Verordening nadeelcompensatie gemeente Hardenberg 2024
Tekst van het document
Besluit van de raad van de gemeente Hardenberg tot vaststelling van de Verordening nadeelcompensatie gemeente Hardenberg 2024 De raad van de gemeente Hardenberg; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 oktober 2023, zaaknummer 535111; gelet op de artikelen 108 en 149 van de Gemeentewet, titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 15.1 van de Omgevingswet; besluit vast te stellen de:
Verordening nadeelcompensatie gemeente Hardenberg 2024 Artikel 1 Begripsomschrijving In deze verordening wordt verstaan onder: 1. Awb: Algemene wet bestuursrecht. 2. adviseur: een door het bestuursorgaan aan te wijzen deskundige 3. bestuursorgaan: het orgaan dat het schadeveroorzakende besluit heeft genomen. 4. college: het college van burgemeester en wethouders, ingevolge artikel 15.8 van de omgevingswet bevoegd op een aanvraag om nadeelcompensatie te beslissen. 5. derde-belanghebbende: degene die de activiteit verricht en met wie een overeenkomst als bedoeld in artikel 13.3c, eerste lid, van de Omgevingswet is gesloten. 6. gemeente: gemeente Hardenberg. 7. onafhankelijke adviescommissie: een persoon of adviescommissie, die geen deel uitmaakt van of werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag, en die belast is met de advisering over het op de aanvraag te nemen besluit. Artikel 2 Toepassingsbereik 1. Deze verordening heeft betrekking op aanvragen om schadevergoeding als bedoeld in artikel 4:126 van de Awb, waarvan de aanvrager stelt dat die wordt veroorzaakt door een bestuursorgaan van de gemeente. 2. Deze verordening heeft geen betrekking op aanvragen om schadevergoeding waarop een bijzondere regeling van toepassing is. Artikel 3 Heffen recht Voor het in behandeling nemen van de aanvraag om schadevergoeding wordt een recht van € 300 geheven.
Artikel 4 Aanvraag 1. Het bevoegd gezag stelt een (elektronisch) formulier beschikbaar voor een aanvraag om schadevergoeding. 2. Een aanvraag om schadevergoeding bevat tenminste:
a. een aanduiding van de schadeveroorzakende gebeurtenis; b. een opgave van de aard van de geleden of te lijden schade; c. voor zover redelijkerwijs mogelijk, het bedrag van de schade en een specificatie daarvan; d. een gebruiksovereenkomst of eigendomsakte. 3. Een aanvraag om schadevergoeding wegens winst- of inkomstenderving of gederfde huurinkomsten bevat naast de in lid 2 genoemde bepalingen en voor zover van toepassing: a. de jaarrekeningen over het jaar waarin schade is geleden; b. de jaarrekeningen van de drie voorafgaande jaren aan het jaar waarin schade is geleden; c. de aanslagen vennootschapsbelasting en inkomstenbelasting; d. een afschrift van de huurovereenkomst; e. een uittreksel van de Kamer van Koophandel. 4. Het bevoegd gezag kan voor een goede beoordeling van een aanvraag om meer gegevens verzoeken. Artikel 5 Adviesaanvraag aan onafhankelijke commissie 1. Bij de behandeling van een aanvraag om schadevergoeding kan geheel of gedeeltelijk advies worden ingewonnen bij een onafhankelijke adviescommissie. 2. Advies als bedoeld in lid 1, wordt in ieder geval niet ingewonnen als: a. de aanvraag naar het oordeel van het bevoegd gezag kennelijk ongegrond is, omdat zich kennelijk een weigeringsgrond voordoet als bedoeld in artikel 4:126, tweede lid, Awb; b.
de schade kennelijk niet kan worden toegerekend aan een door het bestuursorgaan genomen besluit of verrichte handeling; c. al op voorhand overeenstemming met aanvrager en eventuele derde-belanghebbende is bereikt over de hoogte van het uit te betalen schadebedrag. Artikel 6 Bepalingen over de onafhankelijke adviescommissie 1. Een onafhankelijke adviescommissie als bedoeld in artikel 5, lid 1, kan bestaan uit een of meer deskundigen. 2. De leden van de onafhankelijke adviescommissie kunnen door het bevoegd gezag worden benoemd als lid van een: a. vaste commissie voor een maximale termijn van vier jaar; b. tijdelijke commissie voor advisering met betrekking tot een of meer aanvragen of onderdelen van de beoordeling van een aanvraag om schadevergoeding. 3. Voorafgaand aan de advisering maakt het bevoegd gezag met de onafhankelijke adviescommissie nadere afspraken over de wijze van advisering, waarbij deze afspraken aan een ieder openbaar gemaakt worden. Artikel 7 Procedure 1. Het bevoegd gezag stelt de aanvrager en eventuele derde-belanghebbenden op de hoogte welke onafhankelijke adviescommissie over de aanvraag adviseert. 2.
De aanvrager en eventuele derde-belanghebbenden kunnen binnen twee weken na de mededeling als bedoeld in lid 1, schriftelijk en voldoende gemotiveerd een verzoek tot wraking van de onafhankelijke adviescommissie of één van haar leden bij het bevoegd gezag indienen. 3. Het bevoegd gezag beslist binnen twee weken na het verstrijken van de termijn genoemd in lid 2 over een verzoek tot wraking. 4. De aanvrager en eventuele derde-belanghebbenden worden in de gelegenheid gesteld mondeling of schriftelijk hun zienswijze over de aanvraag naar voren te brengen. 5. Een derde-belanghebbende hoeft niet bij de aanvraag te worden betrokken wanneer op grond van artikel 13.3d van de Omgevingswet:
a. de schadevergoeding redelijkerwijs voor rekening behoort te blijven van het bestuursorgaan; b. de schadevergoeding voldoende op andere wijze is verzekerd. Artikel 8 Uitbetaling Bij gehele of gedeeltelijke toewijzing van een aanvraag om schadevergoeding, wordt de toegewezen schadevergoeding uiterlijk binnen vier weken na het onherroepelijk worden van het besluit op de aanvraag om schadevergoeding uitbetaald. Artikel 9 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2024, zijnde gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening nadeelcompensatie gemeente Hardenberg 2024. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Hardenberg van 12 december 2023. De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
F.G.S. Droste
M.W. Offinga