1. Nota zienswijzen Bestemmingsplan Waterfront - Strandeiland en de Wijde Wellen.docx
Tekst van het document
Reg.nummer.: 02430000069874 / 02430000331866
NOTA ZIENSWIJZEN bestemmingsplan “Waterfront - Strandeiland en de Wijde Wellen” 1. Korte inleiding Het ontwerpbestemmingsplan Waterfront – Strandeiland en de Wijde Wellen geeft een actueel, helder en toegankelijk ruimtelijk kader waarbij onder meer de volgende ontwikkelingen en wijzigingen in het plan zijn opgenomen: • een sanitairunit op het Strandeiland is opgenomen in het bestemmingsplan; • er zijn voorwaarden opgenomen voor het houden van kleine evenementen op het Strandeiland; • het bestemmingsplan is geactualiseerd voor wat betreft de herinrichting van de Wijde Wellen; • een deel van de het Wolderwijd dat niet was opgenomen in een bestemmingsplan, is opgenomen in dit bestemmingsplan waarbij het bestaande gebruik is vastgelegd; • een reeds vergund terras midden op Boulevard West is opgenomen in dit bestemmingsplan. 2. Termijn Het ontwerpbestemmingsplan “Waterfront - Strandeiland en de Wijde Wellen” heeft met ingang van 14 februari 2022 gedurende zes weken voor iedereen ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn kon een ieder schriftelijk zienswijzen kenbaar maken bij de gemeenteraad. Desgewenst kon ook worden volstaan met een mondelinge zienswijze. Dit is op 11 februari 2022 bekend gemaakt in het gemeenteblad en in de Nederlandse Staatscourant. De stukken waren ook raadpleegbaar op de gemeentelijke website www.harderwijk.nl. en op www.ruimtelijkeplannen.nl. 3.
Ontvankelijkheid De ingediende zienswijze is binnen de termijn van inzagelegging ontvangen en wordt in behandeling genomen. 4. Zienswijzen en gemeentelijk commentaar Er is 1 reactie ontvangen naar aanleiding van de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan “Waterfront - Strandeiland en de Wijde Wellen”. De namen en adressen van reclamanten worden opgenomen in een aparte bijlage die niet openbaar is in verband met privacywetgeving. Van de mogelijkheid om uitsluitend mondeling te reageren is geen gebruik van gemaakt. In onderstaande is de zienswijze samengevat en becommentarieerd. Hierbij is ook aangegeven of het bestemmingsplan wordt gewijzigd naar aanleiding van de zienswijze.
ons kenmerk: pagina:
02430000069874 / 02430000331866 2 van 6
Zienswijze 1 Opmerking 1.1 Indiener verwijst ten aanzien van activiteiten op het Strandeiland naar afspraken die in het verleden zijn gemaakt ten aanzien van mogelijke invloeden van activiteiten op het nabijgelegen Natura 2000-gebied. Zo verwijzen zij naar een bestemmingsregeling waarin is bepaald dat evenementen op het Strandeiland alleen in de periode tussen 1 april en 1 september zijn toegestaan, naar een gegeven advies ten aanzien van het uitlaten van honden in de winterperiode en een convenant dat met de gemeente is gesloten over natuurbelangen. Indiener vraagt de gemeente blijvend naar letter en geest van de eerdere afspraken te handelen. Antwoord gemeente Bij het opstellen van het bestemmingsplan is de haalbaarheid van de verschillende bestemmingen nagegaan. Hierbij dient een onderscheid gemaakt te worden tussen de onderwerpen die vallen onder de bestaande planologische situatie en nieuwe ontwikkelingen. Voor het grote deel legt dit bestemmingsplan de bestaande situatie vast waarbij bestaande planologische rechten over zijn genomen. Dit geldt ook voor het Strandeiland. Vanwege de ligging nabij Natura 2000-gebied is voor een intensivering van het dagrecreatief gebruik ecologisch onderzoek uitgevoerd. De uitkomsten van dit onderzoek zijn opgenomen in het bestemmingsplan en zo nodig zijn in de regels voorwaarden opgenomen ten aanzien van bepaalde activiteiten.
