstel aan raad wordt verdeling kosten aannemers/gemeente op 50/50 ingeschat. Hierbij staat bij 2 posten “inclusief afkoop toekomstige prijsstijgingen vervolg van traject”. Dit ontbreekt bij Zwembad - vdHorst. Is dat niet (meer) aan de orde ivm stadium? Dat klopt. Het zwembad is bijna af en er is dus geen sprake meer van toekomstige prijsstijgingen.
4.
Welke bedragen/risico’s zijn er verbonden aan het níét afkopen van die eventuele toekomstige prijsstijgingen? Is de markt niet weer aan het stabiliseren? We gaan uit van de BDB index (onafhankelijke bouwindex). De dalende prijzen van een aantal grondstoffen hebben op het moment nog weinig effect op de bouwprijzen. We zien dat de index (het gemiddelde van alle kosten) blijft stijgen. Er is nog steeds een tekort aan grondstoffen en arbeidskrachten. Hierdoor blijven de prijzen hoog. Als we kijken naar de BDB index zien we vanaf maart 2022 (110,1) naar november 2023 (119,2) een stijging van ruim 9%. Dit is de periode van de start van de oorlog in Oekraïne tot de periode dat de meeste inkopen naar verwachting gedaan zijn voor de sporthal. Dat is op een bedrag van 5 miljoen (beide aannemers) ongeveer 450.000,=.- Het voorstel is om dit nu af te kopen voor 330.000,= Het blijft een prognose, waardoor niemand zeker weet hoe de ontwikkelingen gaan lopen. Maar volgens de prognoses stijgt de index nog steeds. In de afgelopen drie jaar zijn de prijsstijgingen steeds hoger geweest dan de prognoses. De verwachting is niet dat dit op korte termijn fors zal gaan dalen.