2. Toelichting op Verordening Onderscheidingen 2026
Tekst van het document
Toelichting op de Verordening onderscheidingen gemeente Harderwijk 2026 (ontwerpversie) ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------De ‘Verordening onderscheidingen gemeente Harderwijk 2026’ (hierna ook: nieuwe verordening) vervangt de in 2017 vastgestelde ‘Verordening onderscheidingen gemeente Harderwijk 2017’ (hierna ook: Verordening 2017). De nieuwe verordening voorziet in heldere kaders voor een zorgvuldig proces, een zorgvuldige toetsing en afweging en zorgvuldige besluitvorming en schept duidelijkheid ten aanzien van het karakter van een onderscheiding. Hieronder zijn de belangrijkste aanvullingen en verduidelijkingen ten opzichte van de Verordening 2017 weergegeven: 1. Een onderscheiding is een gunst en geen recht (geen bezwaar mogelijk) De nieuwe verordening maakt duidelijk dat een onderscheiding een bijzonder eerbetoon is en geen recht.
●
Geen rechten: Iemand kan nooit eisen dat hij of zij een onderscheiding krijgt, ook niet als diegene aan de minimale eisen voldoet.
●
Geen bezwaar: Omdat het gaat om een gunst, zijn er geen juridische stappen (bezwaar/beroep) mogelijk als een voordracht wordt afgewezen.
2. Verankering procedure en rolverdeling Het proces van voordracht van een kandidaat tot en met de besluitvorming is nu stap voor stap beschreven.
●
Stap 1: De voordracht. Eenieder - ook de raad of het college - kan een kandidaat voordragen bij de burgemeester. Hierbij moet een gedetailleerde beschrijving van de verdiensten worden overgelegd.
●
Stap 2: De burgemeester als poortwachter. De burgemeester toetst de voorgedragen kandidaat op integriteit. Bij een negatieve uitkomst wijst de burgemeester de voordracht af. De voordracht wordt in dat geval niet voorgelegd aan het college. Bij een positieve uitkomst wordt de voordracht aangeboden voor besluitvorming aan het college en eventueel de raad.
●
Stap 3: Besluitvorming. Over toekenning van de Erepenning beslist de raad op voorstel van het college op basis van een eigen afweging. Over toekenning van de Harderwijker Speld beslist het college op basis van een eigen afweging.
3. Formalisering en verduidelijking afwegingskader; ruimte voor uitzonderingen
De criteria waaraan moet worden voldaan om in aanmerking te kunnen komen voor een onderscheiding zijn vastgelegd, geconcretiseerd en geobjectiveerd. Ook is er ruimte voor maatwerk. Waar de Verordening 2017 vrij algemeen spreekt over ‘verdiensten’, bevat de nieuwe verordening een aantal objectieve criteria.
●
Voor beide onderscheidingen is nu vastgelegd wat in de praktijk al de norm is: de inzet moet vrijwillig en onbetaald zijn. Ook moet de kandidaat een duidelijk voorbeeld zijn voor anderen (een onberispelijke voorbeeldfunctie). En er is vastgelegd dat verdiensten niet al in de voorafgaande periode beloond mogen zijn met een lintje.
●
Specifieke criteria per onderscheiding: o Erepenning: De minimale termijn van 20 jaar is nu formeel vastgelegd. Daarnaast is opgenomen dat de inzet ook moet zorgen voor een positieve profilering van de gemeente buiten de stadsgrenzen. o Harderwijker Speld: De minimale termijn van 10 jaar is nu formeel vastgelegd. Daarnaast is opgenomen dat sprake moet zijn van een inzet van minstens 5 uur per week gericht op ten minste één maatschappelijk terrein (om te borgen dat de inzet daadwerkelijk ten goede komt aan de samenleving).
●
Uitzonderingsgevallen: Er is een bepaling opgenomen die het mogelijk maakt om in zeer bijzondere gevallen toch een onderscheiding toe te kennen en af te wijken van de criteria, zodat maatwerk mogelijk blijft. Ook dit is een formalisering van de bestaande uitvoeringspraktijk.
4. Omschrijving versierselen en draagrecht De verordening beschrijft nu preciezer wat de gedecoreerde ontvangt en wat de status daarvan is.
●
Draaginsigne Erepenning: Er is specifiek vastgelegd dat bij de Erepenning ook een draaginsigne hoort: een gouden speld met de afbeelding van een kogge.
●
Recht om te dragen: Er is een artikel opgenomen dat expliciet regelt dat alleen de gedecoreerde het recht heeft om de onderscheiding te dragen.
5. Intrekken is mogelijk (ook met terugwerkende kracht) Er is een artikel toegevoegd dat het mogelijk maakt om een onderscheiding weer in te trekken. Dit gebeurt alleen in zeer bijzondere omstandigheden, waarbij de gedecoreerde de onderscheiding onwaardig is geworden. In de overgangsbepaling is geregeld dat de gemeente ook onderscheidingen kan intrekken die vóór de inwerkingtreding van de nieuwe verordening zijn uitgereikt.