De gemeente houdt bij dit soort ontwikkelingen rekening met de natuurbelangen en is van mening dat gehandeld wordt conform eerdere afspraken. De zienswijze wordt gedeeld in die zin dat de natuurbelangen meegenomen worden in de afwegingen. In de verdere zienswijze komen enkele onderwerpen terug (zie bij ‘opmerking 1.2’). Deze zienswijze geeft geen aanleiding het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd te laten vaststellen. Opmerking 1.2 Om de belangen van het Natura 2000-gebied blijvend te waarborgen vraagt indiener om voorwaarden ten aanzien van activiteiten helderder te benoemen in het bestemmingsplan. Zo is nu in de tekst van de toelichting opgenomen dat de verhuurperiode van sups en andere ongemotoriseerde voertuigen is bepaald op april-oktober. Als er van uit wordt gegaan dat dit inhoudt de periode 1 april t/m 31 oktober dan stuit dit op bezwaren voor wat betreft de maand oktober. Deze formulering levert onduidelijkheid op. Ook ten aanzien van het houden van evenementen levert het niet helder benoemen van de periode onduidelijkheid op. Indiener doet de suggestie om ook hier specifieke data te noemen ten aanzien van het toestaan van evenementen met en zonder versterkt geluid en licht. Ook ziet men graag de periode expliciet vastgelegd wanneer het Strandeiland gesloten is voor dit soort voorzieningen.
Antwoord gemeente Ten aanzien van de verhuur van ongemotoriseerde vaartuigen en sups en het houden van evenementen zijn in het ecologisch onderzoek voorwaarden genoemd ten aanzien van periodes. Indiener doet het verzoek om de periodes duidelijker te specificeren om discussie en onduidelijkheden te voorkomen. De gemeente kan zich vinden in deze suggestie daar dit voor belanghebbenden meer duidelijkheid geeft. Indiener wenst de genoemde periodes waarbinnen de activiteiten uitgevoerd mogen worden gelijk te stellen op 1 april t/m 31 augustus.
ons kenmerk: pagina:
02430000069874 / 02430000331866 3 van 6
De gemeente houdt de periodes aan zoals die zijn gegeven in de uitgevoerde ecologische onderzoeken zoals die zijn toegevoegd als bijlage bij het bestemmingsplan. Zo zal de verhuur van ongemotoriseerde vaartuigen en het individueel suppen mogelijk zijn in de periode van 1 mei tot 1 november. Uit het onderzoek blijkt dat er voor de maand oktober geen belemmeringen zijn vanwege de aangewezen rustgebieden en vanwege de Gedragscode Recreatie IJsselmeergebied. Het verzoek van indiener om de maand oktober uit te sluiten van dit gebruik wordt dus niet ingewilligd. Voor groepsgewijs suppen ligt dit anders. Dat is alleen mogelijk geacht in de periode van 1 mei tot 1 september. De zienswijze wordt op dit punt voor een groot deel wel gedeeld. Deze zienswijze geeft aanleiding het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd te laten vaststellen. De volgende wijzigingen zullen worden doorgevoerd: •
In paragraaf 5.3 van de toelichting wordt bij het “Haalbaarheidsonderzoek intensivering recreatie Strandeiland” het tweede bullet gewijzigd in: “voor de verhuur van vaartuigen en het individueel suppen in de periode van 1 april tot 1 november gelden geen belemmeringen, wel dient gewezen te worden op de Gedragscode Recreatie IJsselmeergebied. Dit bestemmingsplan maakt een verhuurpunt niet direct mogelijk. Wel bevat het bestemmingsplan een wijzigingsbevoegdheid om nieuwe bebouwing te realiseren ten behoeve van dagrecreatieve voorzieningen op het Strandeiland. Bij de wijzigingsprocedure zullen alle relevante omgevingsaspecten betrokken moeten worden”. •
In paragraaf 5.3 van de toelichting wordt bij het “Haalbaarheidsonderzoek intensivering recreatie Strandeiland” het vierde bullet gewijzigd in: “voor de kortdurende en kleinschalige evenementen zonder versterkt geluid/verlichting (1 april tot 1 oktober) gelden geen belemmeringen. Hier hoeven in het bestemmingsplan geen bepalingen over opgenomen te worden”. •
In paragraaf 5.3 van de toelichting wordt bij het “Haalbaarheidsonderzoek intensivering recreatie Strandeiland” het vijfde bullet gewijzigd in: “voor de kortdurende en kleinschalige evenementen met versterkt geluid/verlichting wordt in de periode 1 april tot 1 september geadviseerd de speakers en verlichting van het Natura 2000-gebied af te richten (wateroppervlak en oeverzones ontzien). Voor de maand september geldt dat vanwege de overlap met niet-broedvogels er geen gebruik mag worden gemaakt van versterkt geluid/verlichting. Indien dit wel gewenst is dan is nader ecologisch onderzoek vereist. Alhoewel kleine, kortdurende evenementen normaal gesproken niet in een bestemmingsplan geregeld worden, zal deze randvoorwaarde opgenomen worden in de regels van het bestemmingsplan”. • In paragraaf 5.3 van de toelichting wordt de conclusie gewijzigd in de volgende tekst: “Uit de ecologische onderzoeken volgt dat voor het toestaan van verschillende activiteiten verschillende periodes gelden. Om de natuurbelangen in voldoende mate te beschermen dient men zich te houden aan de periodes en andere voorwaarden zoals in onderstaande tabel is dit samengevat.”
ons kenmerk: pagina:
02430000069874 / 02430000331866 4 van 6
• Artikel 5.3 van de regels zal wijzigen in: Ten aanzien van dagrecreatieve voorzieningen gelden de gebruiksregels zoals opgenomen in onderstaande tabel:
• Artikel 5.4 van de regels zal gewijzigd worden in: “Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken van het bepaalde in 5.3 indien nader ecologisch onderzoek heeft aangetoond dat negatieve effecten op het Natura 2000-gebied Veluwerandmeren zijn uitgesloten”. Opmerking 1.3 Indiener geeft verder aan de categorie ‘andere ongemotoriseerde voertuigen’ erg ruim te vinden. Met het oog hierop vraagt indiener naar het gemeentelijk standpunt ten aanzien van kitesurfen. Gevraagd wordt om
ons kenmerk: pagina:
02430000069874 / 02430000331866 5 van 6
het gebruik als kitesurfgebied specifiek uit te sluiten in het bestemmingsplan vanwege de impact op beschermde natuur. Antwoord gemeente Met ongemotoriseerde voertuigen worden vaartuigen als kano’s, waterfietsen en SUP’s bedoeld. Kitesurfen valt hier niet onder. Deze vorm van watersport heeft een zodanige uitstraling op de omgeving dat deze activiteit vanwege de veiligheid niet verenigbaar is met andere dagrecreatieve functies op het water. Om duidelijker te maken dat kitesurfen niet is toegestaan zal in de regels deze vorm van watersport specifiek uitgesloten worden. De zienswijze wordt op dit punt wel gedeeld. Het bestemmingsplan zal aangepast worden. Aan artikel 7 “Water” zal een lid 3 worden toegevoegd: “7.3 Strijdig gebruik Tot een gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval begrepen het gebruik van het water om te kitesurfen”. Opmerking 1.4 Indiener mist een bepaling in het bestemmingsplan die bepaalt dat het Strandeiland gevrijwaard moet blijven van honden. Antwoord gemeente Het al dan niet toestaan/ weren van honden van het Strandeiland valt niet te reguleren via het bestemmingsplan. Op basis van de APV (artikel 2:59, lid 1) is het Strandeiland aangewezen als een gebied dat niet toegankelijk is voor honden. Bij de ingang van het Strandeiland staat een verbodsbord. De zienswijze wordt op dit punt niet gedeeld.
Deze zienswijze geeft geen aanleiding het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd te laten vaststellen. Opmerking 1.5 Als laatste geeft indiener aan zich zorgen te maken over de handhaafbaarheid van bovenstaande regelingen in het bestemmingsplan. Antwoord gemeente Nu in het bestemmingsplan meer is geregeld ten aanzien van de perioden zullen ten aanzien van het afgeven van vergunningen meerdere voorwaarden gegeven worden aan de voorkant. Op basis van de afgegeven vergunning kan dan gehandhaafd worden. Bevoegd gezag voor de handhaving ten aanzien van Natura 2000 is de provincie. Deze zienswijze geeft geen aanleiding het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd te laten vaststellen. Opmerking 1.6 Samenvattend verzoekt indiener om: • de diverse toegestane periodes voor diverse gebruiken te uniformeren en te bepalen op de periode 1 april – 31 augustus, • naast toegestane periodes ook de, complementaire, gesloten periodes te benoemen,
ons kenmerk: pagina:
• •
02430000069874 / 02430000331866 6 van 6
het gebruik van wateren behorend tot het plangebied voor kitesurfen uit te sluiten, het gebruik van het Strandeiland als losloopgebied voor honden uit te sluiten.
Antwoord gemeente Voor deze punten wordt verwezen naar de beantwoording onder punten 1.1 t/m 1.5. Samenvatting Hiervoor is de zienswijze van commentaar voorzien en afgewogen. Naar aanleiding van de zienswijze wordt voorgesteld de hiervoor aangegeven aanpassingen op te nemen in het bestemmingsplan. Het eindverslag zienswijze wordt aan de indiener(s) toegezonden. Vervolgens zal het bestemmingsplan overeenkomstig de daarvoor geldende wettelijke procedure ter vaststelling worden aangeboden aan de gemeenteraad. Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de duur van 6 weken ter inzage gelegd. Hiertegen staat beroep open. Daarvan zal op de gebruikelijke wijze mededeling worden gedaan in onder meer de plaatselijke pers. Harderwijk,
Burgemeester en wethouders van Harderwijk,
De burgemeester,
De secretaris,